2004-05-28 | BWBR0007816 | Inkomstenbesluit militairen
This commit is contained in:
parent
7ebe200cd0
commit
002af3804f
1 changed files with 16 additions and 50 deletions
|
|
@ -37,7 +37,8 @@ m. *salarisnummer:*
|
|||
|
||||
het getal dat in een salarisschaal voor een salaris is vermeld;
|
||||
n. maand: een kalendermaand;
|
||||
o. werknemersverzekering: Werkloosheidswet, Wet op de Arbeidsongeschiktheidsverzekering, dan wel de Ziektewet.
|
||||
o. werknemersverzekering: Werkloosheidswet, Wet op de Arbeidsongeschiktheidsverzekering, dan wel de Ziektewet;
|
||||
p. Arbo-dienst: een voor de militair aangewezen deskundige dienst als bedoeld in artikel 14, derde lid, laatste volzin, van de Arbeidsomstandighedenwet 1998.
|
||||
|
||||
**2.** In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt mede verstaan onder militair: degene die is aangesteld in burgerlijke openbare dienst om bij de krijgsmacht als geestelijk verzorger werkzaam te zijn.
|
||||
|
||||
|
|
@ -300,13 +301,18 @@ c. gedurende de periode dat zwangerschaps- of bevallingsverlof wordt genoten op
|
|||
|
||||
De militair die wegens ziekte verhinderd is dienst te verrichten, heeft geen aanspraak op inkomsten, indien hij naar het oordeel van de bevelhebber:
|
||||
|
||||
- de ziekte heeft voorgewend, althans zodanig overdreven heeft voorgesteld, dat verhindering tot dienstverrichting niet kan worden aangenomen;
|
||||
- de verhindering tot dienstverrichting opzettelijk heeft veroorzaakt, tenzij hem daarvan op grond van zijn psychische toestand geen verwijt kan worden gemaakt;
|
||||
- weigert zich te onderwerpen aan een onderzoek door of vanwege de militair geneeskundige dienst of, ná voor zo'n onderzoek te zijn opgeroepen, zonder geldige reden niet verschijnt;
|
||||
- zonder voldoende gronden nalaat zich onder geneeskundige behandeling te stellen of te blijven stellen of zich niet houdt aan de hem door de behandelend arts gegeven voorschriften, met dien verstande dat hij geen medewerking behoeft te verlenen aan een ingreep van heelkundige aard;
|
||||
- zich zodanig gedraagt dat zijn genezing wordt belemmerd of vertraagd;
|
||||
- tijdens de verhindering tot dienstverrichting voor zichzelf of voor derden arbeid verricht, tenzij dit door de militair geneeskundige dienst in het belang van zijn genezing wordt geacht;
|
||||
- in gebreke blijft op het door de commandant – op advies van de militair geneeskundige dienst – bepaalde tijdstip en in de door hem bepaalde mate de dienst te hervatten, tenzij de militair daarvoor een inmiddels opgekomen, door de commandant als geldig erkende reden heeft opgegeven.
|
||||
a. de ziekte heeft voorgewend, althans zodanig overdreven heeft voorgesteld, dat verhindering tot dienstverrichting niet kan worden aangenomen;
|
||||
b. de verhindering tot dienstverrichting opzettelijk heeft veroorzaakt, tenzij hem daarvan op grond van zijn psychische toestand geen verwijt kan worden gemaakt;
|
||||
c. weigert zich te onderwerpen aan een onderzoek door of vanwege de militair geneeskundige dienst of, ná voor zo'n onderzoek te zijn opgeroepen, zonder geldige reden niet verschijnt;
|
||||
d. zonder voldoende gronden nalaat zich onder geneeskundige behandeling te stellen of te blijven stellen of zich niet houdt aan de hem door de behandelend arts gegeven voorschriften, met dien verstande dat hij geen medewerking behoeft te verlenen aan een ingreep van heelkundige aard;
|
||||
e. zich zodanig gedraagt dat zijn genezing wordt belemmerd of vertraagd;
|
||||
f. tijdens de verhindering tot dienstverrichting voor zichzelf of voor derden arbeid verricht, tenzij dit door de militair geneeskundige dienst in het belang van zijn genezing wordt geacht;
|
||||
g. in gebreke blijft op het door de commandant – op advies van de militair geneeskundige dienst – bepaalde tijdstip en in de door hem bepaalde mate de dienst te hervatten, tenzij de militair daarvoor een inmiddels opgekomen, door de commandant als geldig erkende reden heeft opgegeven;
|
||||
h. voor de betaling van de bezoldiging of de bovenwettelijke arbeidsongeschiktheidsuitkering, weigert mededeling te doen van inkomsten uit arbeid die hij heeft in verband met het verrichten van door de Arbo-dienst in het belang van zijn genezing wenselijk geachte arbeid voor zichzelf of voor derden;
|
||||
i. niet onverwijld op verzoek of uit eigen beweging alle feiten en omstandigheden meedeelt, waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op het recht of op de hoogte van een aan hem toegekende arbeidsongeschiktheidsuitkering;
|
||||
j. weigert gevolg te geven aan door de commandant of een door deze aangewezen deskundige gegeven redelijke voorschriften of mee te werken aan door de commandant of een door deze aangewezen deskundige getroffen maatregelen om de militair in staat te stellen de eigen of andere passende arbeid als bedoeld in artikel 94a, eerste lid, onderdeel a, van het AMAR te verrichten;
|
||||
k. zonder deugdelijke grond weigert mee te werken aan het opstellen, evalueren en bijstellen van een plan van aanpak als bedoeld in artikel 71a, tweede lid, van de WAO;
|
||||
l. zijn medewerking weigert bij de doelmatige uitvoering van de bepalingen van dit hoofdstuk.
|
||||
|
||||
**6.** De aanspraak op doorbetaling van inkomsten ingevolge dit artikel vervalt, indien de militair zonder deugdelijke grond weigert de hem door de bevelhebber aangeboden passende, dan wel gangbare arbeid, waartoe de militair geneeskundige dienst hem in staat acht, te aanvaarden.
|
||||
|
||||
|
|
@ -328,7 +334,7 @@ De militair die wegens ziekte verhinderd is dienst te verrichten, heeft geen aan
|
|||
|
||||
**1.** Indien aan de vrouwelijke militair zwangerschaps- en bevallingsverlof is verleend, behoudt zij haar aanspraak op inkomsten.
|
||||
|
||||
**2.** De commandant draagt ervoor zorg dat de vrouwelijke militair door tussenkomst van de commandant een uitkering op basis van hoofdstuk 3 van de Wet arbeid en zorg aanvraagt bij het Landelijk instituut sociale verzekeringen. Deze uitkering moet uiterlijk twee weken voor de datum van ingang van het zwangerschaps- en bevallingsverlof onderscheidenlijk de datum waarop de vrouwelijke militair het recht op de uitkering wil laten ingaan, worden aangevraagd.
|
||||
**2.** De commandant draagt ervoor zorg dat de vrouwelijke militair door tussenkomst van de commandant een uitkering op basis van hoofdstuk 3 van de Wet arbeid en zorg aanvraagt bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen genoemd in hoofdstuk 5 van de Wet-SUWI. Deze uitkering moet uiterlijk twee weken voor de datum van ingang van het zwangerschaps- en bevallingsverlof onderscheidenlijk de datum waarop de vrouwelijke militair het recht op de uitkering wil laten ingaan, worden aangevraagd.
|
||||
|
||||
**3.** Indien de vrouwelijke militair aan wie zwangerschaps- en bevallingsverlof is verleend gedurende dat verlof of gedurende een bepaalde periode van dat verlof tevens recht heeft op een uitkering op basis van de Wet arbeid en zorg, wordt door de bevelhebber gedurende de periode waarin sprake is van samenloop een inhouding op de doorbetaling als bedoeld in het vierde lid toegepast die overeenkomt met het bedrag van bedoelde uitkering.
|
||||
|
||||
|
|
@ -338,7 +344,7 @@ De militair die wegens ziekte verhinderd is dienst te verrichten, heeft geen aan
|
|||
|
||||
**1.** Indien aan de militair door de commandant adoptieverlof op basis van artikel 3:2, eerste tot en met derde lid, van de Wet arbeid en zorg is verleend behoudt hij zijn aanspraak op inkomsten.
|
||||
|
||||
**2.** De commandant draagt ervoor zorg dat de militair door tussenkomst van de commandant een uitkering op basis van hoofdstuk 3 van de Wet arbeid en zorg aanvraagt bij het Landelijk instituut sociale verzekeringen. Deze uitkering moet uiterlijk twee weken voor de datum van ingang van het adoptieverlof onderscheidenlijk de datum waarop de militair het recht op de uitkering wil laten ingaan, worden aangevraagd.
|
||||
**2.** De commandant draagt ervoor zorg dat de militair door tussenkomst van de commandant een uitkering op basis van hoofdstuk 3 van de Wet arbeid en zorg aanvraagt bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bedoeld in hoofdstuk 5 van de Wet-SUWI. Deze uitkering moet uiterlijk twee weken voor de datum van ingang van het adoptieverlof onderscheidenlijk de datum waarop de militair het recht op de uitkering wil laten ingaan, worden aangevraagd.
|
||||
|
||||
**3.** Indien de militair aan wie adoptieverlof is verleend gedurende dat verlof of gedurende een bepaalde periode van dat verlof tevens recht heeft op een uitkering op basis van de Wet arbeid en zorg, wordt door de bevelhebber gedurende de periode waarin sprake is van samenloop een inhouding op de doorbetaling, bedoeld in het eerste lid, toegepast die overeenkomt met het bedrag van bedoelde uitkering.
|
||||
|
||||
|
|
@ -436,46 +442,6 @@ c. eventuele andere inkomsten of baten die door de militair of zijn gezinsleden
|
|||
|
||||
**7.** De militair, bedoeld in het eerste tot en met het zesde lid, is gehouden de geldelijke inkomsten of uitkeringen uit of in verband met arbeid of bedrijf, dan wel de vaste vergoedingen in verband met een functie in een publiekrechtelijk college te melden aan de bevelhebber onder overlegging van een gespecificeerde opgave van die inkomsten, uitkeringen of vergoedingen.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 4a. Inhoudingen en berekeningsgrondslagen pensioenen
|
||||
|
||||
### Artikel 23a
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
|
||||
### Artikel 23b
|
||||
|
||||
**1.** De eigen bijdrage van de militair aan het arbeidsongeschiktheidspensioen komt overeen met het pensioenbijdrageverhaal voor het invaliditeitspensioen dat ingevolge artikel 4, vijfde lid van de Wet privatisering ABP van een overheidswerknemer, die met die militair kan worden gelijkgesteld, door de sectorwerkgever wordt geheven.
|
||||
|
||||
**2.** De eigen bijdrage van de gewezen militair aan het arbeidsongeschiktheidspensioen komt overeen met het pensioenbijdrageverhaal voor het invaliditeitspensioen dat ingevolge artikel 4, vijfde lid, van de Wet privatisering ABP van een gewezen overheidswerknemer, die met die gewezen militair kan worden gelijkgesteld, door de voor de ontslaguitkering zorgdragende instantie wordt geheven.
|
||||
|
||||
**3.** De tijdelijke aanvullende eigen bijdrage van de militair en de gewezen militair aan het ouderdoms- en nabestaandenpensioen bedraagt een door het bestuur van de Stichting Pensioenfonds ABP ingevolge de Kaderwet militaire pensioenen vast te stellen extra bijdrage in de jaren 2004 tot en met 2006. Deze bijdrage wordt geheven over de bijdragegrondslag die geldt voor het pensioenbijdrageverhaal voor het ouderdoms- en nabestaandenpensioen in de desbetreffende jaren.
|
||||
|
||||
### Artikel 23c
|
||||
|
||||
**1.** Op de inkomsten van de militair bedoeld in artikel 39a, onder a ten 1°, b ten 1°, c en e ten 1° van het AMAR wordt een pseudo-pensioenpremievergoeding voor extra beslaglegging ingehouden, overeenkomstig de pensioenbijdrage die verhaald zou zijn indien op basis van artikel 23a, onderdeel n, de vaste vergoeding voor extra beslaglegging voor zover hij deze na 31 december 2001 heeft genoten, tot zijn pensioengrondslag zou behoren.
|
||||
|
||||
**2.** De pseudo-pensioenpremievergoeding voor extra beslaglegging wordt op de datum dat hij met leeftijdsontslag gaat gerestitueerd aan de militair, uitgezonderd de militair bedoeld in het derde en vierde lid.
|
||||
|
||||
**3.** Voor de militair, bedoeld in het eerste lid, die na 31 december 2002 de leeftijd bereikt waarop hij twee jaren ouder is dan de voor hem geldende ontslagleeftijd als bedoeld in artikel 39a AMAR wordt de pseudo-pensioenpremievergoeding voor extra beslaglegging op de datum van eerstbedoelde leeftijd omgezet in een pensioenbijdrage en wordt de vaste vergoeding voor extra beslaglegging tot de berekeningsgrondslag voor het pensioen gerekend.
|
||||
|
||||
**4.** Voor de militair, bedoeld in het eerste lid, die na 31 december 2002 met leeftijdsontslag gaat en op de ontslagdatum twee jaar ouder is dan de op die datum voor hem geldende ontslagleeftijd als bedoeld in artikel 39a AMAR, wordt de pseudo-pensioenpremie vergoeding voor extra beslaglegging op de datum van ontslag omgezet in een pensioenbijdrage en wordt de vaste vergoeding voor extra beslaglegging tot de berekeningsgrondslag voor het pensioen gerekend.
|
||||
|
||||
**5.** Het tweede, derde en vierde lid zijn van overeenkomstige toepassing indien deze militair komt te overlijden voordat hij is ontslagen, te rekenen naar de overlijdensdatum.
|
||||
|
||||
### Artikel 23d
|
||||
|
||||
**1.** Over de toelage bedoeld in artikel 23a, eerste lid, onderdeel i, wordt, zolang niet is uitgesloten dat aan de in dat onderdeel bedoelde voorwaarde zal worden voldaan, een pseudo-pensioenpremie ingehouden, overeenkomstig de pensioenbijdrage die verhaald zou zijn, indien die toelage tot zijn pensioengrondslag zou behoren.
|
||||
|
||||
**2.** De in het eerste lid bedoelde pseudo-pensioenpremie is verschuldigd, totdat blijkt dat aan de in artikel 23a, eerste lid, onderdeel i, bedoelde voorwaarde is voldaan.
|
||||
|
||||
**3.** De in het eerste lid bedoelde pseudo-pensioenpremie over de toelage wordt aan de militair gerestitueerd, zodra die toelage niet meer wordt genoten en is uitgesloten dat aan de in artikel 23a, eerste lid, onderdeel i, bedoelde voorwaarde zal worden voldaan.
|
||||
|
||||
**4.** Het derde lid is van overeenkomstige toepassing indien de militair komt te overlijden en niet aan de in artikel 23a, eerste lid, onderdeel i, bedoelde voorwaarde is voldaan.
|
||||
|
||||
**5.** Ter voldoening aan de in artikel 23a, eerste lid, onderdeel i, bedoelde voorwaarde, wordt voor de militair die vóór 1 juni 2006 met leeftijdsontslag gaat mede onder de toelage officieren-medisch specialist begrepen: de bijzondere tegemoetkoming, toegekend aan de officieren-medisch specialist op grond van artikel 115 van het Algemeen Militair Ambtenarenreglement.
|
||||
|
||||
**6.** Indien de in het vijfde lid bedoelde militair op de ontslagdatum ten minste twee jaar ouder is dan de op die datum voor hem geldende ontslagleeftijd, bedoeld in artikel 39a van het Algemeen Militair Ambtenarenreglement, wordt de toelage aangemerkt als toelage die aan de in artikel 23a, eerste lid, onderdeel i, bedoelde voorwaarde voldoet.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 5. Overgangs- en slotbepalingen
|
||||
|
||||
### Artikel 24
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue