2020-04-01 | BWBR0004189 | Wet op de architectentitel

This commit is contained in:
Coornhert 2020-04-01 12:00:00 +00:00
parent 8ec5cbb439
commit 02585c1ab4

View file

@ -42,13 +42,13 @@ migrerende beroepsbeoefenaar:
ongeorganiseerde: in het register ingeschreven persoon die geen lid is van een beroepsorganisatie;
Onze Minister: Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer;
Onze Minister: Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;
opleidingstitel: diploma, certificaat, of andere titel dat of die door een daartoe bij of krachtens wet in een andere betrokken staat aangewezen autoriteit is afgegeven ter afsluiting van een overwegend in een of meer betrokken staten gevolgde beroepsopleiding op het gebied van architectuur, stedenbouw, tuin- en landschapsarchitectuur of interieurarchitectuur;
register: architectenregister als bedoeld in artikel 2;
richtlijn: richtlijn nr. 2005/36/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 7 september 2005 betreffende de erkenning van beroepskwalificaties (PbEU L 255), zoals deze laatstelijk gewijzigd is bij richtlijn nr. 2013/55/EU van het Europees Parlement en de Raad van 20 november 2013 tot wijziging van richtlijn nr. 2005/36/EG betreffende de erkenning van beroepskwalificaties en Verordening (EU) nr. 1024/2012 betreffende de administratieve samenwerking via het Informatiesysteem interne markt («de IMI-verordening») (PbEU 2013, L 354).
richtlijn: richtlijn nr. 2005/36/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 7 september 2005 betreffende de erkenning van beroepskwalificaties (PbEU L 255), zoals deze laatstelijk gewijzigd is bij richtlijn nr. 2013/55/EU van het Europees Parlement en de Raad van 20 november 2013 tot wijziging van richtlijn nr. 2005/36/EG betreffende de erkenning van beroepskwalificaties en Verordening (EU) nr. 1024/2012 betreffende de administratieve samenwerking via het Informatiesysteem interne markt («de IMI-verordening») (PbEU 2013, L 354).
## Hoofdstuk II. Het architectenregister
@ -84,17 +84,17 @@ c. ontvangt de voor de inschrijving in het register en de erkenning van de titel
**5.** Het bureau verstrekt de informatie, bedoeld in het tweede lid, onder a en b, via het IMI.
**6.** Het bureau informeert het door Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap op grond van artikel 34d van de Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties aangewezen assistentiecentrum periodiek over de werkzaamheden die het op grond van het derde en vierde lid heeft verricht en over het resultaat van de door hem op grond van het vierde lid geboden ondersteuning.
**6.** Het bureau informeert het door Onze Minister op grond van artikel 34d van de Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties aangewezen assistentiecentrum periodiek over de werkzaamheden die het op grond van het derde en vierde lid heeft verricht en over het resultaat van de door hem op grond van het vierde lid geboden ondersteuning.
### Artikel 3a
**1.** Voor de toepassing van artikel 3, derde lid, onderdeel a, wordt, voor zover het de verstrekking van strafrechtelijke sancties betreft, een verklaring omtrent het gedrag aangemerkt als informatie omtrent strafrechtelijke sancties.
**1.** Voor de toepassing van artikel 3, tweede lid, onderdeel a, wordt, voor zover het de verstrekking van strafrechtelijke sancties betreft, een verklaring omtrent het gedrag aangemerkt als informatie omtrent strafrechtelijke sancties.
**2.** In afwijking van artikel 33 van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens wordt een aanvraag tot het afgeven van een verklaring omtrent het gedrag ten aanzien van een persoon als bedoeld in artikel 3, derde lid, onderdeel a, ingediend door een bevoegde autoriteit uit een andere betrokken staat.
**2.** In afwijking van artikel 33 van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens wordt een aanvraag tot het afgeven van een verklaring omtrent het gedrag ten aanzien van een persoon als bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdeel a, ingediend door een bevoegde autoriteit uit een andere betrokken staat.
**3.** Een aanvraag als bedoeld in het tweede lid wordt, in afwijking van artikel 30, eerste lid, eerste volzin, van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens ingediend bij Onze Minister van Justitie.
**4.** Het bureau kan bij een bevoegde autoriteit uit een andere betrokken staat een verzoek indienen als bedoeld in artikel 3, derde lid, onderdeel a, mits het verzoek deugdelijk is gemotiveerd.
**4.** Het bureau kan bij een bevoegde autoriteit uit een andere betrokken staat een verzoek indienen als bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdeel a, mits het verzoek deugdelijk is gemotiveerd.
### Artikel 3b
@ -120,7 +120,7 @@ c. ontvangt de voor de inschrijving in het register en de erkenning van de titel
**2.** Het bureau betrekt voorts bij de voorbereiding van de regels, bedoeld in de artikelen 12b, derde lid, en 12e, tweede lid, de onderwijsinstellingen, bedoeld in de artikelen 9, eerste lid, onderdelen a tot en met c, 10, eerste lid, onderdelen a tot en met c, 11, eerste lid, onderdelen a tot en met c, en 12, eerste lid, onderdelen a tot en met c.
**3.** De regels die het bureau krachtens de artikelen 12b, derde lid, en 12e, tweede lid, vaststelt en de nadere eisen die het bureau krachtens artikel 12a, tweede lid, vaststelt, behoeven de goedkeuring van Onze Minister, en ingeval de regels of nadere eisen betrekking hebben op tuin- en landschapsarchitecten, respectievelijk interieurarchitecten van Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, respectievelijk van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.
**3.** De regels die het bureau krachtens de artikelen 12b, derde lid, en 12e, tweede lid, vaststelt en de nadere eisen die het bureau krachtens artikel 12a, tweede lid, vaststelt, behoeven de goedkeuring van Onze Minister, en ingeval de regels of nadere eisen betrekking hebben op tuin- en landschapsarchitecten, van Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit.
**4.** Indien het bureau toepassing geeft aan artikel 27a, derde lid, betrekt het de beroepsorganisaties en de ongeorganiseerden bij de voorbereiding van de in dat lid bedoelde beleidsregels. Het derde lid is van overeenkomstige toepassing op zodanig vastgestelde beleidsregels.
@ -144,7 +144,7 @@ Het bestuur stelt een bestuursreglement vast.
**1.** Het bureau draagt alle kosten die uit de uitvoering van de aan hem bij deze wet opgedragen taken voortvloeien, behoudens het tweede en derde lid.
**2.** De taken, bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdelen a en b, derde en vierde lid, en de vaststelling van de nadere eisen, bedoeld in artikel 12a, tweede lid, en van de regels, bedoeld in de artikelen 12b, derde lid, 12e, tweede lid, en 27a, derde lid, worden bekostigd door Onze Minister voor zover die taken, nadere eisen of regels betrekking hebben op architecten en stedenbouwkundigen, door Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit voor zover die taken, nadere eisen of regels betrekking hebben op tuin- en landschapsarchitecten en door Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap voor zover die taken, nadere eisen of regels betrekking hebben op interieurarchitecten.
**2.** De taken, bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdelen a en b, derde en vierde lid, en de vaststelling van de nadere eisen, bedoeld in artikel 12a, tweede lid, en van de regels, bedoeld in de artikelen 12b, derde lid, 12e, tweede lid, en 27a, derde lid, worden bekostigd door Onze Minister voor zover die taken, nadere eisen of regels betrekking hebben op architecten, stedenbouwkundigen en interieurarchitecten, en door Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit voor zover die taken, nadere eisen of regels betrekking hebben op tuin- en landschapsarchitecten.
**3.** Onze Minister bekostigt de taken, bedoeld in artikel 3, vijfde en zesde lid.
@ -231,14 +231,14 @@ Onverminderd de overige eisen waaraan krachtens deze wet moet worden voldaan om
a. het getuigschrift van een masteropleiding op het gebied van interieurarchitectuur aan een in de bijlage bij de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek genoemde universiteit;
b. het getuigschrift van een masteropleiding op het gebied van interieurarchitectuur aan een in de bijlage bij de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek genoemde hogeschool;
c. een getuigschrift van een door Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap aangewezen opleiding op het gebied van interieurarchitectuur met een opleidingsniveau dat vergelijkbaar is met een opleiding als bedoeld in onderdeel a of b;
c. een getuigschrift van een door Onze Minister aangewezen opleiding op het gebied van interieurarchitectuur met een opleidingsniveau dat vergelijkbaar is met een opleiding als bedoeld in onderdeel a of b;
d. een opleidingstitel op het gebied van interieurarchitectuur, die door het bureau, na een daartoe ingesteld onderzoek, met overeenkomstige toepassing van de artikelen 5 tot en met 13 van de Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties is erkend, mits hij kan worden aangemerkt als migrerend beroepsbeoefenaar;
e. een in een derde land behaald of verworven diploma, certificaat of andere titel op het gebied van interieurarchitectuur, dat of die door het daartoe bij of krachtens wet in een andere betrokken staat aangewezen bevoegd gezag overeenkomstig artikel 2, tweede lid, van de richtlijn is erkend, mits hij kan worden aangemerkt als migrerend beroepsbeoefenaar en in het bezit is van een door dat gezag afgegeven verklaring dat hij ten minste drie jaar beroepservaring in die staat heeft op het gebied van interieurarchitectuur, of
f. een getuigschrift op het gebied van interieurarchitectuur, dat door een daartoe bevoegde instelling in een derde land is verstrekt en door het bureau, na een daartoe ingesteld onderzoek, is erkend.
**2.** Een persoon kan krachtens artikel 28 of 29 als interieurarchitect in het register worden ingeschreven op grond van een ander getuigschrift dan bedoeld in het eerste lid.
**3.** Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap stelt nadere regels over de inrichting welke degene die op grond van het voldoen aan een der eisen, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, b of c, inschrijving in het register wenst te verkrijgen aan zijn opleiding moet hebben gegeven.
**3.** Onze Minister stelt nadere regels over de inrichting welke degene die op grond van het voldoen aan een der eisen, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, b of c, inschrijving in het register wenst te verkrijgen aan zijn opleiding moet hebben gegeven.
### Paragraaf 2. Overige kwalificaties
@ -340,9 +340,7 @@ Het bureau kan bepalen dat de indiener van het verzoek in persoon voor hem zal v
### Artikel 16
**1.** Dadelijk na inschrijving in het register en voorts telkens na verloop van een jaar is de ingeschrevene de krachtens artikel 8, aanhef en onderdeel d, vastgestelde vergoeding verschuldigd.
**2.** In geval de bijdrage door middel van girale betaling is voldaan, zendt het bureau na ontvangst van de bijdrage een bewijs van betaling aan degene die heeft betaald.
Dadelijk na inschrijving in het register en voorts telkens na verloop van een jaar is de ingeschrevene de krachtens artikel 8, aanhef en onderdeel d, vastgestelde vergoeding verschuldigd.
### Artikel 17
@ -357,7 +355,7 @@ d. na het overlijden van de ingeschrevene.
**2.** Een besluit tot doorhaling van de inschrijving op grond van het bepaalde in het eerste lid, onder *a*, wordt niet genomen dan nadat overeenkomstige toepassing is gegeven aan artikel 4:7 van de Algemene wet bestuursrecht.
**3.** Een besluit tot doorhaling van de inschrijving op grond van het bepaalde in het eerste lid, onder *b*, wordt niet genomen dan nadat vier weken zijn is verstreken na de dag, waarop de betrokkene op zijn verzuim en het in het eerste lid bedoelde gevolg daarvan is gewezen.
**3.** Een besluit tot doorhaling van de inschrijving op grond van het bepaalde in het eerste lid, onder *b*, wordt niet genomen dan nadat vier weken zijn verstreken na de dag, waarop de betrokkene op zijn verzuim en het in het eerste lid bedoelde gevolg daarvan is gewezen.
**4.** Elke doorhaling van een inschrijving op een der gronden, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a tot en met c, wordt onmiddellijk bekendgemaakt, onder vermelding van hetgeen in artikel 18 is bepaald.
@ -484,7 +482,7 @@ c. ingeval het beroep niet is gereglementeerd in zijn staat een bewijs dat hij h
**1.** Onverminderd de doorhaling van een inschrijving in het register krachtens artikel 17 blijft degene die in het register is ingeschreven door de Stichting bureau architectenregister ingeschreven in het register.
**2.** Een persoon van wie de inschrijving in het register door de Stichting bureau architectenregister is doorgehaald, kan het bureau verzoeken de doorhaling ongedaan te maken. Op dat verzoek en de behandeling daarvan zijn de artikelen 18 tot en met 21 van toepassing.
**2.** Een persoon van wie de inschrijving in het register door de Stichting bureau architectenregister is doorgehaald, kan het bureau verzoeken de doorhaling ongedaan te maken. Op dat verzoek en de behandeling daarvan zijn de artikelen 18 tot en met 20 van toepassing.
### Artikel 29