From 0274fe3ee833506a79e6c4e866c49666d1e8f597 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Tue, 20 Aug 2013 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2013-08-20 | BWBR0005034 | Burgerlijk Wetboek Boek 8 --- wet/burgerlijk-wetboek-boek-8/BWBR0005034/README.md | 4 ++-- 1 file changed, 2 insertions(+), 2 deletions(-) diff --git a/wet/burgerlijk-wetboek-boek-8/BWBR0005034/README.md b/wet/burgerlijk-wetboek-boek-8/BWBR0005034/README.md index 3832ee7bee7..2240ac8c617 100644 --- a/wet/burgerlijk-wetboek-boek-8/BWBR0005034/README.md +++ b/wet/burgerlijk-wetboek-boek-8/BWBR0005034/README.md @@ -838,7 +838,7 @@ Artikel 292 van Boek 3 en de artikelen 60, tweede lid, eerste zin, derde lid en Boven alle andere vorderingen waaraan bij deze of enige andere wet een voorrecht is toegekend zijn, behoudens artikel 210, op een zeeschip bevoorrecht: a. in geval van beslag: de vorderingen ter zake van kosten na het beslag gemaakt tot behoud van het schip, daaronder begrepen de kosten van herstellingen, die onontbeerlijk waren voor het behoud van het schip; -b. de vorderingen ontstaan uit de arbeidsovereenkomsten van de kapitein of de andere leden der bemanning, met dien verstande dat de vorderingen met betrekking tot loon, salaris of beloningen slechts bevoorrecht zijn tot op een bedrag over een tijdvak van twaalf maanden verschuldigd; +b. de vorderingen ontstaan uit de zee-arbeidsovereenkomsten, met dien verstande dat de vorderingen met betrekking tot loon, salaris of beloningen slechts bevoorrecht zijn tot op een bedrag over een tijdvak van twaalf maanden verschuldigd; c. de vorderingen ter zake van hulpverlening alsmede ter zake van de bijdrage van het schip in avarij-grosse; d. de vorderingen ter zake van havengelden en maatregelen met betrekking tot een schip die noodzakelijk waren ter waarborging van de veiligheid van de haven of van derden, met dien verstande dat dit voorrecht vervalt doordat het schip een nieuwe reis aanvangt. @@ -869,7 +869,7 @@ b. de schadevergoedingen, verschuldigd voor het verlies van het schip of voor ni ### Artikel 216 -De vorderingen genoemd in artikel 211, doen een voorrecht op het schip ontstaan en zijn alsdan daarop verhaalbaar, zelfs wanneer zij zijn ontstaan tijdens de terbeschikkingstelling van het schip aan een bevrachter, dan wel tijdens de exploitatie van het schip door een ander dan de reder, tenzij aan deze de feitelijke macht over het schip door een ongeoorloofde handeling was ontnomen en bovendien de schuldeiser niet te goeder trouw was. +De vorderingen genoemd in artikel 211, onderdelen a en c, doen een voorrecht op het schip ontstaan en zijn alsdan daarop verhaalbaar, zelfs wanneer zij zijn ontstaan tijdens de terbeschikkingstelling van het schip aan een bevrachter, dan wel tijdens de exploitatie van het schip door een ander dan de reder, tenzij aan deze de feitelijke macht over het schip door een ongeoorloofde handeling was ontnomen en bovendien de schuldeiser niet te goeder trouw was. De vorderingen genoemd in artikel 211 onder b doen een voorrecht op het schip ontstaan en zijn alsdan daarop verhaalbaar, ongeacht of de reder de werkgever is van de zeevarende. ### Artikel 217