diff --git a/ministeriele-regeling/meerjarige-regeling-verstrekking-specifieke-uitkeringen-aardbevingsgebied-gronin/BWBR0049907/README.md b/ministeriele-regeling/meerjarige-regeling-verstrekking-specifieke-uitkeringen-aardbevingsgebied-gronin/BWBR0049907/README.md index 322333fa365..1e427df3e5a 100644 --- a/ministeriele-regeling/meerjarige-regeling-verstrekking-specifieke-uitkeringen-aardbevingsgebied-gronin/BWBR0049907/README.md +++ b/ministeriele-regeling/meerjarige-regeling-verstrekking-specifieke-uitkeringen-aardbevingsgebied-gronin/BWBR0049907/README.md @@ -64,7 +64,7 @@ b. de provincie Groningen, voor de activiteiten genoemd in artikel 2, eerste lid ### Artikel 4 -**1.** Voor de activiteiten, genoemd in artikel 2, eerste lid, wordt in totaal voor alle gemeenten en de provincie samen een bedrag van € 1.649.100.000, inclusief BTW, beschikbaar gesteld. +**1.** Voor de activiteiten, genoemd in artikel 2, eerste lid, wordt in totaal voor alle gemeenten en de provincie samen een bedrag van € 1.333.900.000, inclusief BTW, beschikbaar gesteld. **2.** @@ -73,13 +73,13 @@ Het besteedbare bedrag, genoemd in het eerste lid, wordt als volgt verdeeld over a. € 132,7 miljoen voor de activiteiten, genoemd in artikel 2, eerste lid, onderdeel a; b. € 200 miljoen voor de activiteiten, genoemd in artikel 2, eerste lid, onderdeel b; c. € 229,5 miljoen voor de activiteiten, genoemd in artikel 2, eerste lid, onderdeel c; -d. € 242 miljoen voor de activiteiten, genoemd in artikel 2, eerste lid, onderdeel d; +d. € 143,8 miljoen voor de activiteiten, genoemd in artikel 2, eerste lid, onderdeel d; e. € 93,7 miljoen voor de activiteiten, genoemd in artikel 2, eerste lid, onderdeel e; -f. € 57,2 miljoen voor de activiteiten, genoemd in artikel 2, eerste lid, onderdeel f; +f. € 27,2 miljoen voor de activiteiten, genoemd in artikel 2, eerste lid, onderdeel f; g. € 73 miljoen voor de activiteiten, genoemd in artikel 2, eerste lid, onderdeel g; h. € 43 miljoen voor de activiteiten, genoemd in artikel 2, eerste lid, onderdeel h; i. € 59,8 miljoen voor de activiteiten, genoemd in artikel 2, eerste lid, onderdeel i; en -j. € 518,2 miljoen voor de activiteiten, genoemd in artikel 2, eerste lid, onderdeel j. +j. € 331,2 miljoen voor de activiteiten, genoemd in artikel 2, eerste lid, onderdeel j. **3.** De minister kan besluiten een gedeelte van het besteedbare bedrag voor de activiteiten genoemd in het tweede lid, onderdeel a, toe te kennen aan het besteedbare bedrag voor de activiteiten, bedoeld in het tweede lid, onderdeel h, indien het bedrag voor de activiteiten, genoemd in het tweede lid, onderdeel h, niet volledig toereikend blijkt voor de uitvoering van de activiteiten waarvoor het is verstrekt. Gemeenten en provincie informeren de minister schriftelijk over de noodzaak hiervan.