From 041262058e2e5cd84fe46910c8377d1e89cb7db4 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Tue, 1 Jul 2008 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2008-07-01 | BWBR0020445 | Besluit geluidhinder --- .../BWBR0020445/README.md | 29 ++++++++++++++----- 1 file changed, 21 insertions(+), 8 deletions(-) diff --git a/amvb/besluit-geluidhinder/BWBR0020445/README.md b/amvb/besluit-geluidhinder/BWBR0020445/README.md index 5de683c9854..967a374b95e 100644 --- a/amvb/besluit-geluidhinder/BWBR0020445/README.md +++ b/amvb/besluit-geluidhinder/BWBR0020445/README.md @@ -272,7 +272,20 @@ c. voor zover hiervan sprake is, de ligging van de betrokken woningen, andere ge 4°. een andere geluidszone, of 5°. een gebied waarvoor met het oog op de geluidsbelasting toepassing is gegeven aan artikel 8.5, derde lid, van de Wet luchtvaart. -**4.** Artikel 16 van het Besluit op de ruimtelijke ordening 1985 is van overeenkomstige toepassing op de in het derde lid bedoelde kaart of kaarten. +**4.** + +De kaart of kaarten, bedoeld in het derde lid, worden ingericht met inachtneming van de volgende voorschriften: + +a. de kaarten worden getekend op een duidelijke ondergrond; +b. de begrenzing van het gebied waarop het plan betrekking heeft, wordt met een duidelijke lijn op de kaarten aangegeven; +c. de kaarten worden vervaardigd op een schaal van ten minste 1 op 10 000, tenzij de omvang van het gebied of de aard van het plan een andere schaal noodzakelijk maakt; +d. uit de kaarten moet blijken de aansluiting van het in het plan begrepen gebied aan het daaromheen gelegen gebied; +e. voor zover in het plan gronden zijn begrepen waarvan de bestemming in de naaste toekomst voor verwezenlijking in aanmerking komt, worden deze gedeelten vervat in één of meer kaarten op een schaal van ten minste 1 op 2500, waarop voorts de kadastrale grenzen, sectie en nummers van de in deze gedeelten van het plan begrepen percelen zijn aangegeven; +f. indien een bestemmingsplan uit meerdere kaarten bestaat, moet uit een overzichtskaart de aansluiting van de kaarten onderling en de aansluiting aan het daaromheen gelegen gebied blijken; +g. op de kaarten worden de schaal en de noordpijl aangegeven; +h. op de kaarten worden de bestaande gebouwen en de namen van de belangrijkste wegen, straten en waterwegen aangegeven. + +De kaarten moeten op duidelijke en overzichtelijke wijze worden uitgevoerd. Zij moeten voorts van duurzaam materiaal vervaardigd worden en goed vermenigvuldigbaar zijn. ### Artikel 3.9 @@ -315,30 +328,30 @@ b. zodanige waarden noodzakelijk zijn als gevolg van een vaststelling of herzien **3.** Tenzij bij de vaststelling of herziening van een bestemmingsplan als bedoeld in het eerste lid wordt voorzien in de wijziging van een spoorweg, blijft dit artikel buiten toepassing, indien op het tijdstip van die vaststelling of herziening de spoorweg reeds aanwezig of in aanleg is, met betrekking tot de daarbij in het plan opgenomen woningen of andere geluidsgevoelige gebouwen en geluidsgevoelige terreinen die op dat tijdstip reeds aanwezig of in aanbouw zijn. -**4.** Voorschriften als bedoeld in artikel 36 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening kunnen mede worden gegeven met inachtneming van de ingevolge de artikelen 106d tot en met 106h van de wet geldende waarden. +**4.** Voorschriften als bedoeld in artikel 3.37 van de Wet ruimtelijke ordening kunnen mede worden gegeven met inachtneming van de ingevolge de artikelen 106d tot en met 106h van de wet geldende waarden. ### Artikel 4.2 -Artikel 4.1, eerste en tweede lid, is van overeenkomstige toepassing op het nemen van een besluit tot vrijstelling als bedoeld in artikel 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening dat geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op gronden behorende tot een zone als bedoeld in artikel 1.4. +Artikel 4.1, eerste en tweede lid, is van overeenkomstige toepassing op het nemen van een besluit als bedoeld in artikel 3.10, 3.23, 3.27 of 3.29 van de Wet ruimtelijke ordening dat geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op gronden behorende tot een zone als bedoeld in artikel 1.4. ### Artikel 4.3 **1.** -Bij het voorbereiden van de vaststelling of herziening van een bestemmingsplan dat geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op gronden behorende tot een zone als bedoeld in artikel 1.4 of bij de voorbereiding van een besluit tot vrijstelling als bedoeld in artikel 4.2, wordt vanwege burgemeester en wethouders een akoestisch onderzoek ingesteld naar: +Bij het voorbereiden van de vaststelling of herziening van een bestemmingsplan dat geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op gronden behorende tot een zone als bedoeld in artikel 1.4 of bij de voorbereiding van een besluit als bedoeld in artikel 4.2, wordt vanwege burgemeester en wethouders, onderscheidenlijk gedeputeerde staten of Onze Minister een akoestisch onderzoek ingesteld naar: a. de geluidsbelasting die door woningen, andere geluidsgevoelige gebouwen of geluidsgevoelige terreinen binnen de toekomstige zone vanwege de spoorweg zou worden ondervonden, zonder de invloed van maatregelen die de geluidsbelasting beperken; b. de doeltreffendheid van de in aanmerking komende maatregelen om te voorkomen dat de in de toekomst vanwege de spoorweg optredende geluidsbelasting van de onder a bedoelde objecten de waarden die ingevolge de artikelen 4.9, 4.13 en 4.15, juncto 4.13 als de ten hoogste toelaatbaar worden aangemerkt, te boven zou gaan. **2.** Indien wordt overwogen toepassing te geven aan de artikelen 4.10 tot en met 4.12, 4.14 en 4.15 juncto 4.14 heeft het akoestisch onderzoek tevens betrekking op de doeltreffendheid van de maatregelen om te voldoen aan de vast te stellen hogere waarden voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting. -**3.** Indien de vaststelling of herziening van het bestemmingsplan of het besluit tot vrijstelling, bedoeld in het eerste lid, betrekking heeft op een wijziging van een spoorweg, wordt tevens akoestisch onderzoek ingesteld naar de heersende waarde. +**3.** Indien de vaststelling of herziening van het bestemmingsplan of het besluit bedoeld in artikel 4.2, betrekking heeft op een wijziging van een spoorweg, wordt tevens akoestisch onderzoek ingesteld naar de heersende waarde. #### Paragraaf 4.1.2. Aanleg of wijziging van een spoorweg buiten toepassing van de procedures, bedoeld in ### Artikel 4.4 -Tot aanleg of wijziging van een spoorweg, anders dan op grondslag van een overeenkomstig artikel 4.1 of 4.3 vastgesteld of herzien bestemmingsplan of een besluit tot vrijstelling als bedoeld in artikel 4.2, wordt, indien binnen de aanwezige of toekomstige zone woningen, andere geluidsgevoelige gebouwen of geluidsgevoelige terreinen aanwezig, in aanbouw of geprojecteerd zijn, niet overgegaan dan in overeenstemming met een besluit van burgemeester en wethouders krachtens artikel 4.6, eerste lid, genomen naar aanleiding van een door de spoorwegexploitant aan burgemeester en wethouders gedane mededeling van zijn voornemen en na een overeenkomstig artikel 4.5 ingesteld onderzoek. +Tot aanleg of wijziging van een spoorweg, anders dan op grondslag van een overeenkomstig artikel 4.1 of 4.3 vastgesteld of herzien bestemmingsplan of een besluit als bedoeld in artikel 4.2, wordt, indien binnen de aanwezige of toekomstige zone woningen, andere geluidsgevoelige gebouwen of geluidsgevoelige terreinen aanwezig, in aanbouw of geprojecteerd zijn, niet overgegaan dan in overeenstemming met een besluit van burgemeester en wethouders krachtens artikel 4.6, eerste lid, genomen naar aanleiding van een door de spoorwegexploitant aan burgemeester en wethouders gedane mededeling van zijn voornemen en na een overeenkomstig artikel 4.5 ingesteld onderzoek. ### Artikel 4.5 @@ -524,7 +537,7 @@ c. voor zover hiervan sprake is, de ligging van de betrokken woningen, andere ge 4°. een andere geluidszone, of 5°. een gebied waarvoor met het oog de geluidsbelasting toepassing is gegeven aan artikel 8.5, derde lid, van de Wet luchtvaart. -**3.** Artikel 16 van het Besluit op de ruimtelijke ordening 1985 is van overeenkomstige toepassing op de in het eerste lid, onder b, bedoelde kaart of kaarten. +**3.** Artikel 3.8, vierde lid, is van overeenkomstige toepassing. ### Artikel 4.22 @@ -616,7 +629,7 @@ b. de redenen die aan het verzoek ten grondslag liggen; c. de resultaten van het akoestisch onderzoek, bedoeld in de artikelen 42, 77 of 80 van de wet, onderscheidenlijk in de artikelen 4.3 of 4.5; d. een verklaring dat maatregelen zullen worden getroffen indien de geluidsbelasting vanwege het industrieterrein, vanwege de weg of vanwege de spoorweg, binnen de woning of andere geluidsgevoelige gebouwen bij gesloten ramen meer bedraagt dan de waarde, bedoeld in de artikelen 111 en 112 van de wet, onderscheidenlijk in de artikelen 2.4, 2.5, 3.10, 4.24 en 4.25. -**2.** Het verzoek gaat vergezeld van een of meer kaarten met bijbehorende verklaring. Met betrekking tot deze kaart of kaarten is artikel 16 van het Besluit op de ruimtelijke ordening 1985 van overeenkomstige toepassing. De kaart of kaarten geven bovendien de ligging weer van aanwezige of toekomstige geluidszones als bedoeld in de artikelen 40, 52, 74, 106b en 108 van de wet en 25a van de Luchtvaartwet, alsmede de in die zones voorkomende gebieden waarvoor met het oog op de geluidsbelasting toepassing is gegeven aan artikel 8.5, derde lid, van de Wet luchtvaart en de in die zones voorkomende gebieden, aangewezen overeenkomstig artikel 1.2, tweede lid, onder b, van de Wet milieubeheer, voor zover de woningen, andere geluidsgevoelige gebouwen of geluidsgevoelige terreinen waarop het verzoek betrekking heeft, binnen zodanige zones of gebieden zijn of worden gesitueerd. +**2.** Het verzoek gaat vergezeld van een of meer kaarten met bijbehorende verklaring. Met betrekking tot deze kaart of kaarten is artikel 3.8, vierde lid, van overeenkomstige toepassing. De kaart of kaarten geven bovendien de ligging weer van aanwezige of toekomstige geluidszones als bedoeld in de artikelen 40, 52, 74, 106b en 108 van de wet en 25a van de Luchtvaartwet, alsmede de in die zones voorkomende gebieden waarvoor met het oog op de geluidsbelasting toepassing is gegeven aan artikel 8.5, derde lid, van de Wet luchtvaart en de in die zones voorkomende gebieden, aangewezen overeenkomstig artikel 1.2, tweede lid, onder b, van de Wet milieubeheer, voor zover de woningen, andere geluidsgevoelige gebouwen of geluidsgevoelige terreinen waarop het verzoek betrekking heeft, binnen zodanige zones of gebieden zijn of worden gesitueerd. **3.** Degene die op grond van artikel 110a van de wet of artikel 4.16 bevoegd is tot het vaststellen van een hogere waarde kan van de verzoeker nadere toelichting, tekeningen en kaarten verlangen, indien hij deze noodzakelijk acht voor de beoordeling van het verzoek.