2025-12-24 | BWBR0051079 | Subsidieregeling isolatie en ventilatie gebouwen, woonboten en woonwagens provincie Groningen en de gemeenten Aa en Hunze, Noordenveld en Tynaarlo

This commit is contained in:
Coornhert 2025-12-24 12:00:00 +00:00
parent fdd9df9095
commit 042b6b2d96

View file

@ -80,7 +80,7 @@ b. met een maximale milieukostenindicator van 0,85, genoemd in de categorie 1-pr
**1.** Bij de verstrekking van een subsidie op grond van hoofdstuk 2 van deze regeling, wordt toepassing gegeven aan de de-minimisverordening.
**2.** Bij de verstrekking van een subsidie op grond van hoofdstuk 3 van deze regeling, wordt toepassing gegeven aan hoofdstukken I en II en artikel 38bis, leden 11, 14 tot en met 16, van de algemene groepsvrijstellingverordening of de de-minimisverordening.
**2.** Bij de verstrekking van een subsidie op grond van hoofdstuk 3 van deze regeling, wordt toepassing gegeven aan hoofdstukken I en II en artikel 38bis, leden 11, 14 tot en met 16, van de algemene groepsvrijstellingsverordening of de de-minimisverordening.
### Artikel 4
@ -110,9 +110,8 @@ a. isolatiemaatregelen, inhoudende:
b. ventilatiemaatregelen, waaronder:
1°. natuurlijke ventilatie (type A);
2°. mechanische ventilatie (type C+);
3°. decentrale balansventilatie (type D); of
4°. indien sprake is van een rijksmonument, provinciaal dan wel gemeentelijk monument: centrale balansventilatie (type D);
2°. mechanische ventilatie (type C+); of
3°. centrale dan wel decentrale balansventilatie (type D);
c. het natuurvrij maken van het gebouw, de woonboot of woonwagen door het nemen van noodzakelijke, mitigerende maatregelen, uitgevoerd door een isolatiebedrijf met het keurmerk natuurvriendelijk isoleren.
**2.**
@ -128,7 +127,16 @@ b. in het geval van een subsidie voor het aanbrengen van bodemisolatie, het aanb
### Artikel 5
**1.** Het subsidieplafond bedraagt in 2025 € 125 miljoen.
**1.**
Het subsidieplafond bedraagt:
a. in 2025 € 234,9 miljoen;
b. in 2026 € 124,718 miljoen;
c. in 2027 € 124,536 miljoen;
d. in 2028 € 124,186 miljoen;
e. in 2029 € 122,584 miljoen; en
f. in 2030 € 122,401 miljoen.
**2.** In de beschikking tot subsidieverlening verleent de minister een voorschot van maximaal 100% voor de isolatie- en ventilatiemaatregelen, bedoeld in artikel 4, eerste lid, indien door de aanvrager bij de aanvraag een factuur daarvan is overgelegd.
@ -140,6 +148,12 @@ b. in het geval van een subsidie voor het aanbrengen van bodemisolatie, het aanb
**6.** Indien gedurende een kalenderjaar voortijdig het subsidieplafond wordt bereikt, worden de aanvragen aan een wachtlijst toegevoegd om in aanmerking te komen voor een subsidie op grond van deze regeling in het daaropvolgende jaar en op 1 januari van het nieuwe jaar op volgorde van binnenkomst in behandeling genomen. De beslistermijn wordt dienovereenkomstig verlengd. Dit is niet van toepassing op het laatste subsidiejaar.
### Artikel 5a
**1.** De minister beslist binnen dertien weken nadat een aanvraag voor subsidie door een woningeigenaar, eigenaar-bewoner, verhuurder, bestuur van een wooncoöperatie, bestuur van een woonvereniging, bestuur van een VvE of een woningcorporatie met een minderheid van het totaal aantal gebouwen in een gemengde VvE, behorende tot de doelgroep, bedoeld in artikel 2, tweede lid, is ingediend.
**2.** De minister kan de termijn eenmalig verlengen met acht weken.
### Artikel 6
**1.** De subsidie wordt uitbetaald aan de aanvrager, bedoeld in artikel 4, eerste lid, indien het een subsidie op grond van hoofdstuk 2 van deze regeling betreft, of een subsidie op grond van artikel 13, vierde lid, of artikel 17, vierde lid, of indien de aanvrager een doe-het-zelver is.
@ -178,21 +192,23 @@ c. het branchegerelateerd bedrijf dat de isolatie- en ventilatiemaatregelen waar
**12.** Er wordt alleen subsidie verstrekt voor het deel van de isolatie- en ventilatiemaatregelen dat is of wordt uitgevoerd en waarvoor subsidie is aangevraagd.
**13.** Voordat een aanvraag kan worden ingediend voor subsidie op grond van deze regeling, dient een verhuurder, VvE, wooncoöperatie of woonvereniging, een vaststellingsbeschikking te hebben ontvangen gedateerd vanaf 25 april 2023 op grond van de SVOH dan wel de SVVE.
**13.** Een verhuurder, VvE, wooncoöperatie of woonvereniging kan een aanvraag voor subsidie op grond van hoofdstuk 2 van deze regeling indienen na ontvangst van een vaststellingsbeschikking gedateerd vanaf 25 april 2023 op grond van de SVOH dan wel de SVVE, tenzij subsidiëring op grond van die regelingen niet mogelijk is.
**14.** In aanvulling op het dertiende lid wordt de subsidie op grond van hoofdstuk 2 of 3 pas vastgesteld nadat de subsidie op grond van de SVOH of SVVE is verleend dan wel de aanvraag daartoe is afgewezen.
**14.** Een verhuurder, VvE, wooncoöperatie of woonvereniging kan een aanvraag voor subsidie op grond van hoofdstuk 3 van deze regeling, waarbij toepassing wordt gegeven aan de algemene groepsvrijstellingsverordening, indienen na ontvangst van een verleningsbeschikking op grond van de SVOH dan wel de SVVE, tenzij subsidiëring op grond van die regelingen niet mogelijk is.
**15.** Ten aanzien van een aanvraag voor subsidie door een VvE of wooncoöperatie geldt de aanvullende voorwaarde dat het bestuur daarvan middels de notulen van de algemene ledenvergadering aantoont dat is besloten in de VvE of wooncoöperatie isolatie- en ventilatiemaatregelen aan de gezamenlijke delen van het gebouw waarop de subsidieaanvraag ziet uit te voeren of uitgevoerd te hebben.
**15.** Een verhuurder, VvE, wooncoöperatie of woonvereniging kan een aanvraag voor subsidie op grond van hoofdstuk 3 van deze regeling, waarbij toepassing wordt gegeven aan de de-minimisverordening, indienen na ontvangst van een vaststellingsbeschikking op grond van de SVOH dan wel de SVVE, tenzij subsidiëring op grond van die regelingen niet mogelijk is.
**16.** Ten aanzien van een aanvraag voor subsidie door een woonvereniging geldt de aanvullende voorwaarde dat het bestuur daarvan middels de statuten of de notulen van de algemene ledenvergadering aantoont dat is besloten in de woonvereniging isolatie- en ventilatiemaatregelen aan de gezamenlijke delen van het gebouw waarop de subsidieaanvraag ziet uit te voeren of uitgevoerd te hebben.
**16.** Ten aanzien van een aanvraag voor subsidie door een VvE of wooncoöperatie geldt de aanvullende voorwaarde dat het bestuur daarvan middels de notulen van de algemene ledenvergadering aantoont dat is besloten in de VvE of wooncoöperatie isolatie- en ventilatiemaatregelen aan de gezamenlijke delen van het gebouw waarop de subsidieaanvraag ziet uit te voeren of uitgevoerd te hebben.
**17.** Een eigenaar-bewoner in een VvE kan individueel een subsidie aanvragen voor de uit te voeren of uitgevoerde isolatie- en ventilatiemaatregelen aan delen van het gebouw die volgens de akte van splitsing bestemd zijn als afzonderlijk geheel te worden gebruikt.
**17.** Ten aanzien van een aanvraag voor subsidie door een woonvereniging geldt de aanvullende voorwaarde dat het bestuur daarvan middels de statuten of de notulen van de algemene ledenvergadering aantoont dat is besloten in de woonvereniging isolatie- en ventilatiemaatregelen aan de gezamenlijke delen van het gebouw waarop de subsidieaanvraag ziet uit te voeren of uitgevoerd te hebben.
**18.** Een eigenaar-bewoner in een VvE kan individueel een subsidie aanvragen voor de uit te voeren of uitgevoerde isolatie- en ventilatiemaatregelen aan delen van het gebouw die volgens de akte van splitsing bestemd zijn als afzonderlijk geheel te worden gebruikt.
### Artikel 8
**1.** Indien het totaal aan kosten van de isolatie- en ventilatiemaatregelen van een aanvraag meer dan € 10.000 bedraagt of eerder op grond van deze regeling subsidie is verstrekt en het aangevraagde bedrag uit de nieuwe aanvraag, opgeteld bij het bedrag dat is toegekend op basis van de eerdere aanvraag, hoger is dan € 10.000, overlegt de aanvrager alsnog bij de aanvraag voor subsidie een isolatieplan ook al was dit oorspronkelijk niet verplicht.
**2.** In geval van isolatie van een dak of een muur aan de buitenzijde van een gebouw, woonboot of woonwagen, overlegt de aanvrager bij de aanvraag voor subsidie een isolatieplan.
**2.** In geval van isolatie van een muur aan de buitenzijde van een gebouw, woonboot of woonwagen, overlegt de aanvrager bij de aanvraag voor subsidie een isolatieplan.
**3.**
@ -209,6 +225,8 @@ b. vanaf 1 januari 1945 wordt opgesteld door een isolatieadviseur basis of een
**7.** De minister zorgt ervoor dat er geen kosten zijn gemoeid voor de aanvrager met de werkzaamheden van degene die het isolatieplan opstelt.
**8.** Bij het treffen van isolatie- en ventilatiemaatregelen voor een bepaald onderdeel van de thermische schil op grond van deze regeling mag worden afgeweken van het isolatieplan, mits de maatregel wordt genomen voor hetzelfde onderdeel ervan en voldoet aan de doelwaarde voor isolatie. De maximale subsidiebedragen die voor deze maatregelen in het isolatieplan zijn opgenomen blijven gelden.
### Artikel 9
**1.**
@ -216,19 +234,19 @@ b. vanaf 1 januari 1945 wordt opgesteld door een isolatieadviseur basis of een
Er hoeft geen isolatieplan te worden overgelegd bij de aanvraag voor subsidie op grond van deze regeling voor een isolatie- of ventilatiemaatregel, indien aan de volgende voorwaarden is voldaan:
a. het totaal aan kosten van de isolatie- en ventilatiemaatregelen van een aanvraag bedraagt minder dan € 10.000;
b. het bouwjaar van het gebouw, de woonboot dan wel woonwagen ligt tussen 1 januari 1965 en 31 december 1991;
b. het bouwjaar van het gebouw ligt tussen 1 januari 1965 en 31 december 1991;
c. het gebouw betreft geen rijksmonument, provinciaal dan wel gemeentelijk monument;
d. er is niet eerder subsidie aangevraagd voor één of meer maatregelen met een isolatieplan; en
e. de isolatie- of ventilatiemaatregelen uit de aanvraag voldoen aan de volgende grenswaarden bij het:
e. de isolatie- of ventilatiemaatregelen uit de aanvraag voldoen aan de volgende doelwaarden bij het:
1°. isoleren van het dak: een Rc-waarde van maximaal 3,8 m^2K/W;
2°. aanbrengen van vloerisolatie: een Rc-waarde van maximaal 3,5 m^2K/W;
3°. plaatsen van gevel- spouwmuurisolatie: een Rc-waarde van maximaal 1,7 m^2K/W;
4°. vervangen van de voordeur: U-waarde van minimaal 1,4 W/m^2K;
5°. vervangen van bestaand glas: U-waarde van minimaal 1,1 W/m^2K;
6°. plaatsen van een paneel in een kozijn: U-waarde van minimaal 1,2 W/m^2K;
7°. plaatsen van ventilatieroosters en voor de hoofdverblijfruimte mechanische ventilatie met warmteterugwinning: grenswaarden bepaald volgens NEN 8087; en
8°. plaatsen van voor- of achterzetbeglazing: U-waarde van minimaal 2.7 W/m^2K.
1°. isoleren van het dak: een Rc-waarde van 3,8 m^2K/W;
2°. aanbrengen van vloerisolatie: een Rc-waarde van 3,5 m^2K/W;
3°. plaatsen van gevel- spouwmuurisolatie: een Rc-waarde van 1,7 m^2K/W;
4°. vervangen van de voordeur: een U-waarde van 1,4 W/m^2K;
5°. vervangen van bestaand glas: een U-waarde van 1,2 W/m^2K;
6°. plaatsen van een paneel in een kozijn: een U-waarde van 1,2 W/m^2K;
7°. plaatsen van ventilatieroosters en voor de hoofdverblijfruimte decentrale mechanische ventilatie met warmteterugwinning: NEN 8087; en
8°. plaatsen van voor- of achterzetbeglazing: een U-waarde van 2,7 W/m^2K.
**2.**
@ -240,6 +258,10 @@ c. het isoleren met schuimbeton.
**3.** Er hoeft geen isolatieplan te worden overgelegd indien het een subsidieaanvraag op grond van hoofdstuk 2 betreft.
**4.** Er hoeft geen isolatieplan te worden overgelegd voor gemeenschappelijke delen van de thermische schil als subsidie op grond van de SVVE is toegekend.
**5.** Er hoeft geen isolatieplan te worden overgelegd indien het een subsidieaanvraag van een woningeigenaar of eigenaar-bewoner betreft waarbij toepassing wordt gegeven aan artikel 17, derde lid, aanhef en onderdelen c en e.
### Artikel 10
**1.**
@ -295,8 +317,9 @@ l. in geval van een woonvereniging: de statuten of de notulen van de algemene le
m. in geval van een woonvereniging: een verdeelsleutel waaruit blijkt welk subsidiebedrag voor welk gebouw wordt aangevraagd en de statuten of de notulen van de algemene ledenvergadering waaruit blijkt dat is ingestemd met deze verdeelsleutel;
n. in geval van een woningcorporatie met een minderheid van het totaal aantal gebouwen in een gemengde VvE: een verklaring dat de woningcorporatie aan deze voorwaarde voldoet;
o. in geval van een doe-het-zelver: een verklaring van de isolatieadviseur uitgebreid dan wel isolatieadviseur basis, waarvoor een format beschikbaar wordt gesteld door de minister, waaruit blijkt dat de isolatie- en ventilatiemaatregelen waarvoor subsidie wordt aangevraagd op grond van deze regeling zijn uitgevoerd;
p. in geval van een rijksmonument, provinciaal dan wel gemeentelijk monument, mits van toepassing: de omgevingsvergunning voor het treffen van isolatie- en ventilatiemaatregelen op grond van deze regeling; en
q. indien de aanvrager een verzamelinkomen heeft tot 140% van het sociaal minimum: een inkomensverklaring van de aanvrager en indien van toepassing diens echtgenoot, geregistreerd partner, of fiscaal partner op een andere wijze, waaruit blijkt dat de aanvrager in het jaar voorafgaande aan de aanvraag binnen deze categorie valt.
p. in geval van een rijksmonument, provinciaal dan wel gemeentelijk monument, mits van toepassing: de omgevingsvergunning voor het treffen van isolatie- en ventilatiemaatregelen op grond van deze regeling;
q. indien de aanvrager een verzamelinkomen heeft tot 140% van het sociaal minimum: een inkomensverklaring van de aanvrager en indien van toepassing diens echtgenoot, geregistreerd partner, of fiscaal partner op een andere wijze, waaruit blijkt dat de aanvrager in het jaar voorafgaande aan de aanvraag binnen deze categorie valt; en
r. in geval subsidie wordt aangevraagd voor het treffen van isolatie- en ventilatiemaatregelen voor een woonboot of woonwagen: de omgevingsvergunning voor de ligplaats respectievelijk standplaats ervan.
**4.** Een aanvraag tot vaststelling van de aanvullende subsidie, bedoeld in artikel 13, vierde lid, onderdeel a of b, kan door een aanvrager worden ingediend tegelijk met of nadat de aanvraag, bedoeld in het eerste lid, is ingediend.
@ -377,8 +400,11 @@ j. in geval van een woonvereniging: de statuten of de notulen van de algemene le
k. in geval van een woonvereniging: een verdeelsleutel waaruit blijkt welk subsidiebedrag voor welk gebouw wordt aangevraagd en de statuten of de notulen van de algemene ledenvergadering waaruit blijkt dat is ingestemd met deze verdeelsleutel;
l. in geval van een woningcorporatie met een minderheid van het totaal aantal gebouwen in een gemengde VvE: een verklaring dat zij aan deze voorwaarde voldoet;
m. in geval van een rijksmonument, provinciaal dan wel gemeentelijk monument, mits van toepassing: de omgevingsvergunning voor het treffen van isolatie- en ventilatiemaatregelen op grond van deze regeling;
n. indien de aanvrager een verzamelinkomen heeft tot 140% van het sociaal minimum: een inkomensverklaring van de aanvrager en indien van toepassing diens echtgenoot, geregistreerd partner, of fiscaal partner op een andere wijze, waaruit blijkt dat de aanvrager in het jaar voorafgaande aan de aanvraag binnen deze categorie valt; en
o. indien van toepassing: een de-minimisverklaring of, indien toepassing wordt gegeven aan hoofdstukken I en II en artikel 38bis, leden 11, 14 tot en met 16, van de algemene groepsvrijstellingverordening, een verklaring dat er geen sprake is van:
n. indien de aanvrager een verzamelinkomen heeft tot 140% van het sociaal minimum: een inkomensverklaring van de aanvrager en indien van toepassing diens echtgenoot, geregistreerd partner, of fiscaal partner op een andere wijze, waaruit blijkt dat de aanvrager in het jaar voorafgaande aan de aanvraag binnen deze categorie valt;
o. in geval subsidie wordt aangevraagd voor het treffen van isolatie- en ventilatiemaatregelen voor een woonboot of woonwagen: de omgevingsvergunning voor de ligplaats respectievelijk standplaats ervan;
p. indien toepassing wordt gegeven aan de algemene groepsvrijstellingsverordening: een verleningsbeschikking op grond van de SVOH dan wel de SVVE, mits hiervoor subsidie kan worden aangevraagd;
q. indien toepassing wordt gegeven aan de de-minimisverordening: een vaststellingsbeschikking op grond van de SVOH dan wel de SVVE, mits hiervoor subsidie kan worden aangevraagd; en
r. indien van toepassing: een de-minimisverklaring of, indien toepassing wordt gegeven aan hoofdstukken I en II en artikel 38bis, leden 11, 14 tot en met 16, van de algemene groepsvrijstellingsverordening, een verklaring dat er geen sprake is van:
1°. een onderneming in moeilijkheden als bedoeld in de algemene groepsvrijstellingsverordening;
2°. een onderneming ten aanzien waarvan een bevel tot terugvordering van steun uitstaat als bedoeld in de algemene groepsvrijstellingsverordening; en
@ -419,8 +445,9 @@ In afwijking van het tweede lid wordt het te verstrekken subsidiebedrag niet mee
a. het aanbrengen van bodemisolatie;
b. het aanbrengen van schuimbeton;
c. een maatregel als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel a, waarmee een hogere isolatiewaarde wordt behaald dan noodzakelijk is om de standaard voor woningisolatie te behalen; of
d. het vervangen van bestaand glas door triple glas met nieuwe kozijnen, waarbij de voorwaarde geldt dat het triple glas een U-waarde heeft van maximaal 0,7 W/m^2K en de kozijnen een Uf-waarde hebben van maximaal 1,5 W/m^2K.
c. een maatregel als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel a, waarmee een hogere isolatiewaarde wordt behaald dan noodzakelijk is om de standaard voor woningisolatie te behalen;
d. het vervangen van bestaand glas door triple glas met nieuwe kozijnen, waarbij de voorwaarde geldt dat het triple glas een U-waarde heeft van maximaal 0,7 W/m^2K en de kozijnen een Uf-waarde hebben van maximaal 1,5 W/m^2K; of
e. een maatregel als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel a, voor de kosten boven de maximale subsidiehoogte van € 20.000 of € 40.000 die voor een gebouw, woonboot of woonwagen van een woningeigenaar of eigenaar-bewoner zijn gemaakt.
**4.**