From 04770e1bd03244653c12da8288105392b525f552 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Tue, 1 Jan 2002 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2002-01-01 | BWBR0001876 | Schepenwet --- rijkswet/schepenwet/BWBR0001876/README.md | 154 +++++++++++----------- 1 file changed, 77 insertions(+), 77 deletions(-) diff --git a/rijkswet/schepenwet/BWBR0001876/README.md b/rijkswet/schepenwet/BWBR0001876/README.md index 23a6ef933ba..744f2e1ba16 100644 --- a/rijkswet/schepenwet/BWBR0001876/README.md +++ b/rijkswet/schepenwet/BWBR0001876/README.md @@ -20,9 +20,11 @@ Voor de toepassing van deze rijkswet wordt verstaan onder: *buitengaats brengen*, voor zover het betreft het verlaten van -a. het Europese deel van het Nederlandse gebied en het Duitse gebied, gelegen aan de landzijde van een bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen lijn: het brengen van een schip aan de buitenzijde van deze lijn; -b. de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba: het verlaten van een der havens in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba; -c. Aruba, Curaçao of Sint Maarten: het verlaten van een der havens in Aruba, Curaçao onderscheidenlijk Sint Maarten; +a. het Nederlandse en het Duitse gebied, gelegen aan de landszijde van een bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen lijn: het brengen van een schip aan de buitenzijde van deze lijn; +b. de Nederlandse Antillen: + +het verlaten van een der havens in de Nederlandse Antillen; +c. Aruba: het verlaten van een der havens in Aruba; d. andere gebieden dan vermeld onder *a*, *b* en *c*: het brengen van een schip aan de buitenzijde van de lijn zoals deze door de overheid ter plaatse voor het buitengaats brengen is vastgesteld, dan wel volgens plaatselijke gewoonte wordt aangenomen. *het ondernemen van eene reis*: het buitengaats brengen van een schip; @@ -41,7 +43,9 @@ d. andere gebieden dan vermeld onder *a*, *b* en *c*: het brengen van een schip *passagiersschip:* elk schip, dat door den eigenaar bestemd is om meer dan twaalf passagiers te vervoeren, dan wel een schip, dat meer dan twaalf passagiers vervoert; -*vissersvaartuig:* elk vaartuig, dat gebezigd wordt voor het vangen van vis, walvissen, zeehonden, walrussen of andere levende rijkdommen van de zee. +*vissersvaartuig:* elk vaartuig, dat gebezigd wordt voor het vangen van vis, walvissen, zeehonden, walrussen of andere levende rijkdommen van de zee; + +*scheepsramp:* een voorval, overkomen aan een schip, ten gevolge waarvan schade van beteekenis aan dat schip of de zaken aan boord daarvan, of letsel aan een of meer van de opvarenden, of schade aan een ander schip of de zaken aan boord daarvan, dan wel letsel aan een of meer van de opvarenden daarvan is veroorzaakt. Voor de toepassing van Hoofdstuk IV wordt onder "scheepsramp" mede verstaan elk voorval, aan een schip overkomen, indien niet zoozeer met het oog op de omvangrijkheid der gevolgen als wel op grond van den aard van het voorval de waarschijnlijkheid bestaat, dat uit een onderzoek lessen kunnen worden geput, dan wel de wenschelijkheid kan blijken van het stellen van voorschriften, welke kunnen dienen ter voorkoming van scheepsrampen. **2.** Voor de toepassing van deze rijkswet wordt onder "schip" begrepen een vaartuig, een sleepschip, een dok en elk ander dergelijk drijvend voorwerp, hetwelk over zee naar zijne bestemming wordt gesleept. @@ -59,12 +63,12 @@ c. onoverdekte visschersvaartuigen, welke in den regel niet buiten het zicht van d. pleiziervaartuigen, welke uitsluitend als zodanig worden gebezigd, voorzover zij geen passagiers tegen vergoeding vervoeren; e. schepen, welke varen onder vreemde vlag en welke niet vallen onder de omschrijving, voorkomende in het derde lid van dit artikel onder II; -en, behoudens het bepaalde in artikel 2bis: +en, behoudens het bepaalde in artikel 2*bis*: f. schepen, welke slechts bij uitzondering, hetzij over korten afstand, hetzij gesleept zonder bemanning, buiten de in artikel 1 genoemde lijn varen; g. schepen, welke hetzij hier te lande voor buitenlandsche rekening zijn gebouwd, hetzij naar het buitenland zijn verkocht, en welke over zee naar hunne bestemmingsplaats moeten worden gebracht; h. schepen, welke uitsluitend voor het houden van eenen proeftocht eene reis ondernemen. -**2.** De bepalingen van deze rijkswet zijn mede van toepassing op bij Landsverordening van Aruba, van Curaçao, onderscheidenlijk van Sint Maarten aangewezen landsvaartuigen of op daarbij aangewezen schepen, varende met een zeebrief van Aruba, van Curaçao, onderscheidenlijk van Sint Maarten. +**2.** De bepalingen van deze rijkswet zijn mede van toepassing op bij Landsverordening van de Nederlandse Antillen onderscheidenlijk van Aruba aangewezen landsvaartuigen of op daarbij aangewezen schepen, varende met een zeebrief van de Nederlandse Antillen onderscheidenlijk van Aruba. **3.** @@ -77,11 +81,11 @@ II. indien het in Nederland wordt uitgerust en zijne bemanning voor ten minste d ### Artikel 2bis -**1.** Kapiteins van schepen, bedoeld onder de uitzonderingen f tot en met h van artikel 2, eerste lid, ondernemen met hun schip geen reis zonder vergunning van het Hoofd van de Scheepvaartinspectie. +**1.** Kapiteins van schepen, bedoeld onder de uitzonderingen *f* tot en met *h* van artikel 2, eerste lid, ondernemen met hun schip geen reis zonder vergunning van het Hoofd van de Scheepvaartinspectie. **2.** Aan de vergunning kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden. De vergunning geldt voor een daarbij bepaalde periode. -**3.** In Aruba, Curaçao en Sint Maarten wordt een weigering van een vergunning schriftelijk en gemotiveerd gegeven. In Aruba, Curaçao en Sint Maarten kan tegen de weigering van een vergunning bezwaar worden gemaakt bij het Hoofd van de Scheepvaartinspectie. Voor de toepassing van wettelijke voorschriften over bezwaar en beroep worden in Aruba, Curaçao en Sint Maarten met het weigeren van een vergunning gelijkgesteld het schriftelijk weigeren een vergunning te verlenen alsmede het niet tijdig verlenen van een vergunning. In Aruba, Curaçao en Sint Maarten wordt een besluit omtrent het verlenen van een vergunning genomen binnen twaalf weken na ontvangst van de aanvraag. +**3.** In de Nederlandse Antillen en in Aruba wordt een weigering van een vergunning schriftelijk en gemotiveerd gegeven. In de Nederlandse Antillen en in Aruba kan tegen de weigering van een vergunning bezwaar worden gemaakt bij het Hoofd van de Scheepvaartinspectie. Voor de toepassing van wettelijke voorschriften over bezwaar en beroep worden in de Nederlandse Antillen en in Aruba met het weigeren van een vergunning gelijkgesteld het schriftelijk weigeren een vergunning te verlenen alsmede het niet tijdig verlenen van een vergunning. In de Nederlandse Antillen en in Aruba wordt een besluit omtrent het verlenen van een vergunning genomen binnen twaalf weken na ontvangst van de aanvraag. ## Hoofdstuk II. Voorkoming van scheepsrampen @@ -99,7 +103,7 @@ II. indien het in Nederland wordt uitgerust en zijne bemanning voor ten minste d **1.** Een certificaat wordt alleen afgegeven indien het schip en de bedrijfsvoering over het schip, zowel aan boord als aan de wal, voldoen aan de eisen, daartoe bij of krachtens algemene maatregel van rijksbestuur vastgesteld. -**2.** De vaststelling van de eisen, bedoeld in het eerste lid, kan voor bepaalde bij of krachtens de maatregel aangewezen onderwerpen geschieden door het van toepassing verklaren van de regels, ter zake gegeven door bij of krachtens de maatregel aangewezen natuurlijke personen of rechtspersonen. Indien een aanwijzing plaatsvindt krachtens de maatregel wordt het besluit tot aanwijzing bekendgemaakt in de Staatscourant, in de Landscourant van Aruba, in de Curaçaose Courant en in de Landscourant van Sint Maarten. +**2.** De vaststelling van de eisen, bedoeld in het eerste lid, kan voor bepaalde bij of krachtens de maatregel aangewezen onderwerpen geschieden door het van toepassing verklaren van de regels, ter zake gegeven door bij of krachtens de maatregel aangewezen natuurlijke personen of rechtspersonen. Indien een aanwijzing plaatsvindt krachtens de maatregel wordt het besluit tot aanwijzing bekendgemaakt in de *Staatscourant*, in de *Curaçaosche Courant* en in de *Landscourant van Aruba*. **3.** Bij of krachtens algemene maatregel van rijksbestuur wordt vastgesteld aan welke onderzoeken schepen, ter verkrijging van een certificaat of tijdens de geldigheidsduur daarvan, zijn onderworpen om vast te stellen of zij voldoen aan de eisen, bedoeld in het eerste lid. @@ -139,9 +143,9 @@ Vervallen ### Artikel 5 -**1.** Onze Minister kan voor schepen van een bepaalde categorie vrijstelling verlenen van één of meer van de bij of krachtens artikel 3a, eerste lid, of artikel 4 gestelde eisen, zonodig onder het geven van voorschriften en beperkingen, mits zulks zonder gevaar voor deze categorie schepen of hun opvarenden mogelijk is. Een vrijstellingsregeling wordt bekend gemaakt in de Staatscourant, in het Afkondigingsblad van Aruba, in de Curaçaose Courant en in de Landscourant van Sint Maarten. +**1.** Onze Minister kan voor schepen van een bepaalde categorie vrijstelling verlenen van één of meer van de bij of krachtens artikel 3*a*, eerste lid, of artikel 4 gestelde eisen, zonodig onder het geven van voorschriften en beperkingen, mits zulks zonder gevaar voor deze categorie schepen of hun opvarenden mogelijk is. Een vrijstellingsregeling wordt bekend gemaakt in de *Staatscourant*, in de *Curaçaosche Courant* en in het *Afkondigingsblad van Aruba*. -**2.** Het Hoofd van de Scheepvaartinspectie is bevoegd om in bijzondere gevallen voor een individueel schip, zonodig onder het geven van voorschriften en beperkingen, een ontheffing te verlenen van de bij of krachtens artikel 3a, eerste lid, of artikel 4 gestelde eisen. Een ontheffing kan door het Hoofd van de Scheepvaartinspectie worden gewijzigd of ingetrokken. +**2.** Het Hoofd van de Scheepvaartinspectie is bevoegd om in bijzondere gevallen voor een individueel schip, zonodig onder het geven van voorschriften en beperkingen, een ontheffing te verlenen van de bij of krachtens artikel 3*a*, eerste lid, of artikel 4 gestelde eisen. Een ontheffing kan door het Hoofd van de Scheepvaartinspectie worden gewijzigd of ingetrokken. ### Artikel 6 @@ -153,7 +157,7 @@ Vervallen **4.** Onze Minister kan slechts door hem erkende natuurlijke personen of rechtspersonen aanwijzen. Bij ministeriële regeling worden regels gesteld met betrekking tot de wijze van erkenning van deze natuurlijke personen of rechtspersonen, de voorwaarden waaraan moet zijn voldaan om voor erkenning in aanmerking te komen, en de intrekking van de erkenning indien niet meer aan deze voorwaarden wordt voldaan. -**5.** Besluiten tot aanwijzing of erkenning van natuurlijke personen of rechtspersonen, besluiten tot schorsing van een aanwijzing, alsmede besluiten tot intrekking van een aanwijzing of erkenning, worden bekendgemaakt in de Staatscourant, in de Landscourant van Aruba, in de Curaçaose Courant en in de Landscourant van Sint Maarten. +**5.** Besluiten tot aanwijzing of erkenning van natuurlijke personen of rechtspersonen, besluiten tot schorsing van een aanwijzing, alsmede besluiten tot intrekking van een aanwijzing of erkenning, worden bekendgemaakt in de *Staatscourant*, in de *Curaçaosche Courant* en in de *Landscourant van Aruba*. ### Artikel 7 @@ -169,7 +173,7 @@ e. het schip van naam verandert of een ander letterteeken of nummer krijgt. In d **2.** Bij algemene maatregel van rijksbestuur kan worden bepaald dat certificaten onder daarbij aangewezen omstandigheden bovendien vervallen, wanneer de eigenaar het schip aan zijn oorspronkelijke bestemming onttrekt. -**3.** Certificaten kunnen door den bevoegden ambtenaar van de scheepvaartinspectie worden ingetrokken, wanneer het schip schade heeft beloopen of eene herstelling niet naar behooren is geschied of wanneer daartoe uit anderen hoofde termen aanwezig zijn. In Aruba, Curaçao of Sint Maarten wordt de intrekking van een certificaat schriftelijk en gemotiveerd bekendgemaakt aan de eigenaar. +**3.** Certificaten kunnen door den bevoegden ambtenaar van de scheepvaartinspectie worden ingetrokken, wanneer het schip schade heeft beloopen of eene herstelling niet naar behooren is geschied of wanneer daartoe uit anderen hoofde termen aanwezig zijn. In de Nederlandse Antillen en in Aruba wordt de intrekking van een certificaat schriftelijk en gemotiveerd bekendgemaakt aan de eigenaar. ### Artikel 8 @@ -195,7 +199,7 @@ i. zorg te dragen dat de benodigde certificaten te allen tijde aan boord aanwezi k. zorg te dragen, dat de met betrekking tot oorlog of oorlogsgevaar gegeven voorschriften worden nageleefd; l. zorg te dragen, dat de met betrekking tot het vervoer van lading gegeven voorschriften worden nageleefd. -**2.** De kapitein is verplicht voor het behoorlijk bijhouden van de dagboeken zorg te dragen. Hij zal op eerste vordering inzage geven aan en afschrift laten nemen door of namens het Hoofd van de Scheepvaartinspectie, terwijl hij voorts verplicht is steeds op eerste aanvrage inzage van de dagboeken te geven aan de in artikel 63 bedoelde ambtenaren. Hij is bovendien verplicht bij binnenkomst in een Nederlandse haven of een haven van Aruba, Curaçao of Sint Maarten aan Scheepvaartinspectie kennis te geven van de op de afgelopen reis voorgekomen averijen en ongevallen; het overleggen der dagboeken, onder verwijzing naar de aantekening omtrent de averij of het ongeval, wordt als zodanige kennisgeving beschouwd. +**2.** De kapitein is verplicht voor het behoorlijk bijhouden van de dagboeken zorg te dragen. Hij zal telkenmale na volbrachte reis, dan wel periodiek of na het verlaten van het schip, inzage geven aan en afschrift laten nemen door of namens het Hoofd van de Scheepvaartinspectie, terwijl hij voorts verplicht is steeds op eerste aanvrage inzage van de dagboeken te geven aan de in artikel 63 bedoelde ambtenaren. Hij is bovendien verplicht bij binnenkomst in een Nederlandse haven of een haven van de Nederlandse Antillen of van Aruba aan Scheepvaartinspectie kennis te geven van de op de afgelopen reis voorgekomen averijen en ongevallen; het overleggen der dagboeken, onder verwijzing naar de aantekening omtrent de averij of het ongeval, wordt als zodanige kennisgeving beschouwd. **3.** In het geval, bedoeld in het eerste lid onder *c*, is de kapitein voorts verplicht om bij het aandoen van de eerste haven in het ontbrekende te voorzien, voor zoover dit noodzakelijk is om de veiligheid van het schip en van de opvarenden te verzekeren. @@ -207,19 +211,15 @@ l. zorg te dragen, dat de met betrekking tot het vervoer van lading gegeven voor **1.** Alle schepen blijven aan een voortdurend toezicht van Regeeringswege onderworpen. -**2.** Onder de bevelen van Onzen Minister wordt dit toezicht opgedragen aan door Onze Minister aangewezen ambtenaren, alsmede voorzover betreft het toezicht in Aruba, Curaçao of Sint Maarten, aan door of vanwege de Gouverneur te benoemen ambtenaren, van welke een bij koninklijk besluit als hoofd van de scheepvaartinspectie wordt aangewezen. Ook kunnen bij koninklijk besluit voor bepaalde werkzaamheden ambtenaren van andere diensttakken ter beschikking van den dienst der scheepvaartinspectie worden gesteld. +**2.** Onder de bevelen van Onzen Minister wordt dit toezicht opgedragen aan overeenkomstig de in het Rijksambtenarenreglement vervatte voorschriften te benoemen, alsmede voorzover betreft het toezicht in de Nederlandse Antillen, aan door of vanwege de Gouverneur te benoemen ambtenaren, van welke een door Ons, met den titel van inspecteur generaal, als hoofd van de scheepvaartinspectie, wordt aangewezen. Ook kunnen door Ons voor bepaalde werkzaamheden ambtenaren van andere diensttakken ter beschikking van den dienst der scheepvaartinspectie worden gesteld. -**3.** De werkkring en de bevoegdheden van de in het vorige lid bedoelde ambtenaren worden bij algemeenen maatregel van bestuur geregeld; voor wat betreft de ambtenaren, belast met het toezicht in Aruba, Curaçao of Sint Maarten, worden dienaangaande zonodig bij Landsverordening aanvullende regelingen getroffen. - -**4.** De bij of krachtens deze rijkswet aan de ambtenaren van de scheepvaartinspectie, uitgezonderd het krachtens het tweede lid aangewezen hoofd, opgedragen taken of toegekende bevoegdheden worden in Nederland en ten aanzien van de in artikel 2, eerste lid, bedoelde schepen, verricht onderscheidenlijk uitgeoefend door de daartoe door Onze Minister aangewezen ambtenaren van de Inspectie Verkeer en Waterstaat. - -**5.** De bij of krachtens deze rijkswet aan de ambtenaren van de scheepvaartinspectie opgedragen taken of toegekende bevoegdheden kunnen in Nederland ten aanzien van de in artikel 2, tweede lid, bedoelde schepen, ook worden verricht onderscheidenlijk uitgeoefend door de ambtenaren die in Aruba, Curaçao of Sint Maarten zijn belast met de uitvoering van en het toezicht op de naleving van deze rijkswet. +**3.** De werkkring en de bevoegdheden van de in het vorige lid bedoelde ambtenaren worden bij algemeenen maatregel van bestuur geregeld; voor wat betreft de ambtenaren, belast met het toezicht in de Nederlandse Antillen, worden dienaangaande zonodig bij Landsverordening aanvullende regelingen getroffen. ### Artikel 11 **1.** Het hoofd van de scheepvaartinspectie zendt jaarlijks aan Onzen Minister een beredeneerd verslag over de werking en toepassing van de wettelijke voorschriften en den gang van den dienst gedurende het afgeloopen jaar. -**2.** Dit verslag wordt overgelegd aan de Staten-Generaal, alsmede aan de Gouverneur en de Staten van Aruba, Curaçao, onderscheidenlijk Sint Maarten. +**2.** Dit verslag wordt overgelegd aan de Staten-Generaal, alsmede aan de Gouverneur en de Staten van de Nederlandse Antillen. ### Artikel 12 @@ -227,11 +227,11 @@ De in artikel 10 bedoelde ambtenaren hebben ter uitoefening van het toezicht op ### Artikel 13 -De ambtenaren van de Scheepvaartinspectie in Aruba, Curaçao en Sint Maarten en in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba zijn bevoegd inlichtingen te vorderen, voor zover dat redelijkerwijs voor de vervulling van hun taak nodig is. +De ambtenaren van de Scheepvaartinspectie in de Nederlandse Antillen en in Aruba zijn bevoegd inlichtingen te vorderen, voor zover dat redelijkerwijs voor de vervulling van hun taak nodig is. ### Artikel 14 -**1.** Een ieder is verplicht aan een ambtenaar van de Scheepvaartinspectie in Aruba, Curaçao en Sint Maarten en in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba binnen de door hem gestelde redelijke termijn alle medewerking te verlenen die deze redelijkerwijs kan vorderen bij de uitoefening van zijn bevoegdheden. +**1.** Een ieder is verplicht aan een ambtenaar van de Scheepvaartinspectie in de Nederlandse Antillen en in Aruba binnen de door hem gestelde redelijke termijn alle medewerking te verlenen die deze redelijkerwijs kan vorderen bij de uitoefening van zijn bevoegdheden. **2.** De eigenaar en de kapitein, alsmede een of meer door elk hunner aan te wijzen personen, zijn bevoegd bij het onderzoek van het schip tegenwoordig te zijn. @@ -247,10 +247,10 @@ De ambtenaren van de Scheepvaartinspectie in Aruba, Curaçao en Sint Maarten en **1.** Indien aan eenen ambtenaar der scheepvaartinspectie blijkt, dat een schip niet voorzien is van de noodige geldige certificaten, is hij gerechtigd het schip aan te houden. -**2.** a. Indien een ambtenaar van de Scheepvaartinspectie gegronde redenen heeft voor twijfel of een schip, niettegenstaande daarvoor de nodige geldige certificaten zijn afgegeven, voldoende zeewaardig is, dan wel of aan alle bij of krachtens de artikelen 3a, eerste lid, 4 of 11, tweede lid, bepaalde eisen en voorschriften, is of zal worden voldaan, is hij gerechtigd het schip voor onderzoek aan te houden. +**2.** a. Indien een ambtenaar van de Scheepvaartinspectie gegronde redenen heeft voor twijfel of een schip, niettegenstaande daarvoor de nodige geldige certificaten zijn afgegeven, voldoende zeewaardig is, dan wel of aan alle bij of krachtens de artikelen 3*a*, eerste lid, 4 of 11, tweede lid, bepaalde eisen en voorschriften, is of zal worden voldaan, is hij gerechtigd het schip voor onderzoek aan te houden. b. Evenzeer is de ambtenaar gerechtigd tot aanhouding van een schip wanneer de eigenaar, de kapitein of de leden der bemanning niet de door de ambtenaar gevorderde medewerking bij de uitoefening van zijn bevoegdheden verlenen. c. De ambtenaar geeft van de aanhouding onverwijld, onder opgaaf van redenen, kennis aan zijn onmiddellijke chef, die daarvan terstond mededeling doet aan het Hoofd van de Scheepvaartinspectie. -d. Het Hoofd van de Scheepvaartinspectie beslist zo spoedig mogelijk of al dan niet een onderzoek zal worden ingesteld; in het laatste geval heft hij de aanhouding op en geeft hij van de opheffing onverwijld kennis aan de ambtenaar, die het schip heeft aangehouden. In Aruba, Curaçao en Sint Maarten wordt deze beslissing door een aldaar daartoe aangewezen ambtenaar van de Scheepvaartinspectie genomen. +d. Het Hoofd van de Scheepvaartinspectie beslist zo spoedig mogelijk of al dan niet een onderzoek zal worden ingesteld; in het laatste geval heft hij de aanhouding op en geeft hij van de opheffing onverwijld kennis aan de ambtenaar, die het schip heeft aangehouden. In de Nederlandse Antillen of in Aruba wordt deze beslissing door een aldaar daartoe aangewezen ambtenaar van de Scheepvaartinspectie genomen. **3.** Indien schepelingen ten aanzien van hun schip redenen menen te hebben voor twijfel over de zeewaardigheid of de voldoende uitrusting van het schip, zijn zij gerechtigd zich te wenden tot de Scheepvaartinspectie. @@ -262,43 +262,35 @@ d. Het Hoofd van de Scheepvaartinspectie beslist zo spoedig mogelijk of al dan n ### Artikel 17 -**1.** In Aruba, Curaçao en Sint Maarten en in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba wordt het besluit tot aanhouding schriftelijk genomen en gemotiveerd. Het besluit wordt bekendgemaakt aan de eigenaar en aan de kapitein. De ambtenaar van de Scheepvaartinspectie die de aanhouding heeft verricht, deelt elke beslissing tot aanhouding of tot opheffing daarvan mede aan de betrokken ambtenaar, belast met de in- of uitklaring. +**1.** In de Nederlandse Antillen en in Aruba wordt het besluit tot aanhouding schriftelijk genomen en gemotiveerd. Het besluit wordt bekendgemaakt aan de eigenaar en aan de kapitein. De ambtenaar van de Scheepvaartinspectie die de aanhouding heeft verricht, deelt elke beslissing tot aanhouding of tot opheffing daarvan mede aan de betrokken ambtenaar, belast met de in- of uitklaring. **2.** Na ontvangst van een bericht van aanhouding, als in het eerste lid bedoeld, verleenen de daar genoemde belastingambtenaren geene expeditie, alvorens hun zal zijn bericht, dat de aanhouding is opgeheven. -**3.** De in het eerste lid bedoelde belastingambtenaren verleenen geene expeditie voor een schip, dat bestemd is om buitengaats te worden gebracht, wanneer daarvoor op eerste aanvraag geen geldig certificaat waaruit de deugdelijkheid van het schip blijkt of geene geldige vergunning, als bedoeld in artikel 2bis, wordt getoond. +**3.** De in het eerste lid bedoelde belastingambtenaren verleenen geene expeditie voor een schip, dat bestemd is om buitengaats te worden gebracht, wanneer daarvoor op eerste aanvraag geen geldig certificaat waaruit de deugdelijkheid van het schip blijkt of geene geldige vergunning, als bedoeld in artikel 2*bis*, wordt getoond. ### Paragraaf 3. Beroep ### Artikel 18 -**1.** Tegen een besluit van een ambtenaar van de Scheepvaartinspectie kan een belanghebbende administratief beroep instellen bij Onze Minister. +**1.** Beroep van beslissingen en voorschriften van de in artikel 10 bedoelde ambtenaren kan door de betrokken eigenaar of kapitein worden ingesteld bij de voorzitter van de Raad voor de Scheepvaart of, indien het een beslissing van een ambtenaar in de Nederlandse Antillen of in Aruba betreft, bij de voorzitter van de in het betreffende land werkzame Commissie, bedoeld in artikel 26*bis*. -**2.** Onze Minister kan bepalen dat het beroep de werking schorst van het besluit waartegen het is gericht. +**2.** Tegen een aanhouding in de Nederlandse Antillen en in Aruba, krachtens het bepaalde in artikel 16, vierde lid, kan geen beroep worden ingesteld. + +**3.** De voorzitter is verplicht voor het geven van zijn beslissing de ter zake meest bevoegde leden van de Raad of van de betreffende Commissie, bedoeld in artikel 26*bis* , die noch rechtstreeks, noch zijdelings geacht kunnen worden bij de beslissing belang te hebben, te raadplegen en zijn uitspraak met redenen te omkleden. ### Artikel 19 -**1.** In afwijking van artikel 18 kan degene die door een besluit van een ambtenaar van de Scheepvaartinspectie in Curaçao, onderscheidenlijk Sint Maarten, rechtstreeks in zijn belang is getroffen, met uitzondering van een besluit tot het aanhouden van een schip op grond van artikel 16, vierde lid, daartegen beroep instellen bij de voorzitter van de Commissie van Onderzoek in Curaçao, onderscheidenlijk Sint Maarten,. +**1.** Eene uitspraak in beroep gegeven, waarbij wordt afgeweken van de beslissing of het voorschrift, waarvan beroep is ingesteld, treedt in de plaats daarvan. -**2.** Het beroep wordt binnen zes weken na het besluit schriftelijk, telegrafisch of per telefax ingediend en bevat ten minste de naam en het adres van de indiener, de dagtekening, een omschrijving van het besluit waartegen het beroep is gericht, en de gronden van het beroep. +**2.** Indien de uitspraak strekt tot vernietiging van eene beslissing, houdende weigering van afgifte van eenig certificaat wordt alsnog zoo spoedig mogelijk door het hoofd van de scheepvaartinspectie het gevraagde certificaat afgegeven. -**3.** Alvorens een beslissing op het beroep te nemen raadpleegt de voorzitter van de Commissie van Onderzoek de ter zake meest geschikte leden van de Commissie, die noch rechtstreeks, noch zijdelings belang bij de beslissing hebben. - -**4.** De voorzitter kan bepalen dat het beroep de werking schorst van het besluit waartegen het is gericht. - -**5.** De voorzitter maakt zijn beslissing op het beroep schriftelijk bekend door toezending of uitreiking aan degenen tot wie zij is gericht. De beslissing berust op een deugdelijke motivering. De motivering wordt vermeld bij de bekendmaking van de beslissing. +**3.** Van elke in beroep gedane uitspraak wordt onverwijld een gedagteekend afschrift gezonden aan hem, die het beroep heeft ingesteld. ### Artikel 20 -**1.** In afwijking van artikel 18 kan degene die door een besluit van een ambtenaar van de Scheepvaartinspectie in Aruba rechtstreeks in zijn belang is getroffen, met uitzondering van een besluit tot het aanhouden van een schip op grond van artikel 16, vierde lid, het hoofd van de Scheepvaartinspectie in Aruba verzoeken dit besluit in heroverweging te nemen. +**1.** De werking van een beslissing of voorschrift wordt opgeschort totdat de beroepstermijn is verstreken, of indien beroep is ingesteld, op het beroep is beslist. -**2.** Het verzoek wordt binnen zes weken na het besluit schriftelijk, telegrafisch of per telefax aanhangig gemaakt door indiening van een bezwaarschrift bij het hoofd van de Scheepvaartinspectie in Aruba en bevat ten minste de naam en het adres van de indiener, de dagtekening, een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar zich richt, en de gronden waarop het bezwaar rust. - -**3.** Het bezwaarschrift wordt behandeld volgens de bezwaarschriftprocedure in hoofdstuk II van de Landsverordening administratieve rechtspraak. - -**4.** De indiener van het bezwaarschrift kan aan het Gerecht in Eerste Aanleg verzoeken het besluit waartegen het bezwaar zich richt, te schorsen op grond dat de uitvoering daarvan voor de indiener een onevenredig nadeel met zich mee zou brengen in verhouding tot het door een onmiddellijke uitvoering te dienen belang. - -**5.** Degene die door de beslissing van het hoofd van de Scheepvaartinspectie op het bezwaarschrift rechtstreeks in zijn belang is getroffen, kan daartegen beroep instellen bij het Gerecht in Eerste Aanleg. Dit beroep wordt behandeld volgens de beroepschriftprocedure in hoofdstuk III van de Landsverordening administratieve rechtspraak. +**2.** Het eerste lid is niet van toepassing op een beslissing van een ambtenaar van de Scheepvaartinspectie ingevolge artikel 16. ### Artikel 21 @@ -310,7 +302,7 @@ d. Het Hoofd van de Scheepvaartinspectie beslist zo spoedig mogelijk of al dan n De verdere regelen, bij de behandeling van beroepen in acht te nemen, worden bij algemene maatregel van rijksbestuur vastgesteld. -## Hoofdstuk III. De Raad voor de Scheepvaart en de Commissies van Onderzoek in Aruba, Curaçao en Sint Maarten +## Hoofdstuk III. De Raad voor de Scheepvaart en de Commissies van Onderzoek in de Nederlandse Antillen en in Aruba ### Artikel 23 @@ -350,17 +342,13 @@ De voorzitter, de plaatsvervangende voorzitters, de gewone en de buitengewone le ### Artikel 26bis -**1.** In Curaçao wordt ingesteld een Commissie van Onderzoek, gevestigd te Willemstad en benoemd bij landsbesluit van Curaçao. +**1.** In de Nederlandse Antillen wordt ingesteld een Commissie van Onderzoek, gevestigd te Willemstad en benoemd bij landsbesluit van de Nederlandse Antillen. -**2.** In Aruba wordt ingesteld een Commissie van Onderzoek, gevestigd te Oranjestad en benoemd bij landsbesluit van Aruba. +**2.** Samenstelling en werkwijze dezer Commissie worden bij Landsverordening vastgesteld. -**3.** In Sint Maarten wordt ingesteld een Commissie van Onderzoek, gevestigd te Philipsburg en benoemd bij landsbesluit van Sint Maarten. +**3.** De Commissie van Onderzoek heeft ten aanzien van schepen, varende met een zeebrief van de Nederlandse Antillen, overeenkomstige bevoegdheden en een overeenkomstige taak als bij deze wet aan de Raad voor de Scheepvaart zijn toegekend, met uitzondering evenwel van de bevoegdheid tot het uitspreken van een berisping of het ontnemen van de bevoegdheid om als kapitein, stuurman, machinist, radiotelegrafist of radiotelefonist op te treden. -**4.** Samenstelling en werkwijze van de Commissies, bedoeld in het eerste, tweede en derde lid, worden bij Landsverordening vastgesteld. - -**5.** De Commissies van Onderzoek, bedoeld in het eerste, tweede en derde lid, hebben ten aanzien van schepen, varende met een zeebrief van Aruba, Curaçao, onderscheidenlijk Sint Maarten, overeenkomstige bevoegdheden en overeenkomstige taken als bij deze wet aan de Raad voor de Scheepvaart zijn toegekend, met uitzondering evenwel van de bevoegdheid tot het uitspreken van een berisping of het ontnemen van de bevoegdheid om als kapitein, stuurman, machinist, radiotelegrafist of radiotelefonist op te treden. - -**6.** Voorzover het betreft schepen, varende met een zeebrief van Aruba, Curaçao, onderscheidenlijk Sint Maarten, is het bepaalde bij de artikelen 24, 25, 26 eerste en tweede lid, 32 eerste lid en 64 van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de Commissies van Onderzoek, bedoeld in het eerste, tweede en derde lid. +**4.** Voorzover het betreft schepen, varende met een zeebrief van de Nederlandse Antillen, is het bepaalde bij de artikelen 24, 25, 26 eerste en tweede lid, 32 eerste lid en 64 van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de Commissie van Onderzoek. ## Hoofdstuk III A. De veiligheidscommissies @@ -400,7 +388,7 @@ Aan een lid of plaatsvervangend lid wordt door Onze Minister tussentijds ontslag a. bij verlies van de hoedanigheid of beëindiging van de ambtsvervulling in verband waarmede de benoeming heeft plaatsgevonden; b. op eigen verzoek. -**9.** Het secretariaat van de Commissie berust bij het Ministerie van Verkeer en Waterstaat. +**9.** Het secretariaat van de Commissie berust bij het Directoraat-Generaal Scheepvaart en Maritieme Zaken. ### Artikel 26c @@ -450,13 +438,15 @@ Onze Minister kan nadere regels stellen omtrent de werkwijze van de veiligheidsc **2.** Het onderzoek bestaat uit een voorloopig onderzoek door de scheepvaartinspectie, zoo noodig gevolgd door een onderzoek door den Raad voor de scheepvaart. -**3.** Het voorloopig onderzoek wordt ingesteld wanneer een schip door eene ramp is getroffen, tenzij de ramp een schip betreft dat in gebruik is bij Onze Minister van Defensie of een buitenlandse krijgsmacht. +**3.** Het voorloopig onderzoek wordt ingesteld wanneer een schip door eene ramp is getroffen, tenzij de ramp valt onder artikel 1, vierde lid, van de Marinescheepsongevallenwet 1928 (*Staatsblad* n°. 69). + +**4.** Indien een Commissie van Onderzoek, bedoeld in artikel 26*bis*, na een onderzoek overeenkomstig het tweede lid, van oordeel is, dat aanleiding bestaat tot het uitspreken van een berisping of het ontnemen van de bevoegdheid om als kapitein, stuurman, machinist of radio-telegrafist op te treden, doet de commissie geen uitspraak, doch verwijst de zaak naar de Raad voor de Scheepvaart voor het instellen van een onderzoek. Meent de Raad, dat er geen aanleiding bestaat tot het uitspreken van een berisping of het ontnemen van de bevoegdheid om als kapitein, stuurman, machinist of radio-telegrafist op te treden, dan kan de Raad de zaak ter afdoening weder in handen van de Commissie stellen. ### Artikel 28 -**1.** De commissarissen der loodsen en de havenmeesters van Aruba, Curaçao of Sint Maarten, zenden onverwijld aan het hoofd van de scheepvaartinspectie, onderscheidenlijk aan het districtshoofd in Aruba, Curaçao of Sint Maarten, afschriften van de door hen over scheepsrampen opgemaakte processen-verbaal, die mede door de door hen gehoorde personen, ieder voor zooveel zijne eigene verklaring betreft, worden onderteekend. +**1.** De commissarissen der loodsen en de havenmeesters van de Nederlandse Antillen of van Aruba, zenden onverwijld aan het hoofd van de scheepvaartinspectie, onderscheidenlijk aan het districtshoofd in de Nederlandse Antillen of in Aruba, afschriften van de door hen over scheepsrampen opgemaakte processen-verbaal, die mede door de door hen gehoorde personen, ieder voor zooveel zijne eigene verklaring betreft, worden onderteekend. -**2.** De notarissen en de autoriteiten, voor wie scheepsverklaringen als bedoeld in het tweede lid van artikel 353 van het Wetboek van Koophandel of een overeenkomstige regeling in Aruba, Curaçao of Sint Maarten dan wel in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba zijn afgelegd, zenden onverwijld afschriften van deze stukken aan het hoofd van de scheepvaartinspectie. Betreft het een schip, varende met een zeebrief van Aruba, Curaçao of Sint Maarten, dan worden de stukken aan de Scheepvaartinspectie in het betreffende land gezonden. +**2.** De notarissen en de autoriteiten, voor wie scheepsverklaringen, als bedoeld in het tweede lid van artikel 353 van het Wetboek van Koophandel, artikel 450 van het Wetboek van Koophandel voor de Nederlandse Antillen of artikel 450 van het Wetboek van Koophandel voor Aruba, zijn afgelegd, zenden onverwijld afschriften van deze stukken aan het hoofd van de scheepvaartinspectie. Betreft het een schip, varende met een zeebrief van de Nederlandse Antillen of van Aruba, dan worden de stukken aan de Scheepvaartinspectie in het betreffende land gezonden. **3.** De Nederlandsche consulaire ambtenaren maken van elke in hun ambtsgebied aan een schip, als bedoeld in artikel 2, overkomen ramp een proces-verbaal op en zenden dit, nadat het ook door de door hen gehoorde personen onderteekend is en wel door ieder voor zooveel zijne eigene verklaring betreft, onverwijld aan het hoofd van de scheepvaartinspectie. @@ -466,9 +456,15 @@ Onze Minister kan nadere regels stellen omtrent de werkwijze van de veiligheidsc ### Artikel 29 -**1.** Het hoofd van de scheepvaartinspectie stelt, met inachtneming van het voorschrift in het derde lid van artikel 27 gegeven, nopens elke te zijner kennis gekomen scheepsramp een onderzoek in of doet dit instellen door een of meer der in artikel 10 bedoelde ambtenaren en deelt de uitkomsten van dit onderzoek zoo spoedig mogelijk onder overlegging van stukken aan den voorzitter van den Raad mede, vergezeld van zijn voorstel om met het oog op aard en omvang van de ramp al dan niet een onderzoek daarnaar door den Raad te doen instellen. Hij kan daarbij eene opgave indienen van de getuigen en deskundigen, wier verhoor tijdens de behandeling voor den Raad hij noodig acht. Betreft de scheepsramp een schip, varende met een zeebrief van Aruba, Curaçao of Sint Maarten, dan treedt een aldaar daartoe aangewezen ambtenaar van de Scheepvaartinspectie op en worden de uitkomsten van het onderzoek met de stukken aan de in artikel 26*bis* genoemde commissie ter hand gesteld, die hiermede handelt als voor de Raad voor de Scheepvaart is voorgeschreven. +**1.** Het hoofd van de scheepvaartinspectie stelt, met inachtneming van het voorschrift in het derde lid van artikel 27 gegeven, nopens elke te zijner kennis gekomen scheepsramp een onderzoek in of doet dit instellen door een of meer der in artikel 10 bedoelde ambtenaren en deelt de uitkomsten van dit onderzoek zoo spoedig mogelijk onder overlegging van stukken aan den voorzitter van den Raad mede, vergezeld van zijn voorstel om met het oog op aard en omvang van de ramp al dan niet een onderzoek daarnaar door den Raad te doen instellen. Hij kan daarbij eene opgave indienen van de getuigen en deskundigen, wier verhoor tijdens de behandeling voor den Raad hij noodig acht. Betreft de scheepsramp een schip, varende met een zeebrief van de Nederlandse Antillen of van Aruba, dan treedt een aldaar daartoe aangewezen ambtenaar van de Scheepvaartinspectie op en worden de uitkomsten van het onderzoek met de stukken aan de in artikel 26*bis* genoemde commissie ter hand gesteld, die hiermede handelt als voor de Raad voor de Scheepvaart is voorgeschreven. -**2.** Over het voorstel van het hoofd van de scheepvaartinspectie om al dan niet een onderzoek in te stellen wordt beslist door eene commissie uit den Raad, bestaande uit den voorzitter en twee door dezen opgeroepen leden. Wijst deze commissie het voorstel af, dan heeft het hoofd van de scheepvaartinspectie het recht te vorderen, dat de Raad de beslissing herziet, waarna de voorzitter zoo spoedig mogelijk den Raad bijeenroept, die - na het hoofd van de scheepvaartinspectie te hebben gehoord - ter zake eene eindbeslissing neemt. De leden der commissie, met uitzondering van den voorzitter, nemen aan deze zitting geen deel. +**2.** Op dezelfde wijze wordt door hem gehandeld ten aanzien van eene scheepsramp, waarvan de stukken hem op grond van artikel 17 van de Marinescheepsongevallenwet 1928 (*Staatsblad* n°. 69) in handen zijn gesteld. Betreft de scheepsramp een schip, varende met een zeebrief van de Nederlandse Antillen of van Aruba, dan zendt het hoofd van de scheepvaartinspectie de stukken door aan de Scheepvaartinspectie in het betreffende land voor het instellen van een onderzoek overeenkomstig het eerste lid. + +**3.** Over het voorstel van het hoofd van de scheepvaartinspectie om al dan niet een onderzoek in te stellen wordt beslist door eene commissie uit den Raad, bestaande uit den voorzitter en twee door dezen opgeroepen leden. Wijst deze commissie het voorstel af, dan heeft het hoofd van de scheepvaartinspectie het recht te vorderen, dat de Raad de beslissing herziet, waarna de voorzitter zoo spoedig mogelijk den Raad bijeenroept, die - na het hoofd van de scheepvaartinspectie te hebben gehoord - ter zake eene eindbeslissing neemt. De leden der commissie, met uitzondering van den voorzitter, nemen aan deze zitting geen deel. + +**4.** Wanneer beslist is, dat een onderzoek zal worden ingesteld, stelt de voorzitter de plaats, den dag en het uur daarvoor vast en worden door of namens hem de noodige getuigen en deskundigen tegen die zitting van den Raad opgeroepen. + +**5.** De commissie en de Raad zijn bevoegd zoo noodig het hoofd van de scheepvaartinspectie op te dragen middelerwijl nog nopens bepaalde onderwerpen nadere gegevens te verzamelen. ### Artikel 30 @@ -478,15 +474,19 @@ Onze Minister kan nadere regels stellen omtrent de werkwijze van de veiligheidsc **3.** Nochtans zal in het geval, geregeld bij artikel 13 der in het eerste lid genoemde wet, het bevel van medebrenging mede door den voorzitter van den Raad kunnen worden verleend. -**4.** Ten aanzien van de Commissies van Onderzoek, bedoeld in artikel 26bis, eerste, tweede en derde lid, en de aangewezen ambtenaar van de Scheepvaartinspectie in Aruba, Curaçao of Sint Maarten worden overeenkomstige regelen bij Landsverordening gesteld. +**4.** Ten aanzien van de Commissie van Onderzoek, bedoeld in artikel 26bis , en de aangewezen ambtenaar van de Scheepvaartinspectie in de Nederlandse Antillen of in Aruba worden overeenkomstige regelen bij Landsverordening gesteld. ### Artikel 31 -Aan getuigen en deskundigen, voor zooverre hunne dienstverhouding tot het Rijk of tot Aruba, Curaçao of Sint Maarten niet medebrengt, dat zij hunne medewerking verleenen zonder eene schadeloosstelling, wordt, zoo zij dit verlangen, eene schadeloosstelling toegelegd naar den maatstaf der tarieven van justitiekosten en salarissen in burgerlijke zaken. +Aan getuigen en deskundigen, voor zooverre hunne dienstverhouding tot het Rijk of tot de Nederlandse Antillen of tot Aruba niet medebrengt, dat zij hunne medewerking verleenen zonder eene schadeloosstelling, wordt, zoo zij dit verlangen, eene schadeloosstelling toegelegd naar den maatstaf der tarieven van justitiekosten en salarissen in burgerlijke zaken. ### Artikel 32 -De Scheepvaartinspectie de Raad kunnen overlegging vorderen binnen eenen bepaalden termijn van scheepsdagboeken, machinedagboeken, scheepsverklaringen, monsterrollen, strafregisters en van alle andere voor het onderzoek vereischte bescheiden, zoowel van de kapiteins der schepen, bij de scheepsramp betrokken geweest, als van ieder ander, die de stukken onder zijne berusting heeft. De personen tot wie een vordering wordt gericht tot overlegging van de genoemde bescheiden, zijn verplicht deze stukken binnen de gestelde termijn over te leggen in de staat waarin zij zich ten tijde van de vordering bevinden. +**1.** De Scheepvaartinspectie de Raad kunnen overlegging vorderen binnen eenen bepaalden termijn van scheepsdagboeken, machinedagboeken, scheepsverklaringen, monsterrollen, strafregisters en van alle andere voor het onderzoek vereischte bescheiden, zoowel van de kapiteins der schepen, bij de scheepsramp betrokken geweest, als van ieder ander, die de stukken onder zijne berusting heeft. De personen tot wie een vordering wordt gericht tot overlegging van de genoemde bescheiden, zijn verplicht deze stukken binnen de gestelde termijn over te leggen in de staat waarin zij zich ten tijde van de vordering bevinden. + +**2.** Verzuim van overlegging binnen de gestelde termijn wordt gelijkgesteld met een weigering gevolg te geven aan een vordering ingevolge artikel 3, eerste lid, van de Wet op de Parlementaire Enquête. De artikelen 10, 11, 15, eerste en derde lid, en 16, eerste en derde lid, van die wet zijn van toepassing. + +**3.** Overeenkomstige regelen, als in het vorige lid, worden met betrekking tot de Scheepvaartinspectie in de Nederlandse Antillen onderscheidenlijk in Aruba en de Commissies van Onderzoek, bedoeld in artikel 26*bis* , bij Landsverordening gesteld. ### Artikel 33 @@ -574,7 +574,7 @@ Door den Raad voor de scheepvaart kan de ontnomen bevoegdheid aan den belanghebb **5.** De uitspraken worden op door Ons te bepalen wijze openbaar gemaakt. -**6.** Indien de uitspraak van een Commissie als bedoeld in artikel 26*bis* doet vermoeden, dat zich een der gevallen, bedoeld in artikel 34, eerste lid en artikel 48, eerste en tweede lid, voordoet en zich geen geval voordoet, waarin de Raad voor de Scheepvaart de zaak heeft terugverwezen naar de betrokken Commissie, handelt het hoofd van de scheepvaartinspectie als in artikel 29 is aangegeven voor een schip, niet varende met een zeebrief van Aruba, Curaçao of Sint Maarten. +**6.** Indien de uitspraak van een Commissie als bedoeld in artikel 26*bis* doet vermoeden, dat zich een der gevallen, bedoeld in artikel 34, eerste lid en artikel 48, eerste en tweede lid, voordoet en zich geen geval voordoet, waarin de Raad voor de Scheepvaart de zaak heeft terugverwezen naar de betrokken Commissie, handelt het hoofd van de scheepvaartinspectie als in artikel 29 is aangegeven voor een schip, niet varende met een zeebrief van de Nederlandse Antillen of van Aruba. ### Artikel 43 @@ -598,7 +598,7 @@ Door den Raad voor de scheepvaart kan de ontnomen bevoegdheid aan den belanghebb ### Artikel 45 -De kosten van het onderzoek volgens de bepalingen van dit hoofdstuk worden gedragen door het Rijk voorzover het gedaan wordt door de Raad voor de Scheepvaart en door Aruba, Curaçao, onderscheidenlijk Sint Maarten, voorzover het gedaan wordt door de in het betreffende land werkzame Commissie van Onderzoek, bedoeld in artikel 26bis. +De kosten van het onderzoek volgens de bepalingen van dit hoofdstuk worden gedragen door het Rijk voorzover het gedaan wordt door de Raad voor de Scheepvaart en door de Nederlandse Antillen, onderscheidenlijk Aruba, voorzover het gedaan wordt door de in het betreffende land werkzame Commissie van Onderzoek, bedoeld in artikel 26*bis* . ### Artikel 46 @@ -622,7 +622,7 @@ Blijkt bij het onderzoek, dat door iemand een strafbaar feit is gepleegd, dan wo **1.** Het onderzoek ter zake van de in artikel 48, eerste lid, bedoelde misdragingen heeft, zoo daartoe naar het oordeel van eene commissie uit den Raad, bestaande uit den voorzitter en twee door dezen opgeroepen leden, termen bestaan, plaats, indien eene aanklacht is ingediend door of op last van het hoofd van de scheepvaartinspectie, door den eigenaar, door een of meer van de assuradeuren, van de bevrachters, van de schepelingen, van de passagiers of van andere opvarenden. -**2.** De aanklacht moet, om ontvankelijk te zijn, bij het Hoofd van de Scheepvaartinspectie, bij de Raad voor de Scheepvaart of, indien het een klacht betreft van een zich in Aruba, Curaçao of Sint Maarten bevindende persoon, dan wel tegen de kapitein van een schip, varende met een zeebrief van Aruba, Curaçao of Sint Maarten, bij een aldaar aangewezen ambtenaar van de Scheepvaartinspectie of de in het betreffende land werkzame Commissie van Onderzoek, zijn ingekomen binnen drie maanden na de dag, waarop de tot klacht gerechtigde kennis heeft verkregen van het gepleegde feit, met uitbreiding van die termijn tot drie weken na de dag van aankomst van het schip ter plaatse van bestemming hier te lande, respectievelijk in Aruba, Curaçao of Sint Maarten of van aankomst hier te lande, respectievelijk in Aruba, Curaçao of Sint Maarten van de aangeklaagde, indien deze zonder het schip terugkeert. +**2.** De aanklacht moet, om ontvankelijk te zijn, bij het Hoofd van de Scheepvaartinspectie, bij de Raad voor de Scheepvaart of, indien het een klacht betreft van een zich in de Nederlandse Antillen of in Aruba bevindende persoon, dan wel tegen de kapitein van een schip, varende met een zeebrief van de Nederlandse Antillen of van Aruba, bij een aldaar aangewezen ambtenaar van de Scheepvaartinspectie of de in het betreffende land werkzame Commissie van Onderzoek, zijn ingekomen binnen drie maanden na de dag, waarop de tot klacht gerechtigde kennis heeft verkregen van het gepleegde feit, met uitbreiding van die termijn tot drie weken na de dag van aankomst van het schip ter plaatse van bestemming hier te lande, respectievelijk in de Nederlandse Antillen of in Aruba of van aankomst hier te lande, respectievelijk in de Nederlandse Antillen of in Aruba van de aangeklaagde, indien deze zonder het schip terugkeert. **3.** Indien een der tot het indienen van eene aanklacht gerechtigde personen, die zich in het buitenland bevindt, grond heeft om te vermoeden verhinderd te zullen zijn, om binnen den bepaalden termijn zijne aanklacht bij het hoofd van de scheepvaartinspectie of bij den Raad in te dienen, kan hij zich binnen drie weken na den eersten dag, waarop hij daartoe in de gelegenheid kwam, onder opgave van de redenen van verhindering, tot het indienen van eene aanklacht wenden tot den bevoegden consulairen ambtenaar, door wiens tusschenkomst de aanklacht wordt ingezonden aan den Raad voor de scheepvaart. @@ -664,13 +664,13 @@ Vervallen ### Artikel 55 -Het is de eigenaar van een schip verboden de kapitein van dat schip door giften, beloften, misbruik van gezag, geweld, bedreiging, of misleiding of door het verschaffen van gelegenheid, middelen of inlichtingen opzettelijk te bewegen ten aanzien van dat schip in strijd te handelen met het bepaalde in artikel 9, derde lid, 52 of 54. +Het is de eigenaar van een schip verboden de kapitein van dat schip door een der in artikel 47, eerste lid, 2°, van het Wetboek van Strafrecht vermelde middelen of - indien het een schip betreft, varende met een zeebrief van de Nederlandse Antillen of van Aruba - door een der middelen, vermeld in artikel 49, eerste lid, 2°, van het Wetboek van Strafrecht voor de Nederlandse Antillen, onderscheidenlijk door een der middelen, vermeld in artikel 49, eerste lid, onderdeel *b*, van het Wetboek van Strafrecht voor Aruba, opzettelijk te bewegen ten aanzien van dat schip in strijd te handelen met het bepaalde in artikel 9, derde lid, 52 of 54. ### Paragraaf 2. Strafbare feiten ### Artikel 56 -**1.** Gedragingen in strijd met de artikelen 4, eerste lid, 9, eerste, tweede en derde lid, 28, vierde lid, 32, eerste lid, tweede volzin, 52, 53, 54 en 55 zijn strafbare feiten. +**1.** Gedragingen in strijd met de artikelen 4, eerste lid, 9, eerste, tweede en derde lid, 28, vierde lid, 32, eerste lid, tweede volzin, 39, eerste lid, 52, 53, 54 en 55 zijn strafbare feiten. **2.** Gedragingen in strijd met de artikelen 9, derde lid, en 52, eerste en derde lid, zijn misdrijven voor zover zij opzettelijk zijn begaan en overigens overtredingen. Gedragingen in strijd met de artikelen 52, tweede lid, 54 en 55 zijn misdrijven. Gedragingen in strijd met de overige in het eerste lid genoemde artikelen zijn overtredingen. @@ -678,13 +678,13 @@ Het is de eigenaar van een schip verboden de kapitein van dat schip door giften, ### Artikel 57 -**1.** De in artikel 56, tweede lid, bedoelde misdrijven worden, behoudens de gedragingen in strijd met artikel 55, gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of een geldboete van ten hoogste € 11.250, of, indien de geldboete wordt opgelegd door de strafrechter in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba, een geldboete van ten hoogste USD 14.000,–, dan wel, indien de geldboete wordt opgelegd door de strafrechter in Aruba, Curaçao of Sint Maarten, een geldboete van ten hoogste AWG 25.000,– onderscheidenlijk ANG 25.000,–. Gedragingen in strijd met artikel 55 worden gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste drie jaren of een geldboete van ten hoogste € 11.250, of, indien de geldboete wordt opgelegd door de strafrechter in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba, een geldboete van ten hoogste USD 14.000,–, dan wel, indien de geldboete wordt opgelegd door de strafrechter in Aruba, Curaçao of Sint Maarten, een geldboete van ten hoogste AWG 25.000,– onderscheidenlijk ANG 25.000,–. +**1.** De in artikel 56, tweede lid, bedoelde misdrijven worden, behoudens de gedragingen in strijd met artikel 55, gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of geldboete van ten hoogste € 11 250, dan wel indien de geldboete wordt opgelegd door de strafrechter in de Nederlandse Antillen of Aruba, een geldboete van ten hoogste ANG 25 000 onderscheidenlijk AWG 25 000. Gedragingen in strijd met artikel 55 worden gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste drie jaren of geldboete van ten hoogste € 11 250, dan wel indien de geldboete wordt opgelegd door de strafrechter in de Nederlandse Antillen of Aruba, een geldboete van ten hoogste ANG 25 000 onderscheidenlijk AWG 25 000. -**2.** De in artikel 56, tweede lid, bedoelde overtredingen worden, behoudens de gedragingen in strijd met artikel 39, eerste lid, gestraft met hechtenis van ten hoogste vier maanden of een geldboete van ten hoogste € 4.500, of, indien de geldboete wordt opgelegd door de strafrechter in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba, een geldboete van ten hoogste USD 5.600,–, dan wel, indien de geldboete wordt opgelegd door de strafrechter in Aruba, Curaçao of Sint Maarten, een geldboete van ten hoogste AWG 10.000,– onderscheidenlijk ANG 10.000,–. Gedragingen in strijd met artikel 39, eerste lid, worden gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of een geldboete van ten hoogste € 2.250, of, indien de geldboete wordt opgelegd door de strafrechter in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba, een geldboete van ten hoogste USD 2.800,–, dan wel, indien de geldboete wordt opgelegd door de strafrechter in Aruba, Curaçao of Sint Maarten, een geldboete van ten hoogste AWG 5.000,– onderscheidenlijk ANG 5.000,–. +**2.** De in artikel 56, tweede lid, bedoelde overtredingen worden, behoudens de gedragingen in strijd met artikel 39, eerste lid, gestraft met hechtenis van ten hoogste vier maanden of geldboete van ten hoogste € 4 500, dan wel indien de geldboete wordt opgelegd door de strafrechter in de Nederlandse Antillen of Aruba, een geldboete van ten hoogste ANG 10 000 onderscheidenlijk AWG 10 000. Gedragingen in strijd met artikel 39, eerste lid, worden gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van ten hoogste € 2 250, dan wel indien de geldboete wordt opgelegd door de strafrechter in de Nederlandse Antillen of Aruba, een geldboete van ten hoogste ANG 5 000 onderscheidenlijk AWG 5 000. ### Artikel 58 -Overtreding van het bepaalde bij of krachtens algemene maatregel van rijksbestuur wordt, voor zover die overtreding uitdrukkelijk als strafbaar feit is aangemerkt, gestraft met hechtenis van ten hoogste vier maanden of een geldboete van ten hoogste € 4.500,– of, indien de geldboete wordt opgelegd door de strafrechter in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba, een geldboete van ten hoogste USD 5.600,–, dan wel, indien de geldboete wordt opgelegd door de strafrechter in Aruba, Curaçao of Sint Maarten, een geldboete van ten hoogste AWG 10.000,– onderscheidenlijk ANG 10.000,–. +Overtreding van het bepaalde bij of krachtens algemene maatregel van rijksbestuur wordt, voor zover die overtreding uitdrukkelijk als strafbaar feit is aangemerkt, gestraft met hechtenis van ten hoogste vier maanden of geldboete van ten hoogste € 4 500, dan wel indien de geldboete wordt opgelegd door de strafrechter in de Nederlandse Antillen of Aruba, een geldboete van ten hoogste ANG 10 000 onderscheidenlijk AWG 10 000. ### Artikel 59 @@ -706,9 +706,9 @@ Indien de eigendom van een schip behoort aan een rechtspersoon, worden voor toep ### Artikel 63 -**1.** Met de opsporing van de bij of krachtens deze rijkswet strafbaar gestelde feiten zijn, onverminderd artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering en de overeenkomstige wetsbepalingen van Aruba, Curaçao of Sint Maarten, belast de ambtenaren met de in- of uitklaring belast, de Nederlandse consulaire ambtenaren en de ambtenaren die daartoe door de overheid in Aruba, Curaçao of Sint Maarten worden aangewezen, alsmede de ambtenaren van de Scheepvaartinspectie. +**1.** Met de opsporing van de bij of krachtens deze rijkswet strafbaar gestelde feiten zijn, onverminderd artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering en de overeenkomstige wetsbepalingen van de Nederlandse Antillen en van Aruba, belast de ambtenaren met de in- of uitklaring belast, de Nederlandse consulaire ambtenaren en de ambtenaren die daartoe door de overheid in de Nederlandse Antillen of in Aruba worden aangewezen, alsmede de ambtenaren van de Scheepvaartinspectie. -**2.** De door eenen Nederlandschen consulairen ambtenaar of eenen, in het vorige lid bedoelden, ambtenaar in Aruba, Curaçao of Sint Maarten opgemaakte processen-verbaal gelden als wettig bewijsmiddel der door hen geconstateerde daarin omschreven strafbare feiten, mits zij bevestigd worden door zijnen daarin opgenomen schriftelijken eed (belofte). +**2.** De door eenen Nederlandschen consulairen ambtenaar of eenen, in het vorige lid bedoelden, ambtenaar in de Nederlandse Antillen of in Aruba opgemaakte processen-verbaal gelden als wettig bewijsmiddel der door hen geconstateerde daarin omschreven strafbare feiten, mits zij bevestigd worden door zijnen daarin opgenomen schriftelijken eed (belofte). **3.** De in het eerste lid van dit artikel bedoelde ambtenaren zijn te allen tijde bevoegd om al datgene, wat dienen kan tot het bewijs van het strafbaar gestelde feit, in beslag te nemen en de uitlevering daarvan, ter inbeslagneming, te vorderen. @@ -740,7 +740,7 @@ Vervallen **1.** -Op een schip van vreemde nationaliteit waarmede vanuit een haven in Aruba, Curaçao of Sint Maarten of in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba een reis zal worden ondernomen, en dat niet ingevolge de artikelen 2 of 2*bis* onder de bepalingen van deze rijkswet valt, zijn de in het tweede en derde lid genoemde bepalingen op een naar het oordeel van het Hoofd van de Scheepvaartinspectie overeenkomstige wijze van toepassing indien: +Op een schip van vreemde nationaliteit waarmede vanuit een haven in de Nederlandse Antillen of Aruba een reis zal worden ondernomen, en dat niet ingevolge de artikelen 2 of 2*bis* onder de bepalingen van deze rijkswet valt, zijn de in het tweede en derde lid genoemde bepalingen op een naar het oordeel van het Hoofd van de Scheepvaartinspectie overeenkomstige wijze van toepassing indien: a. ten aanzien van de onderwerpen genoemd in het tweede lid, in het land waartoe het schip door zijn nationaliteit behoort, geen bepalingen van kracht zijn, dan wel bepalingen van kracht zijn die naar het oordeel van het Hoofd van de Scheepvaartinspectie in onvoldoende mate een overeenkomstige strekking en draagwijdte hebben als de hier te lande geldende wettelijke bepalingen, ofwel b. in het land waartoe het schip door zijn nationaliteit behoort wel voldoende bepalingen van kracht zijn en deze bepalingen aldaar ook op Nederlandse schepen worden toegepast, ofwel @@ -775,7 +775,7 @@ Wanneer een schip krachtens het bepaalde in het vorige artikel is aangehouden, w Onafhankelijk van het bepaalde in artikel 67 is een ambtenaar van de Scheepvaartinspectie gerechtigd tot aanhouding van een schip van vreemde nationaliteit dat niet ingevolge de artikelen 2 of 2bis onder de bepalingen van deze rijkswet valt, indien dit schip: -a. vanuit een haven in Aruba, Curaçao of Sint Maarten of in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba een reis zal ondernemen, en +a. vanuit een haven in de Nederlandse Antillen of Aruba een reis zal ondernemen, en b. tengevolge van de ondeugdelijke toestand van de romp, de werktuigen, de inrichting of de uitrusting, of ten gevolge van een ondoelmatige belading dan wel een onvoldoende bemand zijn, een gevaar voor de opvarenden oplevert. **2.** @@ -791,7 +791,7 @@ b. Hoofdstuk VI, paragraaf 1 en 2, met uitzondering van het bepaalde in de artik **5.** Deelt deze persoon de ongunstige mening van de ambtenaar niet, dan kan tegen de aanhouding beroep worden ingesteld, overeenkomstig de bepalingen van Hoofdstuk II, § 4. -**6.** In het Europese deel van Nederland en in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba is afdeling 5.3 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing op de in het eerste en tweede lid bedoelde bevoegdheid. +**6.** In Nederland is afdeling 5.3 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing op de in het eerste en tweede lid bedoelde bevoegdheid. ### Artikel 69a @@ -799,7 +799,7 @@ De toepasselijkheid van de artikelen 67 tot en met 69 op schepen van vreemde nat ### Artikel 70 -**1.** Indien een schip van Nederlandsche nationaliteit, dat krachtens artikel 2 van de toepassing van deze rijkswet is uitgezonderd, door eene scheepsramp wordt getroffen, wordt naar de oorzaken daarvan een onderzoek ingesteld. Deze bepaling is mede van toepassing op vaartuigen in openbare dienst van het Rijk, geene zeeschepen zijnde, en op schepen van vreemde nationaliteit, indien de scheepsramp heeft plaats gehad op of in de nabijheid van de kusten en zeegaten, dan wel in of in de nabijheid van havens van Nederland, Aruba, Curaçao of Sint Maarten. +**1.** Indien een schip van Nederlandsche nationaliteit, dat krachtens artikel 2 van de toepassing van deze rijkswet is uitgezonderd, door eene scheepsramp wordt getroffen, wordt naar de oorzaken daarvan een onderzoek ingesteld. Deze bepaling is mede van toepassing op vaartuigen in openbare dienst van het Rijk, geene zeeschepen zijnde, en op schepen van vreemde nationaliteit, indien de scheepsramp heeft plaats gehad op of in de nabijheid van de Nederlandsche kust of in de Nederlandsche zeegaten en havens met hunne toegangen naar zee dan wel op of in de nabijheid van de kust van de Nederlandse Antillen of van Aruba of in een haven van een van beide landen. **2.** Bij een onderzoek, als in het eerste lid bedoeld, worden de bepalingen van Hoofdstuk IV in acht genomen, met uitzondering van die, vervat in de artikelen 34 tot en met 41. @@ -811,7 +811,7 @@ Vervallen **1.** Onze Minister stelt de tarieven vast voor de vergoedingen, verschuldigd door degenen ten behoeve van wie werkzaamheden of diensten door de ambtenaren van het betrokken land van het Koninkrijk zijn verricht. -**2.** Een tariefregeling wordt bekendgemaakt in de Staatscourant, in het Afkondigingsblad van Aruba, in de Curaçaose Courant en in de Landscourant van Sint Maarten. +**2.** Een tariefregeling wordt bekendgemaakt in de *Staatscourant*, in de *Curaçaosche Courant* en in het *Afkondigingsblad van Aruba*. ### Artikel 73