2024-11-14 | BWBR0049711 | Nadere voorschriften controle- en overige Standaarden
This commit is contained in:
parent
e0b7ada2ce
commit
04d2a2ffdc
1 changed files with 6 additions and 7 deletions
|
|
@ -1080,7 +1080,7 @@ Indien de accountant concludeert dat aanvullende uiteenzetting in de controlever
|
|||
|
||||
**A1**
|
||||
|
||||
De in Nederland geldende wet- en regelgeving inzake kwaliteitsmanagement45De in Nederland geldende wet- en regelgeving op het gebied van kwaliteitsmanagement omvat de Wet toezicht accountantsorganisaties, het Besluit toezicht accountantsorganisaties, de Verordening accountantsorganisaties en de Nadere Voorschriften Kwaliteitssystemen. behandelt de verantwoordelijkheden van de accountantseenheid met betrekking tot het aanvaarden en continueren van cliëntrelaties en specifieke opdrachten. De verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot ethische voorschriften, waaronder onafhankelijkheidsvoorschriften, in de context van de aanvaarding van een controleopdracht en voor zover zij onder de zeggenschap van de accountant vallen, worden behandeld in Standaard 22046Standaard 220, paragrafen 16–21.. Deze Standaard behandelt die aangelegenheden (of randvoorwaarden) die onder de zeggenschap van de entiteit vallen en waarover het management en de accountant overeenstemming dienen te bereiken.
|
||||
De in Nederland geldende wet- en regelgeving inzake kwaliteitsmanagement45De in Nederland geldende wet- en regelgeving op het gebied van kwaliteitsmanagement omvat de Wet toezicht accountantsorganisaties, het Besluit toezicht accountantsorganisaties, de Verordening accountantsorganisaties en de Nadere Voorschriften Kwaliteitssystemen. behandelt de verantwoordelijkheden van de accountantseenheid met betrekking tot het aanvaarden en continueren van cliëntrelaties en specifieke opdrachten. De verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot relevante ethische voorschriften, waaronder onafhankelijkheidsvoorschriften, in de context van de aanvaarding van een controleopdracht en voor zover zij onder de zeggenschap van de accountant vallen, worden behandeld in Standaard 22046Standaard 220, paragrafen 16–21.. Deze Standaard behandelt die aangelegenheden (of randvoorwaarden) die onder de zeggenschap van de entiteit vallen en waarover het management en de accountant overeenstemming dienen te bereiken.
|
||||
|
||||
(Zie Par. 6(a))
|
||||
|
||||
|
|
@ -2534,7 +2534,7 @@ Controledocumentatie verschaft informatie die aantoont dat de controle aan de St
|
|||
• met betrekking tot de vereisten die in het algemeen gedurende de gehele controle van toepassing zijn, kan op een aantal manieren in het controledossier worden aangetoond dat deze vereisten worden nageleefd:
|
||||
|
||||
○ het kan bijvoorbeeld voorkomen dat op geen enkele manier is gedocumenteerd dat de accountant blijk heeft gegeven van een professioneel-kritische instelling. Niettemin kan de controledocumentatie informatie verschaffen die aantoont dat de accountant overeenkomstig de Standaarden een professioneel-kritische instelling aanneemt. Bijvoorbeeld met betrekking tot schattingen, wanneer de verkregen controle-informatie informatie bevat die de beweringen van het management zowel bevestigt als tegenspreekt, wordt gedocumenteerd hoe de accountant die informatie heeft geëvalueerd, waaronder de professionele oordeelsvormingen die zijn gemaakt om een conclusie te formuleren met betrekking tot de toereikendheid en geschiktheid van de verkregen controle-informatie.
|
||||
○ tevens kan op verschillende manieren in de controledocumentatie worden aangetoond dat de opdrachtpartner de verantwoordelijkheid op zich heeft genomen voor de aansturing van en het toezicht op het opdrachtteam en de beoordeling van hun werkzaamheden100Standaard 220, paragraaf 29. De controledocumentatie kan onder meer documentatie bevatten die de voldoende en passende betrokkenheid van de opdrachtpartner bij de controle aantoont, zoals het deelnemen aan teambesprekingen.
|
||||
○ tevens kan op verschillende manieren in de controledocumentatie worden aangetoond dat de opdrachtpartner de verantwoordelijkheid op zich heeft genomen voor de aansturing van en het toezicht op het opdrachtteam en de beoordeling van hun werkzaamheden100Standaard 220, paragraaf 29. De controledocumentatie kan onder meer documentatie bevatten die de voldoende en passende betrokkenheid van de opdrachtpartner bij de controle aantoont, zoals het deelnemen aan besprekingen van het opdrachtteam.
|
||||
|
||||
(Zie Par. 8(c))
|
||||
|
||||
|
|
@ -2746,7 +2746,7 @@ Standaard 315 vereist dat een bespreking tussen de leden van het opdrachtteam wo
|
|||
|
||||
**17**
|
||||
|
||||
Bij de uitvoering van risico-inschattingswerkzaamheden en daarmee verband houdende werkzaamheden gericht op het verwerven van inzicht in de entiteit en haar omgeving, het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving en haar systeem van interne beheersing, zoals op grond van Standaard 315 wordt vereist, dient de accountant de in de paragrafen 23–43 genoemde werkzaamheden uit te voeren teneinde informatie te verkrijgen voor gebruik bij het identificeren van de risico's op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude.
|
||||
Bij de uitvoering van risico-inschattingswerkzaamheden en daarmee verband houdende werkzaamheden gericht op het verwerven van inzicht in de entiteit en haar omgeving, het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving en haar systeem van interne beheersing, zoals op grond van Standaard 315 wordt vereist, dient de accountant de in de paragrafen 18–25 genoemde werkzaamheden uit te voeren teneinde informatie te verkrijgen voor gebruik bij het identificeren van de risico's op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude.
|
||||
|
||||
**18**
|
||||
|
||||
|
|
@ -3143,7 +3143,7 @@ De risico's op fraude bij de verantwoording van opbrengsten kunnen in sommige en
|
|||
|
||||
Het is mogelijk dat de veronderstelling dat bij de verantwoording van opbrengsten frauderisico's bestaan wordt weerlegd. De accountant kan bijvoorbeeld tot de conclusie komen dat er met betrekking tot de verantwoording van opbrengsten geen risico bestaat op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude als er sprake is van één soort van eenvoudige opbrengstgenererende transacties, bijvoorbeeld de huuropbrengst voor één bepaald onroerend goed.
|
||||
|
||||
(Zie Par. 27)
|
||||
(Zie Par. 28)
|
||||
|
||||
**A32**
|
||||
|
||||
|
|
@ -21358,8 +21358,7 @@ c. **de mogelijkheid tot het beëindigen van de benoeming als controlerend accou
|
|||
|
||||
**41A**
|
||||
|
||||
*
|
||||
Indien de accountant bij de beoordelingsopdracht van tussentijdse financiële overzichten aanwijzingen van fraude en/of onwettig handelen ontdekt, dient hij met betrekking tot deze aanwijzingen te handelen overeenkomstig hetgeen is voorgeschreven in Standaard 240 ‘De verantwoordelijkheid van de accountant met betrekking tot fraude in het kader van een controle van financiële overzichten’ en Standaard 250 ‘Het in overweging nemen van de wet- en regelgeving bij een controle van financiële overzichten’ te handelen. De accountant houdt hierbij rekening met de aard en reikwijdte van de opdracht.*
|
||||
**Indien de accountant bij de beoordelingsopdracht van tussentijdse financiële overzichten aanwijzingen van fraude en/of onwettig handelen ontdekt, dient hij met betrekking tot deze aanwijzingen te handelen overeenkomstig hetgeen is voorgeschreven in Standaard 240 ‘De verantwoordelijkheid van de accountant met betrekking tot fraude in het kader van een controle van financiële overzichten’ en Standaard 250 ‘Het in aanmerking nemen van de wet- en regelgeving bij een controle van financiële overzichten’. **De accountant houdt hierbij rekening met de aard en reikwijdte van de opdracht.
|
||||
|
||||
**42**
|
||||
|
||||
|
|
@ -31338,7 +31337,7 @@ Wanneer de accountant tijdens de uitvoering van de opdracht informatie verkrijgt
|
|||
23. Indien de opdrachtbevestiging niet door de begeleidende bank wordt ondertekend, dient het dossier van de accountant een vastlegging te bevatten over de afstemming die de accountant met de begeleidende bank heeft gehad over de inhoud van de comfort letter. (Zie Par. A15)
|
||||
24. Vanwege de doelstelling van de comfort letter wordt benadrukt dat de accountant een comfort letter, behalve aan de uitgevende entiteit, alleen dient te verstrekken en te adresseren aan die partijen die om aansprakelijkheidsredenen een due diligence onderzoek uitvoeren op de inhoud van het prospectus (bijvoorbeeld aan de begeleidende bank bij een door hem getekende underwriting agreement) of die een opdrachtbevestiging hebben getekend. De begeleidende bank voert onder meer een due diligence onderzoek uit ten aanzien van de status van de uitgevende entiteit en de juistheid en volledigheid van de in het prospectus opgenomen informatie en mededelingen in het licht van de vereisten voor de aanbieding van effecten. (Zie Par. A16, A17, A18, A19, A20, A21 en A22)
|
||||
25. Indien de accountant, als onderdeel van het due diligence onderzoek van de banken, over de controle van de financiële overzichten bevraagd wordt door de begeleidende bank, dient de accountant schriftelijke toestemming tot het verstrekken van de gegevens of inlichtingen te verkrijgen van de uitgevende instelling. (Zie Par. A23).
|
||||
26. Wanneer de accountant geen goedkeurende controleverklaring (bijvoorbeeld een verklaring met beperking) heeft verstrekt, bij een of meerdere financiële overzichten die in het prospectus zijn opgenomen of wanneer de controleverklaring een benadrukkingsparagraaf of paragraaf over overige aangelegenheden bevat, dan dient de accountant na te gaan welke gevolgen dit heeft voor in de comfort letter vermelde werkzaamheden en de rapportage hierover, waaronder de werkzaamheden op en rapportage over wijzigingen in gespecificeerde posten in de veranderingsperiode. (Zie Par. 26 e.v.)
|
||||
26. Wanneer de accountant geen goedkeurende controleverklaring (bijvoorbeeld een verklaring met beperking) heeft verstrekt, bij een of meerdere financiële overzichten die in het prospectus zijn opgenomen of wanneer de controleverklaring een benadrukkingsparagraaf of paragraaf over overige aangelegenheden bevat, dan dient de accountant na te gaan welke gevolgen dit heeft voor in de comfort letter vermelde werkzaamheden en de rapportage hierover, waaronder de werkzaamheden op en rapportage over wijzigingen in gespecificeerde posten in de veranderingsperiode. (Zie Par. A26 e.v.)
|
||||
|
||||
27. De accountant dient werkzaamheden uit te voeren in de veranderingsperiode bestaande uit een periode waarvoor financiële informatie beschikbaar is die gelezen kunnen worden en uit een periode waarvoor geen financiële informatie beschikbaar is. Voor het deel van de veranderingsperiode na de laatste beschikbare tussentijdse financiële informatie tot aan de cut-off date van de comfort letter, bestaan de werkzaamheden uit ten minste het lezen van notulen en verzoeken om inlichtingen bij het bestuur. (Zie Par. A24, A25 en A26)
|
||||
28. Voordat de accountant over de tussentijdse financiële informatie rapporteert, dient de accountant vast te stellen dat deze is opgesteld in overeenstemming met de verslaggevingsgrondslagen welke zijn gehanteerd in het laatste door de accountant gecontroleerde of beoordeelde financieel overzicht. Verschillen kunnen voortkomen uit het ontbreken van boekingen omtrent:
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue