2021-01-30 | BWBR0044317 | Tijdelijke wet verkiezingen covid-19
This commit is contained in:
parent
c4126a321f
commit
066da814e4
1 changed files with 520 additions and 35 deletions
|
|
@ -3,7 +3,7 @@ titel: Tijdelijke wet verkiezingen covid-19
|
|||
bwb_id: BWBR0044317
|
||||
type: wet
|
||||
status: geldend
|
||||
datum_inwerkingtreding: '2020-11-07'
|
||||
datum_inwerkingtreding: '2021-01-27'
|
||||
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0044317
|
||||
citeertitel: Tijdelijke wet verkiezingen covid-19
|
||||
---
|
||||
|
|
@ -17,7 +17,7 @@ citeertitel: Tijdelijke wet verkiezingen covid-19
|
|||
In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
|
||||
|
||||
a. *coronavirus:* het coronavirus SARS-CoV-2 dat de ziekte covid-19 kan veroorzaken;
|
||||
b. *gezondheidscheck:* beantwoording van de in de ministeriële regeling opgenomen vragen door een kiezer, een stembureaulid of een waarnemer als bedoeld in artikel 13, om na te gaan:
|
||||
b. *gezondheidscheck:* beantwoording van de in de ministeriële regeling opgenomen vragen door een kiezer, een stembureaulid, een waarnemer als bedoeld in artikel 13 of een ander persoon die het stembureau ten dienste wordt gesteld of bijstaat op de locatie waar en gedurende de periode dat het stembureau zitting houdt, om na te gaan:
|
||||
|
||||
i. of de genoemde personen of hun huisgenoot of huisgenoten gezondheidsklachten hebben die verband houden met het coronavirus;
|
||||
ii. of bij de genoemde personen of bij hun huisgenoot of huisgenoten voorafgaand aan de dag van de stemming covid-19 is vastgesteld; en
|
||||
|
|
@ -25,27 +25,136 @@ iii. of de genoemde personen in quarantaine zijn.
|
|||
c. *hygiënemaatregelen:* maatregelen betreffende de inrichting van een stemlokaal of aldaar te gebruiken voorwerpen of materialen, of het treffen van voorzieningen ten behoeve van de reinheid teneinde besmetting met of overdracht van het coronavirus zoveel mogelijk te voorkomen;
|
||||
d. *persoonlijke beschermingsmiddelen:* uitrusting die bestemd is om te worden gedragen of vastgehouden teneinde de eigen of een andere persoon zoveel mogelijk te beschermen tegen overdracht van het coronavirus.
|
||||
e. *gebouw:* een gebouw als bedoeld in artikel 1 van de Woningwet.
|
||||
f. *stempluspas:* een stempas waarmee ook per brief kan worden gestemd.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 2. Tijdelijke regel over de inlevering van de kandidatenlijsten
|
||||
### Paragraaf 1a. De Kiesraad
|
||||
|
||||
### Artikel 1a
|
||||
|
||||
**1.** Op voordracht van de Kiesraad wordt ten behoeve van zittingen waarin hij als centraal stembureau optreedt, bij koninklijk besluit een voldoend aantal plaatsvervangende leden benoemd. Artikel A 5, derde lid, eerste zin, van de Kieswet alsmede de artikelen 9, 13, en 14 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen zijn van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**2.** Bij ontstentenis van een lid om een zitting bij te wonen waarin de Kiesraad optreedt als centraal stembureau, treedt een door de voorzitter van de Kiesraad aan te wijzen plaatsvervangend lid op.
|
||||
|
||||
**3.** Het plaatsvervangend lidmaatschap van de Kiesraad vervalt van rechtswege op het moment dat deze wet vervalt.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 1b. Verlenging termijn voor vaststelling verkiezingsuitslag
|
||||
|
||||
### Artikel 1b
|
||||
|
||||
Voor de toepassing van hoofdstuk C van de Kieswet wordt in dat hoofdstuk steeds gelezen in plaats van:
|
||||
|
||||
a. de donderdag: de woensdag;
|
||||
b. de eerstvolgende donderdag: de eerstvolgende woensdag;
|
||||
c. 23 tot en met 29 maart: 28 maart tot en met 4 april;
|
||||
d. 19 tot en met 25 mei: 24 tot en met 31mei.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 1c. Tijdelijke regels over stembureaus en hoofdstembureaus
|
||||
|
||||
### Artikel 1c
|
||||
|
||||
In afwijking van het bepaalde bij en krachtens artikel E 3, derde lid, van de Kieswet bestaat een stembureau uit ten minste vier leden waarvan er één voorzitter is.
|
||||
|
||||
### Artikel 1d
|
||||
|
||||
1. Voor de toepassing van artikel E 5, derde lid, van de Kieswet wordt in plaats van «drie plaatsvervangende leden» gelezen: een voldoend aantal plaatsvervangende leden.
|
||||
2. Indien meer dan drie plaatsvervangende leden zijn benoemd, vervalt de benoeming van de boven dit aantal benoemde leden, in afwijking van artikel E 8, eerste volzin, van de Kieswet van rechtswege op het moment dat deze wet vervalt.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 2. Tijdelijke regels over de kandidaatstelling
|
||||
|
||||
### Artikel 2
|
||||
|
||||
In afwijking van artikel H 4, derde lid, eerste volzin, van de Kieswet bedraagt de termijn voor de ondertekening van een verklaring van ondersteuning vier weken.
|
||||
|
||||
### Artikel 2a
|
||||
|
||||
In afwijking van artikel I 2, tweede lid, van de Kieswet kan degene die de lijst heeft ingeleverd binnen een termijn van twee dagen na de zitting, bedoeld in artikel I 1, eerste lid, van de Kieswet het verzuim of de verzuimen, in de kennisgeving aangeduid, herstellen bij het centraal stembureau, tussen negen en zeventien uur.
|
||||
|
||||
### Artikel 2b
|
||||
|
||||
Voor de toepassing van artikel I 4, eerste volzin, van de Kieswet wordt in plaats van «Op de laatste dag van de termijn, genoemd in artikel I 2, tweede lid,» gelezen «Op de derde dag na de zitting, bedoeld in artikel I 1, eerste lid, van de Kieswet» en in plaats van «die om zestien uur aanvangt» wordt gelezen: die om tien uur aanvangt.
|
||||
|
||||
### Artikel 2c
|
||||
|
||||
**1.** Het bepaalde bij of krachtens artikel 9, eerste lid, derde en vierde volzin, tweede tot en met vierde, zevende en negende lid, is van overeenkomstige toepassing op de locatie waar het centraal stembureau de in artikel I 4 van de Kieswet bedoelde zitting houdt en op daarbij aanwezige personen.
|
||||
|
||||
**2.** Toepassing van artikel 9, derde lid, geschiedt met dien verstande dat de voorzitter de gezondheidscheck afneemt bij de andere leden van het centraal stembureau. De plaatsvervangend voorzitter neemt de gezondheidscheck af bij de voorzitter.
|
||||
|
||||
**3.** Het centraal stembureau draagt er zorg voor dat in de ruimte waar de openbare zitting plaatsvindt alsook bij de ingang daarvan de aanwijzingen worden gegeven die nodig zijn om de naleving van artikel 58f, eerste lid, van de Wet publieke gezondheid of het bepaalde bij of krachtens artikel 9 door de bij de openbare zitting aanwezige personen te verzekeren.
|
||||
|
||||
### Artikel 2d
|
||||
|
||||
**1.** In aanvulling op artikel I 4 van de Kieswet wordt onder openbaar tevens verstaan dat de zitting in een digitale omgeving door de leden en geïnteresseerden kan worden bijgewoond. Daarnaast dienen geïnteresseerden de zitting op afstand te kunnen volgen door middel van een live-verbinding.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
Een zitting bedoeld in het eerste lid vindt slechts doorgang voor zover:
|
||||
|
||||
a. ieder lid afzonderlijk digitaal toegang heeft tot de zitting;
|
||||
b. de leden zichtbaar en hoorbaar herkenbaar zijn op een zodanige wijze dat hun identiteit kan worden vastgesteld;
|
||||
c. de andere deelnemers zichtbaar en hoorbaar kunnen zijn voor zover de voorzitter hen het woord verleent; en
|
||||
d. de voorzitter in staat is de orde te handhaven.
|
||||
|
||||
**3.** Onverminderd artikel I 18, tweede lid, van de Kieswet kunnen personen die de zitting in een digitale omgeving bijwonen bezwaren inbrengen. De ingebrachte bezwaren zijn geen bezwaren in de zin van artikel 7:1 van de Algemene wet bestuursrecht.
|
||||
|
||||
**4.** Bij de bekendmaking, bedoeld in artikel I 18, derde lid, onder b, van de Kieswet wordt tevens mededeling gedaan van de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan het eerste en derde lid.
|
||||
|
||||
### Artikel 2e
|
||||
|
||||
**1.** In aanvulling op artikel I 18, eerste lid, van de Kieswet wordt het proces-verbaal achtereenvolgens door de voorzitter en alle fysiek aanwezige leden van het centraal stembureau ondertekend.
|
||||
|
||||
**2.** Een lid van het centraal stembureau dat de openbare zitting in een digitale omgeving op afstand bijwoont, maakt daarin door middel van een openbare wilsuitdrukking kenbaar of de voorzitter het proces-verbaal namens hem mag ondertekenen.
|
||||
|
||||
### Artikel 2f
|
||||
|
||||
In afwijking van artikel I 18, eerste lid, van de Kieswet maakt het centraal stembureau het proces-verbaal met weglating van de ondertekening onverwijld op een algemeen toegankelijke wijze elektronisch openbaar.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 3. Tijdelijke regels over de stemming
|
||||
|
||||
### Artikel 2g
|
||||
|
||||
**1.** Burgemeester en wethouders wijzen stembureaus aan die, in afwijking van artikel J 1, eerste lid, van de Kieswet, al op de eerste of de tweede dag voorafgaand aan de dag van de stemming zitting houden. Op deze dagen vangt de stemming aan om zeven uur dertig en duurt tot eenentwintig uur.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
Het aantal aan te wijzen stembureaus, bedoeld in het eerste lid, bedraagt op beide dagen ten minste:
|
||||
|
||||
a. in een gemeente met minder dan 10.000 kiesgerechtigden: 1;
|
||||
b. in een gemeente met 10.000 tot 30.000 kiesgerechtigden: 2;
|
||||
c. in een gemeente met 30.000 tot 60.000 kiesgerechtigden: 4;
|
||||
d. in een gemeente met 60.000 tot 100.000 kiesgerechtigden: 8;
|
||||
e. in een gemeente met 100.000 tot 350.000 kiesgerechtigden: 10;
|
||||
f. in een gemeente met 350.000 of meer kiesgerechtigden: 20.
|
||||
|
||||
**3.** Bij het aanwijzen van stemlokalen voor de stembureaus, bedoeld in het eerste lid, dragen burgemeester en wethouders er zorg voor dat deze op ten minste zoveel verschillende adressen gelegen zijn als het aantal, genoemd in het tweede lid.
|
||||
|
||||
**4.** De stemopneming van de stembureaus, bedoeld in het eerste lid, geschiedt op de dag van de stemming en vangt aan op een door burgemeester en wethouders vast te stellen en bekend te maken tijdstip en plaats.
|
||||
|
||||
**5.** De burgemeester brengt de aanwijzingen, de dagen en de zittingstijden waarop de stemming plaatsvindt alsmede de plaatsen, dagen en het tijdstip waarop de stemopneming aanvangt ten minste veertien dagen voor de dag van de stemming ter openbare kennis.
|
||||
|
||||
### Artikel 3
|
||||
|
||||
**1.** Burgemeester en wethouders kunnen in hun gemeente bijzondere stembureaus aanwijzen als bedoeld in artikel J 1, derde lid, van de Kieswet en daarvan de toegang beperken tot kiezers die wonen of verblijven op de locaties waar deze stembureaus zitting houden.
|
||||
|
||||
**2.** Artikel J 1, derde en vierde lid, van de Kieswet is van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 3a
|
||||
|
||||
**1.** Burgemeester en wethouders kunnen in hun gemeente bijzondere stembureaus aanwijzen als bedoeld in artikel J 1, derde lid, van de Kieswet dan wel artikel 3 die, in afwijking van artikel J 1, eerste lid, van de Kieswet, al op de eerste of de tweede dag voorafgaand aan de dag van de stemming zitting houden.
|
||||
|
||||
**2.** Voor de toepassing van artikel J 1, derde lid, van de Kieswet wordt in die bepaling voor «voor de stemming» gelezen: voor de dag van de stemming.
|
||||
|
||||
### Artikel 4
|
||||
|
||||
**1.** Burgemeester en wethouders kunnen in hun gemeente mobiele stembureaus aanwijzen als bedoeld in artikel J 4a van de Kieswet en daarvan de toegang beperken tot kiezers die wonen of verblijven op de locaties waar deze stembureaus zitting houden.
|
||||
|
||||
**2.** Artikel J 4a van de Kieswet is van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 4a
|
||||
|
||||
**1.** Burgemeester en wethouders kunnen in hun gemeente mobiele stembureaus aanwijzen als bedoeld in artikel J 4a van de Kieswet dan wel artikel 4 die, in afwijking van artikel J 1, eerste lid, van de Kieswet, al op de eerste of de tweede dag voorafgaand aan de dag van de stemming zitting houden.
|
||||
|
||||
**2.** Voor de toepassing van artikel J 1, derde lid, van de Kieswet wordt in die bepaling voor «voor de stemming» gelezen: voor de dag van de stemming.
|
||||
|
||||
### Artikel 5
|
||||
|
||||
**1.** Indien de omstandigheden in verband met het coronavirus daartoe nopen, kunnen burgemeester en wethouders tot een dag voor de dag van de stemming een andere dan een eerder aangewezen locatie aanwijzen voor de zitting van een stembureau, alsook een stembureau aanwijzen in de zin van de artikelen 3 en 4.
|
||||
|
|
@ -54,17 +163,57 @@ In afwijking van artikel H 4, derde lid, eerste volzin, van de Kieswet bedraagt
|
|||
|
||||
### Artikel 6
|
||||
|
||||
Burgemeester en wethouders kunnen voor een stembureau, niet zijnde een stembureau als bedoeld in de artikelen 3 of 4 dan wel de artikelen J 1, derde lid, of J 4a, eerste lid, van de Kieswet, ook een stemlokaal aanwijzen dat uitsluitend geschikt is voor het houden van een zitting voor zover het de stemming betreft. In dat geval wijzen zij daarnaast de locatie aan waar de stemopneming wordt voortgezet. Beide locaties maken deel uit van de kennisgeving, bedoeld in artikel J 4, eerste lid, derde volzin, van de Kieswet.
|
||||
Burgemeester en wethouders kunnen voor een stembureau, niet zijnde een stembureau als bedoeld in de artikelen 3 of 4 dan wel de artikelen J 1, derde lid, of J 4a, eerste lid, van de Kieswet, ook een stemlokaal aanwijzen dat uitsluitend geschikt is voor het houden van een zitting voor zover het de stemming betreft. In dat geval wijzen zij daarnaast de locatie aan waar de stemopneming plaatsvindt. Beide locaties maken deel uit van de kennisgeving, bedoeld in artikel J 4, eerste lid, derde volzin, van de Kieswet.
|
||||
|
||||
### Artikel 7
|
||||
|
||||
In afwijking van de artikelen J 5, eerste lid, en K 1, eerste lid, van de Kieswet kan de kiezer niet deelnemen aan de stemming in een stembureau als bedoeld in de artikelen 3 en 4, tenzij hij toegang heeft tot de locatie waar het stembureau zitting houdt.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 4. Tijdelijke regels over het stembureau
|
||||
### Paragraaf 3a. Tijdelijke regels over de oproeping tot de stemming
|
||||
|
||||
### Artikel 7a
|
||||
|
||||
**1.** Voor de toepassing van artikel J 7, eerste volzin, van de Kieswet wordt voor «voor de stemming» gelezen: voor de dag van de stemming.
|
||||
|
||||
**2.** Daags na de dag van de kandidaatstelling zijn de gegevens beschikbaar voor het personaliseren van de stempassen ten behoeve van het bepaalde in artikel J 7 van de Kieswet.
|
||||
|
||||
### Artikel 7b
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
In afwijking van artikel J 7, eerste volzin, van de Kieswet ontvangt elke kiezer die bevoegd is om aan de stemming deel te nemen en die op de dag van de stemming de leeftijd van zeventig jaar heeft bereikt van de burgemeester van de gemeente waar hij op de dag van de kandidaatstelling als kiezer is geregistreerd:
|
||||
|
||||
a. een briefstembiljet;
|
||||
b. een geadresseerde retourenveloppe;
|
||||
c. een stempluspas;
|
||||
d. een enveloppe voor het stembiljet; en
|
||||
e. een handleiding voor de kiezer.
|
||||
|
||||
**2.** De kiesgerechtigde ontvangt de stukken, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, b, d en e, zo spoedig mogelijk.
|
||||
|
||||
**3.** Tenzij deze wet anders bepaalt wordt voor de toepassing van de bepalingen bij of krachtens de Kieswet onder stempas mede verstaan: stempluspas.
|
||||
|
||||
**4.** Bij ministeriële regeling worden modellen vastgesteld voor de stukken, bedoeld in het eerste lid.
|
||||
|
||||
### Artikel 7c
|
||||
|
||||
**1.** Voor de toepassing van artikel J 7a, eerste lid, van de Kieswet wordt in die bepaling voor «de dag voor de stemming» gelezen: op de vijfde dag voor de dag van de stemming na zeventien uur.
|
||||
|
||||
**2.** Voor de toepassing van artikel J 7a, tweede lid, onderdeel d, van de Kieswet wordt in die bepaling voor «dan wel voor het uitbrengen van zijn stem is overleden» gelezen: dan wel is overleden.
|
||||
|
||||
### Artikel 7d
|
||||
|
||||
In aanvulling op artikel J 8, eerste lid, van de Kieswet worden aan degene die tot deelneming aan de stemming bevoegd is en die op de dag van de stemming de leeftijd van zeventig jaar heeft bereikt tevens op zijn verzoek door de burgemeester de in artikel 7b, eerste lid, onderdelen a, b, d en e, genoemde stukken opnieuw uitgereikt of toegezonden.
|
||||
|
||||
### Artikel 7e
|
||||
|
||||
In afwijking van artikel J 8, derde lid, eerste en tweede volzin, van de Kieswet dient het verzoek uiterlijk op de vijfde dag voor de dag van de stemming om zeventien uur te zijn ontvangen.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 4. Tijdelijke regels over het stembureau tijdens de stemming
|
||||
|
||||
### Artikel 8
|
||||
|
||||
**1.** In afwijking van artikel J 12, eerste lid, van de Kieswet en onverminderd het bepaalde krachtens artikel E 3, derde lid, van de Kieswet zijn van een stembureau gedurende de zitting ten minste vier leden aanwezig, van wie er één voorzitter is.
|
||||
**1.** Gedurende de zitting zijn steeds ten minste de voorzitter en drie andere leden van het stembureau aanwezig.
|
||||
|
||||
**2.** Artikel J 12, tweede en derde lid, van de Kieswet is niet van toepassing. Bij ontstentenis van de voorzitter bepaalt het stembureau wie als voorzitter optreedt.
|
||||
|
||||
|
|
@ -73,7 +222,7 @@ In afwijking van de artikelen J 5, eerste lid, en K 1, eerste lid, van de Kieswe
|
|||
Burgemeester en wethouders wijzen aan welke leden van het stembureau, en desgewenst gedurende welk tijdvak, de taken uitoefenen als bedoeld in de artikelen J 24, eerste lid, onder a, J 25, J 26, derde lid, J 27, J 29, K 11, eerste lid, L 15, tweede lid, L 17, eerste lid, van de Kieswet, alsmede de taken op grond van artikel 9, met dien verstande dat:
|
||||
|
||||
a. de taken, bedoeld in artikel J 25 van de Kieswet door twee stembureauleden worden uitgeoefend;
|
||||
b. de taken, bedoeld in artikel J 26, derde lid, van de Kieswet en artikel 9, zesde lid, door één stembureaulid worden uitgeoefend;
|
||||
b. de taken, bedoeld in artikel J 26, derde lid, van de Kieswet en artikel 9, vijfde lid, door één stembureaulid worden uitgeoefend;
|
||||
|
||||
**4.** In afwijking van artikel J 17, eerste lid, van de Kieswet draagt de burgemeester er zorg voor dat het stembureau het uittreksel van ongeldige stempassen in tweevoud ontvangt. Beide uittreksels liggen op de tafel van het stembureau.
|
||||
|
||||
|
|
@ -85,34 +234,128 @@ b. de taken, bedoeld in artikel J 26, derde lid, van de Kieswet en artikel 9, ze
|
|||
|
||||
**2.** De kiezer beantwoordt voor zichzelf de vragen uit de gezondheidscheck. De kiezer die weet dat hij niet aan de gezondheidscheck voldoet, betreedt, in afwijking van de artikelen J 24, eerste lid, en J 35, eerste lid, van de Kieswet, het stemlokaal niet.
|
||||
|
||||
**3.** Burgemeester en wethouders nemen voorafgaand aan de zitting van een stembureau een gezondheidscheck af bij de leden van een stembureau en de waarnemers, bedoeld in artikel 13. Bij ministeriële regeling wordt hiervoor een model vastgesteld. Indien een lid van het stembureau of een waarnemer niet aan de gezondheidscheck voldoet, kan het lid of de waarnemer zijn functie niet vervullen. De gezondheidscheck kan gedurende de tijd dat een stembureau zitting houdt worden herhaald.
|
||||
**3.** Burgemeester en wethouders nemen voorafgaand aan de zitting van een stembureau een gezondheidscheck af bij de leden van het stembureau, de waarnemers, bedoeld in artikel 13, en andere personen die het stembureau ten dienste worden gesteld of bijstaan op de locatie waar en gedurende de periode dat het stembureau zitting houdt. Bij ministeriële regeling wordt hiervoor een model vastgesteld. Indien één van de voornoemde personen niet aan de gezondheidscheck voldoet, kan de betrokkene zijn functie niet vervullen. De gezondheidscheck kan gedurende de tijd dat een stembureau zitting houdt worden herhaald.
|
||||
|
||||
**4.** In het stemlokaal nemen de aanwezige personen de bij ministeriële regeling vast te stellen maatregelen met betrekking tot de hygiëne en het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen in het stemlokaal in acht.
|
||||
|
||||
**5.** De in artikel J 28 van de Kieswet bedoelde kiezer die van het stembureau bijstand verlangt, kan door een stembureaulid gevraagd worden een gezondheidscheck over te leggen.
|
||||
**5.** De in artikel J 28 van de Kieswet bedoelde kiezer die van het stembureau bijstand verlangt, kan door een stembureaulid gevraagd worden een gezondheidscheck over te leggen. Bij ministeriële regeling wordt hiervoor een model vastgesteld.
|
||||
|
||||
**6.** Indien een lid van het stembureau van oordeel is dat de omstandigheden bij de ingang van of in het stemlokaal zodanig zijn dat de daar aanwezige personen artikel 58f, eerste lid, van de Tijdelijke wet maatregelen covid-19 of het bepaalde bij of krachtens dit artikel niet in acht nemen of kunnen nemen, kan het stembureaulid de aanwijzingen geven die nodig zijn om de naleving daarvan te verzekeren. De aanwijzing dat een kiezer het stemlokaal niet mag betreden, of dat een kiezer het stemlokaal moet verlaten voordat hij zijn stem heeft uitgebracht, kan enkel worden gegeven door het stembureaulid bij de ingang van het stemlokaal respectievelijk de voorzitter van het stembureau.
|
||||
**6.** Indien een lid van het stembureau van oordeel is dat de omstandigheden bij de ingang van of in het stemlokaal zodanig zijn dat de daar aanwezige personen artikel 58f, eerste lid, van de Wet publieke gezondheid of het bepaalde bij of krachtens dit artikel niet in acht nemen of kunnen nemen, kan het stembureaulid de aanwijzingen geven die nodig zijn om de naleving daarvan te verzekeren. De aanwijzing dat een kiezer het stemlokaal niet mag betreden, of dat een kiezer het stemlokaal moet verlaten voordat hij zijn stem heeft uitgebracht, kan enkel worden gegeven door het stembureaulid bij de ingang van het stemlokaal respectievelijk de voorzitter van het stembureau.
|
||||
|
||||
**7.** Artikel 1, eerste lid, van de Wet gedeeltelijk verbod gezichtsbedekkende kleding is niet van toepassing voor zover de bij die bepaling verboden gezichtsbedekking geheel of gedeeltelijk het gevolg is van het dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen als bedoeld in het vierde lid.
|
||||
|
||||
**8.** Onder stemlokaal wordt voor de toepassing van dit artikel tevens verstaan een plaats waar het stembureau de stemopneming verricht.
|
||||
|
||||
**9.** Vervallen door vernummering.
|
||||
**9.** In een gebouw waar een stemlokaal is aangewezen, gelden voor kiezers, stembureauleden en waarnemers als bedoeld in artikel 13 geen andere voorschriften teneinde besmetting met of overdracht van het coronavirus te voorkomen dan bij of krachtens de wet gestelde regels.
|
||||
|
||||
**10.** In een gebouw waar een stemlokaal is aangewezen, gelden voor kiezers, stembureauleden en waarnemers als bedoeld in artikel 13 geen andere voorschriften teneinde besmetting met of overdracht van het coronavirus te voorkomen dan bij of krachtens de wet gestelde regels.
|
||||
|
||||
**11.** Het tiende lid is niet van toepassing op een gebouw waarin een stembureau als bedoeld in de artikelen 3 en 4 zitting houdt.
|
||||
**10.** Het tiende lid is niet van toepassing op een gebouw waarin een stembureau als bedoeld in de artikelen 3 en 4 zitting houdt.
|
||||
|
||||
### Artikel 10
|
||||
|
||||
In afwijking van artikel J 18, eerste lid, van de Kieswet staat de stembus in het stemlokaal en is zichtbaar voor het stembureaulid dat erop toeziet dat de kiezer het stembiljet in de stembus steekt.
|
||||
**1.** In afwijking van artikel J 18, eerste lid, van de Kieswet staat de stembus in het stemlokaal en is zichtbaar voor het stembureaulid dat erop toeziet dat de kiezer het stembiljet in de stembus steekt.
|
||||
|
||||
**2.** In aanvulling op artikel J 18, eerste lid, van de Kieswet kunnen bij ministeriële regeling nadere voorschriften worden gesteld over de vervaardiging van de stembus.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 6. Tijdelijke regels over het uitbrengen van de stem
|
||||
|
||||
### Artikel 10a
|
||||
|
||||
**1.** De stembiljetten zijn voorzien van de naam van het vertegenwoordigend orgaan waarvoor de verkiezing plaatsvindt en een aanduiding van de kieskring.
|
||||
|
||||
**2.** Artikel J 20, eerste lid, tweede volzin, van de Kieswet is niet van toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 11
|
||||
|
||||
In afwijking van artikel J 25, eerste lid, van de Kieswet toont de kiezer aan het daartoe aangewezen lid van het stembureau het in artikel J 24, eerste lid, onder a, van de Kieswet genoemde identiteitsdocument en overhandigt aan het stembureaulid de stempas.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 6a. Tijdelijke regels over briefstemmen voor kiezers binnen Nederland
|
||||
|
||||
### Artikel 11a
|
||||
|
||||
**1.** Onverminderd de artikelen M 9, eerste lid, en M 13, vijfde lid, van de Kieswet wijzen burgemeester en wethouders in hun gemeente een of meer briefstembureaus aan. Deze stembureaus zijn uitsluitend bestemd voor per brief uit te brengen stemmen.
|
||||
|
||||
**2.** Ten aanzien van deze stembureaus zijn de artikelen J 11 en J 16 van de Kieswet, voor zover laatstgenoemd artikel betrekking heeft op stemhokjes, niet van toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 11b
|
||||
|
||||
**1.** Burgemeester en wethouders kunnen bepalen dat briefstembureaus, in afwijking van artikel J 1 van de Kieswet, ten behoeve van het verrichten van de handelingen, bedoeld in de artikelen 11g tot en met 11i, tevens zitting houden vanaf het moment dat het in artikel J 7a, eerste lid, tweede volzin, van de Kieswet bedoelde uittreksel is vastgesteld op door burgemeester en wethouders te bepalen dagen en tijden. In dat geval draagt de burgemeester er in afwijking van artikel 11f, tweede lid, zorg voor dat de binnengekomen retourenveloppen op deze dagen worden overhandigd aan de voorzitter van het briefstembureau.
|
||||
|
||||
**2.** Indien burgemeester en wethouders gebruik hebben gemaakt van de bevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, vangen deze stembureaus op de dag van stemming eerst met de handelingen, bedoeld in de artikelen 11g tot en met 11i aan, nadat het stembureau overeenkomstig artikel 23e de stemopneming heeft verricht ten aanzien van de stembiljetten die zich bij aanvang van de dag van de stemming in de stembus bevinden.
|
||||
|
||||
**3.** In afwijking van artikel J 1, tweede lid, van de Kieswet eindigt de stemming op de dag van de stemming zodra de briefstembureaus de handelingen, bedoeld in de artikelen 11g tot en met 11i, ten aanzien van alle tijdig binnengekomen retourenveloppen hebben beëindigd.
|
||||
|
||||
**4.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de zittingen, bedoeld in het eerste lid, en het bewaren van de stembescheiden.
|
||||
|
||||
### Artikel 11c
|
||||
|
||||
**1.** In aanvulling op hoofdstuk J van de Kieswet kan een kiesgerechtigde die de in artikel 7b, eerste lid, genoemde stukken heeft ontvangen ook aan de stemming deelnemen door op het briefstembiljet een stipje geplaatst vóór de kandidaat van zijn keuze in te kleuren.
|
||||
|
||||
**2.** Daarna vouwt hij het briefstembiljet dicht op zodanige wijze dat de namen van de kandidaten niet zichtbaar zijn en doet hij het briefstembiljet in de enveloppe voor het stembiljet.
|
||||
|
||||
**3.** De kiezer ondertekent de op de stempluspas gestelde verklaring dat hij het stembiljet persoonlijk heeft ingevuld.
|
||||
|
||||
**4.** Vervolgens doet hij de stempluspas en de enveloppe met het stembiljet in de retourenveloppe, bedoeld in artikel 7b, eerste lid, onderdeel b, dan wel een andere geadresseerde enveloppe en retourneert hij deze gesloten.
|
||||
|
||||
**5.** De kiezer kan de retourenveloppe per post doen toekomen aan de burgemeester van de gemeente waar hij op de dag van de kandidaatstelling als kiezer is geregistreerd, onverminderd het bepaalde in de artikelen 11d en 11e.
|
||||
|
||||
**6.** De burgemeester draagt er zorg voor dat de retourenveloppen veilig worden opgeslagen alsook tijdig wordt overgedragen aan een briefstembureau.
|
||||
|
||||
**7.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over het in ontvangst nemen, het transport, de opslag en de overdracht van de retourenveloppen.
|
||||
|
||||
### Artikel 11d
|
||||
|
||||
**1.** Burgemeester en wethouders wijzen binnen de gemeente een of meer plaatsen aan waar retourenveloppen als bedoeld in artikel 11c, vijfde lid, in persoon kunnen worden afgegeven ten behoeve van het in die gemeente gevestigde briefstembureau.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
Een retourenveloppe kan vanaf de zevende dag voor de dag van de stemming in persoon worden afgegeven op een afgiftepunt als bedoeld in het eerste lid:
|
||||
|
||||
a. op een werkdag, niet zijnde de dag van de stemming, ten minste tussen negen en zeventien uur;
|
||||
b. op een weekenddag, voor zover burgemeester en wethouders daartoe beslissen, gedurende een door hen aangewezen periode;
|
||||
c. op de dag van de stemming gedurende de in artikel J 1, tweede lid, van de Kieswet genoemde periode.
|
||||
|
||||
**3.** Gedurende de tijd dat een afgiftepunt open is, krijgt een ieder op zijn verzoek de in artikel 7b, eerste lid, onderdelen a, b, d en e, genoemde stukken uitgereikt.
|
||||
|
||||
**4.** De burgemeester brengt de aanwijzing en vaststelling van de plaatsen, dagen en tijdstippen ten minste veertien dagen voor de dag van de stemming ter openbare kennis.
|
||||
|
||||
**5.** Degene die ten behoeve van het briefstembureau de enveloppe in ontvangst neemt, houdt daarvan aantekening door daarop de ontvangstdatum en een handtekening te plaatsen.
|
||||
|
||||
**6.** De artikelen 5 en 11c, zesde en zevende lid, zijn van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 11e
|
||||
|
||||
Indien een persoon de retourenveloppe, bedoeld in artikel 11c, vijfde lid, gedurende de stemming afgeeft aan een lid van het stembureau dat belast is met de in artikel J 25 van de Kieswet bedoelde taken, houdt dit lid daarvan aantekening bij door op de enveloppe de datum en een handtekening te plaatsen. Daarna wordt de enveloppe door het stembureau bewaard tot het einde van de stemming.
|
||||
|
||||
### Artikel 11f
|
||||
|
||||
**1.** De stukken, bedoeld in artikel 11c, vierde lid, dienen uiterlijk op de dag van de stemming om eenentwintig uur in het bezit te zijn van de burgemeester dan wel een afgiftepunt als bedoeld in artikel 11d.
|
||||
|
||||
**2.** De burgemeester draagt er zorg voor dat de tijdig binnengekomen retourenveloppen op de dag van de stemming onverwijld na eenentwintig uur ongeopend overhandigd worden aan de voorzitters van de briefstembureaus, bedoeld in artikel 11a.
|
||||
|
||||
**3.** De retourenveloppen die te laat zijn binnengekomen worden door de burgemeester ongeopend in een of meer te verzegelen pakken gedaan.
|
||||
|
||||
**4.** De burgemeester bewaart de pakken, bedoeld in het derde lid, drie maanden nadat over de toelating van de gekozenen is beslist. Daarna vernietigt hij deze pakken onmiddellijk. Van de vernietiging wordt proces-verbaal opgemaakt.
|
||||
|
||||
### Artikel 11g
|
||||
|
||||
**1.** Een lid van het briefstembureau opent de retourenveloppe en neemt de stempluspas en de enveloppe met het stembiljet eruit.
|
||||
|
||||
**2.** Vervolgens wordt de echtheid van de stempluspas gecontroleerd.
|
||||
|
||||
**3.** Indien de stempluspas echt is, wordt nagegaan of het nummer van de stempluspas voorkomt in het uittreksel van ongeldige stempassen, bedoeld in artikel J 7a, tweede volzin, van de Kieswet.
|
||||
|
||||
**4.** Indien het nummer van de stempluspas niet voorkomt in het uittreksel van ongeldige stempassen, wordt de enveloppe met het stembiljet ongeopend in de stembus gestoken. Indien het stembiljet zich niet in de daartoe bestemde enveloppe bevindt, wordt het, zonder het in te zien, dichtgevouwen in de stembus gestoken.
|
||||
|
||||
### Artikel 11h
|
||||
|
||||
**1.** Indien de retourenveloppe niet alle stembescheiden bevat, de stempluspas niet echt is of het nummer van de stempluspas voorkomt in het uittreksel van ongeldige stempassen, doet het lid van het briefstembureau de aangetroffen bescheiden, zonder het stembiljet in te zien of zonder de enveloppe met het stembiljet te openen, wederom in de retourenveloppe en legt hij deze, na haar te hebben verzegeld, terzijde.
|
||||
|
||||
**2.** Indien in een retourenveloppe stembescheiden van meer personen zijn gevoegd, waarvan er een of meer niet aan de bij of krachtens de Kieswet dan wel deze wet gestelde eisen voldoen, of waarvan het aantal stembescheiden niet overeenkomt met het aantal stembiljetten, onderscheidenlijk enveloppen met stembiljet, legt het lid van het briefstembureau de aangetroffen bescheiden, zonder het stembiljet in te zien of zonder de enveloppe met het stembiljet te openen, wederom in de retourenveloppe en legt hij deze, na haar te hebben verzegeld, eveneens terzijde.
|
||||
|
||||
### Artikel 11i
|
||||
|
||||
Het briefstembureau stelt het aantal geldige stempluspassen vast behorend bij de enveloppen met een stembiljet, dan wel stembiljetten, die het in de stembus heeft gedeponeerd. Dit is het aantal kiezers dat tot de stemming is toegelaten.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 7. Tijdelijke regels over de orde in het stemlokaal
|
||||
|
||||
### Artikel 12
|
||||
|
|
@ -123,7 +366,7 @@ Gedurende de tijd dat een stembureau als bedoeld in de artikelen 3 en 4 zitting
|
|||
|
||||
### Artikel 13
|
||||
|
||||
**1.** Indien burgemeester en wethouders een of meer stembureaus hebben aangewezen als bedoeld in artikel 3 of 4, benoemen zij tijdig voor elke verkiezing een of meer personen die als waarnemer getuige zijn van het verloop van de zitting bij deze stembureaus. Een waarnemer krijgt geen instructies betreffende de wijze waarop hij inhoud dient te geven aan zijn functie. Artikel E 4, tweede lid, van de Kieswet is van overeenkomstige toepassing.
|
||||
**1.** Indien burgemeester en wethouders een of meer stembureaus hebben aangewezen als bedoeld in artikel 3 of 4, benoemen zij tijdig voor elke verkiezing een of meer personen die als waarnemer getuige zijn van het verloop van de zitting bij deze stembureaus. Een waarnemer krijgt geen instructies betreffende de wijze waarop hij inhoud dient te geven aan zijn functie. Artikel E 4, tweede en derde lid, van de Kieswet is van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -145,6 +388,21 @@ c. die lid is van het vertegenwoordigend orgaan waarvoor de verkiezing wordt geh
|
|||
|
||||
### Paragraaf 9. Tijdelijke regels over het stemmen met een kiezerspas
|
||||
|
||||
### Artikel 13a
|
||||
|
||||
In afwijking van artikel K 3, tweede lid, eerste en tweede volzin, van de Kieswet dient het verzoek uiterlijk op de vijfde dag voor de dag van de stemming om zeventien uur te zijn ontvangen.
|
||||
|
||||
### Artikel 13b
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
In aanvulling op de bescheiden genoemd in artikel K 2, aanhef en onder b, van het Kiesbesluit mag ook een kopie van de navolgende identiteitsdocumenten bij een aanvraag als bedoeld in artikel K7 van de Kieswet worden gevoegd:
|
||||
|
||||
a. noodpaspoort; of
|
||||
b. laissez-passer voor zover daaruit het bezit van de Nederlandse nationaliteit blijkt.
|
||||
|
||||
**2.** Voorts kunnen ook de bescheiden genoemd in artikel M 5 van het Kiesbesluit die op de dag van de stemming, bedoeld in artikel J 1, eerste lid, of Y 8, eerste lid, van de Kieswet, maximaal een jaar hun geldigheid hebben verloren worden gebruikt, mits daarbij tevens een kopie van de in artikel 61 van het Besluit verkrijging en verlies Nederlanderschap bedoelde verklaring is gevoegd en deze niet meer dan een jaar voor de dag van de stemming is verstrekt.
|
||||
|
||||
### Artikel 14
|
||||
|
||||
In afwijking van artikel K 11, eerste lid, van de Kieswet toont de kiezer aan het daartoe aangewezen lid van het stembureau het in artikel J 24, eerste lid, onder a, van de Kieswet genoemde identiteitsdocument en overhandigt aan het stembureaulid de kiezerspas.
|
||||
|
|
@ -159,65 +417,268 @@ In afwijking van artikel L 4 van de Kieswet mag een kiezer per verkiezing als ge
|
|||
|
||||
**1.** In aanvulling op artikel L 2, eerste lid, van de Kieswet kan een aanvraag ook langs elektronische weg worden ingediend. De langs elektronische weg ingediende aanvraag wordt voor het bepaalde in hoofdstuk L van de Kieswet met de schriftelijke aanvraag gelijkgesteld.
|
||||
|
||||
**2.** In afwijking van artikel L 7, eerste lid, van de Kieswet dient een verzoekschrift uiterlijk op de tweede dag voor de dag van de stemming om 12.00 uur door de burgemeester te zijn ontvangen.
|
||||
**2.** In afwijking van artikel L 7, eerste lid, van de Kieswet dient de aanvraag uiterlijk op de vijfde dag voor de dag van de stemming om zeventien uur te zijn ontvangen.
|
||||
|
||||
**3.** In afwijking van artikel L 8, eerste lid, tweede volzin, van de Kieswet gebruikt de kiezer voor het verzoekschrift dat langs elektronische weg wordt ingediend het model dat bij ministeriële regeling is vastgesteld.
|
||||
|
||||
**4.** In afwijking van artikel L 8, derde lid, van de Kieswet gebruikt de gemachtigde voor de verklaring die langs elektronische weg wordt verzonden het model dat bij ministeriële regeling is vastgesteld. De gemachtigde zendt de verklaring aan de kiezer, die deze verklaring gelijktijdig met zijn verzoekschrift indient.
|
||||
|
||||
**5.** In afwijking van artikel L 11, tweede lid en derde lid, eerste volzin, van de Kieswet wordt het besluit op een aanvraag die op of na de vijfde dag voor de dag van de stemming is ontvangen, langs elektronische weg bekendgemaakt aan de verzoeker. Bij inwilliging wordt een volmachtbewijs langs elektronische weg verstrekt. Bij ministeriële regeling wordt voor dit bewijs een model vastgesteld.
|
||||
**5.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot het langs elektronische weg indienen van een aanvraag.
|
||||
|
||||
**6.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot het langs elektronische weg indienen van een aanvraag, het langs elektronische weg bekendmaken van een besluit daarop en de verificatie van een volmachtbewijs, bedoeld in het vijfde lid, door een stembureau.
|
||||
### Artikel 16a
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
In aanvulling op de bescheiden genoemd in artikel L 2, aanhef en onder b, van het Kiesbesluit mag ook een kopie van de navolgende identiteitsdocumenten bij een aanvraag als bedoeld in artikel L 9 van de Kieswet worden gevoegd:
|
||||
|
||||
a. noodpaspoort; of
|
||||
b. laissez-passer voor zover daaruit het bezit van de Nederlandse nationaliteit blijkt.
|
||||
|
||||
**2.** Voorts mogen ook de bescheiden genoemd in artikel L 2, aanhef en onder b, van het Kiesbesluit bij de aanvraag worden gevoegd die op de dag van de stemming, bedoeld in artikel J 1, eerste lid, of Y 8, eerste lid, van de Kieswet, maximaal een jaar hun geldigheid hebben verloren, mits daarbij tevens een kopie van de in artikel 61 van het Besluit verkrijging en verlies Nederlanderschap bedoelde verklaring is gevoegd en deze niet meer dan een jaar voor de dag van de stemming is verstrekt.
|
||||
|
||||
### Artikel 17
|
||||
|
||||
In afwijking van artikel L 17, tweede lid, van de Kieswet toont de gemachtigde tevens een kopie van een identiteitsdocument als bedoeld in artikel J 24, eerste lid, onder a, van de Kieswet van de volmachtgever, indien het een volmachtbewijs betreft als bedoeld in hoofdstuk L, paragraaf 3, van de Kieswet.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 10a. Tijdelijke regels over het stemmen per brief door kiezers buiten Nederland
|
||||
|
||||
### Artikel 17a
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
In aanvulling op de identiteitsdocumenten die op grond van artikel M 7, vierde lid, van de Kieswet bij algemene maatregel van bestuur zijn aangewezen, mag ook een kopie van de navolgende identiteitsdocumenten worden bijgevoegd:
|
||||
|
||||
a. noodpaspoort; of
|
||||
b. laissez-passer voor zover daaruit het bezit van de Nederlandse nationaliteit blijkt.
|
||||
|
||||
**2.** Voorts kunnen ook de bescheiden genoemd in artikel M 5 van het Kiesbesluit die op de dag van de stemming, bedoeld in artikel J 1, eerste lid, of Y 8, eerste lid, van de Kieswet, maximaal een jaar hun geldigheid hebben verloren worden gebruikt, mits daarbij tevens een kopie van de in artikel 61 van het Besluit verkrijging en verlies Nederlanderschap bedoelde verklaring is gevoegd en deze niet meer dan een jaar voor de dag van de stemming is verstrekt.
|
||||
|
||||
### Artikel 17b
|
||||
|
||||
**1.** In afwijking van artikel M 8, eerste lid, van de Kieswet moet de retourenveloppe, indien deze per post worden geretourneerd, uiterlijk op de vijfde dag na de dag van de stemming om twaalf uur in het bezit zijn van de burgemeester van ’s-Gravenhage.
|
||||
|
||||
**2.** In aanvulling op artikel M 8, tweede lid, van de Kieswet draagt de burgemeester van ’s-Gravenhage er tevens zorg voor dat de binnen de termijn, bedoeld in het eerste lid, ontvangen retourenveloppen, die zijn gefrankeerd, zo spoedig mogelijk maar uiterlijk op de vijfde dag na de dag van de stemming om zestien uur ongeopend overhandigd worden aan de voorzitter van een briefstembureau.
|
||||
|
||||
### Artikel 17c
|
||||
|
||||
Burgemeester en wethouders van 's-Gravenhage kunnen onverminderd het bepaalde in artikel M 9, eerste lid, van de Kieswet en in afwijking van artikel J 4, eerste en tweede lid, van de Kieswet een briefstembureau aanwijzen dat zitting houdt in een andere gemeente.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 10b. Tijdelijke regels voor na afloop van de stemming
|
||||
|
||||
### Artikel 17d
|
||||
|
||||
**1.** Onmiddellijk nadat de stemming is geëindigd, doet het stembureau de retourenveloppen die op grond van artikel 11e zijn bewaard in een pak.
|
||||
|
||||
**2.** Dit pak wordt verzegeld en voorzien van de naam van de gemeente, het nummer van het stembureau en het opschrift «Retourenveloppen t.b.v. het briefstembureau».
|
||||
|
||||
**3.** De burgemeester draagt er zorg voor dat het pak veilig wordt getransporteerd, opgeslagen alsook tijdig wordt overgedragen aan een briefstembureau.
|
||||
|
||||
**4.** Totdat het stembureau het pak overdraagt ten behoeve van het vervoer naar een briefstembureau, draagt het stembureau er zorg voor dat de zegels op het pak niet worden verbroken.
|
||||
|
||||
**5.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over het in ontvangst nemen, het transport, de opslag en de overdracht van het pak.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 11. Tijdelijke regels over de stemopneming door het stembureau
|
||||
|
||||
### Artikel 17e
|
||||
|
||||
**1.** Indien aan de voorzitter van het stembureau blijkt dat een behoorlijke afronding van de stemopneming niet langer van de leden van het stembureau gevergd kan worden, kan hij, na overleg en in overeenstemming met de burgemeester, besluiten de stemopneming te schorsen.
|
||||
|
||||
**2.** De voorzitter maakt het besluit tot schorsing bekend bij de ingang van het stemlokaal, de plaats, bedoeld in artikel 6, dan wel de plaats, bedoeld in artikel J 1, vierde lid, van de Kieswet. Van de schorsing van de zitting van het stembureau doet de burgemeester op algemeen toegankelijke wijze mededeling.
|
||||
|
||||
**3.** De burgemeester bepaalt wanneer en waar de zitting wordt hervat en maakt dit op algemeen toegankelijke wijze bekend.
|
||||
|
||||
**4.** De voorzitter van het stembureau schorst de stemopneming niet eerder, dan nadat voor iedere lijst het gezamenlijke aantal op de kandidaten uitgebrachte stemmen is vastgesteld.
|
||||
|
||||
### Artikel 17f
|
||||
|
||||
**1.** Indien de stemopneming is geschorst als bedoeld in artikel 17e, eerste lid, zijn de artikelen J 26, J 30, tweede volzin, J 31 en J 32 van het Kiesbesluit niet van toepassing.
|
||||
|
||||
**2.** In aanvulling op artikel J 29 van het Kiesbesluit worden de stembiljetten die zich in de stembus bevonden, lijstgewijs bijeengevoegd en in de stembus gedaan.
|
||||
|
||||
**3.** De artikelen 19, tweede volzin, 20, 21, eerste en vierde lid, en 22, eerste lid, zijn van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**4.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over het in ontvangst nemen, het transport, de opslag en de overdracht van de stembus, de enveloppe en de pakken.
|
||||
|
||||
### Artikel 17g
|
||||
|
||||
**1.** Indien de burgemeester programmatuur heeft gebruikt ten behoeve van de vaststelling van de in artikel N 11 van de Kieswet bedoelde opgave, maakt hij, onverminderd artikel N 12, tweede lid, van de Kieswet, het daarmee gegenereerde digitale bestand onverwijld op een algemeen toegankelijke wijze elektronisch openbaar.
|
||||
|
||||
**2.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de elektronische openbaarmaking van het proces-verbaal en de digitale bestanden.
|
||||
|
||||
### Artikel 18
|
||||
|
||||
Deze paragraaf is van toepassing op:
|
||||
De artikelen 19 tot en met 23 zijn van toepassing op:
|
||||
|
||||
a. een stembureau dat zitting houdt in een stemlokaal als bedoeld in artikel 6;
|
||||
b. een bijzonder stembureau als bedoeld in artikel J 1, derde lid, van de Kieswet; en
|
||||
c. een mobiel stembureau als bedoeld in artikel J 4a van de Kieswet.
|
||||
b. een bijzonder stembureau als bedoeld in artikel J 1, derde lid, van de Kieswet;
|
||||
c. een mobiel stembureau als bedoeld in artikel J 4a van de Kieswet; en
|
||||
d. een stembureau als bedoeld in artikel 2g, 3a of 4a waar vroegtijdig gestemd kan worden.
|
||||
|
||||
### Artikel 19
|
||||
|
||||
Alvorens aan te vangen met de werkzaamheden, bedoeld in artikel N 1 van de Kieswet, verzegelt het stembureau de stembus. Op de stembus wordt de naam van de gemeente en het nummer van het stembureau vermeld.
|
||||
Na afloop van de stemming verzegelt het stembureau de stembus. Op de stembus wordt de naam van de gemeente en het nummer van het stembureau vermeld.
|
||||
|
||||
### Artikel 20
|
||||
|
||||
**1.** Nadat de werkzaamheden, bedoeld in de artikelen N 1 en N 2 van de Kieswet, zijn afgerond, wordt onmiddellijk begonnen met het opmaken van het proces-verbaal van de stemming en het eerste deel van de stemopneming. Alle tot dat moment ingebrachte bezwaren worden in het proces-verbaal vermeld.
|
||||
**1.** Het stembureau begint met het opmaken van het proces-verbaal van de stemming. Alle tot dat moment ingebrachte bezwaren worden in het proces-verbaal vermeld. Voorts worden in het proces-verbaal vermeld de aantallen bedoeld in artikel J 25, negende lid, alsook de artikelen K 11, tweede lid, en L 17, derde lid, in samenhang met artikel J 25, negende lid, van de Kieswet.
|
||||
|
||||
**2.** De aanwezige leden van het stembureau ondertekenen een van het proces-verbaal deel uitmakende verklaring van authenticiteit. Daarna sluit de voorzitter tijdelijk de zitting.
|
||||
**2.** Artikel N 2 van de Kieswet is van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**3.** De aanwezige leden van het stembureau ondertekenen een van het proces-verbaal deel uitmakende verklaring van authenticiteit. Daarna sluit de voorzitter tijdelijk de zitting.
|
||||
|
||||
### Artikel 21
|
||||
|
||||
**1.** Het stembureau bewaart de sleutel van de verzegelde stembus alsook het proces-verbaal in een enveloppe, die het eveneens verzegelt. Op deze enveloppe wordt de naam van de gemeente en het nummer van het stembureau vermeld.
|
||||
|
||||
**2.** Het stembureau draagt de stembus zo spoedig mogelijk over aan de burgemeester ten behoeve van het vervoer naar een locatie voor het vervolg van de stemopneming op dezelfde avond. Tot aan die overdracht draagt het stembureau er zorg voor dat de zegels op de stembus niet worden verbroken.
|
||||
**2.** Het stembureau draagt de stembus zo spoedig mogelijk over aan de burgemeester ten behoeve van het vervoer naar een locatie voor het vervolg van de stemopneming. Tot aan die overdracht draagt het stembureau er zorg voor dat de zegels op de stembus niet worden verbroken.
|
||||
|
||||
**3.** Na de overdracht van de stembus aan de burgemeester begeven de leden van het stembureau zich onder medebrenging van de verzegelde enveloppe en de pakken, bedoeld in artikel N 2 van de Kieswet, onverwijld naar de locatie waar het vervolg van de stemopneming wordt verricht.
|
||||
|
||||
**4.** In afwijking van het derde lid geeft een stembureau als bedoeld in artikel 18, aanhef, onderdeel b of c, waarbij de stemming voor het in artikel J 1, tweede lid, van de Kieswet genoemde tijdstip is geëindigd, dan wel een stembureau als bedoeld in artikel 18, aanhef, onderdeel d, de verzegelde enveloppe en de pakken, bedoeld in artikel N 2 van de Kieswet, zo spoedig mogelijk bij de burgemeester in bewaring. Tot aan die inbewaringgeving draagt het stembureau er zorg voor dat de zegels op de stembus en de enveloppe niet worden verbroken.
|
||||
|
||||
### Artikel 22
|
||||
|
||||
**1.** Na overdracht van de stembus aan de burgemeester, begeven de leden van het stembureau zich onder medebrenging van de verzegelde enveloppe en de pakken, bedoeld in artikel N 2 van de Kieswet, onverwijld naar de locatie waar het vervolg van de stemopneming wordt verricht.
|
||||
**1.** De burgemeester draagt er zorg voor dat de bescheiden, bedoeld in artikel 21, tweede respectievelijk vierde lid, tijdig worden vervoerd naar de plaats waar de stemopneming zal plaatsvinden en dat de daarop aangebrachte zegels niet worden verbroken totdat het stembureau zijn zitting heeft hervat.
|
||||
|
||||
**2.** De burgemeester draagt er zorg voor dat de stembus wordt vervoerd naar een locatie voor de stemopneming en dat de zegels op de stembus niet worden verbroken totdat het stembureau zijn zitting op de locatie van de stemopneming heeft hervat.
|
||||
**2.** Het stembureau hervat zijn zitting op de dag van de stemming onverwijld na eenentwintig uur.
|
||||
|
||||
**3.** Op de locatie van de stemopneming opent het stembureau de verzegelde enveloppe met het proces-verbaal en de verzegelde stembus. Vervolgens zet het stembureau zijn werkzaamheden voort overeenkomstig het bepaalde in de artikelen N 5 tot en met N 10 van de Kieswet.
|
||||
**3.** In afwijking van het tweede lid vangt een stembureau als bedoeld in artikel 18, aanhef, onderdeel d, de stemopneming op de dag van de stemming aan om zeven uur dertig of op een later, door burgemeester en wethouders vast te stellen, tijdstip op die dag. Aan het bepaalde in artikel N 9, eerste lid, eerste volzin, van de Kieswet wordt niet eerder toepassing gegeven dan na eenentwintig uur. Voorts is tot die tijd eenieder die ambtshalve kennis kan nemen van de vastgestelde aantallen stemmen, zolang verplicht tot geheimhouding daarvan.
|
||||
|
||||
**4.** Indien het stembureau een verschil vaststelt tussen het aantal kiezers dat tot de stemming is toegelaten en het aantal stemmen dat is geteld, is het stembureau bevoegd de pakken, bedoeld in artikel N 2 van de Kieswet, te openen en de in artikel N 1 van de Kieswet bedoelde aantallen opnieuw vast te stellen.
|
||||
**4.** Op de locatie van de stemopneming opent het stembureau de verzegelde enveloppe met het proces-verbaal en de verzegelde stembus. Vervolgens zet het stembureau zijn werkzaamheden voort overeenkomstig het bepaalde in de artikelen N 5 tot en met N 10 van de Kieswet.
|
||||
|
||||
**5.** Indien het stembureau een verschil vaststelt tussen het aantal kiezers dat tot de stemming is toegelaten en het aantal stemmen dat is geteld, is het stembureau bevoegd de pakken, bedoeld in artikel N 2 van de Kieswet, te openen en de in artikel N 1 van de Kieswet bedoelde aantallen opnieuw vast te stellen.
|
||||
|
||||
### Artikel 23
|
||||
|
||||
Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de overdracht en het vervoer van de stembus, de enveloppe en de pakken, bedoeld in artikel N 2 van de Kieswet.
|
||||
Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over het in ontvangst nemen, het transport, de opslag en de overdracht van de stembus, de enveloppe en de pakken, bedoeld in artikel N 2 van de Kieswet.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 11a. Tijdelijke regels over de stemopneming door briefstembureaus
|
||||
|
||||
### Artikel 23a
|
||||
|
||||
Hoofdstuk N, paragraaf 2, van de Kieswet is uitsluitend van toepassing op een briefstembureau voor zover het de stemopneming betreft van stembiljetten die op grond van artikel M 10, derde lid, van de Kieswet in de stembus zijn gedeponeerd.
|
||||
|
||||
### Artikel 23b
|
||||
|
||||
In afwijking van artikel N 15 van de Kieswet stelt het briefstembureau het aantal geldige briefstembewijzen vast behorend bij de enveloppen met een stembiljet, dan wel stembiljetten, die het in de stembus heeft gedeponeerd. Dit is het aantal kiezers dat tot de stemming is toegelaten.
|
||||
|
||||
### Artikel 23c
|
||||
|
||||
De artikelen 23d en 23e zijn uitsluitend van toepassing op een briefstembureau voor zover het de stemopneming betreft van stembiljetten die op grond van artikel 11g, vierde lid, in de stembus zijn gedeponeerd.
|
||||
|
||||
### Artikel 23d
|
||||
|
||||
**1.** In aanvulling op artikel N 2 van de Kieswet worden ook de retourenveloppen, bedoeld in artikel 11h, in een pak gedaan.
|
||||
|
||||
**2.** Alvorens over te gaan tot de handelingen, bedoeld in artikel N 5, opent een lid van het briefstembureau de enveloppen die zich in de stembus bevinden. Indien in een enveloppe zich geen of meer dan één stembiljet bevindt, wordt hiervan een aantekening gemaakt. Indien zich meer dan één stembiljet in één enveloppe bevindt, doet hij deze biljetten wederom in de enveloppe en legt deze, na haar te hebben verzegeld, terzijde.
|
||||
|
||||
**3.** Artikel N 7 van de Kieswet is van toepassing, met dien verstande dat voor de toepassing van het eerste lid, in plaats van «rood heeft gemaakt» wordt gelezen: heeft ingekleurd, en dat voor de toepassing van het derde lid, in plaats van «rood maken» wordt gelezen: inkleuren.
|
||||
|
||||
**4.** Artikel N 8, eerste lid, van de Kieswet is van toepassing, met dien verstande dat in plaats van «artikel N 7» wordt gelezen: artikel 23d van de Tijdelijke wet verkiezingen covid-19.
|
||||
|
||||
### Artikel 23e
|
||||
|
||||
**1.** Indien gebruik is gemaakt van de bevoegdheid, bedoeld in 11b, eerste lid, vangt het briefstembureau in afwijking van artikel N 1 van de Kieswet op de dag van stemming om zeven uur dertig of op een later, door burgemeester en wethouders vast te stellen, tijdstip op die dag, de stemopneming aan ten aanzien van de stembiljetten die zich op dat moment in de stembus bevinden.
|
||||
|
||||
**2.** Ten behoeve van de handelingen, bedoeld in de artikelen 11g tot en met 11i, ten aanzien van de nog niet geopende retourenveloppen wordt de stemopneming volgens bij ministeriële regeling te stellen regels geschorst. Zodra deze handelingen ten aanzien van alle tijdig binnengekomen retourenveloppen zijn beëindigd, wordt de stemopneming bij ministeriële regeling te stellen regels hervat.
|
||||
|
||||
**3.** Aan het bepaalde in artikel N 9, eerste lid, eerste volzin, van de Kieswet wordt niet eerder toepassing gegeven dan na eenentwintig uur. Voorts is eenieder die ambtshalve kennis kan nemen van de vastgestelde aantallen stemmen, zolang verplicht tot geheimhouding daarvan.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 11b. Tijdelijke regels ten aanzien van de zitting van het hoofdstembureau
|
||||
|
||||
### Artikel 23f
|
||||
|
||||
**1.** In afwijking van artikel O 1, eerste lid, van de Kieswet houdt het hoofdstembureau op de vijfde dag na de dag van de stemming om tien uur een openbare zitting.
|
||||
|
||||
**2.** In afwijking van het eerste lid houdt het hoofdstembureau gevestigd in kieskring 12 op de zesde dag na de dag van de stemming om vijftien uur een openbare zitting.
|
||||
|
||||
### Artikel 23g
|
||||
|
||||
**1.** Het bepaalde bij of krachtens artikel 9, eerste lid, derde en vierde volzin, tweede tot en met vierde, zevende en negende lid, voor stemlokalen is van overeenkomstige toepassing op de locatie waar het hoofdstembureau de in artikel O 1 van de Kieswet bedoelde zitting houdt en op daarbij aanwezige personen.
|
||||
|
||||
**2.** Toepassing van artikel 9, derde lid, geschiedt met dien verstande dat burgemeester en wethouders van de gemeente waarin het hoofdstembureau is gevestigd de gezondheidscheck afnemen bij de leden van het hoofdstembureau.
|
||||
|
||||
**3.** Het centraal stembureau draagt er zorg voor dat in de ruimte waar de openbare zitting plaatsvindt alsook bij de ingang daarvan de aanwijzingen worden gegeven die nodig zijn om de naleving van artikel 58f, eerste lid, van de Wet publieke gezondheid of het bepaalde bij of krachtens artikel 9 door de bij de openbare zitting aanwezige personen te verzekeren.
|
||||
|
||||
### Artikel 23h
|
||||
|
||||
**1.** In aanvulling op artikel O 1, eerste lid, van de Kieswet wordt onder openbaar tevens verstaan dat de zitting in een digitale omgeving door de leden en geïnteresseerden kan worden bijgewoond. Daarnaast dienen geïnteresseerden de zitting ook op afstand te kunnen volgen door middel van een live-verbinding.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
Een zitting, bedoeld in het eerste lid, vindt slechts doorgang voor zover:
|
||||
|
||||
a. ieder lid afzonderlijk digitaal toegang heeft tot de zitting;
|
||||
b. de leden zichtbaar en hoorbaar herkenbaar zijn op een zodanige wijze dat hun identiteit kan worden vastgesteld;
|
||||
c. de andere deelnemers zichtbaar en hoorbaar kunnen zijn voor zover de voorzitter hen het woord verleent; en
|
||||
d. de voorzitter in staat is de orde te handhaven.
|
||||
|
||||
**3.** Onverminderd artikel O 2, vierde lid, van de Kieswet kunnen personen die de zitting in een digitale omgeving bijwonen bezwaren inbrengen. De ingebrachte bezwaren zijn geen bezwaren in de zin van artikel 7:1 van de Algemene wet bestuursrecht.
|
||||
|
||||
**4.** De voorzitter van het hoofdstembureau doet tijdig op een algemeen toegankelijke wijze mededeling van de plaats, de dag en het uur van de zitting alsook van de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan het eerste en derde lid.
|
||||
|
||||
### Artikel 23i
|
||||
|
||||
**1.** In aanvulling op artikel O 3, tweede lid, van de Kieswet wordt het proces-verbaal achtereenvolgens door de voorzitter en alle andere fysiek aanwezige leden van het hoofdstembureau ondertekend.
|
||||
|
||||
**2.** Een lid van het hoofdstembureau dat de openbare zitting op afstand in een digitale omgeving bijwoont, maakt daarin door middel van een openbare wilsuitdrukking kenbaar of de voorzitter het proces-verbaal namens hem mag ondertekenen.
|
||||
|
||||
### Artikel 23j
|
||||
|
||||
**1.** Indien het hoofdstemstembureau programmatuur heeft gebruikt ten behoeve van de vaststelling van de in artikel O 2 van de Kieswet bedoelde uitkomsten, maakt het, onverminderd artikel O 4, eerste lid, van de Kieswet, het daarmee gegenereerde digitale bestand onverwijld op een algemeen toegankelijke wijze elektronisch openbaar.
|
||||
|
||||
**2.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de elektronische openbaarmaking van het proces-verbaal en de digitale bestanden.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 11c. Tijdelijke regels ten aanzien van de zitting van het centraal stembureau
|
||||
|
||||
### Artikel 23k
|
||||
|
||||
Voor de toepassing van artikel P 1 van de Kieswet wordt voor «alle hoofdstembureaus zijn ontvangen» gelezen: de hoofdstembureaus zijn ontvangen.
|
||||
|
||||
### Artikel 23l
|
||||
|
||||
**1.** Het bepaalde bij of krachtens artikel 9, eerste lid, derde en vierde volzin, tweede tot en met vierde, zevende en negende lid, voor stemlokalen is van overeenkomstige toepassing op de locatie waar het centraal stembureau de in artikel P 20, tweede lid, van de Kieswet bedoelde zitting houdt en op daarbij aanwezige personen.
|
||||
|
||||
**2.** Toepassing van artikel 9, derde lid, geschiedt met dien verstande dat de voorzitter de gezondheidscheck afneemt bij de andere leden van het centraal stembureau. De plaatsvervangend voorzitter neemt de gezondheidscheck af bij de voorzitter.
|
||||
|
||||
**3.** Het centraal stembureau draagt er zorg voor dat in de ruimte waar de openbare zitting plaatsvindt alsook bij de ingang daarvan de aanwijzingen worden gegeven die nodig zijn om de naleving van artikel 58f, eerste lid, van de Wet publieke gezondheid of het bepaalde bij of krachtens artikel 9 door de bij de openbare zitting aanwezige personen te verzekeren.
|
||||
|
||||
### Artikel 23m
|
||||
|
||||
**1.** In aanvulling op artikel P 20, tweede lid, van de Kieswet wordt onder openbaar tevens verstaan dat de zitting in een digitale omgeving door de leden en geïnteresseerden kan worden bijgewoond. Daarnaast dienen geïnteresseerden de zitting op afstand te kunnen volgen door middel van een live-verbinding.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
Een zitting, bedoeld in het eerste lid, vindt slechts doorgang voor zover:
|
||||
|
||||
a. ieder lid afzonderlijk digitaal toegang heeft tot de zitting;
|
||||
b. de leden zichtbaar en hoorbaar herkenbaar zijn op een zodanige wijze dat hun identiteit kan worden vastgesteld;
|
||||
c. de andere deelnemers zichtbaar en hoorbaar kunnen zijn voor zover de voorzitter hen het woord verleent; en
|
||||
d. de voorzitter in staat is de orde te handhaven.
|
||||
|
||||
**3.** Onverminderd artikel P 20, derde lid, van de Kieswet kunnen personen die de zitting in een digitale omgeving bijwonen bezwaren inbrengen. De ingebrachte bezwaren zijn geen bezwaren in de zin van artikel 7:1 van de Algemene wet bestuursrecht.
|
||||
|
||||
**4.** Bij de bekendmaking, bedoeld in artikel P 20, tweede lid, van de Kieswet wordt tevens mededeling gedaan van de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan het eerste en derde lid.
|
||||
|
||||
### Artikel 23n
|
||||
|
||||
**1.** In aanvulling op artikel P 22, tweede lid, van de Kieswet wordt het proces-verbaal achtereenvolgens door de voorzitter en alle andere fysiek aanwezige leden van het centraal stembureau ondertekend.
|
||||
|
||||
**2.** Een lid van het centraal stembureau dat de openbare zitting op afstand in een digitale omgeving bijwoont, maakt daarin door middel van een openbare wilsuitdrukking kenbaar of de voorzitter het proces-verbaal namens hem mag ondertekenen.
|
||||
|
||||
### Artikel 23o
|
||||
|
||||
**1.** Indien het centraal stembureau de in artikel P 1a van de Kieswet bedoelde programmatuur heeft gebruikt, maakt het, onverminderd artikel P 23 van de Kieswet, het daarmee gegenereerde digitale bestand onverwijld op een algemeen toegankelijke wijze elektronisch openbaar.
|
||||
|
||||
**2.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de elektronische openbaarmaking van het proces-verbaal en de digitale bestanden.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 12. Tijdelijke regels over de toepassing in Bonaire, Sint Eustatius en Saba
|
||||
|
||||
### Artikel 24
|
||||
|
||||
In aanvulling op artikel Ya 1 van de Kieswet is deze wet en de daarop berustende bepalingen, met uitzondering van de artikelen 15 en 16 en met inachtneming van het bepaalde in afdeling Va van de Kieswet, ook van toepassing in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
|
||||
**1.** In aanvulling op artikel Ya 1 van de Kieswet is deze wet en de daarop berustende bepalingen, met uitzondering van de artikelen 7b, 7d, 11a tot en met 11i, 15, 16, 17d, 23c tot en met 23e en met inachtneming van het bepaalde in afdeling Va van de Kieswet, ook van toepassing in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
|
||||
|
||||
**2.** In afwijking van artikel 2g, eerste lid, eerste volzin, kan het bestuurscollege stembureaus aanwijzen die, in afwijking van artikel J 1, eerste lid, van de Kieswet, al op de eerste of de tweede dag voorafgaand aan de dag van de stemming zitting houden. Artikel 2g, tweede en derde lid, zijn niet van toepassing.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 13. Tijdelijke regels over experimenten in het verkiezingsproces
|
||||
|
||||
|
|
@ -225,17 +686,39 @@ In aanvulling op artikel Ya 1 van de Kieswet is deze wet en de daarop berustende
|
|||
|
||||
Onverminderd het bepaalde in artikel 3, eerste lid, van de Tijdelijke experimentenwet stembiljetten en centrale stemopneming vinden experimenten op basis van die wet tevens zoveel mogelijk plaats overeenkomstig hetgeen bij en krachtens deze wet is bepaald.
|
||||
|
||||
### Artikel 25a
|
||||
|
||||
In artikel 23b wordt onder geldige briefstembewijzen mede begrepen: geldige vervangend briefstembewijzen.
|
||||
|
||||
### Artikel 26
|
||||
|
||||
Artikel 5 is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van een gemeentelijk stembureau als bedoeld in artikel 20 van het Tijdelijk experimentenbesluit stembiljetten en centrale stemopneming.
|
||||
|
||||
### Artikel 26a
|
||||
|
||||
**1.** Paragraaf 3.2 van het Tijdelijk experimentenbesluit stembiljetten en centrale stemopneming is niet van toepassing op een stembureau als bedoeld in artikel 11a.
|
||||
|
||||
**2.** In afwijking van artikel N 11, eerste lid, van de Kieswet wordt het proces-verbaal overgedragen aan het gemeentelijk stembureau.
|
||||
|
||||
**3.** De vaststelling van het aantal stemmen, bedoeld in artikel 38, eerste lid, van het Tijdelijk experimentenbesluit stembiljetten en centrale stemopneming, vindt eerst plaats nadat tevens alle processen-verbaal van de stembureaus, bedoeld in artikel 11a, aan het gemeentelijk stembureau ter kennis zijn gebracht.
|
||||
|
||||
**4.** Het gemeentelijk stembureau maakt bij de vaststelling van de aantallen stemmen, bedoeld in artikel 38, eerste lid, van het Tijdelijk experimentenbesluit stembiljetten en centrale stemopneming apart melding van de stemmen die in de briefstembureaus zijn uitgebracht.
|
||||
|
||||
### Artikel 27
|
||||
|
||||
Als burgemeester en wethouders voor een stembureau een locatie als bedoeld in artikel 6 hebben aangewezen, dan zet het stembureau, in afwijking van artikel 22, derde lid, tweede volzin, zijn werkzaamheden voort overeenkomstig het bepaalde in de artikelen 22 tot en met 24 van het Tijdelijk experimentenbesluit stembiljetten en centrale stemopneming.
|
||||
Als burgemeester en wethouders voor een stembureau een locatie als bedoeld in artikel 6 hebben aangewezen, dan zet het stembureau, in afwijking van artikel 22, vierde lid, tweede volzin, zijn werkzaamheden voort overeenkomstig het bepaalde in de artikelen 22 tot en met 24 van het Tijdelijk experimentenbesluit stembiljetten en centrale stemopneming.
|
||||
|
||||
### Artikel 28
|
||||
|
||||
Het bepaalde bij of krachtens artikel 9 is van overeenkomstige toepassing op de locatie waar het gemeentelijk stembureau de stemopneming verricht en de zitting tot vaststelling van de uitslag houdt.
|
||||
**1.** Het bepaalde bij of krachtens artikel 9 is van overeenkomstige toepassing op de locatie waar het gemeentelijk stembureau de stemopneming verricht en de zitting tot vaststelling van de uitslag houdt.
|
||||
|
||||
**2.** Het bij of krachtens artikel 9 bepaalde voor kiezers is van overeenkomstige toepassing op andere aanwezige personen bij een zitting van het gemeentelijk stembureau, als bedoeld in artikel 20 van het Tijdelijk experimentenbesluit stembiljetten en centrale stemopneming.
|
||||
|
||||
### Artikel 28a
|
||||
|
||||
**1.** Indien het gemeentelijk stembureau programmatuur heeft gebruikt ten behoeve van de vaststelling van de uitkomsten van de stemopneming, bedoeld in artikel 38 van het Tijdelijk experimentenbesluit stembiljetten en centrale stemopneming, maakt het gemeentelijk stembureau, onverminderd artikel 42, eerste lid, van het Tijdelijk experimentenbesluit stembiljetten en centrale stemopneming, het daarmee gegenereerde digitale bestand onverwijld op een algemeen toegankelijke wijze elektronisch openbaar.
|
||||
|
||||
**2.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de elektronische openbaarmaking van het proces-verbaal en de digitale bestanden.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 14. Slotbepalingen
|
||||
|
||||
|
|
@ -249,7 +732,9 @@ Wijzigt de Tijdelijke wet maatregelen covid-19
|
|||
|
||||
**2.** Deze wet vervalt met ingang van 1 juli 2021. Het tijdstip waarop deze wet vervalt kan bij koninklijk besluit worden bepaald op een ander tijdstip, met dien verstande dat dit tijdstip steeds ten hoogste zes maanden na het tijdstip ligt waarop de wet zou vervallen.
|
||||
|
||||
**3.** De voordracht voor een krachtens het tweede lid vast te stellen koninklijk besluit wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide Kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
|
||||
**3.** Bij koninklijk besluit kan worden bepaald dat deze wet vervalt op een eerder tijdstip dan 1 juli 2021 dan wel een tijdstip dat ligt voor het tijdstip waarop de wet na 1 juli 2021 zou vervallen.
|
||||
|
||||
**4.** De voordracht voor een krachtens het tweede lid vast te stellen koninklijk besluit wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide Kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
|
||||
|
||||
### Artikel 31
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue