2009-08-01 | BWBR0007671 | Arbeidstijdenwet
This commit is contained in:
parent
e0ac52fbab
commit
0779c5b9d3
1 changed files with 21 additions and 5 deletions
|
|
@ -117,7 +117,8 @@ c. dienst: een aaneengesloten periode waarin arbeid wordt verricht en die gelege
|
|||
d. nachtdienst: een dienst waarin meer dan een uur arbeid wordt verricht tussen 00.00 uur en 06.00 uur;
|
||||
e. pauze: een periode van ten minste 15 achtereenvolgende minuten, waarmee de arbeid tijdens de dienst wordt onderbroken en de werknemer geen enkele verplichting heeft ten aanzien van de bedongen arbeid;
|
||||
f. Dienst Wegverkeer: de dienst, bedoeld in artikel 4a van de Wegenverkeerswet 1994;
|
||||
g. consignatie: een periode tussen twee opeenvolgende diensten of tijdens een pauze, waarin de werknemer uitsluitend verplicht is bereikbaar te zijn om in geval van onvoorziene omstandigheden op oproep zo spoedig mogelijk de bedongen arbeid te verrichten.
|
||||
g. consignatie: een periode tussen twee opeenvolgende diensten of tijdens een pauze, waarin de werknemer uitsluitend verplicht is bereikbaar te zijn om in geval van onvoorziene omstandigheden op oproep zo spoedig mogelijk de bedongen arbeid te verrichten;
|
||||
h. toezichthouder: de toezichthouder, bedoeld in de Algemene wet bestuursrecht, en als zodanig aangewezen op grond van artikel 8:1, eerste of tweede lid.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 2. Toepassingsgebied
|
||||
|
||||
|
|
@ -210,6 +211,7 @@ d. op arbeid, welke voor een in Nederland gevestigde werkgever, geheel of ten de
|
|||
|
||||
1°. aan boord van luchtvaartuigen;
|
||||
2°. in of op motorrijtuigen;
|
||||
3°. in of op spoorvoertuigen;
|
||||
e. arbeid verricht binnen de exclusieve economische zone, met uitzondering van de arbeid, bedoeld onder a en c.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 2.3. Bijzondere voorschriften voor vliegend, varend en rijdend personeel
|
||||
|
|
@ -256,7 +258,7 @@ d. arbeid bestaande uit het bezorgen van ochtendkranten door een kind van 15 jaa
|
|||
|
||||
### Artikel 3:3
|
||||
|
||||
**1.** Een daartoe aangewezen ambtenaar als bedoeld in artikel 8:1, eerste lid, kan ontheffing verlenen van artikel 3:2, eerste lid, ten aanzien van het door een kind verrichten van arbeid, bestaande uit het verlenen van medewerking aan uitvoeringen van culturele, wetenschappelijke, opvoedkundige of artistieke aard, aan modeshows, aan audio-, visuele of audio-visuele opnamen en daarmee vergelijkbare niet-industriële arbeid van lichte aard. Een verzoek om ontheffing wordt gedaan door de werkgever.
|
||||
**1.** De toezichthouder, bedoeld in artikel 8:1, eerste lid, kan ontheffing verlenen van artikel 3:2, eerste lid, ten aanzien van het door een kind verrichten van arbeid, bestaande uit het verlenen van medewerking aan uitvoeringen van culturele, wetenschappelijke, opvoedkundige of artistieke aard, aan modeshows, aan audio-, visuele of audio-visuele opnamen en daarmee vergelijkbare niet-industriële arbeid van lichte aard. Een verzoek om ontheffing wordt gedaan door de werkgever.
|
||||
|
||||
**2.** De werkgever leeft de voorschriften verbonden aan de ontheffing na.
|
||||
|
||||
|
|
@ -292,7 +294,7 @@ De werkgever zorgt ervoor dat een ieder, die over een kind het ouderlijk gezag o
|
|||
|
||||
**4.** Artikel 5 van de Arbeidsomstandighedenwet is van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**5.** Een daartoe aangewezen ambtenaar als bedoeld in artikel 8:1 kan, indien de in dit artikel neergelegde verplichtingen niet of in onvoldoende mate of op onjuiste wijze worden nageleefd, een eis tot naleving stellen. Deze eis tot naleving bevat de termijn waarbinnen er aan wordt voldaan.
|
||||
**5.** De toezichthouder kan, indien de in dit artikel neergelegde verplichtingen niet of in onvoldoende mate of op onjuiste wijze worden nageleefd, een eis tot naleving stellen. Deze eis tot naleving bevat de termijn waarbinnen er aan wordt voldaan.
|
||||
|
||||
**6.** De werkgever voldoet aan de eis tot naleving.
|
||||
|
||||
|
|
@ -824,6 +826,20 @@ De toezichthouders zijn, behoudens tegenover hen aan wier gezag zij uit hoofde v
|
|||
|
||||
**4.** De voordracht van een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in het eerste lid wordt Ons gedaan door Onze Minister van Verkeer en Waterstaat.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 8.5. Gegevensuitwisseling
|
||||
|
||||
### Artikel 8:7
|
||||
|
||||
**1.** Bestuursorganen zijn bevoegd uit eigen beweging en verplicht desgevraagd aan Onze Minister en de toezichthouder kosteloos alle gegevens en inlichtingen te verstrekken die noodzakelijk zijn voor de uitvoering en het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze wet en dit noodzakelijk is ten behoeve van een samenwerkingsverband tussen twee of meer van de voornoemde instanties.
|
||||
|
||||
**2.** Onze Minister en de toezichthouder verstrekken andere bestuursorganen kosteloos alle gegevens en inlichtingen, die zijn verkregen door de uitvoering of het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze wet, welke noodzakelijk zijn voor de uitvoering van hun wettelijke taak en dit noodzakelijk is ten behoeve van een samenwerkingsverband tussen twee of meer van de voornoemde instanties.
|
||||
|
||||
**3.** Onze Minister, bestuursorganen en de toezichthouder kunnen bij het verwerken van persoonsgegevens gebruik maken van het burgerservicenummer of, bij het ontbreken daarvan, het sociaal-fiscaalnummer.
|
||||
|
||||
**4.** De gegevensverstrekking, bedoeld in het eerste en tweede lid, vindt niet plaats indien de persoonlijke levenssfeer van de betrokkene daardoor onevenredig wordt geschaad.
|
||||
|
||||
**5.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld omtrent de gevallen waarin en de wijze waarop in ieder geval gegevens worden verstrekt.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 9. Zelfstandige bestuursorganen
|
||||
|
||||
### Paragraaf . Dienst Wegverkeer
|
||||
|
|
@ -932,7 +948,7 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
### Artikel 10:10
|
||||
|
||||
De persoon aan wie een bestuurlijke boete is opgelegd, verstrekt desgevraagd aan de daartoe op grond van artikel 10:5, eerste en tweede lid, aangewezen ambtenaar de inlichtingen die redelijkerwijs voor de tenuitvoerlegging van de bestuurlijke boete nodig zijn.
|
||||
De persoon aan wie een bestuurlijke boete is opgelegd, verstrekt desgevraagd aan de daartoe op grond van artikel 10:5, eerste of tweede lid, aangewezen ambtenaar de inlichtingen die redelijkerwijs voor de tenuitvoerlegging van de bestuurlijke boete nodig zijn.
|
||||
|
||||
### Artikel 10:11
|
||||
|
||||
|
|
@ -974,7 +990,7 @@ In afwijking van de paragrafen 10.2 tot en met 10.4, met uitzondering van artike
|
|||
|
||||
### Artikel 10:16
|
||||
|
||||
**1.** Een bestuurlijke boete wordt opgelegd door de toezichthouder, bedoeld in artikel 8:1, eerste lid, en in artikel 8:1, tweede lid, ten aanzien van de in artikel 5:12, tweede lid, onderdeel a, bedoelde personen ten aanzien van arbeid door hen verricht in of op motorrijtuigen.
|
||||
**1.** Een bestuurlijke boete wordt opgelegd door de toezichthouder, bedoeld in artikel 8:1, eerste lid, of in artikel 8:1, tweede lid, ten aanzien van de in artikel 5:12, tweede lid, onderdeel a, bedoelde personen ten aanzien van arbeid door hen verricht in of op motorrijtuigen.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue