2006-10-11 | BWBR0004627 | Kieswet
This commit is contained in:
parent
84f3d6cdc7
commit
07aba92a5f
1 changed files with 64 additions and 19 deletions
|
|
@ -527,13 +527,13 @@ De wijze waarop kandidaten op de lijst worden vermeld, wordt geregeld bij algeme
|
|||
|
||||
### Artikel H 10
|
||||
|
||||
**1.** De kandidaat wiens woonplaats buiten Nederland is gelegen, wijst in de verklaring van instemming tevens een in Nederland wonende gemachtigde aan met vermelding van diens naam, voorletters, woonplaats en adres. Indien de kandidaat voorkomt op meer dan één lijst, moet in iedere verklaring dezelfde gemachtigde worden aangewezen. Deze gemachtigde is met uitsluiting van de kandidaat bevoegd tot de handelingen, bedoeld in de artikelen V 2, eerste, vierde en vijfde lid, V 3, eerste en derde lid, en W 2, eerste lid, onder e.
|
||||
**1.** De kandidaat wiens woonplaats buiten Nederland is gelegen, wijst in de verklaring van instemming tevens een in Nederland wonende gemachtigde aan met vermelding van diens naam, voorletters, woonplaats en adres. Indien de kandidaat voorkomt op meer dan één lijst, moet in iedere verklaring dezelfde gemachtigde worden aangewezen. Deze gemachtigde is met uitsluiting van de kandidaat bevoegd tot de handelingen, bedoeld in de artikelen V 2, eerste, vierde en vijfde lid, V 3, eerste en derde lid, en W 2, eerste lid, onder f.
|
||||
|
||||
**2.** De kandidaat is bevoegd de overeenkomstig het eerste lid gegeven volmacht in te trekken. Hij geeft hiervan schriftelijk kennis aan de voorzitter van het centraal stembureau, zo nodig met aanwijzing van een nieuwe gemachtigde.
|
||||
|
||||
### Artikel H 10a
|
||||
|
||||
**1.** De in Nederland wonende kandidaat kan in geval van een verkiezing voor de leden van de Tweede Kamer en van provinciale staten van een provincie die uit meer dan één kieskring bestaat, bij de verklaring van instemming tevens een in Nederland wonende gemachtigde aanwijzen met vermelding van diens naam, voorletters, woonplaats en adres. Indien de kandidaat voorkomt op meer dan één lijst, wordt in iedere verklaring dezelfde gemachtigde aangewezen. Deze gemachtigde is met uitsluiting van de kandidaat bevoegd tot de handelingen, bedoeld in de artikelen V 2, eerste, vierde en vijfde lid, V 3, eerste en tweede lid, en W 2, eerste lid, onder *e*.
|
||||
**1.** De in Nederland wonende kandidaat kan in geval van een verkiezing voor de leden van de Tweede Kamer en van provinciale staten van een provincie die uit meer dan één kieskring bestaat, bij de verklaring van instemming tevens een in Nederland wonende gemachtigde aanwijzen met vermelding van diens naam, voorletters, woonplaats en adres. Indien de kandidaat voorkomt op meer dan één lijst, wordt in iedere verklaring dezelfde gemachtigde aangewezen. Deze gemachtigde is met uitsluiting van de kandidaat bevoegd tot de handelingen, bedoeld in de artikelen V 2, eerste, vierde en vijfde lid, V 3, eerste en tweede lid, en W 2, eerste lid, onder f.
|
||||
|
||||
**2.** Van de machtiging kan alleen gebruik worden gemaakt, indien dit gebruik ertoe strekt dat kandidaten van de gezamenlijke lijsten van de politieke groepering benoemd worden verklaard in de volgorde die voor de dag van de stemming door de politieke groepering is vastgesteld.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1870,13 +1870,13 @@ De wijze waarop kandidaten op de lijst worden vermeld, wordt geregeld bij algeme
|
|||
|
||||
### Artikel R 9
|
||||
|
||||
**1.** De kandidaat wiens woonplaats buiten Nederland is gelegen, wijst in de verklaring van instemming tevens een in Nederland wonende gemachtigde aan met vermelding van diens naam, voorletters, woonplaats en adres. Indien de kandidaat voorkomt op meer dan één lijst, moet in iedere verklaring dezelfde gemachtigde worden aangewezen. Deze gemachtigde is met uitsluiting van de kandidaat bevoegd tot de handelingen, bedoeld in de artikelen V 2, eerste, vierde en vijfde lid, V 3, eerste en derde lid, en W 2, eerste lid, onder e.
|
||||
**1.** De kandidaat wiens woonplaats buiten Nederland is gelegen, wijst in de verklaring van instemming tevens een in Nederland wonende gemachtigde aan met vermelding van diens naam, voorletters, woonplaats en adres. Indien de kandidaat voorkomt op meer dan één lijst, moet in iedere verklaring dezelfde gemachtigde worden aangewezen. Deze gemachtigde is met uitsluiting van de kandidaat bevoegd tot de handelingen, bedoeld in de artikelen V 2, eerste, vierde en vijfde lid, V 3, eerste en derde lid, en W 2, eerste lid, onder f.
|
||||
|
||||
**2.** De kandidaat is bevoegd de overeenkomstig het eerste lid gegeven volmacht in te trekken. Hij geeft hiervan schriftelijk kennis aan de voorzitter van het centraal stembureau, zo nodig met aanwijzing van een nieuwe gemachtigde.
|
||||
|
||||
### Artikel R 9a
|
||||
|
||||
**1.** De in Nederland wonende kandidaat kan bij de verklaring van instemming tevens een in Nederland wonende gemachtigde aanwijzen met vermelding van diens naam, voorletters, woonplaats en adres. Indien de kandidaat voorkomt op meer dan één lijst, wordt in iedere verklaring dezelfde gemachtigde aangewezen. Deze gemachtigde is met uitsluiting van de kandidaat bevoegd tot de handelingen, bedoeld in de artikelen V 2, eerste, vierde en vijfde lid, V 3, eerste en tweede lid, en W 2, eerste lid, onder *e*.
|
||||
**1.** De in Nederland wonende kandidaat kan bij de verklaring van instemming tevens een in Nederland wonende gemachtigde aanwijzen met vermelding van diens naam, voorletters, woonplaats en adres. Indien de kandidaat voorkomt op meer dan één lijst, wordt in iedere verklaring dezelfde gemachtigde aangewezen. Deze gemachtigde is met uitsluiting van de kandidaat bevoegd tot de handelingen, bedoeld in de artikelen V 2, eerste, vierde en vijfde lid, V 3, eerste en tweede lid, en W 2, eerste lid, onder f.
|
||||
|
||||
**2.** Van de machtiging kan alleen gebruik worden gemaakt, indien dit gebruik ertoe strekt dat kandidaten van de gezamenlijke lijsten van de politieke groepering benoemd worden verklaard in de volgorde die voor de dag van de stemming door de politieke groepering is vastgesteld.
|
||||
|
||||
|
|
@ -2349,17 +2349,17 @@ De beslissing betreffende de toelating van de tot lid van provinciale staten ond
|
|||
|
||||
**2.** Een plaats die openvalt na het tijdstip van periodieke aftreding, wordt vervuld op dezelfde wijze, als zou zijn geschied, indien zij voor dat tijdstip zou zijn opengevallen.
|
||||
|
||||
#### Hoofdstuk W. De plaatsvervanging
|
||||
#### Hoofdstuk W. De opvolging
|
||||
|
||||
### Artikel W 1
|
||||
|
||||
**1.** Wanneer, anders dan bij de vaststelling van de uitslag van een verkiezing, in een opengevallen plaats moet worden voorzien, verklaart de voorzitter van het centraal stembureau bij een met redenen omkleed besluit, uiterlijk op de veertiende dag nadat dit te zijner kennis is gekomen, benoemd de daarvoor in aanmerking komende kandidaat die in de volgorde, bedoeld in artikel P 19, het hoogst is geplaatst op de lijst waarop degene die moet worden vervangen, is gekozen. Indien het lid in wiens plaats moet worden voorzien, ontslag heeft genomen met ingang van een bepaald tijdstip, vangt de termijn, bedoeld in de eerste volzin, aan op dat tijdstip.
|
||||
**1.** Wanneer, anders dan bij de vaststelling van de uitslag van een verkiezing, in een opengevallen plaats moet worden voorzien, verklaart de voorzitter van het centraal stembureau bij een met redenen omkleed besluit, uiterlijk op de veertiende dag nadat dit te zijner kennis is gekomen, benoemd de daarvoor in aanmerking komende kandidaat die in de volgorde, bedoeld in artikel P 19, het hoogst is geplaatst op de lijst waarop degene die moet worden opgevolgd, is gekozen. Indien het lid in wiens plaats moet worden voorzien, ontslag heeft genomen met ingang van een bepaald tijdstip, vangt de termijn, bedoeld in de eerste volzin, aan op dat tijdstip.
|
||||
|
||||
**2.** Indien een plaats openvalt die door toepassing van artikel P 16, tweede lid, was vervuld, verklaart de voorzitter van het centraal stembureau, in afwijking van het eerste lid, benoemd de daarvoor in aanmerking komende kandidaat op de lijst waaraan ingevolge artikel P16, tweede lid , een zetel was onthouden.
|
||||
|
||||
**3.** Indien de lijst, bedoeld in het eerste lid, deel uitmaakt van een lijstengroep en op een of meer andere lijsten of stellen gelijkluidende lijsten van die groep kandidaten voorkomen die op de gezamenlijke lijsten waarop zij voorkomen, een aantal stemmen hebben verkregen groter dan 25% van de kiesdeler, doch die niet met toepassing van artikel P 15 zijn gekozen, verklaart de voorzitter van het centraal stembureau, in afwijking van het eerste lid, benoemd diegene van deze kandidaten op wie het grootste aantal stemmen is uitgebracht.
|
||||
|
||||
**4.** Indien het de plaatsvervanging van een lid van de Eerste Kamer of van een lid van een gemeenteraad met minder dan negentien zetels betreft wordt bij de toepassing van het derde lid niet 25% van de kiesdeler, maar de helft van de kiesdeler in aanmerking genomen.
|
||||
**4.** Indien het de opvolging van een lid van de Eerste Kamer of van een lid van een gemeenteraad met minder dan negentien zetels betreft wordt bij de toepassing van het derde lid niet 25% van de kiesdeler, maar de helft van de kiesdeler in aanmerking genomen.
|
||||
|
||||
**5.** Indien een plaats openvalt die door toepassing van het derde lid was vervuld en dat lid niet opnieuw moet worden toegepast, verklaart de voorzitter van het centraal stembureau benoemd de daarvoor in aanmerking komende kandidaat op de lijst waaraan ingevolge het derde lid een zetel was onthouden.
|
||||
|
||||
|
|
@ -2378,25 +2378,26 @@ c. het openvallen van een plaats in dat orgaan.
|
|||
Bij de toepassing van artikel W 1 wordt buiten rekening gelaten de kandidaat:
|
||||
|
||||
a. die is overleden;
|
||||
b. wiens vacature vervuld wordt;
|
||||
c. die in de vacature benoemd is verklaard, maar schriftelijk verklaard heeft of geacht wordt de benoeming niet aan te nemen, de in artikel V 3 genoemde stukken niet tijdig heeft ingezonden of bij onherroepelijk besluit niet tot het vertegenwoordigend orgaan is toegelaten;
|
||||
d. die lid is van het vertegenwoordigend orgaan of als zodanig benoemd is verklaard, terwijl over zijn toelating als lid nog niet onherroepelijk is beslist;
|
||||
e. van wie door de voorzitter van het centraal stembureau een schriftelijke verklaring is ontvangen dat hij niet voor benoeming in aanmerking wenst te komen;
|
||||
f. die, indien het de verkiezing van provinciale staten onderscheidenlijk de gemeenteraad betreft, niet benoembaar is ingevolge het bepaalde in artikel 12 van de Provinciewet onderscheidenlijk artikel 11 van de Gemeentewet.
|
||||
b. aan wie tijdelijk ontslag is verleend wegens zwangerschap en bevalling of ziekte;
|
||||
c. wiens vacature vervuld wordt;
|
||||
d. die in de vacature benoemd is verklaard, maar schriftelijk verklaard heeft of geacht wordt de benoeming niet aan te nemen, de in artikel V 3 genoemde stukken niet tijdig heeft ingezonden of bij onherroepelijk besluit niet tot het vertegenwoordigend orgaan is toegelaten;
|
||||
e. die lid is van het vertegenwoordigend orgaan of als zodanig benoemd is verklaard, terwijl over zijn toelating als lid nog niet onherroepelijk is beslist, tenzij hij is benoemd tot vervanger voor de plaats die is opengevallen als gevolg van een tijdelijk ontslag als bedoeld in paragraaf 3 van hoofdstuk X;
|
||||
f. van wie door de voorzitter van het centraal stembureau een schriftelijke verklaring is ontvangen dat hij niet voor benoeming in aanmerking wenst te komen;
|
||||
g. die, indien het de verkiezing van provinciale staten onderscheidenlijk de gemeenteraad betreft, niet benoembaar is ingevolge het bepaalde in artikel 12 van de Provinciewet onderscheidenlijk artikel 11 van de Gemeentewet.
|
||||
|
||||
**2.** Een verklaring als bedoeld in het eerste lid, onder *e*, kan worden ingetrokken.
|
||||
**2.** Een verklaring als bedoeld in het eerste lid, onder f, kan worden ingetrokken.
|
||||
|
||||
**3.** Bij ministeriële regeling wordt een model vastgesteld voor de verklaring, bedoeld in het eerste lid, onder *e*.
|
||||
**3.** Bij ministeriële regeling wordt een model vastgesteld voor de verklaring, bedoeld in het eerste lid, onder f.
|
||||
|
||||
### Artikel W 3
|
||||
|
||||
**1.** Indien bij de toepassing van de bepalingen van dit hoofdstuk geen kandidaat meer voor benoeming in aanmerking komt op de lijst waarop degene is gekozen die moet worden vervangen, en deze lijst te zamen met één of meer andere lijsten een lijstengroep, onderscheidenlijk een lijstencombinatie, vormt, gaat de zetel door toepassing van artikel P 13, onderscheidenlijk artikel U 13, over op één van die andere lijsten. De kandidaat van deze lijst die naar de volgorde, vastgesteld overeenkomstig artikel P 19, voor benoeming in aanmerking komt, wordt benoemd verklaard. Komt ook op deze lijst geen kandidaat meer voor benoeming in aanmerking, dan wordt de plaats aan een andere van de groep, onderscheidenlijk de combinatie, deel uitmakende lijst toegekend door verdere toepassing van het in dit lid bepaalde, en zo vervolgens.
|
||||
**1.** Indien bij de toepassing van de bepalingen van dit hoofdstuk geen kandidaat meer voor benoeming in aanmerking komt op de lijst waarop degene is gekozen die moet worden opgevolgd, en deze lijst te zamen met één of meer andere lijsten een lijstengroep, onderscheidenlijk een lijstencombinatie, vormt, gaat de zetel door toepassing van artikel P 13, onderscheidenlijk artikel U 13, over op één van die andere lijsten. De kandidaat van deze lijst die naar de volgorde, vastgesteld overeenkomstig artikel P 19, voor benoeming in aanmerking komt, wordt benoemd verklaard. Komt ook op deze lijst geen kandidaat meer voor benoeming in aanmerking, dan wordt de plaats aan een andere van de groep, onderscheidenlijk de combinatie, deel uitmakende lijst toegekend door verdere toepassing van het in dit lid bepaalde, en zo vervolgens.
|
||||
|
||||
**2.** Bij de toepassing van het eerste lid komen het eerst in aanmerking de lijsten die te zamen met de desbetreffende lijst een lijstengroep vormen en vervolgens de lijsten die met die lijst tot een lijstencombinatie zijn verbonden.
|
||||
|
||||
### Artikel W 4
|
||||
|
||||
**1.** Indien bij plaatsvervanging van leden van een gemeenteraad met negen of elf leden geen kandidaat meer voor benoeming in aanmerking komt op de lijst, waarop degene is gekozen die moet worden vervangen, of op de lijsten die met deze lijst een lijstengroep of lijstencombinatie vormen, wordt door toepassing van artikel P 10 beslist aan welke van de andere lijsten de plaats zal worden toegekend. De kandidaat die op de lijst waaraan de plaats wordt toegekend, naar de volgorde, vastgesteld overeenkomstig artikel P 19, voor benoeming in aanmerking komt, wordt benoemd verklaard.
|
||||
**1.** Indien bij opvolging van leden van een gemeenteraad met negen of elf leden geen kandidaat meer voor benoeming in aanmerking komt op de lijst, waarop degene is gekozen die moet worden opgevolgd, of op de lijsten die met deze lijst een lijstengroep of lijstencombinatie vormen, wordt door toepassing van artikel P 10 beslist aan welke van de andere lijsten de plaats zal worden toegekend. De kandidaat die op de lijst waaraan de plaats wordt toegekend, naar de volgorde, vastgesteld overeenkomstig artikel P 19, voor benoeming in aanmerking komt, wordt benoemd verklaard.
|
||||
|
||||
**2.** Indien bij de toepassing van de bepalingen van dit hoofdstuk op geen van de lijsten een kandidaat meer voor benoeming in aanmerking komt, beslist het centraal stembureau dat geen opvolger kan worden benoemd. Bij ministeriële regeling wordt voor het besluit een model vastgesteld.
|
||||
|
||||
|
|
@ -2420,9 +2421,9 @@ Indien de voorzitter van een centraal stembureau op dezelfde dag kennis krijgt v
|
|||
|
||||
Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld betreffende de voorziening in opengevallen plaatsen in vertegenwoordigende organen.
|
||||
|
||||
#### Hoofdstuk X. Het einde van het lidmaatschap
|
||||
#### Hoofdstuk X. Beëindiging van het lidmaatschap en tijdelijke vervanging als lid
|
||||
|
||||
##### Paragraaf 1. Algemene bepalingen
|
||||
##### Paragraaf 1. Algemene bepalingen inzake beëindiging van het lidmaatschap
|
||||
|
||||
### Artikel X 1
|
||||
|
||||
|
|
@ -2440,7 +2441,7 @@ Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld betreffen
|
|||
|
||||
**3.** Op een ingediend ontslag kan niet worden teruggekomen.
|
||||
|
||||
##### Paragraaf 2. Bijzondere bepalingen
|
||||
##### Paragraaf 2. Bijzondere bepalingen inzake beëindiging van het lidmaatschap
|
||||
|
||||
### Artikel X 3
|
||||
|
||||
|
|
@ -2502,6 +2503,38 @@ Leden van provinciale staten en van de gemeenteraad die hun ontslag hebben ingez
|
|||
|
||||
Artikel D 9 is van overeenkomstige toepassing op een besluit als bedoeld in de artikelen X 4, X 5, X 7 en X 8.
|
||||
|
||||
##### Paragraaf 3. Beëindiging van het lidmaatschap en vervanging wegens zwangerschap en bevalling of ziekte
|
||||
|
||||
### Artikel X 10
|
||||
|
||||
**1.** De voorzitter van een vertegenwoordigend orgaan verleent aan een lid van dat orgaan dat is toegelaten op diens verzoek tijdelijk ontslag wegens zwangerschap en bevalling op de in het verzoek vermelde dag die ligt tussen ten hoogste zes en ten minste vier weken voor de vermoedelijke datum van de bevalling die blijkt uit een door het lid overgelegde verklaring van een arts of verloskundige. Aan het verzoek, bedoeld in de eerste volzin, wordt niet voldaan, indien het tijdstip waarop het verzoek wordt gedaan ligt binnen een periode van zestien weken voor het einde van de zittingsduur als bedoeld in hoofdstuk C.
|
||||
|
||||
**2.** De voorzitter van een vertegenwoordigend orgaan verleent aan een lid van dat orgaan op diens verzoek tijdelijk ontslag, indien het lid wegens ziekte niet in staat is het lidmaatschap uit te oefenen en blijkens de verklaring van een arts aannemelijk is dat hij de uitoefening van het lidmaatschap niet binnen acht weken zal kunnen hervatten. Het tijdelijk ontslag gaat in op de dag na de bekendmaking van de beslissing op het verzoek. Aan het verzoek, bedoeld in de eerste volzin, wordt niet voldaan, indien het tijdstip waarop het verzoek wordt gedaan ligt binnen een periode van zestien weken voor het einde van de zittingsduur als bedoeld in hoofdstuk C.
|
||||
|
||||
**3.** Het lidmaatschap van het lid aan wie tijdelijk ontslag als bedoeld in het eerste lid of tweede lid is verleend, herleeft van rechtswege met ingang van de dag waarop zestien weken zijn verstreken sinds de dag van ingang van het tijdelijk ontslag.
|
||||
|
||||
**4.** Aan een lid van een vertegenwoordigend orgaan wordt ten hoogste drie maal per zittingsperiode tijdelijk ontslag als bedoeld in het eerste of het tweede lid verleend.
|
||||
|
||||
### Artikel X 11
|
||||
|
||||
**1.** De voorzitter van het vertegenwoordigend orgaan beslist op een verzoek tot tijdelijk ontslag als bedoeld in artikel X 10, eerste of tweede lid, zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk op de veertiende dag na indiening van het verzoek.
|
||||
|
||||
**2.** De beslissing op het verzoek tot tijdelijk ontslag geschiedt in overeenstemming met de verklaring van de arts of verloskundige, bedoeld in artikel X 10, eerste of tweede lid.
|
||||
|
||||
**3.** Een beslissing tot tijdelijk ontslag bevat de dag van ingang van het ontslag.
|
||||
|
||||
**4.** De voorzitter van het vertegenwoordigend orgaan geeft van een beslissing tot tijdelijk ontslag onverwijld kennis aan de voorzitter van het centraal stembureau.
|
||||
|
||||
### Artikel X 12
|
||||
|
||||
**1.** De voorzitter van het centraal stembureau benoemt een vervanger voor de plaats die is opengevallen als gevolg van een tijdelijk ontslag als bedoeld in deze paragraaf. De hoofdstukken V en W zijn van toepassing, met dien verstande dat in afwijking van artikel V 2, eerste lid, de benoeming uiterlijk op de tiende dag na de dagtekening van de kennisgeving van benoeming wordt aangenomen.
|
||||
|
||||
**2.** Degene die als vervanger is benoemd, houdt op lid te zijn met ingang van de dag waarop zestien weken zijn verstreken sinds de dag van ingang van het tijdelijk ontslag, onverminderd de mogelijkheid dat het vervangende lidmaatschap ingevolge deze wet op een eerder tijdstip eindigt.
|
||||
|
||||
**3.** Indien de vervanger van het lid van een vertegenwoordigend orgaan aan wie tijdelijk ontslag is verleend wegens zwangerschap en bevalling of ziekte, voortijdig ontslag neemt, dan wel wordt benoemd tot lid van het vertegenwoordigend orgaan voor een plaats die is opengevallen anders dan als gevolg van een tijdelijk ontslag, benoemt de voorzitter van het centraal stembureau een nieuwe tijdelijke vervanger voor de resterende periode van het tijdelijk ontslag.
|
||||
|
||||
**4.** Artikel X 6 is niet van toepassing op een vervanger.
|
||||
|
||||
### Afdeling V. De verkiezing van de leden van het Europees Parlement
|
||||
|
||||
#### Hoofdstuk Y. De verkiezing van de leden van het Europees Parlement
|
||||
|
|
@ -2673,6 +2706,18 @@ Zodra onherroepelijk is komen vast te staan dat een lid van het Europees Parleme
|
|||
|
||||
Indien de voorzitter van de Tweede Kamer een bericht ontvangt van de voorzitter van het Europees Parlement dat het lidmaatschap van een lid van het Europees Parlement is beëindigd wegens ontslag, overlijden of het vervullen van een ingevolge de Akte onverenigbare functie, geeft hij hiervan onverwijld kennis aan de voorzitter van het centraal stembureau.
|
||||
|
||||
### Artikel Y 30a
|
||||
|
||||
Dit artikel treedt niet meer in werking. Het artikel is ingetrokken door Stb. 2020/77.
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
|
||||
### Artikel Y 30b
|
||||
|
||||
Dit artikel treedt niet meer in werking. Het artikel is ingetrokken door Stb. 2020/77.
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
|
||||
##### Paragraaf 4. Bijzondere bepalingen betreffende deelneming aan de verkiezingen door niet-Nederlanders die onderdanen zijn van andere lid-staten van de Europese Unie
|
||||
|
||||
### Artikel Y 31
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue