From 085cfab9d54819a8b6e7a383e90892a64e2113bb Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Fri, 1 Nov 2013 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2013-11-01 | BWBR0024096 | Leidraad Invordering 2008 --- .../BWBR0024096/README.md | 17 ++++++++++++++--- 1 file changed, 14 insertions(+), 3 deletions(-) diff --git a/beleidsregel/leidraad-invordering-2008/BWBR0024096/README.md b/beleidsregel/leidraad-invordering-2008/BWBR0024096/README.md index 9709fac20b4..5a68b1eb03d 100644 --- a/beleidsregel/leidraad-invordering-2008/BWBR0024096/README.md +++ b/beleidsregel/leidraad-invordering-2008/BWBR0024096/README.md @@ -1086,7 +1086,8 @@ In aansluiting op artikel 19 van de wet beschrijft dit artikel het beleid over: – de algemene regels over het doen van een vordering; – de faillissementsvordering; -– vorderingen met betrekking tot periodieke uitkeringen. +– vorderingen met betrekking tot periodieke uitkeringen; +– de overheidsvordering, bedoeld in artikel 19, vierde lid, van de wet. ### 19.1. Vordering algemeen @@ -1211,7 +1212,9 @@ De Belastingdienst stelt de beslagvrije voet vast op basis van het periodieke in De beslagvrije voet wordt bepaald aan de hand van de gegevens die bij de ontvanger bekend zijn. Als de ontvanger de beslagvrije voet niet tot een juist bedrag kan vaststellen zonder nadere informatie van de belastingschuldige, stelt hij – op basis van artikel 58 van de wet – de belastingschuldige in de gelegenheid die nadere informatie te verstrekken, bijvoorbeeld in de situatie dat de belastingschuldige een partner heeft en het inkomen van de partner bij de ontvanger niet bekend is. -Als de belastingschuldige de gevraagde informatie niet verstrekt, wordt de beslagvrije voet vastgesteld op 45% van de bijstandsnorm. +Als de belastingschuldige de gevraagde informatie niet verstrekt, wordt de beslagvrije voet vastgesteld op 45% van de bijstandsnorm. Als de belastingschuldige vervolgens de gevraagde informatie alsnog verstrekt, wijzigt de ontvanger de beslagvrije voet en past deze toe vanaf de eerstvolgende inhouding, dus zonder terugwerkende kracht. + +In situaties waarin de ontvanger de beslagvrije voet heeft vastgesteld zonder vooraf informatie over inkomsten en uitgaven op te vragen bij de belastingschuldige, herstelt de ontvanger de beslagvrije voet als door de belastingschuldige wordt aangetoond dat deze te laag is vastgesteld. Als de belastingschuldige kan aantonen dat de beslagvrije voet al op een eerder moment op een te laag bedrag was vastgesteld, gebeurt dit met terugwerkende kracht. #### 19.3.5. Belastingschuldige woont in buitenland en beslag periodieke uitkering @@ -1235,6 +1238,10 @@ In dat geval moet worden nagegaan wat de periodieke inkomsten van de belastingsc Als de gezamenlijke inkomsten uitkomen boven de beslagvrije voet, dan wordt onder de werkgever of uitkeringsinstantie van de belastingschuldige een vordering gedaan, waarbij wordt aangegeven welk bedrag maandelijks moet worden ingehouden, hierbij rekening houdend met de regeling van de beslagvrije voet. +### 19.4. Beslagvrije voet en overheidsvordering + +Als de belastingschuldige aannemelijk maakt dat hij vanwege de toepassing van de overheidsvordering, bedoeld in artikel 19, vierde lid, van de wet, een lager bedrag aan bestaansmiddelen overhoudt dan overeenkomt met de voor hem geldende beslagvrije voet, maakt de ontvanger de overheidsvordering op verzoek van de belastingschuldige in zoverre ongedaan met inachtneming van hetgeen hierna volgt. Bij het verzoek verstrekt de belastingschuldige naast de gegevens die van belang zijn voor de vaststelling van de beslagvrije voet een overzicht van de banktegoeden, waaronder begrepen spaartegoeden, waarover de belastingschuldige onmiddellijk na de overheidsvordering kon beschikken. Ongedaanmaking blijft beperkt tot de laatste overheidsvordering voorafgaand aan het verzoek van de belastingschuldige. Als sprake is van een belastingschuldige als bedoeld in artikel 19, tweede lid, van de wet, berekent de ontvanger de beslagvrije voet met inachtneming van het bepaalde in artikel 19, eerste lid, laatste volzin van de wet. Het bepaalde in artikel 19.1.7 van deze leidraad is hierbij van toepassing. Voordat de ontvanger tot teruggaaf overgaat, gaat hij na of de belastingschuldige op het moment dat de overheidsvordering is gedaan, beschikte over banktegoeden, waaronder begrepen spaartegoeden. Als het totaal van de banktegoeden waarover de belastingschuldige onmiddellijk na de overheidsvordering kon beschikken groter is dan de voor hem geldende beslagvrije voet, vermindert de ontvanger de teruggaaf met het meerdere. + ## 20. Lijfsdwang In aansluiting op artikel 20 van de wet beschrijft dit artikel het beleid over: @@ -1624,6 +1631,8 @@ Dit geldt ook als het verzoek wordt gedaan nog voordat de teruggaaf is geformali De ontvanger is bevoegd een van de belastingschuldige te innen bedrag te verrekenen met een voorlopige teruggaaf inkomstenbelasting. Als de belastingschuldige door die verrekening een lager bedrag aan bestaansmiddelen overhoudt dan overeenkomt met de voor hem geldende beslagvrije voet, kan hij de ontvanger verzoeken de verrekening ongedaan te maken voor zover hierdoor de beslagvrije voet is aangetast. Als de belastingschuldige voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de beslagvrije voet is aangetast, zal de ontvanger rekening houden met de beslagvrije voet bij de laatste verrekening die plaatsvond vóór de indiening van het verzoek en bij de daaropvolgende verrekeningen. +Als sprake is van een notoire wanbetaler als bedoeld in artikel 19, tweede lid, van de wet, past de ontvanger de in artikel 19, eerste lid, laatste volzin van de wet geregelde mogelijkheid tot doorbreking van de beslagvrije voet op overeenkomstige wijze toe. Het bepaalde in artikel 19.1.7 van deze leidraad is hierbij van toepassing. + ### 24.2. Betwiste schuld en verrekening In het algemeen gaat de ontvanger niet tot verrekening over met een te betalen bedrag dat de belastingschuldige betwist en waarvoor de ontvanger uitstel van betaling heeft verleend op grond van artikel 25.2 van deze leidraad. @@ -4853,7 +4862,9 @@ Het initiatief om tot verrekening over te gaan, zal in de regel liggen bij Belas ### 79.5a. Verrekening en beslagvrije voet -Als de belanghebbende door de verrekening van een voorschot op een tegemoetkoming of een voorlopige teruggaaf inkomstenbelasting een lager bedrag aan bestaansmiddelen overhoudt dan overeenkomt met de voor hem geldende beslagvrije voet, kan hij de Belastingdienst/Toeslagen verzoeken de verrekening ongedaan te maken voor zover hierdoor de beslagvrije voet is aangetast. Als de belanghebbende voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de beslagvrije voet is aangetast, zal de Belastingdienst/Toeslagen rekening houden met de beslagvrije voet bij de laatste verrekening die plaatsvond vóór de indiening van het verzoek en bij de daaropvolgende verrekeningen. +Als de belanghebbende door de verrekening van een voorschot huurtoeslag of zorgtoeslag of een voorlopige teruggaaf inkomstenbelasting een lager bedrag aan bestaansmiddelen overhoudt dan overeenkomt met de voor hem geldende beslagvrije voet, kan hij de Belastingdienst/Toeslagen verzoeken de verrekening ongedaan te maken voor zover hierdoor de beslagvrije voet is aangetast. Als de belanghebbende voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de beslagvrije voet is aangetast, zal de Belastingdienst/Toeslagen rekening houden met de beslagvrije voet bij de laatste verrekening die plaatsvond vóór de indiening van het verzoek en bij de daaropvolgende verrekeningen. + +Als sprake is van een notoire wanbetaler als bedoeld in artikel 19, tweede lid, van de wet, past de ontvanger de in de artikel 19, eerste lid, laatste volzin van de wet geregelde mogelijkheid tot doorbreking van de beslagvrije voet op overeenkomstige wijze toe. Het bepaalde in artikel 19.1.7 van deze leidraad is hierbij van toepassing. ### 79.6. Verrekening en uitstel van betaling toeslagschuld