2007-11-21 | BWBR0010343 | Circulaire particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus
This commit is contained in:
parent
c6b2193e96
commit
08eb038b2d
1 changed files with 12 additions and 19 deletions
|
|
@ -49,7 +49,7 @@ Legitimatiebewijs: € 14,52 (aan korpschef/Kmar) o.g.v. art. 6 onder e van de w
|
|||
|
||||
Toestemming tewerkstelling personeel (geen leiding): € 52,18 (aan korpschef/ commandant Kmar) o.g.v.art. 7, zevende lid, van de wet jo art. 24, derde lid, van de regeling.
|
||||
|
||||
Bij het in rekening brengen van kosten is het moment van ontvangst van de aanvraag bij het ministerie van Justitie dan wel de korpschef bepalend. Wordt de aanvraag vóór 1 april 1999 (datum van inwerkingtreding van de wet) ontvangen dan zullen geen kosten in rekening worden gebracht voor verlening of verlenging van de vergunning, voor verlening van toestemming of voor afgifte van het legitimatiebewijs. Dat de activiteiten die leiden tot het verstrekken van een vergunning, toestemming of legitimatiebewijs feitelijk worden verricht na de inwerkingtreding van de wet doet daaraan niet af. Wordt de aanvraag ontvangen na de inwerkingtreding van de wet, dan worden kosten in rekening gebracht voor het verlenen en verlengen van de vergunning, voor het verlenen van toestemming en voor de afgifte van een legitimatiebewijs.
|
||||
Voor de toestemming voor leidinggevenden o.g.v. artikel 7, zevende lid van de regeling, bedragen de kosten € 52,18. Dit bedrag moet bij het indienen van het verzoek worden overgemaakt aan de Minister van Justitie. Deze verplichting en de overige wijzigingen van de vergoeding van de kosten genoemd in artikel 24 van de regeling gelden vanaf 1 januari 2008. Bepalend voor de berekening van de kosten is het moment waarop de aanvraag ontvangen wordt. De vergoeding van de kosten zal verder worden geïndexeerd. De telkens per 1 januari vastgestelde bedragen zullen worden gepubliceerd op www.justitie.nl, onderdeel opsporing en handhaving, subonderwerp particuliere beveiliging en recherche.
|
||||
|
||||
## 2. Toestemming
|
||||
|
||||
|
|
@ -85,7 +85,7 @@ In onderdeel 2.1. onder a en b wordt uitgegaan van de datum van een onherroepeli
|
|||
|
||||
### 2.2. Bekwaamheid
|
||||
|
||||
Toestemming wordt slechts verleend als is voldaan aan de eisen van betrouwbaarheid en aan de in de regeling gestelde vakbekwaamheidseisen (artikelen 5, 7, 8, 9 en 10 van de regeling). Betrokkenen moeten kunnen aantonen in het bezit te zijn van de vereiste diploma’s door het overleggen van (gewaarmerkte kopieën van) diploma’s. De vakbekwaamheidseisen gelden voor personen die beveiligingswerkzaamheden verrichten en voor personen die te werk worden gesteld door een recherchebureau.
|
||||
Toestemming wordt slechts verleend als is voldaan aan de eisen van betrouwbaarheid en aan de in de regeling gestelde vakbekwaamheidseisen (artikelen 5, 7, 7a, 8, 9, 10 en 11a van de regeling). Betrokkenen moeten kunnen aantonen in het bezit te zijn van de vereiste diploma’s door het overleggen van (gewaarmerkte kopieën van) diploma’s. De vakbekwaamheidseisen gelden voor personen die beveiligingswerkzaamheden verrichten en voor personen die te werk worden gesteld door een recherchebureau.
|
||||
|
||||
In en aantal uitzonderingsgevallen is het toegestaan om tijdelijk of voor onbepaalde tijd zonder diploma beveiligingswerkzaamheden te verrichten.
|
||||
|
||||
|
|
@ -95,8 +95,8 @@ Het betreft de volgende gevallen:
|
|||
- de persoon voor wie toestemming wordt gevraagd is vrijgesteld van de opleidingseis op grond van het bepaalde in artikel 5, vijfde lid, van de regeling (leeftijd en ervaring);
|
||||
- de persoon voor wie toestemming wordt gevraagd valt onder de overgangsregeling zoals opgenomen in artikel 26 van de regeling en is op grond daarvan geheel of tijdelijk vrijgesteld van de opleidingseis;
|
||||
- aan de persoon voor wie toestemming wordt gevraagd is door de minister van Justitie ontheffing verleend van de opleidingseis. De ontheffing kan tijdelijk of voor onbepaalde tijd zijn verleend en is opgenomen in de vergunning (bijvoorbeeld bij horecaportiers) of in een aparte beslissing;
|
||||
- de persoon voor wie toestemming wordt gevraagd is in het bezit van een SVPB/ECABO certificaat ‘Event Security Officer’ en gaat beveiligingswerkzaamheden verrichten bij een evenement;
|
||||
- de persoon voor wie toestemming wordt gevraagd is nog in opleiding voor het SVPB/ECABO certificaat ‘Event Security Officer’ in de periode waarop de aanvraag betrekking heeft en gaat beveiligingswerkzaamheden verrichten bij een evenement. Wanneer betrokkene bewijs kan overleggen dat hij in opleiding is voor dit certificaat, kan toestemming worden verleend voor de duur van de praktijkopleiding (maximaal 12 maanden).
|
||||
- de persoon voor wie toestemming wordt gevraagd is nog in opleiding voor het certificaat Basisopleiding Centralist Alarmcentrale SVPB/ECABO in de periode waarop de aanvraag betrekking heeft en gaat beveiligingswerkzaamheden verrichten bij een particuliere alarmcentrale. Wanneer betrokkene een bewijs kan overleggen dat hij in opleiding is voor dit certificaat, kan toestemming worden verleend voor de duur van de praktijkopleiding (maximaal 12 maanden).
|
||||
|
||||
Wanneer betrokkene kan aantonen dat een van de hiervoor genoemde omstandigheden zich voordoet kan de korpschef – wanneer tevens is voldaan aan de betrouwbaarheidseisen – toestemming verlenen.
|
||||
|
||||
|
|
@ -112,13 +112,11 @@ In deze circulaire wordt verstaan onder een evenement:
|
|||
|
||||
Voorbeelden van een evenement in de zin van de circulaire kunnen zijn: een feest, kermis, braderie, vertoning, voorstelling, sportevenement, herdenking, concert met (on)versterkte muziek of een manifestatie.
|
||||
|
||||
De opleiding ‘Event Security Officer’ is bestemd voor personen die evenementenbeveiliging verrichten, waarbij hij of zij:
|
||||
Criterium voor de aanmelding voor theorie- en praktijkexamenonderdelen van de opleiding ‘Event Security Officer’, is of de kandidaat werkzaam is bij een beveiligingsbedrijf dat over een vergunning van het Ministerie van Justitie beschikt.
|
||||
|
||||
- dit werk als nevenbetrekking uitoefent;
|
||||
- in kortlopende projecten werkt;
|
||||
- te maken heeft met seizoensinvloeden, avond- en weekendwerk en werk op feestdagen.
|
||||
#### 2.2.2. Centralist Alarmcentrale
|
||||
|
||||
Voor personen die evenementenbeveiliging als hoofdfunctie uitoefenen is de reguliere opleiding Beveiliger, met aparte modules voor Evenementenbeveiliging, de vereiste opleiding. Criterium voor de aanmelding voor theorie- en praktijkexamenonderdelen van de opleiding ‘Event Security Officer’, is of de kandidaat werkzaam is bij een beveiligingsbedrijf dat over een vergunning van het Ministerie van Justitie beschikt.
|
||||
Personen die beschikken over het SVPB/ECABO certificaat ‘Basisopleiding Centralist Alarmcentrale’ kan toestemming worden verleend voor het verrichten van werkzaamheden als centralist bij een particuliere alarmcentrale. De toestemming geldt alleen voor het verrichten van werkzaamheden als alarmcentralist.
|
||||
|
||||
### 2.3. Bestuursorganen
|
||||
|
||||
|
|
@ -170,6 +168,10 @@ Het blauwe legitimatiebewijs kan eveneens verstrekt worden aan Event Security Of
|
|||
|
||||
De bepaling met betrekking tot het groene legitimatiebewijs als bedoeld in artikel 5, derde lid, van de regeling blijft van kracht tot 1 januari 2003. Dit legitimatiebewijs is bestemd voor beveiligingsmedewerkers die nog in opleiding zijn en gedurende een periode van 2 of 12 maanden beveiligingswerkzaamheden mogen verrichten. Het gele legitimatiebewijs is bestemd voor personen die recherchewerkzaamheden mogen verrichten en in het bezit zijn van een diploma als bedoeld in artikel 10, eerste lid, van de regeling en voor personen die in opleiding zijn om recherchewerkzaamheden te mogen verrichten zoals bedoeld in artikel 10, tweede lid, van de regeling. Het legitimatiebewijs voor buitengewoon opsporingsambtenaren, zoals door mij vastgesteld op grond van het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar, is bestemd voor een buitengewoon opsporingsambtenaar die behoort tot een particuliere beveiligingsorganisatie of onderdeel daarvan, door mij aangewezen als een categorie of eenheid als bedoeld in artikel 142, eerste lid, onder b, van het Wetboek van Strafvordering.
|
||||
|
||||
Het blauwe legitimatiebewijs kan voorts worden verstrekt aan alarmcentralisten in het bezit van het SVPB/ECABO certificaat ‘Basisopleiding Centralist Alarmcentrale’. Op het legitimatiebewijs moet de beperking voor wat betreft de uit te voeren werkzaamheden (artikel 13, derde lid van de Rpbr) vermeld staan. Onder het kopje ‘Beperking (art.13, derde lid van de Rpbr)’ moet de volgende tekst worden opgenomen: Uitsluitend werkzaam als alarmcentralist.
|
||||
|
||||
Het blauwe legitimatiebewijs kan eveneens worden verstrekt aan alarmcentralisten in opleiding, als bedoeld in onderdeel 2.2.2 van deze circulaire, waarbij aangetekend moet worden dat aan hen voor maximaal 12 maanden een blauw legitimatiebewijs kan worden verstrekt. Op dit legitimatiebewijs wordt onder het kopje ‘Beperking (art. 13.3, derde lid van de Rpbr)’ de volgende tekst opgenomen: Uitsluitend werkzaam als alarmcentralist i.o.
|
||||
|
||||
### 3.2. Gegevens
|
||||
|
||||
Op het legitimatiebewijs moeten de volgende gegevens machinaal worden ingevuld:
|
||||
|
|
@ -199,16 +201,7 @@ Het legitimatiebewijs dient te allen tijde te zijn voorzien van een goed gelijke
|
|||
|
||||
### 3.3. Geldigheidsduur
|
||||
|
||||
Bij het invullen van de datum waarop de geldigheid van het bewijs verstrijkt dient met het volgende rekening te worden gehouden:
|
||||
|
||||
a. Het grijze legitimatiebewijs is na datum van de afgifte maximaal 3 jaar geldig, voor beveiligingsbeambten in opleiding is dit maximaal 1 jaar.
|
||||
b. Het blauwe legitimatiebewijs is na datum van de afgifte maximaal 3 jaar geldig, voor Event Security Officers in opleiding is dit maximaal 1 jaar.
|
||||
c. Het gele legitimatiebewijs is na datum van de afgifte maximaal 3 jaar geldig, voor particulier rechercheurs in opleiding is dit maximaal 1 jaar.
|
||||
d. Het groene legitimatiebewijs is na de afgifte:
|
||||
|
||||
- maximaal 12 of 2 maanden geldig wanneer artikel 28a van de regeling van toepassing is.
|
||||
|
||||
Het grijze legitimatiebewijs voor beveiligingsbeambten, die praktijkervaring op moeten doen voor de opleiding Beveiliger, wordt slechts voor een eenmalige duur van 12 maanden verstrekt na het inleveren van een gewaarmerkte verklaring van Ecabo bij de korpschef. Hetzelfde geldt voor het gele legitimatiebewijs voor particulier rechercheurs in opleiding. Na 1 januari 2003 wordt geen groen legitimatiebewijs meer afgegeven. Met ingang van die datum is het groene legitimatiebewijs vervallen.
|
||||
Alle soorten legitimatiebewijzen zijn na de datum van afgifte maximaal drie jaar geldig. Voor personen in opleiding is dat maximaal 1 jaar.
|
||||
|
||||
### 3.4. Toezicht op naleving opleidingseisen
|
||||
|
||||
|
|
@ -291,7 +284,7 @@ Relevante artikelen: artikel 9, eerste lid, van de wet; artikelen 9 en 12 van de
|
|||
|
||||
### 4.1. Goedkeuring
|
||||
|
||||
Ingevolge artikel 9, eerste lid van de wet dragen personen, die belast zijn met het uitvoeren van beveiligingswerkzaamheden bij de uitoefening van hun dienst een uniform dat door mij is goedgekeurd. Deze goedkeuring kan worden verkregen door kleurenfoto’s over te leggen, waarop de uitvoering van het uniform en de gebezigde herkenningstekens duidelijk zichtbaar zijn. Tevens dient een staal van de gebruikte stof te worden overgelegd.
|
||||
Ingevolge artikel 9, eerste lid van de wet dragen personen, die belast zijn met het uitvoeren van beveiligingswerkzaamheden bij de uitoefening van hun dienst een uniform dat door mij is goedgekeurd. Deze goedkeuring kan worden verkregen door kleurenfoto’s over te leggen, waarop de uitvoering van het uniform en de gebezigde herkenningstekens duidelijk zichtbaar zijn.
|
||||
|
||||
Bij de uitvoering van het uniform dient er rekening mee te worden gehouden dat het uniform niet mag lijken op dat van de politie. Dit betekent dat een pantalon die is uitgevoerd in kleuren die een sterke gelijkenis vertonen met de kleuren die de politie gebruikt, niet mag zijn voorzien van een bies. Zo mag ook een eventueel gebruikte blouson geen sterke gelijkenis vertonen met de blouson die de politie gebruikt. Op het uniform mogen geen rangonderscheidingstekens zijn aangebracht. Ook de herkenningstekens (vignetten, emblemen of logo’s) mogen geen gelijkenis vertonen met de vignetten van de politie. Dit betekent dat uniformen die zijn voorzien van goud – geel of koperkleurige emblemen niet zullen worden goedgekeurd. Het in het politie-embleem tot uitdrukking komende symbool van het wetboek en de vlam, is als embleem voor een particuliere beveiligingsorganisatie niet noodzakelijk en zal slechts – onnodige – verwarring bij het publiek veroorzaken. Aan uniformen die van een dergelijk embleem of van een daarop gelijkend embleem zijn voorzien, zal daarom geen goedkeuring worden verleend.
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue