2009-07-01 | BWBR0001969 | Warenwet
This commit is contained in:
parent
9b0bf8386c
commit
0a6cdb77a4
1 changed files with 19 additions and 78 deletions
|
|
@ -25,9 +25,7 @@ d. Onze Minister:
|
|||
2°. Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, voor zover het te nemen besluit of te regelen onderwerp voor beroepsmatige toepassing bestemde technische voortbrengselen betreft of indien het te nemen besluit of te regelen onderwerp liften, schiethamers, containers, drukvaten van eenvoudige vorm of drukapparatuur en samenstellen daarvan dan wel explosieveilig materieel betreft;
|
||||
e. verhandelen: het te koop aanbieden, uitstallen, tentoonstellen, verkopen, afleveren of voorhanden of in voorraad hebben van een waar;
|
||||
f. bijlage: de bijlage, bedoeld in artikel 32b;
|
||||
g. overtreding: een handeling als omschreven in de bijlage, welke in strijd is met het bepaalde bij of krachtens de artikelen 1a, 4 tot en met 7, 8 tot en met 11, 13 tot en met 20, 21b, 22, 24, 26, 27, eerste lid, laatste volzin, en derde lid, 30, derde lid, 31, 32c en 32k;
|
||||
h. boete: de bestuurlijke sanctie bestaande in de verplichting aan de staat een bepaalde geldsom te betalen;
|
||||
i. verordening (EEG) nr. 2913/92: verordening (EEG) nr. 2913/92 van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 12 oktober 1992 tot vaststelling van het communautair douanewetboek (PbEG L 302).
|
||||
g. verordening (EEG) nr. 2913/92: verordening (EEG) nr. 2913/92 van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 12 oktober 1992 tot vaststelling van het communautair douanewetboek (PbEG L 302).
|
||||
|
||||
**2.** Deze wet is niet van toepassing ten aanzien van hetgeen geschiedt in de sfeer van de particuliere huishouding of van een daarmee bij algemene maatregel van bestuur gelijkgestelde andere huishouding, met dien verstande dat bij algemene maatregel van bestuur ten aanzien van technische voortbrengselen anders kan worden bepaald.
|
||||
|
||||
|
|
@ -356,7 +354,7 @@ b. waren, niet zijnde eet- of drinkwaren, aan te prijzen met gebruikmaking van v
|
|||
|
||||
### Artikel 21c
|
||||
|
||||
Voor de toepassing van de artikelen 21, 21a, 21b, 32, 32a, 32e, 32f, 32g of 32j kan bij algemene maatregel van bestuur ten aanzien van bij die maatregel aan te wijzen waren, niet zijnde eet- of drinkwaren, voor zover die in de particuliere sfeer kunnen worden gebruikt, een andere minister dan Onze Minister of ander bestuursorgaan worden aangewezen.
|
||||
Voor de toepassing van de artikelen 21, 21a, 21b, 32 of 32a kan bij algemene maatregel van bestuur ten aanzien van bij die maatregel aan te wijzen waren, niet zijnde eet- of drinkwaren, voor zover die in de particuliere sfeer kunnen worden gebruikt, een andere minister dan Onze Minister of ander bestuursorgaan worden aangewezen.
|
||||
|
||||
### Artikel 22
|
||||
|
||||
|
|
@ -419,7 +417,7 @@ b. de bij besluit van Onze Minister van Economische Zaken of Onze Minister van L
|
|||
|
||||
**5.** Onze Minister kan personen als bedoeld in het eerste lid, aanwijzingen geven over de wijze waarop zij het toezicht uitoefenen.
|
||||
|
||||
**6.** Indien een last tot het houden van toezicht als bedoeld in het eerste lid wordt gegeven, zijn de verplichtingen en bevoegdheden ingevolge de artikelen 27 tot en met 31, 32c, 32f en 32l van overeenkomstige toepassing.
|
||||
**6.** Indien een last tot het houden van toezicht als bedoeld in het eerste lid wordt gegeven, zijn de verplichtingen en bevoegdheden ingevolge de artikelen 27 tot en met 31, 32c en 32l van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 26
|
||||
|
||||
|
|
@ -477,7 +475,7 @@ b. de desbetreffende groep, partij of een deel van die groep of partij niet mag
|
|||
|
||||
### Artikel 32
|
||||
|
||||
Onze Minister is in het belang van de volksgezondheid of van de veiligheid, en indien het technische voortbrengselen betreft, tevens in het belang van de gezondheid van de mens of van de veiligheid van zaken bevoegd tot toepassing van bestuursdwang ter handhaving van:
|
||||
Onze Minister is in het belang van de volksgezondheid of van de veiligheid, en indien het technische voortbrengselen betreft, tevens in het belang van de gezondheid van de mens of van de veiligheid van zaken bevoegd tot oplegging van een last onder bestuursdwang ter handhaving van:
|
||||
|
||||
a. regels gesteld bij of krachtens deze wet;
|
||||
b. regels gesteld bij of krachtens een verordening, vastgesteld op grond van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, indien bij of krachtens deze wet is verboden in strijd met die regels te handelen;
|
||||
|
|
@ -485,28 +483,20 @@ c. de bij artikel 5:20, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht gestelde v
|
|||
|
||||
### Artikel 32a
|
||||
|
||||
**1.** Ter zake van de in de bijlage omschreven overtredingen kan Onze Minister een boete opleggen aan de natuurlijke persoon of rechtspersoon aan welke de overtreding kan worden toegerekend.
|
||||
**1.** Onze Minister kan een bestuurlijke boete opleggen ter zake van overtreding van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 1a, 4 tot en met 7, 8 tot en met 11, 13 tot en met 20, 21b, 22, 24, 26, 27, eerste lid, laatste volzin, en derde lid, 30, derde lid, 31, 32c of 32k.
|
||||
|
||||
**2.** De hoogte van de boete wordt bepaald op de wijze als voorzien in de bijlage, met dien verstande dat de wegens een afzonderlijke overtreding te betalen geldsom ten hoogste € 4 500 bedraagt.
|
||||
**2.** De hoogte van de bestuurlijke boete wordt bepaald op de wijze als voorzien in de bijlage, met dien verstande dat de wegens een afzonderlijke overtreding te betalen geldsom ten hoogste € 4 500 bedraagt.
|
||||
|
||||
**3.** Onze Minister kan de boete lager stellen dan in de bijlage is bepaald, indien het bedrag van de boete in een bepaald geval op grond van bijzondere omstandigheden onevenredig hoog moet worden geacht.
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
**4.** De werkzaamheden in verband met de uitvoering van het eerste lid worden verricht door personen die niet betrokken zijn geweest bij de opstelling van het in artikel 32f bedoelde rapport en het daaraan voorafgaande onderzoek.
|
||||
|
||||
**5.** De bevoegdheid tot het opleggen van een boete vervalt indien ter zake van de overtreding op grond waarvan de boete kan worden opgelegd, tegen de overtreder een strafvervolging is ingesteld en het onderzoek ter terechtzitting een aanvang heeft genomen, dan wel het recht tot strafvervolging is vervallen ingevolge artikel 74 van het Wetboek van Strafrecht.
|
||||
|
||||
**6.**
|
||||
|
||||
In afwijking van het eerste lid kan de overtreding niet met een boete worden afgedaan, indien:
|
||||
In afwijking van het eerste lid kan de overtreding niet met een bestuurlijke boete worden afgedaan, indien:
|
||||
|
||||
a. de opzettelijke of roekeloze overtreding een direct gevaar voor de gezondheid of veiligheid van de mens tot gevolg heeft; of
|
||||
b. de in de bijlage ter zake van de overtreding voorziene boete aanmerkelijk wordt overschreden door het met de overtreding behaalde economisch voordeel.
|
||||
|
||||
**7.** Het recht tot strafvervolging vervalt indien Onze Minister reeds een boete heeft opgelegd.
|
||||
b. de in de bijlage ter zake van de overtreding voorziene bestuurlijke boete aanmerkelijk wordt overschreden door het met de overtreding behaalde economisch voordeel.
|
||||
|
||||
### Artikel 32b
|
||||
|
||||
**1.** Bij algemene maatregel van bestuur wordt een bijlage vastgesteld, die bij elke daarin omschreven overtreding het bedrag van de deswege op te leggen boete bepaalt.
|
||||
**1.** Bij algemene maatregel van bestuur wordt een bijlage vastgesteld, die bij elke daarin omschreven overtreding het bedrag van de deswege op te leggen bestuurlijke boete bepaalt.
|
||||
|
||||
**2.** Een krachtens het eerste lid vastgestelde algemene maatregel van bestuur treedt niet eerder in werking dan acht weken na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin hij is geplaatst. Van de plaatsing wordt onverwijld mededeling gedaan aan beide Kamers der Staten-Generaal.
|
||||
|
||||
|
|
@ -518,80 +508,31 @@ De ingevolge artikel 25 aangewezen ambtenaren zijn bevoegd ten dienste van het o
|
|||
|
||||
### Artikel 32d
|
||||
|
||||
Degene jegens wie een handeling is verricht waaraan hij in redelijkheid de gevolgtrekking kan verbinden dat hem wegens een overtreding een boete zal worden opgelegd, is niet verplicht ter zake daarvan enige verklaring af te leggen. Hij wordt hiervan in kennis gesteld alvorens hem mondeling om informatie wordt gevraagd.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 32e
|
||||
|
||||
**1.** Indien Onze Minister voornemens is een boete op te leggen, geeft hij de persoon, bedoeld in artikel 32a, eerste lid, daarvan kennis onder vermelding van de gronden waarop het voornemen berust.
|
||||
|
||||
**2.** In afwijking van afdeling 4.1.2 van de Algemene wet bestuursrecht stelt Onze Minister de persoon in de gelegenheid om binnen een redelijke termijn naar keuze schriftelijk of mondeling zijn zienswijze naar voren te brengen voordat de boete wordt opgelegd.
|
||||
|
||||
**3.** Onze Minister kan toepassing van het tweede lid achterwege laten voor zover de persoon reeds eerder in de gelegenheid is gesteld zijn zienswijze naar voren te brengen en zich sindsdien geen nieuwe feiten of omstandigheden hebben voorgedaan.
|
||||
|
||||
**4.** Indien de persoon zijn zienswijze mondeling naar voren wil brengen en de Nederlandse taal onvoldoende begrijpt, draagt Onze Minister op zijn verzoek zorg voor benoeming van een tolk die hem kan bijstaan, tenzij redelijkerwijs kan worden aangenomen dat daaraan geen behoefte bestaat.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 32f
|
||||
|
||||
**1.** Indien een krachtens artikel 25 aangewezen ambtenaar vaststelt dat een in de bijlage omschreven overtreding is begaan maakt hij daarvan een rapport op.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
Het rapport vermeldt in ieder geval:
|
||||
|
||||
a. de overtreding, onder verwijzing naar het desbetreffende wettelijke voorschrift en de omschrijving in de bijlage;
|
||||
b. een aanduiding van de plaats waar en het tijdstip waarop de overtreding is begaan.
|
||||
c. de feiten en omstandigheden op grond waarvan is vastgesteld dat een overtreding is begaan.
|
||||
d. de verklaring van degene bedoeld in artikel 32d, indien afgelegd.
|
||||
|
||||
**3.** Het rapport wordt toegezonden aan Onze Minister.
|
||||
|
||||
**4.** Een afschrift van het rapport wordt toegezonden of uitgereikt aan de in artikel 32a, eerste lid, bedoelde natuurlijke persoon of rechtspersoon.
|
||||
|
||||
**5.** Op verzoek van de persoon, bedoeld in artikel 32a, eerste lid, die het rapport wegens zijn gebrekkige kennis van de Nederlandse taal onvoldoende begrijpt, draagt Onze Minister er zoveel mogelijk zorg voor dat de inhoud van het rapport aan die persoon wordt medegedeeld in een voor hem begrijpelijke taal.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 32g
|
||||
|
||||
**1.** Onze Minister legt de boete op bij beschikking.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
De beschikking vermeldt in ieder geval:
|
||||
|
||||
a. de te betalen geldsom;
|
||||
b. de overtreding ter zake waarvan zij is gegeven, onder verwijzing naar het desbetreffende wettelijke voorschrift en de omschrijving in de bijlage;
|
||||
c. de in artikel 32f, tweede lid, onder b en c, bedoelde gegevens.
|
||||
|
||||
**3.** Op verzoek van de persoon bedoeld in artikel 32a, eerste lid, die de beschikking wegens zijn gebrekkige kennis van de Nederlandse taal onvoldoende begrijpt, draagt Onze Minister er zoveel mogelijk zorg voor dat de inhoud van de beschikking aan die persoon wordt medegedeeld in een voor hem begrijpelijke taal.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 32h
|
||||
|
||||
De werking van een beschikking als bedoeld in artikel 32g wordt opgeschort totdat de beroepstermijn is verstreken of, indien beroep is ingesteld, op het beroep is beslist.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 32i
|
||||
|
||||
**1.** De bevoegdheid een boete op te leggen vervalt na verloop van drie jaren na de dag waarop de overtreding is begaan.
|
||||
|
||||
**2.** Een beschikking tot oplegging van een boete stuit de in het eerste lid genoemde termijn.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 32j
|
||||
|
||||
**1.** Een boete wordt betaald binnen zes weken na inwerkingtreding van de beschikking waarbij de boete is opgelegd.
|
||||
|
||||
**2.** De boete wordt vermeerderd met de wettelijke rente, te rekenen vanaf de dag waarop sedert de bekendmaking van de beschikking zes weken zijn verstreken.
|
||||
|
||||
**3.** Indien niet is betaald binnen de in het eerste lid genoemde termijn, wordt degene aan wie de boete is opgelegd schriftelijk bevolen binnen twee weken alsnog het bedrag van de boete, verhoogd met de kosten van de aanmaning, te betalen.
|
||||
|
||||
**4.** Bij gebreke van betaling binnen de in het derde lid genoemde termijn, kan Onze Minister de verschuldigde boete, verhoogd met de op de aanmaning en invordering betrekking hebbende kosten, bij dwangbevel invorderen.
|
||||
|
||||
**5.** Het dwangbevel wordt op kosten van degene die de boete verschuldigd is, bij deurwaardersexploot betekend en levert een executoriale titel op in de zin van het Tweede Boek van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
|
||||
|
||||
**6.** Gedurende zes weken na de dag van betekening staat verzet tegen het dwangbevel open door dagvaarding van de Staat.
|
||||
|
||||
**7.** Het verzet schorst de tenuitvoerlegging niet, tenzij de voorzieningenrechter van de rechtbank in kort geding desgevraagd anders beslist.
|
||||
|
||||
**8.** Het verzet kan niet worden gegrond op de stelling dat de boete ten onrechte of voor een te hoog bedrag is vastgesteld.
|
||||
|
||||
**9.** De bevoegdheid tot invordering vervalt twee jaar nadat de beschikking inzake oplegging van de boete onherroepelijk is geworden.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 32k
|
||||
|
||||
|
|
@ -615,9 +556,9 @@ De werking van een beschikking als bedoeld in artikel 32g wordt opgeschort totda
|
|||
|
||||
### Artikel 32n
|
||||
|
||||
**1.** De kosten verbonden aan de in artikel 32l bedoelde opslag en de in artikel 32m bedoelde vernietiging, zijn voor rekening van de in artikel 32a, eerste lid, bedoelde natuurlijke persoon of rechtspersoon.
|
||||
**1.** De kosten verbonden aan de in artikel 32l bedoelde opslag en de in artikel 32m bedoelde vernietiging, zijn voor rekening van de overtreder.
|
||||
|
||||
**2.** Onze Minister kan de in eerste lid bedoelde kosten invorderen bij dwangbevel. Artikel 5:26, tweede tot en met vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing.
|
||||
**2.** Onze Minister kan de in eerste lid bedoelde kosten invorderen bij dwangbevel.
|
||||
|
||||
### Artikel 33
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue