diff --git a/amvb/inrichtingsbesluit-wvo/BWBR0005946/README.md b/amvb/inrichtingsbesluit-wvo/BWBR0005946/README.md index fcc1e65e021..5e2bdfdf068 100644 --- a/amvb/inrichtingsbesluit-wvo/BWBR0005946/README.md +++ b/amvb/inrichtingsbesluit-wvo/BWBR0005946/README.md @@ -1,14 +1,14 @@ --- -titel: Inrichtingsbesluit W.V.O. +titel: Inrichtingsbesluit WVO bwb_id: BWBR0005946 type: AMvB status: geldend datum_inwerkingtreding: '2010-08-01' bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0005946 -citeertitel: Inrichtingsbesluit W.V.O. +citeertitel: Inrichtingsbesluit WVO --- -# Inrichtingsbesluit W.V.O. +# Inrichtingsbesluit WVO ## Hoofdstuk I. Algemene bepalingen @@ -16,63 +16,36 @@ citeertitel: Inrichtingsbesluit W.V.O. In dit besluit wordt verstaan onder: -wet: de Wet op het voortgezet onderwijs; - -Onze Minister: Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen en wat het onderwijs op het gebied van landbouw en natuurlijke omgeving betreft, Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit; - -inspectie: de inspectie, bedoeld in artikel 113 of 114 van de wet; - -v.w.o.: voorbereidend wetenschappelijk onderwijs; - -h.a.v.o.: hoger algemeen voortgezet onderwijs; - -m.a.v.o.: middelbaar algemeen voortgezet onderwijs; - -v.b.o.: voorbereidend beroepsonderwijs; - -v.m.b.o.: voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs als bedoeld in artikel 21 van de wet, verzorgd door een in dat artikel bedoelde school of scholengemeenschap; - -school: een school voor v.w.o., een school voor h.a.v.o., een school voor m.a.v.o. , een school voor v.b.o. of een school voor praktijkonderwijs; - -profiel: het profiel, bedoeld in artikel 12, tweede lid, van de wet; - -gemeenschappelijk deel: het in artikel 12, vierde lid, onderdeel a, van de wet bedoelde onderdeel van het profiel; - -profieldeel: het in artikel 12, vierde lid, onderdeel b, van de wet bedoelde onderdeel van het profiel; - -vrij deel: het in artikel 12, vierde lid, onderdeel c, van de wet bedoelde onderdeel van het profiel; - -normatieve studielast: de normatieve studielast, bedoeld in artikel 12, vijfde lid, van de wet; - -theoretische leerweg: de theoretische leerweg, genoemd in artikel 10 van de wet; - -basisberoepsgerichte leerweg: de basisberoepsgerichte leerweg, genoemd in artikel 10b van de wet; - -kaderberoepsgerichte leerweg: de kaderberoepsgerichte leerweg, genoemd in artikel 10b van de wet; - -gemengde leerweg: de gemengde leerweg, genoemd in artikel 10d van de wet; - -praktijkonderwijs: het praktijkonderwijs, bedoeld in artikel 10f van de wet; - -intrasectoraal programma: een intrasectoraal programma als bedoeld in artikel 10b, vierde lid, onderdeel c, en artikel 10d, vierde lid, onderdeel c, van de wet; - -intersectoraal programma: een intersectoraal programma als bedoeld in artikel 10b, vierde lid, onderdeel c, en artikel 10d, vierde lid, onderdeel c, van de wet; - -regionaal opleidingencentrum: een regionaal opleidingencentrum als bedoeld in artikel 1.3.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs; - -agrarisch opleidingscentrum: een agrarisch opleidingscentrum als bedoeld in artikel 1.3.3 van de Wet educatie en beroepsonderwijs; - -bevoegd gezag: het bevoegd gezag, bedoeld in artikel 1 van de wet; - -stage: de stage, bedoeld in artikel 22, derde lid, onderdeel b, van de wet; - -stagegever: de rechtspersoon of de natuurlijke persoon bij wie de stage wordt doorlopen; - -stageleraar: de leraar van de school waarop de leerling is ingeschreven, belast met de begeleiding van de leerling tijdens de stage; - -stagebegeleider: degene die is belast met de begeleiding van de leerling en werkzaam is bij de stagegever; - -de vakken behorende tot de beeldende vorming: tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving, fotografie, film, audio-visuele vorming. +- *agrarisch opleidingscentrum:* een agrarisch opleidingscentrum als bedoeld in artikel 1.3.3 van de Wet educatie en beroepsonderwijs; +- *basisberoepsgerichte leerweg:* de basisberoepsgerichte leerweg, genoemd in artikel 10b van de wet; +- *bevoegd gezag:* het bevoegd gezag, bedoeld in artikel 1 van de wet; +- *gemeenschappelijk deel:* het in artikel 12, vierde lid, onderdeel a, van de wet bedoelde onderdeel van het profiel; +- *gemengde leerweg:* de gemengde leerweg, genoemd in artikel 10d van de wet; +- *havo:* hoger algemeen voortgezet onderwijs, als bedoeld in artikel 8 van de wet; +- *intersectoraal programma:* een intersectoraal programma als bedoeld in artikel 10b, vierde lid, onderdeel c, en artikel 10d, vierde lid, onderdeel c, van de wet; +- *inspectie:* de inspectie, als bedoeld in artikel 1 van de Wet op het onderwijstoezicht; +- *intrasectoraal programma:* een intrasectoraal programma als bedoeld in artikel 10b, vierde lid, onderdeel c, en artikel 10d, vierde lid, onderdeel c, van de wet; +- *kaderberoepsgerichte leerweg:* de kaderberoepsgerichte leerweg, genoemd in artikel 10b van de wet; +- *mavo:* middelbaar algemeen voortgezet onderwijs, als bedoeld in artikel 9 van de wet; +- *normatieve studielast:* de normatieve studielast, bedoeld in artikel 12, vijfde lid, van de wet; +- *Onze Minister:* Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en wat het onderwijs op het gebied van landbouw en natuurlijke omgeving betreft, Onze Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie; +- *praktijkonderwijs:* het praktijkonderwijs, bedoeld in artikel 10f van de wet; +- *profiel:* het profiel, bedoeld in artikel 12, tweede lid, van de wet; +- *profieldeel:* het in artikel 12, vierde lid, onderdeel b, van de wet bedoelde onderdeel van het profiel; +- *regionaal opleidingscentrum:* een regionaal opleidingscentrum als bedoeld in artikel 1.3.1. van de Wet educatie en beroepsonderwijs; +- *school:* een school voor vwo, een school voor havo, een school voor mavo, een school voor vbo of een school voor praktijkonderwijs; +- *stage:* de stage, bedoeld in artikel 22, derde lid, onderdeel b, van de wet; +- *stagebegeleider:* degene die is belast met de begeleiding van de leerling en werkzaam is bij de stagegever; +- *stagegever:* de rechtspersoon of de natuurlijke persoon bij wie de stage wordt doorlopen; +- *stageleraar:* de leraar van de school waarop de leerling is ingeschreven, belast met het toezicht op de leerling tijdens het verloop van de stage; +- *theoretische leerweg:* de theoretische leerweg, genoemd in artikel 10 van de wet; +- *vakken behorende tot de beeldende vorming:* tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving, fotografie, film, audio-visuele vorming; +- *vbo:* voorbereidend beroepsonderwijs, als bedoeld in artikel 10a van de wet; +- *vmbo:* voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs, als bedoeld in artikel 21 van de wet; +- *vwo:* voorbereidend wetenschappelijk onderwijs, als bedoeld in artikel 7 van de wet; +- *vrij deel:* het in artikel 12, vierde lid, onderdeel c, van de wet bedoelde onderdeel van het profiel; +- *wet:* + Wet op het voortgezet onderwijs. ## Hoofdstuk II. Toelating, voorwaardelijke bevordering, verwijdering @@ -94,7 +67,7 @@ a. afkomstig is van een school voor basisonderwijs en bij wie naar het oordeel v b. afkomstig is van een school voor basisonderwijs of een speciale school voor basisonderwijs als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs en aan het einde van het schooljaar de leeftijd van 14 jaar heeft bereikt, of c. afkomstig is van een school voor speciaal onderwijs, een school voor voortgezet speciaal onderwijs of een school of instelling voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs als bedoeld in de Wet op de expertisecentra en bij wie naar het oordeel van de directeur van de desbetreffende school of instelling de grondslag voor het volgen van aansluitend voortgezet onderwijs in voldoende mate is gelegd. -**2.** Bij beslissingen over de toelating op grond van het eerste lid betrekt het bevoegd gezag het onderwijskundig rapport dat ingevolge artikel 42 van de Wet op het primair onderwijs dan wel ingevolge artikel 43, tweede lid, van de Wet op de expertisecentra is opgesteld. +**2.** Bij beslissingen over de toelating op grond van het eerste lid betrekt het bevoegd gezag het onderwijskundig rapport dat ingevolge artikel 42 van de Wet op het primair onderwijs dan wel ingevolge artikel 43 van de Wet op de expertisecentra is opgesteld. **3.** De toelating tot het eerste leerjaar van een school kan niet voorwaardelijk geschieden. @@ -102,7 +75,7 @@ c. afkomstig is van een school voor speciaal onderwijs, een school voor voortgez ### Artikel 4 -**1.** Onverminderd het bepaalde in artikel 3 wordt de beslissing over de toelating van een kandidaat-leerling tot het eerste leerjaar van een school voor v.w.o., voor h.a.v.o. of voor m.a.v.o., mede gebaseerd op een onderzoek naar de geschiktheid voor het volgen van het onderwijs aan de school waarvoor de toelating wordt gevraagd. +**1.** Onverminderd het bepaalde in artikel 3 wordt de beslissing over de toelating van een kandidaat-leerling tot het eerste leerjaar van een school voor vwo, voor havo of voor mavo, mede gebaseerd op een onderzoek naar de geschiktheid voor het volgen van het onderwijs aan de school waarvoor de toelating wordt gevraagd. **2.** @@ -117,7 +90,7 @@ d. een psychologisch onderzoek. **4.** Het bevoegd gezag draagt er zorg voor dat het rapport van het in het tweede lid, onderdeel *d*, bedoelde psychologisch onderzoek wordt bewaard op een plaats die uitsluitend toegankelijk is voor het bevoegd gezag en de met het onderzoek belaste functionarissen. De ouders, voogden of verzorgers van de kandidaat-leerling en de inspectie krijgen desgewenst inzage in dit psychologisch rapport. Het psychologisch rapport wordt in de school bewaard tot ten minste drie jaren en ten hoogste vijf jaren na het tijdstip waarop de leerling de school heeft verlaten en wordt in elk geval binnen twee maanden na het verstrijken van laatstbedoelde termijn van ten hoogste vijf jaren vernietigd. -**5.** Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing op een in het eerste lid genoemde school die een gemeenschappelijk eerste leerjaar heeft met een school voor v.b.o. +**5.** Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing op een in het eerste lid genoemde school die een gemeenschappelijk eerste leerjaar heeft met een school voor vbo. ### Artikel 5 @@ -129,19 +102,19 @@ d. een psychologisch onderzoek. **1.** -In afwijking van artikel 3 of artikel 4 kan het bevoegd gezag van een school voor v.w.o. of voor h.a.v.o. tot het eerste leerjaar van die school toelaten: +In afwijking van artikel 3 of artikel 4 kan het bevoegd gezag van een school voor vwo of voor havo tot het eerste leerjaar van die school toelaten: -a. de kandidaat-leerling die tot het eerste leerjaar van een andere school voor v.w.o. of voor h.a.v.o. is toegelaten; -b. de kandidaat-leerling die het eerste leerjaar van een school voor m.a.v.o. gedeeltelijk heeft doorlopen, indien de studieresultaten daartoe naar het oordeel van het bevoegd gezag aanleiding geven. +a. de kandidaat-leerling die tot het eerste leerjaar van een andere school voor vwo of voor havo is toegelaten; +b. de kandidaat-leerling die het eerste leerjaar van een school voor mavo gedeeltelijk heeft doorlopen, indien de studieresultaten daartoe naar het oordeel van het bevoegd gezag aanleiding geven. **2.** -In afwijking van artikel 3 of artikel 4 kan het bevoegd gezag van een school voor m.a.v.o. tot het eerste leerjaar van die school toelaten: +In afwijking van artikel 3 of artikel 4 kan het bevoegd gezag van een school voor mavo tot het eerste leerjaar van die school toelaten: -a. de kandidaat-leerling die tot het eerste leerjaar van een andere school voor m.a.v.o. of tot het eerste leerjaar van een school voor v.w.o. of voor h.a.v.o. is toegelaten; -b. de kandidaat-leerling die het eerste leerjaar van een school voor v.b.o. gedeeltelijk heeft doorlopen, indien de studieresultaten daartoe naar het oordeel van het bevoegd gezag aanleiding geven. +a. de kandidaat-leerling die tot het eerste leerjaar van een andere school voor mavo of tot het eerste leerjaar van een school voor vwo of voor havo is toegelaten; +b. de kandidaat-leerling die het eerste leerjaar van een school voor vbo gedeeltelijk heeft doorlopen, indien de studieresultaten daartoe naar het oordeel van het bevoegd gezag aanleiding geven. -**3.** In afwijking van artikel 3 kan het bevoegd gezag van een school voor v.b.o. tot het eerste leerjaar van die school toelaten de kandidaat die tot het eerste leerjaar van enige school is toegelaten. +**3.** In afwijking van artikel 3 kan het bevoegd gezag van een school voor vbo tot het eerste leerjaar van die school toelaten de kandidaat die tot het eerste leerjaar van enige school is toegelaten. ### Artikel 7 @@ -245,11 +218,11 @@ d. de zienswijze van de leraar of leraren, belast met het betrokken onderwijs, w Vervallen -### Paragraaf 3. Overige inrichtingsvoorschriften v.w.o., h.a.v.o., m.a.v.o., v.b.o. +### Paragraaf 3. Overige inrichtingsvoorschriften vwo, havo, mavo, vbo ### Artikel 21 -**1.** Het onderwijsprogramma in de eerste drie leerjaren aan een school voor v.w.o. en een school voor h.a.v.o. omvat tevens onderwijs in Franse taal en Duitse taal. +**1.** Het onderwijsprogramma in de eerste drie leerjaren aan een school voor vwo en een school voor havo omvat tevens onderwijs in Franse taal en Duitse taal. **2.** Het bevoegd gezag kan een leerling van een school als bedoeld in het eerste lid ontheffing verlenen van het volgen van onderwijs in Franse taal of Duitse taal, indien de leerling onderwijs volgt in Spaanse taal, Russische taal, Italiaanse taal, Arabische taal of Turkse taal. @@ -257,7 +230,7 @@ Vervallen Het bevoegd gezag kan een leerling van een school als bedoeld in het eerste lid ontheffing verlenen van het volgen van onderwijs in Franse taal of Duitse taal dan wel in beide talen, indien de leerling -a. voor de eerste maal tot een school voor h.a.v.o. of een school voor v.w.o. is toegelaten, +a. voor de eerste maal tot een school voor havo of een school voor vwo is toegelaten, b. is geplaatst in een hoger leerjaar dan het eerste, c. voordien buiten Nederland vergelijkbaar onderwijs heeft gevolgd, en d. daarbij geen of te weinig onderwijs in de desbetreffende taal of talen heeft gevolgd. @@ -266,7 +239,7 @@ d. daarbij geen of te weinig onderwijs in de desbetreffende taal of talen heeft ### Artikel 22 -**1.** Het onderwijsprogramma in de eerste twee leerjaren aan een school voor m.a.v.o. en een school voor v.b.o. omvat tevens onderwijs in Franse taal of Duitse taal. Deze verplichting geldt niet voor leerlingen voor wie naar de verwachting van het bevoegd gezag het onderwijs in de basisberoepsgerichte leerweg als bedoeld in artikel 10b, eerste lid, van de wet het meest geschikt is. +**1.** Het onderwijsprogramma in de eerste twee leerjaren aan een school voor mavo en een school voor vbo omvat tevens onderwijs in Franse taal of Duitse taal. Deze verplichting geldt niet voor leerlingen voor wie naar de verwachting van het bevoegd gezag het onderwijs in de basisberoepsgerichte leerweg als bedoeld in artikel 10b, eerste lid, van de wet het meest geschikt is. **2.** @@ -275,11 +248,13 @@ Het bevoegd gezag kan een leerling van een school als bedoeld in het eerste lid a. indien de leerling onderwijs volgt in Spaanse taal, Arabische taal of Turkse taal, of b. indien de leerling -1°. voor de eerste maal tot een school voor m.a.v.o. of een school voor v.b.o. is toegelaten, +1°. voor de eerste maal tot een school voor mavo of een school voor vbo is toegelaten, 2°. is geplaatst in een hoger leerjaar dan het eerste, 3°. voordien buiten Nederland vergelijkbaar onderwijs heeft gevolgd, en 4°. daarbij geen of te weinig onderwijs in de desbetreffende taal of talen heeft gevolgd. +**3.** De leerling die op basis van het eerste lid, geen onderwijs volgt in de Franse taal of Duitse taal, volgt in de sector economie van de basisberoepsgerichte leerweg in plaats hiervan, naar keuze van de leerling, het vak Arabische taal, Turkse taal, Spaanse taal, maatschappijleer II, geschiedenis en staatsinrichting of aardrijkskunde. + ### Artikel 23 Vervallen @@ -414,7 +389,7 @@ d. door het bevoegd gezag vast te stellen vakken en andere programma-onderdelen. **1.** -Het gemeenschappelijk deel van elk profiel in het h.a.v.o. omvat de volgende vakken, met de daarbij vermelde normatieve studielast, uitgedrukt in uren: +Het gemeenschappelijk deel van elk profiel in het havo omvat de volgende vakken, met de daarbij vermelde normatieve studielast, uitgedrukt in uren: a. Nederlandse taal en literatuur: 400, b. Engelse taal en literatuur: 360, @@ -424,7 +399,7 @@ e. lichamelijke opvoeding: 120. **2.** -Het profieldeel van het profiel natuur en techniek in het h.a.v.o. omvat de volgende vakken, met de daarbij vermelde normatieve studielast, uitgedrukt in uren: +Het profieldeel van het profiel natuur en techniek in het havo omvat de volgende vakken, met de daarbij vermelde normatieve studielast, uitgedrukt in uren: a. wiskunde B: 360, b. natuurkunde: 400, @@ -438,7 +413,7 @@ d. een van de volgende profielkeuzevakken, ter keuze van de leerling, voor zover **3.** -Het profieldeel van het profiel natuur en gezondheid in het h.a.v.o. omvat de volgende vakken, met de daarbij vermelde normatieve studielast, uitgedrukt in uren: +Het profieldeel van het profiel natuur en gezondheid in het havo omvat de volgende vakken, met de daarbij vermelde normatieve studielast, uitgedrukt in uren: a. wiskunde A: 320, met dien verstande dat de leerling het vak wiskunde A kan vervangen door wiskunde B, voor zover het bevoegd gezag dit vak als onderdeel van dit profiel aanbiedt, b. biologie: 400, @@ -451,7 +426,7 @@ d. een van de volgende profielkeuzevakken, ter keuze van de leerling, voor zover **4.** -Het profieldeel van het profiel economie en maatschappij in het h.a.v.o. omvat de volgende vakken, met de daarbij vermelde normatieve studielast, uitgedrukt in uren: +Het profieldeel van het profiel economie en maatschappij in het havo omvat de volgende vakken, met de daarbij vermelde normatieve studielast, uitgedrukt in uren: a. wiskunde A: 320, met dien verstande dat de leerling het vak wiskunde A kan vervangen door wiskunde B, voor zover het bevoegd gezag dit vak als onderdeel van dit profiel aanbiedt, b. economie: 400, @@ -465,7 +440,7 @@ d. een van de volgende profielkeuzevakken, ter keuze van de leerling, voor zover **5.** -Het profieldeel van het profiel cultuur en maatschappij in het h.a.v.o. omvat de volgende vakken, met de daarbij vermelde normatieve studielast, uitgedrukt in uren: +Het profieldeel van het profiel cultuur en maatschappij in het havo omvat de volgende vakken, met de daarbij vermelde normatieve studielast, uitgedrukt in uren: a. geschiedenis: 320, b. Franse taal en literatuur, Duitse taal en literatuur, Spaanse taal en literatuur, Russische taal en literatuur, Italiaanse taal en literatuur, Arabische taal en literatuur, Turkse taal en literatuur, of Friese taal en cultuur ter keuze van de leerling voor zover het bevoegd gezag deze vakken aanbiedt: 400, @@ -482,7 +457,7 @@ d. een van de volgende maatschappelijke profielkeuzevakken ter keuze van de leer **6.** -Het vrije deel van elk profiel in het h.a.v.o. kan omvatten: +Het vrije deel van elk profiel in het havo kan omvatten: a. de vakken, genoemd in het eerste tot en met het vijfde lid, voor zover nog niet gekozen, met dien verstande dat: @@ -509,11 +484,11 @@ Indien het bevoegd gezag bij de vaststelling van vakken en andere programma-onde ### Artikel 26e -**1.** Het bevoegd gezag van een school voor v.w.o. of h.a.v.o. kan een leerling ontheffing verlenen van het volgen van het onderwijs in het vak lichamelijke opvoeding indien de leerling vanwege diens lichamelijke gesteldheid niet in staat is dit onderwijs te volgen. +**1.** Het bevoegd gezag van een school voor vwo of havo kan een leerling ontheffing verlenen van het volgen van het onderwijs in het vak lichamelijke opvoeding indien de leerling vanwege diens lichamelijke gesteldheid niet in staat is dit onderwijs te volgen. Het bevoegd gezag geeft de inspectie kennis van de verleende ontheffing en vermeldt daarbij de gronden waarop deze ontheffing berust. -**2.** De leerling van een school voor v.w.o. die in het bezit is van het diploma h.a.v.o. is vrijgesteld van het volgen van onderwijs in de volgende vakken van het gemeenschappelijk deel: algemene natuurwetenschappen en maatschappijleer. Indien het betreft het atheneum is deze leerling tevens vrijgesteld van het volgen van onderwijs in het vak culturele en kunstzinnige vorming. +**2.** De leerling van een school voor vwo die in het bezit is van het diploma havo is vrijgesteld van het volgen van onderwijs in de volgende vakken van het gemeenschappelijk deel: algemene natuurwetenschappen en maatschappijleer. Indien het betreft het atheneum is deze leerling tevens vrijgesteld van het volgen van onderwijs in het vak culturele en kunstzinnige vorming. -**3.** De leerling van een school voor v.w.o. die in het bezit is van het diploma h.a.v.o. of het diploma v.m.b.o. in de theoretische leerweg en die in plaats van de vakken, genoemd in artikel 26c, respectievelijk artikel 10 van de wet, of als extra vak examen heeft afgelegd in één of meer vakken van artikel 26b, is vrijgesteld van het volgen van onderwijs in dit vak respectievelijk deze vakken. +**3.** De leerling van een school voor vwo die in het bezit is van het diploma havo of het diploma vmbo en die in plaats van de vakken, genoemd in artikel 26c, respectievelijk artikel 10 van de wet, of als extra vak examen heeft afgelegd in één of meer vakken van artikel 26b, is vrijgesteld van het volgen van onderwijs in dit vak respectievelijk deze vakken. **4.** @@ -525,7 +500,7 @@ c. de leerling volgt onderwijs in het profiel natuur en techniek of het profiel **5.** Bij toepassing van het vierde lid, wordt de taal vervangen door een van de vakken of programma-onderdelen, genoemd in artikel 26b, derde tot en met zesde lid, of in het zevende lid, onder c of d, met een normatieve studielast van tenminste 440 uren, ter keuze van de leerling, voor zover het bevoegd gezag deze als zodanig aanbiedt. -**6.** De leerling van een school voor h.a.v.o. die in het bezit is van het diploma v.m.b.o. in de theoretische leerweg en die in plaats van de vakken, genoemd in artikel 10 van de wet, of als extra vak examen heeft afgelegd in één of meer vakken van artikel 26c of 26b, is vrijgesteld van het volgen van onderwijs in dit vak respectievelijk deze vakken. +**6.** De leerling van een school voor havo die in het bezit is van het diploma vmbo en die in plaats van de vakken, genoemd in artikel 10 van de wet, of als extra vak examen heeft afgelegd in één of meer vakken van artikel 26c of 26b, is vrijgesteld van het volgen van onderwijs in dit vak respectievelijk deze vakken. ### Artikel 26f @@ -533,7 +508,7 @@ Vervallen ### Artikel 26g -**1.** In het derde leerjaar van een school voor m.a.v.o. volgt de leerling in de theoretische leerweg onderwijs in ten minste zeven vakken waarin eindexamen kan worden afgelegd, niet behorend tot het gemeenschappelijk deel. +**1.** In het derde leerjaar van een school voor mavo volgt de leerling in de theoretische leerweg onderwijs in ten minste zeven vakken waarin eindexamen kan worden afgelegd, niet behorend tot het gemeenschappelijk deel. **2.** Indien de leerling onderwijs in een derde moderne vreemde taal volgt of heeft gevolgd in enig voorafgaand leerjaar, is in afwijking van het eerste lid het aantal vakken, bedoeld in dat lid, zes. @@ -551,7 +526,7 @@ Vervallen ### Artikel 26j -**1.** Het bevoegd gezag van een school voor v.b.o., een scholengemeenschap waarvan ten minste een school voor v.b.o. deel uitmaakt of een agrarisch opleidingscentrum kan een bij ministeriële regeling aangewezen intrasectoraal of intersectoraal programma verzorgen voor zover dat bevoegd gezag gerechtigd is onderwijs te verzorgen in de afdelingen onderliggend aan het bijbehorende intrasectorale of intersectorale programma en overigens wordt voldaan aan het tweede tot en met vierde lid. Bij ministeriële regeling worden de afdelingen, bedoeld in de vorige volzin, aangewezen. +**1.** Het bevoegd gezag van een school voor vbo, een scholengemeenschap waarvan ten minste een school voor vbo deel uitmaakt of een agrarisch opleidingscentrum kan een bij ministeriële regeling aangewezen intrasectoraal of intersectoraal programma verzorgen voor zover dat bevoegd gezag gerechtigd is onderwijs te verzorgen in de afdelingen onderliggend aan het bijbehorende intrasectorale of intersectorale programma en overigens wordt voldaan aan het tweede tot en met vierde lid. Bij ministeriële regeling worden de afdelingen, bedoeld in de vorige volzin, aangewezen. **2.** @@ -560,19 +535,19 @@ Een intrasectoraal of intersectoraal programma als bedoeld in het eerste lid wor a. het bevoegd gezag van het meest nabij gelegen regionaal opleidingencentrum en agrarisch opleidingscentrum heeft verklaard dat het programma in voldoende mate aansluit op het onderwijs dat door de desbetreffende instelling wordt verzorgd, en b. uit overleg met werkgevers die werkzaam zijn op de regionale arbeidsmarkt is gebleken dat er voor leerlingen die het programma zullen volgen naar verwachting voldoende stageplaatsen beschikbaar zullen zijn. -**3.** Indien het de gemengde leerweg betreft, kan het bevoegd gezag op iedere vestiging waar afsluitend onderwijs v.b.o. of m.a.v.o. kan worden verzorgd, een intrasectoraal of intersectoraal programma als bedoeld in het eerste lid verzorgen. +**3.** Indien het de gemengde leerweg betreft, kan het bevoegd gezag op iedere vestiging waar afsluitend onderwijs vbo of mavo kan worden verzorgd, een intrasectoraal of intersectoraal programma als bedoeld in het eerste lid verzorgen. **4.** Indien het de basisberoepsgerichte leerweg en de kaderberoepsgerichte leerweg betreft kan het bevoegd gezag alleen op de vestigingen waar het onderwijs in de in het eerste lid bedoelde afdelingen daadwerkelijk wordt verzorgd, het bijbehorende intrasectorale of intersectorale programma, bedoeld in het eerste lid, verzorgen. ### Artikel 26k -**1.** Het bevoegd gezag van een school voor v.b.o., een scholengemeenschap waarvan ten minste een school voor v.b.o. deel uitmaakt of een agrarisch opleidingscentrum kan het intersectorale programma «intersectoraal groen» verzorgen, indien dit is opgenomen in een regionaal plan onderwijsvoorzieningen als bedoeld in artikel 72, tweede lid, van de wet en overigens wordt voldaan aan het tweede tot en met vierde lid. +**1.** Het bevoegd gezag van een school voor vbo, een scholengemeenschap waarvan ten minste een school voor vbo deel uitmaakt of een agrarisch opleidingscentrum kan het intersectorale programma «intersectoraal groen» verzorgen, indien dit is opgenomen in een regionaal plan onderwijsvoorzieningen als bedoeld in artikel 72, tweede lid, van de wet en overigens wordt voldaan aan het tweede tot en met vierde lid. -**2.** Het bevoegd gezag, bedoeld in het eerste lid, kan het intersectorale programma «intersectoraal groen» verzorgen indien het gerechtigd is onderwijs te verzorgen in de afdelingen onderliggend aan het programma, dan wel in één van deze afdelingen. In het laatste geval kan het bevoegd gezag het programma slechts verzorgen indien het een samenwerkingsovereenkomst heeft gesloten met het bevoegd gezag van een school voor v.b.o. of van een agrarisch opleidingscentrum dat gerechtigd is onderwijs te verzorgen in de ontbrekende afdeling. Bij ministeriële regeling worden de afdelingen, bedoeld in de eerste volzin, per uitstroomdifferentiatie van het programma aangewezen. +**2.** Het bevoegd gezag, bedoeld in het eerste lid, kan het intersectorale programma «intersectoraal groen» verzorgen indien het gerechtigd is onderwijs te verzorgen in de afdelingen onderliggend aan het programma, dan wel in één van deze afdelingen. In het laatste geval kan het bevoegd gezag het programma slechts verzorgen indien het een samenwerkingsovereenkomst heeft gesloten met het bevoegd gezag van een school voor vbo of van een agrarisch opleidingscentrum dat gerechtigd is onderwijs te verzorgen in de ontbrekende afdeling. Bij ministeriële regeling worden de afdelingen, bedoeld in de eerste volzin, per uitstroomdifferentiatie van het programma aangewezen. **3.** De samenwerkingsovereenkomst, bedoeld in het tweede lid, heeft in elk geval betrekking op de uitwisseling van expertise, de leerlingbegeleiding, de examinering en de vestiging of vestigingen waar het programma zal worden verzorgd. -**4.** Artikel 26j, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing op het intersectorale programma «intersectoraal groen». In afwijking van artikel 26j, vierde lid, kan het intersectorale programma «intersectoraal groen» verzorgd worden op iedere vestiging waar afsluitend onderwijs v.b.o. in ten minste één van de onderliggende afdelingenkan worden verzorgd, indien het de basisberoepsgerichte leerweg en de kaderberoepsgerichte leerweg betreft. +**4.** Artikel 26j, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing op het intersectorale programma «intersectoraal groen». In afwijking van artikel 26j, vierde lid, kan het intersectorale programma «intersectoraal groen» verzorgd worden op iedere vestiging waar afsluitend onderwijs vbo in ten minste één van de onderliggende afdelingenkan worden verzorgd, indien het de basisberoepsgerichte leerweg en de kaderberoepsgerichte leerweg betreft. ### Artikel 26l @@ -588,31 +563,31 @@ c. in de kaderberoepsgerichte leerweg en het onderwijs in ten minste één van d ### Artikel 26n -**1.** Het bevoegd gezag van een school voor m.a.v.o. of v.b.o. kan een leerling, na overleg met de leerling en, indien de leerling minderjarig is, met diens ouders, voogden of verzorgers, ontheffing verlenen van het volgen van het onderwijs in lichamelijke opvoeding, indien de leerling vanwege diens lichamelijke gesteldheid niet in staat is dit onderwijs te volgen. Het bevoegd gezag geeft de inspectie kennis van de verleende ontheffing en vermeldt daarbij de gronden waarop deze ontheffing berust. +**1.** Het bevoegd gezag van een school voor mavo of vbo kan een leerling, na overleg met de leerling en, indien de leerling minderjarig is, met diens ouders, voogden of verzorgers, ontheffing verlenen van het volgen van het onderwijs in lichamelijke opvoeding, indien de leerling vanwege diens lichamelijke gesteldheid niet in staat is dit onderwijs te volgen. Het bevoegd gezag geeft de inspectie kennis van de verleende ontheffing en vermeldt daarbij de gronden waarop deze ontheffing berust. **2.** -Het bevoegd gezag kan toestaan dat een ontheffing die op grond van artikel 22 voor de eerste twee leerjaren is verleend van het volgen van de tweede moderne vreemde taal, zijnde Franse taal of Duitse taal, tevens geldt als ontheffing voor die taal voor de periode waarin de leerling onderwijs in de sector economie van een van de leerwegen volgt, met dien verstande dat Arabische taal, Turkse taal, Spaanse taal, maatschappijleer II, geschiedenis en staatsinrichting, of aardrijkskunde in de plaats komt van het onderwijs in de taal waarvoor de ontheffing is verleend. Deze toestemming kan slechts worden verleend ten behoeve van leerlingen die: +Het bevoegd gezag kan toestaan dat een ontheffing, verleend voor de eerste twee leerjaren van het volgen van een tweede moderne vreemde taal, tevens geldt als ontheffing voor die taal voor de periode waarin de leerling onderwijs in de kaderberoepsgerichte, theoretische of gemengde leerweg volgt, met dien verstande dat Arabische taal, Turkse taal, Spaanse taal, maatschappijleer II, geschiedenis en staatsinrichting, of aardrijkskunde in de plaats komt van het onderwijs in de taal waarvoor de vrijstelling is verleend. Deze toestemming kan slechts worden verleend ten behoeve van leerlingen die: -a. in de eerste twee leerjaren onderwijs in de Arabische taal, Turkse taal of Spaanse taal volgden, of -b. voor de eerste maal tot een school zijn toegelaten en daarbij zijn geplaatst in een hoger leerjaar dan het eerste en voordien buiten Nederland vergelijkbaar onderwijs hebben gevolgd en daarbij geen of te weinig onderwijs in de desbetreffende taal hebben genoten, of +a. op grond van artikel 22, eerste lid, beschikken over een ontheffing en deze ontheffing wordt voortgezet, +b. in de periode van de eerste twee leerjaren onderwijs in de Arabische taal, de Turkse taal, of Spaanse taal volgden, of c. onderwijs gaan volgen in de basisberoepsgerichte leerweg en die in het schooljaar voorafgaand aan het betrokken schooljaar leerwegondersteunend onderwijs volgden. -**3.** De leerling die op basis van artikel 22, tweede volzin, geen onderwijs volgt in de tweede moderne vreemde taal, zijnde Franse taal of Duitse taal, volgt in de sector economie van de basisberoepsgerichte leerweg in plaats hiervan, naar keuze van de leerling, het vak Arabische taal, Turkse taal, Spaanse taal, maatschappijleer II, geschiedenis en staatsinrichting, of aardrijkskunde. +**3.** Dit artikel geldt tevens voor leerlingen die in een hoger leerjaar voor de eerste maal in Nederland tot een school zijn toegelaten. -**4.** De leerling van een school voor v.m.b.o., voor zover het betreft de theoretische leerweg, die in het bezit is van het diploma v.m.b.o. in de kaderberoepsgerichte leerweg of de basisberoepsgerichte leerweg en die in plaats van de vakken, als bedoeld in artikel 10b van de wet, of als extra vak examen heeft afgelegd in één of meer vakken van artikel 10 van de wet of artikel 26c dan wel 26b, is vrijgesteld van het volgen van onderwijs in dit vak respectievelijk deze vakken. +**4.** De leerling van een school voor vmbo, voor zover het betreft de theoretische leerweg, die in het bezit is van het diploma vmbo in de kaderberoepsgerichte leerweg of de basisberoepsgerichte leerweg en die in plaats van de vakken, als bedoeld in artikel 10b van de wet, of als extra vak examen heeft afgelegd in één of meer vakken van artikel 10 van de wet of artikel 26c dan wel 26b, is vrijgesteld van het volgen van onderwijs in dit vak respectievelijk deze vakken. ### Paragraaf 4. Toevoeging gemengde leerweg en afdeling landbouw en natuurlijke omgeving in het kader van regionale samenwerking ### Artikel 27 -**1.** Onderwijs in de gemengde leerweg als bedoeld in artikel 72, derde lid, onderdeel e, van de wet kan worden gegeven aan een school voor v.b.o. of aan een agrarisch opleidingscentrum voor zover het betreft het voorbereidend beroepsonderwijs, indien het bevoegd gezag met het bevoegd gezag van een school voor m.a.v.o. een samenwerkingsovereenkomst heeft gesloten met betrekking tot de uitwisseling van expertise, de leerlingbegeleiding en de examinering. +**1.** Onderwijs in de gemengde leerweg als bedoeld in artikel 72, derde lid, onderdeel e, van de wet kan worden gegeven aan een school voor vbo of aan een agrarisch opleidingscentrum voor zover het betreft het voorbereidend beroepsonderwijs, indien het bevoegd gezag met het bevoegd gezag van een school voor mavo een samenwerkingsovereenkomst heeft gesloten met betrekking tot de uitwisseling van expertise, de leerlingbegeleiding en de examinering. -**2.** Het vorige lid is van overeenkomstige toepassing op onderwijs in de gemengde leerweg als bedoeld in artikel 72, derde lid, onderdeel e, van de wet dat wordt gegeven aan een school voor m.a.v.o. +**2.** Het vorige lid is van overeenkomstige toepassing op onderwijs in de gemengde leerweg als bedoeld in artikel 72, derde lid, onderdeel e, van de wet dat wordt gegeven aan een school voor mavo. ### Artikel 28 -Een afdeling als bedoeld in artikel 10c, onderdeel d, van de wet kan op grond van artikel 72, derde lid, onderdeel f, van de wet worden toegevoegd aan een school voor v.b.o. indien: +Een afdeling als bedoeld in artikel 10c, onderdeel d, van de wet kan op grond van artikel 72, derde lid, onderdeel f, van de wet worden toegevoegd aan een school voor vbo indien: a. het bevoegd gezag van een agrarisch opleidingscentrum deelneemt aan de desbetreffende regionale samenwerking, of b. het bevoegd gezag van het agrarisch opleidingscentrum waarvan een vestiging het dichtst gelegen is bij de vestiging waar het onderwijs in de afdeling landbouw en natuurlijke omgeving zal worden verzorgd, heeft verklaard daarmee in te stemmen. @@ -631,7 +606,7 @@ Vervallen ### Artikel 31 -**1.** Deze paragraaf is van toepassing op scholen voor m.a.v.o. voor zover daaraan onderwijs in de gemengde leerweg wordt verzorgd, en op scholen voor v.b.o. +**1.** Deze paragraaf is van toepassing op scholen voor mavo voor zover daaraan onderwijs in de gemengde leerweg wordt verzorgd, en op scholen voor vbo. **2.** Deze paragraaf is van overeenkomstige toepassing op arbeidstraining. Onder arbeidstraining wordt verstaan het onderricht in de praktijk van de uitoefening van een vak of beroep aan scholen voor praktijkonderwijs, bedoeld in artikel 10f, vijfde lid, van de wet, voor zover dat onderricht plaatsvindt buiten de school voor praktijkonderwijs. @@ -741,7 +716,7 @@ Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. ### Artikel 39 -Dit besluit wordt aangehaald als: Inrichtingsbesluit W.V.O. +Dit besluit wordt aangehaald als: Inrichtingsbesluit WVO. ## Bijlage 1