2012-01-01 | BWBR0010646 | Uitvoeringsbesluit WEB

This commit is contained in:
Coornhert 2012-01-01 12:00:00 +00:00
parent e259a2913c
commit 0d43db2475

View file

@ -216,7 +216,7 @@ In geval van fusie van instellingen of indien vanwege afspraken tussen instellin
### Artikel 2.2.7
**1.** De gegevens, bedoeld in artikel 2.5.5a, tweede lid, onderdelen a, b, c, d, h, i, k, l, m en n, van de wet en de verklaring, bedoeld in artikel 2.2.4, vijfde lid, van de wet worden uiterlijk 1 juli van het jaar voorafgaand aan het bekostigingsjaar ingediend bij Onze Minister. Indien Onze Minister van een instelling de gegevens, bedoeld in de eerste volzin, niet uiterlijk 1 juli van het jaar voorafgaand aan het bekostigingsjaar, voorzien van een goedkeurende accountantsverklaring, heeft ontvangen en hierdoor niet tijdig over de gegevens kan beschikken, kan Onze Minister de hoogte van de rijksbijdrage voor deze instelling voor het desbetreffende kalenderjaar vaststellen conform de voorschriften in het tweede tot en met zesde lid.
**1.** De gegevens, bedoeld in artikel 2.5.5a, tweede lid, onderdelen a, b, c, d, h, i, l, m en n, van de wet en de verklaring, bedoeld in artikel 2.2.4, vijfde lid, van de wet worden uiterlijk 1 juli van het jaar voorafgaand aan het bekostigingsjaar ingediend bij Onze Minister. Indien Onze Minister van een instelling de gegevens, bedoeld in de eerste volzin, niet uiterlijk 1 juli van het jaar voorafgaand aan het bekostigingsjaar, voorzien van een goedkeurende accountantsverklaring, heeft ontvangen en hierdoor niet tijdig over de gegevens kan beschikken, kan Onze Minister de hoogte van de rijksbijdrage voor deze instelling voor het desbetreffende kalenderjaar vaststellen conform de voorschriften in het tweede tot en met zesde lid.
**2.**
@ -228,7 +228,7 @@ c. in afwijking van artikel 2.2.5 het aantal deelnemers vastgesteld op 90% van h
**3.** Indien toepassing wordt gegeven aan het eerste lid, wordt in artikel 2.2.4, eerste lid, in de begripsbepalingen LD1, LD2 en LD3 tevens gelezen: alsmede de op grond van artikel 2.2.7, tweede lid, onderdeel b, vastgestelde aantallen diploma's.
**4.** De instellingen, bedoeld in het eerste lid, dienen uiterlijk 1 november van het jaar voorafgaand aan het bekostigingsjaar de gegevens, bedoeld in artikel 2.5.5a, tweede lid, onderdelen a, b, c, d, h, i, k, l, m en n, van de wet, voorzien van een goedkeurende accountantsverklaring, in bij Onze Minister.
**4.** De instellingen, bedoeld in het eerste lid, dienen uiterlijk 1 november van het jaar voorafgaand aan het bekostigingsjaar de gegevens, bedoeld in artikel 2.5.5a, tweede lid, onderdelen a, b, c, d, h, i, l, m en n, van de wet, voorzien van een goedkeurende accountantsverklaring, in bij Onze Minister.
**5.** Indien uit de gegevens, bedoeld in het vierde lid, blijkt dat toepassing van artikel 2.2.3, artikel 2.2.4, eerste lid, respectievelijk artikel 2.2.5 leidt tot een lagere waarde dan vastgesteld op grond van het tweede lid, onderdelen a, b respectievelijk c, wordt de vergoeding van de instelling berekend op grond van die lagere waarde.
@ -306,7 +306,7 @@ PL: de rijksbijdrage voor de exploitatiekosten, zoals omschreven in het eerste l
EduL: de hoogte van het bedrag dat met de overeenkomsten educatie van de instellingen in het kalenderjaar voorafgaand aan het desbetreffende kalenderjaar is gemoeid, zoals blijkt uit de jaarrekeningen van de instellingen;
W: het totaal van de wachtgeldbudgetten voor de instellingen zoals opgenomen in de begrotingen van de uitgaven van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van het desbetreffende kalenderjaar.
W: het totaal van de wachtgeldbudgetten voor de instellingen zoals opgenomen in de begrotingen van de uitgaven van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie van het desbetreffende kalenderjaar.
**3.** De uitkomst van de berekening, bedoeld in het tweede lid, wordt rekenkundig afgerond op twee decimalen.
@ -732,10 +732,10 @@ Ten behoeve van de vaststelling van de bekostiging van een instelling kan Onze M
a. het persoonsgebonden nummer;
b. het geslacht, de geboortedatum en de postcode van de woonplaats;
c. de datum van in- en uitschrijving;
d. de kwalificatie en de leerweg;
c. de datum van inschrijving of van de wijziging of beëindiging daarvan;
d. de leerweg, alsmede de code, bedoeld in artikel 6.4.1, tweede lid, onder a, van de wet van het opleidingsdomein, het kwalificatiedossier of de kwalificatie waarvoor de deelnemer is ingeschreven en bij inschrijving voor een opleidingsdomein het niveau, bedoeld in artikel 7.2.2, derde lid, van de wet van de beroepsopleiding;
e. indien van toepassing, het al dan niet zijn van risicodeelnemer;
f. het behaalde diploma, dan wel, voorzover het betreft het beroepsonderwijs op het gebied van de landbouw en de natuurlijke omgeving, de behaalde deelkwalificaties;
f. het behaalde diploma;
g. de omvang van de beroepspraktijkvorming, de datum van begin en einde daarvan, de afsluitdatum van de beroepspraktijkvormingsovereenkomst en het betrokken bedrijf dat of de betrokken organisatie die de beroepspraktijkvormingsovereenkomst verzorgt;
h. de gegevens over de nationaliteit en het verblijfsrecht van de deelnemer;
i. het registratienummer van de instelling;
@ -751,7 +751,7 @@ Vervallen
### Artikel 4b.3.3
**1.** De gegevens, bedoeld in artikel 4b.3.1, worden uitsluitend gebruikt door de daartoe door Onze Minister aangewezen ambtenaren dan wel, voor zover het betreft het onderwijs op het gebied van landbouw en natuurlijke omgeving, door de daartoe door Onze Minister aangewezen ambtenaren van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit.
**1.** De gegevens, bedoeld in artikel 4b.3.1, worden uitsluitend gebruikt door de daartoe door Onze Minister aangewezen ambtenaren dan wel, voor zover het betreft het onderwijs op het gebied van landbouw, natuurlijke omgeving en voedsel, door de daartoe door Onze Minister aangewezen ambtenaren van het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie.
**2.**
@ -771,15 +771,15 @@ c. de gegevens van een deelnemer of voormalige deelnemer, voorzover Onze Ministe
De bepalingen van dit hoofdstuk hebben betrekking op:
a. instellingen als bedoeld in artikel 1.1.1, onderdeel b, onder 1° tot en met 4°, van de wet,
b. kenniscentra beroepsonderwijs bedrijfsleven als bedoeld in artikel 1.1.1, onderdeel b2, van de wet, met uitzondering van het kenniscentrum beroepsonderwijs bedrijfsleven op het gebied van de landbouw en de natuurlijke omgeving, en
a. instellingen als bedoeld in artikel 1.1.1, onderdeel b, onder 1° tot en met 3°, van de wet,
b. kenniscentra beroepsonderwijs bedrijfsleven als bedoeld in artikel 1.1.1, onderdeel b1, van de wet, met uitzondering van het kenniscentrum beroepsonderwijs bedrijfsleven op het gebied van landbouw, natuurlijke omgeving en voedsel, en
c. instellingen als bedoeld in artikel 2.3.4 van de wet.
### Artikel 5.1.2
In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:
a. kenniscentrum: een kenniscentrum beroepsonderwijs bedrijfsleven als bedoeld in artikel 1.1.1, onderdeel b2, van de wet,
a. kenniscentrum: een kenniscentrum beroepsonderwijs bedrijfsleven als bedoeld in artikel 1.1.1, onderdeel b1, van de wet,
b. gegevenswoordenboek: de opsomming van een door het bevoegd gezag van een instelling of het bestuur van een kenniscentrum te verzamelen gegevens, bedoeld in artikel 5.2.1.
### Paragraaf 2. Ordening en wijze van beschikbaarstelling gegevens
@ -826,12 +826,12 @@ Bij ministeriële regeling kan in bijzondere gevallen een aanvullende vragenlijs
De bepalingen van dit hoofdstuk hebben betrekking op:
1. instellingen als bedoeld in de artikelen 1.1.1, onderdelen b en b1, 12.3.8 en 12.3.9 van de wet, en
2. kenniscentra beroepsonderwijs bedrijfsleven als bedoeld in artikel 1.1.1, onderdeel b2, van de wet.
1. instellingen als bedoeld in de artikelen 1.1.1, onderdeel b, 12.3.8 en 12.3.9 van de wet, en
2. kenniscentra beroepsonderwijs bedrijfsleven als bedoeld in artikel 1.1.1, onderdeel b1, van de wet.
### Artikel 5a.1a
In dit hoofdstuk wordt verstaan onder kenniscentrum: een kenniscentrum beroepsonderwijs bedrijfsleven als bedoeld in artikel 1.1.1, onderdeel b2, van de wet.
In dit hoofdstuk wordt verstaan onder kenniscentrum: een kenniscentrum beroepsonderwijs bedrijfsleven als bedoeld in artikel 1.1.1, onderdeel b1, van de wet.
### Artikel 5a.2
@ -843,7 +843,7 @@ Indien een instelling of een kenniscentrum de taken beëindigt en een rechtsopvo
### Artikel 5a.4
**1.** Voor de uitkomsten van het functiewaarderingssysteem van een instelling als bedoeld in de artikelen 1.1.1, onderdelen b en b1, en 12.3.8 van de Wet educatie en beroepsonderwijs of van een kenniscentrum geldt voor de functie van voorzitter van het college van bestuur en de centrale directie dat daaraan ten hoogste een salarisschaal is verbonden waarvan het hoogste bedrag overeenkomt met het maximum salarisbedrag van schaal 18 van bijlage 1A van het Kaderbesluit rechtspositie BVE, zoals dat luidde op 30 juni 2003.
**1.** Voor de uitkomsten van het functiewaarderingssysteem van een instelling als bedoeld in de artikelen 1.1.1, onderdeel b, en 12.3.8 van de wet of van een kenniscentrum geldt voor de functie van voorzitter van het college van bestuur en de centrale directie dat daaraan ten hoogste een salarisschaal is verbonden waarvan het hoogste bedrag overeenkomt met het maximum salarisbedrag van schaal 18 van bijlage 1A van het Kaderbesluit rechtspositie BVE, zoals dat luidde op 30 juni 2003.
**2.** Het in het eerste lid bedoelde maximum kan worden bijgesteld aan de hand van de algemene salarisontwikkeling die voor het personeel van instellingen onderscheidenlijk kenniscentra wordt overeengekomen.
@ -1022,4 +1022,4 @@ Een groot deel van de gegevens (zoals organisatiegegevens) is reeds geregistreer
Vervallen
## Bijlage 6. Modellen van formulieren kenniscentra beroepsonderwijs bedrijfsleven bij hoofdstuk 5, informatie, van het Uitvoeringsbesluit WEB
## Bijlage 6. Modellen van formulieren kenniscentra beroepsonderwijs bedrijfsleven bij