diff --git a/amvb/besluit-tegemoetkoming-chronisch-zieken-en-gehandicapten/BWBR0025007/README.md b/amvb/besluit-tegemoetkoming-chronisch-zieken-en-gehandicapten/BWBR0025007/README.md new file mode 100644 index 00000000000..7b8b83086d6 --- /dev/null +++ b/amvb/besluit-tegemoetkoming-chronisch-zieken-en-gehandicapten/BWBR0025007/README.md @@ -0,0 +1,138 @@ +--- +titel: Besluit tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten +bwb_id: BWBR0025007 +type: AMvB +status: geldend +datum_inwerkingtreding: '2009-01-01' +bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0025007 +citeertitel: Besluit tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten +--- + +# Besluit tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten + +## Hoofdstuk 1. Definities en algemene bepalingen + +### Artikel 1 + +Voor de toepassing van de artikelen 2 tot en met 5 en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: + +a. *de wet:* de Wet tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten; +b. *FKG’s:* Farmaceutische kosten groepen die worden gehanteerd voor de toepassing van hoofdstuk 3 van het Besluit zorgverzekering; +c. *DKG’s:* Diagnose kosten groepen die worden gehanteerd voor de toepassing van hoofdstuk 3 van het Besluit zorgverzekering; +d. *indicatiebesluit:* een besluit als bedoeld in artikel 1, onderdeel d, van het Zorgindicatiebesluit; +e. *zorgverzekeraar:* een zorgverzekeraar als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de Zorgverzekeringswet. + +## Hoofdstuk 2. Tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten + +### Artikel 2 + +**1.** + +De tegemoetkoming, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de wet, bedraagt € 300 indien de verzekerde in het kalenderjaar waarop de tegemoetkoming betrekking heeft, jonger was dan 65 jaar of 65 jaar is geworden, onderscheidenlijk € 150 indien de verzekerde in het gehele jaar 65 jaar of ouder was, en de verzekerde: + +a. in dat jaar was ingedeeld in één of meer van de bij ministeriële regeling aangewezen lichte FKG’s en zijn zorgverzekeraar dat jaar voor hem bij ministeriële regeling aangewezen hulpmiddelen heeft vergoed; +b. in dat jaar was ingedeeld in twee of meer van de bij ministeriële regeling aangewezen lichte FKG’s en zijn zorgverzekeraar voor hem dat jaar voor hem geen hulpmiddelen als bedoeld in het eerste lid heeft vergoed; +c. in dat jaar was ingedeeld in één of meer van de bij ministeriële regeling aangewezen zware FKG’s; +d. in het jaar voorafgaande aan dat jaar was ingedeeld in één of meer van de bij ministeriële regeling aangewezen DKG’s; +e. in dat jaar voorafgaande aan dat jaar zijn zorgverzekeraar voor hem in een bij ministeriële regeling aangewezen instelling geneeskundige zorg gericht op revalidatie heeft vergoed; +f. in dat jaar zijn zorgverzekeraar voor hem fysiotherapie of oefentherapie als bedoeld in artikel 2.6, tweede lid, van het Besluit zorgverzekering heeft vergoed of, indien hij in dat jaar jonger was dan 18 jaar, in dat jaar en het daaraan voorafgaande jaar zijn zorgverzekeraar een bij ministeriële regeling te bepalen jaarbedrag, gelijk aan het gemiddelde bedrag aan kosten voor negen behandelingen fysiotherapie, heeft vergoed; +g. in dat jaar al dan niet aaneengesloten 26 weken of meer op grond van een indicatiebesluit was aangewezen op één tot tien uren per week zorg als bedoeld in de artikelen 4, 5 en 6 van het Besluit zorgaanspraken AWBZ; +h. in dat jaar al dan niet aaneengesloten 26 weken of meer op grond van een indicatiebesluit was aangewezen op één tot vier dagdelen per week zorg als bedoeld in artikel 6, tweede lid, onderdeel a, van het Besluit zorgaanspraken AWBZ; +i. in dat jaar al dan niet aaneengesloten 26 weken of meer één tot tien uren per week op grond van artikel 4, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning in natura huishoudelijke verzorging als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel h, van die wet, heeft ontvangen, of +j. in dat jaar al dan niet aaneengesloten 26 weken of meer op grond van een indicatiebesluit was aangewezen op één of meer etmalen per week zorg als bedoeld in de artikelen 9, eerste lid, of 13, eerste en tweede lid, van het Besluit zorgaanspraken AWBZ. + +**2.** + +De tegemoetkoming, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de wet bedraagt € 500 indien de verzekerde in het kalenderjaar waarop de tegemoetkoming betrekking heeft, jonger was dan 65 jaar of 65 jaar is geworden, onderscheidenlijk € 350 indien de verzekerde in het gehele jaar 65 jaar of ouder was, en de verzekerde in dat jaar: + +a. viel onder twee of meer van de categorieën, genoemd in het eerste lid, met uitzondering van: + +1°. de combinatie van de categorieën, genoemd in de onderdelen b en c, +2°. de combinatie van de categorieën, genoemd in de onderdelen g en h en, +3°. een combinatie van de categorie, genoemd in onderdeel i, en een van de categorieën, genoemd in de onderdelen g en h, +4°. een combinatie van de categorie, genoemd in onderdeel j, en een van de andere categorien genoemd in het eerste lid. +b. al dan niet aaneengesloten 26 weken of meer op grond van een indicatiebesluit was aangewezen op tien of meer uren per week zorg als bedoeld in de artikelen 4, 5 en 6 van het Besluit zorgaanspraken AWBZ, +c. al dan niet aaneengesloten 26 weken of meer op grond van een indicatiebesluit was aangewezen op vier of meer dagdelen per week zorg als bedoeld in artikel 6, tweede lid, onderdeel a, van het Besluit zorgaanspraken AWBZ, of +d. al dan niet aaneengesloten 26 weken of meer tien uren per week of meer op grond van artikel 4, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning in natura huishoudelijke verzorging als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel h, van die wet, heeft ontvangen. + +### Artikel 3 + +**1.** + +Zorgverzekeraars verstrekken van verzekerden die vallen onder de categorieën, genoemd in artikel 2, eerste lid, onderdelen a tot en met f, aan het CAK: + +a. het burgerservicenummer of bij ontbreken daarvan het sociaal-fiscaalnummer, +b. het rekeningnummer, +c. de geboortedatum, +d. indien de verzekerde is overleden, de datum van het overlijden, en +e. indien dat het geval is; dat verzekerde op grond van artikel 2, tweede lid, onderdeel a, recht heeft op een hogere tegemoetkoming. + +**2.** Zorgverzekeraars verstrekken aan het CAK een overzicht van verzekerden als bedoeld in artikel 1, onderdeel f, van de Zorgverzekeringswet. + +**3.** + +Indicatieorganen als bedoeld in artikel 9a van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten verstrekken aan het CAK van personen die vallen onder artikel 2, eerste lid, onderdelen g, h of j, of tweede lid onderdelen b of c: + +a. het burgerservicenummer of bij ontbreken daarvan het sociaal-fiscaalnummer, +b. de datum waarop en de duur waarvoor de indicatie is gegeven, +c. de geboortedatum, en +d, de mededeling dat de verzekerde valt in de categorie, genoemd in: + +1°. artikel 2, eerste lid, onderdelen g, h of j, +2°. artikel 2, tweede lid. + +## Hoofdstuk 3. Tegemoetkoming voor arbeidsongeschikten + +### Artikel 4 + +**1.** + +Recht op de tegemoetkoming, bedoeld in artikel 10 van de wet, heeft: + +a. de persoon, bedoeld in artikel 10, eerste lid, van de wet die op 1 juli van het kalenderjaar recht heeft op: + +1°. een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering bij een arbeidsongeschiktheid van 35% of meer, +2° .een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van hoofdstuk 6 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, +3°. een werkhervattingsuitkering gedeeltelijk arbeidsgeschikten op grond van hoofdstuk 7 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, of +4°. een uitkering op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen bij een arbeidsongeschiktheid van 35% of meer; +b. de persoon die op 1 juli van het kalenderjaar recht heeft op de uitkering op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten bij een arbeidsongeschiktheid van 35% of meer. + +**2.** De persoon, bedoeld in het eerste lid, ontvangt per kalenderjaar een tegemoetkoming van € 350. + +**3.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen verstrekt de tegemoetkoming ambtshalve in het derde kwartaal van het kalenderjaar. + +## Hoofdstuk 4. Algemene bepalingen over tegemoetkomingen + +### Artikel 5 + +De bedragen, genoemd in de artikelen 2 en 4, worden bij het begin van het kalenderjaar bij ministeriële regeling vervangen door andere bedragen. Deze bedragen worden berekend door de te vervangen bedragen te vermenigvuldigen met de tabelcorrectiefactor, bedoeld in artikel 10.2 van de Wet inkomstenbelasting 2001, en de uitkomst vervolgens naar boven af te ronden op hele getallen. + +## Hoofdstuk 5. Korting op eigen bijdragen op grond van de + +### Artikel 6 + +Wijzigt het Bijdragebesluit zorg. + +### Artikel 7 + +Wijzigt het Besluit maatschappelijke ondersteuning. + +## Hoofdstuk 6. Wijzigingen in fiscale regelgeving + +### Artikel 8 + +Wijzigt het Uitvoeringsbesluit inkomstenbelasting 2001. + +### Artikel 9 + +Wijzigt het Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965. + +## Hoofdstuk 7. Slotbepalingen + +### Artikel 10 + +Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip waarbij voor artikelen of onderdelen daarvan terugwerkende kracht mogelijk is tot en met 1 januari 2009 met dien verstande dat artikel 5 eerst toepassing vindt in het jaar 2010 en dat de korting die wordt verleend op grond van artikel 16d, vijfde lid, van het Bijdragebesluit zorg en artikel 4.1, vierde lid, van het Besluit maatschappelijke ondersteuning zoals deze komen te luiden na inwerkingtreding van dit besluit voor het jaar 2009 in een keer wordt uitgekeerd in het tweede kwartaal van het jaar 2010. + +### Artikel 11 + +Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten.