2006-08-12 | BWBR0012289 | Vreemdelingencirculaire 2000 (B)
This commit is contained in:
parent
b12c72773e
commit
0e47378a82
1 changed files with 13 additions and 31 deletions
|
|
@ -9411,37 +9411,19 @@ Het moet vaststaan dat de vreemdeling voor een studie/opleiding is of zal worden
|
|||
|
||||
##### 2.1.1. De verblijfsvergunning voor studie aan hoger onderwijs
|
||||
|
||||
Artikel 3.41 Vb regelt dat de verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 14 Vw, onder een beperking verband houdend met het volgen van studie kan worden verleend aan de vreemdeling die voltijds hoger, voortgezet of beroepsonderwijs volgt aan een bij ministeriële regeling aan te wijzen onderwijsinstelling. Artikel 3.18a VV wijst uitsluitend als onderwijsinstellingen aan:
|
||||
|
||||
|
||||
a.
|
||||
Instellingen voor hoger onderwijs die de Gedragscode internationale student in het Nederlands Hoger Onderwijs hebben ondertekend en voorkomen in het openbare register van onderwijsinstellingen die de Gedragscode hebben ondertekend;
|
||||
|
||||
|
||||
b.
|
||||
Instellingen die opleidingen verzorgen in het kader van ontwikkelingssamenwerkingsbeleid van het ministerie van BuZa.
|
||||
|
||||
|
||||
|
||||
|
||||
*Ad a.*
|
||||
|
||||
|
||||
Instellingen die de Gedragscode internationale student in het Nederlands Hoger Onderwijs hebben ondertekend staan vermeld in het openbare register dat wordt beheerd door de Informatie Beheer Groep. Indien een hoger onderwijsinstelling in dit openbare register voorkomt is toelating van een student aan de onderwijsinstelling toegestaan, indien ook aan de overige voorwaarden genoemd in dit hoofdstuk is voldaan.
|
||||
|
||||
|
||||
*Ad b.*
|
||||
|
||||
|
||||
Instellingen die een opleiding verzorgen in het kader van ontwikkelingssamenwerkingsbeleid van het ministerie van BuZa staan vermeld in een door de Nederlandse organisatie voor internationale samenwerking in het hoger onderwijs beheerde lijst. Indien een onderwijsinstelling op deze lijst is geplaatst is toelating van een student aan de onderwijsinstelling toegestaan, indien ook aan de overige voorwaarden genoemd in dit hoofdstuk is voldaan.
|
||||
|
||||
|
||||
*Overgangsregeling*
|
||||
|
||||
|
||||
Voor een studie/opleiding aan een instelling die niet valt onder artikel 3.18a VV maar op grond waarvan vóór 1 mei 2006 wel reeds een verblijfsvergunning is verleend, wordt verlenging van de geldigheidsduur niet geweigerd op grond van de omstandigheid dat de betreffende studie/opleiding niet is aangesloten bij ‘de Gedragscode internationale student in het Nederlands Hoger Onderwijs’ of valt onder instellingen die opleidingen verzorgen in het kader van het ontwikkelinssamenwerkinsbeleid van het ministerie van BuZa.
|
||||
|
||||
200610023-05-200616-05-20062006/21200610023-05-200616-05-20062006/2125-05-200601-05-2006Stcrt. 2006, 154, datum inwerkingtreding 12-08-2006, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van deze tekst. Deze wijziging werkt terug tot en met 01-05-2006. Artikel 3.41 Vb regelt dat de verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 14 Vw, onder een beperking verband houdend met het volgen van studie kan worden verleend aan de vreemdeling die voltijds hoger, voortgezet of beroepsonderwijs volgt aan een bij ministeriële regeling aan te wijzen onderwijsinstelling. Artikel 3.18a VV wijst uitsluitend als voltijds hoger onderwijs de volgende onderwijsinstellingen aan:a.Instellingen voor hoger onderwijs die de Gedragscode internationale student in het Nederlands Hoger Onderwijs hebben ondertekend en voorkomen in het openbare register van onderwijsinstellingen die de Gedragscode hebben ondertekend;b.Instellingen die opleidingen verzorgen in het kader van ontwikkelingssamenwerkingsbeleid van het ministerie van BuZa;c.Instellingen die opleidingsactiviteiten verzorgen in het kader van de Wet op het specifiek cultuurbeleid.*Ad a.*Instellingen die de Gedragscode internationale student in het Nederlands Hoger Onderwijs hebben ondertekend staan vermeld in het openbare register dat wordt beheerd door de Informatie Beheer Groep. Indien een hoger onderwijsinstelling in dit openbare register voorkomt is toelating van een student aan de onderwijsinstelling toegestaan, indien ook aan de overige voorwaarden genoemd in dit hoofdstuk is voldaan.*Ad b*.Instellingen die een opleiding verzorgen in het kader van ontwikkelingssamenwerkingsbeleid van het ministerie van BuZa staan vermeld in een door de Nederlandse organisatie voor internationale samenwerking in het hoger onderwijs beheerde lijst. Indien een onderwijsinstelling op deze lijst is geplaatst is toelating van een student aan de onderwijsinstelling toegestaan, indien ook aan de overige voorwaarden genoemd in dit hoofdstuk is voldaan.*Ad c.*Instellingen die opleidingsactiviteiten verzorgen in het kader van de Wet op het specifiek cultuurbeleid staan vermeld op een door het Ministerie van OCW beheerde lijst. Indien een hoger onderwijsinstelling in dit openbare register voorkomt, is toelating van een student aan de onderwijsinstelling toegestaan, indien ook aan de overige voorwaarden genoemd in dit hoofdstuk is voldaan.*Overgangsregeling*Instellingen die in 2001, 2002 of 2003 zijn aangewezen door de Minister van OCW en waarvan de opleidingen op grond van overgangsrecht van rechtswege geaccrediteerd zijn en die tot 1 mei 2006 in aanmerking kwamen voor toelating van buitenlandse studenten, dan wel een door de Minister van OCW aangewezen instelling die opleidingen heeft gestart in 2001, 2002 of 2003 die op grond van overgangsrecht van rechtswege geaccrediteerd is en die tot 1 mei 2006 in aanmerking kwam voor toelating van buitenlandse studenten, komen tot 1 mei 2007 in aanmerking voor toelating, mits aan de overige voorwaarden genoemd in dit hoofdstuk wordt voldaan.Voor een studie/opleiding aan een instelling die niet valt onder artikel 3.18a VV maar op grond waarvan vóór 1 mei 2006 wel reeds een verblijfsvergunning is verleend, wordt verlenging van de geldigheidsduur niet geweigerd omdat de instelling niet voldoet aan 3.18a VV. Wel dient aan de overige in dit hoofdstuk genoemde voorwaarden te worden voldaan.
|
||||
a. Instellingen voor hoger onderwijs die de Gedragscode internationale student in het Nederlands Hoger Onderwijs hebben ondertekend en voorkomen in het openbare register van onderwijsinstellingen die de Gedragscode hebben ondertekend;
|
||||
b. Instellingen die opleidingen verzorgen in het kader van ontwikkelingssamenwerkingsbeleid van het ministerie van BuZa;
|
||||
c. Instellingen die opleidingsactiviteiten verzorgen in het kader van de Wet op het specifiek cultuurbeleid.
|
||||
|
||||
Instellingen die de Gedragscode internationale student in het Nederlands Hoger Onderwijs hebben ondertekend staan vermeld in het openbare register dat wordt beheerd door de Informatie Beheer Groep. Indien een hoger onderwijsinstelling in dit openbare register voorkomt is toelating van een student aan de onderwijsinstelling toegestaan, indien ook aan de overige voorwaarden genoemd in dit hoofdstuk is voldaan.
|
||||
|
||||
Instellingen die een opleiding verzorgen in het kader van ontwikkelingssamenwerkingsbeleid van het ministerie van BuZa staan vermeld in een door de Nederlandse organisatie voor internationale samenwerking in het hoger onderwijs beheerde lijst. Indien een onderwijsinstelling op deze lijst is geplaatst is toelating van een student aan de onderwijsinstelling toegestaan, indien ook aan de overige voorwaarden genoemd in dit hoofdstuk is voldaan.
|
||||
|
||||
Instellingen die opleidingsactiviteiten verzorgen in het kader van de Wet op het specifiek cultuurbeleid staan vermeld op een door het Ministerie van OCW beheerde lijst. Indien een hoger onderwijsinstelling in dit openbare register voorkomt, is toelating van een student aan de onderwijsinstelling toegestaan, indien ook aan de overige voorwaarden genoemd in dit hoofdstuk is voldaan.
|
||||
|
||||
Instellingen die in 2001, 2002 of 2003 zijn aangewezen door de Minister van OCW en waarvan de opleidingen op grond van overgangsrecht van rechtswege geaccrediteerd zijn en die tot 1 mei 2006 in aanmerking kwamen voor toelating van buitenlandse studenten, dan wel een door de Minister van OCW aangewezen instelling die opleidingen heeft gestart in 2001, 2002 of 2003 die op grond van overgangsrecht van rechtswege geaccrediteerd is en die tot 1 mei 2006 in aanmerking kwam voor toelating van buitenlandse studenten, komen tot 1 mei 2007 in aanmerking voor toelating, mits aan de overige voorwaarden genoemd in dit hoofdstuk wordt voldaan.
|
||||
|
||||
Voor een studie/opleiding aan een instelling die niet valt onder artikel 3.18a VV maar op grond waarvan vóór 1 mei 2006 wel reeds een verblijfsvergunning is verleend, wordt verlenging van de geldigheidsduur niet geweigerd omdat de instelling niet voldoet aan 3.18a VV. Wel dient aan de overige in dit hoofdstuk genoemde voorwaarden te worden voldaan.
|
||||
|
||||
##### 2.1.2. De verlening van een verblijfsvergunning voor de voorbereiding op de studie
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue