2006-01-01 | BWBR0001939 | Natuurschoonwet 1928
This commit is contained in:
parent
147dedecab
commit
0f134c6077
1 changed files with 4 additions and 6 deletions
|
|
@ -178,13 +178,11 @@ Indien landgoederen worden verkregen door natuurlijke personen of door rechtsper
|
|||
|
||||
### Artikel 9b
|
||||
|
||||
**1.** Indien inbreng in rechtspersonen, als in artikel 9*a* zijn omschreven, uitsluitend bestaat uit landgoederen, is geen kapitaalsbelasting verschuldigd.
|
||||
|
||||
**2.** Bestaat de inbreng niet uitsluitend uit landgoederen, dan vindt het eerste lid toepassing op hetzelfde evenredige gedeelte als waarvoor de waarde in het economische verkeer van de landgoederen is begrepen in de waarde in het economische verkeer van het totaal van hetgeen is ingebracht.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 9c
|
||||
|
||||
De belasting die door toepassing van artikel 9*a* of 9*b* minder is geheven dan zonder die toepassing geheven zou zijn, is alsnog verschuldigd indien een beschikking wordt genomen als bedoeld in artikel 3*a*, eerste lid, dan wel indien binnen een tijdvak van 25 jaren na de verkrijging of de inbreng bij welke de vermindering van belasting is toegepast:
|
||||
De belasting die door toepassing van artikel 9a minder is geheven dan zonder die toepassing geheven zou zijn, is alsnog verschuldigd indien een beschikking wordt genomen als bedoeld in artikel 3a, eerste lid, dan wel indien binnen een tijdvak van 25 jaren na de verkrijging of de inbreng bij welke de vermindering van belasting is toegepast:
|
||||
|
||||
of ten aanzien van de landgoederen zich een van de in artikel 3, derde, vierde en zevende lid, genoemde gevallen voordoet,
|
||||
|
||||
|
|
@ -192,9 +190,9 @@ of ten aanzien van de landgoederen zich een van de in artikel 3, derde, vierde e
|
|||
|
||||
### Artikel 10
|
||||
|
||||
**1.** Voor de toepassing van de artikelen 7*a*, eerste lid, onderdeel *a*, en 8*a* en de artikelen 9*a*, 9*b* en 9*c* van deze wet, alsmede van artikel 5, onderdeel *a*, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 (*Stb.* 469) en artikel 10.9 van de Wet inkomstenbelasting 2001 worden onroerende zaken die gedurende de op de voet van artikel 4, tweede lid, vastgestelde termijn niet opnieuw kunnen worden aangemerkt als een landgoed, gelijkgesteld met landgoederen.
|
||||
**1.** Voor de toepassing van de artikelen 7a, eerste lid, onderdeel a, en 8a en de artikelen 9a en 9c van deze wet, alsmede van artikel 5, onderdeel a, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 (Stb. 469) en artikel 10.9 van de Wet inkomstenbelasting 2001 worden onroerende zaken die gedurende de op de voet van artikel 4, tweede lid, vastgestelde termijn niet opnieuw kunnen worden aangemerkt als een landgoed, gelijkgesteld met landgoederen.
|
||||
|
||||
**2.** Indien op de voet van artikel 4, tweede lid, een termijn is vastgesteld, wordt het tijdvak van 25 jaren als bedoeld in artikel 8 en in artikel 9*c* met die termijn verlengd.
|
||||
**2.** Indien op de voet van artikel 4, tweede lid, een termijn is vastgesteld, wordt het tijdvak van 25 jaren als bedoeld in artikel 8 en in artikel 9c met die termijn verlengd.
|
||||
|
||||
### Artikel 11
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue