2002-09-01 | BWBR0004575 | Wet op de waterhuishouding

This commit is contained in:
Coornhert 2002-09-01 12:00:00 +00:00
parent ddf4472e25
commit 10797fc2f4

View file

@ -357,49 +357,29 @@ De kwantiteitsbeheerder doet van een beslissing tot wijziging of tot weigering d
## Hoofdstuk IV. Bevoegdheden in buitengewone omstandigheden
### Afdeling 1. Opdrachten aan kwantiteitsbeheerders
### Afdeling 1. Vervallen
### Artikel 34
**1.** Onze Minister is, ingeval van grote schaarste of overvloed aan oppervlaktewater, aanmerkelijke verslechtering van de kwaliteit daarvan of het in het ongerede geraken van een waterhuishoudkundig werk dan wel ingeval een zodanige omstandigheid dreigt te ontstaan, bevoegd aan een kwantiteitsbeheerder, in het belang van de waterhuishouding, een schriftelijke opdracht te geven met betrekking tot het afvoeren of aanvoeren van water naar of uit de oppervlaktewateren onder beheer van het Rijk.
**2.** Indien de opdracht haar grond vindt in aanmerkelijke verslechtering van de kwaliteit van oppervlaktewater, wordt zij, tenzij spoedeisende omstandigheden zich daartegen verzetten, gegeven in overeenstemming met Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer.
**3.** De opdracht geldt voor een daarbij te stellen termijn. Deze termijn kan, met inachtneming van het tweede lid, telkens worden verlengd met een bij het verlengingsbesluit te stellen aanvullende termijn. Zodra de omstandigheden op grond waarvan toepassing is gegeven aan het eerste lid zulks toelaten, wordt de opdracht ingetrokken.
**4.** De opdracht kan worden gegeven in afwijking van een waterakkoord als bedoeld in artikel 17, eerste lid.
Vervallen
### Artikel 35
**1.** Voor zover een opdracht als bedoeld in artikel 34 zich daartegen niet verzet, zijn gedeputeerde staten bevoegd, ingeval van grote schaarste of overvloed aan oppervlaktewater, aanmerkelijke verslechtering van de kwaliteit daarvan of het in het ongerede geraken van een waterhuishoudkundig werk dan wel ingeval een zodanige omstandigheid dreigt te ontstaan, in het belang van de waterhuishouding, aan een beheerder, niet zijnde het Rijk of een provincie, een schriftelijke opdracht te geven met betrekking tot het afvoeren of aanvoeren van water naar of uit andere oppervlaktewateren dan die onder beheer van het Rijk.
**2.** De opdracht geldt voor een daarbij te stellen termijn. Deze termijn kan telkens worden verlengd met een bij het verlengingsbesluit te stellen aanvullende termijn. Zodra de omstandigheden op grond waarvan toepassing is gegeven aan het eerste lid zulks toelaten, wordt de opdracht ingetrokken.
**3.** De opdracht kan gegeven worden in afwijking van een waterakkoord als bedoeld in artikel 17, eerste lid.
**4.** De opdracht aan een beheerder wiens gebied in meer dan één provincie is gelegen, wordt gegeven door gedeputeerde staten van de desbetreffende provincie of provincies, aan welke het toezicht op deze beheerder is opgedragen.
Vervallen
### Artikel 36
**1.** Indien naar het oordeel van Onze Minister ten onrechte niet of onvoldoende gebruik gemaakt wordt van de in artikel 35, eerste lid, bedoelde bevoegdheid, kan Onze Minister de opdracht geven.
Vervallen
**2.** In ieder geval worden gedeputeerde staten zo spoedig mogelijk van de opdracht op de hoogte gebracht. Artikel 35, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
### Afdeling 2. Algemene voorschriften van kwantiteitsbeheerders
### Afdeling 2. Vervallen
### Artikel 37
**1.** Met betrekking tot de oppervlaktewateren onder beheer van het Rijk is Onze Minister en met betrekking tot de overige oppervlaktewateren is de kwantiteitsbeheerder van het desbetreffende oppervlaktewater bevoegd, ingeval van grote schaarste of overvloed van oppervlaktewater, aanmerkelijke verslechtering van de kwaliteit daarvan of het in het ongerede geraken van een waterhuishoudkundig werk dan wel ingeval een zodanige omstandigheid dreigt te ontstaan, in het belang van de waterhuishouding, algemene voorschriften te geven ten aanzien van het afvoeren, aanvoeren, lozen of onttrekken van water. Deze algemene voorschriften gelden niet voor beheerders voor zover deze water afvoeren of aanvoeren.
**2.** De voorschriften kunnen een algeheel verbod of een bepaalde beperking inhouden van het met behulp van daarbij aan te geven categorieën van werken afvoeren, aanvoeren, lozen of onttrekken van waterhoeveelheden. De voorschriften kunnen betrekking hebben op alle of op bepaalde oppervlaktewateren ten aanzien waarvan de in het eerste lid bedoelde bevoegdheid kan worden uitgeoefend.
**3.** De algemene voorschriften kunnen worden gegeven in afwijking van een vergunning als bedoeld in artikel 24, eerste lid.
Vervallen
### Artikel 38
**1.** Een krachtens artikel 37 vastgestelde regeling geldt voor een daarbij te stellen termijn. Deze termijn kan telkens worden verlengd met een bij de verlengingsregeling te stellen aanvullende termijn.
**2.** Zodra de omstandigheden op grond waarvan toepassing is gegeven aan artikel 37, eerste lid, zulks toelaten, worden de krachtens dat lid gegeven algemene voorschriften ingetrokken.
Vervallen
### Artikel 39
@ -409,7 +389,7 @@ Vervallen
### Artikel 40
Aan degene die ten gevolge van het vaststellen of wijzigen van een peilbesluit, het vaststellen of wijzigen van een waterakkoord, het verlenen, weigeren, wijzigen of intrekken van een vergunning of het geven van een opdracht als bedoeld in de artikelen 34, 35 en 36 of van een algemeen voorschrift als bedoeld in artikel 37, eerste lid, schade lijdt of zal lijden, welke redelijkerwijze niet of niet geheel te zijnen laste behoort te blijven en waarvan de vergoeding niet of niet op andere wijze voldoende is verzekerd, wordt door het gezag dat het desbetreffende besluit heeft genomen, op zijn verzoek een naar billijkheid te bepalen schadevergoeding toegekend. De schadevergoeding kan worden bepaald in geld of op andere wijze.
Aan degene die ten gevolge van het vaststellen of wijzigen van een peilbesluit, het vaststellen of wijzigen van een waterakkoord, het verlenen, weigeren, wijzigen of intrekken van een vergunning, schade lijdt of zal lijden, welke redelijkerwijze niet of niet geheel te zijnen laste behoort te blijven en waarvan de vergoeding niet of niet op andere wijze voldoende is verzekerd, wordt door het gezag dat het desbetreffende besluit heeft genomen, op zijn verzoek een naar billijkheid te bepalen schadevergoeding toegekend. De schadevergoeding kan worden bepaald in geld of op andere wijze.
### Artikel 41
@ -495,13 +475,7 @@ Onze Minister is, voor zover het de hem bij of krachtens deze wet toegekende bev
### Artikel 59
**1.**
Handelen in strijd met:
a. het in artikel 24, eerste lid, omschreven verbod;
b. een voorschrift van een krachtens artikel 24, vijfde lid, verleende vergunning;
c. een krachtens artikel 37, eerste lid, gegeven algemeen voorschrift, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de vierde categorie.
**1.** Handelen in strijd met het in artikel 24, eerste lid, omschreven verbod dan wel krachtens artikel 24, vijfde lid, aan een vergunning verbonden voorschrift, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van ten hoogste vijfentwintig duizend gulden.
**2.** Handelen in strijd met bij of krachtens artikel 12 vastgestelde verplichtingen wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie weken of een geldboete van de eerste categorie.