From 115f6f6a0595117effd1f486af14f79e5d919fc2 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Sun, 10 Oct 2010 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2010-10-10 | BWBR0013796 | Uitvoeringswet Internationaal Strafhof --- .../BWBR0013796/README.md | 49 ++++++++++++++++--- 1 file changed, 41 insertions(+), 8 deletions(-) diff --git a/rijkswet/uitvoeringswet-internationaal-strafhof/BWBR0013796/README.md b/rijkswet/uitvoeringswet-internationaal-strafhof/BWBR0013796/README.md index 8902a6c7fd6..2dcc8ad794d 100644 --- a/rijkswet/uitvoeringswet-internationaal-strafhof/BWBR0013796/README.md +++ b/rijkswet/uitvoeringswet-internationaal-strafhof/BWBR0013796/README.md @@ -14,28 +14,41 @@ citeertitel: Uitvoeringswet Internationaal Strafhof ### Artikel 1 +**1.** + Voor de toepassing van deze rijkswet wordt verstaan onder: a. Statuut: het op 17 juli 1998 te Rome tot stand gekomen Statuut van Rome inzake het Internationale Strafhof (Trb. 2000, 120); b. Strafhof: het Internationale Strafhof, opgericht bij het Statuut, respectievelijk elk van zijn organen voor de daaraan toegewezen taken; c. consultatie: overleg als bedoeld in artikel 97 van het Statuut, tussen een staat die partij is bij het Statuut, en het Strafhof; d. samenwerking: de samenwerking, bedoeld in deel 9 van het Statuut, tussen het Strafhof en de staten die partij zijn bij het Statuut; -e. overlevering: de terbeschikkingstelling van een persoon door Nederland, de Nederlandse Antillen of Aruba aan het Strafhof ten behoeve van een bij het Strafhof tegen hem gericht strafrechtelijk onderzoek of de tenuitvoerlegging van een hem door het Strafhof opgelegde gevangenisstraf; +e. overlevering: de ter beschikkingstelling van een persoon door Nederland, Aruba, Curaçao of Sint Maarten aan het Strafhof ten behoeve van een bij het Strafhof tegen hem gericht strafrechtelijk onderzoek of de tenuitvoerlegging van een hem door het Strafhof opgelegde gevangenisstraf; f. tenuitvoerlegging: de tenuitvoerlegging van uitspraken van het Strafhof, bedoeld in deel 10 van het Statuut, met inbegrip van de toepassing van voorlopige maatregelen ten behoeve van die tenuitvoerlegging; g. bijstand: de bijstand die Nederland in zijn hoedanigheid van Gastland aan het Strafhof verleent; h. doorvoer: het begeleid vervoer over Nederlands grondgebied van personen, afkomstig van een vreemde staat en met als bestemming het Strafhof, dan wel afkomstig van het Strafhof en met als bestemming een vreemde staat; i. Onze Minister: Onze Minister van Justitie; -j. Wetboek van Strafvordering: het Nederlandse Wetboek van Strafvordering. +j. Wetboek van Strafvordering: het Wetboek van Strafvordering van het Europese deel van het Koninkrijk. + +**2.** + +In deze wet wordt mede verstaan onder: + +a. Nederlands grondgebied of Nederlands gebied: het grondgebied van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba; +b. in Nederland: in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba; +c. Nederlandse ambtenaren: ambtenaren van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba; +d. Nederlands recht: het geldende recht in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba. + +**3.** Onder officier van justitie, hulpofficier van justitie en opsporingsambtenaar wordt uitsluitend voor de toepassing van de artikelen 13 tot en met 19a, mede verstaan de officier van justitie van het openbaar ministerie bij het gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, de hulpofficier van justitie, bedoeld in artikel 191 van het Wetboek van Strafvordering BES, en de opsporingsambtenaar, bedoeld in artikel 184 van dat wetboek. ### Artikel 2 -**1.** Onverminderd de overige leden van dit artikel is deze rijkswet van toepassing op Nederland, de Nederlandse Antillen en Aruba. +**1.** Onverminderd de overige leden van dit artikel is deze rijkswet van toepassing op Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten. -**2.** Indien het verzoek van het Strafhof inhoudt een verzoek om een handeling, te verrichten door de autoriteiten van de Nederlandse Antillen of Aruba, wordt het verzoek, in afwijking van artikel 3, eerste lid, in behandeling genomen door de Minister van Justitie van de Nederlandse Antillen onderscheidenlijk Aruba. Deze zendt het verzoek overeenkomstig artikel 3, tweede of vierde lid, door aan de Procureur-Generaal van de Nederlandse Antillen onderscheidenlijk Aruba. +**2.** Indien het verzoek van het Strafhof inhoudt een verzoek om een handeling, te verrichten door de autoriteiten van Aruba, Curaçao of Sint Maarten, wordt het verzoek, in afwijking van artikel 3, eerste lid, in behandeling genomen door de Minister van Justitie van Aruba, Curaçao onderscheidenlijk Sint Maarten. Deze zendt het verzoek overeenkomstig artikel 3, tweede en vierde lid, door aan de procureur-generaal van Aruba en aan de procureur-generaal voor Curaçao, voor Sint Maarten en voor de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba. -**3.** In de gevallen, bedoeld in het tweede lid, zijn, in afwijking van het bepaalde in de hoofdstukken 2, 3 en 4 van deze wet en behoudens strijd met het Statuut, het Nederlands-Antilliaans Uitleveringsbesluit alsmede het Wetboek van Strafvordering van de Nederlandse Antillen en van Aruba van overeenkomstige toepassing. +**3.** In de gevallen, bedoeld in het tweede lid, zijn, in afwijking van het bepaalde in de hoofdstukken 2, 3 en 4 van deze wet en behoudens strijd met het Statuut, het Uitleveringsbesluit van Aruba, Curaçao en Sint Maarten alsmede het Wetboek van Strafvordering van Aruba, Curaçao onderscheidenlijk Sint Maarten van overeenkomstige toepassing. -**4.** Tegen een uitspraak van de bevoegde rechter van de Nederlandse Antillen of Aruba op of naar aanleiding van een verzoek van het Strafhof tot overlevering of tenuitvoerlegging staat geen rechtsmiddel open. +**4.** Tegen een uitspraak van de bevoegde rechter van Aruba, Curaçao of Sint Maarten op of naar aanleiding van een verzoek van het Strafhof tot overlevering of tenuitvoerlegging staat geen rechtsmiddel open. ### Artikel 3 @@ -138,9 +151,17 @@ b. ter tenuitvoerlegging van een door het Strafhof opgelegde gevangenisstraf. **4.** De aangehouden persoon wordt zo spoedig mogelijk voorgeleid voor de officier van justitie bij het arrondissementsparket te 's-Gravenhage. +**5.** Indien de opgeëiste persoon zich in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba bevindt, blijft het vierde lid buiten toepassing. De aangehouden persoon die zich in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba bevindt wordt zo spoedig mogelijk voorgeleid voor de officier van justitie van het openbaar ministerie van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba. + ### Artikel 14 -Na de opgeëiste persoon, met inachtneming van de artikelen 55, tweede lid, en 59, tweede lid, van het Statuut, te hebben gehoord, kan de officier van justitie bevelen dat de opgeëiste persoon gedurende drie dagen, te rekenen vanaf het tijdstip van de voorlopige aanhouding, in verzekering gesteld zal blijven. +**1.** Na de opgeëiste persoon, met inachtneming van de artikelen 55, tweede lid, en 59, tweede lid, van het Statuut, te hebben gehoord, kan de officier van justitie bevelen dat de opgeëiste persoon gedurende drie dagen, te rekenen vanaf het tijdstip van de voorlopige aanhouding, in verzekering gesteld zal blijven. + +**2.** Indien de opgeëiste persoon zich bevindt in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, wordt het bevel door de officier van justitie van het openbaar ministerie van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, bedoeld in het eerste lid, gegeven in overleg met de officier van justitie van het arrondissementsparket te ’s-Gravenhage. Met het oog op de toepassing van het derde lid kan de termijn van inverzekeringstelling éénmaal met drie dagen worden verlengd. + +**3.** Indien een opgeëiste persoon in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba overeenkomstig deze paragraaf in verzekering is gesteld, wordt hij binnen de termijnen van het eerste lid en tweede lid overgedragen aan de officier van justitie bij het arrondissementsparket te ’s-Gravenhage. + +**4.** Het derde lid kan buiten toepassing blijven indien de opgeëiste persoon tegenover de officier van justitie die hem hoort, heeft verklaard in te stemmen met zijn onmiddellijke overlevering, de officier van justitie heeft beslist dat de persoon ter beschikking zal worden gesteld van het Strafhof en de feitelijke overlevering kan plaatsvinden binnen de termijnen van het eerste lid en tweede lid. ### Artikel 15 @@ -176,6 +197,18 @@ Van elke beslissing, genomen krachtens een van de artikelen 13 tot en met 16, ge Wanneer de opgeëiste persoon, op de dag waarop de officier van justitie het verzoek tot overlevering ontvangt, reeds krachtens artikel 14 in verzekering is gesteld, kan de vrijheidsbeneming, in afwijking van artikel 15, eerste lid, op bevel van de officier van justitie worden voortgezet tot het tijdstip waarop de rechtbank over de gevangenhouding beslist. +### Artikel 19a + +**1.** Nadat de opgeëiste persoon, met inachtneming van de artikelen 55, tweede lid en 59, tweede lid, van het Statuut, is gehoord, kan de officier van justitie bij het parket in eerste aanleg van de openbare lichamen bevelen dat de opgeëiste persoon gedurende drie dagen, te rekenen vanaf het tijdstip van voorlopige aanhouding, in verzekering gesteld zal blijven. Hij overlegt daartoe met de officier van justitie bij het arrondissementsparket te ’s-Gravenhage. + +**2.** Indien de opgeëiste persoon op de dag waarop de officier van justitie het verzoek tot uitlevering ontvangt reeds krachtens artikel 14 in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba in verzekering is gesteld, kan de vrijheidsbeneming – met afwijking van artikel 14 – uitsluitend op bevel van de officier van justitie bij het arrondissementsparket te ’s-Gravenhage worden voortgezet tot het tijdstip waarop de rechtbank over de gevangenhouding beslist. + +**3.** Indien de opgeëiste persoon in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba in verzekering is gesteld, wordt hij binnen de termijnen van het eerste lid overgedragen aan de officier van justitie bij het arrondissementsparket te ‘s-Gravenhage. + +**4.** Het derde lid kan buiten toepassing blijven indien de opgeëiste persoon tegenover de officier van justitie die hem hoort, heeft verklaard in te stemmen met zijn onmiddellijke overlevering, de officier van justitie heeft beslist dat de persoon ter beschikking zal worden gesteld van het Strafhof en de feitelijke overlevering kan plaatsvinden binnen de termijn van artikel 14. + +**5.** Nadat de opgeëiste persoon is gehoord, kan de officier van justitie bij het arrondissementsparket te ’s-Gravenhage in overleg met de officier van justitie bij het gerecht in eerste aanleg van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba bevelen dat de vrijheidsbeneming wordt voortgezet tot het tijdstip waarop de rechtbank over zijn gevangenhouding beslist. + ### Artikel 20 **1.** Ambtshalve, op de vordering van de officier van justitie of op het verzoek van de opgeëiste persoon of diens raadsman kan de rechter-commissaris bevelen dat de vrijheidsbeneming krachtens de bepalingen van deze paragraaf wegens dringende en uitzonderlijke omstandigheden wordt beëindigd of voorwaardelijk wordt opgeschort of geschorst. De te stellen voorwaarden strekken in ieder geval ter voorkoming van vlucht. @@ -398,7 +431,7 @@ Het betekenen en uitreiken van stukken aan derden, ter voldoening aan een verzoe ### Artikel 49 -De officier van justitie die het verzoek om samenwerking heeft ontvangen, beslist onverwijld omtrent het daaraan te geven gevolg. De officier van justitie roept voor de uitvoering ervan zo nodig de tussenkomst in van het openbaar ministerie in andere arrondissementen. In het belang van een spoedige en doelmatige afdoening kan hij het verzoek overdragen aan zijn ambtgenoot in een ander arrondissement. +De officier van justitie die het verzoek om samenwerking heeft ontvangen, beslist onverwijld omtrent het daaraan te geven gevolg. De officier van justitie roept voor de uitvoering ervan zo nodig de tussenkomst in van het openbaar ministerie in andere arrondissementen of van de procureur-generaal voor Curaçao, voor Sint Maarten en voor de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba. In het belang van een spoedige en doelmatige afdoening kan hij het verzoek overdragen aan zijn ambtgenoot in een ander arrondissement. ### Artikel 50