2018-01-01 | BWBR0009616 | Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs
This commit is contained in:
parent
326dc6226c
commit
122ccc8925
1 changed files with 11 additions and 1 deletions
|
|
@ -85,6 +85,16 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
Degene die arbeidsbemiddeling verricht of arbeidskrachten ter beschikking stelt is verplicht tot naleving van de voorschriften en verboden vastgesteld bij of krachtens de op grond van artikel 4, onderscheidenlijk artikel 12, eerste of tweede lid, vastgestelde algemene maatregel van bestuur voor zover en op de wijze als bij of krachtens deze maatregel is bepaald.
|
||||
|
||||
### Artikel 7c
|
||||
|
||||
**1.** Een werkzoekende, die in aanmerking komt voor terbeschikkingstelling of voor arbeidsbemiddeling, verstrekt aan degene die arbeidskrachten ter beschikking stelt of die arbeidsbemiddeling verricht een document als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder 1° tot en met 3°, van de Wet op de identificatieplicht.
|
||||
|
||||
**2.** Degene, die arbeidskrachten ter beschikking stelt of arbeidsbemiddeling verricht, stelt de identiteit van een werkzoekende vast voorafgaand aan de terbeschikkingstelling of voor de voordracht tot bemiddeling aan de hand van een document als bedoeld in het eerste lid.
|
||||
|
||||
**3.** Degene, die arbeidskrachten ter beschikking stelt of die arbeidsbemiddeling verricht, neemt een afschrift van het document, bedoeld in het eerste lid, op in diens administratie, voor zover op hem niet de verplichtingen rusten, bedoeld in artikel 28, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964.
|
||||
|
||||
**4.** Degene, die arbeidskrachten ter beschikking stelt of arbeidsbemiddeling verricht, vernietigt het afschrift, bedoeld in het derde lid, zodra dit afschrift niet meer noodzakelijk is voor de vaststelling, bedoeld in het tweede lid, maar uiterlijk vier weken nadat het afschrift in de administratie is opgenomen. De verplichting tot vernietiging geldt niet indien degene die arbeidskrachten ter beschikking stelt de verplichting heeft, bedoeld in artikel 28, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964.
|
||||
|
||||
### Artikel 8
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
|
@ -303,7 +313,7 @@ Indien een bestuurlijke boete ten onrechte is opgelegd, wordt deze binnen zes we
|
|||
|
||||
**3.** De constatering van de overtreding, bedoeld in het eerste of tweede lid, wordt vastgelegd in een boeterapport.
|
||||
|
||||
**4.** De waarschuwing, bedoeld in het eerste lid, vervalt indien na de dagtekening van de waarschuwing vijf jaren zijn verstreken. Artikel 5:34, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing.
|
||||
**4.** De waarschuwing, bedoeld in het eerste lid, vervalt indien na de dagtekening van de waarschuwing vijf jaren zijn verstreken.
|
||||
|
||||
**5.** De ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, is bevoegd met betrekking tot het bevel, bedoeld in het tweede lid, met inbegrip van de oplegging van een last onder bestuursdwang, de nodige maatregelen te treffen, de nodige aanwijzingen te geven en de hulp van de sterke arm in te roepen.
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue