2022-07-15 | BWBR0037931 | Allocatiecode gas

This commit is contained in:
Coornhert 2022-07-15 12:00:00 +00:00
parent ea2c2bbfa5
commit 12dcc2461f

View file

@ -218,7 +218,7 @@ Nadat alle regionale netbeheerders de gegevens ter beschikking hebben gesteld to
### Artikel 3.5
De netbeheerder van het landelijk gastransportnet verzendt tweemaal per jaar, in april en in oktober, de debetfacturen naar de desbetreffende erkende programmaverantwoordelijken op de veertiende werkdag van de maand en informeert de erkende programmaverantwoordelijken over de bedragen van de creditnotas. Deze facturering is gebaseerd op de in de voorgaande kalendermaanden ontvangen reconciliatiegegevens.
De netbeheerder van het landelijk gastransportnet verzendt tweemaal per jaar, in april en in oktober, op uiterlijk de veertiende werkdag van de maand de debetfacturen naar de desbetreffende erkende programmaverantwoordelijken. Deze facturering is gebaseerd op de in de voorgaande kalendermaanden ontvangen reconciliatiegegevens.
### Artikel 3.6
@ -228,17 +228,17 @@ De netbeheerder van het landelijk gastransportnet stelt de creditfacturen op en
Nadere regels voor het maandelijks uit te voeren reconciliatieproces zijn opgenomen in paragraaf 5.
## Hoofdstuk 4. Het allocatieproces voor netgebieden en direct aangeslotenen
## Hoofdstuk 4. Het allocatieproces voor netgebieden
### Paragraaf 4.0. Allocatierollen
### Paragraaf 4.0. Toegestane programmaverantwoordelijken
### Artikel 4.0.1
Op aansluitingen verbonden met een regionaal gastransportnet is slechts één erkende programmaverantwoordelijke toegestaan. Deze erkende programmaverantwoordelijke zal de allocatierol balancerend hebben conform 4a.1.
Op aansluitingen van een verbruiker of een invoeder die zijn verbonden met een netgebied is slechts één erkende programmaverantwoordelijke toegestaan.
### Artikel 4.0.2
Op exitpunten waar het landelijk gastransportnet is verbonden met een verbruiker zijn meerdere erkende programmaverantwoordelijken toegestaan. Alle erkende programmaverantwoordelijken die actief zijn op deze exitpunten zullen de allocatierol balancerend hebben conform 4a.1.
Op exitpunten waar het landelijk gastransportnet is verbonden met een netgebied zijn meerdere erkende programmaverantwoordelijken toegestaan.
### Paragraaf 4.1. Verstrekking van basisgegevens door de netbeheerder van het landelijk gastransportnet
@ -399,8 +399,6 @@ Indien een regionale netbeheerder binnen 80 dagen nadat de gegevens conform 2.5.
Erkende programmaverantwoordelijken en leveranciers zijn gehouden de conform de artikelen 2.4.1 en 2.5.1 door de regionale netbeheerder of de netbeheerder van het landelijk gastransportnet verstrekte gegevens bij ontvangst te controleren op plausibiliteit en eventuele vermeende fouten zo spoedig mogelijk, doch in elk geval vijf werkdagen vóór de verstrekking van nieuwe gegevens conform respectievelijk de artikelen 2.4.1, 2.5.1 en 2.6.1, te melden bij de regionale netbeheerder of de netbeheerder van het landelijk gastransportnet en, in geval van vermeende fouten in de meting, bij de partij die de meting verricht, opdat deze fouten gecorrigeerd kunnen worden vóór de verstrekking van nieuwe gegevens conform respectievelijk de artikelen 2.4.1, 2.5.1 en 2.6.1.
Indien de hierboven bedoelde gegevens een direct aangeslotene op het landelijk gastransportnet betreffen, dan geldt de controleverplichting conform artikel 2.5.1 en het melden van geconstateerde fouten niet.
### Artikel 4.6.4
Indien een regionale netbeheerder vaststelt dat een door hem samengesteld allocatiegegeven, dat betrekking heeft op (een uur van) een maand binnen de reconciliatieperiode, onjuist is, zal de daaruit voortvloeiende correctie (de zogenaamde correctie-energie) worden uitgevoerd in het reconciliatieproces. Deze correcties kunnen alleen worden uitgevoerd ingeval de correctie betrekking heeft op een binnen de reconciliatieperiode vallende periode.
@ -446,7 +444,7 @@ Van de regionale netbeheerder respectievelijk de beheerder van een gesloten dist
Van de netbeheerder van het landelijk gastransportnet naar desbetreffende leveranciers geldt dat:
• bij een verbruiker met een aansluiting op het landelijk gastransportnet, voor elk relevant netgebied: de gesommeerde allocaties voor de desbetreffende leverancier voor elke voorkomende combinatie met een erkende programmaverantwoordelijke en afnamecategorie wordt het bericht LALL gebruikt;
• bij een verbruiker met een aansluiting op het landelijk gastransportnet: de gesommeerde allocaties voor de desbetreffende leverancier voor elke voorkomende combinatie met een erkende programmaverantwoordelijke en afnamecategorie wordt het bericht LALL gebruikt;
• voor elke telemetriegrootverbruiker: de gealloceerde uurhoeveelheid; hiervoor wordt het bericht BALL gebruikt.
### Paragraaf 4.9. Vaststelling te alloceren netverlies
@ -491,23 +489,36 @@ Bij de berekening van het gerealiseerde netverlies bedoeld in het eerste lid, ho
### Artikel 4a.1.1
De netbeheerder van het landelijk gastransportnet kent de volgende allocatierollen:
In beginsel is de allocatie gelijk aan de confirmatie. Indien de meting ongelijk is aan de som van de confirmaties, wordt het verschil tussen de meting en de som van de confirmaties gealloceerd volgens artikelen 4a.1.1.1 tot en met 4a.1.1.3. Hierbij geeft de netbeheerder van het landelijk gastransportnet op alle overige entry- en exitpunten aan de erkende programmaverantwoordelijken de keuze tussen de allocatierollen Balancerend en Proportioneel.
Het verschil tussen het te alloceren volume en de som van de confirmaties aan de erkende programmaverantwoordelijken met de allocatierol proportioneel (inclusief backhaul) wordt gealloceerd aan de erkende programmaverantwoordelijke met de allocatierol balancerend (enkel ingeval de richting van dit verschil overeenkomt met de richting waarin de erkende programmaverantwoordelijke balancerend is). Indien er meerdere erkende programmaverantwoordelijken zijn met de allocatierol balancerend dienen deze erkende programmaverantwoordelijken te nomineren en zal het genoemde verschil verdeeld worden naar rato van de confirmaties aan de betreffende erkende programmaverantwoordelijken.
### Artikel 4a.1.1.1
In de situatie dat gas wordt afgeleverd in een stromingsrichting die gelijk is aan de fysieke stromingsrichting zal de hoeveelheid zoals aangegeven in de confirmatie in principe worden gealloceerd aan de erkende programmaverantwoordelijke. Indien in deze situatie het verschil tussen het gemeten volume en de som van de confirmaties aan de erkende programmaverantwoordelijken met de allocatierol proportioneel niet gealloceerd kan worden aan erkende programmaverantwoordelijken met de allocatierol balancerend zal dit verschil worden gealloceerd aan de in de eerste zin genoemde erkende programmaverantwoordelijken naar rato van de hoeveelheden zoals aangegeven in de confirmaties. In de situatie van backhaul zal de hoeveelheid zoals aangegeven in de confirmatie worden gealloceerd aan de erkende programmaverantwoordelijke.
Indien er op een entry- of exitpunt voor het uur waarvoor de allocatie wordt uitgevoerd een OBA, als bedoeld in artikel 5.1.8 van de Invoedcode gas LNB, actief is, wordt voor dat uur het verschil tussen de meting en de som van de confirmaties toegekend aan de OBA.
Bij deze allocatierol zal geen gas worden gealloceerd aan de erkende programmaverantwoordelijke.
Indien een OBA actief wordt op een entry- of exitpunt, krijgen alle portfolios op dat entry- of exitpunt de allocatierol Proportioneel. De netbeheerder van het landelijk gastransportnet publiceert op haar website op welke entry- en exitpunten een OBA actief is.
Indien een OBA inactief of niet aanwezig is, wordt het verschil tussen de meting en de som van de confirmaties gealloceerd conform artikel 4a.1.1.2 of 4a.1.1.3.
### Artikel 4a.1.1.2
Indien er op een entry- of exitpunt één of meerdere portfolio(s) met de allocatierol Balancerend aanwezig zijn, geldt het volgende. Het verschil tussen de meting en de som van de confirmaties wordt toegekend aan de portfolios met de allocatierol Balancerend waarvan de richting van de gasstroom overeenkomt met de richting van de gasstroom van het verschil tussen de meting en de som van de confirmaties. Het verschil wordt pro rata aan de confirmaties toegekend aan deze portfolios. De allocatie is dan gelijk aan de confirmatie plus het pro rata bepaalde verschil.
Indien er geen portfolio met de allocatierol Balancerend is waarvan de richting van de gasstroom overeenkomt met de richting van de gasstroom van het verschil tussen de meting en de som van de confirmaties, wordt het verschil tussen de meting en de som van de confirmaties gealloceerd conform artikel 4a.1.1.3.
### Artikel 4a.1.1.3
Indien er op een entry- of exitpunt geen OBA actief is en de allocatierol Balancerend ook niet voorkomt, geldt het volgende. Het verschil tussen de meting en de som van de confirmaties wordt toegekend aan de portfolios waarvan de confirmatie dezelfde richting van de gasstroom heeft als de meting. Het verschil wordt pro rata aan de betreffende confirmaties toegekend aan deze portfolios. De allocatie is dan gelijk aan de confirmatie plus het pro rata bepaalde verschil.
### Artikel 4a.1.2
Indien een erkende programmaverantwoordelijke volgens 4a.2 op een entry- of exitpunt de keuze heeft tussen verschillende allocatierollen, zal de erkende programmaverantwoordelijke de netbeheerder van het landelijk gastransportnet per entry- en exitpunt schriftelijk melden welke allocatierol hij zal vervullen. Indien de netbeheerder van het landelijk gastransport deze informatie niet uiterlijk 5 werkdagen voor aanvang van de programmaverantwoordelijkheid op het betreffende entry- of exitpunt ontvangt zal de netbeheerder van het landelijk gastransportnet aan de erkende programmaverantwoordelijke de rol proportioneel toekennen.
Indien een erkende programmaverantwoordelijke volgens 4a.1.1 op een entry- of exitpunt de keuze heeft tussen verschillende allocatierollen, zal de erkende programmaverantwoordelijke de netbeheerder van het landelijk gastransportnet per entry- en exitpunt schriftelijk melden welke allocatierol hij zal vervullen. Indien de netbeheerder van het landelijk gastransport deze informatie niet uiterlijk 5 werkdagen voor aanvang van de programmaverantwoordelijkheid op het betreffende entry- of exitpunt ontvangt zal de netbeheerder van het landelijk gastransportnet aan de erkende programmaverantwoordelijke de rol proportioneel toekennen.
### Artikel 4a.1.3
Indien een erkende programmaverantwoordelijke kiest voor de allocatierol balancerend terwijl er al een andere balancerende erkende programmaverantwoordelijke op het entry- of exitpunt aanwezig is, zal de netbeheerder van het landelijk gastransportnet in overleg gaan met zowel de oorspronkelijke balancerende erkende programmaverantwoordelijke als de nieuwe balancerende erkende programmaverantwoordelijke, met als resultaat een van de volgende situaties:
Beide erkende programmaverantwoordelijken krijgen de allocatierol balancerend en beide zullen nomineren. Een van beide partijen verandert zijn allocatierol in proportioneel en zal nomineren. Een van beide partijen verandert zijn allocatierol in “geen allocatie”.
1. Beide erkende programmaverantwoordelijken krijgen de allocatierol balancerend.
2. Een van beide partijen verandert zijn allocatierol in proportioneel.
### Artikel 4a.1.4
@ -525,37 +536,31 @@ Binnen de condities van artikel 4a.2 is een erkende programmaverantwoordelijke b
De netbeheerder van het landelijk gastransportnet zal per entry- en exitpunt per erkende programmaverantwoordelijke de allocatierol opnemen in zijn administratie. Deze informatie is opvraagbaar voor erkende programmaverantwoordelijken die actief zijn op de betreffende entry- en/of exitpunten en zal verstrekt worden rekening houdend met belangen van alle betrokken partijen.
### Paragraaf 4a.2. Allocatie op entrypunten en exitpunten, uitgezonderd de exitpunten waar het landelijk gastransportnet is verbonden met een regionaal gastransportnet
### Paragraaf 4a.2. Allocatie op het TTF
### Artikel 4a.2.1
Allocatie op entry- en exitpunten op de landsgrens (grenspunten)
Op grenspunten zijn meerdere erkende programmaverantwoordelijken toegestaan. De erkende programmaverantwoordelijken die actief zijn op deze grenspunten kunnen de allocatierollen balancerend, proportioneel en “geen allocatie” hebben.
Vervallen
### Artikel 4a.2.2
Allocatie op entry- of exitpunten waar een installatie voor de opslag van gas of LNG is verbonden met het landelijk gastransportnet.
Op deze entry- of exitpunten zijn meerdere erkende programmaverantwoordelijken toegestaan. De erkende programmaverantwoordelijken die actief zijn op deze entry- of exitpunten kunnen de allocatierollen balancerend, proportioneel en “geen allocatie” hebben.
Vervallen
### Artikel 4a.2.3
Allocatie op entrypunten waar een gasproductienet is verbonden met het landelijk gastransportnet.
Op deze entrypunten zijn meerdere erkende programmaverantwoordelijken toegestaan. De erkende programmaverantwoordelijken die actief zijn op deze entrypunten kunnen de allocatierollen balancerend, proportioneel en “geen allocatie” hebben.
Vervallen
### Artikel 4a.2.4
Allocatie op het virtuele handelspunt
Allocatie op het TTF
Op het virtuele handelspunt geldt dat de gealloceerde hoeveelheid gelijk is aan de geconfirmeerde hoeveelheid; een uitzondering hierop is de balansrelatie.
Op het TTF geldt dat de gealloceerde hoeveelheid gelijk is aan de geconfirmeerde hoeveelheid; een uitzondering hierop is de balansrelatie.
### Artikel 4a.2.5
Balansrelatie op het virtuele handelspunt
Balansrelatie op het TTF
In een balansrelatie wordt de op het virtuele handelspunt gealloceerde hoeveelheid tussen één of meer balansleverende- en één balansontvangende erkende programmaverantwoordelijke bepaald op basis van de fysieke levering op binnenlandse verbruikspunten in een portfolio van de balansontvangende erkende programmaverantwoordelijke. Met behulp van de balansrelatie kan daarmee onbalansrisico op binnenlandse verbruikspunten over één- of meerdere balansleverende partijen verdeeld worden.
In een balansrelatie wordt de op het TTF gealloceerde hoeveelheid tussen één of meer balansleverende- en één balansontvangende erkende programmaverantwoordelijke bepaald op basis van de fysieke levering op binnenlandse verbruikspunten in een portfolio van de balansontvangende erkende programmaverantwoordelijke. Met behulp van de balansrelatie kan daarmee onbalansrisico op binnenlandse verbruikspunten over één- of meerdere balansleverende partijen verdeeld worden.
De gealloceerde hoeveelheid wordt bepaald door de inzet van één of meer van de onderstaande varianten:
@ -563,13 +568,11 @@ Een balansleverende- en een balansontvangende erkende programmaverantwoordelijke
De verdeling van de fysieke levering vindt plaats op basis van een vooraf door de balansleverende- en een balansontvangende erkende programmaverantwoordelijken genomineerd en geconfirmeerd percentage.
De gealloceerde hoeveelheid op het virtuele handelspunt tussen een balansleverende en een balansontvangende erkende programmaverantwoordelijke heeft een vooraf gespecificeerde bovengrens.
De gealloceerde hoeveelheid op het TTF tussen een balansleverende en een balansontvangende erkende programmaverantwoordelijke heeft een vooraf gespecificeerde bovengrens.
De gealloceerde hoeveelheid op het virtuele handelspunt tussen een balansleverende en een balansontvangende erkende programmaverantwoordelijke heeft een vooraf gespecificeerde ondergrens waaronder geen overdracht plaats heeft.
De gealloceerde hoeveelheid op het TTF tussen een balansleverende en een balansontvangende erkende programmaverantwoordelijke heeft een vooraf gespecificeerde ondergrens waaronder geen overdracht plaats heeft.
De balansontvangende erkende programmaverantwoordelijke brengt zelf een vaste hoeveelheid gas in in de balansrelatie
Voor de toepassing van een balansrelatie op het virtuele handelspunt:
Voor de toepassing van een balansrelatie op het TTF:
staat de balansontvangende partij als erkende programmaverantwoordelijke in het aansluitingenregister van de betreffende netbeheerder vermeld
wordt de overdracht tussen de balansleverende en de balansontvangende partij geacht plaats te vinden bij de fysieke exit.