2022-10-21 | BWBR0047334 | Regeling overgangsbekostiging vereenvoudiging bekostiging WPO en WEC
This commit is contained in:
parent
58ca06011c
commit
137be1aebe
1 changed files with 27 additions and 31 deletions
|
|
@ -30,10 +30,6 @@ In deze regeling wordt verstaan onder:
|
|||
- * WPO: *
|
||||
Wet op het primair onderwijs;
|
||||
|
||||
### Artikel 1a
|
||||
|
||||
De uitkomst van de letter A, genoemd in artikel 214, tweede lid, van de WPO en artikel 188, tweede lid, van de WEC, wordt voor 2025 geïndexeerd met 11,38%.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 2. Vaststelling bedragen voor de bepaling van de bekostiging, bedoeld in
|
||||
|
||||
### Paragraaf 1. Basisscholen
|
||||
|
|
@ -46,7 +42,7 @@ De geraamde landelijk gewogen gemiddelde leeftijd op 1 oktober 2021 en de genor
|
|||
|
||||
a. geraamde landelijk gewogen gemiddelde leeftijd: 39,41 jaar;
|
||||
b. genormeerde gemiddelde personeelslasten leraar: € 83.482,88;
|
||||
c. genormeerde gemiddelde personeelslasten schoolleiding: € 101.848,51.
|
||||
c. genormeerde gemiddelde personeelslasten schoolleiding: € 105.333,07.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -227,7 +223,7 @@ De bedragen van de materiële instandhouding voor het (voortgezet) speciaal onde
|
|||
|
||||
### Artikel 20
|
||||
|
||||
**1.** Het bedrag per leerling, bedoeld in artikel 116, tweede lid, WPO, bedraagt € 5.923,90.
|
||||
**1.** Het bedrag per leerling, bedoeld in artikel 116, tweede lid, WPO, bedraagt € 6.601,21.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -331,7 +327,7 @@ Het bedrag per brancardlift, bedoeld in artikel 16, vierde lid, van het Besluit
|
|||
|
||||
### Artikel 33
|
||||
|
||||
**1.** Het bedrag per leerling, bedoeld in artikel 116, tweede lid, WPO, bedraagt € 6.093,05 voor kalenderjaar 2023.
|
||||
**1.** Het bedrag per leerling, bedoeld in artikel 116, tweede lid, WPO, bedraagt € 5.801,77.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -339,8 +335,8 @@ Het bedrag per school, bedoeld in artikel 13, vierde lid, van het Besluit bekost
|
|||
|
||||
| | Bedrag per school |
|
||||
| --- | --- |
|
||||
| a. een basisschool met minder dan 100 leerlingen | € 89.806,35 voor kalenderjaar 2023 |
|
||||
| b. een basisschool met 100 leerlingen of meer | € 109.339,43 voor kalenderjaar 2023 |
|
||||
| a. een basisschool met minder dan 100 leerlingen | € 85.496,32 |
|
||||
| b. een basisschool met 100 leerlingen of meer | € 104.095,10 |
|
||||
|
||||
### Artikel 34
|
||||
|
||||
|
|
@ -348,21 +344,21 @@ Het startbedrag, het verminderingsbedrag en het basisbedrag, bedoeld in artikel
|
|||
|
||||
### Artikel 35
|
||||
|
||||
Het bedrag per nevenvestiging, bedoeld in artikel 17, eerste lid, onderdeel a, van het Besluit bekostiging WPO 2022, bedraagt € 19.322,73 voor kalenderjaar 2023.
|
||||
Het bedrag per nevenvestiging, bedoeld in artikel 17, eerste lid, onderdeel a, van het Besluit bekostiging WPO 2022, bedraagt € 18.398,49.
|
||||
|
||||
### Artikel 36
|
||||
|
||||
**1.** Het bedrag per eenheid achterstandsscore, bedoeld in artikel 18, eerste lid, van het Besluit bekostiging WPO 2022, bedraagt € 747,86 voor kalenderjaar 2023.
|
||||
**1.** Het bedrag per eenheid achterstandsscore, bedoeld in artikel 18, eerste lid, van het Besluit bekostiging WPO 2022, bedraagt € 711,63.
|
||||
|
||||
**2.** Het bedrag per school, bedoeld in artikel 19, tweede lid, van het Besluit bekostiging WPO 2022, bedraagt € 129,55 voor kalenderjaar 2023.
|
||||
**2.** Het bedrag per school, bedoeld in artikel 19, tweede lid, van het Besluit bekostiging WPO 2022, bedraagt € 123,36.
|
||||
|
||||
**3.** Het bedrag per leerling, bedoeld in artikel 19, tweede lid, van het Besluit bekostiging WPO 2022, bedraagt € 22,65 voor kalenderjaar 2023.
|
||||
**3.** Het bedrag per leerling, bedoeld in artikel 19, tweede lid, van het Besluit bekostiging WPO 2022, bedraagt € 21,57.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 2. Speciale scholen voor basisonderwijs
|
||||
|
||||
### Artikel 37
|
||||
|
||||
**1.** Het bedrag per leerling, bedoeld in artikel 116, tweede lid, van de WPO, bedraagt: € 7.020,57 voor kalenderjaar 2023.
|
||||
**1.** Het bedrag per leerling, bedoeld in artikel 116, tweede lid, van de WPO, bedraagt: € 6.685,01.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -370,20 +366,20 @@ Het bedrag per school, bedoeld in artikel 13, vijfde lid, van het Besluit bekost
|
|||
|
||||
| | Bedrag per school |
|
||||
| --- | --- |
|
||||
| a. een speciale school voor basisonderwijs met minder dan 100 leerlingen | € 84.738,12 voor kalenderjaar 2023 |
|
||||
| b. een speciale school voor basisonderwijs met 100 leerlingen of meer | € 105.440,42 voor kalenderjaar 2023 |
|
||||
| a. een speciale school voor basisonderwijs met minder dan 100 leerlingen | € 80.633,58 |
|
||||
| b. een speciale school voor basisonderwijs met 100 leerlingen of meer | € 100.345,66 |
|
||||
|
||||
### Artikel 38
|
||||
|
||||
Het bedrag per leerling, bedoeld in artikel 121, eerste lid, WPO, bedraagt € 6.635,53 voor kalenderjaar 2023.
|
||||
Het bedrag per leerling, bedoeld in artikel 121, eerste lid, WPO, bedraagt € 6.318,14.
|
||||
|
||||
### Artikel 39
|
||||
|
||||
Het bedrag per nevenvestiging, bedoeld in artikel 17, tweede lid, van het Besluit bekostiging WPO 2022, bedraagt € 21.661,42 voor kalenderjaar 2023.
|
||||
Het bedrag per nevenvestiging, bedoeld in artikel 17, tweede lid, van het Besluit bekostiging WPO 2022, bedraagt € 20.625,33.
|
||||
|
||||
### Artikel 40
|
||||
|
||||
Het bedrag per leerling, bedoeld in artikel 18, tiende lid, van het Besluit bekostiging WPO 2022, bedraagt € 3.502,37 voor kalenderjaar 2023.
|
||||
Het bedrag per leerling, bedoeld in artikel 18, tiende lid, van het Besluit bekostiging WPO 2022, bedraagt € 3.334,85.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 3. Scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs in cluster 3 en 4
|
||||
|
||||
|
|
@ -393,8 +389,8 @@ Het bedrag per leerling, bedoeld in artikel 18, tiende lid, van het Besluit beko
|
|||
|
||||
Het bedrag per leerling van een school, bedoeld in artikel 114, tweede lid, WEC, bedraagt:
|
||||
|
||||
a. Voor een leerling in het speciaal onderwijs: € 7.132,13 voor kalenderjaar 2023.
|
||||
b. Voor een leerling in het voortgezet speciaal onderwijs: € 10.808,18 voor kalenderjaar 2023.
|
||||
a. Voor een leerling in het speciaal onderwijs: € 6.791,31.
|
||||
b. Voor een leerling in het voortgezet speciaal onderwijs: € 10.291,53.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -402,10 +398,10 @@ Het bedrag per school, bedoeld in artikel 13, derde en vierde lid, van het Beslu
|
|||
|
||||
| | Bedrag per school |
|
||||
| --- | --- |
|
||||
| a. een school voor speciaal onderwijs met minder dan 50 leerlingen | € 132.783,66 voor kalenderjaar 2023 |
|
||||
| b. een school voor speciaal onderwijs met 50 leerlingen of meer | € 153.516,37 voor kalenderjaar 2023 |
|
||||
| c. een school voor voortgezet speciaal onderwijs met minder dan 50 leerlingen | € 136.479,29 voor kalenderjaar 2023 |
|
||||
| d. een school voor voortgezet speciaal onderwijs met 50 leerlingen of meer | € 157.212,00 voor kalenderjaar 2023 |
|
||||
| a. een school voor speciaal onderwijs met minder dan 50 leerlingen | € 126.340,85 |
|
||||
| b. een school voor speciaal onderwijs met 50 leerlingen of meer | € 146.081,88 |
|
||||
| c. een school voor voortgezet speciaal onderwijs met minder dan 50 leerlingen | € 129.859,71 |
|
||||
| d. een school voor voortgezet speciaal onderwijs met 50 leerlingen of meer | € 149.600,74 |
|
||||
|
||||
### Artikel 42
|
||||
|
||||
|
|
@ -413,21 +409,21 @@ Het bedrag per leerling, bedoeld in artikel 119, eerste lid, WEC is per categori
|
|||
|
||||
### Artikel 43
|
||||
|
||||
Het bedrag per leerling, bedoeld in artikel 14, eerste lid, van het Besluit bekostiging WEC 2022, bedraagt € 3.502,37 voor kalenderjaar 2023.
|
||||
Het bedrag per leerling, bedoeld in artikel 14, eerste lid, van het Besluit bekostiging WEC 2022, bedraagt € 3.334,85.
|
||||
|
||||
### Artikel 44
|
||||
|
||||
**1.** Het bedrag per bad, bedoeld in artikel 15, vijfde lid, van het Besluit bekostiging WEC 2022, bedraagt voor een hydrotherapiebad € 11.419,48 voor kalenderjaar 2023 en voor een watergewenningsbad € 24.691,11 voor kalenderjaar 2023.
|
||||
**1.** Het bedrag per bad, bedoeld in artikel 15, vijfde lid, van het Besluit bekostiging WEC 2022, bedraagt voor een hydrotherapiebad € 10.873,27 en voor een watergewenningsbad € 23.510,10.
|
||||
|
||||
**2.** Het bedrag per m^3 waterinhoud, bedoeld in artikel 15, vijfde lid, van het Besluit bekostiging WEC 2022, bedraagt voor een hydrotherapiebad € 332,45 voor kalenderjaar 2023 en voor een watergewenningsbad € 193,23 voor kalenderjaar 2023.
|
||||
**2.** Het bedrag per m^3 waterinhoud, bedoeld in artikel 15, vijfde lid, van het Besluit bekostiging WEC 2022, bedraagt voor een hydrotherapiebad € 316,55 en voor een watergewenningsbad € 183,99.
|
||||
|
||||
**3.** Het bedrag voor de beweegbare bodem, bedoeld in artikel 15, vijfde lid, van het Besluit bekostiging WEC 2022, bedraagt € 1.197,56 voor kalenderjaar 2023.
|
||||
**3.** Het bedrag voor de beweegbare bodem, bedoeld in artikel 15, vijfde lid, van het Besluit bekostiging WEC 2022, bedraagt € 1.140,27.
|
||||
|
||||
**4.** Het bedrag per m^3 waterinhoud bij een beweegbare bodem, bedoeld in artikel 15, vijfde lid, van het Besluit bekostiging WEC 2022, bedraagt € 90,55 voor kalenderjaar 2023.
|
||||
**4.** Het bedrag per m^3 waterinhoud bij een beweegbare bodem, bedoeld in artikel 15, vijfde lid, van het Besluit bekostiging WEC 2022, bedraagt € 86,22.
|
||||
|
||||
### Artikel 45
|
||||
|
||||
Het bedrag per brancardlift, bedoeld in artikel 16, vierde lid, van het Besluit bekostiging WEC 2022, bedraagt € 7.352,81 voor kalenderjaar 2023.
|
||||
Het bedrag per brancardlift, bedoeld in artikel 16, vierde lid, van het Besluit bekostiging WEC 2022, bedraagt € 7.001,11.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 5. Slotbepalingen
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue