diff --git a/beleidsregel/beleidsregels-buitengewoon-opsporingsambtenaar/BWBR0039766/README.md b/beleidsregel/beleidsregels-buitengewoon-opsporingsambtenaar/BWBR0039766/README.md index 8f279e80f8d..e85eef0c19c 100644 --- a/beleidsregel/beleidsregels-buitengewoon-opsporingsambtenaar/BWBR0039766/README.md +++ b/beleidsregel/beleidsregels-buitengewoon-opsporingsambtenaar/BWBR0039766/README.md @@ -130,7 +130,7 @@ Samengevat dient bij een aanvraag voor een titel van opsporingsbevoegdheid, dan − het behaalde getuigschrift boa; − het behaalde diploma of certificaat van een aanvullende bekwaamheid of; -− de vier behaalde certificaten (waarvan 2 theorie en 2 praktijk) Permanente Her- en Bijscholing (PHB) gericht op een domein. +− de vier behaalde certificaten (waarvan niet meer dan twee theorie) Permanente Her- en Bijscholing (PHB) gericht op een domein. De wijze waarop een buitengewoon opsporingsambtenaar binnen de eigen werkorganisatie dient te functioneren alsmede de persoonskenmerken en de beroepshouding en de voor het beroep benodigde kennis waarover hij dient te beschikken, zijn divers. Eén en ander is een verantwoordelijkheid van de werkgever van de buitengewoon opsporingsambtenaar. @@ -186,11 +186,11 @@ Bij niet-naleving van de bepalingen uit deze beleidsregels dan wel het bepaalde ### 4.1. Veilige publieke taak -Geweld en agressie tegen boa’s worden niet getolereerd. In de praktijk betekent dit dat boa’s effectief moeten kunnen optreden als zij worden geconfronteerd met agressie en geweld tijdens de uitoefening van hun publieke taak. Elke boa beschikt daarom optioneel over extra (politie)bevoegdheden, vrijheidsbeperkende middelen en geweldsmiddelen voor de hieronder vermelde strafrechtartikelen, ten aanzien van domeinlijstnummer 24a in de Regeling domeinlijsten buitengewoon opsporingsambtenaar. +Geweld en agressie tegen boa’s worden niet getolereerd. In de praktijk betekent dit dat boa’s effectief moeten kunnen optreden als zij worden geconfronteerd met agressie en geweld tijdens de uitoefening van hun publieke taak. Elke boa beschikt daarom optioneel over extra (politie)bevoegdheden, vrijheidsbeperkende middelen en geweldsmiddelen voor de hieronder vermelde strafrechtartikelen, ten aanzien van onderdelen 16a onder Domein I, 14b onder Domein II, 3a onder Domein III, 8b onder Domein IV en 6a onder Domein V in de bijlage bij de Regeling domeinlijsten buitengewoon opsporingsambtenaar. Bij de verdenking van een misdrijf als bedoeld in de artikelen 177, 179, 180, 181, 182, 284, 285, 300 juncto artikel 304 onder 3° van het Wetboek van Strafrecht kunnen boa’s een ambtsedig proces-verbaal van bevindingen opmaken van het door een buitengewoon opsporingsambtenaar overkomen geweld. Indien het optreden van de politie redelijkerwijs niet kan worden afgewacht, zijn de (ter plaatse) bij de heterdaad situatie betrokken boa’s (ten tijde van het incident) bevoegd een aanhouding te doen als opsporingsambtenaar en daarbij gebruik te maken van de aan hen toegekende politiebevoegdheden, vrijheidsbeperkende middelen en geweldsmiddelen. Het is – in verband met de onafhankelijkheid van het onderzoek – uitdrukkelijk niet de bedoeling dat een boa het volledige onderzoek in de onderhavige zaak gaat doen. Dit blijft een verantwoordelijkheid van de politie. De rol van slachtoffer en die van onderzoeker moeten gescheiden blijven. Het proces-verbaal van bevindingen zal in de praktijk altijd gepaard gaan met het doen van aangifte bij de politie van het geweld. -Boa’s mogen een volledig proces-verbaal opmaken voor onderzoeken in het kader van de artikelen van het Wetboek van Strafrecht die zijn opgenomen in onderdeel 24 van domein I van de bijlage bij de Regeling domeinlijsten buitengewoon opsporingsambtenaar. +Boa’s mogen een volledig proces-verbaal opmaken voor onderzoeken in het kader van de artikelen van het Wetboek van Strafrecht die zijn opgenomen in onderdelen 16 onder Domein I, 14 onder Domein II, 3 onder Domein III, 8 onder Domein IV en 6 onder Domein V in de bijlage bij de Regeling domeinlijsten buitengewoon opsporingsambtenaar. ### 4.2. Landelijke opsporingsbevoegdheid @@ -255,7 +255,9 @@ B. *Criteria met betrekking tot de uitvoerbaarheid door boa’s met het speciali ### 6.2. Verkeershandhaving -Het inzetcriterium betekent voor verkeershandhaving dat het te handhaven feit in de openbare ruimte enkel ongemotoriseerd rijdend verkeer betreft, tenzij het gaat om feiten vallend onder onderdeel 14 van Domein I van de bijlage bij de Regeling domeinlijsten buitengewoon opsporingsambtenaren d.d. 1 november 2021, te weten de artikelen 4, 5, 6, 8, 10, 28, 57, 60 en 82 RVV, en artikel 62 RVV juncto bijlage I, hoofdstukken C (geslotenverklaring) en D (rijrichting), RVV. Handhaving op het negeren van een C- of D-bord is toegestaan in relatie tot de leefbaarheid, waaronder het tegengaan van overlast door sluipverkeer en het verbeteren van de leefbaarheid door bepaalde gebieden af te sluiten voor (vracht)auto’s, zoals de zogeheten milieuzones. Onder rijdend ongemotoriseerd verkeer worden rijdende voertuigen zónder kenteken verstaan. +Het inzetcriterium betekent voor verkeershandhaving dat het te handhaven feit in de openbare ruimte enkel ongemotoriseerd rijdend verkeer betreft, tenzij het gaat om feiten vallend onder onderdeel 10 van Domein I van de bijlage bij de Regeling domeinlijsten buitengewoon opsporingsambtenaren, te weten de artikelen 4, 5, 6, 8, 10, 28, 57, 60 en 82 RVV, en artikel 62 RVV juncto bijlage I, hoofdstukken C (geslotenverklaring) en D (rijrichting), RVV. Handhaving op het negeren van een C- of D-bord is toegestaan in relatie tot de leefbaarheid, waaronder het tegengaan van overlast door sluipverkeer en het verbeteren van de leefbaarheid door bepaalde gebieden af te sluiten voor (vracht)auto’s, zoals de zogeheten milieuzones. Onder rijdend ongemotoriseerd verkeer worden rijdende voertuigen zónder kenteken verstaan. + +Boa’s kunnen handhaven op de in onderdeel 10 van Domein I, derde paragraaf, van de bijlage bij de Regeling domeinlijsten buitengewoon opsporingsambtenaar, genoemde verkeersovertredingen, als in een gedeeld handhavingsarrangement de voorwaarden waaronder de handhaving zal plaatsvinden zijn besproken. Een handhavingsarrangement maakt inzichtelijk wanneer, door wie, met welk juridisch instrumentarium en met welke consequenties wordt opgetreden. ### 6.3. Inhuur @@ -279,7 +281,7 @@ De boa’s Openbare ruimte dienen vier modules in de looptijd van hun akte met Bij de aanvraag om verlenging van de akte of de aanvraag van een nieuwe akte moeten de certificaten van de 4 modules nog geldig zijn. Een certificaat van een module van het traject van permanente her- en bijscholing is vijf jaar geldig. De akte van opsporingsbevoegdheid wordt voor de duur van vijf jaar afgegeven. Indien een boa gedurende de looptijd van zijn akte wil overstappen naar een andere werkgever of een nieuw domein en hij nog niet 4 modules heeft behaald, wordt de nieuwe akte verleend voor de resterende geldigheidsduur van de akte die eerder op basis van 4 modules (of het getuigschrift boa) is afgegeven. -De volgorde van de modules van een traject van permanente her- en bijscholing is niet bepalend bij de aanvraag om verlenging van de akte danwel bij de aanvraag om een nieuwe akte. Zo kunnen modules die zijn behaald in een ander domein (ook al zijn deze domeinspecifiek), meetellen bij de aanvraag om verlenging van de akte dan wel een nieuwe akte. Voorwaarde is dat bij de aanvraag 4 verschillende modules -waarvan 2 theorie en 2 praktijk- kunnen worden overgelegd die niet ouder zijn dan vijf jaar. +De volgorde van de modules van een traject van permanente her- en bijscholing is niet bepalend bij de aanvraag om verlenging van de akte danwel bij de aanvraag om een nieuwe akte. Zo kunnen modules die zijn behaald in een ander domein (ook al zijn deze domeinspecifiek), meetellen bij de aanvraag om verlenging van de akte dan wel een nieuwe akte. Voorwaarde is dat bij de aanvraag 4 verschillende modules – waarvan niet meer dan twee theorie – kunnen worden overgelegd die niet ouder zijn dan vijf jaar. De door de Stichting ExTH ingestelde examencommissie bewaakt de kwaliteit van de examens (zie examenplan). @@ -345,7 +347,7 @@ De boa’s Milieu, welzijn en infrastructuur dienen vier modules in de looptijd Bij de aanvraag om verlenging van de akte of de aanvraag van een nieuwe akte moeten de certificaten van de 4 modules nog geldig zijn. Een certificaat van een module van het traject van permanente her- en bijscholing is vijf jaar geldig. De akte van opsporingsbevoegdheid wordt voor de duur van vijf jaar afgegeven. Indien een boa gedurende de looptijd van zijn akte wil overstappen naar een andere werkgever of een nieuw domein en hij nog niet 4 modules heeft behaald, wordt de nieuwe akte verleend voor de resterende geldigheidsduur van de akte die eerder op basis van 4 modules (of het getuigschrift boa) is afgegeven. -De volgorde van de modules van een traject van permanente her- en bijscholing is niet bepalend bij de aanvraag om verlenging van de akte danwel bij de aanvraag om een nieuwe akte. Zo kunnen modules die zijn behaald in een ander domein (ook al zijn deze domeinspecifiek), meetellen bij de aanvraag om verlenging van de akte dan wel een nieuwe akte. Voorwaarde is dat bij de aanvraag 4 verschillende modules -waarvan 2 theorie en 2 praktijk- kunnen worden overgelegd die niet ouder zijn dan vijf jaar. +De volgorde van de modules van een traject van permanente her- en bijscholing is niet bepalend bij de aanvraag om verlenging van de akte danwel bij de aanvraag om een nieuwe akte. Zo kunnen modules die zijn behaald in een ander domein (ook al zijn deze domeinspecifiek), meetellen bij de aanvraag om verlenging van de akte dan wel een nieuwe akte. Voorwaarde is dat bij de aanvraag 4 verschillende modules – waarvan niet meer dan twee theorie – kunnen worden overgelegd die niet ouder zijn dan vijf jaar. De door de Minister van Justitie en Veiligheid ingestelde examencommissie bewaakt de kwaliteit van de examens (zie examenplan). @@ -389,7 +391,7 @@ In sommige gevallen zal het nodig zijn het traject van permanente her- en bijsch Bij de aanvraag om verlenging van de akte of de aanvraag van een nieuwe akte moeten de certificaten van de 4 modules nog geldig zijn. Een certificaat van een module van het traject van permanente her- en bijscholing is vijf jaar geldig. De akte van opsporingsbevoegdheid wordt voor de duur van vijf jaar afgegeven. Indien een boa gedurende de looptijd van zijn akte wil overstappen naar een andere werkgever of een nieuw domein en hij nog niet 4 modules heeft behaald , wordt de nieuwe akte verleend voor de resterende geldigheidsduur van de akte die eerder op basis van 4 modules (of het getuigschrift boa) is afgegeven. -De volgorde van de modules van een traject van permanente her- en bijscholing is niet bepalend bij de aanvraag om verlenging van de akte danwel bij de aanvraag om een nieuwe akte. Zo kunnen modules die zijn behaald in een ander domein (ook al zijn deze domeinspecifiek), meetellen bij de aanvraag om verlenging van de akte dan wel een nieuwe akte. Voorwaarde is dat bij de aanvraag 4 verschillende modules -waarvan 2 theorie en 2 praktijk- kunnen worden overgelegd die niet ouder zijn dan vijf jaar. +De volgorde van de modules van een traject van permanente her- en bijscholing is niet bepalend bij de aanvraag om verlenging van de akte danwel bij de aanvraag om een nieuwe akte. Zo kunnen modules die zijn behaald in een ander domein (ook al zijn deze domeinspecifiek), meetellen bij de aanvraag om verlenging van de akte dan wel een nieuwe akte. Voorwaarde is dat bij de aanvraag 4 verschillende modules – waarvan niet meer dan twee theorie – kunnen worden overgelegd die niet ouder zijn dan vijf jaar. De door de Stichting ExTH ingestelde examencommissie Onderwijs bewaakt de kwaliteit van de examens (zie examenplan). @@ -470,75 +472,41 @@ De boa Werk, inkomen en zorg kan optioneel beschikken over de politiebevoegdhede ### 11.1. Algemeen -Het domein Generieke opsporing is de vreemde eend in de bijt. Dit is niet een domein ontstaan vanuit de inhoud, maar een soort van restcategorie bestaande uit boa’s die veelal algemene opsporingsbevoegdheid hadden. Plaatsing in het domein generieke opsporing vindt alleen dan plaats indien geen van de overige vijf toereikend is voor een adequate taakuitoefening door de boa. De Minister van Veiligheid en Justitie bepaalt door middel van deze beleidsregels welke boa's onder dit domein worden gebracht. +Het domein Generieke opsporing is de vreemde eend in de bijt. Dit is niet een domein ontstaan vanuit de inhoud, maar een soort van restcategorie bestaande uit boa’s die veelal algemene opsporingsbevoegdheid hadden. Plaatsing in het domein generieke opsporing vindt alleen dan plaats indien geen van de overige vijf toereikend is voor een adequate taakuitoefening door de boa. De Minister van Justitie en Veiligheid bepaalt door middel van deze beleidsregels welke boa's onder dit domein worden gebracht. -De boa generieke opsporing is de boa werkzaam bij of voor een landelijke overheidsinstantie en heeft als werkgever de korpschef van de nationale politie, de hoofdofficier van Justitie van een parket, de commandant van de Koninklijke Marechaussee; de directeur van de rijksrecherche, de directeur van het CJIB of - indien deze niet onder een ander domein te plaatsen is - de directeur van een landelijke (inspectie)dienst. +De boa generieke opsporing is de boa werkzaam bij of voor een landelijke overheidsinstantie en heeft als werkgever de korpschef van de politie, de hoofdofficier van Justitie van een parket, de commandant van de Koninklijke Marechaussee; de directeur van de rijksrecherche, de directeur van het CJIB of - indien deze niet onder een ander domein te plaatsen is - de directeur van een landelijke (inspectie)dienst. -De opsporingsbevoegdheid dient zich te beperken tot hetgeen noodzakelijk is voor een goede uitoefening van de betreffende functie en het daaraan gekoppelde takenpakket. Deze functie inclusief taakomschrijving dient vooraf door de boa werkgever - in gevallen tevens de direct toezichthouder - te zijn afgestemd met de toezichthouder. Deze afstemming geldt alleen bij een individuele aanvraag en niet bij een individuele aanvraag onder werking van een categoriaal besluit. De toezichthouder waakt er voor dat de betreffende functie past binnen het boa beleid; functies voor ondersteunende, administratieve, technische, of zeer specialistische taken. +De opsporingsbevoegdheid dient zich te beperken tot hetgeen noodzakelijk is voor een goede uitoefening van de betreffende functie en het daaraan gekoppelde takenpakket. Deze functie inclusief taakomschrijving dient vooraf door de boa werkgever - in gevallen tevens de direct toezichthouder - te zijn afgestemd met de toezichthouder. Deze afstemming geldt alleen bij een individuele aanvraag en niet bij een individuele aanvraag onder werking van een categoriaal besluit. De toezichthouder ziet erop toe dat de betreffende functie past binnen het boa beleid; functies voor ondersteunende, administratieve, technische, of zeer specialistische taken. De boa-werkgever kan middels het aanvraagformulier aangeven welke opsporingsbevoegdheden zijn gewenst voor de taakuitvoering van zijn boa's. Ook dit geldt overigens alleen bij individuele aanvragen en niet bij een individuele aanvraag onder werking van een categoriaal besluit. -### 11.2. Politieboa's +### 11.2. Politieboa’s Binnen de politieorganisatie kunnen medewerkers en vrijwillige ambtenaren, die zijn aangesteld voor de uitvoering van technische, administratieve en andere taken ten dienste van de politie (AT-aanstelling) worden aangewezen als boa met het oog op het uitoefenen van opsporingsbevoegdheden. Voor de boa’s in dienst bij de politie blijft uitdrukkelijk gelden dat deze in beginsel ondersteunende, administratief- technische of specialistische taken uitvoeren. -In het Landelijk Functiegebouw Nederlandse Politie ( LFNP) is bij een aantal functies in het Domein Uitvoering aanwijzing als boa voorzien. Een aanwijzing als boa kan worden gecombineerd met een aanstelling in één van de hierna genoemde politiefuncties. Voor de vrijwillige ambtenaar van de politie is de aanwijzing als boa mogelijk indien de vrijwilliger werkzaamheden verricht die behoren tot een van de hierna genoemde politiefuncties, te weten: +In het Landelijk Functiegebouw Nederlandse Politie (LFNP) is bij een aantal functies in het Domein Uitvoering aanwijzing als boa voorzien. Een aanwijzing als boa kan worden gecombineerd met een aanstelling in één van de hierna genoemde politiefuncties. Voor de vrijwillige ambtenaar van de politie is de aanwijzing als boa mogelijk indien de vrijwilliger werkzaamheden verricht die behoren tot een van de hierna genoemde politiefuncties, te weten: -1. Medewerker Intelligence; -2. Generalist Intelligence; -3. Senior Intelligence; -4. Operationeel Expert Intelligence; -5. Generalist Meldkamer; -6. Senior Meldkamer; -7. Operationeel Expert Meldkamer; -8. Politie Vlieger; -9. Chef Vlieger; -10. Assistent Intake & Service A; -11. Assistent Intake & Service B; -12. Medewerker Intake & Service; -13. Generalist Intake & Service; -14. Senior Intake & Service; -15. Operationeel Expert Intake & Service; -16. Operationeel Specialist A tot en met F. +1. Generalist Meldkamer; +2. Senior Meldkamer; +3. Operationeel Expert Meldkamer; +4. Politie Vlieger; +5. Chef Vlieger; +6. Assistent Intake & Service A; +7. Assistent Intake & Service B; +8. Medewerker Intake & Service; +9. Generalist Intake & Service; +10. Senior Intake & Service; +11. Operationeel Expert Intake & Service. -In het kader van de vorming van de Nationale Politie zijn alle politieambtenaren geplaatst op een nieuwe functie. Hierbij zijn er politieambtenaren met een AT-aanstelling die overgaan naar een executieve politiefunctie. Voor deze groep medewerkers geldt dat per persoon bezien wordt of zij ook bijbehorende executieve aanstelling verkrijgen. Indien deze medewerkers niet (kunnen) voldoen aan de vereisten voor executieve aanstelling, dan behouden zij hun AT-aanstelling in combinatie met een bestaande of te verkrijgen aanwijzing als boa. Zij zullen dan als boa een bij hun aanstelling nauwkeurig omschreven deel van de executieve functie gaan vervullen. +De functies in de hiervoor opgenomen lijst waarop boa’s kunnen worden aangesteld, betreffen administratief-technische functies. Daarnaast zijn bij de politie boa’s werkzaam in functies voor de uitvoering van de politietaak (executieve functies). In beginsel geldt dat een executieve functie wordt verricht door een medewerker aangesteld voor de uitvoering van de politietaak (executieve aanstelling), terwijl bedoelde boa’s werkzaam in een executieve functie een AT-aanstelling hebben. Op grond van de volgende regelingen van de korpschef van politie kunnen die medewerkers toch in een executieve functie werkzaam zijn: -In verband met deze overgangssituatie is het tijdelijk mogelijk om ook voor andere dan hierboven genoemde politiefuncties in het Domein Uitvoering van het LFNP voor politieambtenaren een aanwijzing als boa te verkrijgen. Deze uitbreiding van de mogelijkheid tot aanwijzing als boa naar andere executieve functies in het Domein Uitvoering is van tijdelijke aard. +1. Overgangsbeleid overgang LFNP en plaatsing in de reorganisatie Politiewet 2012 (Stcrt. 2017, 65422); +2. Beleidsregel Overgangsbeleid specifieke inzetbaarheid (Stcrt. 2018, 51200); +3. Beleidsregel inzet binnen het vakgebied Beveiliging en GGP met een aanstelling voor de uitvoering van technische, administratieve en andere taken ten dienste van de politie (Stcrt. 2022, 12671). -Het gaat dan om de volgende functies uit het domein Uitvoering van het LFNP: +De medewerkers die vallen onder het bij 1 en 2 genoemde overgangsbeleid bevinden zich in een afgebakende groep. Het bij 1 genoemde overgangsbeleid betreft medewerkers met een AT-aanstelling die in het kader van de reorganisatie Politiewet 2012 per 1 juli 2016 op een executieve functie zijn geplaatst en die daarna niet alsnog aan de vereisten voor een executieve aanstelling hebben kunnen voldaan. Zij voeren slechts een deel van de executieve functie uit en zolang zij in die functie werkzaam blijven en onder het overgangsbeleid vallen, kunnen zij die werkzaamheden met een aanwijzing als boa verrichten. Het onder 2 genoemde overgangsbeleid betreft medewerkers die bij de invoering van de executieve politieambtenaar met een specifieke inzetbaarheid per 1 juli 2019 niet executief aangesteld konden worden en hun AT-aanstelling hebben behouden. Zolang zij dezelfde functie uitoefenen en onder het overgangsbeleid vallen, kunnen ook zij hun werkzaamheden met een aanwijzing als boa verrichten. Voor beide regelingen geldt dat geen nieuwe medewerkers met een AT-aanstelling in de executieve functies geplaatst kunnen worden. -17. Assistent Beveiliging A -18. Assistent Beveiliging B -19. Medewerker Beveiliging -20. Generalist Beveiliging -21. Senior Beveiliging -22. Operationeel Expert Beveiliging -23. Assistent GGP A -24. Assistent GGP B -25. Medewerker GGP -26. Generalist GGP -27. Senior GGP -28. Operationeel Expert GGP -29. Senior Informantenrunner -30. Operationeel Expert Informantenrunner -31. Generalist Interventie -32. Senior Interventie -33. Operationeel Expert Interventie -34. Medewerker Observatie -35. Generalist Observatie -36. Senior Observatie -37. Operationeel Expert Observatie -38. Medewerker Tactische Opsporing -39. Generalist Tactische Opsporing -40. Senior Tactische Opsporing -41. Operationeel Expert Tactische Opsporing -42. Assistent Forensische Opsporing -43. Medewerker Forensische Opsporing -44. Generalist Forensische Opsporing -45. Senior Forensische Opsporing -46. Operationeel Expert Forensische Opsporing - -In de jaren na de formele plaatsing wordt de bezetting binnen de politieorganisatie kwalitatief en kwantitatief op orde gebracht. Deze fase kent een doorlooptijd van vijf jaar (tot 2022). Ook is er in de cao sector politie 2015-2017 een afspraak gemaakt die op termijn van invloed is op de inzet van boa’s bij de politie. Als de reorganisatie bij de politie in een afrondende fase is zal het ministerie van Veiligheid en Justitie opnieuw bezien op welke functies de boa binnen de politieorganisatie kan worden ingezet. +Dit is anders voor de bij 3 genoemde beleidsregel. Deze beleidsregel is tot stand gekomen omdat is gebleken dat voor bepaalde inzet op functies binnen de vakgebieden Beveiliging en Gebiedsgebonden Politiezorg (GGP) van het Landelijk Functiegebouw Nederlandse Politie een voltooide politieopleiding als bedoeld in artikel 2c, van het Besluit algemene rechtspositie politie, niet nodig is. Alhoewel die inzet is opgenomen in executieve functies, kunnen de daarbij behorende werkzaamheden met een AT-aanstelling en een aanwijzing als boa worden verricht. In genoemde beleidsregel is opgenomen voor welke inzet de uitzondering geldt. Bij een doorontwikkeling van het functiegebouw zal bekeken worden binnen welke functies die werkzaamheden opgenomen kunnen worden en welke opsporingsbevoegdheid daarvoor nodig is. ### 11.3. Bekwaamheidseis