From 152041bcf102b8e1ee866fdb7c1bf4626d6514a7 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Sat, 3 Jan 2026 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2026-01-03 | BWBR0051365 | Beleidsregel beschikbaarheidbijdrage (medische) vervolgopleidingen 2026 --- .../BWBR0051365/README.md | 15 +++++++++++---- 1 file changed, 11 insertions(+), 4 deletions(-) diff --git a/zbo/beleidsregel-beschikbaarheidbijdrage-medische-vervolgopleidingen-2026/BWBR0051365/README.md b/zbo/beleidsregel-beschikbaarheidbijdrage-medische-vervolgopleidingen-2026/BWBR0051365/README.md index 4c99290293e..a796c34efd8 100644 --- a/zbo/beleidsregel-beschikbaarheidbijdrage-medische-vervolgopleidingen-2026/BWBR0051365/README.md +++ b/zbo/beleidsregel-beschikbaarheidbijdrage-medische-vervolgopleidingen-2026/BWBR0051365/README.md @@ -168,9 +168,7 @@ Overzicht uit het opleidingsregister van de per opleiding tot (medisch) speciali Het aantal uren dat de (medisch) specialist in opleiding feitelijk heeft besteed aan zijn opleiding. Hierbij gaan wij uit van de berekening zoals genoemd in artikel 4.3. -Overzicht van de verdeling van het maximaal aantal instroomplaatsen en bijbehorende fte voor de vervolgopleidingen tot (medisch) specialist per specialisme per opleidende zorgaanbieder. - -In de artikelen 1.26 tot en met 1.29 zijn de begripsbepalingen beschreven die van toepassing zijn op de ziekenhuisopleidingen als genoemd in artikel 1.3. +Overzicht met de aan individuele zorgaanbieders door de NZa toegekende instroomplaatsen en bijbehorende fte per opleiding voor het jaar t, te vinden in de bijlage bij de verleningsbeschikking. Natuurlijk persoon die vóór 1 januari 2025 is gestart met een ziekenhuisopleiding als genoemd in artikel 1.3 sub a en b en met goed gevolg een volledige ziekenhuisopleiding heeft voltooid bij een erkende opleidende zorgaanbieder en een diploma heeft van het CZO. Dit betreft alle ziekenhuisopleidingen. @@ -180,6 +178,10 @@ Het CZO geeft erkenningen af aan opleidende zorgaanbieders voor het verzorgen va De NZa ontvangt van het CZO een opgave van het aantal gediplomeerde personen in jaar t uitgesplitst naar ziekenhuisopleidingen en door het CZO erkende zorgaanbieders. In de opleidingsopgave is ook het aantal EPA’s opgenomen waarvoor een certificaat is afgegeven aan een (door het CZO erkende) zorgaanbieder in jaar t. +Beschikking met de aan de individuele zorgaanbieder door de NZa toegekende instroomplaatsen en bijbehorende fte per opleiding voor het jaar t, opgenomen in de verleningsbeschikking. + +Onderwijs- en Opleidingsregio waarin universitaire medische centra samenwerken in een regionaal opleidingsnetwerk. + ### Artikel 2 Het doel van deze beleidsregel is om vast te leggen op welke wijze zorgaanbieders in aanmerking kunnen komen voor een beschikbaarheidbijdrage voor de bekostiging van (medische) vervolgopleidingen en op welke wijze de NZa gebruik maakt van haar bevoegdheden om deze beschikbaarheidbijdrage toe te kennen. @@ -282,7 +284,7 @@ Aanvragen die na 31 december van jaar t worden ingediend, neemt de NZa niet in ### Artikel 6 -De NZa toetst het door de opleidende zorgaanbieder aangevraagde aantal instroomplaatsen voor (medisch) specialisten aan de toewijzingsvoorstellen van TOP Opleidingsplaatsen en Stichting BOLS, en aan de brief van de Minister voor wat betreft de opleidingen van de SBOH. Het aantal opleidingsplaatsen (medisch) specialist per opleiding in de beschikking kan het aantal instroomplaatsen uit deze toewijzingsvoorstellen niet overschrijden. +Bij het verdelen van de instroomplaatsen over individuele zorgaanbieders houdt de NZa zich aan de maximale instroomaantallen, fte en criteria zoals opgenomen in de aanwijzing van de Minister van VWS van 10 december 2025 met kenmerk 4315913-1091949-PZo. Hierbij betrekt de NZa de toewijzingsvoorstellen van TOP Opleidingsplaatsen en Stichting BOLS. Voor de opleidingen tot huisarts, specialist ouderengeneeskunde, arts voor verstandelijk gehandicapten en verslavingsarts baseert de NZa zich op de instroomaantallen in voornoemde aanwijzing. Vervolgens kent de NZa deze instroomplaatsen toe aan de individuele zorgaanbieders. Bij het berekenen van de hoogte van de beschikbaarheidbijdrage worden de instroomplaatsen voor (medisch) specialisten van vooropleidingen en opleidingen met een vooropleiding niet meegenomen. Instroomplaatsen van vooropleidingen en opleidingen met een vooropleiding worden achteraf gefinancierd, zie hiervoor artikel 10.1 sub c. @@ -379,6 +381,11 @@ b Voor specifieke opleidingen van de in artikel 1.22 genoemde werkgevers is per De instelling dient bij de aanvraag tot vaststelling een jaarrekening in. In de jaarrekening dient onder het eigen vermogen de algemene reserve te zijn uitgesplitst naar elke opleiding waarvoor een beschikbaarheidbijdrage is ontvangen, hierbij moet ten minste een samenstellingsverklaring van de accountant worden overlegd. Indien de organisatie controleplichtig is dient een goedkeurende controleverklaring bij de jaarrekening te worden overlegd. c Het aantal gerealiseerde fte per opleiding vermenigvuldigd wordt met het corresponderende vergoedingsbedrag. +d. In de aanvraag tot vaststelling van de in artikel 1.22 sub a genoemde werkgever voor de opleiding tot specialist ouderengeneeskunde en huisarts wordt het vergoedingsbedrag opgehoogd met de btw-kosten voor de opleidingsinstituten. De btw-kosten worden alleen opgevoerd in de vaststellingsaanvraag als de btw-aangifte van een subsidiejaar volledig is afgerond en niet eerder al is opgegeven. In de vaststellingsaanvraag voegt de zorgaanbieder per opleidingsinstituut in ieder geval de volgende stukken toe: + +○ btw-factuur van het betreffende subsidiejaar; +○ berekening van de btw-kosten; +○ schriftelijke afspraken met de Belastingdienst over de btw. ### Artikel 11