diff --git a/zbo/kaderbesluit-ccms/BWBR0033520/README.md b/zbo/kaderbesluit-ccms/BWBR0033520/README.md index b1380553fff..819240a3ff8 100644 --- a/zbo/kaderbesluit-ccms/BWBR0033520/README.md +++ b/zbo/kaderbesluit-ccms/BWBR0033520/README.md @@ -532,15 +532,15 @@ b. een voorzitter en een plaatsvervangend voorzitter: beiden tevens gewoon lid m De MSRC erkent een medisch specialist als opleider indien hij aan de volgende algemene eisen voldoet: -a. hij is ten minste vijf jaar voor het medische specialisme waarvoor hij als opleider erkend wil worden in het desbetreffende register van medisch specialisten ingeschreven en actief als medisch specialist werkzaam; -b. hij beschikt over didactische en pedagogische kwaliteiten; +a. hij is ten minste vijf jaar voor het medische specialisme waarvoor hij als opleider erkend wil worden, en niet tevens voor een ander medisch specialisme, in het desbetreffende register van medisch specialisten ingeschreven en actief als medisch specialist werkzaam; +b. hij beschikt over didactische kwaliteiten; c. hij beschikt over organisatorische kwaliteiten; d. hij is wetenschappelijk actief en heeft wetenschappelijke interesse; e. hij is bereid co-assistenten en aios op te leiden; -f. hij is in een voor het betreffende medisch specialisme erkende opleidingsinrichting gedurende ten minste 80% van een volledige werkweek werkzaam op een zodanige wijze dat hij zijn taak als opleider daadwerkelijk en naar behoren kan vervullen; +f. hij is in een voor het betreffende medisch specialisme erkende opleidingsinrichting werkzaam op een zodanige wijze dat hij de eindverantwoordelijkheid als opleider daadwerkelijk en naar behoren kan dragen; g. hij is lid van de betreffende wetenschappelijke specialistenvereniging; h. hij voert gestructureerd overleg met andere relevante hulpverleners; -i. hij maakt deel uit van een groep in de inrichting werkzame medisch specialisten die voldoen aan de eisen van artikel C.2. +i. hij maakt deel uit van en geeft leiding aan een opleidingsgroep als bedoeld in artikel C.2. en legt de specifieke taken en verplichtingen van leden van de opleidingsgroep schriftelijk vast; j. hij is op aanwijzing van de MSRC bereid aios op te leiden, die een nieuwe opleidingsplaats zoeken in het geval een aios door de CvG in het gelijk is gesteld of in de gevallen als bedoeld in artikel C.28. ### Artikel C.2 @@ -549,8 +549,9 @@ De leden van de opleidingsgroep dienen aan de volgende eisen te voldoen: a. algemeen: -i. de medisch specialisten die deel uitmaken van de opleidingsgroep hebben elk een gedifferentieerd activiteiten- en belangstellingsterrein binnen het vakgebied van het betreffende medische specialisme terwijl hun gezamenlijke kennis en vaardigheden elkaar aanvullen; -ii. de leden van de opleidingsgroep ondersteunen de opleiding en de aanvraag daarvoor en zijn op de hoogte van de opleidingseisen alsmede van de eindtermen van de opleiding; +i. zij hebben elk een gedifferentieerd activiteiten- en belangstellingsterrein binnen het vakgebied van het betreffende medische specialisme terwijl hun gezamenlijke kennis en vaardigheden elkaar aanvullen; +ii. zij ondersteunen de opleiding en de aanvraag daarvoor en zijn op de hoogte van de opleidingseisen alsmede van de eindtermen van de opleiding; +iii. zij waarborgen dat minimaal één van de leden van de opleidingsgroep op de betreffende locatie aanwezig en beschikbaar is voor de aios; b. met betrekking tot de patiëntenzorg: i. zij stellen een generaal dagelijks rapport in en houden dit in stand; @@ -568,18 +569,15 @@ De opleider heeft de volgende verplichtingen: a. algemeen: -i. hij is lid van en geeft leiding aan de opleidingsgroep, genoemd in artikel C.2. en C.4., en ziet er op toe dat de leden van de opleidingsgroep aan hun verplichtingen voldoen; +i. hij ziet er op toe dat de leden van de opleidingsgroep aan hun verplichtingen voldoen; ii. hij verstrekt de MSRC op haar verzoek te allen tijde alle gevraagde informatie over de opleiding; iii. hij ziet er op toe dat de aios een portfolio bijhoudt en controleert dat het portfolio voldoet aan de opleidingseisen; iv. hij meldt de MSRC de voor de opleiding of de aios relevante wijzigingen; v. hij houdt zich aan de instructieregeling die op grond van de modelinstructie, bedoeld in artikel C.12., eerste lid onder a. iv., is opgesteld door de betreffende opleidingsinrichting; -vi. hij beoordeelt de aios conform de opleidingseisen, bedoeld in Hoofdstuk B. +vi. hij voert zijn taken voortvloeiende uit artikel B.6, B.7, B.9, B.10, B.11, B.13, B.16, B.18, B.20, B.24 en B.25 zelf uit. b. met betrekking tot opleiding en onderwijs: -i. hij participeert desgevraagd actief in de centrale opleidingscommissie; -c. met betrekking tot bij- en nascholing: - -i. hij volgt systematisch geaccrediteerde bijscholing ten behoeve van het opleiderschap; +i. hij participeert desgevraagd actief in de centrale opleidingscommissie. ### Artikel C.4 @@ -587,8 +585,8 @@ De leden van de opleidingsgroep hebben de volgende verplichtingen: a. algemeen: -i. zij zijn beschikbaar voor overleg met de aios; -ii. zij houden ten minste vier maal per jaar een vergadering van opleiders en aios uitsluitend ter bespreking van opleidingszaken; +i. zij dragen zorg voor de begeleiding van de aios; +ii. zij houden ten minste vier maal per jaar een vergadering met aios uitsluitend ter bespreking van opleidingszaken; iii. zij dragen er zorg voor dat de aios zijn verplichtingen, bedoeld in dit besluit en de specifieke besluiten, kan nakomen; b. met betrekking tot de patiëntenzorg: @@ -603,6 +601,7 @@ iii. zij dragen er zorg voor dat er tussen de aios en andere medische specialist d. met betrekking tot bij- en nascholing: i. zij houden hun kennis en inzicht als medisch specialist op peil door het regelmatig deelnemen aan geaccrediteerde bij- en nascholingsactiviteiten; +ii. zij volgen systematisch geaccrediteerde bijscholing met didactische aspecten ten behoeve van de opleiding; e. met betrekking tot onderzoek en ontwikkeling: i. zij bevorderen klinisch wetenschappelijk onderzoek van de leden van de opleidingsgroep en de aios, hetgeen blijkt uit publicaties en voordrachten. @@ -673,13 +672,14 @@ b. zij beschikt over een bibliotheek waarin de belangrijkste recente boeken en p c. zij beschikt over voldoende instrumentarium, ruimten en andere faciliteiten om een goede opleiding voor het desbetreffende medische specialisme te kunnen waarborgen; d. zij beschikt over een pathologisch, een klinisch-chemisch en een medischmicrobiologisch laboratorium. De hoofden van deze diensten zijn bereid de aios voor te lichten over de onderzoeksmethodieken, welke ten behoeve van de patiënten worden toegepast; e. zij draagt zorg voor deelname van de leden van de opleidingsgroep aan de kwaliteitsvisitatie van de betreffende wetenschappelijke medisch specialistenvereniging volgens de systematiek van die wetenschappelijke vereniging; -f. in de opleidingsinrichting voor een bepaald medisch specialisme is een opleider voor dat medisch specialisme werkzaam en is nog ten minste één medisch specialist betrokken als plaatsvervangend opleider van het zelfde medische specialisme als de opleider; +f. in de opleidingsinrichting voor een bepaald medisch specialisme is een opleider en een plaatsvervangend opleider voor dat medisch specialisme werkzaam; *met betrekking tot opleiding en onderwijs:* -g. zij stelt de opleiders in staat de medisch specialisten die betrokken zijn bij de opleiding te verplichten tot samenwerking in een opleidingsgroep; -h. indien er opleidingen voor meer dan één medisch specialismen worden gegeven is een centrale opleidingscommissie als bedoeld in artikel C.13. aanwezig; -i. zij is bereid op aanwijzing van de MSRC aios toe te laten, die een nieuwe opleidingsplaats zoeken in het geval een aios door de CvG in het gelijk is gesteld of in de gevallen als bedoeld in artikel C.28.; -j. zij is bereid co-assistenten en aios toe te laten, een en ander in overeenstemming met de opleider. +g. zij beschikt over één of meer samenwerkingsovereenkomsten met één of meer opleidingsinrichtingen waar aios delen van de opleiding in een medisch specialisme volgen, tenzij aios de hele opleiding in de opleidingsinrichting volgen. De samenwerkingsovereenkomst is in overeenstemming met de Standaard Samenwerkingsovereenkomst zoals vastgesteld door de MSRC in overleg met het CCMS. In specifieke besluiten kunnen aanvullende bepalingen worden opgenomen; +h. zij stelt de opleiders in staat de medisch specialisten die betrokken zijn bij de opleiding te verplichten tot samenwerking in een opleidingsgroep; +i. indien er opleidingen voor meer dan één medisch specialismen worden gegeven is een centrale opleidingscommissie als bedoeld in artikel C.13. aanwezig; +j. zij is bereid op aanwijzing van de MSRC aios toe te laten, die een nieuwe opleidingsplaats zoeken in het geval een aios door de CvG in het gelijk is gesteld of in de gevallen als bedoeld in artikel C.28.; +k. zij is bereid co-assistenten en aios toe te laten, een en ander in overeenstemming met de opleider. **2.** In specifieke besluiten kan voor medisch specialismen van het eerste lid, onder d, worden afgeweken. @@ -691,10 +691,25 @@ j. zij is bereid co-assistenten en aios toe te laten, een en ander in overeenste ### Artikel C.11 +**1.** + In aanvulling op artikel C.10. geldt voor een inrichting op meerdere locaties dat: a. er sprake is van een bestuurlijke eenheid, waaronder alle locaties vallen; -b. de aan de opleiding deelnemende medisch specialisten één opleidingsgroep vormen en in één maatschap zijn georganiseerd dan wel een zelfde dienstverband hebben met de rechtspersoon of rechtspersonen die de bestuurlijke eenheid vormen. +b. de aan de opleiding deelnemende medisch specialisten één opleidingsgroep vormen + +**2.** In afwijking van het eerste lid onder a. kan in een uitzonderingssituatie een inrichting worden erkend als opleidingsinrichting indien er een overeenkomst bestaat met de andere inrichting waar (een deel van) de opleiding wordt verzorgd, waarin is vastgelegd dat de opleider verantwoordelijk is voor het functioneren van de opleiding op beide inrichtingen. + +**3.** + +De in het tweede lid bedoelde uitzonderingssituatie is aanwezig als: + +a. de inrichting kan aantonen niet in aanmerking te komen voor erkenning van de opleiding of een gedeelte daarvan op basis van artikel C.10, C.11, eerste lid en paragraaf II E; en +b. de opleiding in het betreffende medische specialisme niet of niet volledig mogelijk is zonder afwijking van het eerste lid onder a. + +**4.** De in het tweede lid bedoelde overeenkomst is in overeenstemming met de Standaard Samenwerkingsovereenkomst bestuurlijke opleidingseenheid zoals door de MSRC in overleg met het CCMS is vastgesteld. + +**5.** Uit de erkenning blijkt duidelijk welke locaties voor de opleiding worden erkend. #### Paragraaf II-C. Verplichtingen voor de opleidingsinrichting voor de totale opleiding op één locatie @@ -771,13 +786,11 @@ b. tussen de verschillende locaties een aantoonbare eenheid bestaat in de opleid ### Artikel C.15 -**1.** Een inrichting waar een gedeelte van de opleiding of een stage in een medisch specialisme gevolgd kan worden kan uitsluitend worden erkend als opleidingsinrichting indien zij één of meer samenwerkingsovereenkomsten heeft met één of meer opleidingsinrichtingen waar de overige onderdelen van de opleiding in een medisch specialisme kunnen worden gevolgd. - -**2.** De samenwerkingsovereenkomst, bedoeld in het eerste lid, is in overeenstemming met het Model Samenwerkingsovereenkomst zoals vastgesteld door de MSRC. +Vervallen ### Artikel C.16 -**1.** Naast de in artikel C.15. genoemde eis zijn voor de erkenning van de inrichting waar een gedeelte van de opleiding kan worden gevolgd, de eisen en verplichtingen genoemd in paragraaf II-A tot en met II-D van overeenkomstige toepassing. +**1.** De eisen en verplichtingen genoemd in paragraaf II-A tot en met II-D zijn van overeenkomstige toepassing **2.** Uit de erkenning blijkt duidelijk voor welke onderdelen van de opleiding en voor welke opleidingsduur de inrichting wordt erkend. @@ -787,7 +800,7 @@ b. tussen de verschillende locaties een aantoonbare eenheid bestaat in de opleid Een inrichting waar uitsluitend één stage kan worden gevolgd voldoet aan de volgende eisen: -a. de inrichting heeft één of meer samenwerkingsovereenkomsten genoemd in artikel C.15.; +a. de inrichting heeft één of meer samenwerkingsovereenkomsten genoemd in artikel C.10., eerste lid onder g; b. in de inrichting een stageopleider aanwezig is; c. naast de stageopleider altijd een medisch specialist van het betreffende specialisme aanwezig is die als waarnemer fungeert bij afwezigheid van de stageopleider; d. de duur van de stage bedraagt ten hoogste één jaar; @@ -867,7 +880,7 @@ c. de verplichtingen bedoeld in artikel C.12. zijn van overeenkomstige toepassin **1.** De erkenning als opleider wordt in verband met één opleidingsinrichting gegeven. Deze opleidingsinrichting kan op verschillende locaties gehuisvest zijn. -**2.** In bijzondere gevallen kan de MSRC van het eerste lid ontheffing verlenen. +**2.** Vervallen. ### Artikel C.24