diff --git a/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-b/BWBR0012289/README.md b/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-b/BWBR0012289/README.md index 338e1c8f9a6..789e177943e 100644 --- a/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-b/BWBR0012289/README.md +++ b/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-b/BWBR0012289/README.md @@ -2969,15 +2969,41 @@ Indien de werking van het besluit wordt opgeschort totdat op het bezwaar of het ##### 10.6.4. Het verzoek om een voorlopige voorziening -Indien de werking van het besluit niet wordt opgeschort totdat op het bezwaar is beslist en de vreemdeling de behandeling van het bezwaarschrift niet in Nederland mag afwachten, kan de rechtbank worden verzocht een voorlopige voorziening te treffen. De president van de rechtbank te 's-Gravenhage is bevoegd kennis te nemen van het verzoek. De behandeling van het verzoek kan plaatsvinden in een nevenzittingsplaats. +Indien de werking van het besluit niet wordt opgeschort totdat op het bezwaar is beslist en de vreemdeling de behandeling van het bezwaarschrift niet in Nederland mag afwachten, kan de rechtbank worden verzocht een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter is bevoegd kennis te nemen van het verzoek. De behandeling van het verzoek kan plaatsvinden in een nevenzittingsplaats. Indien een verzoek om een voorlopige voorziening is ingediend om uitzetting te voorkomen, en nog niet op het bezwaar of administratief beroep is beslist, beslist de voorzieningenrechter zoveel mogelijk ook op het bezwaar of administratief beroep (artikel 78 Vw). Als regel mag de uitspraak op een tijdig ingediend verzoek om voorlopige voorziening hangende bezwaar of beroep in Nederland worden afgewacht, tenzij: -Indien een verzoek om een voorlopige voorziening is ingediend om uitzetting te voorkomen, en nog niet op het bezwaar of administratief beroep is beslist, beslist de president zoveel mogelijk ook op het bezwaar of administratief beroep (artikel 78 Vw). +a. het een opvolgend verzoek om voorlopige voorziening betreft; +b. de aanvraag om een verblijfsvergunning met toepassing van artikel 4:6 Awb is afgewezen: +c. redenen van openbare orde (waaronder begrepen de openbare rust) of nationale veiligheid zich daartegen verzetten; +d. de uitzetting daardoor onredelijk wordt belemmerd; of +e. sprake is van misbruik van recht. -Als regel mag een verzoek om een voorlopige voorziening, gericht tegen de uitzetting, in Nederland worden afgewacht, tenzij: +Ad a. -– het betreft een tweede verzoek om een voorlopige voorziening zonder nieuw gebleken feiten of gewijzigde omstandigheden die als deze bij de behandeling van het eerdere verzoek bekend waren geweest, mogelijk tot een ander oordeel zouden hebben geleid; of -– redenen van openbare orde (waaronder begrepen de openbare rust) of nationale veiligheid zich daartegen verzetten; of -– de uitzetting daardoor wordt belemmerd, bijvoorbeeld in gevallen waarin de mogelijkheid om uit te zetten voor langere tijd illusoir zou worden, indien de vreemdeling de vertrektermijn van vier weken zou worden gegund. +Uitgangspunt is dat een vreemdeling de uitspraak op zijn eerste verzoek om voorlopige voorziening mag afwachten. Van een eerste verzoek om voorlopige voorziening is sprake als niet eerder in het bodemgeschil (de totale behandelingsduur van het geschil dat ontstaat op het moment van het bezwaar en (hoger) beroep) om een voorlopige voorziening is verzocht. Een tweede of herhaald verzoek om voorlopige voorziening mag in de regel niet worden afgewacht. + +Ad b. + +Indien sprake is van een herhaalde aanvraag waarbij geen nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden naar voren zijn gebracht die tot heroverweging van het eerdere oordeel aanleiding geven, kan de herhaalde aanvraag met toepassing van artikel 4:6, tweede lid, Awb worden afgewezen. Dit houdt in dat in de afwijzende beschikking ten aanzien van de motivering wordt verwezen naar de eerdere afwijzende beschikking. Bij een dergelijke afwijzing van de aanvraag mag de behandeling van het verzoek om voorlopige voorziening in de procedures tegen die afwijzing – het bezwaar en het (eventueel daarop volgende) beroep – niet in Nederland worden afgewacht. + +Ad c. + +Bij een ongewenstverklaarde vreemdeling zullen redenen van openbare orde dan wel de nationale veiligheid zich tegen het afwachten van de behandeling van het verzoek om voorlopige voorziening verzetten. Een ongewenstverklaarde vreemdeling zal derhalve de behandeling van zijn verzoek om voorlopige voorziening niet in Nederland mogen afwachten. + +Ook in andere gevallen waarbij (nog) geen sprake is van een ongewenstverklaring, maar wel van bijzondere omstandigheden in het kader van de openbare orde of nationale veiligheid, kunnen redenen van openbare orde of nationale veiligheid zich verzetten tegen het afwachten van de behandeling van het verzoek om voorlopige voorziening. In dat geval wordt aan de vreemdeling kenbaar gemaakt dat hij op grond van redenen van openbare orde of nationale veiligheid de behandeling van zijn in te dienen verzoek om voorlopige voorziening niet in Nederland zal mogen afwachten. + +Ad d. + +De uitzetting wordt geacht onredelijk te worden belemmerd indien een concrete mogelijkheid van terugkeer naar het land van herkomst of toelating tot een derde land verloren zou gaan doordat de behandeling van het verzoek om voorlopige voorziening door de vreemdeling mag worden afgewacht. Hiervan wordt geacht in ieder geval sprake te zijn indien: + +• een paspoort, de daarin voorkomende visa of vervangende reisdocumenten nog slechts voor korte tijd geldig zijn; +• de vreemdeling kan worden uitgezet door middel van overgave aan de buitenlandse grensautoriteiten ingevolge terug- en overnameovereenkomsten of Verordening 343/2003 en de terugname of overdracht ingevolge de bepalingen van de overeenkomst of verordening illusoir zou worden; +• de vreemdeling met een door DT&V georganiseerde overheidsvlucht uitgezet zou kunnen worden terwijl door het afwachten van de behandeling van het verzoek om voorlopige voorziening uitzetting voor langere tijd illusoir zou worden. + +Ad e. + +Van misbruik van het recht zal slechts sprake zijn indien het verzoek om voorlopige voorziening evident geen enkel redelijk belang heeft, dat sprake is van indiening van het verzoek te kwader trouw. Hierbij zullen de omstandigheden van het geval een belangrijke rol spelen. Te denken valt bijvoorbeeld aan de situatie dat de vreemdeling na zijn inbewaringstelling één of meerdere procedures is gaan voeren met het kennelijke doel om de uitzetting dan wel de verkrijging van een reisdocument te vertragen. + +De vreemdeling wordt in de regel uiterlijk 24 uur voor uitzetting door de DT&V op de hoogte gesteld van de datum en het tijdstip van de geplande uitzetting. #### 10.7. Horen @@ -3100,13 +3126,7 @@ Een beroepschrift wordt in tweevoud ingediend bij de rechtbank te 's-Gravenhage. ##### 10.10.2. Geen opschorting -Het instellen van beroep bij de rechtbank schort de werking van het besluit niet op. Een voorlopige voorziening kan aangevraagd worden om uitzetting hangende het beroep achterwege te laten. - -Indien de vreemdeling tijdig een verzoek heeft ingediend om een voorlopige voorziening, blijft uitzetting in de regel achterwege totdat de president uitspraak heeft gedaan, tenzij: - -– het betreft een tweede verzoek om een voorlopige voorziening zonder nieuw gebleken feiten of gewijzigde omstandigheden; of -– redenen van openbare orde of nationale veiligheid zich daartegen verzetten; of -– het gevaar bestaat dat de mogelijkheid van terugkeer naar het land van herkomst of van toelating tot een derde land verloren zou gaan, bijvoorbeeld doordat het paspoort of de daarin voorkomende visa nog slechts voor korte tijd geldig zijn. +Het instellen van beroep bij de rechtbank schort de werking van het besluit niet op. Een voorlopige voorziening kan aangevraagd worden om uitzetting hangende het beroep achterwege te laten. Voor de voorwaarden waaronder een verzoek om voorlopige voorziening mag worden afgewacht wordt verwezen naar B1/10.6.4. ##### 10.10.3. Bericht politie @@ -3114,31 +3134,23 @@ De Korpschef wordt middels een signalering in het BVV op de hoogte gesteld van d #### 10.11. Hoger beroep -Tegen de uitspraak van de rechtbank, staat beperkt hoger beroep open bij de ABRvS. Ook de Staat kan hoger beroep instellen. Er staat geen hoger beroep tegen uitspraak van (de president van) de rechtbank: +Tegen de uitspraak van de rechtbank, staat beperkt hoger beroep open bij de ABRvS. Ook de Staat kan hoger beroep instellen. Er staat geen hoger beroep open tegen uitspraak van (de voorzieningenrechter van) de rechtbank: -– op een verzoek om een voorlopige voorziening; -– over een visum voor een verblijf van drie maanden of minder (artikel 84, onder b, Vw); -– over een besluit op bezwaar of administratief beroep, indien de president gelijk met de voorlopige voorziening uitspraak over dat bezwaar of administratief beroep heeft gedaan (zie artikel 84, onder c, juncto artikel 78 Vw). +• op een verzoek om een voorlopige voorziening; +• over een visum voor een verblijf van drie maanden of minder (artikel 84, onder b, Vw); +• over een besluit op bezwaar of administratief beroep, indien de voorzieningenrechter gelijk met de voorlopige voorziening uitspraak over dat bezwaar of administratief beroep heeft gedaan (zie artikel 84, onder c, juncto artikel 78 Vw). -De ABRvS bevestigt de uitspraak van de rechtbank, hetzij met overneming, hetzij met verbetering van de gronden, of doet, met gehele of gedeeltelijke vernietiging van de uitspraak, hetgeen de rechtbank had behoren te doen. Ook is het mogelijk dat de ABRvS de zaak terugverwijst naar de rechtbank die deze in eerste aanleg heeft behandeld. Dit is mogelijk indien – voorzover hier van belang – de rechtbank de niet-ontvankelijkheid van het beroep heeft uitgesproken en de afdeling deze uitspraak vernietigt met ontvankelijkverklaring van het beroep of indien dan de afdeling om andere redenen van oordeel is dat de zaak opnieuw moet worden behandeld. In het geval de afdeling de uitspraak van de rechtbank vernietigt met ontvankelijkverklaring van het beroep kan de afdeling ook zonder terugverwijzing de zaak afdoen, indien zij naar haar oordeel geen nadere beoordeling door de rechtbank behoeft. Binnen twee weken na de dagtekening van de uitspraak zendt de griffier van de ABRvS een afschrift van de uitspraak aan de belanghebbende en aan de Minister van Justitie. +De ABRvS bevestigt de uitspraak van de rechtbank, hetzij met overneming, hetzij met verbetering van de gronden, of doet, met gehele of gedeeltelijke vernietiging van de uitspraak, hetgeen de rechtbank had behoren te doen. Ook is het mogelijk dat de ABRvS de zaak terugverwijst naar de rechtbank die deze in eerste aanleg heeft behandeld. Dit is mogelijk indien – voorzover hier van belang – de rechtbank de niet-ontvankelijkheid van het beroep heeft uitgesproken en de Afdeling deze uitspraak vernietigt met ontvankelijkverklaring van het beroep of indien dan de Afdeling om andere redenen van oordeel is dat de zaak opnieuw moet worden behandeld. In het geval de afdeling de uitspraak van de rechtbank vernietigt met ontvankelijkverklaring van het beroep kan de Afdeling ook zonder terugverwijzing de zaak afdoen, indien zij naar haar oordeel geen nadere beoordeling door de rechtbank behoeft. Binnen twee weken na de dagtekening van de uitspraak zendt de griffier van de ABRvS een afschrift van de uitspraak aan de belanghebbende en aan de Minister van Justitie. Hoger beroep op de ABRvS kan worden ingesteld door het indienen van een beroepschrift door de vreemdeling in persoon, zijn wettelijke vertegenwoordiger, zijn bijzondere gemachtigde of een raadsman indien deze verklaart daartoe bepaaldelijk te zijn gevolmachtigd. Hoger beroep bij de ABRvS dient binnen een termijn van vier weken te worden ingesteld, gerekend met ingang van de dag na die waarop de uitspraak van de rechtbank is verzonden. De grieven moeten worden ingediend bij de ABRvS. Daarbij moet een afschrift van de bestreden uitspraak in beroep worden overgelegd. Hoger beroep bij de ABRvS schort de werking van de uitspraak van de vreemdelingenkamer niet op. -Een voorlopige voorziening kan bij de Voorzitter van de ABRvS aangevraagd worden om de werking van het bestreden besluit hangende het hoger beroep op te schorten. Voorwaarden voor het vragen van een voorlopige voorziening zijn dat er een beroepschrift is ingediend bij de ABRvS in de bodemprocedure, en er een spoedeisend belang is. - -Indien de vreemdeling tijdig een verzoek heeft ingediend om een voorlopige voorziening, blijft uitzetting als regel achterwege totdat de president uitspraak heeft gedaan, tenzij: - -– het betreft een tweede verzoek om een voorlopige voorziening zonder nieuw gebleken feiten of gewijzigde omstandigheden; of -– redenen van openbare orde of nationale veiligheid zich daartegen verzetten; of -– het gevaar bestaat dat de mogelijkheid van terugkeer naar het land van herkomst of van toelating tot een derde land verloren zou gaan, bijvoorbeeld doordat het paspoort of de daarin voorkomende visa nog slechts voor korte tijd geldig zijn. +Een voorlopige voorziening kan bij de Voorzitter van de ABRvS aangevraagd worden om de werking van het bestreden besluit hangende het hoger beroep op te schorten. Voorwaarden voor het vragen van een voorlopige voorziening zijn dat er een beroepschrift is ingediend bij de ABRvS in de bodemprocedure, en er een spoedeisend belang is. Voor de voorwaarden waaronder een verzoek om voorlopige voorziening mag worden afgewacht wordt verwezen naar B1/10.6.4. De Voorzitter heeft de mogelijkheid in de uitspraak op het verzoek om een voorlopige voorziening ook onmiddellijk uitspraak te doen in de hoofdzaak. Dit geldt ook indien het verzoek niet ter zitting is behandeld. -De politie wordt middels een signalering in het BVV op de hoogte gesteld van de verblijfsstatus van de vreemdeling. - -Eerst nadat een beslissing in rechte onaantastbaar is geworden, worden aan de Korpschef aanwijzingen gegeven hoe verder ten aanzien van de vreemdeling moet worden gehandeld. +De politie wordt middels een signalering in het BVV op de hoogte gesteld van de verblijfsstatus van de vreemdeling. Eerst nadat een beslissing in rechte onaantastbaar is geworden, worden aan de Korpschef aanwijzingen gegeven hoe verder ten aanzien van de vreemdeling moet worden gehandeld. ## 2. Gezinshereniging en gezinsvorming