diff --git a/amvb/besluit-financiën-regionale-politiekorpsen/BWBR0006562/README.md b/amvb/besluit-financiën-regionale-politiekorpsen/BWBR0006562/README.md index b7799619caf..b888c1a34c2 100644 --- a/amvb/besluit-financiën-regionale-politiekorpsen/BWBR0006562/README.md +++ b/amvb/besluit-financiën-regionale-politiekorpsen/BWBR0006562/README.md @@ -3,7 +3,7 @@ titel: Besluit financiën regionale politiekorpsen bwb_id: BWBR0006562 type: AMvB status: geldend -datum_inwerkingtreding: '2007-08-09' +datum_inwerkingtreding: '2011-12-14' bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0006562 citeertitel: Besluit financiën regionale politiekorpsen --- @@ -16,9 +16,10 @@ citeertitel: Besluit financiën regionale politiekorpsen In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: -a. Onze Minister: Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties; +a. Onze Minister: Onze Minister van Veiligheid en Justitie; b. werksoort: een verzameling van met elkaar samenhangende werkzaamheden van de Nederlandse politie met een specifieke kostenstructuur, die bestaat uit personele en materiële kosten; -c. telefoonmeting: onderzoek in opdracht van Onze Minister naar de kwalitatieve en kwantitatieve telefonische bereikbaarheid van de regio’s in het kader van het Landelijk Telefoonnummer Politie. +c. telefoonmeting: onderzoek in opdracht van Onze Minister naar de kwalitatieve en kwantitatieve telefonische bereikbaarheid van de regio’s in het kader van het Landelijk Telefoonnummer Politie; +d. werklastmeting: de in 2009 verrichte meting in opdracht van Onze Minister naar de werklast van de regio’s. **2.** Onder kosten als bedoeld in artikel 44, eerste lid, van de Politiewet 1993 wordt verstaan: het saldo van de lasten en baten van de regio voor personele en materiële middelen en investeringen, reserveringen en desinvesteringen daaronder begrepen. @@ -32,11 +33,11 @@ De algemene bijdrage bestaat uit: a. een algemeen budget dat is opgebouwd uit de met toepassing van de in de artikelen 2b, 2c en 2d te berekenen aanspraken op deelbudgetten voor de werksoorten intake en service, noodhulp, opsporing en handhaving; b. specifieke budgetten die Onze Minister kan toekennen indien specifieke kenmerken in een regio of een specifieke taak binnen een regio extra werklast meebrengen; -c. compensaties indien de artikelen 2e, respectievelijk 10, 11 of 12 van toepassing zijn. +c. compensaties indien de artikelen 2e, respectievelijk 10, 11, 12, 13b of 13c van toepassing zijn. **3.** -Onze Minister stelt jaarlijks onder voorbehoud van goedkeuring van de begroting van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties voor 1 juli voor het eerstvolgende jaar voorlopig vast welk deel van de begroting bestemd is voor: +Onze Minister stelt jaarlijks onder voorbehoud van goedkeuring van de begroting van het ministerie van Veiligheid en Justitie voor 1 juli voor het eerstvolgende jaar voorlopig vast welk deel van de begroting bestemd is voor: a. algemene budgetten en verdeling van dit bedrag in deelbudgetten voor de in het tweede lid, onder a, genoemde werksoorten; b. specifieke budgetten; @@ -47,7 +48,7 @@ d. bijzondere bijdragen. ### Artikel 2a -**1.** Onze Minister stelt onder voorbehoud van goedkeuring van de begroting van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties voor 1 juli de algemene bijdrage aan een regio voor het eerstvolgende jaar voorlopig vast en geeft daarbij een indicatie van de algemene bijdrage aan de regio in de daaropvolgende drie jaren. +**1.** Onze Minister stelt onder voorbehoud van goedkeuring van de begroting van het ministerie van Veiligheid en Justitie voor 1 juli de algemene bijdrage aan een regio voor het eerstvolgende jaar voorlopig vast en geeft daarbij een indicatie van de algemene bijdrage aan de regio in de daaropvolgende drie jaren. **2.** De voorlopig vastgestelde algemene bijdrage wordt betaalbaar gesteld in vier termijnen respectievelijk 15 januari, 15 april, 15 juli en 15 oktober. @@ -67,7 +68,7 @@ d. bijzondere bijdragen. Het algemene budget dat een regio ontvangt is de som van de volgende bedragen: -a. het bedrag dat de regio ingevolge artikel 2c ontvangt als onderdeel van het deelbudget van intake en service in verband met de op grond van de telefoonmeting vastgestelde werklast van de regio; +a. het bedrag dat de regio ingevolge artikel 2c ontvangt als onderdeel van het deelbudget van intake en service in verband met de op grond van de telefoonmeting voor 2007 en 2008 vastgestelde werklast van de regio; b. de bedragen die de uitkomst vormen van de met toepassing van de in artikel 2d, eerste lid, opgenomen formules berekende procentuele aandelen in de door Onze Minister krachtens artikel 2, derde lid, onderdeel a, vastgestelde deelbudgetten per werksoort. **2.** Voor het vaststellen van de in het eerste lid, onderdeel b, bedoelde percentages worden de uitkomsten van de formules van de afzonderlijke gemeenten in een regio bij elkaar opgeteld en wordt het procentuele aandeel daarvan berekend in het totaal van de uitkomst voor alle regio’s. @@ -76,7 +77,7 @@ b. de bedragen die de uitkomst vormen van de met toepassing van de in artikel 2d ### Artikel 2c -**1.** Op basis van de telefoonmeting wordt de werklast van de regio bepaald met toepassing van de formule 31,0 Ln (y) x 1,28394740172094 – 348,0, waarbij y het aantal met 0900-8844 gevoerde gesprekken weergeeft. +**1.** Op basis van de telefoonmeting voor 2007 en 2008 wordt de werklast van de regio bepaald als het gemiddelde van de uitkomst van de formule 31,0 Ln (y) – 348,0, waarbij y het aantal met 0900-8844 gevoerde gesprekken per jaar weergeeft. **2.** De regio ontvangt een bedrag ter hoogte van de uitkomst van de in het eerste lid genoemde formule, vermenigvuldigd met het normbedrag voor de werksoort intake en service dat door Onze Minister wordt vastgesteld. @@ -86,42 +87,37 @@ b. de bedragen die de uitkomst vormen van de met toepassing van de in artikel 2d Voor de verdeling van de door Onze Minister krachtens artikel 2, derde lid, vastgestelde deelbudgetten worden de volgende formules gehanteerd: -a. voor intake en service: +a. voor opsporing: -(a + b x MOB + c x EPH) : 1000 x (INW) : 1000; -b. voor noodhulp: +(a + f x GG) x (INW : 1000) + b x OAD + c x HRC + d x NWA + e x RKP; +b. voor handhaving wijkagenten: -(d + e x OPP + f x OAD) : 1000 x (INW) : 1000; -c. voor opsporing: +g x INW; +c. voor handhaving overig: -(g + h x OAD + i x HRC + j x UITK + k x NNED + l x AGG) : 1000 x (INW) : 1000 (INW) : 1000; -d. voor handhaving: +h x GEZ + i x OAD + j x NWA1530 + k x RKP; +d. voor intake en service overig: -(m + n x OAD + o x HRC + p x ABWUITK + q x AGG) : 1000 x (INW) : 1000. +l x INW + m x MOB + n x GEZ + o x KRW; +e. voor noodhulp: + +p x INW + q x OPP. **2.** De afkortingen die deel uitmaken van de formules hebben betrekking op de volgende omgevingskenmerken van een gemeente: -OPP: de oppervlakte land in hectare volgens regionale indelingen; - -OAD: het gemiddelde aantal adressen per km^2 dat een adres binnen zijn omgeving heeft; - -HRC: het aantal bedrijfsvestigingen met de economische activiteit «horeca»; - -INW: de geregistreerde bevolking; - -NNED: het aantal personen dat niet de Nederlandse nationaliteit bezit, exclusief degenen die in Nederland woonachtig zijn maar voor wie uitzonderingsregels gelden met betrekking tot opneming in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens; - -MOB: de som van het aantal personen dat verhuisd is binnen de gemeente en het aantal personen dat verhuisd is naar een andere gemeente; - -UITK: het aantal personen met een IOAW- of IOAZ-uitkering of een uitkering op grond van de Wet werk en bijstand of de Werkloosheidswet; - -ABWUITK: aantal personen met een uitkering op grond van de Wet werk en bijstand; - -AGG: de waarde van de centrumgemeente binnen een stedelijke agglomeratie; - -EPH: aantal eenpersoonshuishoudens als percentage van het totaal aantal huishoudens. +- *GEZ:* gezinnen met laag inkomen, zijnde het aantal gezinnen in het tweede, derde en vierde deciel van de inkomensverdeling; +- *GG:* grensgemeente, zijnde een variabele die de waarde 1 heeft indien de betreffende gemeente (over land) aan België of Duitsland grenst. (gemeentelijke indeling van Nederland op 1 januari 2008, CBS); +- *HRC:* het aantal bedrijfsvestigingen met de economische activiteit «horeca»; +- *INW:* de geregistreerde bevolking; +- *KRW:* krachtwijken, zijnde de wijken als bedoeld in de definitieve selectie van wijken, bedoeld in de brief van de Minister voor Wonen, Wijken en Integratie van 31 mei 2007 (Kamerstukken II 2006/07, 30 995, nr. 5); +- *MOB:* de som van het aantal personen dat verhuisd is binnen de gemeente en het aantal personen dat verhuisd is naar een andere gemeente; +- *NWA:* niet-westerse allochtonen: een inwoner van een gemeente met als herkomstgroepering een van de landen in Afrika, Latijns Amerika, Azië (exclusief Indonesië en Japan) of Turkije; +- *NWA1530:* niet-westerse allochtonen in de leeftijdsgroep van 15 tot 30 jarigen die een inwoner zijn van een gemeente met als herkomstgroepering een van de landen in Afrika, Latijns Amerika, Azië (exclusief Indonesië en Japan) of Turkije; +- *OAD:* het gemiddelde aantal adressen per km^2 dat een adres binnen zijn omgeving heeft; +- *OPP:* de oppervlakte land in hectare volgens regionale indelingen; +- *RKP:* regionaal klantenpotentieel, zijnde het aantal potentiële regionale klanten dat aangetrokken wordt binnen een straal van 60 kilometer. **3.** @@ -129,29 +125,27 @@ De constanten en coëfficiënten die deel uitmaken van de formules hebben betrek | constante / coëfficiënt | waarde | | --- | --- | -| a | 110,668307523515 | -| b | 0,375723100447659 | -| c | 0,215556431577381 | -| d | 190,379646600103 | -| e | 85,4717468067411 | -| f | 0,130956468069664 | -| g | 171,351061658647 | -| h | 0,261638843488334 | -| i | 21,8127611238424 | -| j | 5,73842932250656 | -| k | 0,839816128656236 | -| l | 336,826873435109 | -| m | 160,695868099232 | -| n | 0,223629037981461 | -| o | 31,1073702036903 | -| p | 13,4825813530453 | -| q | 531,241631263488 | +| a | 0,809768822426767 | +| b | 0,00422444613802816 | +| c | 0,0860877655186106 | +| d | 0,0121880208854086 | +| e | 0,00104857654805576 | +| f | 0,333399561916019 | +| g | 0,0002 | +| h | 0,00705149969469501 | +| i | 0,0049486418506437 | +| j | 0,0374953384812349 | +| k | 0,0003618016488999 | +| l | 0,000121511587006227 | +| m | 0,000170950020796439 | +| n | 0,000371234027615356 | +| o | 0,290619934564518 | +| p | 0,000203415543387561 | +| q | 0,0395664179547372 | -**4.** Bij het invullen van de waarde van de omgevingskenmerken worden de op 1 april van het lopende jaar meest recente gegevens van het CBS gebruikt. +**4.** Bij het invullen van de waarde van de omgevingskenmerken GG, HRC, INW, OAD, OPP, NWA, NWA1530 en RKP, wordt gebruik gemaakt van CBS-gegevens met als peildatum 1 januari 2008. Voor de omgevingskenmerken GZ en MOB wordt gebruik gemaakt van CBS-gegevens over het jaar 2007. -**5.** In afwijking van het vierde lid wordt voor INW het gemiddelde genomen van de waarde van het jaar voorafgaande aan het lopende jaar, het lopende jaar en de prognoses ten aanzien van de twee daarop volgende jaren. Indien op 1 april het gegeven voor het lopende jaar niet beschikbaar is, wordt de prognose voor dat jaar gebruikt. - -**6.** In afwijking van het vierde lid wordt voor AGG bij ministeriële regeling bepaald welke gemeenten als centrumgemeenten worden aangemerkt en wordt aan de centrumgemeenten de waarde 0,5 of 1 toegekend. +**5.** In afwijking van het vierde lid wordt voor INW in de formule voor «handhaving wijkagenten» het gemiddelde genomen over de periode 2005–2008, met als peildatum 1 januari. Het aantal inwoners 2005 kent daarbij een gewicht van 1/10, 2006 kent een gewicht van 2/10, 2007 kent een gewicht van 3/10 en 2008 kent een gewicht van 4/10. ### Artikel 2e @@ -216,7 +210,7 @@ b. de regio in strijd handelt met de voorschriften, bedoeld in het tweede lid. **4.** Onze Minister kan nadere regels stellen aan de inhoud en inrichting van het verslag, de reikwijdte van de controle en de inhoud van de verklaring, bedoeld in het derde lid. -**5.** Aan ambtenaren van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties wordt op verzoek alle informatie verstrekt die zij noodzakelijk achten. Deze ambtenaren kunnen ook op eigen initiatief informatie inwinnen bij de deskundige die met de controle is belast. +**5.** Aan ambtenaren van het ministerie van Veiligheid en Justitie wordt op verzoek alle informatie verstrekt die zij noodzakelijk achten. Deze ambtenaren kunnen ook op eigen initiatief informatie inwinnen bij de deskundige die met de controle is belast. ### Artikel 6 @@ -280,17 +274,7 @@ b. referentiebijdrage 2007: som van de algemene bijdrage en de bijzondere bijdra ### Artikel 11 -**1.** De regio ontvangt in 2007 een compensatie ter hoogte van het verschil tussen referentiebijdrage 2007 en de jaarbijdrage van 2007. - -**2.** De regio ontvangt in 2008 een compensatie ter hoogte van het bedrag bedoeld in het eerste lid, vermeerderd met een eenmalige ophoging. - -**3.** De regio ontvangt vanaf 2008 een compensatie ter hoogte van het in het lopende jaar als compensatie genoten bedrag, verminderd met de verhoging van de jaarbijdrage van het eerstvolgende jaar ten opzichte van het lopende jaar, totdat de compensatie nihil bedraagt. - -**4.** Bij de berekeningen bedoeld in het eerste tot en met het derde lid, worden verhogingen van de jaarbijdrage ten gevolge van de stijging van de loon- en prijsindex buiten beschouwing gelaten. - -**5.** Bij ministeriële regeling kunnen onderdelen van de jaarbijdrage vastgesteld worden die bij de berekeningen bedoeld in het eerste tot en met het derde lid, buiten beschouwing worden gelaten. - -**6.** Indien Onze Minister de jaarbijdrage in het eerstvolgende jaar lager vaststelt dan in het lopende jaar, wordt de compensatie verminderd met een percentage dat overeenkomt met de lagere vaststelling van de jaarbijdrage. +Vervallen ### Artikel 12 @@ -313,6 +297,35 @@ Bij het invullen van de waarde van de omgevingskenmerken ten behoeve van de verd a. worden in afwijking van artikel 2d, vierde lid, de op 1 april 2009 bekende gegevens van het CBS gebruikt, b. wordt in afwijking van artikel 2d, vijfde lid, voor INW het gemiddelde genomen van de waarde van de jaren 2009, 2010 en 2011, en de prognose ten aanzien van het jaar 2012. +### Artikel 13a + +Voor de toepassing van de artikelen 13b en 13c wordt verstaan onder: + +a. *het algemeen budget voor het jaar 2011:* het algemeen budget per korps voor het jaar 2011, berekend op grond van dit besluit zoals dat gold op 31 december 2011, uitgaande van de som van de algemene budgetten overeenkomstig de bij dit besluit behorende bijlage I; +b. *het herijkte budget voor het jaar 2011:* het algemeen budget per korps voor het jaar 2011, berekend op grond van dit besluit zoals dat geldt met ingang van 1 januari 2012, uitgaande van de som van de algemene budgetten overeenkomstig de bij dit besluit behorende bijlage I; +c. *krimpregio:* een regio waarbij het herijkte budget voor het jaar 2011 kleiner is dan het algemeen budget voor het jaar 2011 overeenkomstig de bij dit besluit behorende bijlage I; +d. *groeiregio:* een regio waarbij het herijkte budget voor het jaar 2011 groter is dan het algemeen budget voor het jaar 2011 overeenkomstig de bij dit besluit behorende bijlage I. + +### Artikel 13b + +**1.** Het budget van een krimpregio wordt voor de jaren 2012 tot en met 2015 verhoogd met het verschil tussen het budget overeenkomstig bijlage I bij dit besluit en het herijkte budget voor het jaar 2011, verminderd met respectievelijk 1,5 procent, 3 procent, 4,5 procent en 6 procent van het budget overeenkomstig bijlage I. + +**2.** Het budget van een krimpregio wordt verhoogd tot en met het jaar waarin het verschil tussen het budget overeenkomstig bijlage I bij dit besluit en het herijkte budget voor het jaar 2011 en de vermindering overeenkomstig het eerste lid nihil is. + +**3.** Voor een groeiregio wordt voor de jaren 2012 tot en met 2015 het verschil berekend tussen het budget overeenkomstig bijlage I bij dit besluit en het herijkte budget voor het jaar 2011. Het budget voor de groeiregio wordt verminderd met het saldo van het verschil overeenkomstig de eerste zin en de uitkomst van de formule a/b x c, waarin a staat voor het verschil bedoeld in de eerste volzin, b staat voor de som van de verschilbedragen voor alle groeibedragen bedoeld in de eerste volzin voor alle groeiregio’s en c staat voor de vermindering overeenkomstig het eerste lid. + +**4.** Het budget van een groeiregio wordt verlaagd tot en met het jaar waarin het verschil tussen het budget overeenkomstig bijlage I bij dit besluit en het herijkte budget voor het jaar 2011 en de uitkomst van de formule a/b x c nihil is. + +### Artikel 13c + +**1.** Indien voor een regio het relatieve verschil tussen het herijkte budget voor 2011 aangevuld met de bedragen op grond van artikel 13b, eerste of derde lid voor de jaren 2012 tot en met 2015 en de uitkomst van de werklastmeting, overeenkomstig de bij dit besluit behorende bijlage II voor een jaar groter is dan 6,62 procent, wordt het budget van de regio verminderd door het verschil te verminderen met 6,62 procentpunt en de uitkomst daarvan te vermenigvuldigen met het herijkt budget voor 2011 aangevuld met de bedragen op grond van artikel 13b, eerste of derde lid voor de jaren 2012 tot en met 2015. + +**2.** Indien voor een regio het relatieve verschil tussen het herijkte budget voor 2011 aangevuld met de bedragen op grond van artikel 13b, eerste of derde lid voor de jaren 2012 tot en met 2015 en de uitkomst van de werklastmeting, overeenkomstig de bij dit besluit behorende bijlage II voor een jaar kleiner is dan –6,62 procent, wordt het budget van de regio vermeerderd door het verschil te vermeerderen met 6,62 procentpunt en de absolute waarde van de uitkomst daarvan te vermenigvuldigen met het herijkt budget voor 2011 aangevuld met de bedragen op grond van artikel 13b, eerste of derde lid, voor de jaren 2012 tot en met 2015. + ### Artikel 14 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit financiën regionale politiekorpsen. + +## Bijlage I + +## Bijlage II