From 18c45936834eca21e7053dee279a428156cc3658 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Wed, 1 Jul 2020 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2020-07-01 | BWBR0004259 | Bekostigingsbesluit WEC --- .../BWBR0004259/README.md | 44 +++++++++---------- 1 file changed, 22 insertions(+), 22 deletions(-) diff --git a/amvb/bekostigingsbesluit-wec/BWBR0004259/README.md b/amvb/bekostigingsbesluit-wec/BWBR0004259/README.md index c8352fc1db5..e99b757004c 100644 --- a/amvb/bekostigingsbesluit-wec/BWBR0004259/README.md +++ b/amvb/bekostigingsbesluit-wec/BWBR0004259/README.md @@ -56,7 +56,7 @@ leerling met een niet-Nederlandse culturele achtergrond: leerling: a. die behoort tot de Molukse bevolkingsgroep; b. van wie ten minste een van de ouders of voogden afkomstig is uit Griekenland, Italië, het voormalige Joegoslavië, Kaapverdië, Marokko, Portugal, Spanje, Tunesië of Turkije; -c. van wie ten minste een van de ouders of voogden afkomstig is uit Suriname, de voormalige Nederlandse Antillen of Aruba; +c. van wie ten minste een van de ouders of voogden afkomstig is uit Suriname of een van de Caribische delen van het Koninkrijk; d. van wie ten minste een van de ouders of voogden als vreemdeling rechtmatig verblijf heeft als bedoeld in artikel 8, onder c of d, van de Vreemdelingenwet 2000; e. van wie ten minste een van de ouders of voogden afkomstig is uit een ander niet-Engelstalig land buiten Europa, echter met uitzondering van Indonesië. @@ -168,11 +168,11 @@ c. een schriftelijke verklaring van de ouders of de leerling die meerderjarig en **4.** De directeur schrijft de leerling in met ingang van de dag waarop de leerling de school voor het eerst bezoekt. -**5.** In afwijking van het vierde lid, schrijft de directeur een leerling die de school voor het eerst bezoekt op de eerste schooldag van het schooljaar, in met ingang van 1 augustus van dat schooljaar, behoudens wanneer de leerling op 1 augustus de leeftijd van 4 jaar nog niet heeft bereikt. +**5.** In afwijking van het vierde lid, schrijft de directeur een leerling die de school voor het eerst bezoekt op de eerste schooldag van het schooljaar, in met ingang van 1 augustus van dat schooljaar, behoudens wanneer de leerling op 1 augustus de leeftijd van 4 jaar nog niet heeft bereikt. ### Artikel 7 -**1.** De directeur van een school op wiens school de leerling staat ingeschreven, schrijft de leerling, indien deze de school verlaat, uit met ingang van de dag waarop de leerling de school voor het laatst heeft bezocht en verstrekt de leerling een bewijs van uitschrijving. De directeur schrijft de leerling die wordt uitgeschreven na de school op de laatste schooldag van het schooljaar te hebben bezocht, uit met ingang van 31 juli van dat schooljaar. +**1.** De directeur van een school op wiens school de leerling staat ingeschreven, schrijft de leerling, indien deze de school verlaat, uit met ingang van de dag waarop de leerling de school voor het laatst heeft bezocht en verstrekt de leerling een bewijs van uitschrijving. De directeur schrijft de leerling die wordt uitgeschreven na de school op de laatste schooldag van het schooljaar te hebben bezocht, uit met ingang van 31 juli van dat schooljaar. **2.** Indien de directeur van een school op wiens school de leerling staat ingeschreven binnen 4 weken na de dag waarop de leerling de school voor het laatst heeft bezocht een mededeling ontvangt van de directeur, rector of centrale directie van een school of een school voor ander onderwijs, van de inschrijving van de leerling op diens school, wijzigt de directeur de datum van uitschrijving, bedoeld in het eerste lid, alsnog in de datum van de dag voorafgaande aan de inschrijving op de andere school of de school voor ander onderwijs. @@ -244,7 +244,7 @@ Vervallen ### Artikel 12a -**1.** Onze Minister stelt jaarlijks voor 1 februari de bekostiging voor dat jaar voor de scholen vast, gebaseerd op de grondslag, bedoeld in artikel 128, vierde lid, van de wet, met dien verstande dat Onze Minister voor het bepalen van het aantal leerlingen op 1 oktober van het jaar voorafgaande aan het bekostigingsjaar, de leerlingen in aanmerking neemt van wie het persoonsgebonden nummer tezamen met de in artikel 164a, tweede lid, van de wet bedoelde gegevens uiterlijk op de daarop volgende 1 december zijn opgenomen in het basisregister onderwijs overeenkomstig artikel 164b van de wet, dan wel de leerlingen van wie opgave is gedaan aan Onze Minister overeenkomstig artikel 58a, vierde lid. +**1.** Onze Minister stelt jaarlijks voor 1 februari de bekostiging voor dat jaar voor de scholen vast, gebaseerd op de grondslag, bedoeld in artikel 128, vierde lid, van de wet, met dien verstande dat Onze Minister voor het bepalen van het aantal leerlingen op 1 oktober van het jaar voorafgaande aan het bekostigingsjaar, de leerlingen in aanmerking neemt van wie het persoonsgebonden nummer tezamen met de basisgegevens, bedoeld in artikel 8, eerste lid, onderdeel b, van de Wet register onderwijsdeelnemers uiterlijk op de daarop volgende 1 december zijn opgenomen in het register onderwijsdeelnemers overeenkomstig artikel 14 van die wet. **2.** Indien de verklaring van de accountant, bedoeld in artikel 157, vierde lid, van de wet aanleiding geeft tot wijziging van de bekostiging, bedoeld in het eerste lid, stelt Onze Minister voor 1 oktober de bekostiging voor dat jaar nader vast. @@ -360,7 +360,7 @@ Vervallen ### Artikel 29 -**1.** Onze Minister stelt jaarlijks uiterlijk op 15 april, de bekostigingsbedragen, bedoeld in artikel 131, eerste en derde lid, van de wet vast voor zover deze bedragen mede gebaseerd zijn op het aantal leerlingen op de teldatum, met dien verstande dat Onze Minister voor het bepalen van het aantal leerlingen op de teldatum, de leerlingen in aanmerking neemt van wie het persoonsgebonden nummer tezamen met de in artikel 164a, tweede lid, van de wet bedoelde gegevens uiterlijk op 1 december van het jaar voorafgaande aan het bekostigingsjaar zijn opgenomen in het basisregister onderwijs overeenkomstig artikel 164b van de wet, dan wel de leerlingen van wie opgave is gedaan aan Onze Minister overeenkomstig artikel 58a, vierde lid. De bedragen hebben betrekking op een schooljaar. +**1.** Onze Minister stelt jaarlijks uiterlijk op 15 april, de bekostigingsbedragen, bedoeld in artikel 131, eerste en derde lid, van de wet vast voor zover deze bedragen mede gebaseerd zijn op het aantal leerlingen op de teldatum, met dien verstande dat Onze Minister voor het bepalen van het aantal leerlingen op de teldatum, de leerlingen in aanmerking neemt van wie het persoonsgebonden nummer tezamen met de basisgegevens, bedoeld in artikel 8, eerste lid, onderdeel b, van de Wet register onderwijsdeelnemers uiterlijk op 1 december van het jaar voorafgaande aan het bekostigingsjaar zijn opgenomen in het register onderwijsdeelnemers overeenkomstig artikel 14 van die wet. De bedragen hebben betrekking op een schooljaar. **2.** Onze Minister stelt de bekostigingsbedragen, bedoeld in artikel 131, eerste lid, van de wet voorzover het betreft de bekostiging, bedoeld in artikel 38, vast binnen 8 weken na ontvangst van de gegevens ten behoeve van de berekening van deze bekostiging. @@ -465,7 +465,7 @@ Vervallen ### Artikel 41 -**1.** Voor de aanvullende bekostiging voor personeelskosten ten behoeve van de bestrijding van onderwijsachterstanden voor scholen, niet zijnde instellingen, met een aantal leerlingen met een niet-Nederlandse culturele achtergrond op de teldatum boven het aantal van 4, wordt per leerling boven het aantal van 4 een basisbedrag toegekend, welk bedrag wordt verhoogd met een leeftijdsbedrag dat wordt vermenigvuldigd met de gewogen gemiddelde leeftijd van de leraren van de school op 1 oktober van het voorafgaande schooljaar. +**1.** Voor de aanvullende bekostiging voor personeelskosten ten behoeve van de bestrijding van onderwijsachterstanden voor scholen, niet zijnde instellingen, met een aantal leerlingen met een niet-Nederlandse culturele achtergrond op de teldatum boven het aantal van 4, wordt per leerling boven het aantal van 4 een basisbedrag toegekend, welk bedrag wordt verhoogd met een leeftijdsbedrag dat wordt vermenigvuldigd met de gewogen gemiddelde leeftijd van de leraren van de school op 1 oktober van het voorafgaande schooljaar. **2.** Voor de berekening van het basisbedrag, bedoeld in het eerste lid, en het leeftijdsbedrag, bedoeld in het eerste lid, bedraagt de formatie per leerling 0,0385 formatieplaats. @@ -487,7 +487,7 @@ Onze Minister verstrekt volgens bij ministeriële regeling te stellen regels per **2.** Het bedrag dat is bestemd voor personeelskosten kan met maximaal twee procent per jaar stijgen ten opzichte van het meest recent vastgestelde subsidiebedrag dat is bestemd voor personeelskosten. -**3.** Het tweede lid vervalt met ingang van 31 december 2025. +**3.** Het tweede lid vervalt met ingang van 31 december 2025. **4.** Voor het berekenen van de hoogte van het subsidiebedrag wordt uitgegaan van ten hoogste veertig uren per schooljaar door leerlingen te ontvangen godsdienstonderwijs of levensbeschouwelijk vormingsonderwijs. @@ -543,11 +543,11 @@ c. voor zover het een niet door een gemeente in stand gehouden school betreft, d ### Artikel 46 -**1.** De geschillencommissie, bedoeld in artikel 44 van de wet, bestaat uit ten minste 7 leden met verschillende deskundigheden. De leden worden benoemd op gezamenlijke bindende voordracht van de landelijke ouderorganisaties, de landelijke patiënten- en gehandicaptenorganisaties en de sectororganisaties. +**1.** De geschillencommissie, bedoeld in artikel 44 van de wet, bestaat uit ten minste 7 leden met verschillende deskundigheden. De leden worden benoemd op gezamenlijke bindende voordracht van de landelijke ouderorganisaties, de landelijke patiënten- en gehandicaptenorganisaties en de sectororganisaties. **2.** De leden worden benoemd en ontslagen door Onze Minister. -**3.** De leden worden benoemd voor een periode van 4 jaar en kunnen ten hoogste 2 maal worden herbenoemd. +**3.** De leden worden benoemd voor een periode van 4 jaar en kunnen ten hoogste 2 maal worden herbenoemd. **4.** De commissie is zodanig samengesteld dat zij beschikt over (ortho)pedagogische, psychologische, onderwijskundige, maatschappelijke, bestuurlijke, juridische en medische deskundigheid. Voor de behandeling van ieder ingediend geschil kiest de commissie uit haar leden één voorzitter en twee leden. De commissie bepaalt welke samenstelling bij de behandeling van het geschil het meest geschikt is. @@ -621,9 +621,9 @@ Met besluiten als bedoeld in artikel 23, tweede lid, worden Onze besluiten inzak **1.** -De overgangsbekostiging voor personele kosten, bedoeld in artikel XI, eerste en derde lid van de Wet van 11 oktober 2012 tot wijziging van enkele onderwijswetten in verband met een herziening van de organisatie en de financiering van de ondersteuning van leerlingen in het basisonderwijs, speciaal en voortgezet speciaal onderwijs, voortgezet onderwijs en beroepsonderwijs (Stb. 2012, 533) wordt berekend als volgt: +De overgangsbekostiging voor personele kosten, bedoeld in artikel XI, eerste en derde lid van de Wet van 11 oktober 2012 tot wijziging van enkele onderwijswetten in verband met een herziening van de organisatie en de financiering van de ondersteuning van leerlingen in het basisonderwijs, speciaal en voortgezet speciaal onderwijs, voortgezet onderwijs en beroepsonderwijs (Stb. 2012, 533) wordt berekend als volgt: -voor iedere leerling die op 1 oktober voorafgaande aan het jaar waarop de bekostiging betrekking heeft, was ingeschreven op een school als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs of de Wet op het voortgezet onderwijs, voor wie een leerlinggebonden budget beschikbaar was en aan wie de school blijkens de opgave van eerstbedoelde school ambulante begeleiding verleende, wordt een bedrag toegekend volgens onderstaande tabel. +voor iedere leerling die op 1 oktober voorafgaande aan het jaar waarop de bekostiging betrekking heeft, was ingeschreven op een school als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs of de Wet op het voortgezet onderwijs, voor wie een leerlinggebonden budget beschikbaar was en aan wie de school blijkens de opgave van eerstbedoelde school ambulante begeleiding verleende, wordt een bedrag toegekend volgens onderstaande tabel. | Toelaatbaar verklaard tot speciaal onderwijs aan/van: | Formatie indien leerling is ingeschreven op een basisschool/speciale school voor basisonderwijs | Bedrag indien leerling is ingeschreven op school voor voortgezet onderwijs prijspeil 1-8-2013 | | --- | --- | --- | @@ -635,9 +635,9 @@ voor iedere leerling die op 1 oktober voorafgaande aan het jaar waarop de bekost **2.** -De overgangsbekostiging voor materiële instandhouding, bedoeld in artikel XI, tweede en vierde lid van de Wet van 11 oktober 2012 tot wijziging van enkele onderwijswetten in verband met een herziening van de organisatie en de financiering van de ondersteuning van leerlingen in het basisonderwijs, speciaal en voortgezet speciaal onderwijs, voortgezet onderwijs en beroepsonderwijs (Stb. 2012, 533) wordt berekend als volgt: +De overgangsbekostiging voor materiële instandhouding, bedoeld in artikel XI, tweede en vierde lid van de Wet van 11 oktober 2012 tot wijziging van enkele onderwijswetten in verband met een herziening van de organisatie en de financiering van de ondersteuning van leerlingen in het basisonderwijs, speciaal en voortgezet speciaal onderwijs, voortgezet onderwijs en beroepsonderwijs (Stb. 2012, 533) wordt berekend als volgt: -voor iedere leerling die op 1 oktober voorafgaande aan het jaar waarop de bekostiging betrekking heeft was ingeschreven een school als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs of de Wet op het voortgezet onderwijs, voor wie een leerlinggebonden budget beschikbaar was en aan wie de school blijkens de opgave van eerstbedoelde school ambulante begeleiding verleende, wordt een bedrag toegekend volgens onderstaande tabel. +voor iedere leerling die op 1 oktober voorafgaande aan het jaar waarop de bekostiging betrekking heeft was ingeschreven een school als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs of de Wet op het voortgezet onderwijs, voor wie een leerlinggebonden budget beschikbaar was en aan wie de school blijkens de opgave van eerstbedoelde school ambulante begeleiding verleende, wordt een bedrag toegekend volgens onderstaande tabel. | Toelaatbaar verklaard tot speciaal onderwijs aan/van: | Formatie indien leerling is ingeschreven op een basisschool/speciale school voor basisonderwijs (prijspeil 1-8-2013) | Bedrag indien leerling is ingeschreven op school voor voortgezet onderwijs (prijspeil 1-8-2013) | | --- | --- | --- | @@ -651,7 +651,7 @@ voor iedere leerling die op 1 oktober voorafgaande aan het jaar waarop de bekost **1.** -Indien de bevoegde gezagsorganen van de onderstaande scholen of vestigingen van scholen besluiten die scholen en vestigingen om te zetten in een instelling al dan niet bestaande uit verschillende nevenvestigingen, komen die instelling en nevenvestiging met ingang van 1 augustus 2015 voor bekostiging in aanmerking: +Indien de bevoegde gezagsorganen van de onderstaande scholen of vestigingen van scholen besluiten die scholen en vestigingen om te zetten in een instelling al dan niet bestaande uit verschillende nevenvestigingen, komen die instelling en nevenvestiging met ingang van 1 augustus 2015 voor bekostiging in aanmerking: Auris Prof. Groenschool te Amersfoort @@ -695,7 +695,7 @@ Prof. Van Gilseschool nevenvestiging Hoofddorp te Hoofddorp. **2.** -Indien de bevoegde gezagsorganen van de onderstaande scholen of vestigingen van scholen besluiten die scholen en vestigingen om te zetten in een instelling al dan niet bestaande uit verschillende nevenvestigingen, komen die instelling en nevenvestiging met ingang van 1 augustus 2015 voor bekostiging in aanmerking: +Indien de bevoegde gezagsorganen van de onderstaande scholen of vestigingen van scholen besluiten die scholen en vestigingen om te zetten in een instelling al dan niet bestaande uit verschillende nevenvestigingen, komen die instelling en nevenvestiging met ingang van 1 augustus 2015 voor bekostiging in aanmerking: School De Voorde te Zoetermeer @@ -761,7 +761,7 @@ Kentalis Enkschool nevenvestiging te Zwolle. **3.** -Indien de bevoegde gezagsorganen van de onderstaande scholen of vestigingen van scholen besluiten die scholen en vestigingen om te zetten in een instelling al dan niet bestaande uit verschillende nevenvestigingen, komen die instelling en nevenvestiging met ingang van 1 augustus 2015 voor bekostiging in aanmerking: +Indien de bevoegde gezagsorganen van de onderstaande scholen of vestigingen van scholen besluiten die scholen en vestigingen om te zetten in een instelling al dan niet bestaande uit verschillende nevenvestigingen, komen die instelling en nevenvestiging met ingang van 1 augustus 2015 voor bekostiging in aanmerking: School De Beemden te Eindhoven @@ -781,7 +781,7 @@ Mgr. Hanssenschool nevenvestiging te Roermond. **4.** -Indien de bevoegde gezagsorganen van de onderstaande scholen of vestigingen van scholen besluiten die scholen en vestigingen om te zetten in een instelling al dan niet bestaande uit verschillende nevenvestigingen, komen die instelling en nevenvestiging met ingang van 1 augustus 2015 voor bekostiging in aanmerking: +Indien de bevoegde gezagsorganen van de onderstaande scholen of vestigingen van scholen besluiten die scholen en vestigingen om te zetten in een instelling al dan niet bestaande uit verschillende nevenvestigingen, komen die instelling en nevenvestiging met ingang van 1 augustus 2015 voor bekostiging in aanmerking: Prof. Huizingschool te Enschede @@ -789,7 +789,7 @@ Het Maatman te Enschede. **5.** -Indien de bevoegde gezagsorganen van de onderstaande scholen of vestigingen van scholen besluiten die scholen en vestigingen om te zetten in een instelling al dan niet bestaande uit verschillende nevenvestigingen, komen die instelling en nevenvestiging met ingang van 1 augustus 2015 voor bekostiging in aanmerking: +Indien de bevoegde gezagsorganen van de onderstaande scholen of vestigingen van scholen besluiten die scholen en vestigingen om te zetten in een instelling al dan niet bestaande uit verschillende nevenvestigingen, komen die instelling en nevenvestiging met ingang van 1 augustus 2015 voor bekostiging in aanmerking: Alexander Roozendaalschool te Amsterdam @@ -811,15 +811,15 @@ Burgemeester de Wildeschool nevenvestiging Zwaag ### Artikel 58b -**1.** Het samenwerkingsverband, bedoeld in artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs en artikel 1 van de Wet op het voortgezet onderwijs is gehouden om, wanneer een bevoegd gezag of een personeelsorganisatie daarom verzoekt, met dat bevoegd gezag en de personeelsorganisaties een op overeenstemming gericht overleg te voeren over het personeel dat in het derde schooljaar waarin artikel 70a van de Wet op het primair onderwijs is vervallen, nog niet zal zijn herplaatst en dat niet als gevolg van natuurlijk verloop zal zijn uitgestroomd op of voor 1 augustus 2016. +**1.** Het samenwerkingsverband, bedoeld in artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs en artikel 1 van de Wet op het voortgezet onderwijs is gehouden om, wanneer een bevoegd gezag of een personeelsorganisatie daarom verzoekt, met dat bevoegd gezag en de personeelsorganisaties een op overeenstemming gericht overleg te voeren over het personeel dat in het derde schooljaar waarin artikel 70a van de Wet op het primair onderwijs is vervallen, nog niet zal zijn herplaatst en dat niet als gevolg van natuurlijk verloop zal zijn uitgestroomd op of voor 1 augustus 2016. **2.** Een bevoegd gezag als bedoeld in het eerste lid is het bevoegd gezag van een school als bedoeld in de Wet op de expertisecentra of een centrale dienst, waar het personeel in het schooljaar 2014–2015 in dienst is. -**3.** Het personeel, bedoeld in het eerste lid, is het personeel dat op 1 mei 2012 als ambulant begeleider in dienst was bij een school niet zijnde een instelling als bedoeld in de wet, een regionaal expertisecentrum als bedoeld in de wet of een centrale dienst. +**3.** Het personeel, bedoeld in het eerste lid, is het personeel dat op 1 mei 2012 als ambulant begeleider in dienst was bij een school niet zijnde een instelling als bedoeld in de wet, een regionaal expertisecentrum als bedoeld in de wet of een centrale dienst. -**4.** Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van personeel, niet zijnde ambulant begeleiders, dat op 1 mei 2012 is dienst was bij een samenwerkingsverband, een centrale dienst of een regionaal expertisecentrum en dat in het eerste schooljaar waarin artikel 70a van de Wet op het primair onderwijs is vervallen, niet kan worden herplaatst. +**4.** Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van personeel, niet zijnde ambulant begeleiders, dat op 1 mei 2012 is dienst was bij een samenwerkingsverband, een centrale dienst of een regionaal expertisecentrum en dat in het eerste schooljaar waarin artikel 70a van de Wet op het primair onderwijs is vervallen, niet kan worden herplaatst. -**5.** Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op de rechtspersoon, bedoeld in artikel 170 van de wet voor zover het personeel, bedoeld in het derde of vierde lid, betreft dat in verband met de opheffing van regionale expertisecentra en de beëindiging van de ondersteuningswerkzaamheden bij de samenwerkingsverbanden zoals die bestonden voor 1 augustus 2013, een werkloosheidsuitkering ontvangt. +**5.** Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op de rechtspersoon, bedoeld in artikel 170 van de wet voor zover het personeel, bedoeld in het derde of vierde lid, betreft dat in verband met de opheffing van regionale expertisecentra en de beëindiging van de ondersteuningswerkzaamheden bij de samenwerkingsverbanden zoals die bestonden voor 1 augustus 2013, een werkloosheidsuitkering ontvangt. ### Artikel 59