2006-12-13 | BWBR0002402 | Kernenergiewet

This commit is contained in:
Coornhert 2006-12-13 12:00:00 +00:00
parent 8ee8067221
commit 1979b5d62c

View file

@ -310,7 +310,7 @@ c. voor medische toepassingen, indien naar het oordeel van Onze Ministers van Vo
### Artikel 30
Onze Ministers van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer zijn, in overeenstemming met Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport indien het medische stralingstoepassingen betreft, met Onze Minister van Economische Zaken indien het toepassingen betreft in het kader van activiteiten in de zin van de Mijnwet 1903 of de Mijnwet continentaal plat, met Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit indien het lozing in oppervlaktewater of lozing in lucht betreft, en met Onze Minister van Verkeer en Waterstaat indien het het vervoer van radioactieve stoffen of lozing in oppervlaktewater betreft, bevoegd te beslissen op de aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 29, eerste lid.
Onze Ministers van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer zijn, in overeenstemming met Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport indien het medische stralingstoepassingen betreft, met Onze Minister van Economische Zaken indien het toepassingen betreft in het kader van activiteiten in de zin van de Mijnbouwwet, met Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit indien het lozing in oppervlaktewater of lozing in lucht betreft, en met Onze Minister van Verkeer en Waterstaat indien het het vervoer van radioactieve stoffen of lozing in oppervlaktewater betreft, bevoegd te beslissen op de aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 29, eerste lid.
### Artikel 31
@ -343,7 +343,7 @@ c. regelen, welke voorwaarden inhouden, waaraan vervoermiddelen, waarmede bij de
Ten aanzien van het bepaalde in het vierde lid, zijn de artikelen 8.40, tweede lid, 8.41, tweede, derde en vierde lid, en 8.42 van de Wet milieubeheer van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat met betrekking tot de toepassing van artikel 8.41, derde lid, van die wet onder «Onze Minister» wordt verstaan: Onze Ministers van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, en:
a. indien de in dat artikellid bedoelde nadere regels betrekking hebben op medische stralingstoepassingen, Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
b. indien de in dat artikellid bedoelde nadere regels betrekking hebben op toepassingen met radioactieve stoffen of toestellen in het kader van activiteiten in de zin van de Mijnwet 1903 of de Mijnwet continentaal plat, Onze Minister van Economische Zaken;
b. indien de in dat artikellid bedoelde nadere regels betrekking hebben op toepassingen met radioactieve stoffen of toestellen in het kader van activiteiten in de zin van de Mijnbouwwet, Onze Minister van Economische Zaken;
c. indien de in dat artikellid bedoelde nadere regels betrekking hebben op het vervoer van radioactieve stoffen of lozing in oppervlaktewater, Onze Minister van Verkeer en Waterstaat;
d. indien de in dat artikellid bedoelde nadere regels betrekking hebben op lozing in oppervlaktewater of lozing in lucht, Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit.
@ -396,7 +396,7 @@ f. regelen, welke de verplichting inhouden tot melding van het gebruik van bij d
### Artikel 35
De voordracht tot vaststelling, wijziging of intrekking van een algemene maatregel van bestuur krachtens dit hoofdstuk wordt Ons gedaan door Onze Ministers van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer en van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Indien de maatregel betrekking heeft op medische stralingstoepassingen, wordt de voordracht mede door Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport gedaan. Indien de maatregel betrekking heeft op toepassingen met radioactieve stoffen of toestellen in het kader van activiteiten in de zin van de Mijnwet 1903 of de Mijnwet continentaal plat, wordt de voordracht mede door Onze Minister van Economische Zaken gedaan. Indien de maatregel betrekking heeft op lozing in oppervlaktewater of lozing in lucht, wordt de voordracht mede door Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit gedaan. Indien de maatregel betrekking heeft op het vervoer van radioactieve stoffen of lozing in oppervlaktewater, wordt de voordracht mede door Onze Minister van Verkeer en Waterstaat gedaan.
De voordracht tot vaststelling, wijziging of intrekking van een algemene maatregel van bestuur krachtens dit hoofdstuk wordt Ons gedaan door Onze Ministers van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer en van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Indien de maatregel betrekking heeft op medische stralingstoepassingen, wordt de voordracht mede door Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport gedaan. Indien de maatregel betrekking heeft op toepassingen met radioactieve stoffen of toestellen in het kader van activiteiten in de zin van de Mijnbouwwet, wordt de voordracht mede door Onze Minister van Economische Zaken gedaan. Indien de maatregel betrekking heeft op lozing in oppervlaktewater of lozing in lucht, wordt de voordracht mede door Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit gedaan. Indien de maatregel betrekking heeft op het vervoer van radioactieve stoffen of lozing in oppervlaktewater, wordt de voordracht mede door Onze Minister van Verkeer en Waterstaat gedaan.
## Hoofdstuk V. Maatregelen met betrekking tot werkzaamheden of verblijf in ruimten