From 1afaa8e2594ca70fe744bd98d2e3335fb5b04da8 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Tue, 1 Jul 2008 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2008-07-01 | BWBR0009642 | Planwet verkeer en vervoer --- wet/planwet-verkeer-en-vervoer/BWBR0009642/README.md | 8 ++++---- 1 file changed, 4 insertions(+), 4 deletions(-) diff --git a/wet/planwet-verkeer-en-vervoer/BWBR0009642/README.md b/wet/planwet-verkeer-en-vervoer/BWBR0009642/README.md index eff430e5069..16136a4a42b 100644 --- a/wet/planwet-verkeer-en-vervoer/BWBR0009642/README.md +++ b/wet/planwet-verkeer-en-vervoer/BWBR0009642/README.md @@ -28,9 +28,9 @@ essentiƫle onderdelen van het provinciale verkeers- en vervoerplan: provinciale ### Artikel 2 -**1.** Er is een nationaal verkeers- en vervoerplan, dat richting geeft aan de te nemen beslissingen inzake verkeer en vervoer. Het plan is een plan als bedoeld in artikel 2a van de Wet op de Ruimtelijke Ordening. +**1.** Er is een nationaal verkeers- en vervoerplan, dat richting geeft aan de te nemen beslissingen inzake verkeer en vervoer. Voor zover een nationaal verkeers- en vervoersplan het karakter heeft van een structuurvisie, wordt dit in het plan bepaald en is artikel 2.3 van de Wet ruimtelijke ordening hierop van toepassing. -**2.** Het nationale verkeers- en vervoerplan wordt voorbereid door Onze Minister, die daartoe in overleg treedt met gedeputeerde staten en de colleges van burgemeester en wethouders. Na afloop van dit overleg doen Onze Ministers aan de Staten-Generaal mededeling van het voornemen tot voorbereiding van het nationale verkeers- en vervoerplan als bedoeld in artikel 2a, eerste lid, vierde volzin, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening. +**2.** Het nationale verkeers- en vervoerplan wordt voorbereid door Onze Minister, die daartoe in overleg treedt met gedeputeerde staten en de colleges van burgemeester en wethouders. ### Artikel 3 @@ -74,7 +74,7 @@ e. de termijn waarbinnen het gemeentelijk beleid in overeenstemming moet zijn ge **4.** Voor afloop van de in het derde lid, onder d, bedoelde termijn stellen provinciale staten een nieuw provinciaal verkeers- en vervoerplan vast. -**5.** In het plan geven provinciale staten in ieder geval aan, in hoeverre het voorgenomen beleid leidt tot aanpassing van het provinciale ruimtelijke beleid of het provinciale milieubeleid en in hoeverre en binnen welke termijn zij voornemens zijn een of meer geldende streekplannen als bedoeld in artikel 4a, eerste lid, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening, het geldende provinciale milieubeleidsplan, bedoeld in artikel 4.9, eerste lid, van de Wet milieubeheer, of het geldende provinciale plan voor de waterhuishouding, bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de Wet op de waterhuishouding, te herzien. +**5.** In het plan geven provinciale staten in ieder geval aan, in hoeverre het voorgenomen beleid leidt tot aanpassing van het provinciale ruimtelijke beleid of het provinciale milieubeleid en in hoeverre en binnen welke termijn zij voornemens zijn een of meer geldende structuurvisies als bedoeld in artikel 2.2 van de Wet ruimtelijke ordening, het geldende provinciale milieubeleidsplan, bedoeld in artikel 4.9, eerste lid, van de Wet milieubeheer, of het geldende provinciale plan voor de waterhuishouding, bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de Wet op de waterhuishouding, te herzien. ### Artikel 6 @@ -115,7 +115,7 @@ d. de termijn waarvoor het plan geldt. **2.** Op de voorbereiding van het gemeentelijk verkeers- en vervoerplan is afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing. -**3.** Voor zover het gemeentelijk verkeers- en vervoerbeleid gevolgen heeft voor het ruimtelijk beleid, geeft de gemeenteraad onderscheidenlijk het college van burgemeester en wethouders in ieder geval aan binnen welke termijn de daarvoor aangewezen procedures op basis van de Wet op de Ruimtelijke Ordening in gang gezet worden. +**3.** Voor zover het gemeentelijk verkeers- en vervoerbeleid gevolgen heeft voor het ruimtelijk beleid, geeft de gemeenteraad onderscheidenlijk het college van burgemeester en wethouders in ieder geval aan binnen welke termijn de daarvoor aangewezen procedures op basis van de Wet ruimtelijke ordening in gang gezet worden. ### Artikel 11