2005-08-01 | BWBR0015137 | Besluit RVC's, regionaal zorgbudget en praktijkscholen met declaratiebekostiging
This commit is contained in:
parent
2f7546f634
commit
1beaf9b730
1 changed files with 45 additions and 7 deletions
|
|
@ -48,7 +48,7 @@ In dit besluit wordt verstaan onder:
|
|||
|
||||
### Artikel 3
|
||||
|
||||
**1.** Het bevoegd gezag dient de aanvraag voor indicatiestelling in bij de regionale verwijzingscommissie die werkzaam is voor het samenwerkingsverband waarvan de school deel uitmaakt.
|
||||
**1.** Het bevoegd gezag dient de aanvraag voor indicatiestelling voor een leerling die rechtstreeks afkomstig is van een school of instelling als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs of de Wet op de expertisecentra of van het eerste leerjaar van een school voor voortgezet onderwijs in bij de regionale verwijzingscommissie die werkzaam is voor het samenwerkingsverband waarvan de school deel uitmaakt.
|
||||
|
||||
**2.** Het bevoegd gezag maakt bij de aanvraag gebruik van een door de regionale verwijzingscommissie ter beschikking gesteld aanmeldingsformulier en voegt bij de aanvraag een leerling-dossier.
|
||||
|
||||
|
|
@ -64,7 +64,7 @@ In dit besluit wordt verstaan onder:
|
|||
|
||||
**8.** Voor het afgeven van een beschikking omtrent de indicatiestelling wordt het leerling-dossier beoordeeld door ten minste drie leden van de regionale verwijzingscommissie.
|
||||
|
||||
**9.** Het bevoegd gezag verstrekt onverwijld een afschrift van de beschikking, bedoeld in artikel 10e, vierde lid, eerste volzin, en vijfde lid, eerste volzin, en artikel 10g, tweede lid, eerste volzin, en vijfde lid, tweede volzin, van de wet en het advies, bedoeld in artikel 10e, vierde lid, derde volzin, juncto artikel 10g, vijfde lid, eerste volzin, alsmede een mondelinge toelichting op de beschikking en het advies aan de ouders van de leerling.
|
||||
**9.** Het bevoegd gezag verstrekt onverwijld een afschrift van de beschikking, bedoeld in artikel 10e, vierde lid, eerste volzin, en vijfde lid, eerste volzin, en artikel 10g, tweede lid, eerste volzin, en zevende lid, tweede volzin, van de wet en het advies, bedoeld in artikel 10e, vierde lid, derde volzin, juncto artikel 10g, zevende lid, eerste volzin, van de wet, alsmede een mondelinge toelichting op de beschikking en het advies aan de ouders van de leerling.
|
||||
|
||||
**10.** De regionale verwijzingscommissie zendt nadat de beschikking op de aanvraag is gegeven en aan de informatieplicht jegens de inspectie van het onderwijs is voldaan, alle bescheiden die zij ten behoeve van de uitoefening van haar taak heeft ontvangen terug aan het desbetreffende bevoegd gezag.
|
||||
|
||||
|
|
@ -72,7 +72,7 @@ In dit besluit wordt verstaan onder:
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Een regionale verwijzingscommissie baseert per aanvraag de beschikking over de indicatiestelling uitsluitend op:
|
||||
Een regionale verwijzingscommissie baseert per aanvraag als bedoeld in artikel 3 de beschikking over de indicatiestelling uitsluitend op:
|
||||
|
||||
a. de door het bevoegd gezag gegeven motivering die gebaseerd is op ervaringen met de leerling in het onderwijsleerproces, zoals die onder meer blijken uit het onderwijskundig rapport, bedoeld in artikel 10e, vierde lid, en 10g, tweede lid, van de wet,
|
||||
b. de leerachterstand van de leerling,
|
||||
|
|
@ -101,6 +101,46 @@ b. 1° een intelligentiequotiënt heeft binnen de bandbreedte 91 tot en met 120,
|
|||
|
||||
**5.** Voor een leerling die wat intelligentiequotiënt of leerachterstand betreft, voldoet aan de vereisten voor indicatiestelling voor praktijkonderwijs en die wat de overige vereisten betreft voldoet aan de vereisten voor indicatiestelling voor leerwegondersteunend onderwijs, kan een beschikking omtrent indicatiestelling voor praktijkonderwijs of voor leerwegondersteunend onderwijs worden afgegeven, afhankelijk van de door het bevoegd gezag gegeven motivering, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a.
|
||||
|
||||
### Artikel 4a
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 10g, vijfde lid, van de wet kan het bevoegd gezag van een school voor praktijkonderwijs of van een school met een afdeling voor praktijkonderwijs een aanvraag tot indicatiestelling bij een regionale verwijzingscommissie indienen voor een leerling voor wie naar het oordeel van dat bevoegd gezag het zorg- en onderwijsaanbod van het praktijkonderwijs het beste aansluit bij de behoeften van deze leerling en die:
|
||||
|
||||
a. het voorbereidend beroepsonderwijs of het middelbaar algemeen voortgezet onderwijs bezoekt en op leerwegondersteunend onderwijs is aangewezen, met:
|
||||
|
||||
1°. scores op de criteria, bedoeld in artikel 4, in het grensvlak van het leerwegondersteunend onderwijs en praktijkonderwijs,
|
||||
2°. naar het oordeel van het bevoegd gezag een toegenomen problematiek nadat de beslissing is genomen dat de leerling op leerwegondersteunend onderwijs is aangewezen, of
|
||||
3°. naar het oordeel van het bevoegd gezag een stapeling van andersoortige problematiek dan wordt beoordeeld in het onderzoek of de leerling is aangewezen op leerwegondersteunend onderwijs of praktijkonderwijs, dan wel
|
||||
b. beschikt over een positieve indicatie van de commissie voor de indicatiestelling, bedoeld in artikel 28c van de Wet op de expertisecentra, voor toelating tot het speciaal onderwijs of voortgezet speciaal onderwijs dan wel leerlinggebonden financiering en die:
|
||||
|
||||
1°. voldoet aan het intelligentiequotiëntcriterium of leerachterstandscriterium voor toelating tot het praktijkonderwijs, bedoeld in artikel 4, derde lid, blijkens gegevens die gebaseerd zijn op screenings- of testinstrumenten als bedoeld in artikel 3, vierde lid, of
|
||||
2°. naar het oordeel van het bevoegd gezag, ongeacht een dergelijk intelligentiequotiënt of een dergelijke leerachterstand, een zodanige problematiek heeft dat indicatiestelling voor praktijkonderwijs geboden is.
|
||||
|
||||
**2.** Het bevoegd gezag dient een aanvraag tot indicatiestelling voor praktijkonderwijs voor een leerling als bedoeld in het eerste lid in bij de regionale verwijzingscommissie.
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
De regionale verwijzingscommissie baseert de beschikking over de indicatiestelling uitsluitend op de volgende, bij de aanvraag gevoegde, gegevens:
|
||||
|
||||
a. een kopie van de beslissing dat de leerling is aangewezen op leerwegondersteunend onderwijs, of een kopie van de positieve indicatie van de commissie voor de indicatiestelling, bedoeld in artikel 28c van de Wet op de expertisecentra,
|
||||
b. de op schrift gestelde zienswijze en instemming van de ouders,
|
||||
c. een advies van de permanente commissie leerlingenzorg van het samenwerkingsverband waar de verwijzende school voor voorbereidend beroepsonderwijs of voor middelbaar algemeen voortgezet onderwijs aan deelneemt, of van het samenwerkingsverband van de school of afdeling voor praktijkonderwijs voor leerlingen die niet afkomstig zijn van het voorbereidend beroepsonderwijs of als middelbaar algemeen voortgezet onderwijs,
|
||||
d. een motivering waaruit blijkt dat de leerling behoort tot een doelgroep bedoeld in het eerste lid, en
|
||||
e. een leerlingdossier.
|
||||
|
||||
**4.**
|
||||
|
||||
Het leerlingdossier bevat in elk geval:
|
||||
|
||||
1°. het handelingsplan of de onderwijskundige rapportage over de leerling,
|
||||
2°. een beschrijving van de activiteiten van het verwijzende bevoegd gezag in het kader van de begeleiding van de leerling, en van de resultaten van die activiteiten,
|
||||
3°. een document dat aangeeft welke externe deskundigen voor advies of hulp zijn ingeschakeld bij de begeleiding van de leerling,
|
||||
4°. een beschrijving van de risico’s die zich naar verwachting zullen voordoen indien de leerling voorbereidend beroepsonderwijs, middelbaar algemeen voortgezet onderwijs, speciaal onderwijs of voortgezet speciaal onderwijs blijft volgen, en
|
||||
5°. mogelijk relevante test- en toetsgegevens.
|
||||
|
||||
**5.** Artikel 3, derde, vijfde, zesde, zevende, negende en tiende lid, is van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 5
|
||||
|
||||
**1.** Voor de werkzaamheden van een regionale verwijzingscommissie verstrekt Onze Minister een subsidie bestaande uit een vast bedrag per regionale verwijzingscommissie en een bedrag dat wordt berekend aan de hand van het aantal leerlingen. Het vaste bedrag en het bedrag per leerling worden jaarlijks bij ministeriële regeling vastgesteld.
|
||||
|
|
@ -494,15 +534,13 @@ b. indien een bevoegd gezag waarvoor geen diensten meer worden verricht, in het
|
|||
|
||||
### Artikel 34
|
||||
|
||||
**1.** Het bevoegd gezag van een school besteedt de door het Rijk verstrekte bekostiging, voor zover het niet betreft de bekostiging bedoeld in het tweede lid, ten behoeve van die school met inachtneming van het bepaalde in artikel 35.
|
||||
**1.** Het bevoegd gezag van een school besteedt de door het Rijk verstrekte bekostiging, voor zover het niet betreft de bekostiging bedoeld in het tweede lid, ten behoeve van die school.
|
||||
|
||||
**2.** Het bevoegd gezag van een school besteedt de door het Rijk verstrekte bekostiging, bedoeld in de artikelen 27 en 28, ten behoeve van de scholen van dat bevoegd gezag. Onder scholen als bedoeld in de vorige volzin, worden verstaan scholen in de zin van deze wet, de Wet op het primair onderwijs en de Wet op de expertisecentra.
|
||||
|
||||
### Artikel 35
|
||||
|
||||
**1.** De bekostiging, bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel a, wordt besteed aan de kosten van het personeel dat is aangesteld ten laste van het formatiebudget.
|
||||
|
||||
**2.** De bekostiging, bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel b, wordt besteed aan personele uitgaven.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Titel 4. Overige bepalingen
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue