From 1ef69c1ae71121e96be40956b3e0358e5f6d32a7 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Sun, 1 Jan 2017 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2017-01-01 | BWBR0008365 | Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren --- .../BWBR0008365/README.md | 159 +++++++++--------- 1 file changed, 76 insertions(+), 83 deletions(-) diff --git a/wet/wet-rechtspositie-rechterlijke-ambtenaren/BWBR0008365/README.md b/wet/wet-rechtspositie-rechterlijke-ambtenaren/BWBR0008365/README.md index 852ba0d02f1..b1da1b313f7 100644 --- a/wet/wet-rechtspositie-rechterlijke-ambtenaren/BWBR0008365/README.md +++ b/wet/wet-rechtspositie-rechterlijke-ambtenaren/BWBR0008365/README.md @@ -20,38 +20,35 @@ In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. Onze Minister: Onze Minister van Veiligheid en Justitie; b. rechterlijke ambtenaren: de rechterlijke ambtenaren, bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de Wet op de rechterlijke organisatie; -c. salaris: het bedrag waarop de rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding in verband met het vervullen van een ambt, met inachtneming van het bij of krachtens de artikelen 7, 9, eerste en derde lid, en 13 tot en met 16 van deze wet bepaalde, aanspraak heeft; -d. bezoldiging: het salaris van de rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding, vermeerderd met een periodieke schadeloosstelling of geldelijke tegemoetkoming als bedoeld in artikel 46 van deze wet, en met de toelagen, die in de op deze wet berustende regelgeving zijn aangewezen als tot de bezoldiging behorende toelagen, waarop hij aanspraak heeft; -e. ambt: de door de rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding te vervullen functie; -f. rector: degene die krachtens artikel 145 van de Wet op de rechterlijke organisatie als rector van de opleiding van de rechterlijke ambtenaren in opleiding is aangewezen; -g. burgerlijke rijksambtenaren: degenen die door het Rijk zijn aangesteld om in burgerlijke openbare dienst werkzaam te zijn; -h. rechterlijke ambtenaren in opleiding: de rechterlijke ambtenaren in opleiding, bedoeld in artikel 145 van de Wet op de rechterlijke organisatie. +c. salaris: het bedrag waarop de rechterlijk ambtenaar in verband met het vervullen van een ambt, met inachtneming van het bij of krachtens de artikelen 7, 9, eerste en derde lid, en 13 tot en met 16 van deze wet bepaalde, aanspraak heeft; +d. bezoldiging: het salaris van de rechterlijk ambtenaar, vermeerderd met een periodieke schadeloosstelling of geldelijke tegemoetkoming als bedoeld in artikel 46 van deze wet, en met de toelagen, die in de op deze wet berustende regelgeving zijn aangewezen als tot de bezoldiging behorende toelagen, waarop hij aanspraak heeft; +e. ambt: de door de rechterlijk ambtenaar te vervullen functie; +f. burgerlijke rijksambtenaren: degenen die door het Rijk zijn aangesteld om in burgerlijke openbare dienst werkzaam te zijn. **2.** In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder functionele autoriteit: -a. ten aanzien van de rechterlijke ambtenaren die werkzaam zijn bij een rechtbank en de rechterlijke ambtenaren in opleiding, voorzover de opleiding wordt doorgebracht bij een rechtbank: het bestuur van die rechtbank; +a. ten aanzien van de rechterlijke ambtenaren die werkzaam zijn bij een rechtbank: het bestuur van die rechtbank; b. ten aanzien van de rechterlijke ambtenaren die werkzaam zijn bij een gerechtshof: het bestuur van dat gerechtshof; c. ten aanzien van de vice-presidenten van, de raadsheren in, de raadsheren in buitengewone dienst bij, de griffier en substituut-griffier van, en de gerechtsauditeurs bij de Hoge Raad: de president van de Hoge Raad; d. ten aanzien van de plaatsvervangend procureur-generaal, de advocaten-generaal, de advocaten-generaal in buitengewone dienst en de plaatsvervangende advocaten-generaal bij de Hoge Raad: de procureur-generaal bij de Hoge Raad; -e. ten aanzien van de rechterlijke ambtenaren die werkzaam zijn bij een arrondissementsparket, alsmede de rechterlijke ambtenaren in opleiding, voor zover de opleiding wordt doorgebracht bij een arrondissementsparket: het hoofd van dat arrondissementsparket; -f. ten aanzien van de rechterlijke ambtenaren die werkzaam zijn bij het landelijk parket, alsmede de rechterlijke ambtenaren in opleiding, voor zover de opleiding wordt doorgebracht bij het landelijk parket: het hoofd van het landelijk parket; -g. ten aanzien van de rechterlijke ambtenaren die werkzaam zijn bij het functioneel parket, alsmede de rechterlijke ambtenaren in opleiding, voor zover de opleiding wordt doorgebracht bij het functioneel parket: het hoofd van het functioneel parket; -h. ten aanzien van de rechterlijke ambtenaren die werkzaam zijn bij het parket centrale verwerking openbaar ministerie, alsmede de rechterlijke ambtenaren in opleiding, voor zover de opleiding wordt doorgebracht bij het parket centrale verwerking openbaar ministerie: het hoofd van het parket centrale verwerking openbaar ministerie; -i. ten aanzien van de rechterlijke ambtenaren die werkzaam zijn bij het ressortsparket, alsmede de rechterlijke ambtenaren in opleiding, voor zover de opleiding wordt doorgebracht bij het ressortsparket: het hoofd van het ressortsparket; +e. ten aanzien van de rechterlijke ambtenaren die werkzaam zijn bij een arrondissementsparket: het hoofd van dat arrondissementsparket; +f. ten aanzien van de rechterlijke ambtenaren die werkzaam zijn bij het landelijk parket: het hoofd van het landelijk parket; +g. ten aanzien van de rechterlijke ambtenaren die werkzaam zijn bij het functioneel parket: het hoofd van het functioneel parket; +h. ten aanzien van de rechterlijke ambtenaren die werkzaam zijn bij het parket centrale verwerking openbaar ministerie: het hoofd van het parket centrale verwerking openbaar ministerie; +i. ten aanzien van de rechterlijke ambtenaren die werkzaam zijn bij het ressortsparket: het hoofd van het ressortsparket; j. ten aanzien van de hoofden van de in de onderdelen e tot en met i bedoelde parketten en de rechterlijke ambtenaren die werkzaam zijn bij het parket-generaal: het College van procureurs-generaal; k. ten aanzien van de leden van het College van procureurs-generaal: Onze Minister. -l. ten aanzien van de rechterlijke ambtenaren in opleiding gedurende de buitenstage: de rector. + +### Artikel 1a + +Het in deze wet bepaalde ten aanzien van de leden van het College van procureurs-generaal is niet van toepassing op de procureur-generaal, bedoeld in artikel 130, vierde lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie. ## Hoofdstuk 1A. Benoeming, beëdiging, installatie en ambtskostuum ### Paragraaf 1A.1. Benoeming -### Artikel 1a - -Vervallen - ### Artikel 1b Vervallen @@ -102,7 +99,7 @@ Vervallen **7.** De benoeming in het ambt van griffier dan wel substituut-griffier van de Hoge Raad geschiedt bij koninklijk besluit op voordracht van Onze Minister. -**8.** De benoeming in het ambt van rechterlijk ambtenaar in opleiding geschiedt bij besluit van Onze Minister. +**8.** De benoeming in het ambt van rechter in opleiding en officier in opleiding geschiedt bij besluit van Onze Minister. ### Artikel 3 @@ -116,14 +113,14 @@ Tot rechterlijk ambtenaar kan alleen een Nederlander worden benoemd. **1.** -Tot rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding kan worden benoemd degene: +Tot rechterlijk ambtenaar kan worden benoemd degene: a. aan wie op grond van het met goed gevolg afleggen van een afsluitend examen van een opleiding in het wetenschappelijk onderwijs op het gebied van het recht door een universiteit dan wel de Open Universiteit als bedoeld in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, de graad Bachelor op het gebied van het recht en tevens de graad van Master op het gebied van het recht is verleend; b. die op grond van het met goed gevolg afleggen van het afsluitend examen van een opleiding op het gebied van het recht aan een universiteit dan wel de Open Universiteit als bedoeld in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, het recht om de titel meester te voeren heeft verkregen. **2.** Bij algemene maatregel van bestuur kunnen graden, verleend door een universiteit, de Open Universiteit of een hogeschool als bedoeld in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, of daaraan gelijkwaardige getuigschriften worden aangewezen die voor de toepasselijkheid van het eerste lid, onderdeel a, gelijk worden gesteld aan de in dat lid bedoelde graad Bachelor op het gebied van het recht. -**3.** Bij algemene maatregel van bestuur kunnen voorts nadere regels worden gesteld met betrekking tot de beroepsvereisten voor de rechterlijke ambtenaren, bedoeld in artikel 1, onderdeel b, onder 1° tot en met 7° en 9°, van de Wet op de rechterlijke organisatie, en de rechterlijke ambtenaren in opleiding. +**3.** Bij algemene maatregel van bestuur kunnen voorts nadere regels worden gesteld met betrekking tot de beroepsvereisten voor de rechterlijke ambtenaren, bedoeld in artikel 1, onderdeel b, onder 1° tot en met 7°, 9° en 10°, van de Wet op de rechterlijke organisatie. ### Artikel 5a @@ -133,9 +130,9 @@ b. die op grond van het met goed gevolg afleggen van het afsluitend examen van e ### Artikel 5b -**1.** In geval van benoeming van een rechterlijk ambtenaar in een bij een gerechtshof of rechtbank te vervullen ambt als bedoeld in artikel 2, eerste en zesde lid, wordt bij besluit van de Raad voor de rechtspraak, overeenkomstig de aanbeveling van het betrokken gerechtsbestuur, vastgesteld bij welk gerechtshof of welke rechtbank dat ambt door hem wordt vervuld. +**1.** In geval van benoeming van een rechterlijk ambtenaar in een bij een gerechtshof of rechtbank te vervullen ambt als bedoeld in artikel 2, eerste, zesde en achtste lid, wordt bij besluit van de Raad voor de rechtspraak, overeenkomstig de aanbeveling van het betrokken gerechtsbestuur, vastgesteld bij welk gerechtshof of welke rechtbank dat ambt door hem wordt vervuld. -**2.** In geval van benoeming van een rechterlijk ambtenaar in een bij een tot het openbaar ministerie behorend parket te vervullen ambt als bedoeld in artikel 2, tweede en derde lid, wordt bij besluit van Onze Minister vastgesteld bij welk parket dat ambt door hem wordt vervuld. De eerste volzin is niet van toepassing in geval van een benoeming in het ambt van procureur-generaal of landelijk hoofdadvocaat-generaal. +**2.** In geval van benoeming van een rechterlijk ambtenaar in een bij een tot het openbaar ministerie behorend parket te vervullen ambt als bedoeld in artikel 2, tweede, derde en achtste lid, wordt bij besluit van Onze Minister vastgesteld bij welk parket dat ambt door hem wordt vervuld. De eerste volzin is niet van toepassing in geval van een benoeming in het ambt van procureur-generaal of landelijk hoofdadvocaat-generaal. **3.** In geval van een benoeming van een rechterlijk ambtenaar in een bij een tot het openbaar ministerie behorend parket te vervullen ambt door het College van procureurs-generaal als bedoeld in artikel 2, vierde en vijfde lid, wordt bij besluit van het College van procureurs-generaal vastgesteld bij welk parket dat ambt door hem wordt vervuld. @@ -172,13 +169,13 @@ d. de in een benoemingsbesluit of een besluit tot vaststelling van het gerecht o ### Artikel 5f -**1.** Een rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding vervult het ambt waarin hij wordt benoemd op basis van een aanstelling voor een gemiddeld aantal uren per week. +**1.** Een rechterlijk ambtenaar vervult het ambt waarin hij wordt benoemd op basis van een aanstelling voor een gemiddeld aantal uren per week. **2.** In afwijking van het eerste lid worden raadsheren in buitengewone dienst, raadsheren-plaatsvervangers, rechters-plaatsvervangers, advocaten-generaal in buitengewone dienst, plaatsvervangende advocaten-generaal, plaatsvervangende officieren van justitie en plaatsvervangende officieren enkelvoudige zittingen niet aangesteld, maar kunnen zij voor het verrichten van werkzaamheden door de functionele autoriteit worden opgeroepen. **3.** Met uitzondering van raadsheren in buitengewone dienst van en advocaten-generaal in buitengewone dienst bij de Hoge Raad kunnen de in het tweede lid bedoelde rechterlijke ambtenaren hun ambt ook vervullen op basis van een aanwijzing voor een gemiddeld aantal uren per week. -**4.** Bij algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot de aanstelling van rechterlijke ambtenaren en rechterlijke ambtenaren in opleiding en de aanwijzing van rechterlijke ambtenaren. +**4.** Bij algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot de aanstelling van rechterlijke ambtenaren en de aanwijzing van rechterlijke ambtenaren. ### Artikel 5g @@ -195,21 +192,19 @@ b. de benoeming van een gerechtsauditeur, niet tevens zijnde raadsheer-plaatsver **4.** In afwijking van het eerste lid worden niet als zodanig beëdigd de plaatsvervangers van rechtswege alsmede de door het College van procureurs-generaal benoemde plaatsvervangers. -**5.** Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld met betrekking tot de beëdiging van rechterlijke ambtenaren in opleiding. - ## Hoofdstuk 3. Salaris en andere financiële arbeidsvoorwaarden ### Artikel 6 -Tenzij anders is bepaald, worden de in dit hoofdstuk genoemde bevoegdheden ten aanzien van een rechterlijk ambtenaar uitgeoefend door Onze Minister onderscheidenlijk, indien het een bij een gerechtshof of rechtbank werkzame rechterlijk ambtenaar betreft, het gerechtsbestuur, en ten aanzien van een rechterlijk ambtenaar in opleiding uitgeoefend door de Raad voor de rechtspraak. +Tenzij anders is bepaald, worden de in dit hoofdstuk genoemde bevoegdheden ten aanzien van een rechterlijk ambtenaar uitgeoefend door Onze Minister onderscheidenlijk, indien het een bij een gerechtshof of rechtbank werkzame rechterlijk ambtenaar betreft, het gerechtsbestuur. ### Artikel 7 -**1.** De rechterlijke ambtenaren en rechterlijke ambtenaren in opleiding die hun ambt op basis van een aanstelling vervullen, ontvangen een salaris. +**1.** De rechterlijke ambtenaren die hun ambt op basis van een aanstelling vervullen, ontvangen een salaris. **2.** -Voor de bepaling van hun salaris worden de rechterlijke ambtenaren en de rechterlijke ambtenaren in opleiding, bedoeld in het eerste lid, ingedeeld in de volgende categorieën: +Voor de bepaling van hun salaris worden de rechterlijke ambtenaren, bedoeld in het eerste lid, ingedeeld in de volgende categorieën: **categorie** 1: president van en procureur-generaal bij de Hoge Raad; @@ -229,13 +224,13 @@ Voor de bepaling van hun salaris worden de rechterlijke ambtenaren en de rechter **categorie** 9: rechter in een rechtbank; officier van justitie; +**categorie** 9a: rechter in opleiding; officier in opleiding; + **categorie** 10: griffier van de Hoge Raad; gerechtsauditeur, tevens raadsheer-plaatsvervanger in het gerechtshof waarbij hij is aangesteld; gerechtsauditeur, tevens rechter-plaatsvervanger in de rechtbank waarbij hij is aangesteld; substituut-officier van justitie; officier enkelvoudige zittingen; senior-gerechtsauditeur; -**categorie** 11: gerechtsauditeur; substituut-griffier van de Hoge Raad; +**categorie** 11: gerechtsauditeur; substituut-griffier van de Hoge Raad. -**categorie** 12: rechterlijk ambtenaar in opleiding. - -**3.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden de hoogten van de salarissen van de rechterlijke ambtenaren en de rechterlijke ambtenaren in opleiding, bedoeld in het eerste lid, overeenkomstig de indeling in het tweede lid vastgesteld. +**3.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden de hoogten van de salarissen van de rechterlijke ambtenaren bedoeld in het eerste lid, overeenkomstig de indeling in het tweede lid vastgesteld. ### Artikel 8 @@ -243,9 +238,9 @@ Vervallen ### Artikel 9 -**1.** De rechterlijke ambtenaren, bedoeld in artikel 5f, tweede en derde lid, die een ambt op basis van een aanwijzing vervullen en niet reeds uit anderen hoofde als rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding salaris genieten, ontvangen over de periode van hun aanwijzing een salaris overeenkomstig het bij en krachtens artikel 7 bepaalde. +**1.** De rechterlijke ambtenaren, bedoeld in artikel 5f, tweede en derde lid, die een ambt op basis van een aanwijzing vervullen en niet reeds uit anderen hoofde als rechterlijk ambtenaar salaris genieten, ontvangen over de periode van hun aanwijzing een salaris overeenkomstig het bij en krachtens artikel 7 bepaalde. -**2.** De rechterlijke ambtenaren, bedoeld in artikel 5f, tweede lid, die werkzaamheden verrichten na daartoe door de functionele autoriteit te zijn opgeroepen en niet reeds uit anderen hoofde als rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding salaris genieten, ontvangen een vergoeding volgens bij algemene maatregel van bestuur te stellen regels. +**2.** De rechterlijke ambtenaren, bedoeld in artikel 5f, tweede lid, die werkzaamheden verrichten na daartoe door de functionele autoriteit te zijn opgeroepen en niet reeds uit anderen hoofde als rechterlijk ambtenaar salaris genieten, ontvangen een vergoeding volgens bij algemene maatregel van bestuur te stellen regels. **3.** @@ -271,11 +266,11 @@ Vervallen ### Artikel 13 -**1.** Indien krachtens artikel 7, derde lid, voor het salaris van een rechterlijk ambtenaar of een rechterlijk ambtenaar in opleiding een schaal is vastgesteld, geniet deze bij de eerste benoeming met ingang van de datum van indiensttreding het als eerste in de schaal vermelde salaris en vervolgens telkens na één jaar het daarna in de schaal vermelde salaris. +**1.** Indien krachtens artikel 7, derde lid, voor het salaris van een rechterlijk ambtenaar een schaal is vastgesteld, geniet deze bij de eerste benoeming met ingang van de datum van indiensttreding het als eerste in de schaal vermelde salaris en vervolgens telkens na één jaar het daarna in de schaal vermelde salaris. **2.** Ten aanzien van een rechterlijk ambtenaar wiens eerste benoeming een ambt bij een gerechtshof of rechtbank betreft kan door het betrokken gerechtsbestuur van het eerste lid worden afgeweken. Indien het gerechtsbestuur voornemens is in deze zin te besluiten, stelt het de Raad voor de rechtspraak in de gelegenheid hierover advies uit te brengen. Heeft de Raad voor de rechtspraak advies uitgebracht, dan zendt het gerechtsbestuur een afschrift van het vervolgens genomen besluit aan de Raad voor de rechtspraak. -**3.** Ten aanzien van een rechterlijk ambtenaar, anders dan bedoeld in het tweede lid, onderscheidenlijk een rechterlijk ambtenaar in opleiding kan door Onze Minister onderscheidenlijk de Raad voor de rechtspraak van het eerste lid worden afgeweken, doch niet anders dan op voorstel van of na het inwinnen van advies bij de functionele autoriteit onderscheidenlijk de rector. +**3.** Ten aanzien van een rechterlijk ambtenaar, anders dan bedoeld in het tweede lid, kan door Onze Minister van het eerste lid worden afgeweken, doch niet anders dan op voorstel van of na het inwinnen van advies bij de functionele autoriteit. ### Artikel 14 @@ -283,7 +278,7 @@ Vervallen **2.** Ten aanzien van een rechterlijk ambtenaar wiens opvolgende benoeming een ambt bij een gerechtshof of rechtbank betreft kan door het betrokken gerechtsbestuur ten gunste van de rechterlijk ambtenaar worden afgeweken van het eerste lid, eerste volzin. Indien het gerechtsbestuur voornemens is in deze zin te besluiten, stelt het de Raad voor de rechtspraak in de gelegenheid hierover advies uit te brengen. Heeft de Raad advies uitgebracht, dan zendt het gerechtsbestuur een afschrift van het vervolgens genomen besluit aan de Raad. -**3.** Ten aanzien van een rechterlijk ambtenaar, anders dan bedoeld in het tweede lid, onderscheidenlijk een rechterlijk ambtenaar in opleiding kan door Onze minister onderscheidenlijk de Raad voor de rechtspraak van het eerste lid worden afgeweken, doch niet anders dan op voorstel van of na het inwinnen van advies bij de functionele autoriteit onderscheidenlijk de rector. +**3.** Ten aanzien van een rechterlijk ambtenaar, anders dan bedoeld in het tweede lid, kan door Onze Minister van het eerste lid worden afgeweken, doch niet anders dan op voorstel van of na het inwinnen van advies bij de functionele autoriteit. ### Artikel 15 @@ -305,7 +300,7 @@ Vervallen ### Artikel 17 -**1.** Het genot van het salaris vangt aan met ingang van de dag waarop de rechterlijk ambtenaar of de rechterlijk ambtenaar in opleiding in dienst treedt. +**1.** Het genot van het salaris vangt aan met ingang van de dag waarop de rechterlijk ambtenaar in dienst treedt. **2.** Bij overgang naar een andere functie binnen de rijksoverheid wordt, indien deze functie wordt aanvaard met ingang van een dag waarop het einde van de benoeming in het rechterlijke ambt nog niet is ingegaan, het salaris in dit ambt niet langer uitbetaald dan tot de dag waarop het genot van het salaris in de nieuwe functie aanvangt. @@ -315,21 +310,21 @@ Vervallen **5.** Indien het salaris moet worden berekend over een gedeelte van de kalendermaand, wordt het salaris per dag vastgesteld door het maandelijkse salaris te delen door het aantal dagen van de desbetreffende kalendermaand. -**6.** Het tweede, derde en vijfde lid zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de toelagen die ingevolge het bij of krachtens deze wet bepaalde tot de bezoldiging van de rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding behoren. +**6.** Het tweede, derde en vijfde lid zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de toelagen die ingevolge het bij of krachtens deze wet bepaalde tot de bezoldiging van de rechterlijk ambtenaar behoren. ### Artikel 18 -**1.** De bezoldiging van de rechterlijk ambtenaar of de rechterlijk ambtenaar in opleiding wordt niet langer uitbetaald dan tot en met de dag van overlijden. +**1.** De bezoldiging van de rechterlijk ambtenaar wordt niet langer uitbetaald dan tot en met de dag van overlijden. -**2.** Zo spoedig mogelijk na het overlijden wordt aan de weduwe of de weduwnaar van wie de overleden rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding niet duurzaam gescheiden leefde, een bedrag uitgekeerd gelijk aan de bezoldiging over een tijdvak van drie maanden. Als maatstaf geldt de bezoldiging die de rechterlijk ambtenaar of de rechterlijk ambtenaar in opleiding op de dag van het overlijden genoot. Onder weduwe of weduwnaar van wie de rechterlijk ambtenaar of de rechterlijk ambtenaar in opleiding niet duurzaam gescheiden leefde, wordt mede begrepen de achtergebleven geregistreerde partner alsmede de nabestaande levenspartner met wie de niet gehuwde rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding samenwoonde en, met het oogmerk duurzaam samen te leven, een gemeenschappelijke huishouding voerde op basis van een notarieel verleden samenlevingscontract bevattende de wederzijdse rechten en verplichtingen ter zake van die samenwoning en gemeenschappelijke huishouding. Tegelijkertijd kan slechts één persoon als levenspartner worden aangemerkt. +**2.** Zo spoedig mogelijk na het overlijden wordt aan de weduwe of de weduwnaar van wie de overleden rechterlijk ambtenaar niet duurzaam gescheiden leefde, een bedrag uitgekeerd gelijk aan de bezoldiging over een tijdvak van drie maanden. Als maatstaf geldt de bezoldiging die de rechterlijk ambtenaar op de dag van het overlijden genoot. Onder weduwe of weduwnaar van wie de rechterlijk ambtenaar niet duurzaam gescheiden leefde, wordt mede begrepen de achtergebleven geregistreerde partner alsmede de nabestaande levenspartner met wie de niet gehuwde rechterlijk ambtenaar samenwoonde en, met het oogmerk duurzaam samen te leven, een gemeenschappelijke huishouding voerde op basis van een notarieel verleden samenlevingscontract bevattende de wederzijdse rechten en verplichtingen ter zake van die samenwoning en gemeenschappelijke huishouding. Tegelijkertijd kan slechts één persoon als levenspartner worden aangemerkt. -**3.** De uitkering wordt vermeerderd met een bedrag gelijk aan drie maal de vakantie-uitkering over een maand. Als maatstaf geldt de bezoldiging die de rechterlijk ambtenaar of de rechterlijk ambtenaar in opleiding in de maand van het overlijden zou hebben genoten. +**3.** De uitkering wordt vermeerderd met een bedrag gelijk aan drie maal de vakantie-uitkering over een maand. Als maatstaf geldt de bezoldiging die de rechterlijk ambtenaar in de maand van het overlijden zou hebben genoten. -**4.** Bij ontstentenis van een weduwe of weduwnaar van wie de rechterlijk ambtenaar of de rechterlijk ambtenaar in opleiding niet duurzaam gescheiden leefde, geschiedt de uitkering ten behoeve van de minderjarige kinderen. Onder kinderen worden mede verstaan natuurlijke kinderen waarover de rechterlijk ambtenaar of de rechterlijk ambtenaar in opleiding de pleegouderlijke zorg droeg. Onder pleegouderlijke zorg wordt verstaan de zorg voor het onderhoud en de opvoeding van het kind als was het een eigen kind, onafhankelijk van enige verplichting daartoe of van het genieten van een vergoeding daarvoor. +**4.** Bij ontstentenis van een weduwe of weduwnaar van wie de rechterlijk ambtenaar niet duurzaam gescheiden leefde, geschiedt de uitkering ten behoeve van de minderjarige kinderen. Onder kinderen worden mede verstaan natuurlijke kinderen waarover de rechterlijk ambtenaar de pleegouderlijke zorg droeg. Onder pleegouderlijke zorg wordt verstaan de zorg voor het onderhoud en de opvoeding van het kind als was het een eigen kind, onafhankelijk van enige verplichting daartoe of van het genieten van een vergoeding daarvoor. -**5.** Ontbreken ook minderjarige kinderen, dan geschiedt, indien de rechterlijk ambtenaar of de rechterlijk ambtenaar in opleiding kostwinner was van ouders, meerderjarige kinderen, broers of zusters, de uitkering ten behoeve van deze nagelaten betrekkingen. +**5.** Ontbreken ook minderjarige kinderen, dan geschiedt, indien de rechterlijk ambtenaar kostwinner was van ouders, meerderjarige kinderen, broers of zusters, de uitkering ten behoeve van deze nagelaten betrekkingen. -**6.** Indien de rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding geen betrekkingen als bedoeld in het tweede tot en met vijfde lid nalaat, kan het in het tweede lid bedoelde bedrag geheel of gedeeltelijk worden uitgekeerd voor de betaling van de kosten die in verband met lijkbezorging en de aan het overlijden voorafgaande ziekte zijn gemaakt, indien de nalatenschap van de rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding voor de betaling van die kosten ontoereikend is. +**6.** Indien de rechterlijk ambtenaar geen betrekkingen als bedoeld in het tweede tot en met vijfde lid nalaat, kan het in het tweede lid bedoelde bedrag geheel of gedeeltelijk worden uitgekeerd voor de betaling van de kosten die in verband met lijkbezorging en de aan het overlijden voorafgaande ziekte zijn gemaakt, indien de nalatenschap van de rechterlijk ambtenaar voor de betaling van die kosten ontoereikend is. **7.** Op het bedrag, bedoeld in het tweede en derde lid, wordt in mindering gebracht een uitkering op grond van artikel 35 van de Ziektewet, een uitkering op grond van artikel 74 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, een uitkering op grond van artikel 53 van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering of een naar aard en strekking daarmee overeenkomende uitkering, indien deze uitkeringen worden uitgekeerd. Indien een uitkering als bedoeld in de eerste volzin zowel uit een benoeming in een rechterlijk ambt als uit een of meer andere betrekkingen voortvloeit, wordt voor de toepassing van de eerste volzin onder uitkering verstaan het gedeelte van de uitkering dat aan de benoeming in het rechterlijk ambt kan worden toegerekend. @@ -337,26 +332,26 @@ Vervallen **1.** -Artikel 18 is van overeenkomstige toepassing in geval van vermissing van de rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding, met dien verstande dat: +Artikel 18 is van overeenkomstige toepassing in geval van vermissing van de rechterlijk ambtenaar, met dien verstande dat: -a. de rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding geacht wordt te zijn overleden op een door het in artikel 6 bedoelde gezag te bepalen dag; en +a. de rechterlijk ambtenaar geacht wordt te zijn overleden op een door het in artikel 6 bedoelde gezag te bepalen dag; en b. het tweede tot en met zevende lid van artikel 18 geen overeenkomstige toepassing vinden, indien gegronde vermoedens bestaan dat de vermissing het gevolg is van ongeoorloofde afwezigheid. -**2.** Indien blijkt dat de als vermist beschouwde rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding in leven is en geen gegronde vermoedens bestaan dat van ongeoorloofde afwezigheid sprake is geweest, kan de bezoldiging alsnog aan de rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding dan wel aan anderen worden uitbetaald. +**2.** Indien blijkt dat de als vermist beschouwde rechterlijk ambtenaar in leven is en geen gegronde vermoedens bestaan dat van ongeoorloofde afwezigheid sprake is geweest, kan de bezoldiging alsnog aan de rechterlijk ambtenaar dan wel aan anderen worden uitbetaald. -**3.** De in het tweede lid bedoelde bezoldiging wordt verminderd met een bedrag dat gelijk is aan het totaal van pensioen en uitkeringen dat uit hoofde van de vermissing van de rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding, met betrekking tot het tijdvak waarover alsnog aanspraak bestaat op bezoldiging, is toegekend. +**3.** De in het tweede lid bedoelde bezoldiging wordt verminderd met een bedrag dat gelijk is aan het totaal van pensioen en uitkeringen dat uit hoofde van de vermissing van de rechterlijk ambtenaar, met betrekking tot het tijdvak waarover alsnog aanspraak bestaat op bezoldiging, is toegekend. ### Artikel 19 -De bepalingen die voor burgerlijke rijksambtenaren gelden ten aanzien van het gelijktijdig genot van burgerlijke en militaire beloning, vinden overeenkomstige toepassing ten aanzien van de rechterlijke ambtenaren, die hun ambt op basis van een aanstelling of aanwijzing vervullen, en de rechterlijke ambtenaren in opleiding, met dien verstande dat voor het leven benoemde rechterlijke ambtenaren van de aan hun ambt verbonden bezoldiging nimmer minder ontvangen dan het bedrag, waarmede deze bezoldiging hun militaire bezoldiging overtreft. +De bepalingen die voor burgerlijke rijksambtenaren gelden ten aanzien van het gelijktijdig genot van burgerlijke en militaire beloning, vinden overeenkomstige toepassing ten aanzien van de rechterlijke ambtenaren, die hun ambt op basis van een aanstelling of aanwijzing vervullen, met dien verstande dat voor het leven benoemde rechterlijke ambtenaren van de aan hun ambt verbonden bezoldiging nimmer minder ontvangen dan het bedrag, waarmede deze bezoldiging hun militaire bezoldiging overtreft. ### Artikel 19a -Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld omtrent de doorbetaling van bezoldiging aan rechterlijke ambtenaren en rechterlijke ambtenaren in opleiding in geval van ongeschiktheid tot het verrichten van arbeid wegens ziekte. +Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld omtrent de doorbetaling van bezoldiging aan rechterlijke ambtenaren in geval van ongeschiktheid tot het verrichten van arbeid wegens ziekte. ### Artikel 19b -Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen, in aanvulling op het in dit hoofdstuk bepaalde, voor rechterlijke ambtenaren en rechterlijke ambtenaren in opleiding nadere arbeidsvoorwaarden worden vastgesteld. +Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen, in aanvulling op het in dit hoofdstuk bepaalde, voor rechterlijke ambtenaren nadere arbeidsvoorwaarden worden vastgesteld. ## Hoofdstuk 4. Arbeidsduur, werktijd en werkverdeling @@ -454,9 +449,9 @@ Vervallen ### Artikel 40 -**1.** Aan een rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding worden op zondagen en dagen die bij of krachtens de Algemene termijnenwet zijn aangemerkt als algemeen erkende feestdagen geen werkzaamheden opgedragen, tenzij het dienstbelang dit naar het oordeel van de functionele autoriteit onvermijdelijk maakt. +**1.** Aan een rechterlijk ambtenaar worden op zondagen en dagen die bij of krachtens de Algemene termijnenwet zijn aangemerkt als algemeen erkende feestdagen geen werkzaamheden opgedragen, tenzij het dienstbelang dit naar het oordeel van de functionele autoriteit onvermijdelijk maakt. -**2.** In afwijking van het eerste lid, kunnen aan rechterlijke ambtenaren als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, onder 7, van de Wet op de rechterlijke organisatie, en aan rechterlijke ambtenaren in opleiding, voor zover werkzaam bij een arrondissementsparket of bij het parket centrale verwerking openbaar ministerie, werkzaamheden worden opgedragen op zondagen en dagen die bij of krachtens de Algemene termijnenwet zijn aangemerkt als algemeen erkende feestdagen, indien de aard en of organisatie van de arbeid dit onvermijdelijk maakt. +**2.** In afwijking van het eerste lid, kunnen aan rechterlijke ambtenaren als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, onder 7, van de Wet op de rechterlijke organisatie, voor zover werkzaam bij een arrondissementsparket of bij het parket centrale verwerking openbaar ministerie, werkzaamheden worden opgedragen op zondagen en dagen die bij of krachtens de Algemene termijnenwet zijn aangemerkt als algemeen erkende feestdagen, indien de aard en of organisatie van de arbeid dit onvermijdelijk maakt. ### Artikel 41 @@ -466,25 +461,23 @@ Vervallen **3.** De president van de Hoge Raad verdeelt de werkzaamheden van de gerechtsauditeurs bij de Hoge Raad. -**4.** Het bestuur van de rechtbank onderscheidenlijk het hoofd van het parket verdeelt de werkzaamheden van de rechterlijke ambtenaren in opleiding die de opleiding bij dat gerecht onderscheidenlijk dat parket doorbrengen. - -**5.** Van de in het eerste tot en met vierde lid bedoelde verdeling van werkzaamheden kan slechts worden afgeweken voor een beperkte duur en indien het dienstbelang dit naar het oordeel van het bestuur van het gerecht, de president van de Hoge Raad onderscheidenlijk het hoofd van het parket onvermijdelijk maakt. +**4.** Van de in het eerste tot en met derde lid bedoelde verdeling van werkzaamheden kan slechts worden afgeweken voor een beperkte duur en indien het dienstbelang dit naar het oordeel van het bestuur van het gerecht, de president van de Hoge Raad onderscheidenlijk het hoofd van het parket onvermijdelijk maakt. ### Artikel 42 -**1.** Voor schade die een rechterlijk ambtenaar of een rechterlijk ambtenaar in opleiding bij de vervulling van zijn ambt aan een derde toebrengt en waarvoor hij zelf krachtens de wet aansprakelijk zou zijn, is jegens de derde uitsluitend de Staat aansprakelijk. +**1.** Voor schade die een rechterlijk ambtenaar bij de vervulling van zijn ambt aan een derde toebrengt en waarvoor hij zelf krachtens de wet aansprakelijk zou zijn, is jegens de derde uitsluitend de Staat aansprakelijk. -**2.** Voor schade als bedoeld in het eerste lid en voor schade die hij bij de vervulling van zijn ambt aan de Staat toebrengt, is een rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding jegens de Staat niet aansprakelijk, behalve voor zover de schade een gevolg is van zijn opzet of bewuste roekeloosheid. +**2.** Voor schade als bedoeld in het eerste lid en voor schade die hij bij de vervulling van zijn ambt aan de Staat toebrengt, is een rechterlijk ambtenaar jegens de Staat niet aansprakelijk, behalve voor zover de schade een gevolg is van zijn opzet of bewuste roekeloosheid. **3.** Voor schade die een gevolg is van een rechterlijke uitspraak is een rechterlijk ambtenaar niet aansprakelijk. -**4.** Onze Minister kan de betrokken rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding bij besluit verplichten om ter zake van schade waarvoor deze op grond van het tweede lid aansprakelijk is, aan de Staat ter finale kwijting een vergoeding te betalen. +**4.** Onze Minister kan de betrokken rechterlijk ambtenaar bij besluit verplichten om ter zake van schade waarvoor deze op grond van het tweede lid aansprakelijk is, aan de Staat ter finale kwijting een vergoeding te betalen. **5.** In het besluit wordt het bedrag van de vergoeding vermeld. Indien het bedrag nog niet kan worden vastgesteld, worden de reden daarvan en zo mogelijk een voorlopige raming van het bedrag in het besluit vermeld, waarna Onze Minister zo spoedig mogelijk bij afzonderlijk besluit het bedrag vaststelt. ### Artikel 43 -**1.** Een niet voor het leven benoemde rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding onthoudt zich van het openbaren van gedachten of gevoelens en van de uitoefening van de rechten tot vereniging, tot vergadering en tot betoging, indien door de uitoefening van deze rechten naar het oordeel van de functionele autoriteit de goede vervulling van het ambt of het goede functioneren van de rechterlijke macht niet in redelijkheid zou zijn verzekerd. +**1.** Een niet voor het leven benoemde rechterlijk ambtenaar onthoudt zich van het openbaren van gedachten of gevoelens en van de uitoefening van de rechten tot vereniging, tot vergadering en tot betoging, indien door de uitoefening van deze rechten naar het oordeel van de functionele autoriteit de goede vervulling van het ambt of het goede functioneren van de rechterlijke macht niet in redelijkheid zou zijn verzekerd. **2.** @@ -495,15 +488,15 @@ b. een vakvereniging. ### Artikel 44 -**1.** Rechterlijke ambtenaren – met uitzondering van de plaatsvervangers – en rechterlijke ambtenaren in opleiding gedurende de binnenstage kunnen niet tevens advocaat of notaris zijn dan wel anderszins van het verlenen van rechtskundige bijstand een beroep maken. +**1.** Rechterlijke ambtenaren – met uitzondering van de plaatsvervangers – kunnen niet tevens advocaat of notaris zijn dan wel anderszins van het verlenen van rechtskundige bijstand een beroep maken. **2.** Een advocaat kan niet tevens werkzaam zijn als rechter-plaatsvervanger in de rechtbank in het arrondissement waarin hij kantoor houdt onderscheidenlijk als raadsheer-plaatsvervanger in het gerechtshof tot het rechtsgebied waarvan het arrondissement behoort waarin hij kantoor houdt. **3.** Degene die als rechterlijk ambtenaar werkzaam is bij een tot het openbaar ministerie behorend parket, kan niet tevens werkzaam zijn als rechter-plaatsvervanger in een rechtbank of als raadsheer-plaatsvervanger in een gerechtshof. De eerste volzin is niet van toepassing gedurende de periode waarin aan hem voor het gemiddeld aantal uren per week waarvoor hij is aangesteld op zijn verzoek buitengewoon verlof is verleend. -**4.** Rechterlijke ambtenaren en rechterlijke ambtenaren in opleiding gedurende de binnenstage vervullen geen betrekkingen waarvan de uitoefening ongewenst is met het oog op een goede vervulling van hun ambt of op de handhaving van hun onpartijdigheid en onafhankelijkheid of van het vertrouwen daarin. +**4.** Rechterlijke ambtenaren vervullen geen betrekkingen waarvan de uitoefening ongewenst is met het oog op een goede vervulling van hun ambt of op de handhaving van hun onpartijdigheid en onafhankelijkheid of van het vertrouwen daarin. -**5.** Rechterlijke ambtenaren en rechterlijke ambtenaren in opleiding gedurende de binnenstage stellen de functionele autoriteit in kennis van de betrekkingen die zij buiten hun ambt vervullen. Zo mogelijk geschiedt de kennisgeving zodra het voornemen bestaat tot het gaan vervullen van de betrekking. Ook indien zij geen betrekkingen buiten het ambt vervullen, stellen zij de functionele autoriteit daarvan in kennis. +**5.** Rechterlijke ambtenaren stellen de functionele autoriteit in kennis van de betrekkingen die zij buiten hun ambt vervullen. Zo mogelijk geschiedt de kennisgeving zodra het voornemen bestaat tot het gaan vervullen van de betrekking. Ook indien zij geen betrekkingen buiten het ambt vervullen, stellen zij de functionele autoriteit daarvan in kennis. **6.** De functionele autoriteit beoordeelt of de vervulling van de betrekking ongewenst is met het oog op de in het vierde lid genoemde gronden. Ten aanzien van de met rechtspraak belaste rechterlijke ambtenaren, niet zijnde president, wordt deze bevoegdheid uitgeoefend door de president van het gerecht waar betrokkene werkzaam is. Ten aanzien van de rechterlijke ambtenaren die tevens president zijn van een rechtbank binnen het rechtsgebied van een gerechtshof, wordt deze bevoegdheid uitgeoefend door de president van dat gerechtshof. Ten aanzien van de rechterlijke ambtenaren die tevens president zijn van een gerechtshof, wordt deze bevoegdheid uitgeoefend door de president van de Hoge Raad. @@ -529,9 +522,9 @@ met dien verstande dat de plaatsvervangers, in afwijking van de onderdelen f en ### Artikel 44a -**1.** In dit artikel en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder nevenbetrekkingen: de betrekkingen die rechterlijke ambtenaren en rechterlijke ambtenaren in opleiding gedurende de binnenstage buiten hun ambt vervullen. +**1.** In dit artikel en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder nevenbetrekkingen: de betrekkingen die rechterlijke ambtenaren buiten hun ambt vervullen. -**2.** De kennisgevingen, bedoeld in artikel 44, vijfde lid, en de gegevens over een nevenbetrekking, bedoeld in artikel 44, zevende lid, onderdelen a tot en met e, worden per gerecht, parket dan wel parket-generaal opgenomen in een register. De functionele autoriteit is verantwoordelijk voor de juistheid en volledigheid van de in het register opgenomen gegevens van de bij zijn gerecht, parket dan wel parket-generaal werkzame rechterlijke ambtenaren en rechterlijke ambtenaren in opleiding gedurende de binnenstage. +**2.** De kennisgevingen, bedoeld in artikel 44, vijfde lid, en de gegevens over een nevenbetrekking, bedoeld in artikel 44, zevende lid, onderdelen a tot en met e, worden per gerecht, parket dan wel parket-generaal opgenomen in een register. De functionele autoriteit is verantwoordelijk voor de juistheid en volledigheid van de in het register opgenomen gegevens van de bij zijn gerecht, parket dan wel parket-generaal werkzame rechterlijke ambtenaren. **3.** Het register wordt jaarlijks geactualiseerd. @@ -539,7 +532,7 @@ met dien verstande dat de plaatsvervangers, in afwijking van de onderdelen f en **5.** Tegen betaling van de kostprijs is een afschrift van een door de aanvrager op te geven gedeelte uit het register verkrijgbaar. -**6.** In afwijking van het vierde lid kan de functionele autoriteit met betrekking tot een nevenbetrekking van een rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding gedurende de binnenstage beslissen dat de gegevens, bedoeld in artikel 44, zevende lid, onderdelen b en c, met het oog op diens veiligheid, niet of niet volledig openbaar worden gemaakt. +**6.** In afwijking van het vierde lid kan de functionele autoriteit met betrekking tot een nevenbetrekking van een rechterlijk ambtenaar beslissen dat de gegevens, bedoeld in artikel 44, zevende lid, onderdelen b en c, met het oog op diens veiligheid, niet of niet volledig openbaar worden gemaakt. **7.** Indien op grond van het zesde lid met betrekking tot een nevenbetrekking van een rechterlijk ambtenaar gegevens niet of niet volledig openbaar worden gemaakt, deelt de functionele autoriteit een procespartij in een zaak die door die rechterlijk ambtenaar wordt behandeld, op haar verzoek mee of de desbetreffende nevenbetrekking verband houdt met door haar aan te geven bedrijven en instanties die bij haar zaak betrokken zijn, tenzij dit een gevaar voor de veiligheid van de rechterlijk ambtenaar oplevert. @@ -551,17 +544,17 @@ met dien verstande dat de plaatsvervangers, in afwijking van de onderdelen f en ### Artikel 45 -**1.** Aan een rechterlijk ambtenaar onderscheidenlijk rechterlijk ambtenaar in opleiding die is benoemd of verkozen in een functie in een publiekrechtelijk college, wordt voor het bijwonen van vergaderingen en zittingen van dat college en voor het verrichten van daaruit voortvloeiende werkzaamheden ten behoeve van dat college, buitengewoon verlof met behoud van bezoldiging verleend door Onze Minister dan wel, indien het een rechterlijk ambtenaar betreft die werkzaam is bij een gerechtshof of een rechtbank, het gerechtsbestuur onderscheidenlijk door de Raad voor de rechtspraak, tenzij het belang van de dienst zich daartegen verzet. +**1.** Aan een rechterlijk ambtenaar die is benoemd of verkozen in een functie in een publiekrechtelijk college, wordt voor het bijwonen van vergaderingen en zittingen van dat college en voor het verrichten van daaruit voortvloeiende werkzaamheden ten behoeve van dat college, buitengewoon verlof met behoud van bezoldiging verleend door Onze Minister dan wel, indien het een rechterlijk ambtenaar betreft die werkzaam is bij een gerechtshof of een rechtbank, het gerechtsbestuur onderscheidenlijk door de Raad voor de rechtspraak, tenzij het belang van de dienst zich daartegen verzet. -**2.** Aan een rechterlijk ambtenaar onderscheidenlijk rechterlijk ambtenaar in opleiding wordt voor het verrichten van of het deelnemen aan activiteiten op de terreinen, bedoeld in artikel 48, eerste en derde lid, voor of van een vereniging of centrale van verenigingen als bedoeld in artikel 50, tweede lid, buitengewoon verlof met behoud van bezoldiging verleend door Onze Minister dan wel, indien het een rechterlijk ambtenaar betreft die werkzaam is bij een gerechtshof of een rechtbank, het gerechtsbestuur onderscheidenlijk door de Raad voor de rechtspraak, tenzij het belang van de dienst zich daartegen verzet. +**2.** Aan een rechterlijk ambtenaar wordt voor het verrichten van of het deelnemen aan activiteiten op de terreinen, bedoeld in artikel 48, eerste en derde lid, voor of van een vereniging of centrale van verenigingen als bedoeld in artikel 50, tweede lid, buitengewoon verlof met behoud van bezoldiging verleend door Onze Minister dan wel, indien het een rechterlijk ambtenaar betreft die werkzaam is bij een gerechtshof of een rechtbank, het gerechtsbestuur onderscheidenlijk door de Raad voor de rechtspraak, tenzij het belang van de dienst zich daartegen verzet. **3.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over het buitengewoon verlof als bedoeld in het eerste en tweede lid, waaronder in elk geval regels betreffende de doorbetaling van bezoldiging gedurende perioden waarin buitengewoon verlof als bedoeld in het eerste of tweede lid wordt verleend. ### Artikel 46 -**1.** Aan een rechterlijk ambtenaar onderscheidenlijk rechterlijk ambtenaar in opleiding kan door Onze Minister dan wel, indien het een rechterlijk ambtenaar betreft die werkzaam is bij een gerechtshof of rechtbank, het gerechtsbestuur onderscheidenlijk door de Raad voor de rechtspraak naar billijkheid een schadeloosstelling, een vergoeding van kosten of overigens een geldelijke tegemoetkoming worden verleend. +**1.** Aan een rechterlijk ambtenaar kan door Onze Minister dan wel, indien het een rechterlijk ambtenaar betreft die werkzaam is bij een gerechtshof of rechtbank, het gerechtsbestuur onderscheidenlijk door de Raad voor de rechtspraak naar billijkheid een schadeloosstelling, een vergoeding van kosten of overigens een geldelijke tegemoetkoming worden verleend. -**2.** Een afschrift van een beslissing van Onze Minister of de Raad voor de rechtspraak als bedoeld in het eerste lid wordt gezonden aan de functionele autoriteit van de betrokken rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding. +**2.** Een afschrift van een beslissing van Onze Minister of de Raad voor de rechtspraak als bedoeld in het eerste lid wordt gezonden aan de functionele autoriteit van de betrokken rechterlijk ambtenaar. **3.** Het gerechtsbestuur, bedoeld in het eerste lid, stelt de Raad voor de rechtspraak in de gelegenheid om advies uit te brengen inzake een voorgenomen besluit tot verlening van een schadeloosstelling, een kostenvergoeding of een geldelijke tegemoetkoming als bedoeld in het eerste lid die op jaarbasis meer dan € 5 000 bedraagt. Indien de Raad voor de rechtspraak advies heeft uitgebracht, zendt het gerechtsbestuur een afschrift van het vervolgens genomen besluit aan de Raad voor de rechtspraak. @@ -793,15 +786,15 @@ Vervallen ### Artikel 48 -**1.** Over aangelegenheden van algemeen belang voor de rechtstoestand – met inbegrip van de algemene regels volgens welke het personeelsbeleid zal worden gevoerd – van de rechterlijke ambtenaren en de rechterlijke ambtenaren in opleiding, wordt niet beslist dan nadat daarover door Onze Minister overleg is gevoerd met de Sectorcommissie rechterlijke macht. +**1.** Over aangelegenheden van algemeen belang voor de rechtstoestand – met inbegrip van de algemene regels volgens welke het personeelsbeleid zal worden gevoerd – van de rechterlijke ambtenaren, wordt niet beslist dan nadat daarover door Onze Minister overleg is gevoerd met de Sectorcommissie rechterlijke macht. -**2.** Het eerste lid is niet van toepassing ten aanzien van de regelingen, bedoeld in artikel 49, een en ander voor zover in het overleg over deze regelingen niet is voorzien in een bevoegdheid om aanvullende of afwijkende voorzieningen te treffen ten behoeve van rechterlijke ambtenaren of rechterlijke ambtenaren in opleiding. +**2.** Het eerste lid is niet van toepassing ten aanzien van de regelingen, bedoeld in artikel 49, een en ander voor zover in het overleg over deze regelingen niet is voorzien in een bevoegdheid om aanvullende of afwijkende voorzieningen te treffen ten behoeve van rechterlijke ambtenaren. **3.** Over algemene aangelegenheden met betrekking tot de rechtspleging wordt door Onze Minister overleg gevoerd met de Sectorcommissie rechterlijke macht, indien hierom door een of meer leden van de Sectorcommissie rechterlijke macht of Onze Minister wordt verzocht. ### Artikel 49 -Het overleg met betrekking tot regelingen die specifiek betrekking hebben op overheids- en onderwijspersoneel in het algemeen, bedoeld in artikel 1 van de Regeling overleg Raad voor het Overheidspersoneelsbeleid, heeft eveneens betrekking op de rechterlijke ambtenaren en de rechterlijke ambtenaren in opleiding. +Het overleg met betrekking tot regelingen die specifiek betrekking hebben op overheids- en onderwijspersoneel in het algemeen, bedoeld in artikel 1 van de Regeling overleg Raad voor het Overheidspersoneelsbeleid, heeft eveneens betrekking op de rechterlijke ambtenaren. ### Artikel 50 @@ -812,7 +805,7 @@ Het overleg met betrekking tot regelingen die specifiek betrekking hebben op ove De Sectorcommissie rechterlijke macht bestaat uit vertegenwoordigers van: a. de Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak; -b. andere door Onze Minister tot het overleg toegelaten verenigingen of centrales van verenigingen van ambtenaren, die onder meer gelet op het aantal rechterlijke ambtenaren en rechterlijke ambtenaren in opleiding dat zij vertegenwoordigen, eveneens als representatief kunnen worden aangemerkt en tegen wier toelating het algemeen belang zich niet verzet. +b. andere door Onze Minister tot het overleg toegelaten verenigingen of centrales van verenigingen van ambtenaren, die onder meer gelet op het aantal rechterlijke ambtenaren dat zij vertegenwoordigen, eveneens als representatief kunnen worden aangemerkt en tegen wier toelating het algemeen belang zich niet verzet. **3.** Ten aanzien van de Sectorcommissie rechterlijke macht kunnen bij algemene maatregel van bestuur over de volgende onderwerpen nadere regels worden gesteld: de samenstelling, de werkwijze, de besluitvorming, de stemverhouding daaronder begrepen, de onderwerpen waarover de Sectorcommissie Onze Minister dient in te lichten, de intrekking en schorsing van de toelating van verenigingen of centrales van verenigingen tot de Sectorcommissie, en de schorsing van vertegenwoordigers in de Sectorcommissie. @@ -820,15 +813,15 @@ b. andere door Onze Minister tot het overleg toegelaten verenigingen of centrale ### Artikel 51 -**1.** Voorstellen strekkende tot invoering, wijziging of intrekking van regelingen welke aangelegenheden betreffen waarop artikel 48, eerste lid, betrekking heeft en waaraan individuele rechterlijke ambtenaren en rechterlijke ambtenaren in opleiding rechten kunnen ontlenen dan wel die plichten voor hen kunnen meebrengen, worden slechts ten uitvoer gebracht indien daarover overeenstemming bestaat met de Sectorcommissie rechterlijke macht. +**1.** Voorstellen strekkende tot invoering, wijziging of intrekking van regelingen welke aangelegenheden betreffen waarop artikel 48, eerste lid, betrekking heeft en waaraan individuele rechterlijke ambtenaren rechten kunnen ontlenen dan wel die plichten voor hen kunnen meebrengen, worden slechts ten uitvoer gebracht indien daarover overeenstemming bestaat met de Sectorcommissie rechterlijke macht. **2.** Het eerste lid is niet van toepassing op voorstellen strekkende tot: -a. invoering of wijziging van een wettelijke regeling die betrekking heeft op alle burgers of alle werknemers, waaronder begrepen de rechterlijke ambtenaren en rechterlijke ambtenaren in opleiding, -b. invoering of wijziging van een wettelijke regeling voor de rechterlijke ambtenaren en rechterlijke ambtenaren in opleiding met een overeenkomstige inhoud als een voorstel tot invoering of wijziging van een wettelijke regeling die betrekking heeft op werknemers die krachtens arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 610, eerste lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek werkzaam zijn, -c. vantoepassingverklaring op de rechterlijke ambtenaren en rechterlijke ambtenaren in opleiding van een wettelijke regeling die betrekking heeft op werknemers die krachtens arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 610, eerste lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek werkzaam zijn en met die vantoepassingverklaring samenhangende wijzigingen in voor rechterlijke ambtenaren en rechterlijke ambtenaren in opleiding geldende regelingen, een en ander mits het totaal van rechten en plichten van de rechterlijke ambtenaren en rechterlijke ambtenaren in opleiding over het geheel beoordeeld niet ongunstiger wordt, of +a. invoering of wijziging van een wettelijke regeling die betrekking heeft op alle burgers of alle werknemers, waaronder begrepen de rechterlijke ambtenaren, +b. invoering of wijziging van een wettelijke regeling voor de rechterlijke ambtenaren met een overeenkomstige inhoud als een voorstel tot invoering of wijziging van een wettelijke regeling die betrekking heeft op werknemers die krachtens arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 610, eerste lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek werkzaam zijn, +c. vantoepassingverklaring op de rechterlijke ambtenaren van een wettelijke regeling die betrekking heeft op werknemers die krachtens arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 610, eerste lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek werkzaam zijn en met die vantoepassingverklaring samenhangende wijzigingen in voor rechterlijke ambtenaren geldende regelingen, een en ander mits het totaal van rechten en plichten van de rechterlijke ambtenaren over het geheel beoordeeld niet ongunstiger wordt, of d. implementatie van verplichtingen voortvloeiend uit een internationaal verdrag. **3.** Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over het inwinnen van advies van een commissie over een geschil en het onderwerpen van een geschil aan een arbitrale uitspraak van een commissie door de deelnemers aan het overleg, bedoeld in artikel 50, eerste lid, waaronder in elk geval regels over de procedure voorafgaand aan het voorleggen van een geschil aan de commissie en over de samenstelling en de werkwijze van de commissie. @@ -845,17 +838,17 @@ Vervallen ### Artikel 54 -Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen voor rechterlijke ambtenaren en rechterlijke ambtenaren in opleiding regels worden gesteld met betrekking tot de volgende onderwerpen: +Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen voor rechterlijke ambtenaren regels worden gesteld met betrekking tot de volgende onderwerpen: a. arbeidsduur en werktijd; b. vakantie en verlof; c. voorzieningen in geval van werkloosheid; d. arbeidsgezondheidskundige begeleiding en voorzieningen in verband met ziekte en arbeidsongeschiktheid; -e. ontslag, herplaatsing, schorsing en disciplinaire maatregelen ten aanzien van niet voor het leven benoemde rechterlijke ambtenaren en rechterlijke ambtenaren in opleiding; +e. ontslag, herplaatsing, schorsing en disciplinaire maatregelen ten aanzien van niet voor het leven benoemde rechterlijke ambtenaren; f. rechten en plichten bij reorganisatie; g. ambtskostuum; h. installatie; -i. de gevallen waarin berichten inzake de rechtspositie van de rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding in afwijking van artikel 2:14, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht uitsluitend elektronisch verzonden behoeven te worden en de voorwaarden die daarbij in acht worden genomen; +i. de gevallen waarin berichten inzake de rechtspositie van de rechterlijk ambtenaar in afwijking van artikel 2:14, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht uitsluitend elektronisch verzonden behoeven te worden en de voorwaarden die daarbij in acht worden genomen; j. bescherming bij de arbeid; en k. overige rechten en plichten.