2008-01-01 | BWBR0004045 | Werkloosheidswet

This commit is contained in:
Coornhert 2008-01-01 12:00:00 +00:00
parent db2d3ad806
commit 1f0cf99a68

View file

@ -352,6 +352,16 @@ b. het meer keren in aanmerking nemen van weken waarin arbeid is verricht.
**2.** Het eerste lid vindt geen toepassing met betrekking tot een recht dat reeds door samenvoeging van rechten is ontstaan.
### Artikel 17c
**1.** De persoon die op de dag, onmiddellijk voorafgaande aan de eerste dag van werkloosheid, werknemer in de zin van deze wet was en die in de periode van 36 weken, bedoeld in artikel 17, gelegen vóór 1 januari 1987, arbeid heeft verricht als werknemer in de zin van de Werkloosheidswet of de Wet Werkloosheidsvoorziening zoals die wetten luidden op 31 december 1986, dan wel zijn militaire dienstplicht of in plaats daarvan vervangende dienst heeft vervuld, wordt met betrekking tot de weken waarin hij deze arbeid heeft verricht beschouwd als werknemer in de zin van deze wet.
**2.** De persoon die op de dag, onmiddellijk voorafgaande aan de eerste dag van werkloosheid, werknemer in de zin van deze wet was en die in de periode van 36 weken, bedoeld in artikel 17, vanaf 1 januari 1987, arbeid heeft verricht in een arbeidsverhouding ter zake waarvan hem door het Rijk invaliditeitspensioen is verzekerd, wordt met betrekking tot de weken waarin hij deze arbeid heeft verricht beschouwd als werknemer in de zin van deze wet.
**3.** Artikel 17a is van overeenkomstige toepassing met betrekking tot het eerste en tweede lid.
**4.** Ten aanzien van de persoon die op 31 december 1986 recht had op een uitkering op grond van de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet of de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering of beide wetten, en die op het tijdstip waarop de arbeidsongeschiktheid intrad werknemer was in de zin van de Werkloosheidswet zoals die wet luidde op 31 december 1986, zijn het eerste en het derde lid van overeenkomstige toepassing.
### Artikel 18
**1.** De werknemer, die werkloos is uitsluitend als gevolg van vorst, sneeuwval, hoog water of andere buitengewone natuurlijke omstandigheden heeft recht op uitkering voor de duur van de buitengewone natuurlijke omstandigheden.
@ -487,7 +497,7 @@ c. wegens een combinatie van de hier bedoelde omstandigheden, kan, ook indien de
**1.** Het UWV stelt op aanvraag vast of recht op uitkering bestaat.
**2.** Een aanvraag is gericht tot het UWV en wordt overeenkomstig artikel 28 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen ingediend bij de CWI. Na de overdracht van de aanvraag door de CWI aan het UWV ingevolge artikel 28, derde lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen wordt de aanvraag verder behandeld door het UWV.
**2.** Een aanvraag is gericht tot het UWV en wordt overeenkomstig artikel 28 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen ingediend bij de CWI. Na de overdracht van de aanvraag door de CWI aan het UWV ingevolge artikel 28, vierde lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen wordt de aanvraag verder behandeld door het UWV.
**3.** Op de toekenning en de beëindiging van een uitkering als bedoeld in artikel 18 of van een uitkering die verband houdt met een verleende ontheffing op grond van artikel 8, derde lid, van het Buitengewoon Besluit Arbeidsverhoudingen 1945 zijn de artikelen 3:40 en 3:45 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing, indien redelijkerwijs mag worden aangenomen dat aan de bekendmaking van de beschikking geen behoefte bestaat.
@ -495,8 +505,6 @@ c. wegens een combinatie van de hier bedoelde omstandigheden, kan, ook indien de
**5.** Indien het een aanvraag betreft tot toekenning van een uitkering op grond van artikel 18 of artikel 61 dan wel van uitkering die verband houdt met een verleende ontheffing op grond van artikel 8, derde lid, van het Buitengewoon Besluit Arbeidsverhoudingen 1945, wordt, in afwijking van het tweede lid, de aanvraag ingediend bij het UWV.
**6.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat categorieën van aanvragen om uitkering, in afwijking van het tweede lid en artikel 26, eerste lid, onderdeel b, bij het UWV in plaats van de CWI worden ingediend.
### Artikel 22a
**1.**
@ -536,7 +544,7 @@ De werknemer is verwijtbaar werkloos geworden indien:
a. aan de werkloosheid een dringende reden ten grondslag ligt in de zin van artikel 678 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek en de werknemer terzake een verwijt kan worden gemaakt;
b. de dienstbetrekking is beëindigd door of op verzoek van de werknemer zonder dat aan de voortzetting ervan zodanige bezwaren waren verbonden, dat deze voortzetting redelijkerwijs niet van hem kon worden gevergd.
**3.** Als passende arbeid, bedoeld in het eerste lid, wordt beschouwd alle arbeid die voor de krachten en bekwaamheden van de werknemer is berekend, tenzij aanvaarding om redenen van lichamelijke, geestelijke of sociale aard niet van hem kan worden gevergd. Niet als passende arbeid wordt beschouwd arbeid op grond van een arbeidsovereenkomst als bedoeld in hoofdstuk 2 van de Wet sociale werkvoorziening.
**3.** Als passende arbeid, bedoeld in het eerste lid, wordt beschouwd alle arbeid die voor de krachten en bekwaamheden van de werknemer is berekend, tenzij aanvaarding om redenen van lichamelijke, geestelijke of sociale aard niet van hem kan worden gevergd. Niet als passende arbeid wordt beschouwd arbeid op grond van een dienstbetrekking als bedoeld in hoofdstuk 2 of 3 van de Wet sociale werkvoorziening.
**4.** Bij algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld omtrent het begrip passende arbeid, bedoeld in het eerste en derde lid.
@ -554,7 +562,7 @@ b. de dienstbetrekking is beëindigd door of op verzoek van de werknemer zonder
### Artikel 25
De werknemer is verplicht aan het UWV op zijn verzoek of onverwijld uit eigen beweging alle feiten en omstandigheden mede te delen, waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op het recht op uitkering, het geldend maken van het recht op uitkering, de hoogte of de duur van de uitkering, of op het bedrag van de uitkering dat aan de werknemer wordt betaald. Deze verplichting geldt niet, voor zover een recht op uitkering niet geldend kan worden gemaakt als gevolg van een blijvend gehele weigering.
De werknemer is verplicht aan het UWV op zijn verzoek of onverwijld uit eigen beweging alle feiten en omstandigheden mede te delen, waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op het recht op uitkering, het geldend maken van het recht op uitkering, de hoogte of de duur van de uitkering, of op het bedrag van de uitkering dat aan de werknemer wordt betaald. Deze verplichting geldt niet, voor zover een recht op uitkering niet geldend kan worden gemaakt als gevolg van een blijvend gehele weigering. Deze verplichting geldt evenmin indien die feiten en omstandigheden door het UWV kunnen worden vastgesteld op grond van bij wettelijk voorschrift als authentiek aangemerkte gegevens of kunnen worden verkregen uit bij ministeriële regeling aan te wijzen administraties. Bij ministeriële regeling wordt bepaald voor welke gegevens de tweede zin van toepassing is.
### Artikel 26
@ -563,7 +571,7 @@ De werknemer is verplicht aan het UWV op zijn verzoek of onverwijld uit eigen be
De werknemer is verplicht:
a. uiterlijk de eerste werkdag volgend op de eerste dag van werkloosheid bij de CWI aangifte te doen van zijn werkloosheid;
b. binnen één week na het intreden van zijn werkloosheid bij de CWI een aanvraag om een uitkering in te dienen;
b. binnen één week na het intreden van zijn werkloosheid overeenkomstig artikel 28 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen bij de CWI een aanvraag om een uitkering in te dienen;
c. de voorschriften op te volgen die het UWV ten behoeve van een doelmatige controle stelt;
d. zich als werkzoekende bij de CWI te laten registreren en die registratie tijdig te doen verlengen, indien hem daartoe het recht toekomt op grond van artikel 25, derde lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
e. mee te werken aan de activiteiten die bevorderlijk zijn voor zijn inschakeling in de arbeid, bedoeld in de hoofdstukken VI en XA;
@ -586,6 +594,12 @@ m. bij deelname aan een re-integratietraject de reden van het niet naleven van z
**6.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld op grond waarvan aan werknemers in individuele gevallen tijdelijk ontheffing kan worden verleend van verplichtingen, hun op grond van het eerste lid, onderdelen d, f of g, opgelegd.
**7.** Voor de toepassing van het eerste lid, onderdelen e en f, en de hoofdstukken VI en XA wordt niet als arbeid beschouwd arbeid op grond van een dienstbetrekking als bedoeld in hoofdstuk 2 of 3 van de Wet sociale werkvoorziening.
### Artikel 26a
De artikelen 24, eerste lid, onderdeel b, en 26, eerste lid, onderdelen d tot en met g en k tot en met m, zijn niet van toepassing op de werknemer die blijkens een indicatiebeschikking of herindicatiebeschikking tot de doelgroep behoort van de Wet sociale werkvoorziening.
### Artikel 27
**1.** Indien de werknemer een verplichting, hem op grond van artikel 24, eerste lid, onderdeel a, of onderdeel b, onder 3° opgelegd, niet is nagekomen, weigert het UWV de uitkering blijvend geheel, tenzij het niet nakomen van de verplichting de werknemer niet in overwegende mate kan worden verweten. In dat geval weigert het UWV de uitkering gedeeltelijk door het uitkeringspercentage te verlagen naar 35 over de volledige duur van de uitkering, maar ten hoogste over een periode van 26 weken.
@ -1016,7 +1030,14 @@ De uitkering op grond van dit hoofdstuk wordt berekend naar het dagloon.
**1.** De uitkering bedraagt gedurende de eerste twee maanden per dag 75% van het dagloon. Vanaf de derde maand bedraagt de uitkering per dag 70% van het dagloon.
**2.** Voor de werknemer die bij het ontstaan van zijn recht op uitkering zijn arbeidsuren, bedoeld in artikel 16, niet volledig heeft verloren of wiens verlies van arbeidsuren tijdens de duur van de uitkering wijziging ondergaat, bedraagt de uitkering het op grond van het eerste lid vastgestelde percentage van het dagloon, vermenigvuldigd met het aantal uren werkloosheid per kalenderweek, gedeeld door het aantal arbeidsuren voorafgaande aan het intreden van het verlies van arbeidsuren waarnaar zijn recht is berekend. Het aantal arbeidsuren voorafgaande aan het intreden van het verlies van arbeidsuren wordt bepaald met toepassing van artikel 16.
**2.**
Voor de werknemer:
a. die bij het ontstaan van zijn recht op uitkering zijn arbeidsuren als bedoeld in artikel 16 niet volledig heeft verloren, of
b. wiens recht op uitkering gedeeltelijk is geëindigd op grond van artikel 20,
bedraagt de uitkering het op grond van het eerste lid vastgestelde percentage van het dagloon, vermenigvuldigd met het aantal uren recht op uitkering per kalenderweek, gedeeld door het aantal arbeidsuren in de dienstbetrekking uit hoofde waarvan het recht op uitkering is ontstaan voorafgaande aan het intreden van het verlies van arbeidsuren in die dienstbetrekking waarnaar zijn recht is berekend. Het aantal arbeidsuren voorafgaande aan het intreden van het verlies van arbeidsuren wordt bepaald met toepassing van artikel 16.
**3.** Het tweede lid vindt geen toepassing voorzover bij de vaststelling of een herziening van het dagloon met de omstandigheden, bedoeld in dat lid, rekening is gehouden.
@ -1277,7 +1298,9 @@ b. een overheidswerknemer die kan aantonen dat de dienstbetrekking binnen vier m
### Artikel 73
De werknemer die recht heeft op een uitkering op grond van deze wet heeft recht op ondersteuning bij arbeidsinschakeling en, met inachtneming van de daarvoor geldende wettelijke bepalingen, op de naar het oordeel van het UWV of de overheidswerkgever noodzakelijk geachte voorziening gericht op arbeidsinschakeling.
**1.** De werknemer die recht heeft op een uitkering op grond van deze wet heeft recht op ondersteuning bij arbeidsinschakeling en, met inachtneming van de daarvoor geldende wettelijke bepalingen, op de naar het oordeel van het UWV of de overheidswerkgever noodzakelijk geachte voorziening gericht op arbeidsinschakeling.
**2.** Voor de toepassing van het eerste lid wordt voor personen die blijkens een indicatiebeschikking of herindicatiebeschikking tot de doelgroep behoren van de Wet sociale werkvoorziening onder een voorziening gericht op arbeidsinschakeling mede verstaan een voorziening gericht op het verkrijgen van arbeid in een dienstbetrekking als bedoeld in de artikelen 2 en 7 van die wet.
### Artikel 74
@ -1775,6 +1798,20 @@ Voor de toepassing van artikel 42b wordt bij de bepaling van de duur van een nie
De artikelen 19, 20, 27, 43 en 79 en de daarop berustende bepalingen zoals deze luidden op de dag voor inwerkingtreding van artikel I, onderdeel EE, van de Wet wijziging WW-stelsel blijven van toepassing met betrekking tot een recht op uitkering van de persoon wiens eerste dag tot ongeschiktheid tot het verrichten van arbeid wegens ziekte is gelegen op of voor die dag.
### Artikel 130r
**1.** Ten aanzien van degene die overheidswerknemer is, in de zin van artikel 1, onderdeel l, onder 1, van de Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen, uit hoofde van zijn arbeidsverhouding tot de Stichting Pensioenfonds ABP of een lichaam als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Wet privatisering ABP, niet zijnde het Rijk, een provincie, gemeente, waterschap, veenschap of veenpolder, kunnen bij algemene maatregel van bestuur voorschriften worden gegeven omtrent zijn ten laste van die stichting of dat lichaam komende aanspraken bij werkloosheid.
**2.** Het eerste lid is niet van toepassing op degene, die overheidswerknemer is uit hoofde van zijn arbeidsverhouding tot een lichaam als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdelen b tot en met e, van de Wet privatisering ABP, mits zodanig lichaam krachtens subsidievoorwaarden voorschriften als bedoeld in het eerste lid toepast.
**3.** Bij de in het eerste lid bedoelde algemene maatregel van bestuur kunnen voorschriften worden gegeven omtrent aanspraken bij werkloosheid ten laste van een lichaam als bedoeld in dat lid van degene die op 31 december 1986 een aanspraak op uitkering ontleent aan de algemene maatregel van bestuur op grond van artikel 6, derde lid, van de Werkloosheidswet zoals die wet luidde op 31 december 1986.
**4.** Dit artikel vervalt met ingang van 1 januari 2010.
### Artikel 130s
Wijzigt deze wet.
## Hoofdstuk XI. Straf- en slotbepalingen
### Artikel 131