diff --git a/amvb/besluit-bewijzen-van-bevoegdheid-voor-de-luchtvaart/BWBR0010629/README.md b/amvb/besluit-bewijzen-van-bevoegdheid-voor-de-luchtvaart/BWBR0010629/README.md index 7b3cb76aedf..907578f9fd1 100644 --- a/amvb/besluit-bewijzen-van-bevoegdheid-voor-de-luchtvaart/BWBR0010629/README.md +++ b/amvb/besluit-bewijzen-van-bevoegdheid-voor-de-luchtvaart/BWBR0010629/README.md @@ -3,7 +3,7 @@ titel: Besluit bewijzen van bevoegdheid voor de luchtvaart bwb_id: BWBR0010629 type: AMvB status: geldend -datum_inwerkingtreding: '1999-10-01' +datum_inwerkingtreding: '2005-09-21' bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0010629 citeertitel: Besluit bewijzen van bevoegdheid voor de luchtvaart --- @@ -20,8 +20,6 @@ In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: AFIS: onderdeel van luchtverkeersdienstverlening dat voorziet in het geven van inlichtingen die tot doel hebben een veilig en geregeld verloop van het luchtvaartterreinverkeer op daartoe door Onze Minister bij ministeriële regeling aangewezen luchtvaartterreinen (Aerodrome Flight Information Service); -AFISO: persoon die op grond van dit besluit bevoegd is AFIS te verlenen en daartoe opdracht heeft gekregen van een der in artikel 5.13 van de wet aangewezen instanties (AFIS-operator); - AML: bewijs van bevoegdheid voor onderhoudstechnicus (Aircraft Maintenance Licence); ATPL: bewijs van bevoegdheid voor verkeersvlieger (Airline Transport Pilot Licence); @@ -36,6 +34,8 @@ CSR: bevoegdverklaring voor landbouwvliegen (Crop Spraying Rating); FI: bevoegdverklaring vlieginstructeur (Flight Instructor); +grondverkeer: alle verkeer op een landingsterrein met uitzondering van startend en landend verkeer; + helikopter: gemotoriseerd luchtvaartuig met rotorbladen, zwaarder dan lucht, dat hoofdzakelijk in de lucht gehouden kan worden door aërodynamische reactiekrachten op zijn rotorbladen; IFR-vlucht: vlucht als bedoeld in artikel 1, onderdeel i, van het Luchtverkeersreglement; @@ -64,6 +64,8 @@ JAR-66-AML: bewijs van bevoegdheid krachtens JAR-66; JAR-145: JAR betreffende erkende onderhoudsbedrijven, opgesteld door de JAA; +leerling-luchtverkeersleider: persoon, bevoegd tot het geven van luchtverkeersdienstverlening onder toezicht van een bevoegde praktijkinstructeur; + luchtschip: luchtvaartuig, lichter dan lucht, dat is voorzien van een voortstuwingsinrichting en een besturingsinrichting; luchtvaartgrondstation: een radiozend- en ontvangstation op een vaste plaats op de grond dat werkt in de luchtvaartmobiele of luchtvaartnavigatiefrequentiebanden; @@ -79,6 +81,8 @@ luchtvaartterreininformatie: luchtvaartterreininformatieverstrekker: persoon die op grond van dit besluit bevoegd is luchtvaartterreininformatie te verstrekken; +luchtverkeersleider: persoon, bevoegd tot het geven van luchtverkeersdienstverlening als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de wet; + ME: meermotorig (Multi Engine); MCC: vluchtuitvoering door een meerhoofdige bemanning die samenwerkt als team en geleid wordt door de eerste bestuurder (Multi-Crew Co-operation); @@ -131,6 +135,8 @@ VFR-vlucht: vlucht als bedoeld in artikel 1, onderdeel ae van het Luchtverkeersr vliegtuig: gemotoriseerd luchtvaartuig met vaste vleugels, zwaarder dan lucht, dat hoofdzakelijk in de lucht gehouden kan worden door aërodynamische reactiekrachten op zijn vleugels; +vluchtinformatieverstrekker: persoon, bevoegd tot het geven van advies, inlichtingen en alarmering aan luchtverkeer of grondverkeer; + vrije ballon: luchtvaartuig, lichter dan lucht, niet voorzien van een voortstuwingsinstallatie en ingericht en bestemd om ten minste één persoon te vervoeren; wet: Wet luchtvaart; @@ -369,6 +375,8 @@ a. de leeftijd van 16 jaar heeft bereikt, met dien verstande, dat de bestuurder b. kan aantonen te beschikken over voldoende bekwaamheid om op een veilige manier deel te nemen aan het luchtverkeer, en c. kan aantonen dat een verzekering is gesloten tegen de burgerrechtelijke aansprakelijkheid jegens derden als gevolg van het gebruik van het luchtvaartuig. +**3.** De artikelen 2.2, tweede lid, en 5.17 van de wet zijn niet van toepassing op degene die een luchtvaartuig als bedoeld in het eerste lid bedient of een solovlucht als bedoeld in onderdeel k van dat lid uitvoert, en houder is van een certificaat dat door een door Onze Minister daartoe aangewezen opleidingsinstelling is afgegeven en waaruit blijkt, dat die houder bevoegd is tot het bedienen van een grondstation of een mobiel station in de luchtvaartmobiele band als bedoeld in artikel 5.17 van de wet. + ### Artikel 12 Onze Minister kan nadere regels geven met betrekking tot het afgeven van bewijzen van gelijkstelling. Deze regels omvatten in ieder geval bepalingen betreffende eisen inzake kennis, bedrevenheid, ervaring, leeftijd en medische geschiktheid. @@ -467,7 +475,7 @@ q. de termijn waarbinnen examens moeten zijn afgelegd; r. de uitsluiting van examens; s. frequentie van het examen. -## Hoofdstuk 3. Luchtverkeersleiders, AFISO's en luchtvaartterreininformatieverstrekkers +## Hoofdstuk 3. Luchtverkeersleiders, vluchtinformatieverstrekkers en luchtvaartterreininformatieverstrekkers ### Paragraaf 1. Bewijzen van bevoegdheid en bevoegdverklaringen @@ -476,75 +484,68 @@ s. frequentie van het examen. Onze Minister kan bewijzen van bevoegdheid afgeven voor: a. luchtverkeersleider; -b. luchtverkeersleider in opleiding; -c. AFISO; +b. leerling-luchtverkeersleider; +c. vluchtinformatieverstrekker; +d. luchtvaartterreininformatieverstrekker. ### Artikel 18 -**1.** +**1.** Onze Minister geeft op de bewijzen van bevoegdheid voor luchtverkeersleider, voor leerling-luchtverkeersleider, voor vluchtinformatieverstrekker en voor luchtvaartterreininformatieverstrekker een of meer algemene bevoegdverklaringen en de daarbij behorende bevoegdheden weer zoals aangegeven in de bijlage II bij dit besluit. -Onze Minister geeft op het bewijs van bevoegdheid, genoemd in artikel 17, onderdeel a , al dan niet onder beperkingen naar gebied, classificatie, deelfunctie of tijd, één of meer van de volgende bevoegdverklaringen weer: +**2.** Onze Minister kan aan de algemene bevoegdverklaringen, bedoeld in het eerste lid, beperkingen verbinden zoals aangegeven in bijlage II bij dit besluit. -a. plaatselijke luchtverkeersleiding, die de bevoegdheid geeft om luchtverkeersleiding te geven bij een in de bevoegdverklaring aan te duiden plaatselijke luchtverkeersleidingsdienst; -b. naderingsluchtverkeersleiding, die de bevoegdheid geeft om luchtverkeersleiding te geven bij een in de bevoegdverklaring aan te duiden naderingsluchtverkeersleidingsdienst; -c. algemene luchtverkeersleiding, die de bevoegdheid geeft om luchtverkeersleiding te geven bij een in de bevoegdverklaring aan te duiden algemene luchtverkeersleidingsdienst; -d. radarnaderingsluchtverkeersleiding, die de bevoegdheid geeft om radarluchtverkeersleiding te geven bij een in de bevoegdverklaring aan te duiden naderingsluchtverkeersleidingsdienst; -e. algemene radarluchtverkeersleiding, die de bevoegdheid geeft om radarluchtverkeersleiding te geven bij een in de bevoegdverklaring aan te duiden algemene luchtverkeersleidingsdienst. +**3.** Onze Minister kan op de bewijzen van bevoegdheid voor luchtverkeersleider, vluchtinformatieverstrekker en luchtvaartterreininformatieverstrekker tevens één of meer bijzondere bevoegdverklaringen weergeven zoals aangegeven in bijlage II bij dit besluit. -**2.** Onze Minister geeft op het bewijs van bevoegdheid, genoemd in artikel 17, onderdeel c, al dan niet onder beperkingen naar deelfunctie, gebied of tijd, de bevoegdverklaring AFIS weer, die de bevoegdheid geeft om AFIS te verstrekken. +**4.** De bijzondere bevoegdverklaringen, bedoeld in het derde lid, en de daarbij behorende bevoegdheden zijn slechts geldig in samenhang met de bij de desbetreffende bewijzen van bevoegdheid behorende algemene bevoegdverklaringen, bevoegdheden en beperkingen. + +**5.** Op de bewijzen van bevoegdheid, bedoeld in artikel 17, wordt de bevoegdverklaring RT weergegeven. ### Artikel 19 -De minimumleeftijd voor de afgifte van een bewijs van bevoegdheid bedraagt voor: +De minimumleeftijd voor de afgifte van een bewijs van bevoegdheid als bedoeld in artikel 17 bedraagt voor: a. luchtverkeersleider: 19 jaar; -b. luchtverkeersleider in opleiding: 18 jaar; -c. AFISO: 18 jaar; +b. leerling-luchtverkeersleider: 18 jaar; +c. vluchtinformatieverstrekker: 18 jaar; +d. luchtvaartterreininformatieverstrekker: 18 jaar. ### Artikel 20 -**1.** Met inachtneming van artikel 19 wordt het bewijs van bevoegdheid of de bevoegdverklaring op aanvraag verleend aan een ieder die in het bezit is van een geldige medische verklaring en voldoet aan de bij ministeriële regeling vast te stellen vereisten inzake kennis, bedrevenheid en ervaring. +**1.** -**2.** Onze Minister stelt de tarieven vast, volgens welke de kosten, bedoeld in artikel 2.3, zesde lid, onderdeel h, van de wet, worden vergoed. +Met inachtneming van artikel 19 worden een bewijs van bevoegdheid en een bevoegdverklaring voor luchtverkeersleider, leerling-luchtverkeersleider en vluchtinformatieverstrekker op aanvraag verleend aan een ieder die: + +a. in het bezit is van een geldige medische verklaring, +b. voldoet aan bij ministeriële regeling te stellen eisen inzake kennis, bedrevenheid en ervaring, en +c. dit onderdeel is nog niet in werking getreden. + +**2.** Het eerste lid, onderdeel b, is van overeenkomstige toepassing op het verlenen van bewijzen van bevoegdheid en bevoegdverklaringen voor luchtvaartterreininformatieverstrekker. + +**3.** Onze Minister stelt de tarieven vast, volgens welke de kosten, bedoeld in artikel 2.3, zesde lid, onderdeel h, van de wet, worden vergoed. ### Artikel 21 -**1.** Het bewijs van bevoegdheid, genoemd in artikel 17, onderdeel a, b, of c, wordt verlengd, indien de houder op een door Onze Minister goed te keuren wijze heeft aangetoond dat hij zijn kennis, bedrevenheid en ervaring heeft behouden. +**1.** + +De bewijzen van bevoegdheid, bevoegdverklaringen en de daarbij behorende bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 17 en 18, worden voor de volgende termijnen afgegeven: + +a. bewijzen van bevoegdheid: voor onbepaalde tijd; +b. algemene bevoegdverklaringen: voor een termijn van 12 maanden; +c. bijzondere bevoegdverklaringen: voor een termijn van 36 maanden. + +**2.** De termijnen, bedoeld in het eerste lid, onderdelen b en c, worden met eenzelfde termijn verlengd indien de houder overeenkomstig de op grond van artikel 5.16, tweede lid, van de wet door Onze Minister goed te keuren regels heeft aangetoond dat hij de daartoe vereiste kennis, bedrevenheid en ervaring heeft behouden. + +**3.** Het bewijs van bevoegdheid voor leerling-luchtverkeersleider vervalt zodra aan de houder daarvan een bewijs van bevoegdheid voor luchtverkeersleider met ten minste één algemene bevoegdverklaring is afgegeven. ### Artikel 22 -**1.** +**1.** De vereisten inzake ervaring voor het verkrijgen van een bewijs van bevoegdheid voor vluchtinformatieverstrekker zijn niet van toepassing op personen die maximaal 24 maanden voor de datum van aanvraag in het bezit waren van een geldig bewijs van bevoegdheid voor luchtverkeersleider. -De vereisten inzake ervaring voor het bewijs van bevoegdheid, genoemd in artikel 17, onderdeel c, zijn niet van toepassing op personen die: - -a. maximaal 24 maanden voor de datum van aanvraag in het bezit waren van een geldig bewijs van bevoegdheid als luchtverkeersleider en tewerkgesteld waren bij de LVB-organisatie, -b. maximaal 24 maanden voor de datum van aanvraag de functie van luchtverkeersleidingsassistent bij de LVB-organisatie daadwerkelijk uitoefenden, of -c. maximaal 24 maanden voor de datum van aanvraag tewerkgesteld waren als luchtverkeersleider bij de krijgsmacht. +**2.** De vereisten inzake ervaring voor het verkrijgen van een bewijs van bevoegdheid voor luchtvaartterreininformatieverstrekker zijn niet van toepassing op personen die maximaal 24 maanden voor de datum van de aanvraag in het bezit waren van een geldig bewijs van bevoegdheid voor luchtverkeersleider of vluchtinformatieverstrekker . ### Artikel 23 -**1.** - -Het vereiste inzake het afleggen van een algemeen examen voor het bewijs van bevoegdheid, genoemd in artikel 17, onderdeel a, b, c en d, is niet van toepassing op personen, zoals aangegeven in onderstaande tabel: - -| Personen die aanspraak maken op vrijstelling | Aanvrager voor het algemeen examen voor luchtverkeersleider krijgt vrijstelling behoudens voor de hierna genoemde vakken | Aanvrager voor het algemeen examen voor AFISO krijgt vrijstelling behoudens voor de hierna genoemde vakken | Aanvrager voor het algemeen examen voor luchtvaartterreininformatieverstrekker krijgt vrijstelling behoudens voor de hierna genoemde vakken | -| --- | --- | --- | --- | -| Luchtverkeersleiders bij de LVB-organisatie of degenen die maximaal 24 maanden voor de datum van aanvraag in het bezit waren van een geldig bewijs van bevoegdheid als luchtverkeersleider en tewerkgesteld waren bij de LVB-organisatie. | n.v.t. | Vrijstelling | Vrijstelling | -| | | | | -| Luchtverkeersleiders die tewerkgesteld zijn bij de krijgsmacht of degenen die maximaal 24 maanden voor de datum van aanvraag als luchtverkeersleider tewerkgesteld waren bij de krijgsmacht. | Luchtverkeersleidingsvoorschriften en luchtvaartregelgeving menselijke prestaties en beperkingen operationele procedures voorschriften operationele procedures radiotelefonie | Communicatievoorschriften AFIS voorschriften, AFIS voorschriften en luchtvaartregelgeving | Vrijstelling | -| | | | | -| Luchtverkeersleidingsassistenten bij de LVB-organisatie of degenen die maximaal 24 maanden voor de datum van de aanvraag de functie van luchtverkeersleidingsassistenten bij de LVB-organisatie daadwerkelijk uitoefenden. | Luchtverkeersleidingsvoorschriften en luchtvaartregelgeving menselijke prestaties en beperkingen Engels mondeling operationele procedures voorschriften operationele procedures radiotelefonie | Vrijstelling | Vrijstelling | -| | | | | -| Houders van een geldig Nederlands bewijs voor de burgerluchtvaart met RT. | Geen vrijstelling | Geen vrijstelling | Vrijstelling | -| | | | | -| Houders van een geldig algemeen certificaat maritieme radiocommunicatie of een geldig beperkt certificaat maritieme radiocommunicatie als bedoeld in de Regeling aanvraag en toelating vergunningen op volgorde van binnenkomst of bij wijze van voorrang. | Geen vrijstelling | Geen vrijstelling | bijlage 10, deel 2, hoofdstuk 5 van het Verdrag inzake de internationale burgerluchtvaart, luchtvaartgids Nederland meteorologische vluchtinformatieverstrekking Search and Rescue | - -**2.** - -Het vereiste inzake het afleggen van het examen voor een bevoegdverklaring op het bewijs van bevoegdheid, genoemd in artikel 17, onderdeel c, is niet van toepassing op personen die: - -a. in het bezit zijn van een bewijs van bevoegdheid als luchtverkeersleider met de bevoegdverklaring plaatselijke luchtverkeersleiding en tewerkgesteld zijn bij de LVB-organisatie of degenen die maximaal 24 maanden voor de datum van aanvraag in het bezit waren van een geldig bewijs van bevoegdheid als luchtverkeersleider met de bevoegdverklaring plaatselijke luchtverkeersleiding en tewerkgesteld waren bij de LVB-organisatie, of -b. tewerkgesteld zijn bij het luchtverkeersdienstverleningspersoneel van de krijgsmacht en bevoegdverklaard zijn tot het geven van plaatselijke luchtverkeersleiding of degenen die maximaal 24 maanden voor de datum van aanvraag tewerkgesteld waren bij het luchtverkeersdienstverleningspersoneel van de krijgsmacht en bevoegdverklaard waren tot het geven van plaatselijke luchtverkeersleiding. +Vervallen ### Artikel 24 @@ -554,42 +555,47 @@ b. tewerkgesteld zijn bij het luchtverkeersdienstverleningspersoneel van de krij **3.** Indien een bewijs van bevoegdheid anders dan wegens verlies is vernieuwd, kan Onze Minister de houder opdragen het oorspronkelijke bewijs binnen een week na de datum van verzending van het nieuwe bewijs aan Onze Minister te zenden. -### Paragraaf 2. Het examen +### Paragraaf 2. Opleiding en kwalificatie + +### Artikel 24a + +Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden + +### Artikel 24b + +Onze Minister geeft regels met betrekking tot de kwalificatie van STD’s voor luchtverkeersleider. Artikel 13, derde lid, tweede volzin, is van overeenkomstige toepassing. + +### Paragraaf 3. Het examen ### Artikel 25 -**1.** Als bewijs, dat wordt voldaan aan de eisen met betrekking tot de nodige kennis en bedrevenheid voor een bewijs van bevoegdheid of een bevoegdverklaring als bedoeld in artikel 17 en 18 dient met goed gevolg een examen te worden afgelegd. +**1.** Als bewijs dat is voldaan aan de eisen met betrekking tot de nodige kennis, bedrevenheid en ervaring, bedoeld in artikel 20, eerste lid, onderdeel b, geldt een met goed gevolg afgelegd examen. **2.** -Het examen voor een bewijs van bevoegdheid als bedoeld in artikel 17, onderdeel a, c of d, wordt onderscheiden in: +Het examen bestaat uit: -a. een algemeen examen, en -b. een examen voor een bevoegdverklaring. +a. een theoretisch onderzoek naar kennis; +b. een praktisch onderzoek naar kennis, bedrevenheid en ervaring. -**3.** Het examen voor een bewijs van bevoegdheid als bedoeld in artikel 17, onderdeel b, bestaat uit een algemeen examen. - -**4.** Onze Minister kan nadere regels stellen met betrekking tot de in het eerste lid, tweede en derde lid genoemde examens. - -**5.** Dit lid is nog niet in werking getreden. - -**6.** Het examen wordt in de Nederlandse taal afgenomen. In bijzondere gevallen kan de Engelse taal gebezigd worden. +**3.** Dit lid is nog niet in werking getreden. ### Artikel 26 -**1.** Voor het examen voor een bewijs van bevoegdheid als bedoeld in artikel 17, onderdeel a, b en c, wordt het examen afgenomen door een examencommissie op het terrein van de burgerluchtverkeersdienstverlening. +**1.** Het examen, bedoeld in artikel 25, wordt afgenomen door een door Onze Minister in te stellen examencommissie. -**2.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat benoemt in de examencommissie voor burgerluchtverkeersdienstverlening op voordracht van de LVB-organisatie, een voorzitter, secretaris en plaatsvervangend secretaris, telkens voor de tijd van ten hoogste twee jaar. +**2.** -**3.** Onze Minister benoemt een plaatsvervangend voorzitter, telkens voor de tijd van ten hoogste twee jaar. +Onze Minister benoemt, telkens voor een periode van ten hoogste twee jaar, de volgende leden van de examencommissie: -**4.** De examencommissie bestaat voorts uit leden die, op voordracht van de voorzitter, in overleg met de plaatsvervangend voorzitter, telkens voor de tijd van ten hoogste twee jaar door Onze Minister worden benoemd. +a. de voorzitter, +b. de plaatsvervangend voorzitter, +c. de secretaris, +d. minimaal twee beheerders van de examenvragendatabank. -**5.** Bij ontstentenis van de voorzitter en diens plaatsvervanger worden hun werkzaamheden verricht door een door Onze Minister aan te wijzen lid, die bij de examencommissie voor burgerluchtverkeersdienstverlening wordt voorgedragen door de LVB-organisatie. +**3.** De benoeming van de in het tweede lid, onderdelen b, c en d, bedoelde leden vindt plaats op voordracht van de voorzitter van de examencommissie, in overleg met de in de artikelen 5.13, eerste lid, onderdeel a, en 5.14, eerste lid, onderdeel a, van de wet bedoelde instanties voor luchtverkeersdienstverlening. -**6.** Het examen bedoeld in artikel 25 wordt afgenomen door een door de voorzitter aan te wijzen delegatie uit de examencommissie. - -**7.** De voorzitter roept de leden tijdig op. +**4.** Bij ontstentenis van de voorzitter en de plaatsvervangend voorzitter worden hun werkzaamheden verricht door de secretaris. ### Artikel @@ -597,31 +603,20 @@ Vervallen ### Artikel 28 -**1.** Onze Minister stelt, de voorzitter van de examencommissie gehoord, een examenreglement op. +**1.** Bij regeling van Onze Minister worden regels vastgesteld voor het examen, bedoeld in artikel 25. **2.** -In dit reglement kunnen ten minste bepalingen worden opgenomen omtrent: +De regels, bedoeld in het eerste lid, betreffen in ieder geval: -a. de organisatie van de examencommissie; -b. de toelating tot examens; -c. de vereiste opleiding en ervaring; -d. het algemeen examen; -e. het rooster; -f. de duur van examens en de wijze waarop examens worden uitgevoerd; -g. de vaststelling van de examenopgaven voor het schriftelijk gedeelte; -h. de geheimhouding; -i. het toezicht op examens; -j. de oproep en aanmelding van de examinandus; -k. de examentermijn en het aantal examinatoren; -l. de ordemaatregelen tijdens examens; -m. de beoordeling van examens; -n. de vaststelling van de eindcijfers van examenvakken; -o. de vrijstelling van examens, danwel van onderdelen daarvan; -p. de kennisgeving van de uitslag; -q. de herexamens; -r. de termijn waarbinnen examens moeten zijn afgelegd; -s. de uitsluiting van examens. +a. de taken en verantwoordelijkheden van de examencommissie; +b. de taken en verantwoordelijkheden van luchtverkeersdienstverleningsorganisaties en exploitanten van luchtvaartterreinen en hun personeel met betrekking tot examens; +c. de wijze van het afnemen van examens; +d. vrijstelling en ontheffing van examens; +e. exameneisen; +f. toelatingseisen. + +**3.** Onze Minister hoort de voorzitter van de examencommissie omtrent de vaststelling van regels, bedoeld in het eerste lid. ### Artikel 29 @@ -647,6 +642,7 @@ e. de kennisgeving van de uitslag; f. de eisen van medische geschiktheid en de beperkingen waaronder de medische verklaring kan worden afgegeven; g. de eisen waaraan een geneeskundige of een geneeskundige instantie ten behoeve van hun autorisatie moeten voldoen; h. de verplichtingen van de houder van de medische verklaring of van een geneeskundige of een geneeskundige instantie; +i. de erkenning van in het buitenland verrichte keuringen. **3.** Onze Minister stelt de tarieven vast, volgens welke de kosten, als bedoeld in artikel 2.3, zesde lid, onderdeel h en artikel 2.4, derde lid, onderdeel g, van de wet worden vergoed. @@ -751,13 +747,13 @@ h. aan een houder van een bevoegdverklaring blindvliegen, als bedoeld in artikel i. aan een houder van een beperkt vliegbewijs A, als bedoeld in artikel 12, eerste lid, onderdeel a, sub 2, van de R.T.L., een RPL wordt afgegeven in een overeenkomende categorie luchtvaartuigen met een overeenkomende bijzondere bevoegdverklaring; j. aan een houder van een oefenbewijs, als bedoeld in artikel 12, eerste lid, onderdeel a, sub 1, van de R.T.L., in een van de in artikel 2, tweede lid, genoemde categorieën luchtvaartuigen vrijstelling wordt verleend als bedoeld in artikel 11, onderdeel h van dit besluit. -**2.** Aan andere dan de in het eerste lid genoemde houders van een geldig bewijs van bevoegdheid wordt, zonder dat behoeft te worden voldaan aan de bij of krachtens artikel 8, eerste lid van dit besluit genoemde eisen, een nieuw bewijs van bevoegdheid verstrekt, dat gelijkwaardig is aan hun huidige bewijs van bevoegdheid; +**2.** Aan andere dan de in het eerste lid genoemde houders van een geldig bewijs van bevoegdheid wordt, zonder dat behoeft te worden voldaan aan de bij of krachtens artikel 8, eerste lid van dit besluit genoemde eisen, een nieuw bewijs van bevoegdheid verstrekt, dat gelijkwaardig is aan hun huidige bewijs van bevoegdheid; **3.** Aan andere dan de in het eerste lid genoemde houders van een geldige algemene bevoegdverklaring wordt, zonder dat behoeft te worden voldaan aan de bij of krachtens artikel 8, eerste lid, van dit besluit, genoemde eisen, een nieuwe bevoegdverklaring op het document weergegeven dat gelijkwaardig is aan hun huidige bevoegdverklaring; **4.** Aan degene die vliegonderricht geeft of heeft gegeven, als bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdeel g, h of j, wordt op verzoek een TRI onderscheidenlijk CRI onderscheidenlijk SFI afgegeven, indien hij aantoont voor de inwerkingtreding van dit besluit ten minste 5 uur het bedoelde vliegonderricht te hebben gegeven in de voorafgaande periode van 12 maanden. -**5.** Aan andere dan de in het eerste lid genoemde houders van een geldige bijzondere bevoegdverklaring wordt, zonder dat behoeft te worden voldaan aan de bij of krachtens artikel 8, eerste lid, van dit besluit genoemde eisen, een bijzondere bevoegdverklaring als bedoeld in de bijlage bij dit besluit weergegeven op het document. +**5.** Aan andere dan de in het eerste lid genoemde houders van een geldige bijzondere bevoegdverklaring wordt, zonder dat behoeft te worden voldaan aan de bij of krachtens artikel 8, eerste lid, van dit besluit genoemde eisen, een bijzondere bevoegdverklaring als bedoeld in bijlage I bij dit besluit weergegeven op het document. **6.** Aan degenen die op het moment van inwerkingtreding van dit besluit aan kunnen tonen bevoegd te zijn om praktijkexamens af te nemen en te beoordelen wordt, zonder dat behoeft te worden voldaan aan de bij of krachtens artikel 8, eerste lid, van dit besluit genoemde eisen een autorisatiedocument verstrekt met inbegrip van bevoegdheden gelijkwaardig aan de bevoegdheden die zij op dat moment hebben. @@ -823,6 +819,8 @@ De artikelen van dit besluit treden in werking op een bij koninklijk besluit te Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit bewijzen van bevoegdheid voor de luchtvaart. -## Bijlage . als bedoeld in artikel 38, vijfde lid, van het besluit bewijzen van bevoegdheid +## Bijlage I. behorende bij -Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden +## Bijlage II. behorende bij + +*[afbeelding]*