2025-07-03 | BWBR0012287 | Vreemdelingencirculaire 2000 (A)
This commit is contained in:
parent
c3561c0d75
commit
1f8279cc19
1 changed files with 36 additions and 33 deletions
|
|
@ -49,9 +49,10 @@ citeertitel: Vreemdelingencirculaire 2000 (A)
|
|||
| cv | commanditaire vennootschap |
|
||||
| DBIN | Directie Buitenlandse Investeringen in Nederland |
|
||||
| DGPJS | Directoraat-Generaal Preventie, Jeugd en Sancties |
|
||||
| DISA | Dienst Identificatie en Screening Asielzoekers |
|
||||
| DLOS | Dienst Landelijke Operationele Samenwerking |
|
||||
| DNA | deoxyribonucleic acid (desoxyribonucleïnezuur) |
|
||||
| DT&V | Dienst Terugkeer en Vertrek |
|
||||
| DTenV | Dienst Terugkeer en Vertrek |
|
||||
| DUO | Dienst Uitvoering Onderwijs, voorheen IB-Groep en CFI |
|
||||
| EBV | Elektronisch Berichtenverkeer |
|
||||
| EER | Europese Economische Ruimte |
|
||||
|
|
@ -466,9 +467,9 @@ De visumplichtige vreemdeling moet, om in aanmerking te komen voor de toepassing
|
|||
|
||||
Als de vreemdeling niet overtuigend kan aantonen dat hij behoort tot de hiervoor genoemde categorieën, dan geldt het reguliere visumbeleid.
|
||||
|
||||
De ambtenaar belast met de grensbewaking toetst of er sprake is van een duurzame relatie volgens het gestelde in paragraaf B10/2.2 Vc.
|
||||
De ambtenaar belast met de grensbewaking toetst of er sprake is van een duurzame relatie volgens het gestelde in paragraaf B10/2.2.4.5 Vc.
|
||||
|
||||
Voor de bewijsmiddelen dat sprake is van een duurzame relatie wordt verwezen naar paragraaf B10/2.4 Vc.
|
||||
Voor de bewijsmiddelen dat sprake is van een duurzame relatie wordt verwezen naar paragraaf B10/2.7.3 Vc.
|
||||
|
||||
In alle gevallen dient het om een bestaande duurzame relatie te gaan.
|
||||
|
||||
|
|
@ -742,7 +743,7 @@ De ambtenaar belast met de grensbewaking kan altijd de medewerker van de IND con
|
|||
Indien een volwassen vreemdeling samen met een minderjarig kind te kennen geeft een aanvraag voor het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te willen indienen, dan handelt de ambtenaar belast met de grensbewaking als volgt:
|
||||
|
||||
• de ambtenaar belast met de grensbewaking verleent de toegang en legt daarmee geen vrijheidsontnemende maatregel op; en
|
||||
• de ambtenaar belast met de grensbewaking verwijst deze vreemdelingen voor het indienen van de aanvraag voor het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, door naar de aanmeldunit van de AVIM (Afdeling Vreemdelingpolitie, Identificatie en Mensenhandel) (zie paragraaf C1/2.1 Vc).
|
||||
• de ambtenaar belast met de grensbewaking verwijst deze vreemdelingen voor het indienen van de aanvraag voor het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, door naar aanmeldcentrum Ter Apel (zie paragraaf C1/2.1 Vc).
|
||||
|
||||
Indien er indicaties zijn van mogelijke risico’s voor het geestelijk of lichamelijk welzijn van het minderjarige kind of indien nader onderzoek nodig is naar de volwassen vreemdeling of zijn gestelde relatie tot het minderjarige kind, dan kan de ambtenaar belast met de grensbewaking van deze regel afwijken. De ambtenaar belast met de grensbewaking:
|
||||
|
||||
|
|
@ -753,7 +754,7 @@ Indien er indicaties zijn van mogelijke risico’s voor het geestelijk of licham
|
|||
Indien er door de ambtenaar belast met de grensbewaking wordt vastgesteld dat er risico’s zijn voor het geestelijk of lichamelijk welzijn van het minderjarige kind en/of dat er geen nader onderzoek nodig is naar de volwassen vreemdeling of zijn gestelde relatie tot het minderjarige kind (de relatie wordt niet aangenomen), dan wordt er als volgt gehandeld. De ambtenaar belast met de grensbewaking:
|
||||
|
||||
• verleent aan het minderjarige kind de toegang en legt daarmee geen vrijheidsontnemende maatregel op;
|
||||
• verwijst het minderjarige kind voor het indienen van de aanvraag voor het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, door naar de aanmeldunit van de AVIM (zie paragraaf C1/2.1 Vc).
|
||||
• verwijst het minderjarige kind voor het indienen van de aanvraag voor het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, door naar de DISA (zie paragraaf C1/2.1 Vc).
|
||||
• stelt de toegangsweigering van de volwassen vreemdeling uit door middel van het model M18A;
|
||||
• legt aan de volwassen vreemdeling een vrijheidsontnemende maatregel op op grond van artikel 6, derde lid, Vw door middel van het model M19 dan wel M19A (zie paragraaf A5/3.2);
|
||||
• plaatst de volwassen vreemdeling ten spoedigste voor de behandeling van de aanvraag voor het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in AC Schiphol.
|
||||
|
|
@ -761,7 +762,7 @@ Indien er door de ambtenaar belast met de grensbewaking wordt vastgesteld dat er
|
|||
Indien een alleenstaande minderjarige vreemdeling te kennen geeft een aanvraag voor het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te willen indienen, dan handelt de ambtenaar belast met de grensbewaking als volgt:
|
||||
|
||||
• de ambtenaar belast met de grensbewaking verleent de toegang en legt daarmee geen vrijheidsontnemende maatregel op; en
|
||||
• de ambtenaar belast met de grensbewaking verwijst deze vreemdeling voor het indienen van de aanvraag voor het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, door naar de aanmeldunit van de AVIM (zie paragraaf C1/2.1 Vc).
|
||||
• de ambtenaar belast met de grensbewaking verwijst deze vreemdeling voor het indienen van de aanvraag voor het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, door naar aanmeldcentrum Ter Apel (zie paragraaf C1/2.1 Vc).
|
||||
|
||||
De ambtenaar belast met de grensbewaking legt een voornemen voor aan de IND als het voornemen bestaat om de toegang te weigeren aan een vreemdeling die een onderdaan van de EU, EER of Zwitserland is of dit stelt te zijn, en vraagt een bijzondere aanwijzing op grond van artikel 8.8, tweede lid, Vb.
|
||||
|
||||
|
|
@ -792,7 +793,7 @@ De ambtenaar belast met de grensbewaking kruist in het standaardformulier zoals
|
|||
|
||||
In paragraaf A5/3.1 Vc onder het kopje *Vrijheidsontneming op grond van artikel 6, derde lid, Vw* is toegelicht in welke situaties de grondslag voor vrijheidsontneming in artikel 6, derde lid, Vw wordt toegepast. Wanneer de daar genoemde situaties niet langer van toepassing zijn, neemt de ambtenaar belast met de grensbewaking zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen twee dagen, een besluit omtrent weigering van de toegang als bedoeld in artikel 14 SGC middels het model M17A.
|
||||
|
||||
Wanneer het de vreemdeling ingevolge artikel 7.3 tweede lid juncto artikel 3.1, tweede lid onder a of e, Vb niet is toegestaan de uitspraak op een ingediend verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening hier te lande af te wachten, neemt de ambtenaar belast met de grensbewaking zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen twee dagen, na het besluit op de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd een besluit omtrent weigering van de toegang als bedoeld in artikel 14 SGC middels het model M17A.
|
||||
Wanneer het de vreemdeling ingevolge artikel 7.3 tweede lid juncto artikel 3.1, tweede lid onder a of e, Vb niet is toegestaan de uitspraak op een ingediend verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening hier te lande af te wachten, neemt de ambtenaar belast met de grensbewaking zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen twee dagen na het besluit op de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd een besluit omtrent weigering van de toegang als bedoeld in artikel 14 SGC middels het model M17A.
|
||||
|
||||
Indien de vreemdeling de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd intrekt, neemt de ambtenaar belast met de grensbewaking zo spoedig mogelijk een besluit omtrent weigering van de toegang als bedoeld in artikel 14 juncto artikel 6 SGC, middels het model M17. Tevens wordt een nieuwe vrijheidsontnemende maatregel opgelegd op grond van artikel 6, eerste en tweede lid, Vw dan wel artikel 6a, eerste lid, Vw. Het nemen van een besluit omtrent de weigering van toegang en het opleggen van een nieuwe vrijheidsontnemende maatregel dient zo spoedig mogelijk plaats te vinden, maar uiterlijk binnen twee dagen na intrekking van de asielaanvraag.
|
||||
|
||||
|
|
@ -829,7 +830,7 @@ De ambtenaar belast met de grensbewaking weigert de aanvraag om een visum uitslu
|
|||
|
||||
De ambtenaar belast met de grensbewaking verstrekt het visum gratis in het geval dat hij een familie- of gezinslid als bedoeld in artikel 8.7, tweede, derde of vierde lid, Vb aan de grens aantreft en hij de vreemdeling verzoekt om een visum aan te vragen om de onderdaan van de EU, de EER en Zwitserland te begeleiden of zich bij die onderdaan te voegen.
|
||||
|
||||
Als de ambtenaar belast met de grensbewaking aan een alleenreizende minderjarige vreemdeling de toegang tot Nederland weigert, draagt de ambtenaar de vreemdeling over aan de DT&V voor het terugbrengen van de vreemdeling naar een derde land waar zijn toelating is gewaarborgd.
|
||||
Als de ambtenaar belast met de grensbewaking aan een alleenreizende minderjarige vreemdeling de toegang tot Nederland weigert, draagt de ambtenaar de vreemdeling over aan de DTenV voor het terugbrengen van de vreemdeling naar een derde land waar zijn toelating is gewaarborgd.
|
||||
|
||||
#### 7.4. Ondersteuning van doorgeleiding via Nederland bij verwijdering door de lucht
|
||||
|
||||
|
|
@ -2168,8 +2169,8 @@ Om in aanmerking te komen voor het REAN-programma moet een vreemdeling alle volg
|
|||
• een aanvraag voor vrijwillig vertrek indienen bij de IOM;
|
||||
• een aanvraagformulier ondertekenen waarin de vreemdeling verklaart geen bezwaar te hebben tegen:
|
||||
|
||||
− het uitwisselen van informatie tussen de IOM, de IND en de DT&V ten behoeve van (toetsing aan de voorwaarden voor) vrijwillige terugkeer;
|
||||
− het uitwisselen van persoonsgegevens, datum aanvraag vrijwillige terugkeer, datum beëindiging aanvraag, (geplande) vertrekdatum en kopie reisdocument die na vertrek kunnen worden gedeeld met instanties in de migratieketen (IND, DT&V, COA, AVIM, KMar).
|
||||
– het uitwisselen van informatie tussen de IOM, de IND en de DTenV ten behoeve van (toetsing aan de voorwaarden voor) vrijwillige terugkeer;
|
||||
– het uitwisselen van persoonsgegevens, datum aanvraag vrijwillige terugkeer, datum beëindiging aanvraag, (geplande) vertrekdatum en kopie reisdocument die na vertrek kunnen worden gedeeld met instanties in de migratieketen (IND, DTenV, COA, AVIM, DISA, KMar).
|
||||
|
||||
Een vreemdeling komt niet in aanmerking voor het REAN-programma als hij de nationaliteit heeft van, of in het bezit is van een geldig (tijdelijke) reguliere verblijfsvergunning, of een asielvergunning voor onbepaalde tijd, van:
|
||||
|
||||
|
|
@ -2178,7 +2179,7 @@ Een vreemdeling komt niet in aanmerking voor het REAN-programma als hij de natio
|
|||
• een van de Europese microstaten (Andorra, Liechtenstein, Monaco, San Marino en Vaticaanstad);
|
||||
• een land dat behoort tot de top 35 van de hoogste inkomens per hoofd van de bevolking volgens de Wereldbank, inclusief Taiwan.
|
||||
|
||||
Een vreemdeling komt ook niet in aanmerking voor het REAN-programma als hij de afgelopen vijf jaar de EU heeft verlaten, zelfstandig of gedwongen, met ondersteuning van de DT&V, Frontex, of de IOM.
|
||||
Een vreemdeling komt ook niet in aanmerking voor het REAN-programma als hij de afgelopen vijf jaar de EU heeft verlaten, zelfstandig of gedwongen, met ondersteuning van de DTenV, Frontex, of de IOM.
|
||||
|
||||
De IOM kan in afwijking van het voorgaande (mogelijke) slachtoffers van mensenhandel en alleenstaande minderjarige vreemdelingen, of in andere schrijnende gevallen, ongeacht de nationaliteit of land van bestemming van de vreemdeling, assistentie verlenen bij het vertrek.
|
||||
|
||||
|
|
@ -2189,20 +2190,20 @@ De IOM moet ten aanzien van het REAN-programma alle volgende handelingen verrich
|
|||
|
||||
De IND heeft bezwaar tegen vertrek via de IOM, als de vreemdeling gesignaleerd staat vanwege opsporing.
|
||||
|
||||
De IND informeert de DT&V over de omstandigheid dat bezwaar is geuit tegen vertrek via de IOM.
|
||||
De IND informeert de DTenV over de omstandigheid dat bezwaar is geuit tegen vertrek via de IOM.
|
||||
|
||||
De DT&V heeft bezwaar tegen vertrek via de IOM van een vreemdeling vanwege een geplande uitzetting of overdracht in het kader van de verordening (EU) nr. 604/2013.
|
||||
De DTenV heeft bezwaar tegen vertrek via de IOM van een vreemdeling vanwege een geplande uitzetting of overdracht in het kader van de verordening (EU) nr. 604/2013.
|
||||
|
||||
Als door de DT&V al handelingen zijn gestart om het vertrek van de vreemdeling mogelijk te maken, kan de DT&V tenminste één van de volgende beslissingen nemen:
|
||||
Als door de DTenV al handelingen zijn gestart om het vertrek van de vreemdeling mogelijk te maken, kan de DTenV tenminste één van de volgende beslissingen nemen:
|
||||
|
||||
• er is bezwaar tegen het vertrek via de IOM: het vertrek vindt via de DT&V plaats; of
|
||||
• er is geen bezwaar tegen vrijwillig vertrek van de vreemdeling via de IOM: de DT&V staakt de eigen vertrekmaatregelen.
|
||||
• er is bezwaar tegen het vertrek via de IOM: het vertrek vindt via de DTenV plaats; of
|
||||
• er is geen bezwaar tegen vrijwillig vertrek van de vreemdeling via de IOM: de DTenV staakt de eigen vertrekmaatregelen.
|
||||
|
||||
Als er geen bezwaar is tegen het vrijwillig vertrek zal de vreemdeling door de IOM worden geïnformeerd dat hij via het REAN-programma mag vertrekken.
|
||||
|
||||
De DT&V kan intussen doorgaan met de voorbereidingen voor een eventueel gedwongen vertrek, mocht de vreemdeling uiteindelijk toch niet met de IOM vertrekken.
|
||||
De DTenV kan intussen doorgaan met de voorbereidingen voor een eventueel gedwongen vertrek, mocht de vreemdeling uiteindelijk toch niet met de IOM vertrekken.
|
||||
|
||||
De vreemdeling moet zorg dragen voor het verkrijgen van een geldig document voor grensoverschrijding. Als de DT&V, de (zeehaven)politie, de KMar of de IND in het bezit is van een geldig document voor grensoverschrijding van de vreemdeling, wordt dit document gebruikt bij het zelfstandige vertrek van de vreemdeling dat wordt gefaciliteerd door de IOM. De vreemdeling die in het bezit is van een W-document moet het W-document voorafgaand aan zijn vertrek uit Nederland bij de politie inleveren.
|
||||
De vreemdeling moet zorg dragen voor het verkrijgen van een geldig document voor grensoverschrijding. Als de DTenV, de (zeehaven)politie, de KMar of de IND in het bezit is van een geldig document voor grensoverschrijding van de vreemdeling, wordt dit document gebruikt bij het zelfstandige vertrek van de vreemdeling dat wordt gefaciliteerd door de IOM. De vreemdeling die in het bezit is van een W-document moet het W-document voorafgaand aan zijn vertrek uit Nederland bij de politie inleveren.
|
||||
|
||||
De vreemdeling tekent bij vertrek een verklaring voor de IND, waarin staat dat de vreemdeling ermee instemt dat:
|
||||
|
||||
|
|
@ -2213,7 +2214,7 @@ De IOM verstrekt de vreemdeling zijn vliegticket en een eventuele eenmalige fina
|
|||
|
||||
De vreemdeling aan wie een vrijheidsbeperkende of vrijheidsontnemende maatregel is opgelegd, moet door de KMar worden overgedragen aan de IOM. Voor de overdracht van de vreemdeling aan de IOM, heft de ambtenaar belast met de grensbewaking de vrijheidsbeperkende of de vrijheidsontnemende maatregel op.
|
||||
|
||||
De IOM moet de IND en de DT&V door middel van een vertrekverklaring berichten dat de vreemdeling is vertrokken met ondersteuning van de IOM.
|
||||
De IOM moet de IND en de DTenV door middel van een vertrekverklaring berichten dat de vreemdeling is vertrokken met ondersteuning van de IOM.
|
||||
|
||||
#### 5.2. Remigratiebeleid derdelanders uit Oekraïne
|
||||
|
||||
|
|
@ -3400,7 +3401,7 @@ Er gelden aanvullende beleidsregels voor de ongewenstverklaring van:
|
|||
• Familieleden van onderdanen van de EU/EER en Zwitserland; of
|
||||
• Turkse werknemers en hun gezinsleden die een verblijfsrecht ontlenen aan Besluit 1/80.
|
||||
|
||||
In aanvulling op artikel 67 Vw, artikel 8.18, onder b, Vb en artikel 8.22 Vb gaat de IND over tot ongewenstverklaring van de vreemdeling als bedoeld in deze paragraaf van wie het verblijf is ontzegd of beëindigd op grond van de openbare orde en openbare veiligheid als bedoeld in paragraaf B10/2.3 Vc.
|
||||
In aanvulling op artikel 67 Vw, artikel 8.18, onder b, Vb en artikel 8.22 Vb gaat de IND over tot ongewenstverklaring van de vreemdeling als bedoeld in deze paragraaf van wie het verblijf is ontzegd of beëindigd op grond van de openbare orde en openbare veiligheid als bedoeld in paragraaf B10/2.8.6 Vc.
|
||||
|
||||
In aanvulling op artikel 8.22 Vb geldt bij de beoordeling door de IND van de aanvraag tot opheffing van de ongewenstverklaring als deugdelijk bewijsmiddel:
|
||||
|
||||
|
|
@ -3529,30 +3530,32 @@ De op grond van artikel 6, artikel 6a, artikel 59 Vw, artikel 59a Vw of artikel
|
|||
|
||||
|
||||
|
||||
Vrijheidsontneming op grond van artikel 59 Vw, artikel 59a Vw of artikel 59b Vw is een ingrijpende maatregel. De toepassing daarvan moet daarom tot het strikt noodzakelijke beperkt blijven. Een versterkte mate van terughoudendheid dient te worden betracht bij vrijheidsontneming van alleenstaande minderjarigen en gezinnen met minderjarigen. Zulks brengt met zich mee dat er extra aandacht zal moeten zijn voor de mogelijkheid van het gebruik van minder ingrijpende maatregelen dan vrijheidsontneming. Ten aanzien van alleenstaande minderjarigen en gezinnen met minderjarigen wordt dan ook zoveel mogelijk volstaan met het opleggen van een vrijheidsbeperkende maatregel in plaats van een vrijheidsontnemende maatregel om het vertrek voor te bereiden (zie paragraaf A5/5 Vc). Onder het begrip ‘gezin’ wordt hier verstaan ten minste één ouder of een wettelijk verzorger die in de voogdij voorziet, die samen met één of meer minderjarige kinderen feitelijk een gezin vormt.
|
||||
Vrijheidsontneming, als vermeld in artikel 59 Vw, artikel 59a Vw of artikel 59b Vw, is een ingrijpende maatregel. Vrijheidsontneming moet daarom alleen worden toegepast als het noodzakelijk is. Met vrijheidsontneming van alleenstaande minderjarigen en gezinnen met minderjarigen moet extra voorzichtig worden omgegaan. Daarom moet worden gekeken naar minder ingrijpende maatregelen dan vrijheidsontneming. Voor alleenstaande minderjarigen en gezinnen met minderjarigen wordt dan ook zoveel mogelijk gekozen voor het opleggen van een vrijheidsbeperkende maatregel, in plaats van een vrijheidsontnemende maatregel, om het vertrek voor te bereiden (zie paragraaf A5/5 Vc). Het begrip ‘gezin’ betekent hier ten minste één ouder of een wettelijk verzorger die in de voogdij voorziet, die samen met één of meer minderjarige kinderen feitelijk een gezin vormt.
|
||||
|
||||
Desalniettemin kan kort voor de gedwongen terugkeer het belang van de uitzetting maken dat de alleenstaande minderjarige of het gezin met minderjarigen voor een zo kort mogelijke periode in bewaring worden genomen ten einde de uitzetting zeker te stellen. Dat de in bewaring stellende instantie zich rekenschap heeft gegeven van de individuele omstandigheden van het geval zal door middel van een gedegen motivering eerst en vooral uit het dossier moeten blijken. Hierbij wordt in ieder geval, naast de voorwaarden van 5.1a, 5.1b en 5.1c Vb, de medische achtergrond, de leeftijd van de kinderen en, bij een gezin met minderjarigen, de samenstelling (volledigheid) van het gezin meegewogen.
|
||||
Toch kan het noodzakelijk zijn om kort voor de gedwongen terugkeer de alleenstaande minderjarige of het gezin met minderjarigen zo kort mogelijk in bewaring te stellen om de uitzetting te waarborgen. De in bewaring stellende instantie moet goed kijken naar de individuele omstandigheden van de alleenstaande minderjarige of het gezin met minderjarigen en deze individuele omstandigheden moeten duidelijk worden gemotiveerd in het dossier. Hierbij wordt, naast de voorwaarden als vermeld in de artikelen 5.1a, 5.1b en 5.1c Vb, ook rekening gehouden met de medische achtergrond, de leeftijd van de kinderen en, bij een gezin met minderjarigen, de volledige samenstelling van het gezin.
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 5.8 Vb wordt bewaring bij alleenstaande minderjarige vreemdelingen, nog meer dan bij volwassenen, alleen in uiterste gevallen toegepast en voor een zo kort mogelijke duur. Bij alleenstaande minderjarige vreemdelingen is bewaring alleen gerechtvaardigd als zwaarwegende belangen aanwezig zijn. Van zwaarwegende belangen is uitsluitend sprake in de volgende situaties:
|
||||
Op grond van artikel 5.8 Vb wordt bewaring bij amv’s, nog meer dan bij volwassenen, alleen in uiterste gevallen toegepast en voor een zo kort mogelijke duur. Bij amv’s is bewaring alleen gerechtvaardigd als zwaarwegende belangen aanwezig zijn. Van zwaarwegende belangen is uitsluitend sprake in de volgende situaties:
|
||||
|
||||
a. De alleenstaande minderjarige vreemdeling is verdacht van of veroordeeld voor een misdrijf;
|
||||
b. De alleenstaande minderjarige vreemdeling is eerder met onbekende bestemming vertrokken uit de opvang of heeft zich niet gehouden aan een opgelegde meldplicht of vrijheidsbeperkende maatregel; of
|
||||
c. Het vertrek van de alleenstaande minderjarige vreemdeling kan uiterlijk binnen twee weken gerealiseerd worden. Als de alleenstaande minderjarige vreemdeling voor het eerst in het vreemdelingentoezicht wordt aangetroffen, geldt een termijn van vier weken waarbinnen het vertrek gerealiseerd moet worden.
|
||||
a. De amv is verdacht van of veroordeeld voor een misdrijf;
|
||||
b. De amv is eerder met onbekende bestemming vertrokken uit de opvang of heeft zich niet gehouden aan een opgelegde meldplicht of vrijheidsbeperkende maatregel; of
|
||||
c. Het vertrek van de amv kan uiterlijk binnen twee weken gerealiseerd worden. Als de amv voor het eerst in het vreemdelingentoezicht wordt aangetroffen, geldt een termijn van vier weken waarbinnen het vertrek gerealiseerd moet worden.
|
||||
|
||||
In deze gevallen geldt niet de beperking dat uitzetting of overdracht van de alleenstaande minderjarige vreemdeling uiterlijk binnen twee of vier weken moet worden gerealiseerd. Voor de bewaring van de alleenstaande minderjarige vreemdeling gelden de wettelijke termijnen van de artikelen 59, 59a en 59b Vw zoals die ook voor een volwassen vreemdeling gelden.
|
||||
In deze gevallen geldt niet de beperking dat uitzetting of overdracht van de amv uiterlijk binnen twee of vier weken moet worden gerealiseerd. Voor de bewaring van de amv gelden de wettelijke termijnen van de artikelen 59, 59a en 59b Vw zoals die ook voor een volwassen vreemdeling gelden.
|
||||
|
||||
Bewaring van een alleenstaande minderjarige vreemdeling, door een ambtenaar als bedoeld in artikel 5.3 VV, is in de onder c bedoelde gevallen alleen mogelijk als redelijkerwijs mag worden verwacht dat de uitzetting of overdracht uiterlijk binnen respectievelijk twee of vier weken kan worden gerealiseerd. De bewaring duurt in deze gevallen in beginsel niet langer dan deze twee of vier weken.
|
||||
Bewaring van een amv, door een ambtenaar als bedoeld in artikel 5.3 VV, is in de onder c bedoelde gevallen alleen mogelijk als redelijkerwijs mag worden verwacht dat de uitzetting of overdracht uiterlijk binnen respectievelijk twee of vier weken kan worden gerealiseerd. De bewaring duurt in deze gevallen in beginsel niet langer dan deze twee of vier weken.
|
||||
|
||||
De bewaring van een alleenstaande minderjarige vreemdeling mag in deze gevallen uitsluitend langer dan twee of vier weken duren als de uitzetting of overdracht niet kan plaats vinden door tenminste één van de volgende omstandigheden:
|
||||
De bewaring van een amv mag in deze gevallen uitsluitend langer dan twee of vier weken duren als de uitzetting of overdracht niet kan plaats vinden door tenminste één van de volgende omstandigheden:
|
||||
|
||||
• (fysiek) verzet; of
|
||||
• het feit dat de alleenstaande minderjarige vreemdeling één of meerdere procedures is gaan voeren terwijl er geen gegronde reden was om die procedures niet reeds in een eerder stadium te starten.
|
||||
• het feit dat de amv één of meerdere procedures is gaan voeren terwijl er geen gegronde reden was om die procedures niet reeds in een eerder stadium te starten.
|
||||
|
||||
Als een van deze situaties zich voordoet, is de duur van de bewaring van de alleenstaande minderjarige vreemdeling gebonden aan de wettelijke termijnen van de artikelen 59, 59a en 59b Vw zoals die ook voor volwassen vreemdelingen gelden. Als de alleenstaande minderjarige vreemdeling in bewaring wordt gehouden op grond van artikel 59 Vw en er is sprake van een (gestarte) procedure naar aanleiding van een door de alleenstaande minderjarige vreemdeling ingediende aanvraag voor verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, moet een maatregel als bedoeld in artikel 59b Vw worden opgelegd. In dat geval gelden de wettelijke termijnen genoemd in dat artikel. De alleenstaande minderjarige vreemdeling wordt aansluitend opnieuw op grond van artikel 59 Vw in bewaring gesteld op het moment dat de alleenstaande minderjarige vreemdeling opnieuw verwijderbaar is geworden. De onder c bedoelde termijn vangt op dat moment opnieuw aan.
|
||||
Als een van deze situaties zich voordoet, is de duur van de bewaring van de amv gebonden aan de wettelijke termijnen van de artikelen 59, 59a en 59b Vw zoals die ook voor volwassen vreemdelingen gelden. Als de amv in bewaring wordt gehouden op grond van artikel 59 Vw en er is sprake van een (gestarte) procedure naar aanleiding van een door de amv ingediende aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, moet een maatregel als bedoeld in artikel 59b Vw worden opgelegd. In dat geval gelden de wettelijke termijnen genoemd in dat artikel. De amv wordt aansluitend opnieuw op grond van artikel 59 Vw in bewaring gesteld op het moment dat de amv opnieuw verwijderbaar is geworden. De onder c bedoelde termijn vangt op dat moment opnieuw aan.
|
||||
|
||||
Toezicht omvat alle mogelijke vormen van contact tussen de alleenstaande minderjarige vreemdeling en de toezichthouders als bedoeld in artikelen 46 en 47 Vw in het kader van de uitoefening van hun taken. Een alleenstaande minderjarige vreemdeling wordt voor het eerst in het toezicht aangetroffen als er niet eerder sprake is geweest van contact tussen de alleenstaande minderjarige vreemdeling en een toezichthouder in de hiervoor bedoelde zin. Er is in ieder geval sprake van een situatie waarin de alleenstaande minderjarige vreemdeling voor het eerst in het toezicht wordt aangetroffen als er bij de toezichthouders geen gegevens van de vreemdeling bekend zijn. Omdat van de alleenstaande minderjarige vreemdeling die voor het eerst in het toezicht wordt aangetroffen vaak weinig gegevens bekend zijn waardoor vertrek in veel gevallen niet binnen twee weken kan worden gerealiseerd, geldt voor hen dat bewaring mogelijk is indien vertrek binnen vier weken kan worden gerealiseerd. Voor een alleenstaande minderjarige vreemdeling die al wel eerder in het toezicht is aangetroffen of die bijvoorbeeld in de opvang verblijft, geldt dat bewaring slechts mogelijk is indien het vertrek binnen een termijn van twee weken kan worden gerealiseerd, tenzij sprake is van de onder a of b bedoelde situatie.
|
||||
Toezicht omvat alle mogelijke vormen van contact tussen de amv en de toezichthouders als bedoeld in artikelen 46 en 47 Vw in het kader van de uitoefening van hun taken. Een amv wordt voor het eerst in het toezicht aangetroffen als er niet eerder sprake is geweest van contact tussen de amv en een toezichthouder in de hiervoor bedoelde zin. Er is in ieder geval sprake van een situatie waarin de amv voor het eerst in het toezicht wordt aangetroffen als er bij de toezichthouders geen gegevens van de vreemdeling bekend zijn. Omdat van de amv die voor het eerst in het toezicht wordt aangetroffen vaak weinig gegevens bekend zijn waardoor vertrek in veel gevallen niet binnen twee weken kan worden gerealiseerd, geldt voor hen dat bewaring mogelijk is als vertrek binnen vier weken kan worden gerealiseerd. Voor een amv die al wel eerder in het toezicht is aangetroffen of die bijvoorbeeld in de opvang verblijft, geldt dat bewaring slechts mogelijk is als het vertrek binnen een termijn van twee weken kan worden gerealiseerd, tenzij sprake is van de onder a of b bedoelde situatie.
|
||||
|
||||
Zie voor het beleid omtrent het uitstellen van de toegangsweigering van een volwassen vreemdeling die tezamen met een minderjarig kind inreist en te kennen geeft een aanvraag voor het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te willen indienen paragraaf A1/7.3 Vc.
|
||||
Als een onrechtmatig verblijvende amv niet in bewaring wordt gesteld en geen aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd indient, wordt de amv in de minderjarigenopvang van het COA geplaatst en stuurt de AVIM of de KMar een overdrachtsdossier naar de DTenV.
|
||||
|
||||
Zie voor het beleid omtrent het uitstellen van de toegangsweigering van een volwassen vreemdeling die samen met een minderjarig kind inreist en te kennen geeft een aanvraag voor het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te willen indienen paragraaf A1/7.3 Vc.
|
||||
|
||||
Bewaring van een gezin met minderjarigen op grond van artikel 59, eerste lid, artikel 59, tweede lid, artikel 59a en artikel 59b, Vw kan slechts worden opgelegd als sprake is van de volgende omstandigheden.
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue