2018-07-01 | BWBR0009950 | Telecommunicatiewet
This commit is contained in:
parent
654625e6d1
commit
20ca811b23
1 changed files with 9 additions and 9 deletions
|
|
@ -785,7 +785,7 @@ In de gevallen waarin samenwerking tussen nummerhouders noodzakelijk is voor het
|
|||
|
||||
Een toekenning wordt geweigerd, indien:
|
||||
|
||||
a. de toekenning in strijd is met het desbetreffende nummerplan of een op grond van artikel 4.2, vijfde lid, vastgestelde aanwijzing;
|
||||
a. de toekenning in strijd is met het desbetreffende nummerplan of een op grond van artikel 4.2, zesde lid, vastgestelde aanwijzing;
|
||||
b. redelijkerwijs is te verwachten dat door de aanvrager niet zal of kan worden voldaan aan het bij of krachtens deze wet met betrekking tot nummers bepaalde;
|
||||
c. de toekenning in strijd zou zijn met de bij of krachtens deze wet gestelde regels.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1974,9 +1974,7 @@ Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden ter uitvoering van de net
|
|||
a. de voorkoming van nakende netwerkcongestie en de beperking van de effecten van uitzonderlijke of tijdelijke netwerkcongestie als bedoeld in artikel 3, derde lid, onderdeel c, van de netneutraliteitsverordening, en
|
||||
b. andere aan te bieden diensten als bedoeld in artikel 3, vijfde lid, van de netneutraliteitsverordening.
|
||||
|
||||
**3.** Aanbieders van internettoegangsdiensten stellen de hoogte van tarieven voor internettoegangsdiensten niet afhankelijk van de diensten en toepassingen die via deze diensten worden aangeboden of gebruikt.
|
||||
|
||||
**4.** De voordracht voor een krachtens het tweede lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
|
||||
**3.** De voordracht voor een krachtens het tweede lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
|
||||
|
||||
### Artikel 7.5
|
||||
|
||||
|
|
@ -2254,9 +2252,9 @@ Een importeur of distributeur wordt als fabrikant in de zin van richtlijn nr. 20
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over speciale maatregelen betreffende de ingebruikneming of het gebruik van uitrusting of radioapparaten die voldoen aan de bij of krachtens dit hoofdstuk gestelde voorschriften. Deze regels betreffen:
|
||||
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over speciale maatregelen betreffende de ingebruikneming of het gebruik van uitrusting die voldoet aan de bij of krachtens dit hoofdstuk gestelde voorschriften. Deze regels betreffen:
|
||||
|
||||
a. maatregelen om een bestaand of te verwachten probleem in verband met de eisen waar uitrusting of radioapparaten aan moeten voldoen op een bepaalde locatie te verhelpen;
|
||||
a. maatregelen om een bestaand of te verwachten probleem in verband met de eisen waar uitrusting aan moet voldoen op een bepaalde locatie te verhelpen;
|
||||
b. maatregelen die om veiligheidsredenen genomen worden om openbare elektronische communicatienetwerken of radioapparaten te beschermen, indien deze worden gebruikt voor veiligheidsdoeleinden in duidelijk gedefinieerde spectrumsituaties.
|
||||
|
||||
**2.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de middelen die Onze Minister kan gebruiken om het in de handel brengen of op de markt aanbieden van apparaten of radioapparaten of categorieën van apparaten of radioapparaten te beëindigen of te beperken apparaten of radioapparaten te laten terugroepen, of apparaten of radioapparaten uit de handel te laten nemen indien de vrees is gewettigd dat de betrokken apparaten of radioapparaten een risico vormen voor de gezondheid of veiligheid van personen of voor de bescherming van algemene belangen of dat door de betrokken apparaten of radioapparaten ontoelaatbare belemmeringen worden veroorzaakt in het etherverkeer of in andere apparaten of radioapparaten.
|
||||
|
|
@ -2779,7 +2777,7 @@ waardoor de continuïteit van openbare elektronische communicatienetwerken en op
|
|||
|
||||
**3.** Indien het continuïteitsplan naar het oordeel van Onze Minister onvoldoende bijdraagt aan de in het eerste lid bedoelde continuïteit, kan Onze Minister een aanbieder als bedoeld in het eerste lid de verplichting opleggen om binnen een bepaalde termijn een technische of organisatorische maatregel te treffen met het oog op de in het eerste lid bedoelde continuïteit.
|
||||
|
||||
**4.** Voor een aangewezen antenne-opstelpunt dragen de in het eerste lid bedoelde aanbieder of aanbieders en de aanbieder of aanbieders van openbare elektronische communicatienetwerken die bestaan uit radiozendapparaten die geschikt zijn voor het verspreiden van programma's en die door het aangewezen opstelpunt worden ondersteund, zorg voor de opstelling en de uitvoering van een gezamenlijk continuïteitsplan dat voorziet in onderlinge afstemming van de maatregelen, bedoeld in het eerste lid, onderscheidenlijk de maatregelen bedoeld in artikel 11a.1, eerste lid.
|
||||
**4.** Voor een aangewezen antenne-opstelpunt dragen de in het eerste lid bedoelde aanbieder of aanbieders en de aanbieder of aanbieders van openbare elektronische communicatienetwerken die bestaan uit radioapparaten die geschikt zijn voor het verspreiden van programma's en die door het aangewezen opstelpunt worden ondersteund, zorg voor de opstelling en de uitvoering van een gezamenlijk continuïteitsplan dat voorziet in onderlinge afstemming van de maatregelen, bedoeld in het eerste lid, onderscheidenlijk de maatregelen bedoeld in artikel 11a.1, eerste lid.
|
||||
|
||||
**5.** Indien de in het vierde lid bedoelde aanbieders geen overeenstemming kunnen bereiken over het gezamenlijke continuïteitsplan, kan Onze Minister voorschriften geven inzake het tot stand brengen van het plan.
|
||||
|
||||
|
|
@ -3121,7 +3119,7 @@ d. het verbod heeft geen ernstige economische of maatschappelijke problemen tot
|
|||
|
||||
### Artikel 15.3
|
||||
|
||||
Indien niet wordt voldaan aan de bij of krachtens deze wet gestelde regels ten aanzien van de aanleg of het gebruik van radioapparaten, is Onze Minister bevoegd om aan de houder van een desbetreffend radiozendapparaat een geheel of gedeeltelijk zendverbod op te leggen.
|
||||
Indien niet wordt voldaan aan de bij of krachtens deze wet gestelde regels ten aanzien van de aanleg of het gebruik van radioapparaten, is Onze Minister bevoegd om aan de houder van een desbetreffend radioapparaat een geheel of gedeeltelijk zendverbod op te leggen.
|
||||
|
||||
### Artikel 15.3a
|
||||
|
||||
|
|
@ -3646,7 +3644,9 @@ Apparaten die op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet in gebruik zijn
|
|||
|
||||
### Artikel 20.5
|
||||
|
||||
Met betrekking tot de instandhouding, de verplaatsing en de opruiming van kabels en kabelwerken, voorzover de kabels en kabelwerken zijn aangelegd met toepassing van hoofdstuk VI van de Wet op de telecommunicatievoorzieningen is hoofdstuk 5 van deze wet van toepassing met dien verstande, dat kabels en kabelwerken, aangelegd in en op openbare gronden als bedoeld in artikel 1, onderdeel g, onder 3°, van de Wet op de telecommunicatievoorzieningen worden gelijkgesteld met kabels, aangelegd in en op openbare gronden als bedoeld in artikel 1.1, van deze wet.
|
||||
**1.** Met betrekking tot de instandhouding, de verplaatsing en de opruiming van kabels en kabelwerken, voorzover de kabels en kabelwerken zijn aangelegd met toepassing van hoofdstuk VI van de Wet op de telecommunicatievoorzieningen is hoofdstuk 5 van deze wet van toepassing met dien verstande, dat kabels en kabelwerken, aangelegd in en op openbare gronden als bedoeld in artikel 1, onderdeel g, onder 3°, van de Wet op de telecommunicatievoorzieningen worden gelijkgesteld met kabels, aangelegd in en op openbare gronden als bedoeld in artikel 1.1, van deze wet.
|
||||
|
||||
**2.** In afwijking van de artikelen 5.2, negende lid, en 5.15 geldt voor kabels, ondergrondse ondersteuningswerken of beschermingswerken in of op openbare gronden, waarin of waarop geen fysieke geleidingsdraden bestemd voor de rechtstreekse overdracht van signalen tussen punten zijn aangebracht, die zijn aangelegd met het oogmerk deel uit te maken van doch op het tijdstip van inwerkingtreding van de wet houdende wijziging van de Telecommunicatiewet in verband met een herziening van het nationale beleid ten aanzien van de aanleg van kabels ten dienste van openbare elektronische communicatienetwerken (Stb. 2007, 16) niet in gebruik zijn ten dienste van een openbaar elektronisch communicatienetwerk, een gedoogplicht totdat een redelijk verzoek tot opruimen is gedaan, tenzij de instandhouding van deze voorzieningen de instandhouding van andere reeds in de grond aanwezige werken in gevaar brengt of ernstig hindert. De aanbieder meldt aan degene op wie de gedoogplicht rust schriftelijk op welke netwerkvoorziening de gedoogplicht betrekking heeft. Daarvan doet hij tevens mededeling aan burgemeester en wethouders van de gemeente binnen wier grondgebied de netwerkvoorziening is gelegen.
|
||||
|
||||
### Artikel 20.6
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue