2025-02-12 | BWBR0005645 | Provinciewet
This commit is contained in:
parent
5a297f733c
commit
22157647c5
1 changed files with 14 additions and 12 deletions
|
|
@ -1024,7 +1024,7 @@ Artikel 15, eerste en tweede lid, is van overeenkomstige toepassing op de leden
|
|||
|
||||
**1.** Provinciale staten stellen, na overleg met de rekenkamer, de rekenkamer de nodige middelen ter beschikking voor een goede uitoefening van haar werkzaamheden.
|
||||
|
||||
**2.** Op voordracht van de voorzitter of van het enige lid van de rekenkamer besluiten gedeputeerde staten tot het aangaan van arbeidsovereenkomsten met zoveel ambtenaren van de rekenkamer als nodig zijn voor een goede uitoefening van haar werkzaamheden.
|
||||
**2.** Op voordracht van de voorzitter of van het enige lid van de rekenkamer besluiten gedeputeerde staten tot het aangaan van arbeidsovereenkomsten met zoveel ambtenaren van de rekenkamer als nodig zijn voor een goede uitoefening van haar werkzaamheden. Indien de voordracht een op de griffie werkzame ambtenaar betreft, besluiten provinciale staten tot het aangaan van de arbeidsovereenkomst.
|
||||
|
||||
**3.** De ambtenaren die werkzaamheden verrichten voor de rekenkamer, verrichten niet tevens werkzaamheden voor een ander orgaan van de provincie, met uitzondering van de op de griffie werkzame ambtenaren.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1038,24 +1038,24 @@ De leden van de rekenkamer ontvangen een bij verordening van provinciale staten
|
|||
|
||||
### Artikel 79l
|
||||
|
||||
In afwijking van artikel 79a kunnen provinciale staten met provinciale staten van een of meer andere provincies met toepassing van artikel 40 en artikel 41, eerste lid, juncto artikel 8, tweede lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen, of met de raad of de raden van één of meer gemeenten, al dan niet met provinciale staten van één of meer andere provincies tezamen, met toepassing van artikel 51 en artikel 52, eerste lid, juncto artikel 8, tweede lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen een gemeenschappelijke rekenkamer instellen. De artikelen 10, tweede, derde en vijfde tot en met achtste lid, 10a, 11, 11a, 15, 16, 17, 20, derde lid, 21, 22, 23, 43 en 54 van die wet zijn niet van toepassing.
|
||||
In afwijking van artikel 79a kunnen provinciale staten met provinciale staten van een of meer andere provincies met toepassing van artikel 40 en artikel 41, eerste lid, juncto artikel 8, tweede lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen, of met de raad of de raden van één of meer gemeenten of met het algemeen bestuur of de algemene besturen van een of meer waterschappen, al dan niet met provinciale staten van één of meer andere provincies tezamen, met toepassing van artikel 51 en artikel 52, eerste lid, juncto artikel 8, tweede lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen een gemeenschappelijke rekenkamer instellen. De artikelen 10, tweede, derde en vijfde tot en met achtste lid, 10a, 11, 11a, 15, 16, 17, 20, derde lid, 21, 22, 23, 43 en 54 van die wet zijn niet van toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 79m
|
||||
|
||||
**1.** De artikelen 79b tot en met 79f, 79h, 79i, 79j, eerste, derde en vierde lid, zijn van overeenkomstige toepassing op de gemeenschappelijke rekenkamer, met dien verstande dat in de artikelen 79b tot en met 79d, 79i, tweede lid, en 79j, eerste lid, voor «provinciale staten» telkens wordt gelezen «provinciale staten van de deelnemende provincies gezamenlijk» of, indien de rekenkamer mede is ingesteld door gemeenten, «provinciale staten en de raden van de deelnemende provincies en gemeenten gezamenlijk».
|
||||
**1.** De artikelen 79b tot en met 79f, 79h, 79i, 79j, eerste, derde en vierde lid, zijn van overeenkomstige toepassing op de gemeenschappelijke rekenkamer, met dien verstande dat in de artikelen 79b tot en met 79d, 79i, tweede lid, en 79j, eerste lid, voor «provinciale staten» telkens wordt gelezen «provinciale staten van de deelnemende provincies gezamenlijk» of, indien de rekenkamer mede is ingesteld door gemeenten of waterschappen, «provinciale staten, de raden en de algemene besturen van de deelnemende provincies, gemeenten en waterschappen gezamenlijk».
|
||||
|
||||
**2.** Artikel 79g is op de gemeenschappelijke rekenkamer van toepassing, met dien verstande dat voor «provinciale staten» wordt gelezen «provinciale staten van de provincie die daartoe in de regeling waarbij de gemeenschappelijke rekenkamer is ingesteld, zijn aangewezen» of, indien de rekenkamer mede is ingesteld door gemeenten, «provinciale staten van de provincie of de raad van de gemeente die daartoe in de regeling waarbij de gemeenschappelijke rekenkamer is ingesteld zijn of is aangewezen».
|
||||
**2.** Artikel 79g is op de gemeenschappelijke rekenkamer van toepassing, met dien verstande dat voor «provinciale staten» wordt gelezen «provinciale staten van de provincie die daartoe in de regeling waarbij de gemeenschappelijke rekenkamer is ingesteld, zijn aangewezen» of, indien de rekenkamer mede is ingesteld door gemeenten of waterschappen, «provinciale staten van de provincie, de raad van de gemeente of het algemeen bestuur van het waterschap dat daartoe in de regeling waarbij de gemeenschappelijke regeling is ingesteld zijn of is aangewezen».
|
||||
|
||||
### Artikel 79n
|
||||
|
||||
Indien provinciale staten van één of meer provincies met de raad of raden van een of meer gemeenten een gemeenschappelijke rekenkamer instellen, is, onverminderd artikel 79m, eerste lid, juncto artikel 79f, een lid van de rekenkamer niet tevens:
|
||||
Indien provinciale staten van één of meer provincies met de raad of raden van een of meer gemeenten of het algemeen bestuur van een of meer waterschappen een gemeenschappelijke rekenkamer instellen, is, onverminderd artikel 79m, eerste lid, juncto artikel 79f, een lid van de rekenkamer niet tevens:
|
||||
|
||||
a. burgemeester;
|
||||
b. wethouder;
|
||||
c. lid van de raad van een deelnemende gemeente;
|
||||
d. ambtenaar, in dienst van een deelnemende gemeente of uit anderen hoofde aan het bestuur van een deelnemende gemeente ondergeschikt;
|
||||
e. ambtenaar, in dienst van de Staat, tot wiens taak behoort het verrichten van werkzaamheden in het kader van het toezicht op een deelnemende gemeente;
|
||||
f. functionaris, krachtens wet of algemene maatregel van bestuur geroepen om het gemeentebestuur van een deelnemende gemeente van advies te dienen.
|
||||
c. lid van de raad van een deelnemende gemeente of het algemeen bestuur van een deelnemend waterschap;
|
||||
d. ambtenaar, in dienst van een deelnemende gemeente of een deelnemend waterschap of uit anderen hoofde aan het bestuur van een deelnemende gemeente of een deelnemend waterschap ondergeschikt;
|
||||
e. ambtenaar, in dienst van de Staat, tot wiens taak behoort het verrichten van werkzaamheden in het kader van het toezicht op een deelnemende gemeente of op het waterschap;
|
||||
f. functionaris, krachtens wet of algemene maatregel van bestuur geroepen om het gemeentebestuur van een deelnemende gemeente of het waterschapsbestuur van een deelnemend waterschap van advies te dienen.
|
||||
|
||||
### Artikel 79o
|
||||
|
||||
|
|
@ -1980,7 +1980,7 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
**4.** Zij geven provinciale staten vooraf inlichtingen over de uitoefening van de bevoegdheden, bedoeld in artikel 158, eerste lid, onder d, e, en g, indien provinciale staten daarom verzoeken of indien de uitoefening ingrijpende gevolgen kan hebben voor de provincie. In het laatste geval nemen gedeputeerde staten geen besluit dan nadat provinciale staten hun wensen en bedenkingen terzake ter kennis van gedeputeerde staten hebben kunnen brengen.
|
||||
|
||||
**5.** Indien de uitoefening van de bevoegdheid, bedoeld in artikel 158, eerste lid, onder f, geen uitstel kan lijden, geven zij in afwijking van het vierde lid provinciale staten zo spoedig mogelijk inlichtingen over de uitoefening van deze bevoegdheid en het terzake genomen besluit.
|
||||
**5.** Indien de uitoefening van de bevoegdheid, bedoeld in artikel 158, eerste lid, onder e, geen uitstel kan lijden, geven zij in afwijking van het vierde lid provinciale staten zo spoedig mogelijk inlichtingen over de uitoefening van deze bevoegdheid en het terzake genomen besluit.
|
||||
|
||||
### Artikel 168
|
||||
|
||||
|
|
@ -2349,9 +2349,11 @@ De goedkeuring kan slechts worden onthouden wegens strijd met het recht of met h
|
|||
|
||||
### Artikel 211
|
||||
|
||||
**1.** Indien op de dag waarop een besluit tot wijziging van de begroting aan Onze Minister wordt aangeboden, de begroting nog niet is goedgekeurd, vangt de in artikel 10:31, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht bedoelde termijn aan op de dag van de goedkeuring van de begroting.
|
||||
**1.** Indien een besluit is genomen als bedoeld in artikel 207, eerste of tweede lid, vangt de termijn, bedoeld in artikel 10:31, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, voor de al ingezonden begroting aan op de dag waarop dat besluit is genomen.
|
||||
|
||||
**2.** Onze Minister kan bij zijn besluit omtrent goedkeuring van de begroting ten aanzien van door hem aan te geven soorten van wijzigingen daarvan bepalen dat die zijn goedkeuring niet behoeven.
|
||||
**2.** Indien op de dag waarop een besluit tot wijziging van de begroting aan Onze Minister wordt aangeboden, de begroting nog niet is goedgekeurd, vangt de in artikel 10:31, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht bedoelde termijn aan op de dag van de goedkeuring van de begroting.
|
||||
|
||||
**3.** Onze Minister kan bij zijn besluit omtrent goedkeuring van de begroting ten aanzien van door hem aan te geven soorten van wijzigingen daarvan bepalen dat die zijn goedkeuring niet behoeven.
|
||||
|
||||
### Artikel 212
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue