2024-01-01 | BWBR0010629 | Besluit bewijzen van bevoegdheid voor de luchtvaart
This commit is contained in:
parent
57d5fb80ae
commit
239cbd6f5e
1 changed files with 14 additions and 7 deletions
|
|
@ -37,8 +37,12 @@ In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
|
|||
7°. meteorologische inlichtingen verkregen overeenkomstig de Regeling luchtvaartmeteorologische inlichtingen 2006;
|
||||
- *luchthaveninformatieverstrekker:* persoon die op grond van dit besluit bevoegd is luchthaveninformatie te verstrekken;
|
||||
- *modelluchtvaartuig:* luchtvaartuig, niet in staat een mens te dragen, en uitsluitend gebruikt voor luchtvaartvertoning, recreatie of sport;
|
||||
- *Onze Minister:* Onze Minister van Infrastructuur en Milieu;
|
||||
- *Onze Minister:* Onze Minister van Infrastructuur en Waterstaat;
|
||||
- *OPC:* Communicatie ten behoeve van het uitwisselen van berichten tussen het grondstation van de luchtvaartmaatschappij en haar luchtvaartuigen, of tussen grondstation en luchtvaartuigen waarvoor het station de uitvoerende organisatie is (Operational Control Communication);
|
||||
- *paramotortrike:* luchtvaartuig zonder starre hoofdstructuur, dat wordt gestart en geland door gebruik te maken van een wielconstructie en over een hulpmotor beschikt, met niet meer dan twee zitplaatsen en een maximum startmassa van niet meer dan:
|
||||
|
||||
a. 300 kg voor een eenzitter;
|
||||
b. 450 kg voor een tweezitter;
|
||||
- *RFI:* bevoegdverklaring recreatief vlieginstructeur (Recreational Flight Instructor);
|
||||
- *RPA:* op afstand bestuurd luchtvaartuig (remotely piloted aircraft), onbemand, niet zijnde een modelluchtvaartuig;
|
||||
- *RPA-L:* bewijs van bevoegdheid voor bestuurder van een RPA (remote pilot license);
|
||||
|
|
@ -281,8 +285,8 @@ b. het bedienen van een ballon, die op zeeniveau in de internationale standaard-
|
|||
c. het bedienen van een toestel, zwaarder dan lucht, en niet voorzien van een voortstuwingsinrichting, dat door middel van een ankerkabel of lijn is verbonden met het aardoppervlak (kabelvlieger);
|
||||
d. bedienen van een luchtschip, dat op zeeniveau in de internationale standaard atmosfeer in geheel gevulde toestand een grootste afmeting heeft van 5.00 m of een inhoud van ten hoogste 4.00 kubieke m;
|
||||
e. het bedienen van een toestel, zwaarder dan lucht in de vorm van een scherm met harnas, dat met een lijn of lijnen is bevestigd aan een voertuig of vaartuig, waardoor het in de lucht kan worden gehouden (valschermzweeftoestel);
|
||||
f. het bedienen van een zeilvliegtuig, onder door Onze Minister bij ministeriële regeling te stellen voorschriften en beperkingen;
|
||||
g. het bedienen van een schermvliegtuig onder door Onze Minister bij ministeriële regeling te stellen voorwaarden;
|
||||
f. het bedienen van een zeilvliegtuig;
|
||||
g. het bedienen van een schermvliegtuig;
|
||||
h. het bedienen van een ballon, die tijdens het in de lucht houden permanent is bevestigd aan het aardoppervlak (kabelballon);
|
||||
i. het bedienen van een scherm dat dient om de daalsnelheid van een persoon zodanig te beperken dat deze veilig het aardoppervlak kan bereiken (valscherm);
|
||||
j. het bedienen van een luchtvaartuig onder toezicht van een instructeur, die houder is van een voor de bediening van dat luchtvaartuig en die vlucht afgegeven bewijs van bevoegdheid, waarop weergegeven de nodige bevoegdverklaringen op een zodanige wijze dat de instructeur onmiddellijk kan ingrijpen;
|
||||
|
|
@ -292,17 +296,20 @@ k. het uitvoeren van een solovlucht onder toezicht van een instructeur, die houd
|
|||
2. beschikt over een geldige medische verklaring klasse 1 of 2; en
|
||||
3. beschikt over een schriftelijke soloverklaring van de instructeur;
|
||||
l. het bedienen van een zweefvliegtuig;
|
||||
m. het bedienen van een vrije ballon, niet tegen vergoeding, die luchtwaardig is bevonden voor maximaal vier inzittenden, tijdens vluchten zonder baat onder de in artikel 2, eerste lid, onder a, ten 1° en 2° bedoelde beperkingen.
|
||||
m. het bedienen van een vrije ballon, niet tegen vergoeding, die luchtwaardig is bevonden voor maximaal vier inzittenden, tijdens vluchten zonder baat onder de in artikel 2, eerste lid, onder a, ten 1° en 2° bedoelde beperkingen;
|
||||
n. het bedienen van een paramotortrike.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
Het eerste lid, onderdelen b tot en met m, is van toepassing indien de bestuurder:
|
||||
Het eerste lid, onderdelen b tot en met n, is van toepassing indien de bestuurder:
|
||||
|
||||
a. de leeftijd van 16 jaar heeft bereikt, met dien verstande, dat de bestuurder van een zweeftoestel die een solovlucht uitvoert binnen zichtafstand van de luchthaven tot een maximum van 5 kilometer rondom de luchthaven, de leeftijd van 14 jaar heeft bereikt,
|
||||
b. kan aantonen te beschikken over voldoende bekwaamheid om op een veilige manier deel te nemen aan het luchtverkeer, en
|
||||
c. kan aantonen dat een verzekering is gesloten tegen de burgerrechtelijke aansprakelijkheid jegens derden als gevolg van het gebruik van het luchtvaartuig.
|
||||
|
||||
**3.** De artikelen 2.1, eerste lid, voor zover dit betrekking heeft op het bedienen van een grondstation of mobiel station in de luchtvaartmobiele band, waarvoor een vergunning is vereist als bedoeld in artikel 3.13 van de Telecommunicatiewet, en artikel 2.2, tweede lid, van de wet zijn niet van toepassing op degene die een luchtvaartuig als bedoeld in het eerste lid bedient of een solovlucht als bedoeld in onderdeel k van dat lid uitvoert, en houder is van een door Onze Minister afgegeven certificaat waaruit blijkt, dat die houder bevoegd is tot het bedienen van een grondstation of mobiel station als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, van de wet.
|
||||
**3.** Onze Minister kan nadere regels geven met betrekking tot het eerste lid, onderdelen f, g en n.
|
||||
|
||||
**4.** De artikelen 2.1, eerste lid, voor zover dit betrekking heeft op het bedienen van een grondstation of mobiel station in de luchtvaartmobiele band, waarvoor een vergunning is vereist als bedoeld in artikel 3.13 van de Telecommunicatiewet, en artikel 2.2, tweede lid, van de wet zijn niet van toepassing op degene die een luchtvaartuig als bedoeld in het eerste lid bedient of een solovlucht als bedoeld in onderdeel k van dat lid uitvoert, en houder is van een door Onze Minister afgegeven certificaat waaruit blijkt, dat die houder bevoegd is tot het bedienen van een grondstation of mobiel station als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, van de wet.
|
||||
|
||||
### Artikel 12
|
||||
|
||||
|
|
@ -332,7 +339,7 @@ c. de afgifte, geldigheidsduur, verlenging, schorsing, intrekking en wijziging.
|
|||
|
||||
**4.**
|
||||
|
||||
Onze Minister kan op aanvraag entiteiten aanwijzen, als bedoeld in de volgende onderdelen van de Bijlage bij de uitvoeringsverordening (EU) nr. 2019/947:
|
||||
Onze Minister kan entiteiten aanwijzen, als bedoeld in de volgende onderdelen van de Bijlage bij de uitvoeringsverordening (EU) nr. 2019/947:
|
||||
|
||||
a. Deel A, UAS.OPEN.020 UAS-vluchtuitvoeringen in subcategorie A1, sub 4, onder b;
|
||||
b. Deel A, UAS.OPEN.030 UAS-vluchtuitvoeringen in subcategorie A2, sub 2;
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue