2013-02-28 | BWBR0030500 | Beschikking instantloterij 2011–2015

This commit is contained in:
Coornhert 2013-02-28 12:00:00 +00:00
parent 639104b0a1
commit 250b4bcfa7

View file

@ -25,7 +25,7 @@ h. *prijzenreserve:* een reservering die is opgebouwd uit niet geïnde prijzen.
### Artikel 2
**1.** Aan de stichting wordt voor de duur van drie jaar en drie maanden, te rekenen van 1 oktober 2011 tot en met 31 december 2014 vergunning verleend tot het organiseren van instantloterijen.
**1.** Aan de stichting wordt voor de duur van drie jaar en drie maanden, te rekenen van 1 oktober 2011 tot en met 31 december 2014 vergunning verleend tot het organiseren van instantloterijen.
**2.** Aan de in het eerste lid bedoelde vergunning worden de in artikel 3 tot en met artikel 19 vervatte voorschriften verbonden.
@ -45,11 +45,11 @@ h. *prijzenreserve:* een reservering die is opgebouwd uit niet geïnde prijzen.
### Artikel 5
**1.** De stichting ziet erop toe dat de verkooppunten niet in strijd handelen met het bepaalde in artikel 1, aanhef, en onder b, of artikel 14d, eerste lid, van de wet.
**1.** De stichting ziet erop toe dat de verkooppunten niet in strijd handelen met het bepaalde in artikel 1, aanhef, en onder b, of artikel 14d, eerste lid, van de wet.
**2.** De stichting geeft met het oog op het in het eerste lid bedoelde toezicht een door de staatssecretaris aangewezen onafhankelijke instelling opdracht tot het opstellen en uitvoeren van een plan tot controle van de verkooppunten.
**3.** In de door de stichting met de verkooppunten te sluiten overeenkomsten wordt de bepaling opgenomen dat indien de stichting constateert dat het verkooppunt in strijd heeft gehandeld met het bepaalde in de artikelen 1, aanhef, en onder b, of 14d, eerste lid, van de wet, de stichting met onmiddellijke ingang de overeenkomst opschort voor een door de stichting te bepalen duur van ten minste drie maanden en ten hoogste drie jaren.
**3.** In de door de stichting met de verkooppunten te sluiten overeenkomsten wordt de bepaling opgenomen dat indien de stichting constateert dat het verkooppunt in strijd heeft gehandeld met het bepaalde in de artikelen 1, aanhef, en onder b, of 14d, eerste lid, van de wet, de stichting met onmiddellijke ingang de overeenkomst opschort voor een door de stichting te bepalen duur van ten minste drie maanden en ten hoogste drie jaren.
**4.** Van het ingevolge het eerste lid gehouden toezicht en van de ingevolge het derde lid genomen maatregelen wordt mededeling gedaan in het in artikel 16, eerste lid, bedoelde jaarverslag.
@ -61,7 +61,7 @@ h. *prijzenreserve:* een reservering die is opgebouwd uit niet geïnde prijzen.
**2.** Van het totaal van de door de deelnemers bijeengebrachte inleg, gerekend over een kalenderjaar, wordt ten minste 47,5% en ten hoogste 65% bestemd voor uitkering van de prijzen.
**3.** De inleg bedraagt ten hoogste € 30, per lot. De stichting kan gratis loten uitgeven.
**3.** De inleg bedraagt ten hoogste € 30, per lot. De stichting kan gratis loten uitgeven.
**4.** De stichting kan instantloten in delen uitgeven. De inleg per deel van een instantlot wordt naar evenredigheid berekend.
@ -81,7 +81,7 @@ De stichting is gerechtigd tot het organiseren van instantloterijen ten behoeve
a. de volledige oplaag van de desbetreffende loterij wordt tegen de daarvoor verschuldigde inleg aan die derden ter beschikking gesteld;
b. de loten worden door deze derde om niet uitgegeven;
c. de loten mogen door deze derde niet worden uitgegeven via de inrichtingen als genoemd in artikel 7, tweede lid.
c. de loten mogen door deze derde niet worden uitgegeven via de inrichtingen als genoemd in artikel 7, tweede lid.
### Artikel 9
@ -89,7 +89,7 @@ c. de loten mogen door deze derde niet worden uitgegeven via de inrichtingen als
**2.** De stichting ziet erop toe dat de verkooppunten onmatige deelneming aan de instantloterij tegengaan. In de door de stichting op te stellen voorschriften voor de verkooppunten worden daartoe nadere regels gegeven.
**3.** In de door de stichting met de verkooppunten te sluiten overeenkomsten wordt de bepaling opgenomen dat indien de stichting constateert dat het verkooppunt in strijd heeft gehandeld met het bepaalde in de artikelen 1, aanhef, en onder b, of 14d, eerste lid, van de wet, de stichting met onmiddellijke ingang de overeenkomst opschort voor een door de stichting te bepalen duur van ten minste drie maanden en ten hoogste drie jaren.
**3.** In de door de stichting met de verkooppunten te sluiten overeenkomsten wordt de bepaling opgenomen dat indien de stichting constateert dat het verkooppunt in strijd heeft gehandeld met het bepaalde in de artikelen 1, aanhef, en onder b, of 14d, eerste lid, van de wet, de stichting met onmiddellijke ingang de overeenkomst opschort voor een door de stichting te bepalen duur van ten minste drie maanden en ten hoogste drie jaren.
**4.** De stichting geeft met het oog op het in het tweede lid bedoelde toezicht een door de staatssecretaris aangewezen onafhankelijke instelling opdracht tot het opstellen en uitvoeren van een plan tot controle van de verkooppunten.
@ -152,11 +152,11 @@ b. voor 72,46% aan de Vereniging Nederlands Olympisch Comité*Nederlandse Sport
### Artikel 16
**1.** De stichting stelt een jaarrekening en een jaarverslag op welke voldoen aan de eisen gesteld in Boek 2, Titel 9, van het Burgerlijk Wetboek. De staatssecretaris kan aanwijzingen geven omtrent de inrichting van de jaarrekening en het jaarverslag.
**1.** De stichting stelt een jaarrekening en een jaarverslag op welke voldoen aan de eisen gesteld in Boek 2, Titel 9, van het Burgerlijk Wetboek. De staatssecretaris kan aanwijzingen geven omtrent de inrichting van de jaarrekening en het jaarverslag.
**2.** De stichting verleent aan een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek opdracht tot onderzoek van de jaarrekening. De uitslag van dit onderzoek wordt weergegeven in een verslag en een verklaring als bedoeld in onderscheidenlijk het vierde en vijfde lid van artikel 393 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. Het onderzoek dient mede betrekking te hebben op de naleving door de stichting van het bepaalde in deze beschikking.
**2.** De stichting verleent aan een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek opdracht tot onderzoek van de jaarrekening. De uitslag van dit onderzoek wordt weergegeven in een verslag en een verklaring als bedoeld in onderscheidenlijk het vierde en vijfde lid van artikel 393 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. Het onderzoek dient mede betrekking te hebben op de naleving door de stichting van het bepaalde in deze beschikking.
**3.** De stichting voert een zodanig beheer dat een goedkeurende verklaring als bedoeld in artikel 393, vijfde lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek kan worden afgegeven.
**3.** De stichting voert een zodanig beheer dat een goedkeurende verklaring als bedoeld in artikel 393, vijfde lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek kan worden afgegeven.
**4.** Binnen vier maanden na afloop van een kalenderjaar zendt de stichting de jaarrekening met het verslag en de verklaring, alsmede het jaarverslag aan de staatssecretaris en aan het college.