2005-02-01 | BWBR0005682 | Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek
This commit is contained in:
parent
cbd837467c
commit
257f21835d
1 changed files with 84 additions and 26 deletions
|
|
@ -24,7 +24,7 @@ c. wetenschappelijk onderwijs: onderwijs dat is gericht op de voorbereiding tot
|
|||
d. hoger beroepsonderwijs: onderwijs dat is gericht op de overdracht van theoretische kennis en op de ontwikkeling van vaardigheden in nauwe aansluiting op de beroepspraktijk;
|
||||
e. initieel onderwijs: hoger onderwijs als bedoeld in artikel 7.3a;
|
||||
f. instelling: een instelling als bedoeld in artikel 1.2;
|
||||
g. instelling voor hoger onderwijs: een instelling als bedoeld in artikel 1.2, onder a of b;
|
||||
g. instelling voor hoger onderwijs: een instelling als bedoeld in artikel 1.2, onder a of b ;
|
||||
h. openbare instelling: een instelling die uitgaat van de overheid;
|
||||
i. bijzondere instelling: een instelling die uitgaat van een rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid;
|
||||
j. instellingsbestuur:
|
||||
|
|
@ -44,7 +44,8 @@ q. Informatie Beheer Groep: de Informatie Beheer Groep, genoemd in de Wet verzel
|
|||
r. accreditatieorgaan: accreditatieorgaan hoger onderwijs als bedoeld in artikel 5a.2;
|
||||
s. accreditatie: het keurmerk dat tot uitdrukking brengt dat de kwaliteit van een opleiding positief is beoordeeld;
|
||||
t. toets nieuwe opleiding: de toets die tot uitdrukking brengt dat de kwaliteit van een nieuwe opleiding positief is beoordeeld;
|
||||
u. studiepunt: een studiepunt in de zin van artikel 7.4, eerste lid.
|
||||
u. studiepunt: een studiepunt in de zin van artikel 7.4, eerste lid;
|
||||
v. Accreditatieverdrag: het op 3 september 2003 te Den Haag totstandgekomen Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Vlaamse Gemeenschap van België inzake de accreditatie van opleidingen binnen het Nederlandse en Vlaamse hoger onderwijs (Trb. 2003, 167).
|
||||
|
||||
### Artikel 1.2
|
||||
|
||||
|
|
@ -595,55 +596,112 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
### Artikel 5a.2
|
||||
|
||||
**1.** Er is een accreditatieorgaan hoger onderwijs.
|
||||
**1.** De Nederlands-Vlaamse Accreditatie Organisatie, gevestigd te Den Haag, en bedoeld in artikel 1 van het Accreditatieverdrag, is het accreditatieorgaan hoger onderwijs. Het accreditatieorgaan bezit rechtspersoonlijkheid.
|
||||
|
||||
**2.** Het accreditatieorgaan is belast met activiteiten in het kader van het accrediteren van opleidingen in het hoger onderwijs en het afnemen van de toets nieuwe opleiding in het hoger onderwijs.
|
||||
|
||||
**3.** Het accreditatieorgaan heeft tevens tot taak de accreditatiekaders en toetsingskaders te bespreken met de Europese landen, in het bijzonder met de grenslanden.
|
||||
|
||||
**4.** Bij ministeriële regeling worden de overige werkzaamheden bepaald die het accreditatieorgaan verricht in verband met de voorbereiding van een stelsel van bacheloropleidingen en masteropleidingen in Nederland of het beoordelen van ander onderwijs dan hoger onderwijs.
|
||||
**4.** Bij ministeriële regeling worden de overige werkzaamheden bepaald die het accreditatieorgaan verricht in verband met de voorbereiding van een stelsel van bacheloropleidingen en masteropleidingen in Nederland, het beoordelen van ander onderwijs dan hoger onderwijs of in verband met opdrachten als bedoeld in artikel 1, tweede lid, van het Accreditatieverdrag.
|
||||
|
||||
### Artikel 5a.3
|
||||
|
||||
**1.** Het accreditatieorgaan heeft ten hoogste veertien leden waaronder een voorzitter.
|
||||
**1.** Voordat Onze minister een voordracht doet voor bestuursleden als bedoeld in artikel 5 van het Accreditatieverdrag, worden de gezamenlijke instellingen, bedoeld in artikel 1.2, onderdelen a en b, en de daarvoor in aanmerking komende vakorganisaties van overheids- en onderwijspersoneel gehoord.
|
||||
|
||||
**2.** Onze minister benoemt, schorst en ontslaat de leden van het accreditatieorgaan, gehoord de gezamenlijke instellingen, bedoeld in artikel 1.2, onderdelen a en b, evenals de vertegenwoordigers namens de beroepsgroep. Twee leden worden benoemd, gehoord de gezamenlijke studentenorganisaties, bedoeld in artikel 3.3. De leden van het accreditatieorgaan zijn deskundig op het gebied van het hoger onderwijs, de beroepspraktijk van het hoger onderwijs of de kwaliteitszorg. De benoeming van de leden van het accreditatieorgaan geschiedt voor een periode van ten hoogste vijf jaar. Bij de benoeming van de leden van het accreditatieorgaan bepaalt Onze minister wie de voorzitter is. In het accreditatieorgaan worden geen aan Onze minister ondergeschikte ambtenaren benoemd.
|
||||
**2.** Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op het horen van de gezamenlijke studentenorganisaties, bedoeld in artikel 3.3, in verband met de voordracht van twee bestuursleden.
|
||||
|
||||
**3.** Schorsing en ontslag vinden slechts plaats wegens ongeschiktheid of onbekwaamheid voor de vervulde functie dan wel wegens andere zwaarwegende in de persoon van de betrokkene gelegen redenen. Ontslag vindt voorts plaats op eigen verzoek.
|
||||
**3.** De bestuursleden die door Onze minister worden voorgedragen zijn geen aan Onze minister ondergeschikte ambtenaren.
|
||||
|
||||
**4.** Een lid van het accreditatieorgaan vervult geen andere functies die ongewenst zijn met het oog op een goede vervulling van zijn functie of de handhaving van zijn onafhankelijkheid of van het vertrouwen daarin.
|
||||
**4.** Voordat het Comité van Ministers, bedoeld in het Accreditatieverdrag, een door Onze minister voorgedragen bestuurslid schorst of ontslaat, worden de instellingen en vakorganisaties, bedoeld in het eerste lid, door Onze minister gehoord.
|
||||
|
||||
**5.**
|
||||
### Artikel 5a.3a
|
||||
|
||||
In het bestuursreglement worden regels vastgesteld omtrent:
|
||||
|
||||
a. het aanvaarden van een nevenfunctie anders dan uit hoofde van het lidmaatschap van het accreditatieorgaan, en
|
||||
b. de wijze van openbaarmaking van nevenfuncties.
|
||||
|
||||
**6.** De inspectie wordt in de gelegenheid gesteld de vergaderingen van het accreditatieorgaan als waarnemer bij te wonen.
|
||||
De inspectie wordt in de gelegenheid gesteld de vergaderingen van het accreditatieorgaan bij te wonen.
|
||||
|
||||
### Artikel 5a.4
|
||||
|
||||
**1.** Aan het lidmaatschap van het accreditatieorgaan is een bezoldiging dan wel een schadeloosstelling verbonden.
|
||||
**1.** Aan het lidmaatschap van het accreditatieorgaan is, indien dat bestuurslid door Onze minister is voorgedragen, een bezoldiging dan wel een schadeloosstelling verbonden.
|
||||
|
||||
**2.** Onze minister stelt de bezoldiging of de schadeloosstelling vast.
|
||||
|
||||
**3.** Buiten de bezoldiging of de schadeloosstelling en de vergoeding van bijzondere kosten in verband met zijn functie geniet een bestuurslid van het accreditatieorgaan geen inkomsten ten laste van het accreditatieorgaan.
|
||||
|
||||
**4.** Ten aanzien van de bestuursleden van het accreditatieorgaan wordt met overeenkomstige toepassing van artikel 383 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek verslag gedaan in het jaarverslag, bedoeld in artikel 5a.7.
|
||||
|
||||
### Artikel 5a.5
|
||||
|
||||
Het accreditatieorgaan stelt een bestuursreglement vast. Het bestuursreglement en elke wijziging daarvan behoeven de goedkeuring van Onze minister. De goedkeuring kan worden onthouden wegens strijd met het recht of het algemeen belang.
|
||||
Op het personeel in dienst van het accreditatieorgaan, zijn de rechtspositieregels die gelden voor de ambtenaren die zijn aangesteld bij ministeries, van overeenkomstige toepassing. De in die regels neergelegde bevoegdheden, met uitzondering van de aan Ons dan wel de aan Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties toegekende bevoegdheden tot het stellen van regels, worden uitgeoefend door het accreditatieorgaan. Voorzover in die regels is bepaald dat bevoegdheden worden uitgeoefend met medebetrokkenheid van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, worden deze bevoegdheden uitgeoefend met medebetrokkenheid van Onze minister.
|
||||
|
||||
### Artikel 5a.6
|
||||
|
||||
**1.** Het accreditatieorgaan zendt jaarlijks voor 1 april aan Onze minister de ontwerpbegroting voor het daaropvolgende jaar.
|
||||
**1.** Het accreditatieorgaan zendt jaarlijks voor 1 april aan Onze minister de begroting voor het daaropvolgende jaar.
|
||||
|
||||
**2.** Indien gedurende een kalenderjaar aanmerkelijke verschillen ontstaan of dreigen te ontstaan tussen de werkelijke en de begrote baten en lasten dan wel inkomsten en uitgaven, doet het accreditatieorgaan daarvan onverwijld mededeling aan Onze minister onder vermelding van de oorzaak van de verschillen.
|
||||
|
||||
### Artikel 5a.6a
|
||||
|
||||
**1.** De begroting, bedoeld in artikel 5a.6, behelst een raming van de baten en lasten, een raming van de voorgenomen investeringsuitgaven en een raming van de inkomsten en uitgaven.
|
||||
|
||||
**2.** De begrotingsposten worden ieder afzonderlijk van een toelichting voorzien.
|
||||
|
||||
**3.** Uit de toelichting blijkt steeds welke begrotingsposten betrekking hebben op de uitoefening van de bij of krachtens de wet aan het accreditatieorgaan opgedragen taken dan wel op andere activiteiten.
|
||||
|
||||
**4.** Tenzij de activiteiten waarop de begroting betrekking heeft nog niet eerder werden verricht, behelst de begroting een vergelijking met de begroting van het lopende jaar en de laatst goedgekeurde jaarrekening.
|
||||
|
||||
**5.** De begroting omvat voorts voorstellen aan Onze minister voor het bedrag dat in het desbetreffende jaar in de rijksbegroting zal worden opgenomen en voor de in het desbetreffende jaar te hanteren tarieven.
|
||||
|
||||
**6.** Indien het accreditatieorgaan andere baten of inkomsten raamt, worden deze afzonderlijk vermeld en van een toelichting voorzien.
|
||||
|
||||
### Artikel 5a.6b
|
||||
|
||||
**1.** Onze minister stelt jaarlijks aan het accreditatieorgaan ten laste van de begroting van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap overeenkomstig de artikelen 14 en 15, derde lid, van het Accreditatieverdrag financiële middelen ter beschikking voor de vervulling van zijn taken, voortvloeiend uit artikel 1, eerste en tweede lid, van het Accreditatieverdrag.
|
||||
|
||||
**2.** Onze minister stelt jaarlijks voor 1 september van enig kalenderjaar, doch niet dan nadat hij daarover met het accreditatieorgaan heeft overlegd, het bedrag vast dat voor het daaropvolgende kalenderjaar aan het accreditatieorgaan ter beschikking zal worden gesteld en neemt dit bedrag op in het voorstel van wet tot vaststelling van de begroting van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.
|
||||
|
||||
**3.** Het boekjaar van het accreditatieorgaan valt samen met het kalenderjaar.
|
||||
|
||||
**4.** Zolang de wet tot vaststelling van de begroting, bedoeld in het eerste en tweede lid, niet in werking is getreden, verstrekt Onze minister met ingang van het kalenderjaar waarop de begroting betrekking heeft, in de vorm van maandelijkse termijnen een voorschot aan het accreditatieorgaan tot een maximum van het bedrag, bedoeld in het tweede lid.
|
||||
|
||||
### Artikel 5a.6c
|
||||
|
||||
Onze minister kan bepalen dat het accreditatieorgaan zijn voorafgaande instemming behoeft voor:
|
||||
|
||||
a. het oprichten van dan wel deelnemen in een rechtspersoon,
|
||||
b. het in eigendom verwerven, het vervreemden of het bezwaren van registergoederen,
|
||||
c. het aangaan en beëindigen van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding of bezwaring van registergoederen of tot huur, verhuur of pacht daarvan,
|
||||
d. het aangaan van kredietovereenkomsten en van overeenkomsten van geldlening,
|
||||
e. het aangaan van overeenkomsten waarbij het accreditatieorgaan zich verbindt tot zekerheidstelling met inbegrip van zekerheidstelling voor schulden van derden of waarbij hij zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt of zich voor een derde sterk maakt,
|
||||
f. het vormen van andere fondsen en reserveringen dan de egalisatiereserve, bedoeld in artikel 5a.6d,
|
||||
g. het doen van aangifte tot zijn faillissement of het aanvragen van zijn surséance van betaling.
|
||||
|
||||
### Artikel 5a.6d
|
||||
|
||||
**1.** Het accreditatieorgaan vormt een egalisatiereserve.
|
||||
|
||||
**2.** Het verschil tussen de gerealiseerde baten van het accreditatieorgaan en de gerealiseerde lasten van de activiteiten komt ten gunste onderscheidenlijk ten laste van de egalisatiereserve.
|
||||
|
||||
**3.** De van de egalisatiereserve genoten rente wordt aan de egalisatiereserve toegevoegd.
|
||||
|
||||
### Artikel 5a.7
|
||||
|
||||
**1.** Het accreditatieorgaan stelt jaarlijks voor 1 juli een verslag op van de werkzaamheden, het gevoerde beleid in het algemeen en de doelmatigheid en doeltreffendheid van zijn werkzaamheden en werkwijze in het bijzonder in het afgelopen kalenderjaar.
|
||||
|
||||
**2.** Het verslag wordt aan Onze minister gezonden.
|
||||
|
||||
### Artikel 5a.7a
|
||||
|
||||
Tegelijk met het jaarverslag, bedoeld in artikel 5a.7, dient het accreditatieorgaan de jaarrekening bij Onze minister in.
|
||||
|
||||
### Artikel 5a.7b
|
||||
|
||||
**1.** De jaarrekening, waarin rekening en verantwoording wordt afgelegd van het financieel beheer en van de geleverde prestaties over het verstreken boekjaar, wordt ingericht zoveel mogelijk met overeenkomstige toepassing van titel 9 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.
|
||||
|
||||
**2.** De jaarrekening gaat vergezeld van een verklaring omtrent de getrouwheid, afgegeven door een door het accreditatieorgaan aangewezen accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. Bij de aanwijzing van de accountant bedingt het accreditatieorgaan dat aan Onze minister desgevraagd inzicht wordt geboden in de controlewerkzaamheden van de accountant.
|
||||
|
||||
**3.** De verklaring, bedoeld in het tweede lid, heeft mede betrekking op de rechtmatige inning en besteding van de middelen door het accreditatieorgaan.
|
||||
|
||||
**4.** De accountant voegt bij de verklaring, bedoeld in het tweede lid, tevens een verslag van zijn bevindingen over de vraag of het beheer en de organisatie van het accreditatieorgaan voldoen aan eisen van doelmatigheid.
|
||||
|
||||
### Titel 2. Accreditatie en toets nieuwe opleiding
|
||||
|
||||
### Artikel 5a.8
|
||||
|
|
@ -696,7 +754,7 @@ Indien een instellingsbestuur binnen de termijn, bedoeld in het tweede lid, een
|
|||
a. het accreditatieorgaan de termijn, bedoeld in het vierde lid, heeft overschreden, of
|
||||
b. op de vervaldatum nog niet onherroepelijk op de aanvraag om accreditatie is beslist.
|
||||
|
||||
**8.** De instelling is het accreditatieorgaan een vergoeding verschuldigd van de kosten van de aanvraag om accreditatie overeenkomstig een door hem vast te stellen tarief.
|
||||
**8.** De instelling is het accreditatieorgaan een vergoeding verschuldigd van de kosten van de aanvraag om accreditatie overeenkomstig een door Onze minister, na overleg met het accreditatieorgaan, vast te stellen tarief.
|
||||
|
||||
### Artikel 5a.10
|
||||
|
||||
|
|
@ -706,7 +764,7 @@ b. op de vervaldatum nog niet onherroepelijk op de aanvraag om accreditatie is b
|
|||
|
||||
**3.** Het accreditatieorgaan zendt het accreditatierapport na vaststelling onverwijld aan het instellingsbestuur en maakt het rapport tegelijkertijd openbaar.
|
||||
|
||||
**4.** Het accreditatieorgaan verstrekt een afschrift van het accreditatierapport op verzoek. Het accreditatieorgaan vraagt een vergoeding van de kosten voor de afgifte van een afschrift van het accreditatierapport overeenkomstig een door hem vast te stellen tarief.
|
||||
**4.** Het accreditatieorgaan verstrekt een afschrift van het accreditatierapport op verzoek. Het accreditatieorgaan vraagt een vergoeding van de kosten voor de afgifte van een afschrift van het accreditatierapport overeenkomstig een door Onze minister, na overleg met het accreditatieorgaan, vast te stellen tarief.
|
||||
|
||||
### Artikel 5a.11
|
||||
|
||||
|
|
@ -764,7 +822,7 @@ b. in andere gevallen dan als bedoeld in onderdeel a: na zes jaar.
|
|||
|
||||
### Artikel 5a.13
|
||||
|
||||
De tarieven die het accreditatieorgaan op grond van de artikelen 5a.9, achtste lid, en 5a.10, vierde lid, vaststelt, behoeven de goedkeuring van Onze minister. De goedkeuring kan worden onthouden wegens strijd met het recht of het algemeen belang.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 5a.14
|
||||
|
||||
|
|
@ -782,11 +840,7 @@ De tarieven die het accreditatieorgaan op grond van de artikelen 5a.9, achtste l
|
|||
|
||||
### Artikel 5a.16
|
||||
|
||||
**1.** Indien naar het oordeel van Onze minister het accreditatieorgaan zijn taak ernstig verwaarloost, kan Onze minister de noodzakelijke voorzieningen treffen.
|
||||
|
||||
**2.** De voorzieningen worden, spoedeisende gevallen uitgezonderd, niet eerder getroffen dan nadat het accreditatieorgaan in de gelegenheid is gesteld om binnen een door Onze minister te stellen termijn alsnog zijn taak naar behoren uit te voeren.
|
||||
|
||||
**3.** Onze minister stelt de beide kamers der Staten-Generaal onverwijld in kennis van door hem getroffen voorzieningen als bedoeld in het eerste lid.
|
||||
Indien naar het oordeel van het Comité van Ministers ingevolge artikel 12 van het Accreditatieverdrag het accreditatieorgaan zijn taak ernstig verwaarloost, worden die voorzieningen, spoedeisende gevallen uitgezonderd, niet eerder getroffen dan nadat het accreditatieorgaan in de gelegenheid is gesteld om binnen een door Onze minister te stellen termijn alsnog zijn taak naar behoren uit te voeren.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 6. Onderwijsaanbod
|
||||
|
||||
|
|
@ -4760,6 +4814,10 @@ b. na 1 januari 2004 en de instelling aantoont dat op 1 december 2001 de start
|
|||
|
||||
Op opleidingen waaraan op grond van de artikelen 17a.12, 17a.13, 17a.14 of 17a.15, accreditatie is verbonden, zijn van overeenkomstige toepassing de artikelen 6.5, met uitzondering van het eerste lid, onderdelen b en c, 6.6, eerste lid, en 6.10, met uitzondering van het eerste lid, onderdeel b, zoals die artikelen van toepassing waren op 25 september 2003.
|
||||
|
||||
### Artikel 17a.15b
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
|
||||
#### Paragraaf 7. Overig invoerings- en overgangsrecht
|
||||
|
||||
### Artikel 17a.16
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue