2022-07-16 | BWBR0043833 | Beleidsregel ernstige inbreuken GVB 2020
This commit is contained in:
parent
0af0254184
commit
25d3858f25
1 changed files with 14 additions and 9 deletions
|
|
@ -133,7 +133,7 @@ f. de gegevens van het betrokken geografische gebied, bedoeld in artikel 4, onde
|
|||
|
||||
Als ernstige inbreuk als bedoeld in artikel 42, onderdeel a, in samenhang met artikel 3, eerste lid, onderdeel e, van verordening nr. 1005/2008, wordt aangemerkt een overtreding van:
|
||||
|
||||
a. artikel 13, eerste en tweede lid, van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in samenhang met artikel 13, eerste lid, of artikel 51 van de verordening vangstmogelijkheden, waarbij, voor zover de desbetreffende bepaling in die verordening een bepaalde maaswijdte voorschrijft, het niet voldoen aan dat voorschrift slechts dan leidt tot een ernstige inbreuk, indien de afwijking van de in de desbetreffende bepaling van die verordening voorgeschreven maaswijdte 4 millimeter of meer bedraagt;
|
||||
a. artikel 13, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in samenhang met artikel 16, tweede lid, artikel 17, eerste lid, of artikel 35, eerste lid, van de verordening vangstmogelijkheden, waarbij wat betreft artikel 17, eerste lid, onderdeel c, van de verordening vangstmogelijkheden geldt dat indien de daarin voorgeschreven maaswijdte niet in acht is genomen, dit enkel leidt tot een ernstige inbreuk indien de afwijking van de in de desbetreffende bepaling voorgeschreven maaswijdte 4 millimeter of meer bedraagt;
|
||||
b. artikel 53, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in samenhang met artikel 8, vierde lid, artikel 9, eerste, tweede, derde, vierde of zesde lid, of artikel 12, eerste lid, van verordening 2019/1241; of
|
||||
c. artikel 53, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in samenhang met artikel 12; en
|
||||
|
||||
|
|
@ -176,16 +176,16 @@ f. artikel 53, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in samenhang m
|
|||
1°. bijlage V, deel B, punt 1.1;
|
||||
2°. bijlage VI, deel B, punt 1.1;
|
||||
3°. bijlage VII, deel B, punt 1.1; of
|
||||
4°. bijlage VIII, deel B, punt 1.1, van verordening 2019/1241, voor zover gehandeld wordt in strijd met het toepasselijke punt 1.1 van deel B van de desbetreffende bijlage bij die verordening doordat niet is voldaan aan een voorwaarde, vervat in dat punt 1.1 of in het met dat punt samenhangende punt 1.2 van deel B van de desbetreffende bijlage bij die verordening:
|
||||
4°. bijlage VIII, deel B, punt 1.1, van verordening 2019/1241,
|
||||
|
||||
voor zover gehandeld wordt in strijd met het toepasselijke punt 1.1 van deel B van de desbetreffende bijlage bij die verordening doordat niet is voldaan aan een voorwaarde, vervat in dat punt 1.1 of in het met dat punt samenhangende punt 1.2 van deel B van de desbetreffende bijlage bij die verordening, of, wat betreft bijlage VI, deel B, doordat niet is voldaan aan een voorwaarde, vervat in punt 1.1, of het met dat punt samenhangende punt 1.2, 1.3 of 1.4 van deel B van die bijlage:
|
||||
|
||||
(i) die betrekking heeft op de te hanteren maaswijdte van het net of de kuil, of die inhoudt dat er een bepaald paneel of sorteerrooster of een bepaalde zeeflap wordt aangebracht of wordt gebruikt, waarbij ten aanzien van het niet voldoen aan deze voorwaarde geldt dat dit slechts dan leidt tot een ernstige inbreuk, indien:
|
||||
|
||||
1°. de afwijking van de voor het net, de kuil, het paneel respectievelijk de zeeflap voorgeschreven maaswijdte 4 millimeter of meer bedraagt;
|
||||
2°. de voorgeschreven afmetingen of de voorgeschreven vorm van de mazen van het paneel, het sorteerrooster of de zeeflap niet in acht worden genomen;
|
||||
3°. voorgeschreven maximumafstand tussen de staven van het sorteerrooster niet in acht wordt genomen; respectievelijk indien
|
||||
4°. het desbetreffende paneel, sorteerrooster of de desbetreffende zeeflap geheel ontbreekt;
|
||||
|
||||
of
|
||||
4°. het desbetreffende paneel, sorteerrooster of de desbetreffende zeeflap geheel ontbreekt; of
|
||||
(ii) die betrekking heeft op de samenstelling van de totale vangst, in levend gewicht, die na elke visreis wordt aangeland;
|
||||
g. artikel 59 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in samenhang met artikel 4, vijfde lid, van verordening nr. 2056/2001, voor zover gehandeld wordt in strijd met het verbod vervat in de desbetreffende bepaling in die verordening en aan geen van de voorwaarden die een uitzondering op dat verbod rechtvaardigen, is voldaan, waarbij wat betreft de voorwaarde dat er een bepaald paneel is aangebracht of wordt gebruikt, geldt, dat het niet voldoen aan deze voorwaarde slechts dan leidt tot een ernstige inbreuk, indien:
|
||||
|
||||
|
|
@ -198,7 +198,8 @@ h. artikel 59 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in samenhang met artikel 5,
|
|||
(ii) de afwijking van de voor het paneel voorgeschreven maaswijdte 4 millimeter of meer bedraagt; of
|
||||
(iii) de voorgeschreven vorm van de mazen van het paneel niet in acht wordt genomen;
|
||||
i. artikel 59 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in samenhang met artikel 6, eerste lid, van verordening nr. 2056/2001, voor zover de afwijking van de toegestane maaswijdte 4 millimeter of meer bedraagt;
|
||||
j. artikel 60 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in samenhang met artikel 5, tweede lid, van verordening nr. 494/2002, waarbij, voor zover dit artikel een bepaalde maaswijdte voorschrijft, het niet voldoen aan dat voorschrift slechts dan leidt tot een ernstige inbreuk, indien de afwijking van de toegestane maaswijdte 4 millimeter of meer bedraagt.
|
||||
j. artikel 60 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in samenhang met artikel 5, tweede lid, van verordening nr. 494/2002, waarbij, voor zover dit artikel een bepaalde maaswijdte voorschrijft, het niet voldoen aan dat voorschrift slechts dan leidt tot een ernstige inbreuk, indien de afwijking van de toegestane maaswijdte 4 millimeter of meer bedraagt;
|
||||
k. artikel 16 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in samenhang met artikel 10, tweede lid, van de verordening vangstmogelijkheden Oostzee.
|
||||
|
||||
**2.** Voor de toepassing van het eerste lid, onderdeel d, onder 1° en 4°, onderdeel e, onder 1°, 3°, 6°, 7°, 9° en 12°, respectievelijk onderdeel j, geldt ten aanzien van de daarin genoemde bepalingen uit de bijlagen van verordening 2019/1241, respectievelijk uit verordening nr. 494/2002, dat indien ingevolge verordening 2019/1241 bij wijze van uitzondering op die bepalingen een bepaalde visserijactiviteit is toegestaan onder de voorwaarde dat gevist wordt met een bepaald vistuig met een bepaalde maaswijdte, slechts wordt aangenomen dat niet aan die voorwaarde wordt voldaan en aldus sprake is van een inbreuk op de desbetreffende hoofdregel in die bepaling, indien de afwijking van de in de desbetreffende voorwaarde voorgeschreven maaswijdte 4 millimeter of meer bedraagt.
|
||||
|
||||
|
|
@ -252,12 +253,16 @@ Als ernstige inbreuk als bedoeld artikel 42, onderdeel a, in samenhang met artik
|
|||
|
||||
a. artikel 10, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling zeevisserij;
|
||||
b. artikel 113, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in samenhang met artikel 35, tweede lid, van de controleverordening;
|
||||
c. artikel 113, tweede lid, van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in samenhang met artikel 36, tweede lid, van de controleverordening; of
|
||||
d. artikel 53, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in samenhang met artikel 15 respectievelijk 28 en bijlage VI, deel C, punt 2.1, 4, 5.1 of 6.1, bijlage VII, deel C, punt 2.3, bijlage VIII, deel C, punt 2.1 of 4.1, of bijlage XII, deel C, punt 4, van verordening 2019/1241.
|
||||
c. artikel 113, tweede lid, van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in samenhang met artikel 36, tweede lid, van de controleverordening;
|
||||
d. artikel 53, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in samenhang met artikel 15 respectievelijk 28 en bijlage VI, deel C, punt 2.1, 4, 5.1 of 6.1, bijlage VII, deel C, punt 2.3, bijlage VIII, deel C, punt 2.1 of 4.1, of bijlage XII, deel C, punt 4, van verordening 2019/1241;
|
||||
e. artikel 13, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in samenhang met artikel 11, eerste lid, artikel 13, eerste zin, artikel 15, of artikel 22 van de verordening vangstmogelijkheden;
|
||||
f. artikel 13, tweede lid, van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in samenhang met artikel 16, eerste lid, van de verordening vangstmogelijkheden;
|
||||
g. artikel 16 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in samenhang met artikel 7, eerste lid of derde lid, of artikel 10, eerste lid, van de verordening vangstmogelijkheden Oostzee; of
|
||||
h. artikel 17, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in samenhang met artikel 18 of artikel 5, tweede lid, van de verordening vangstmogelijkheden Middellandse Zee en Zwarte Zee.
|
||||
|
||||
### Artikel 16
|
||||
|
||||
a. Als ernstige inbreuk als bedoeld artikel 42, onderdeel a, in samenhang met artikel 3, eerste lid, onderdeel d, verordening nr. 1005/2008, wordt aangemerkt een overtreding van artikel 13, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in samenhang met artikel 16, eerste lid, artikel 22, artikel 28, eerste of tweede lid, artikel 33, eerste lid, artikel 36, eerste lid, artikel 37, artikel 38, artikel 39, tweede lid, artikel 43, eerste lid, artikel 45, of artikel 52, eerste lid, van de verordening vangstmogelijkheden;
|
||||
a. Als ernstige inbreuk als bedoeld artikel 42, onderdeel a, in samenhang met artikel 3, eerste lid, onderdeel d, verordening nr. 1005/2008, wordt aangemerkt een overtreding van artikel 13, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in samenhang met artikel 18, eerste lid, artikel 25, tweede lid, artikel 28, tweede lid, artikel, artikel 33, eerste lid, artikel 38, eerste lid, artikel 39, eerste zin, artikel 40, artikel 41, tweede lid, artikel 48, of artikel 56, eerste lid, van de verordening vangstmogelijkheden;
|
||||
b. artikel 14 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in samenhang met artikel 7 van verordening 2018/2025; of
|
||||
c. artikel 53, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in samenhang met artikel 10, eerste en tweede lid, en artikel 15 in samenhang met bijlage V, deel C, punt 5.2 of 6.2, eerste volzin, bijlage VI, deel C, punt 9.2, eerste volzin, bijlage VII, deel C, punt 4.2, eerste volzin, bijlage XII, deel C, punt 1, van verordening 2019/1241, voor zover gericht op de in deze bepalingen genoemde vissoorten wordt of is gevist.
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue