2011-11-15 | BWBR0011018 | Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000

This commit is contained in:
Coornhert 2011-11-15 12:00:00 +00:00
parent fa7e48f1e4
commit 2606eb5c82

View file

@ -37,7 +37,7 @@ b. procedure:
2. de behandeling door de Minister voor Immigratie en Asiel van de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 28, eerste lid, onderdeel a, van de Vreemdelingenwet 2000, waaronder mede wordt begrepen de aan de aanvraag voorafgaande termijn, bedoeld in artikel 3.109, eerste lid, van het Vreemdelingenbesluit 2000;
c. advieszaak: een zaak op het terrein van het tuchtrecht of het burgerlijk of bestuursrecht die geen procedure is;
d. strafzaak: een strafzaak jegens een verdachte als bedoeld in artikel 27 van het Wetboek van Strafvordering en een andere zaak die in de bijlage als strafrechtelijke zaak is aangemerkt;
e. piketzaak: een zaak waarin een rechtsbijstandverlener rechtsbijstand heeft verleend in het kader van een door het bestuur getroffen regeling voor het beurtelings verlenen van rechtsbijstand in de gevallen, bedoeld in het eerste lid van artikel 23.
e. piketzaak: een zaak waarin een rechtsbijstandverlener rechtsbijstand heeft verleend in het kader van een door het bestuur getroffen regeling voor het beurtelings verlenen van rechtsbijstand in de gevallen, bedoeld in de artikelen 23 en 23a.
### Artikel 2
@ -252,11 +252,35 @@ c. aan in verzekering gestelde verdachten als bedoeld in artikel 27 van het Wetb
d. op grond van artikel 22 van de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen,
e. aan personen die krachtens de Vreemdelingenwet 2000 in hun vrijheid zijn beperkt of wier vrijheid krachtens de Vreemdelingenwet 2000 is ontnomen.
**2.** Indien rechtsbijstand wordt verleend aan personen die op grond van artikel 154a of 176a van de Gemeentewet tijdelijk worden opgehouden wordt voor de verlening van rechtsbijstand, met uitzondering van het doen van een verzoek om een voorlopige voorziening, aan alle personen gezamenlijk 1,5 punt toegekend.
**2.**
**3.** Indien in de periode voorafgaand aan het verzoek om een voorlopige voorziening rechtsbijstand wordt verleend aan een uithuisgeplaatste die de wens, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Wet tijdelijk huisverbod, te kennen heeft gegeven, wordt 1,5 punt toegekend.
In afwijking van het eerste lid wordt in een piketzaak 0,75 punt toegekend, indien rechtsbijstand wordt verleend voorafgaand aan één of meer verhoren:
**4.** Indien de rechtsbijstand in een piketzaak is verleend op een zaterdag, zondag, een algemeen erkende feestdag of een bij of krachtens de Algemene termijnenwet met algemeen erkende feestdagen gelijkgestelde dag, wordt aanvullend 0,5 punt toegekend.
a. van in verzekering gestelde verdachten als bedoeld in artikel 27 van het Wetboek van Strafvordering;
b. als bedoeld in artikel 61, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering van verdachten van een strafbaar feit waarvoor een bevel tot inverzekeringstelling kan worden verleend.
**3.** In afwijking van het eerste lid wordt voor verleende rechtsbijstand in een piketzaak na het verhoor als bedoeld in het tweede lid aanvullend 0,75 punt toegekend.
**4.** Indien rechtsbijstand wordt verleend aan personen die op grond van artikel 154a of 176a van de Gemeentewet tijdelijk worden opgehouden wordt voor de verlening van rechtsbijstand, met uitzondering van het doen van een verzoek om een voorlopige voorziening, aan alle personen gezamenlijk 1,5 punt toegekend.
**5.** Indien in de periode voorafgaand aan het verzoek om een voorlopige voorziening rechtsbijstand wordt verleend aan een uithuisgeplaatste die de wens, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Wet tijdelijk huisverbod, te kennen heeft gegeven, wordt 1,5 punt toegekend.
**6.** Indien de rechtsbijstand in een piketzaak is verleend op een zaterdag, zondag, een algemeen erkende feestdag of een bij of krachtens de Algemene termijnenwet met algemeen erkende feestdagen gelijkgestelde dag, wordt aanvullend 0,5 punt toegekend.
### Artikel 23a
**1.**
Indien in een piketzaak als bedoeld in artikel 23, eerste lid, onderdelen a tot en met c, of tweede lid, tijdens één of meer verhoren rechtsbijstand wordt verleend aan verdachten van een strafbaar feit die ten tijde van het begaan van het feit de leeftijd van achttien jaren nog niet hebben bereikt, en de verdenking ziet op een strafbaar feit waarvoor een bevel tot inverzekeringstelling kan worden verleend, wordt in aanvulling op de vergoeding op grond van artikel 23 een vergoeding toegekend van:
a. 2 punten, indien er sprake is van een verdenking van een verdenking van:
een misdrijf waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf is gesteld van twaalf jaar of meer;
een misdrijf met een slachtoffer dat is overleden dan wel zwaar lichamelijk letsel heeft opgelopen; of
een zedenmisdrijf waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf is gesteld van acht jaar of meer, of sprake is van een zedenmisdrijf waarbij de strafverzwaringsgrond van artikel 248, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht van toepassing is;
b. 1 punt in alle overige gevallen.
**2.** Artikel 23, zesde lid, is van overeenkomstige toepassing.
## Hoofdstuk III. Vergoedingen in verband met reistijdverlet en overige kosten