From 26dd93d9e84a455cb2db07c1ed220a1b0ce706a1 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Thu, 30 Dec 2004 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2004-12-30 | BWBR0004189 | Wet op de architectentitel --- .../BWBR0004189/README.md | 19 ++++++++++--------- 1 file changed, 10 insertions(+), 9 deletions(-) diff --git a/wet/wet-op-de-architectentitel/BWBR0004189/README.md b/wet/wet-op-de-architectentitel/BWBR0004189/README.md index f9d3a99d7b6..fad91e50e13 100644 --- a/wet/wet-op-de-architectentitel/BWBR0004189/README.md +++ b/wet/wet-op-de-architectentitel/BWBR0004189/README.md @@ -84,15 +84,16 @@ g. met goed gevolg hebben afgelegd een overeenkomstig het bepaalde in hoofdstuk h. met goed gevolg hebben afgelegd het examen ter afsluiting van een door Onze Minister en na het horen van de representatief te achten beroepsorganisaties van architecten, aangewezen opleiding; i. in het bezit zijn van een diploma, certificaat of andere titel op het gebied van de architectuur -- als bedoeld in de hoofdstukken II en III van de EEG-richtlijn, of -- behaald in een staat die geen lid is van de Europese Unie of partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, doch erkend door een andere lidstaat van de Europese Unie en door Onze Minister met inachtneming van artikel 6, eerste volzin, van de EEG-richtlijn; -j. in het bezit zijn van een der door Onze Minister al dan niet op verzoek van een belanghebbende aangewezen diploma's die door instellingen in het buitenland, waaronder niet zijn begrepen instellingen, gevestigd in de lid-staten van de Europese Unie of de andere staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, zijn of worden verstrekt. +1°. behaald in een andere lidstaat van de Europese Unie of in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte dan wel in Zwitserland en dat overeenkomstig artikel 2 of hoofdstuk III van de EEG-richtlijn dient te worden erkend; +2°. behaald in een andere lidstaat van de Europese Unie of in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte dan wel in Zwitserland, doch waarop subonderdeel 1° niet van toepassing is, mits vergezeld van een verklaring, afgegeven door Onze Minister, waaruit blijkt dat de betrokkene een door of vanwege Onze Minister ingesteld onderzoek dat ertoe strekt de uit het diploma, certificaat of andere titel alsmede de beroepservaring van betrokkene blijkende kennis en bekwaamheden te vergelijken met die welke bij of krachtens de onderdelen a of c van dit lid zijn vereist, met goed gevolg heeft doorstaan, of +3°. behaald in een staat, niet zijnde een lidstaat van de Europese Unie, een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland, doch door een van deze staten en door Onze Minister met inachtneming van artikel 6, eerste volzin, van de EEG-richtlijn erkend; +j. in het bezit zijn van een der door Onze Minister al dan niet op verzoek van een belanghebbende aangewezen diploma's die door instellingen in het buitenland, waaronder niet zijn begrepen instellingen, gevestigd in de lidstaten van de Europese Unie of de andere staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte dan wel in Zwitserland, zijn of worden verstrekt. **2.** Onze Minister kan nadere regels geven over de inrichting welke degene die op grond van het voldoen aan een der eisen, bedoeld in het eerste lid, onder *a* en *c*, inschrijving in het register wenst te verkrijgen aan zijn opleiding moet hebben gegeven. ### Artikel 9a -Onze Minister beslist op een aanvraag om erkenning als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onderdeel i, 2°, binnen drie maanden nadat hij de aanvraag heeft ontvangen. +Onze Minister beslist op een aanvraag om erkenning als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onderdeel i, 3°, binnen drie maanden nadat hij de aanvraag heeft ontvangen. ### Artikel 10 @@ -107,7 +108,7 @@ d. in het bezit zijn van het op grond van artikel 29 van de Wet op het voortgeze e. met goed gevolg hebben afgelegd een overeenkomstig het bepaalde in hoofdstuk VI ingericht en afgenomen examen voor stedebouwkundigen of daarvan, wegens ten genoegen van Onze Minister aangetoonde uitzonderlijke bekwaamheid, van Onze Minister ontheffing hebben verkregen; f. met goed gevolg hebben afgelegd het examen ter afsluiting van een door Onze Minister en na het horen van de representatief te achten beroepsorganisaties van stedebouwkundigen, aangewezen opleiding; g. in het bezit zijn van een ten aanzien van het beroep van stedebouwkundige afgegeven EG-verklaring als bedoeld in de Algemene wet erkenning EG-hoger-onderwijsdiploma's dan wel in de Algemene wet erkenning EG-beroepsopleidingen; -h. in het bezit zijn van een der door Onze Minister al dan niet op verzoek van een belanghebbende aangewezen diploma's die door instellingen in het buitenland, waaronder niet zijn begrepen instellingen, gevestigd in de lid-staten van de Europese Unie of de andere staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, zijn of worden verstrekt. +h. in het bezit zijn van een der door Onze Minister al dan niet op verzoek van een belanghebbende aangewezen diploma's die door instellingen in het buitenland, waaronder niet zijn begrepen instellingen, gevestigd in de lidstaten van de Europese Unie of de andere staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte dan wel in Zwitserland, zijn of worden verstrekt. **2.** Onze Minister kan nadere regels geven over de inrichting welke degene die op grond van het voldoen aan een der eisen bedoeld in het eerste lid, onder *a* tot en met *d*, inschrijving in het register wenst te verkrijgen aan zijn opleiding moet hebben gegeven. @@ -126,7 +127,7 @@ f. in het bezit zijn van een in 1971 uitgereikt diploma van de Voortgezette Hoge g. met goed gevolg hebben afgelegd een overeenkomstig het bepaalde in hoofdstuk VI ingericht en afgenomen examen voor tuin- en landschapsarchitect of daarvan, wegens ten genoegen van Onze Minister van Landbouw en Visserij aangetoonde uitzonderlijke bekwaamheid, van genoemde minister ontheffing hebben verkregen; h. met goed gevolg hebben afgelegd het examen ter afsluiting van een door Onze Minister van Landbouw en Visserij, na het horen van de representatief te achten beroepsorganisaties van tuin- en landschapsarchitecten, aangewezen opleiding; i. in het bezit zijn van een ten aanzien van het beroep van tuin- en landschapsarchitect afgegeven EG-verklaring als bedoeld in de Algemene wet erkenning EG-hoger-onderwijsdiploma's dan wel in de Algemene wet erkenning EG-beroepsopleidingen; -j. in het bezit zijn van een der door Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij al dan niet op verzoek van een belanghebbende aangewezen diploma's die door instellingen in het buitenland, waaronder niet zijn begrepen instellingen, gevestigd in de lid-staten van de Europese Unie of de andere staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, zijn of worden verstrekt. +j. in het bezit zijn van een der door Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij al dan niet op verzoek van een belanghebbende aangewezen diploma's die door instellingen in het buitenland, waaronder niet zijn begrepen instellingen, gevestigd in de lidstaten van de Europese Unie of de andere staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte dan wel in Zwitserland, zijn of worden verstrekt. **2.** Onze Minister van Landbouw en Visserij kan nadere regels geven over de inrichting welke degene die op grond van het voldoen aan een der eisen, bedoeld in het eerste lid, onder *a* en *b*, inschrijving in het register wenst te verkrijgen aan zijn opleiding moet hebben gegeven. @@ -142,7 +143,7 @@ c. in het bezit zijn van het op grond van artikel 29 van de Nijverheidsonderwijs d. met goed gevolg hebben afgelegd een overeenkomstig het bepaalde in hoofdstuk VI ingericht en afgenomen examen voor interieurarchitect of daarvan, wegens ten genoegen van Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur aangetoonde uitzonderlijke bekwaamheid, van genoemde minister ontheffing hebben verkregen; e. met goed gevolg hebben afgelegd het examen ter afsluiting van een door Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur en na het horen van de representatief te achten beroepsorganisaties van interieurarchitecten, aangewezen opleiding; f. in het bezit zijn van een ten aanzien van het beroep van interieurarchitect afgegeven EG-verklaring als bedoeld in de Algemene wet erkenning EG-hoger-onderwijsdiploma's dan wel in de Algemene wet erkenning EG-beroepsopleidingen; -g. in het bezit zijn van een der door Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur al dan niet op verzoek van een belanghebbende aangewezen diploma's die door instellingen in het buitenland, waaronder niet zijn begrepen instellingen, gevestigd in de lid-staten van de Europese Unie of de andere staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, zijn of worden verstrekt. +g. in het bezit zijn van een der door Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur al dan niet op verzoek van een belanghebbende aangewezen diploma's die door instellingen in het buitenland, waaronder niet zijn begrepen instellingen, gevestigd in de lidstaten van de Europese Unie of de andere staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte dan wel in Zwitserland, zijn of worden verstrekt. **2.** Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur kan nadere regels geven over de inrichting welke degene die op grond van het voldoen aan een der eisen, bedoeld in het eerste lid, onder *a* tot en met *c* , inschrijving in het register wenst te verkrijgen aan zijn opleiding moet hebben gegeven. @@ -213,7 +214,7 @@ Voor de toepassing van het bepaalde in artikel 16, eerste lid, geldt het tijdsti **2.** Artikel 8:4, onderdeel *e*, van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing. -**3.** Voorzover een besluit inzake erkenning of een aanwijzing, als bedoeld in de artikelen 9, eerste lid, onderdelen i, 2°, en j, 10, eerste lid, onderdeel h, 11, eerste lid, onderdeel j, en 12, eerste lid, onderdeel g, aangemerkt wordt als algemeen verbindend voorschrift, kan in afwijking van artikel 8:2 van de Algemene wet bestuursrecht beroep ingesteld worden bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven. +**3.** Voorzover een besluit inzake erkenning of een aanwijzing, als bedoeld in de artikelen 9, eerste lid, onderdelen i, 3°, en j, 10, eerste lid, onderdeel h, 11, eerste lid, onderdeel j, en 12, eerste lid, onderdeel g, aangemerkt wordt als algemeen verbindend voorschrift, kan in afwijking van artikel 8:2 van de Algemene wet bestuursrecht beroep ingesteld worden bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven. ## Hoofdstuk V. Titelbescherming @@ -237,7 +238,7 @@ Voor de toepassing van het bepaalde in artikel 16, eerste lid, geldt het tijdsti ### Artikel 24 -**1.** Onverminderd artikel 23, eerste lid, is degene die voldoet aan artikel 9, eerste lid, onder *i*, 10, eerste lid, onder *g*, 11, eerste lid, onder *i*, of 12, eerste lid, onder *f*, gerechtigd gebruik te maken van de wettige, in een andere lid-staat van de Europese Unie of in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte gevoerde titel of afkorting daarvan, in de taal van die Staat. +**1.** Onverminderd artikel 23, eerste lid, is degene die voldoet aan artikel 9, eerste lid, onder *i*, 10, eerste lid, onder *g*, 11, eerste lid, onder *i*, of 12, eerste lid, onder *f*, gerechtigd gebruik te maken van de wettige, in een andere lidstaat van de Europese Unie of de andere staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte dan wel in Zwitserland gevoerde titel of afkorting daarvan, in de taal van die Staat. **2.** Onze Minister die het aangaat kan bepalen dat bij het voeren van een titel als bedoeld in het eerste lid, tevens de naam en de plaats van vestiging van de instelling of de examencommissie die deze titel heeft verleend, moet worden vermeld.