2003-02-20 | BWBR0014330 | Luchthavenverkeerbesluit Schiphol

This commit is contained in:
Coornhert 2003-02-20 12:00:00 +00:00
parent 7a6553ee78
commit 271d2e79bd

View file

@ -3,7 +3,7 @@ titel: Luchthavenverkeerbesluit Schiphol
bwb_id: BWBR0014330
type: AMvB
status: geldend
datum_inwerkingtreding: '2010-02-22'
datum_inwerkingtreding: '2003-02-20'
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0014330
citeertitel: Luchthavenverkeerbesluit Schiphol
---
@ -25,14 +25,7 @@ f. *vlieghoogte en vliegniveau*: de begrippen zoals deze zijn bepaald in artikel
1° een vlieghoogte die is uitgedrukt in voeten altijd bepaald wordt ten opzichte van het gemiddeld zeeniveau;
2° een vlieghoogte niet van toepassing is in het luchtruim boven de Nederlandse territoriale zee en boven de Noordzee buiten de territoriale zee;
g. *Schiphol TMA en Schiphol CTR*: de begrippen zoals deze zijn bepaald op grond van de artikelen 2 en 5 van de Regeling luchtverkeersdienstverlening;
h. *exploitatiebeperkingen:* met de geluidssituatie samenhangende maatregelen waarbij de toegang van civiele subsonische straalvliegtuigen tot een luchthaven wordt beperkt of teruggebracht en welke onder meer gericht kunnen zijn op de uitdienstneming van marginaal conforme vliegtuigen op de luchthaven;
i. *partiële exploitatiebeperkingen*: exploitatiebeperkingen die het gebruik van civiele subsonische straalvliegtuigen in bepaalde tijdsperiodes beperken;
j. *ICAO Bijlage 16*: de op grond van het op 7 december 1944, te Chicago gesloten Verdrag inzake de Burgerluchtvaart (Trb.1973, 109) door de Internationale Burgerluchtvaartorganisatie vastgestelde Annex 16 (Environmental Protection) , boekdeel I, deel II, Hoofdstuk 3, derde uitgave (juli 1993);
k. *EPNdB*: de eenheid van effectief waargenomen geluid zoals gedefinieerd in ICAO Bijlage 16;
l. *civiele subsonische vliegtuigen*: civiele subsonische straalvliegtuigen met een gecertificeerde maximum-startmassa van 34.000 kg of meer of met een gecertificeerde maximumcapaciteit voor het betrokken vliegtuigtype van meer dan 19 stoelen, de uitsluitend voor de bemanning bestemde stoelen niet meegerekend;
m. *marginaal conforme vliegtuigen*: civiele subsonische straalvliegtuigen die voldoen aan de geluidsnormen, zoals vastgesteld in ICAO Bijlage 16, met een cumulatieve marge van niet meer dan 5 EPNdB, waarbij de cumulatieve marge de in EPNdB uitgedrukte waarde is die wordt verkregen door het bij elkaar optellen van de individuele marges, zijnde de verschillen tussen het gecertificeerde geluidsniveau en het maximaal toegestane geluidsniveau, op elk van de drie referentiegeluidsmeetpunten zoals omschreven in ICAO Bijlage 16;
n. *handelsverkeer:* verkeersvluchten van luchtvaartmaatschappijen die open staan voor individuele boekingen voor passagiers, vracht of post, en die betreffen: geregelde vluchten, zijnde lijnvluchten of commerciële vluchten uitgevoerd op een vaste route volgens een gepubliceerde dienstregeling, en niet-geregelde vluchten, zijnde chartervluchten in het passagiers- en vrachtvervoer of commerciële vluchten met een ongeregeld karakter.
g. *Schiphol TMA en Schiphol CTR*: de begrippen zoals deze zijn bepaald op grond van de artikelen 2 en 5 van de Regeling luchtverkeersdienstverlening.
## Hoofdstuk 2. De luchtverkeerwegen
@ -102,8 +95,6 @@ De LVNL draagt er zorg voor dat het aantal afwijkingen als bedoeld in het tweede
| Van grens SchipholTMA tot eindnadering | Van 6 tot 23 uur | 15,00% | | |
| Van 23 tot 6 uur | 0,05% | | | |
**4.** De LVNL kan met het oog op de beperking van de geluidbelasting tussen 22.15 uur en 23.00 uur en tussen 6.00 uur en 6.45 uur luchtverkeersleiding geven die ertoe strekt dat het straalvliegtuig blijft binnen een luchtverkeerweg als bedoeld in artikel 3.1.1 die voor het tijdvak van 23.00 uur tot 6.00 uur is aangewezen.
### Artikel 3.1.4
De exploitant van de luchthaven draagt zorg voor de beschikbaarstelling van het in het luchthavenindelingbesluit beschreven banenstelsel voor luchthavenluchtverkeer. De exploitant kan de beschikbaarstelling beperken indien dit noodzakelijk is voor het uitvoeren van werkzaamheden aan of in verband met het banenstelsel.
@ -136,7 +127,7 @@ Het gebruik van het banenstelsel is gebonden aan de beperkingen die zijn beschre
**6.** Van de beperkingen kan afgeweken worden voor zover dit noodzakelijk is in verband met reddingsacties of hulpverlening.
### Paragraaf 3.2. Regels ter beperking van de uitstoot van stikstofoxiden en stoffen die geurhinder veroorzaken
### Paragraaf 3.2. Regels ter beperking van de uitstoot van stoffen die geurhinder veroorzaken
### Artikel 3.2.1
@ -146,16 +137,9 @@ Het gebruik van het banenstelsel is gebonden aan de beperkingen die zijn beschre
### Artikel 3.2.2
**1.**
**1.** Bij de afhandeling van een vliegtuig aan de afhandelingsplaats draagt de gezagvoerder er zorg voor dat de in het vliegtuig aanwezige Auxiliary Power Unit niet gebruikt wordt voor de stroomvoorziening voor zover een vervangende stroomvoorziening beschikbaar is.
De exploitant van de luchthaven draagt er zorg voor dat, met ingang van de in onderdeel a tot en met d bedoelde data, het daarbij bepaalde aantal afhandelingsplaatsen op de pieren, bedoeld in bijlage 4 bij dit besluit, is voorzien van een vaste stroomaansluiting en van een voorziening voor preconditioned air, beide van voldoende kwaliteit, ter vervanging van de in het vliegtuig aanwezige Auxiliary Power Unit:
a. 1 januari 2011 in totaal tenminste 15;
b. 1 januari 2012 in totaal tenminste 30;
c. 1 januari 2013 in totaal tenminste 45;
d. 1 januari 2014 in totaal tenminste 61.
**2.** Bij de afhandeling van een vliegtuig aan de afhandelingsplaats draagt de gezagvoerder er zorg voor dat, voor de stroomvoorziening en airconditioning, geen gebruik gemaakt wordt van de in het vliegtuig aanwezige Auxiliary Power Unit of van een Ground Power Unit voor zover vervangende voorzieningen beschikbaar zijn.
**2.** De gezagvoerder kan afwijken van het eerste lid indien naleving van dat lid naar het oordeel van de gezagvoerder onveilig is of aan de normale operatie van het vliegtuig in de weg staat.
## Hoofdstuk 4. De grenswaarden
@ -182,7 +166,7 @@ De gemiddelde ongevalskans per vliegtuigbeweging per gebruiksjaar en het maximum
**1.** De L_den wordt gebruikt als indicator voor de geluidbelasting gedurende het gehele etmaal ten gevolge van het luchthavenluchtverkeer. De geluidbelasting wordt berekend over een gebruiksjaar.
**2.** Het totale volume van de geluidbelasting bedraagt niet meer dan 63,46 dB(A).
**2.** Het totale volume van de geluidbelasting bedraagt niet meer dan 63,71 dB(A).
**3.** De geluidbelasting in een punt dat is aangewezen in bijlage 2 bij dit besluit bedraagt niet meer dan de bij dat punt aangegeven waarde.
@ -214,11 +198,7 @@ b. de waarde die bij het punt in bijlage 3 bij dit besluit tussen haken is verme
**2.** De in de artikelen 4.2.1 en 4.2.2 bedoelde geluidbelastingen worden bepaald overeenkomstig het rapport van het Nationaal Lucht- en Ruimtevaartlaboratorium NLR-CR-2001-372.
**3.** De in de artikelen 4.2.1, vierde lid, en 4.2.2, vierde lid, bedoelde nieuwe waarden worden berekend overeenkomstig de rapporten van het Nationaal Lucht- en Ruimtevaartlaboratorium NLR-CR-2003-539 en aanvulling NLR-CR-065, met dien verstande dat een herberekening plaatsvindt overeenkomstig hoofdstuk 9 van het rapport, bedoeld in het tweede lid.
### Artikel 4.2.3a
Op de luchthaven Schiphol vinden per gebruiksjaar maximaal 478.000 vliegtuigbewegingen met handelsverkeer plaats. Van dit aantal vinden maximaal 27.000 vliegtuigbewegingen plaats in de periode van 23.00 uur tot 7.00 uur.
**3.** De in de artikelen 4.2.1, vierde lid, en 4.2.2, vierde lid, bedoelde nieuwe waarden worden berekend overeenkomstig het rapport van het Nationaal Lucht- en Ruimtevaartlaboratorium NLR-CR-2001-371, met dien verstande dat een herberekening plaatsvindt overeenkomstig hoofdstuk 9 van het rapport, bedoeld in het tweede lid.
### Paragraaf 4.3. Grenswaarden voor de uitstoot van stoffen die lokale luchtverontreiniging veroorzaken
@ -242,78 +222,7 @@ De uitstoot ten gevolge van het luchthavenluchtverkeer bedraagt per gecorrigeerd
### Artikel 4.3.2
De uitstoot wordt bepaald overeenkomstig de emissieberekeningsmethodiek zoals beschreven in het rapport van het TNO-MEP R2003/313. Het maximum startgewicht wordt bepaald overeenkomstig het in artikel 4.1.2 genoemde rapport.
## Hoofdstuk 4A. Regels en procedures met betrekking tot de invoering van geluidgerelateerde exploitatiebeperkingen
### Artikel 4A.1
De exploitant van de luchthaven en de inspecteur-generaal nemen bij het toepassen van exploitatiebeperkingen de voorschriften uit de artikelen 4A.2 tot en met 4A.7 in acht.
### Artikel 4A.2
**1.** De exploitatiebeperkingen worden vastgelegd op basis van het geluidsniveau van het vliegtuig zoals vastgesteld volgens de certificeringsprocedure van ICAO Bijlage 16.
**2.** De exploitatiebeperkingen mogen niet restrictiever zijn dan noodzakelijk om de voor de luchthaven vastgestelde grenswaarden voor de geluidbelasting te halen.
**3.** Bij het overwegen van exploitatiebeperkingen wordt rekening gehouden met de verwachte kosten en baten van de ter beschikking staande maatregelen en met de specifieke kenmerken van de luchthaven Schiphol.
### Artikel 4A.3
**1.** Bij de besluitvorming over het opleggen van exploitatiebeperkingen wordt rekening gehouden met de in de Bijlage II van richtlijn nr. 2002/30/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 26 maart 2002 betreffende de vaststelling van regels en procedures met betrekking tot de invoering van geluidgerelateerde exploitatiebeperkingen op luchthavens in de Gemeenschap (PbEG L85) gespecificeerde informatie, voor zover dat voor de betrokken exploitatiebeperkingen en de kenmerken van de luchthaven passend en mogelijk is.
**2.** Aan het eerste lid is in elk geval voldaan indien sprake is van een luchthavenproject dat is onderworpen aan een milieueffectbeoordeling als bedoeld in het Besluit milieueffectrapportage, mits daarbij zoveel mogelijk rekening is gehouden met de specifieke informatie, bedoeld in het eerste lid.
### Artikel 4A.4
**1.**
Indien na de toepassing van artikel 4A.3, eerste lid, blijkt dat op de uitdienstneming van marginaal conforme vliegtuigen gerichte exploitatiebeperkingen moeten worden ingevoerd, gelden in plaats van de procedure van artikel 9 van Verordening (EEG) nr. 2408/92 van de Raad van 23 juli 1992 betreffende de toegang van communautaire luchtvaartmaatschappijen tot intracommunautaire luchtroutes (PbEG L240), de volgende regels ten aanzien van de luchthaven:
a. gedurende zes maanden na het besluit tot invoering van de exploitatiebeperking worden op de luchthaven geen door marginaal conforme vliegtuigen te verrichten diensten toegestaan, boven die welke in de overeenkomstige periode van het vorige jaar werden verricht;
b. minimaal zes maanden daarna kan van elke exploitant van luchtvaartuigen worden verlangd dat hij het aantal vliegbewegingen met marginaal conforme vliegtuigen uit zijn vloot vermindert in een jaarlijks tempo van maximaal 20% van het aanvankelijke totale aantal van deze vliegbewegingen.
**2.** Voor tot de in het eerste lid bedoelde uitdienstneming wordt besloten, wordt eerst de toepassing van partiële exploitatiebeperkingen overwogen.
### Artikel 4A.5
Artikel 4A.3 is niet van toepassing op:
a. exploitatiebeperkingen waartoe reeds was besloten vóór of op 28 maart 2002;
b. niet-wezenlijke technische wijzigingen in partiële exploitatiebeperkingen die geen significant kosteneffect hebben voor de luchtvaartondernemingen op de luchthaven en na 28 maart 2002 zijn aangebracht.
### Artikel 4A.6
Artikel 4A.4 is tot en met 27 maart 2012 niet van toepassing op marginaal conforme vliegtuigen die zijn ingeschreven in ontwikkelingslanden mits het vliegtuigen betreft:
a. waaraan een geluidscertificering is verleend op grond van de normen van ICAO Bijlage 16;
b. die tussen 1 januari 1996 en 31 december 2001 op de luchthaven vlogen, en
c. die gedurende de in onderdeel b bedoelde periode voorkwamen in het register van het betrokken ontwikkelingsland en bij voortduring door een in dat land gevestigde natuurlijke of rechtspersoon worden geëxploiteerd.
### Artikel 4A.7
**1.** De exploitant van de luchthaven en de inspecteur-generaal leggen een ontwerpmaatregel tot invoering van een exploitatiebeperking gedurende zes weken ter inzage. Voorafgaand aan de terinzagelegging wordt in één of meer dag-, nieuws- of huis-aan-huis-bladen of op een andere geschikte wijze kennis gegeven van de ontwerpmaatregel. Belanghebbenden kunnen gedurende de termijn waarbinnen de ontwerpmaatregel ter inzage ligt naar keuze schriftelijk of mondeling hun zienswijze over deze maatregel naar voren brengen.
**2.**
De exploitant van de luchthaven en de inspecteur-generaal dragen er zorg voor dat alle belanghebbenden openbaar en gemotiveerd in kennis worden gesteld van nieuwe exploitatiebeperkingen:
a. zes maanden voor de inwerkingtreding van de in artikel 4A.4, eerste lid, onderdeel a, bedoelde maatregelen;
b. één jaar voor de inwerkingtreding van de in artikel 4A.4, eerste lid, onderdeel b, bedoelde maatregelen;
c. twee maanden voor de conferentie waarop het dienstrooster voor de desbetreffende periode wordt vastgesteld.
**3.** De exploitant van de luchthaven stelt de inspecteur-generaal onverwijld in kennis van elke nieuwe exploitatiebeperking.
### Artikel 4A.8
Onze Minister van Verkeer en Waterstaat kan vrijstelling verlenen voor afzonderlijke operaties met marginaal conforme vliegtuigen die op grond van de bepalingen van dit hoofdstuk niet mogelijk zijn, mits de vrijstelling is beperkt tot:
a. vliegtuigen waarvan de afzonderlijke operaties dermate uitzonderlijk zijn dat het onredelijk zou zijn een tijdelijke vrijstelling niet te verlenen;
b. vliegtuigen die niet-commerciële vluchten verrichten met het oog op wijzigings-, reparatie- of onderhoudswerkzaamheden.
### Artikel 4A.9
De artikelen 4A.2 tot en met 4A.7, eerste en tweede lid, zijn van overeenkomstige toepassing op Onze Minister van Verkeer en Waterstaat, voor zover deze ter uitvoering van artikel 11.15 Wet luchtvaart exploitatiebeperkingen toepast.
De uitstoot wordt bepaald overeenkomstig de emissieberekeningsmethodiek zoals beschreven in het rapport van het TNO-MEP R2002/326. Het maximum startgewicht wordt bepaald overeenkomstig het in artikel 4.1.2 genoemde rapport.
## Hoofdstuk 5. Overgangsbepaling
@ -383,56 +292,12 @@ Dit besluit wordt aangehaald als: Luchthavenverkeerbesluit Schiphol.
## Bijlage 1
*[afbeelding]*
Raadpleeg voor de kaarten de afzonderlijke bijlage van Stcrt. 2002/16, die op het kantoor van de Staatscourant ter inzage ligt.
*[afbeelding]*
## Bijlage 2
*[afbeelding]*
Raadpleeg voor de kaarten de afzonderlijke bijlage van Stcrt. 2002/16, die op het kantoor van de Staatscourant ter inzage ligt.
*[afbeelding]*
## Bijlage 3
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
## Bijlage 2. Handhavingspunten etmaalperiode
*[afbeelding]*
## Bijlage 3. Handhavingspunten periode van 23.00 tot 7.00 uur
*[afbeelding]*
## Bijlage 4. Locaties van de afhandelingsplaatsen met vaste stroom en preconditioned air
*[afbeelding]*
Raadpleeg voor de kaarten de afzonderlijke bijlage van Stcrt. 2002/16, die op het kantoor van de Staatscourant ter inzage ligt.