2019-01-01 | BWBR0002399 | Wet op het voortgezet onderwijs

This commit is contained in:
Coornhert 2019-01-01 12:00:00 +00:00
parent a56c72d65c
commit 27c1078ccc

View file

@ -974,7 +974,7 @@ h. de wijze waarop wordt vastgesteld wat het aandeel van de onderscheiden schole
i. indien toepassing wordt gegeven aan artikel 17a1, eerste lid, de criteria, procedure en duur van het beoordelen of een leerling is aangewezen op het leerwegondersteunend onderwijs, en
j. indien toepassing wordt gegeven aan artikel 17a1, tweede lid, de criteria voor de voordracht voor het in aanmerking brengen voor bekostiging van scholen die leerwegondersteunend onderwijs aanbieden.
**9.** Het ondersteuningsplan wordt niet vastgesteld voordat over een concept van het plan op overeenstemming gericht overleg heeft plaatsgevonden met burgemeester en wethouders van de desbetreffende gemeente of gemeenten en overleg heeft plaatsgevonden met het samenwerkingsverband, bedoeld in artikel 18a, tweede lid, van de Wet op het primair onderwijs, waarvan het gebied geheel of gedeeltelijk samenvalt met het gebied van het samenwerkingsverband. Het overleg met burgemeester en wethouders vindt plaats overeenkomstig een procedure, vastgesteld door het samenwerkingsverband en burgemeester en wethouders van die gemeente of gemeenten. De procedure bevat een voorziening voor het beslechten van geschillen.
**9.** Het ondersteuningsplan wordt niet vastgesteld voordat over een concept van het plan op overeenstemming gericht overleg heeft plaatsgevonden met burgemeester en wethouders van de desbetreffende gemeente of gemeenten en overleg heeft plaatsgevonden met het samenwerkingsverband, bedoeld in artikel 18a, tweede lid, van de Wet op het primair onderwijs, waarvan het gebied geheel of gedeeltelijk samenvalt met het gebied van het samenwerkingsverband. Het samenwerkingsverband nodigt het bevoegd gezag van een instelling als bedoeld in artikel 1.1.1, onderdeel b, van de Wet educatie en beroepsonderwijs met een of meer vestigingen in het gebied van het samenwerkingsverband uit voor het overleg met burgemeester en wethouders over het onderdeel van het ondersteuningsplan, bedoeld in artikel 17a, achtste lid, onder a. Het overleg met burgemeester en wethouders vindt plaats overeenkomstig een procedure, vastgesteld door het samenwerkingsverband en burgemeester en wethouders van die gemeente of gemeenten. De procedure bevat een voorziening voor het beslechten van geschillen.
**10.** Het ondersteuningsplan wordt voor 1 mei voorafgaand aan het eerste schooljaar van de periode waarop het plan betrekking heeft, toegezonden aan de inspectie.
@ -3770,11 +3770,11 @@ d. de opbrengst van werkstukken en van verrichte diensten anders dan in het kade
**1.**
Op de bekostiging, bedoeld in artikel 96m, eerste lid, wordt volgens bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen regels een bedrag in mindering gebracht in verband met de kosten van werkloosheidsuitkeringen, suppleties inzake arbeidsongeschiktheid alsmede uitkeringen wegens ziekte en arbeidsongeschiktheid aan gewezen personeel anders dan op grond van de Ziektewet. Deze regels kunnen voorzien in:
Op de bekostiging, bedoeld in artikel 96m, eerste lid, artikel 85b, eerste lid, en artikel 85b1, eerste lid, wordt volgens bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen regels een bedrag in mindering gebracht in verband met de kosten van werkloosheidsuitkeringen, suppleties inzake arbeidsongeschiktheid alsmede uitkeringen wegens ziekte en arbeidsongeschiktheid aan gewezen personeel anders dan op grond van de Ziektewet. Deze regels kunnen voorzien in:
a. onderscheid in verband met de datum waarop gewezen personeel is ontslagen,
b. onderscheid in verband met de beslissing van de rechtspersoon, bedoeld in artikel 98b, eerste lid, zoals luidend op de dag voor de inwerkingtreding van artikel IV van de wet van 12 mei 2005, Stb. 288, en
c. verdeling van de in de eerste volzin bedoelde kosten over enerzijds de bevoegde gezagsorganen gezamenlijk en anderzijds individuele bevoegde gezagsorganen.
c. verdeling van de in de eerste volzin bedoelde kosten over enerzijds de bevoegde gezagsorganen gezamenlijk en anderzijds individuele bevoegde gezagsorganen en samenwerkingsverbanden.
**2.**
@ -4293,7 +4293,7 @@ Vervallen
Vervallen
## Titel IVB. Bestrijding voortijdig schoolverlaten niet-leerplichtigen
## Titel IVB. Bestrijden voortijdig schoolverlaten en volgen van jongeren in een kwetsbare positie
### Artikel 118g
@ -4308,7 +4308,7 @@ b. die niet meer aan een school is ingeschreven en evenmin is ingeschreven aan e
### Artikel 118h
**1.** Burgemeester en wethouders dragen zorg voor registratie van de gegevens die het bevoegd gezag ingevolge artikel 28 heeft gemeld of waarover zij op grond van artikel 28a of op grond van artikel 24f, derde en vierde lid, van de Wet op het onderwijstoezicht beschikken. Burgemeester en wethouders dragen bovendien zorg voor een systeem van doorverwijzing naar onderwijs of arbeidsmarkt van de in artikel 118g bedoelde voortijdige schoolverlaters en voor het onderhoud van dit systeem. Het systeem heeft mede betrekking op de gegevens waarover de gemeente beschikt in het kader van de uitvoering van de Leerplichtwet 1969. Voor de uitvoering van de eerste en tweede volzin kunnen bij ministeriële regeling nadere voorschriften worden vastgesteld.
**1.** Burgemeester en wethouders dragen zorg voor registratie van de gegevens die het bevoegd gezag ingevolge artikel 28 heeft gemeld of waarover zij op grond van artikel 28a of op grond van artikel 24f, derde en vierde lid, van de Wet op het onderwijstoezicht beschikken. Burgemeester en wethouders dragen bovendien zorg voor een systeem van doorverwijzing naar onderwijs of arbeidsmarkt van de in artikel 118g bedoelde voortijdige schoolverlaters en voor het onderhoud van dit systeem. Het systeem heeft mede betrekking op de gegevens waarover de gemeente beschikt in het kader van de uitvoering van de Leerplichtwet 1969. Burgemeester en wethouders volgen de deelname aan onderwijs en arbeidsmarkt van de personen, bedoeld in artikel 118g, tweede lid, die de leeftijd van 23 jaren nog niet hebben bereikt. Voor de uitvoering van de eerste, tweede en vierde volzin kunnen bij ministeriële regeling nadere voorschriften worden vastgesteld.
**2.** Voor de vervulling van hun in het eerste lid bedoelde taken werken de colleges van burgemeester en wethouders samen binnen bij of krachtens algemene maatregel van bestuur vastgestelde regio's. Zij maken tevens afspraken met scholen, instellingen als bedoeld in de Wet educatie en beroepsonderwijs, scholen en instellingen als bedoeld in de Wet op de expertisecentra en organisaties die zijn betrokken bij het voorkomen en bestrijden van voortijdig schoolverlaten.
@ -4322,7 +4322,7 @@ c. organiseren en coördineren zij de in het eerste lid bedoelde melding, regist
**4.** Indien colleges van burgemeester en wethouders in een regio een andere contactgemeente aanwijzen, dragen burgemeester en wethouders van de vorige contactgemeente alle bescheiden die betrekking hebben op de uitvoering van dit artikel over aan burgemeester en wethouders van de opvolgende contactgemeente. De wijziging van de aanwijzing wordt onverwijld gemeld aan Onze Minister.
**5.** Ter tegemoetkoming in de kosten van uitvoering van het eerste tot en met derde lid kent Onze Minister binnen het raam van de door de begrotingswetgever beschikbaar gestelde middelen jaarlijks uiterlijk in september ten behoeve van de activiteiten van de colleges van burgemeester en wethouders in de regio aan de contactgemeente een specifieke uitkering toe. Deze uitkering heeft betrekking op het daarop volgende kalenderjaar. De contactgemeente draagt er zorg voor dat de colleges van burgemeester en wethouders in de regio gebruik kunnen maken van de instrumenten die met behulp van deze uitkering zijn verwezenlijkt. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gegeven voor de berekening en betaling van de uitkering. De berekening geschiedt in elk geval aan de hand van het aantal volwassen inwoners van de gemeenten in de regio op 1 januari van het jaar voorafgaande aan het jaar van de uitkering, waarbij rekening wordt gehouden met het opleidingsniveau en met de etnische achtergrond van die inwoners. Bij de berekening van een deel van de uitkering kunnen de volwassen inwoners van gemeenten die op grond van een andere regeling reeds een vergoeding voor de bestrijding van voortijdig schoolverlaten ontvangen, buiten beschouwing worden gelaten. Onze Minister hanteert het aantal volwassen inwoners van de gemeenten in de regio dat blijkt uit de gegevens die het Centraal Bureau voor de Statistiek op verzoek van Onze Minister daarover verstrekt.
**5.** Ter tegemoetkoming in de kosten van uitvoering van het eerste tot en met derde lid kent Onze Minister onverminderd artikel 118i1, vierde lid, binnen het raam van de door de begrotingswetgever beschikbaar gestelde middelen jaarlijks uiterlijk in september ten behoeve van de activiteiten van de colleges van burgemeester en wethouders in de regio aan de contactgemeente een specifieke uitkering toe. Deze uitkering heeft betrekking op het daarop volgende kalenderjaar. De contactgemeente draagt er zorg voor dat de colleges van burgemeester en wethouders in de regio gebruik kunnen maken van de instrumenten die met behulp van deze uitkering zijn verwezenlijkt. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gegeven voor de berekening en betaling van de uitkering. De berekening geschiedt in elk geval aan de hand van het aantal volwassen inwoners van de gemeenten in de regio op 1 januari van het jaar voorafgaande aan het jaar van de uitkering, waarbij rekening wordt gehouden met het opleidingsniveau en met de etnische achtergrond van die inwoners. Bij de berekening van een deel van de uitkering kunnen de volwassen inwoners van gemeenten die op grond van een andere regeling reeds een vergoeding voor de bestrijding van voortijdig schoolverlaten ontvangen, buiten beschouwing worden gelaten. Onze Minister hanteert het aantal volwassen inwoners van de gemeenten in de regio dat blijkt uit de gegevens die het Centraal Bureau voor de Statistiek op verzoek van Onze Minister daarover verstrekt.
**6.** Het bevoegd gezag geeft aan de door burgemeester en wethouders aangewezen personen alle gevraagde bescheiden ter inzage en verstrekt de gevraagde inlichtingen die van belang zijn voor het voorkomen en bestrijden van voortijdig schoolverlaten.
@ -4340,6 +4340,18 @@ c. organiseren en coördineren zij de in het eerste lid bedoelde melding, regist
**3.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere voorschriften worden gegeven omtrent het tijdstip van indiening en de inrichting van de effectrapportage en inzake de wijze van beschikbaarstelling van de gegevens, bedoeld in het tweede lid.
### Artikel 118i1
**1.** Burgemeester en wethouders in een regio als bedoeld in artikel 118h, tweede lid, en de in dat lid bedoelde scholen, instellingen en organisaties stellen telkens voor een periode van vier jaren een regionaal programma op met maatregelen ter voorkoming en bestrijding van voortijdig schoolverlaten van jongeren tussen twaalf en drieëntwintig jaar. Het programma heeft mede betrekking op leer- en kwalificatieplichtigen en het volgen door burgemeester en wethouders van de deelname aan onderwijs en arbeidsmarkt van de personen, bedoeld in artikel 118h, eerste lid, vierde volzin.
**2.** Burgemeester en wethouders in een regio als bedoeld in artikel 118h, tweede lid, en de in dat lid bedoelde scholen, instellingen en organisaties voeren regionaal bestuurlijk overleg over de totstandkoming van het regionaal programma en de uitvoering en financiering van de daarin opgenomen maatregelen. Bij het overleg worden tevens de domeinen arbeid en zorg betrokken.
**3.** Burgemeester en wethouders van de contactgemeente coördineren het regionaal bestuurlijk overleg, de totstandkoming van het regionaal programma en de uitvoering en financiering van de daarin opgenomen regionale maatregelen.
**4.** De specifieke uitkering, bedoeld in artikel 118h, vijfde lid, is mede bestemd voor de uitvoering van het regionaal programma.
**5.** Burgemeester en wethouders van de contactgemeente geven in de effectrapportage, bedoeld in artikel 118h, zevende lid, aan hoe de domeinen arbeid en zorg bij het regionale bestuurlijk overleg zijn betrokken en welke resultaten hiermee zijn bereikt.
## Titel IVC. Zij-instroom in het beroep
### Artikel 118j
@ -4589,12 +4601,6 @@ b. met ingang van 1 augustus 2017 op het vierde leerjaar.
**2.** Toepassing van artikel 107, derde lid, zoals luidend ingevolge de Wet van 25 mei 2018 tot wijziging van onder meer de Wet op het voortgezet onderwijs en de Wet voortgezet onderwijs BES in verband met modernisering van de bepalingen over voorzieningenplanning (Stb. 2018, 156) leidt niet eerder dan 2 jaar na inwerkingtreding van genoemd artikellid tot het opheffen van een openbare school of het beëindigen van de bekostiging van een bijzondere school.
### Afdeling VII. Overgangsrecht in verband met de
### Artikel 118ii
Artikel 76v.1 is van overeenkomstige toepassing op de school of scholengemeenschap die samen met een vakinstelling als bedoeld in de Wet educatie en beroepsonderwijs als scholengemeenschap in de zin van de artikelen 2.6 en 12.2.3 WEB is aangemerkt.
## Titel V. Slotbepalingen
### Artikel 119
@ -4606,7 +4612,7 @@ Deze wet is niet van toepassing op:
a. het militair onderwijs;
b. opleidingen ter vergroting der vakbekwaamheid, die uitsluitend worden gegeven binnen overheids- of semi-overheidsdiensten en -bedrijven ten behoeve van het eigen personeel.
**2.** Voor zover bij algemene maatregel van bestuur niet anders wordt bepaald, is deze wet evenmin van toepassing op de inrichtingen, bedoeld in de Penitentiaire beginselenwet, op de inrichtingen, bedoeld in artikel 1, onder d, van de Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden, en op de inrichtingen, bedoeld in artikel 1, onder b, van de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen.
**2.** Voor zover bij algemene maatregel van bestuur niet anders wordt bepaald, is deze wet evenmin van toepassing op de inrichtingen, bedoeld in de Penitentiaire beginselenwet, op de inrichtingen, bedoeld in artikel 1.1, onderdeel j, van de Wet forensische zorg, en op de inrichtingen, bedoeld in artikel 1, onder b, van de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen.
### Artikel 120