2026-01-01 | BWBR0005682 | Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek
This commit is contained in:
parent
5aaccfb2d1
commit
27c5e5fd68
1 changed files with 26 additions and 12 deletions
|
|
@ -321,7 +321,11 @@ m. de wijze waarop de inkomsten die met de opleiding in het buitenland worden ge
|
|||
|
||||
### Artikel 1.19b
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
**1.** Een universiteit kan in het buitenland de graad Doctor of de graad Doctor of Philosophy verlenen.
|
||||
|
||||
**2.** Op de toegang en inrichting van een promotie in het buitenland zijn de artikelen 7.18 en 7.19 van toepassing.
|
||||
|
||||
**3.** In het belang van de kwaliteit van het hoger onderwijs in Nederland en van de profilering van het Nederlandse hoger onderwijs in het buitenland kunnen bij algemene maatregel van bestuur met betrekking tot de graadverleningsbevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, nadere voorschriften worden vastgesteld.
|
||||
|
||||
### Artikel 1.20
|
||||
|
||||
|
|
@ -400,7 +404,7 @@ Onderzoeksgegevens die louter tot stand zijn gekomen met een wetenschappelijk oo
|
|||
|
||||
### Artikel 1.26
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
Artikel 2:13, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing in het verkeer tussen studenten of ouders en het instellingsbestuur.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 2. Planning en bekostiging
|
||||
|
||||
|
|
@ -1747,7 +1751,7 @@ Het instellingsbestuur kan bepalen dat:
|
|||
|
||||
a. een masteropleiding in het wetenschappelijk onderwijs of in het hoger beroepsonderwijs een grotere studielast heeft dan 60 studiepunten;
|
||||
b. een associate degree-opleiding een grotere studielast heeft dan 120 studiepunten;
|
||||
c. in bijzondere, door het instellingsbestuur vast te stellen en toe te lichten gevallen, de studielast van een versneld traject als bedoeld in artikel 7.9a in afwijking van artikel 7.5b, tweede lid, 240 studiepunten bedraagt.
|
||||
c. in bijzondere, door het instellingsbestuur vast te stellen en toe te lichten, gevallen, de studielast van een versneld traject als bedoeld in artikel 7.9a in afwijking van artikel 7.5b, tweede lid, 240 studiepunten bedraagt.
|
||||
|
||||
### Artikel 7.6
|
||||
|
||||
|
|
@ -1900,7 +1904,7 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
### Artikel 7.10a
|
||||
|
||||
**1.** Het instellingsbestuur verleent de graad Bachelor aan degene die in het wetenschappelijk onderwijs met goed gevolg het afsluitend examen van een bacheloropleiding heeft afgelegd en de graad Master aan degene die het afsluitende examen van een masteropleiding of een postinitiële masteropleiding als bedoeld in artikel 7.3b, onderdeel a, heeft afgelegd. Afhankelijk van het vakgebied waarin het met goed gevolg afgelegde afsluitend examen van een bacheloropleiding, een masteropleiding of postinitiële masteropleiding is afgelegd, wordt aan de verleende graad toegevoegd «of Arts» dan wel «of Science». Bij ministeriële regeling kan voor een opleiding of een groep van opleidingen een andere toevoeging worden vastgesteld.
|
||||
**1.** Het instellingsbestuur verleent de graad Bachelor aan degene die in het wetenschappelijk onderwijs met goed gevolg het afsluitend examen van een bacheloropleiding heeft afgelegd en de graad Master aan degene die met goed gevolg het afsluitende examen van een masteropleiding of een postinitiële masteropleiding als bedoeld in artikel 7.3b, onderdeel a, heeft afgelegd. Afhankelijk van het vakgebied waarin het met goed gevolg afgelegde afsluitend examen van een bacheloropleiding, een masteropleiding of postinitiële masteropleiding is afgelegd, wordt aan de verleende graad toegevoegd «of Arts» dan wel «of Science». Bij ministeriële regeling kan voor een opleiding of een groep van opleidingen een andere toevoeging worden vastgesteld.
|
||||
|
||||
**2.** Het instellingsbestuur verleent de graad Associate degree, aan degene die in het hoger beroepsonderwijs met goed gevolg het afsluitend examen van een associate degree-opleiding heeft afgelegd, de graad Bachelor aan degene die in het hoger beroepsonderwijs met goed gevolg het afsluitend examen van een bacheloropleiding heeft afgelegd en de graad Master aan degene die in het hoger beroepsonderwijs met goed gevolg een masteropleiding of een postinitiële masteropleiding als bedoeld in artikel 7.3b, onderdeel b, heeft afgelegd. Afhankelijk van het vakgebied waarin het met goed gevolg afgelegde afsluitend examen van een bacheloropleiding, een masteropleiding of een postinitiële masteropleiding is afgelegd, wordt aan de verleende graad de toevoeging verbonden die op grond van artikel 5.7, vierde lid, onderdeel b, met positief resultaat is getoetst.
|
||||
|
||||
|
|
@ -2036,7 +2040,7 @@ t. waar nodig, de verplichting tot het deelnemen aan praktische oefeningen met h
|
|||
u. de bewaking van studievoortgang en de individuele studiebegeleiding,
|
||||
v. waar nodig: de wijze waarop de selectie van studenten voor een traject als bedoeld in artikel 7.9b of voor een opleiding of afstudeerrichting als bedoeld in artikel 7.3h plaatsvindt,
|
||||
x. de feitelijke vormgeving van het onderwijs, waaronder in ieder geval begrepen het aanbod aan premasters,
|
||||
y. indien van toepassing: de regeling, bedoeld in artikel 7.9a, derde lid, tweede volzin, en
|
||||
y. indien van toepassing: de regeling, bedoeld in artikel 7.5d, onderdeel c, en
|
||||
z. indien van toepassing, de wijze waarop en de termijn waarbinnen het studieplan, bedoeld in artikel 7.14a, wordt vastgesteld.
|
||||
|
||||
**3.** In de onderwijs- en examenregeling van de associate degree-opleiding wordt beschreven welke mogelijkheden er zijn voor een aan de instelling afgestudeerde met een graad Associate degree om door te stromen naar een bacheloropleiding.
|
||||
|
|
@ -2947,7 +2951,7 @@ Deze paragraaf is van overeenkomstige toepassing op een student die aan de Open
|
|||
|
||||
### Artikel 7.51k
|
||||
|
||||
**1.** Onze Minister treft voorzieningen voor de financiële ondersteuning van een student die bestuurslid is van een van een rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid uitgaande politieke jongerenorganisatie van enige omvang of van een landelijke organisatie van enige omvang die voor het hoger onderwijs of het beroepsonderwijs, bedoeld in artikel 1.2.1, tweede lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs, relevante activiteiten ontplooit en die daartoe daadwerkelijke activiteiten ontplooit.
|
||||
**1.** Onze Minister treft voorzieningen voor de financiële ondersteuning van een student die bestuurslid is van een politieke jongerenorganisatie van enige omvang die uitgaat van een rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid of van een landelijke organisatie van enige omvang die voor het hoger onderwijs of het beroepsonderwijs, bedoeld in artikel 1.2.1, tweede lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs, relevante activiteiten ontplooit en die daartoe daadwerkelijke activiteiten ontplooit.
|
||||
|
||||
**2.** Bij ministeriële regeling worden de voorwaarden gesteld waaronder deze financiële ondersteuning plaatsvindt.
|
||||
|
||||
|
|
@ -3032,7 +3036,7 @@ c. een combinatie van ten minste twee kwalitatieve selectiecriteria en loting, w
|
|||
Bij ministeriële regeling kunnen in ieder geval voorschriften worden vastgesteld met betrekking tot:
|
||||
|
||||
a. de aanmeldingsdatum voor selectie;
|
||||
b. indien een opleiding door meer dan één instelling als bedoeld in artikel 1.2, onder a, wordt verzorgd, het aantal selectieprocedures van een bepaalde opleiding waaraan een gegadigde in hetzelfde studiejaar kan deelnemen;
|
||||
b. indien een opleiding door meer dan één instelling als bedoeld in artikel 1.2, onder a, wordt verzorgd, het aantal selectieprocedures van een bepaalde opleiding waaraan een aspirant-student in hetzelfde studiejaar kan deelnemen;
|
||||
c. de loting; en
|
||||
d. de wijze waarop twee kwalitatieve selectiecriteria en loting gecombineerd kunnen worden.
|
||||
|
||||
|
|
@ -3142,6 +3146,16 @@ b. een overzicht van de regelingen die beogen de rechten van studenten te besche
|
|||
1°. een beschrijving van de procedures voor de behandeling van klachten en geschillen, bedoeld in titel 4, alsmede van de procedures voor de behandeling van geschillen inzake medezeggenschap, alsmede van de beroepsrechten die kunnen worden ontleend aan deze wet en andere wettelijke regelingen, en
|
||||
2°. een beschrijving van aanvullende procedures ter bescherming van de rechten van studenten die door het instellingsbestuur worden getroffen.
|
||||
|
||||
### Artikel 7.59bis
|
||||
|
||||
**1.** Loopbaanbegeleiding als bedoeld in dit artikel en de daarop berustende bepalingen omvat advisering en ondersteuning bij de overstap naar de arbeidsmarkt en wordt gerekend tot het initieel onderwijs dat wordt verzorgd of dat voorafgaand aan de loopbaanbegeleiding werd verzorgd.
|
||||
|
||||
**2.** Het instellingsbestuur kan loopbaanbegeleiding aanbieden tijdens de opleiding aan de student of degene met een handicap of chronische ziekte aan wie een getuigschrift als bedoeld in artikel 7.11 is uitgereikt, tot een jaar na uitreiking van dit getuigschrift.
|
||||
|
||||
**3.** Het instellingsbestuur stelt beleid vast met betrekking tot de loopbaanbegeleiding.
|
||||
|
||||
**4.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de inhoud van het beleid, bedoeld in het derde lid, en de invulling van de loopbaanbegeleiding.
|
||||
|
||||
### Titel 4. Rechtsbescherming van studenten en extraneï
|
||||
|
||||
#### Paragraaf 1. Toegankelijke faciliteit; klachten
|
||||
|
|
@ -3448,7 +3462,7 @@ e. het in ernstige mate verwaarlozen van de zorg voor wat door redelijkheid en b
|
|||
|
||||
**5.** Voordat Onze Minister een aanwijzing geeft heeft de inspectie een onderzoek als bedoeld in artikel 12a van de Wet op het onderwijstoezicht verricht en daarover een inspectierapport uitgebracht als bedoeld in artikel 20, eerste lid, van de Wet op het onderwijstoezicht, waaruit volgt dat sprake is van wanbeheer als bedoeld in het tweede lid.
|
||||
|
||||
**6.** Indien het onderzoek, bedoeld in het vierde lid, mede de kwaliteit van het onderwijs betreft, betrekt de inspectie het accreditatieorgaan bij haar onderzoek.
|
||||
**6.** Indien het onderzoek, bedoeld in het vijfde lid, mede de kwaliteit van het onderwijs betreft, betrekt de inspectie het accreditatieorgaan bij haar onderzoek.
|
||||
|
||||
### Artikel 9.9b
|
||||
|
||||
|
|
@ -4202,7 +4216,7 @@ Het college van bestuur van een hogeschool kan hem bij wettelijk voorschrift opg
|
|||
|
||||
### Artikel 10.3a
|
||||
|
||||
Het college van bestuur kan bij bestuursreglement een of meer faculteiten of andere organisatorische eenheden instellen.
|
||||
Het college van bestuur kan in het bestuurs- en beheersreglement een of meer faculteiten of andere organisatorische eenheden instellen.
|
||||
|
||||
### Artikel 10.3b
|
||||
|
||||
|
|
@ -4498,7 +4512,7 @@ Het college van bestuur behoeft de voorafgaande instemming van de medezeggenscha
|
|||
a. het instellingsplan,
|
||||
b. de vormgeving van het systeem van kwaliteitszorg overeenkomstig artikel 1.18, alsmede het voorgenomen beleid in het licht van de uitkomsten van de kwaliteitsbeoordeling, bedoeld in artikel 2.9, tweede lid, tweede volzin,
|
||||
c. het studentenstatuut,
|
||||
d. het bestuursreglement, alsmede indien artikel 10.8a van toepassing is, het desbetreffende deel van de statuten,
|
||||
d. het bestuurs- en beheersreglement,
|
||||
e. de onderwijs- en examenregeling, bedoeld in artikel 7.13, met uitzondering van de onderwerpen genoemd in het tweede lid, onder a tot en met g, v en z, alsmede het derde lid,
|
||||
f. regels op het gebied van de arbeidsomstandigheden,
|
||||
g. de keuze uit medezeggenschapsstelsels, bedoeld in artikel 10.16a, eerste lid,
|
||||
|
|
@ -5245,14 +5259,14 @@ De in de artikelen 15.3, 15.4 en 15.5 strafbaar gestelde feiten zijn overtreding
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Het is verboden graden te verlenen, tenzij:
|
||||
Het is verboden graden te verlenen of in het vooruitzicht te stellen, tenzij:
|
||||
|
||||
a. aan de opleiding accreditatie is verleend, of
|
||||
b. toepassing is gegeven aan artikel 5.21, derde of zesde lid, of artikel 5.32, of
|
||||
c. de graad wordt verleend op grond van een buitenlandse wettelijke regeling en zowel bij het aantrekken van studenten als bij de graadverlening kenbaar is gemaakt tot welke graad de opleiding leidt en op grond van welke buitenlandse regeling de graad wordt verleend, of
|
||||
d. de graad wordt verleend op grond van artikel 7.18, eerste of zesde lid, of de uitzondering, bedoeld in artikel 1.22, tweede lid, van toepassing is.
|
||||
|
||||
**2.** Het is verboden titels, genoemd in de artikelen 7.20, 7.22, tweede lid, en 7a.5, te verlenen.
|
||||
**2.** Het is verboden titels, genoemd in de artikelen 7.20, 7.22, tweede lid, en 7a.5, te verlenen of in het vooruitzicht te stellen.
|
||||
|
||||
**3.** Onze Minister kan een bestuurlijke boete opleggen aan degene die in strijd met het eerste of tweede lid handelt.
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue