diff --git a/wet/huursubsidiewet/BWBR0008659/README.md b/wet/huursubsidiewet/BWBR0008659/README.md index ee2dcfd44f5..0efb05f94db 100644 --- a/wet/huursubsidiewet/BWBR0008659/README.md +++ b/wet/huursubsidiewet/BWBR0008659/README.md @@ -150,7 +150,7 @@ Vervallen Geen huurtoeslag wordt toegekend als de rekenhuur: -a. hoger is dan € 752,33 per maand als: +a. hoger is dan € 763,47 per maand als: 1º. de huurder, diens partner of een van de medebewoners 23 jaar of ouder is, dan wel de woning deelt met een kind of pleegkind van de huurder, diens partner of een medebewoner of 2º. de huurder, diens partner of de medebewoner jonger dan 23 jaar is, en een handicap heeft @@ -164,7 +164,7 @@ Het eerste lid is niet van toepassing: a. als sprake is van overschrijding van een daar genoemd bedrag omdat voorzieningen zijn aangebracht in en rond de woning, die noodzakelijk zijn in verband met een handicap van de huurder, van diens partner of van een medebewoner; b. als de woning geschikt en bestemd is voor de huisvesting van een huishouden van ten minste acht personen, en het huishouden van de huurder uit ten minste acht personen bestaat; -c. na overschrijding van de bedragen, genoemd in het eerste lid, als over de maand die onmiddellijk voorafging aan die overschrijding een huurtoeslag is toegekend en die overschrijding niet het gevolg is van een verhuizing naar een andere woning. +c. na overschrijding van de bedragen, genoemd in het eerste lid, als de huurder eerder een huurtoeslag ten aanzien van de desbetreffende woning is toegekend. **3.** Als een huurtoeslag wordt toegekend met toepassing van het tweede lid, ontvangt de huurder geen huurtoeslag voor het deel van de rekenhuur dat ligt boven het maximum dat in het eerste lid is genoemd. @@ -178,10 +178,10 @@ c. na overschrijding van de bedragen, genoemd in het eerste lid, als over de maa Het norminkomen bedraagt: -a. € 23.725 bij een eenpersoonshuishouden; -b. € 32.200 bij een meerpersoonshuishouden; -c. € 22.652,68 bij een eenpersoonsouderenhuishouden; -d. € 29.986,60 bij een meerpersoonsouderenhuishouden. +a. € 24.075 bij een eenpersoonshuishouden; +b. € 32.675 bij een meerpersoonshuishouden; +c. € 22.987,94 bij een eenpersoonsouderenhuishouden; +d. € 30.430,41 bij een meerpersoonsouderenhuishouden. **2.** Het norminkomen, genoemd in het eerste lid, onderdelen c en d, wordt vermeerderd met het bedrag van de inkomensondersteuning, bedoeld in artikel 33a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, per kalenderjaar, zoals dat bedrag naar redelijke verwachting in het berekeningsjaar zal luiden, onderscheidenlijk twee maal dat bedrag, en verder vermeerderd met € 665 onderscheidenlijk € 1 462. @@ -227,10 +227,10 @@ b. € 3,63 als sprake is van een meerpersoonsouderenhuishouden. Het referentie-inkomensijkpunt bedraagt: -a. voor een eenpersoonshuishouden: € 24.875; -b. voor een meerpersoonshuishouden: € 32.325; -c. voor een eenpersoonsouderenhuishouden: € 25.625; -d. voor een meerpersoonsouderenhuishouden: € 33.700. +a. voor een eenpersoonshuishouden: € 25.450; +b. voor een meerpersoonshuishouden: € 33.100; +c. voor een eenpersoonsouderenhuishouden: € 26.100; +d. voor een meerpersoonsouderenhuishouden: € 34.300. **2.** Voor de toepassing van het derde lid en van artikel 19, tweede lid, worden de bedragen, genoemd in het eerste lid, onderdelen c en d, vermeerderd met € 665 onderscheidenlijk € 1 462.