diff --git a/zbo/beleidsregel-individueel-klantbeeld-wft-2017/BWBR0039826/README.md b/zbo/beleidsregel-individueel-klantbeeld-wft-2017/BWBR0039826/README.md index 622a20031d3..b91a63092ff 100644 --- a/zbo/beleidsregel-individueel-klantbeeld-wft-2017/BWBR0039826/README.md +++ b/zbo/beleidsregel-individueel-klantbeeld-wft-2017/BWBR0039826/README.md @@ -21,24 +21,21 @@ In deze beleidsregel wordt verstaan onder: a. *DNB:* De Nederlandsche Bank N.V.; b. *Wft:* Wet op het financieel toezicht; -c. *Bpr:* - Besluit prudentiële regels Wft; -d. *Bbpm:* +c. *Bbpm:* Besluit Bijzondere prudentiële maatregelen beleggerscompensatie en depositogarantie Wft; -e. *Depositogarantiestelsel:* als bedoeld in artikel 3:259, tweede lid van de Wft; -f. *Bank:* een onderneming waarvan de aangehouden deposito’s worden gegarandeerd door het depositogarantiestelsel, als bedoeld in artikel 29.01 van het Bbpm; -g. *In aanmerking komend deposito:* een deposito dat valt onder de werking van het depositogarantiestelsel; -h. *In aanmerking komende depositohouder:* een depositohouder die niet op grond van artikel 29.01, tweede lid, sub a van het Bbpm is uitgesloten; -i. *Gegarandeerd deposito:* als bedoeld in artikel 7k, eerste lid van het Bbpm -j. *Depositohouder:* de houder, of in het geval van een gezamenlijke rekening als bedoeld in artikel 29.02, tweede lid van het Bbpm, elk van de houders van een deposito, waaronder ook een derde als bedoeld in artikel 29.02, derde lid van het Bbpm wordt begrepen; -k. *Vertegenwoordiger:* een persoon die bevoegd is om namens de depositohouder de handeling te verrichten bedoeld in artikel 29.07, eerste lid van het Bbpm; -l. *Individueel klantbeeld:* een overzicht van alle deposito’s van een depositohouder bij een bank waarin alle gegevens conform het datamodel als bedoeld in artikel 2 zijn opgenomen; -m. *IKB:* individueel klantbeeld; -n. *IKB-bestand:* een gegevensverzameling die voldoet aan de in artikel 2 beschreven opbouw, teneinde een overzicht te bieden van alle individuele klantbeelden van een bank; -o. *IKB-systeem:* het geheel van procedures en maatregelen waarmee een bank het IKB-bestand kan samenstellen, in aanmerking komende en gegarandeerde bedragen kan berekenen en eventuele handelingen kan verrichten ten behoeve van de afwikkelingstaak, op een door DNB bepaalde wijze en binnen een door DNB gestelde termijn; -p. *Kleine, middelgrote en micro-ondernemingen:* als bedoeld in artikel 212g, eerste lid, onderdeel n, van de Faillissementswet; -q. *ISAE 3402:* international standard on assurance engagements 3402, assurance reports on controls at a service organization; -r. *verstoring:* een gebeurtenis die naar de verwachting van de bank de werking van het IKB-systeem conform deze beleidsregel twee weken of langer verhindert of kan verhinderen, waaronder begrepen de mogelijkheid om het IKB-bestand tijdig aan te leveren. +d. *Depositogarantiestelsel:* als bedoeld in artikel 3:259, tweede lid van de Wft; +e. *Bank:* een onderneming waarvan de aangehouden deposito’s worden gegarandeerd door het depositogarantiestelsel, als bedoeld in artikel 29.01 van het Bbpm; +f. *In aanmerking komend deposito:* een deposito dat valt onder de werking van het depositogarantiestelsel; +g. *In aanmerking komende depositohouder:* een depositohouder die niet op grond van artikel 29.01, tweede lid, sub a van het Bbpm is uitgesloten; +h. *Gegarandeerd deposito:* als bedoeld in artikel 7k, eerste lid van het Bbpm +i. *Depositohouder:* de houder, of in het geval van een gezamenlijke rekening als bedoeld in artikel 29.02, tweede lid van het Bbpm, elk van de houders van een deposito, waaronder ook een derde als bedoeld in artikel 29.02, derde lid van het Bbpm wordt begrepen; +j. *Vertegenwoordiger:* een persoon die bevoegd is om namens de depositohouder de handeling te verrichten bedoeld in artikel 29.07, eerste lid van het Bbpm; +k. *Individueel klantbeeld:* een overzicht van alle deposito’s van een depositohouder bij een bank waarin alle gegevens conform het datamodel als bedoeld in artikel 2 zijn opgenomen; +l. *IKB:* individueel klantbeeld; +m. *IKB-bestand:* een gegevensverzameling die voldoet aan de in artikel 2 beschreven opbouw, teneinde een overzicht te bieden van alle individuele klantbeelden van een bank; +n. *IKB-systeem:* het geheel van procedures en maatregelen waarmee een bank het IKB-bestand kan samenstellen, in aanmerking komende en gegarandeerde bedragen kan berekenen en eventuele handelingen kan verrichten ten behoeve van de afwikkelingstaak, op een door DNB bepaalde wijze en binnen een door DNB gestelde termijn; +o. *Kleine, middelgrote en micro-ondernemingen:* als bedoeld in artikel 212g, eerste lid, onderdeel n, van de Faillissementswet; +p. *ISAE 3402:* international standard on assurance engagements 3402, assurance reports on controls at a service organization. ## Hoofdstuk 2. Inrichting individueel klantbeeld @@ -58,9 +55,9 @@ c. Markeringen als bedoeld in artikel 6, tweede en derde lid; d. Klantcategorie als bedoeld in artikel 7, tweede lid, onderdeel a; e. Bij natuurlijke personen: -1. De voorletters en voornamen zoals geregistreerd in het identiteitsbewijs, de achternaam zoals geregistreerd in het identiteitsbewijs en de geboortedatum; +1. De voorletters, geboortenaam, geboortedatum; 2. De adresgegevens inclusief het land; -3. Het nationale identificatienummer of het fiscale identificatienummer en land van uitgifte, indien natuurlijke personen hierover beschikken en het is toegestaan dit nummer te gebruiken in het kader van het voeren van een administratie ten behoeve van de uitvoering van het Nederlandse depositogarantiestelsel; +3. Het nationale identificatienummer of het fiscale identificatienummer en land van uitgifte, indien natuurlijke personen hierover beschikken; 4. De levensstatus; f. Bij niet-natuurlijke personen: @@ -68,17 +65,19 @@ f. Bij niet-natuurlijke personen: 2. De geregistreerde plaats inclusief het land; 3. De adresgegevens inclusief het land; 4. Indien geregistreerd in Nederland het KvK-nummer of het RSIN; -5. Indien geregistreerd in het buitenland het fiscale identificatienummer of het KvK-nummer en land van uitgifte. +5. Indien geregistreerd in het buitenland het fiscale identificatienummer of het KvK-nummer en land van uitgifte; +6. Indicatie of het een niet-natuurlijk persoon met rechtspersoonlijkheid of zonder rechtspersoonlijkheid betreft; **3.** Het IKB-bestand bevat voor alle vertegenwoordigers ten minste de volgende gegevens: a. Een unieke identificerende sleutel voor elke vertegenwoordiger; -b. De voorletters en voornamen zoals geregistreerd in het identiteitsbewijs, de achternaam zoals geregistreerd in het identiteitsbewijs en de geboortedatum; -c. De adresgegevens inclusief het land; -d. Het nationale identificatienummer of het fiscale identificatienummer en land van uitgifte, indien vertegenwoordigers hierover beschikken en het is toegestaan dit nummer te gebruiken in het kader van het voeren van een administratie ten behoeve van de uitvoering van het Nederlandse depositogarantiestelsel; -e. Het type bevoegdheid van de vertegenwoordiger per vertegenwoordiging. +b. De voorletters, geboortenaam; +c. De geboortedatum, indien bekend; +d. De adresgegevens inclusief het land; +e. Het nationale identificatienummer of het fiscale identificatienummer en land van uitgifte, indien vertegenwoordigers hierover beschikken; +f. Het type bevoegdheid van de vertegenwoordiger per vertegenwoordiging. **4.** @@ -91,29 +90,22 @@ d. De tenaamstelling die voor het deposito is vastgelegd; e. Een productnaam of -omschrijving van het deposito zoals bij de depositohouder bekend; f. Een categorisering van het soort deposito als bedoeld in artikel 5, tweede lid; g. Markeringen als bedoeld in artikel 5, derde lid; -h. Markeringen als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel b tot en met l; +h. Markeringen als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel b tot en met g; i. Markeringen als bedoeld in artikel 6, vierde lid; j. De valuta waarin het deposito wordt aangehouden; k. Het saldo van het deposito; l. Het aangegroeide maar nog niet gecrediteerde rentebedrag op het deposito; m. Het land waarin het deposito wordt aangehouden; -n. Het aantal depositohouders van het deposito en bij meer dan één depositohouder per depositohouder het percentage van de aanspraak wanneer deze niet evenredig is; -o. Indien dat het geval is, het feit dat het deposito vanuit een andere lidstaat wordt aangehouden zonder dat in die lidstaat bijkantoren gevestigd zijn, alsmede de betreffende lidstaat en de taal die door de depositohouder bij de opening van de rekening is gekozen. - -**5.** Indien een IKB-bestand voor een betreffende depositohouder de gegevens bedoeld in het tweede lid van dit artikel, onderdeel e, sub 3, bevat, geldt in afwijking van het tweede lid van dit artikel, onderdeel e, sub 1, dat voor wat betreft de aldaar genoemde gegevens kan worden volstaan met ten minste de voorletters of de voornamen zoals geregistreerd in het identiteitsbewijs, naast de achternaam zoals geregistreerd in het identiteitsbewijs en de geboortedatum. - -**6.** Indien een IKB-bestand voor een betreffende vertegenwoordiger de gegevens bedoeld in het derde lid van dit artikel, onderdeel d, bevat, geldt in afwijking van het derde lid van dit artikel, onderdeel b, dat voor wat betreft de aldaar genoemde gegevens kan worden volstaan met ten minste de voorletters of de voornamen zoals geregistreerd in het identiteitsbewijs, naast de achternaam zoals geregistreerd in het identiteitsbewijs en de geboortedatum. +n. Het aantal depositohouders van het deposito en bij meer dan één depositohouder per depositohouder het percentage van de aanspraak wanneer deze niet evenredig is. ### Artikel 3 Bij het samenstellen van het IKB-bestand, als vastgelegd in artikel 2, neemt een bank het volgende in acht: -1. Een bank waarborgt dat de gerapporteerde saldi van alle deposito’s geen uitgaande betalingen bevatten die op het moment van het genereren van het individueel klantbeeld reeds zijn gedebiteerd van een depositotegoed, ongeacht de daadwerkelijke verwerking van de betaling door de bank zelf; -2. Een bank waarborgt dat binnen de termijn als bedoeld in artikel 9, eerste lid, de gerapporteerde saldi van alle deposito’s zo veel mogelijk de inkomende betalingen bevatten die voortvloeien uit artikel 212b van de Faillissementswet en samenhangen met de deelname van een bank aan een systeem als bedoeld in artikel 212a, onderdeel b van de Faillissementswet; -3. Een bank brengt bij het opstellen van het individueel klantbeeld geen markering aan van de aanvullende garantie in de zin van artikel 29.02, vierde lid van het Besluit bijzondere maatregelen, beleggerscompensatie en depositogarantie Wft; -4. Een bank houdt bij het opstellen van het individueel klantbeeld geen rekening met deposito’s, aangehouden door natuurlijke personen en door kleine, middelgrote en micro-ondernemingen die in aanmerking komende deposito’s zouden zijn indien zij niet waren aangehouden bij een bijkantoor in een staat die geen lidstaat is als volgt uit artikel 29.01, eerste lid, sub a van het Bbpm; -5. Voor deposito’s aangehouden bij bijkantoren in lidstaten waar bronbelasting wordt geheven, houdt een bank, bij het bepalen van het te rapporteren aangegroeide maar nog niet gecrediteerde rentebedrag, rekening met de in te houden bronbelasting en rapporteert deze niet; -6. Een bank waarborgt dat alle slapende rekeningen als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel l per depositohouder in het IKB-bestand zijn opgenomen. +1. Een bank waarborgt dat de gerapporteerde saldi van alle deposito’s geen uitgaande betalingen bevatten die op het moment van het genereren van het individueel klantbeeld reeds zijn gedebiteerd van een depositotegoed, ongeacht de daadwerkelijke verwerking van de betaling door de bank zelf. +2. Een bank waarborgt dat binnen de termijn als bedoeld in artikel 9, eerste lid, de gerapporteerde saldi van alle deposito’s zo veel mogelijk de inkomende betalingen bevatten die voortvloeien uit artikel 212b van de Faillissementswet en samenhangen met de deelname van een bank aan een systeem als bedoeld in artikel 212a, onderdeel b van de Faillissementswet. +3. Een bank brengt bij het opstellen van het individueel klantbeeld geen markering aan van de aanvullende garantie tot een bedrag van EUR 500.000 per depositohouder gedurende drie maanden na storting van een deposito voor zover dat deposito direct verband houdt met de nakoming van een koopovereenkomst die betrekking heeft op een eigen woning, in de zin van artikel 29.02 van het Bbpm. +4. Een bank houdt bij het opstellen van het individueel klantbeeld geen rekening met deposito’s, aangehouden door natuurlijke personen en door kleine, middelgrote en micro-ondernemingen die in aanmerking komende deposito’s zouden zijn indien zij niet waren aangehouden bij een bijkantoor in een staat die geen lidstaat is als volgt uit artikel 29.01, eerste lid, sub a van het Bbpm. ### Afdeling 2.2. Berekening in aanmerking komende en gegarandeerde bedragen @@ -125,35 +117,17 @@ Bij het samenstellen van het IKB-bestand, als vastgelegd in artikel 2, neemt een Bij het berekenen van de gegevens zoals gevraagd in het eerste lid, neemt een bank het volgende in acht: -a. Het volledige bedrag aan deposito’s gemarkeerd als bedoeld in artikel 5, derde lid, artikel 6, eerste lid, onderdeel b tot en met k en artikel 6, vierde lid, wordt beschouwd als niet-gegarandeerd bedrag; +a. Het volledige bedrag aan deposito’s gemarkeerd als bedoeld in artikel 5, derde lid, artikel 6, eerste lid, onderdeel b tot en met h en artikel 6, vierde lid, wordt beschouwd als niet-gegarandeerd bedrag; b. Depositohouders die zijn overleden blijkend uit artikel 2, tweede lid, onderdeel e, sub 4, en depositohouders als bedoeld in artikel 6, tweede en derde lid, worden beschouwd als niet in aanmerking komende depositohouders. **3.** In afwijking van het tweede lid, neemt een bank bij de berekening van de gegevens ter bepaling van de depositobasis als bedoeld in artikel 29.16, eerste lid van het Bbpm het volgende in acht: -a. Een inschatting van het bedrag aan deposito’s gemarkeerd als bedoeld in artikel 5, derde lid, gebaseerd op een door de bank gekozen wijze als bedoeld in artikel 4, derde lid, onderdeel e, en deposito’s als bedoeld in artikel 6, vierde lid, wordt beschouwd als gegarandeerd bedrag; -b. Deposito's als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel b tot en met f, onderdeel h tot en met j en onderdeel l worden beschouwd als in aanmerking komende deposito's, met inachtneming van het maximum gegarandeerde bedrag per depositohouder. +a. Het volledige bedrag aan deposito’s gemarkeerd als bedoeld in artikel 5, derde lid, en deposito’s als bedoeld in artikel 6, vierde lid, wordt beschouwd als gegarandeerd bedrag; +b. Deposito's als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel b tot en met g worden beschouwd als in aanmerking komende deposito's, met inachtneming van het maximum gegarandeerde bedrag per depositohouder. c. Depositohouders die zijn overleden blijkend uit artikel 2, tweede lid, onderdeel e, sub 4, en depositohouders als bedoeld in artikel 6, tweede en derde lid, worden beschouwd als in aanmerking komende depositohouders; -d. Het volledige bedrag aan deposito’s geadministreerd als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel g, wordt beschouwd als niet-gegarandeerd bedrag; -e. Bij de inschatting van het bedrag aan deposito’s gemarkeerd als bedoeld in het derde lid, onderdeel a, kiest een bank uit een van de vier volgende berekeningswijzen: - -i) Het volledige bedrag aan deposito’s gemarkeerd als bedoeld in artikel 5, derde lid; -ii) Het aantal derden als bedoeld in artikel 5, derde lid, vermenigvuldigd met het maximale gegarandeerde bedrag als bedoeld in artikel 29.02, eerste lid van het Bbpm; -iii) De som van het gegarandeerde bedrag van iedere derde afzonderlijk van het deposito als bedoeld in artikel 5, derde lid, rekening houdend met het maximaal gegarandeerde bedrag als bedoeld in artikel 29.02, eerste lid van het Bbpm, waarbij niet wordt vereist dat rekening wordt gehouden met andere rekeningen die de derden bij de bank aanhouden. -iv) Het verwerken van het in aanmerking komende bedrag van iedere derde afzonderlijk van het deposito als bedoeld in artikel 5, derde lid, in de gegarandeerde deposito’s, rekening houdend met het maximaal gegarandeerde bedrag als bedoeld in artikel 29.02, eerste lid van het Bbpm. -f. Een bank is in staat per derdenrekening aan te tonen welke methode zoals bedoeld in onderdeel e is gehanteerd bij de berekening van het bedrag zoals bedoeld in het eerste lid. -g. Deposito’s als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel k, worden beschouwd als niet in aanmerking komende deposito’s. - -**4.** - -Bij het vaststellen van de depositobasis als bedoeld in artikel 29.16, eerste lid van het Bbpm, maakt DNB gebruik van één van de volgende berekeningswijzen: - -a. In beginsel gebruikt DNB de depositobasis die volgt uit de aggregatie van de gegarandeerde bedragen per depositohouder, zoals blijkend uit het individueel klantbeeld conform de berekeningswijze zoals vastgelegd in het derde lid en zoals door de bank gerapporteerd conform artikel 130, eerste lid, aanhef en onderdeel b van het Bpr. -b. Indien de beoordeling van de kwaliteit van de aangeleverde IKB-bestanden en/of de beheersing van het IKB-systeem, zoals opgenomen in artikel 15, hiertoe aanleiding geeft, gebruikt DNB, in afwijking van onderdeel a, de depositobasis die volgt uit de schatting van de totale omvang van de gegarandeerde deposito’s op basis van aantallen deposito’s en saldi zoals door de bank gerapporteerd conform artikel 130, eerste lid, aanhef en onderdeel b van het Bpr, zonder rekening te houden met depositohouders die meer dan één rekening hebben. -c. Wanneer onderdeel b van toepassing is, onder de voorwaarde dat de beoordeling van de kwaliteit van de rapportage van het aantal klanten in het IKB-bestand daaraan niet in de weg staat, hanteert DNB een plafond op de berekeningswijze in onderdeel b, waarbij de depositobasis is gemaximeerd op het aantal klanten vermenigvuldigd met 100.000 euro. - -**5.** Een bank kan bij de berekening van de in aanmerking komende en gegarandeerde bedragen, als bedoeld in het eerste lid, gebruik maken van wisselkoersen gepubliceerd door koersinformatieleveranciers. +d. Het volledige bedrag aan deposito’s geadministreerd als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel h, wordt beschouwd als niet-gegarandeerd bedrag. ### Afdeling 2.3. Identificatie deposito’s en depositohouders @@ -163,9 +137,7 @@ c. Wanneer onderdeel b van toepassing is, onder de voorwaarde dat de beoordeling **2.** Een bank administreert voor elk deposito de bijbehorende productcategorie conform de opties binnen een door DNB voorgeschreven datamodel en aan de hand van door DNB vastgestelde definities waarin is bepaald hoe de productcategorieën zich verhouden tot de rangorde van in aanmerking komende deposito’s als bedoeld in artikel 3.1 van de Beleidsregel Reikwijdte en Uitvoering Depositogarantiestelsel. -**3.** Een bank administreert voor elk deposito of het ten behoeve van derden wordt aangehouden krachtens overeenkomst of wettelijk voorschrift; - -**4.** Een bank administreert voor elke niet-natuurlijk persoon de bijbehorende bedrijfscategorie conform de in een door DNB voorgeschreven datamodel gegeven opties en aan de hand van door DNB vastgestelde definities. +**3.** Een bank administreert voor elk deposito of het ten behoeve van derden wordt aangehouden krachtens overeenkomst of wettelijk voorschrift. ### Artikel 6 @@ -174,17 +146,13 @@ c. Wanneer onderdeel b van toepassing is, onder de voorwaarde dat de beoordeling Een bank markeert de hierna genoemde groepen van deposito’s en depositohouders op een dusdanige manier dat deze onmiddellijk te identificeren zijn: a. In aanmerking komende deposito’s en depositohouders; -b. Deposito’s die onderwerp zijn van een rechtsgeschil als bedoeld in artikel 8, vijfde lid, onderdeel a van de richtlijn depositogarantiestelsels; -c. Deposito’s die onderwerp zijn van beperkende maatregelen die zijn opgelegd door nationale regeringen of internationale organen als bedoeld in artikel 8, vijfde lid, onderdeel b van de richtlijn depositogarantiestelsels; -d. Deposito’s die zijn verpand aan een derde partij en waarbij uitsluitend de pandhouder inningsbevoegd is; -e. Deposito’s waar beslag op is gelegd; -f. Deposito’s die worden geblokkeerd op grond van de regelgeving van het land w¡aar het deposito wordt aangehouden, niet zijnde Nederland, voor zover deze blokkade relevant is voor een uitkering van het depositogarantiestelsel; -g. Bankspaardeposito’s eigen woning als bedoeld in artikel 29.01, tweede lid, sub e van het Bbpm; -h. Deposito’s van depositohouders waarop surseance van betaling van toepassing is; -i. Lijfrenterekeningen als bedoeld in de Wet inkomstenbelasting 2001 en stamrechtspaarrekeningen als bedoeld in de Wet op de loonbelasting 1964; -j. Deposito’s waarop een BEM-clausule of soortgelijke bewindvoering op rekeningniveau van toepassing is; -k. Bouwdepots; -l. Deposito’s die volgens de administratie van de bank als 'slapend' kwalificeren en met betrekking waartoe in de voorafgaande 24 maanden geen transactie door of namens de depositohouder heeft plaatsgevonden met betrekking tot het deposito. +b. Deposito’s uit hoofde van transacties in verband waarmee een strafrechtelijke veroordeling is uitgesproken vanwege het witwassen van geld als bedoeld in tweede lid, artikel 29.01 van het Bbpm; +c. Deposito’s die onderwerp zijn van een rechtsgeschil als bedoeld in artikel 8, vijfde lid, onderdeel a van de richtlijn depositogarantiestelsels; +d. Deposito’s die onderwerp zijn van beperkende maatregelen die zijn opgelegd door nationale regeringen of internationale organen als bedoeld in artikel 8, vijfde lid, onderdeel b van de richtlijn depositogarantiestelsels; +e. Deposito’s die zijn verpand aan een derde partij; +f. Deposito’s waar beslag op is gelegd; +g. Deposito’s die worden geblokkeerd op grond van de regelgeving van het land waar het deposito wordt aangehouden, voor zover deze blokkade relevant is voor een uitkering van het depositogarantiestelsel; +h. Bankspaardeposito’s eigen woning als bedoeld in artikel 29.01, tweede lid, sub e van het Bbpm. **2.** Een bank markeert depositohouders waarvan de identiteit niet met een hoge mate van betrouwbaarheid kan worden vastgesteld als bedoeld in artikel 5, eerste lid. @@ -215,7 +183,7 @@ a. Een gedeelte van een in aanmerking komend deposito af te scheiden op een sepa b. Deposito’s te kunnen bevriezen: 1. Die worden aangehouden door niet in aanmerking komende depositohouders of van wie de depositohouder is overleden blijkend uit artikel 2, tweede lid, onderdeel e, sub 4, of een markering heeft als bedoeld in artikel 6, tweede lid of derde lid; -2. Die een markering hebben als bedoeld in artikel 5, derde lid of artikel 6, eerste lid, onderdeel b tot en met k of vierde lid. +2. Die een markering hebben als bedoeld in artikel 5, derde lid of artikel 6, eerste lid, onderdeel b tot en met h of vierde lid. **2.** Een bank rondt de handelingen als bedoeld in het eerste lid af voor middernacht aan het eind van de werkdag volgend op de bekendmaking dat een afwikkelingsmaatregel is genomen. @@ -285,15 +253,9 @@ d. Jaarlijkse oordeelsvorming ten aanzien van de naleving van de voorschriften u ### Artikel 13 -**1.** Een bank informeert DNB zo spoedig mogelijk indien zij voornemens is wijzigingen door te voeren die materiële implicaties kunnen hebben voor het IKB-systeem, doch uiterlijk drie maanden voor de beoogde ingangsdatum van de wijziging. +**1.** Een bank informeert DNB indien zij voornemens is materiële wijzigingen in het IKB-systeem door te voeren en notificeert DNB binnen drie maanden nadat materiële wijzigingen in het IKB-systeem zijn doorgevoerd. -**2.** Een bank notificeert DNB zo snel mogelijk nadat de wijzigingen als bedoeld in het eerste lid zijn doorgevoerd. - -**3.** Een bank notificeert DNB direct na het optreden van een verstoring,. Een bank notificeert DNB vervolgens zo snel mogelijk nadat de verstoring als bedoeld in het de vorige zin is geëindigd. - -**4.** Een bank stuurt DNB een plan van aanpak, waarin wordt uitgewerkt hoe wordt geborgd dat het IKB-systeem in lijn blijft met deze beleidsregel, voorzover DNB, na ontvangst van de notificatie als bedoeld in het eerste lid, de bank daarom verzoekt. - -**5.** De notificatie als bedoeld in het tweede lid en de notificatie als bedoeld in de tweede volzin van het derde lid worden vergezeld van een door de bank afgegeven verklaring dat het IKB-systeem in lijn is met deze beleidsregel. +**2.** De notificatie als bedoeld in het eerste lid, wordt vergezeld van een door een bank afgegeven verklaring dat het IKB-systeem in lijn is met deze beleidsregel. ### Artikel 14 @@ -302,7 +264,7 @@ d. Jaarlijkse oordeelsvorming ten aanzien van de naleving van de voorschriften u Indien een bank tot het DGS toetreedt na inwerkingtreding van deze beleidsregel, verstrekt een bank aan DNB: a. Het IKB-bestand als bedoeld in artikel 2, binnen zes maanden na toetreding; -b. Een rapport van de interne accountantsdienst als bedoeld in artikel 11, eerste lid, onderdeel d, zo snel mogelijk na afloop van het eerste verslagjaar; +b. Een rapport van de interne accountantsdienst als bedoeld in artikel 11, vierde lid, zo snel mogelijk na afloop van het eerste verslagjaar; c. Een rapport als bedoeld in artikel 12, eerste lid, binnen vijf maanden na afloop van het eerste verslagjaar; d. De opdracht voor de toetsing over het eerste verslagjaar, gebaseerd op ISAE 3402 type 1. @@ -316,14 +278,36 @@ d. De opdracht voor de toetsing over het eerste verslagjaar, gebaseerd op ISAE 3 **3.** Voor de beoordeling van het IKB-bestand kan DNB op elk moment een verzoek doen als bedoeld in artikel 9, waarbij het IKB-bestand alle individuele klantbeelden bevat op basis van actuele gegevens van de bank. -**4.** Voor de beoordeling van de beheersing van het IKB-systeem maakt DNB gebruik van de periodieke oordeelsvorming door de interne accountantsdienst van een bank als bedoeld in artikel 11, eerste lid, onderdeel d, en het rapport van de externe accountant als bedoeld in artikel 12, eerste lid. +**4.** Voor de beoordeling van de beheersing van het IKB-systeem maakt DNB gebruik van de periodieke oordeelsvorming door de interne accountantsdienst van een bank als bedoeld in artikel 11, vierde lid, en het rapport van de externe accountant als bedoeld in artikel 12, eerste lid. ## Hoofdstuk 6. Overgangs- en slotbepalingen ### Artikel 16 -Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van de dag na publicatie daarvan in de Staatscourant. +**1.** Voor de toepassing van deze beleidsregel geldt een overgangstermijn vanaf de datum van inwerkingtreding tot 1 januari 2019. + +**2.** + +Een bank bepaalt in overleg met DNB en na akkoord van DNB welke van onderstaande methoden zij hanteert bij het aanleveren van depositogegevens en gegevens over depositohouders gedurende de overgangstermijn: + +a. De methode waarbij een bank de gegevens per rekening aanlevert en DNB het IKB opbouwt conform het daartoe door DNB voorgeschreven datamodel; +b. De methode zoals vastgelegd in hoofdstuk 1 tot en met 4 van deze beleidsregel, waarbij een bank het IKB opbouwt en aanlevert conform het daartoe door DNB voorgeschreven datamodel. + +**3.** Tot 1 januari 2019 is een bank in staat om de depositogegevens aan te leveren conform de methode als bedoeld in lid 2, onderdeel a, ongeacht of een bank in staat is om de depositogegevens aan te leveren conform de methode als bedoeld in lid 2, onderdeel b. + +**4.** Binnen vier maanden na inwerkingtreding van deze beleidsregel voorziet een bank DNB van een transitieplan, waarin een bank de aanpak en tijdlijnen beschrijft van de overgang op de methode als bedoeld in lid 2, onderdeel b. + +**5.** + +Een bank verstrekt aan DNB: + +a. Over het verslagjaar 2018 een rapport van de externe accountant als bedoeld in artikel 12, gebaseerd op ISAE 3402 type 1; +b. Vanaf verslagjaar 2019 een rapport van de externe accountant als bedoeld in artikel 12, gebaseerd op ISAE 3402 type 2. ### Artikel 17 +Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van de dag na publicatie daarvan in de Staatscourant. + +### Artikel 18 + Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel Individueel Klantbeeld Wft 2017.